Een bestelling controleren | Leer duits in het Nederlands

German lesson set in a contemporary Berlin everyday setting: At a food pickup counter, two adults check that the drinks and food match the receipt before carrying them..

NL → DE / Niveau: A1

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met Een bestelling controleren oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het duits.

Dialoog

A

Lass uns die Bestellung prüfen.

Las oens die buh-sj-tèl-loeng pruu-fuhn. Laten we de bestelling controleren.
B

Die Getränke sind hier.

Die guh-treng-kuh zint hie-uh. De drankjes zijn hier.
A

Haben wir auch das Essen?

Haa-buhn wier auw-g das è-suhn? Hebben we het eten ook?
B

Es ist in dieser Tasche.

Es ist in die-zuh tasj-uh. Het zit in deze tas.
A

Stimmt alles?

Sjtimt al-luhs? Klopt alles?
B

Es passt zum Kassenbon.

Es past tsoem kasuhn-boon. Het klopt met de bon.
A

Ich kann die Getränke tragen.

Ig kan die guh-treng-kuh traa-guhn. Ik kan de drankjes dragen.
B

Ich trage die Tasche mit dem Essen.

Ig traa-guh die tasj-uh mit deem è-suhn. Ik draag de tas met het eten.

Uitleg van de zinnen

  1. Lass uns die Bestellung prüfen.

    Laten we de bestelling controleren.

    Lass uns
    laten we
    Bestellung
    bestelling
    prüfen
    controleren; nakijken
    Uitgebreide uitleg

    Lass uns is een vaste manier om in het Duits een voorstel voor een gezamenlijke handeling te doen: “laten we …”. Lass is hier de gebiedende wijs van lassen bij du; samen met uns vormt het de constructie Lass uns + infinitief. Het gaat dus om een voorstel aan de aangesprokene om iets samen te doen. Voorbeeld: Lass uns gehen. — “Laten we gaan.” Bestellung betekent hier “bestelling”. Het is een zelfstandig naamwoord; het meervoud is Bestellungen. In de zin staat het met het lidwoord die: die Bestellung. Voorbeeld: Ich prüfe die Bestellung. — “Ik controleer de bestelling.” prüfen betekent “controleren” of “nakijken”. Dit is de infinitief. Na Lass uns blijft het hoofdwerkwoord in de infinitief en staat het aan het einde: Lass uns die Rechnung prüfen. — “Laten we de rekening controleren.” Samen vormen de delen Lass uns die Bestellung prüfen. de betekenis: “Laten we de bestelling controleren.” De volgende contextzin meldt dat de drankjes hier zijn, maar verandert de betekenis of grammaticale opbouw van deze zin niet.

  2. Die Getränke sind hier.

    De drankjes zijn hier.

    Getränke
    drankjes
    sind
    zijn
    hier
    hier
    Uitgebreide uitleg

    Getränke betekent hier “drankjes”. Het is het meervoud van Getränk; het trema blijft in deze meervoudsvorm behouden. In de zin staat het samen met Die, de bepaalde vorm voor een meervoudig zelfstandig naamwoord: die Getränke = “de drankjes”. sind is de vorm van sein (“zijn”) in de tegenwoordige tijd voor een meervoudig onderwerp. De relevante reeks is: ich bin, du bist, er/sie/es ist, wir/sie/Sie sind. Hier hoort sind bij die Getränke, dus bij een meervoudig onderwerp. Voorbeeld: Die Flaschen sind hier. — “De flessen zijn hier.” hier is een bijwoord van plaats en betekent “hier”, op de plaats waar de spreker zich bevindt of naar verwijst. Het verandert niet naar getal of geslacht. Samen vormen Die Getränke sind hier de betekenis “De drankjes zijn hier”. De structuur is: bepaald meervoudig onderwerp + vorm van sein + plaatsbepaling.

  3. Haben wir auch das Essen?

    Hebben we het eten ook?

    Haben wir
    hebben we
    auch
    ook
    Essen
    eten
    Uitgebreide uitleg

    Haben wir betekent hier “hebben we”. haben is de basisvorm; haben is de tegenwoordige tijd bij wir: ich habe, du hast, er/sie/es hat, wir haben. In een ja-neevraag staat de persoonsvorm vooraan: Haben wir ...? Voorbeeld: Haben wir Zeit? — “Hebben we tijd?” auch betekent hier “ook”. Het voegt het gevraagde item toe aan iets anders waarover al wordt gesproken. Voorbeeld: Haben wir auch Brot? — “Hebben we ook brood?” Essen betekent hier “eten” of “voedsel”. Als zelfstandig naamwoord wordt het in het Duits met een hoofdletter geschreven. Het is hier een onzijdig zelfstandig naamwoord. In das Essen staat das omdat het bepaalde lidwoord bij het onzijdige zelfstandig naamwoord is; in deze zin is de volledige woordgroep bovendien het lijdend voorwerp, dus staat zij in de accusatief. Bij een onzijdig zelfstandig naamwoord heeft het bepaalde lidwoord in de nominatief en accusatief dezelfde vorm: das. De vorm essen met kleine letter is daarentegen het werkwoord “eten”; de hoofdletter in Essen markeert hier het zelfstandig naamwoord. Voorbeeld: Das Essen ist warm. — “Het eten is warm.” Samen vormen de delen de vraag Haben wir auch das Essen?: “Hebben we het eten ook?” De volgorde past bij een Duitse ja-neevraag: eerst de persoonsvorm Haben, daarna het onderwerp wir, vervolgens auch en het gevraagde lijdend voorwerp das Essen.

  4. Es ist in dieser Tasche.

    Het zit in deze tas.

    Es
    het
    ist
    is; zit
    in
    in
    dieser
    deze
    Tasche
    tas
    Uitgebreide uitleg

    Es is hier een persoonlijk voornaamwoord in de derde persoon enkelvoud. De vertaling maakt duidelijk dat het verwijst naar iets dat zich in de tas bevindt; het Duitse es zelf geeft niet aan welk zelfstandig naamwoord dat precies is. Bijvoorbeeld: Es ist hier. — Het is hier. ist is de vorm van sein bij de derde persoon enkelvoud: sein → ist. In deze zin beschrijft ist geen identiteit, maar een plaats: samen met in dieser Tasche betekent het zit of letterlijker bevindt zich. De Duitse tegenwoordige tijd kan zo ook een huidige toestand of locatie uitdrukken. Bijvoorbeeld: Das Buch ist in der Tasche. — Het boek zit in de tas. in betekent hier in en geeft een plaats aan. Bij een vaste locatie staat na in de datief; bij beweging naar een plaats kan in de accusatief inleiden. Vergelijk: Es ist in der Tasche. — Het zit in de tas. tegenover Ich lege es in die Tasche. — Ik leg het in de tas. dieser is hier de vorm van het aanwijzende woord dies- bij een vrouwelijk zelfstandig naamwoord in de datief enkelvoud. De combinatie in dieser Tasche betekent in deze tas: in beschrijft hier een vaste locatie en Tasche is vrouwelijk. Het woord dieser verandert volgens naamval, getal en geslacht van het bijbehorende zelfstandig naamwoord; bijvoorbeeld diese Tasche is nominatief of accusatief enkelvoud, terwijl dieser Tasche hier datief enkelvoud is. Tasche is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord en betekent tas. Het meervoud is Taschen: eine Tasche — een tas, zwei Taschen — twee tassen. In deze zin staat het enkelvoud in de datief na in: in dieser Tasche. Samen vormen de delen Es ist + in dieser Tasche de mededeling dat iets zich momenteel in deze specifieke tas bevindt. De natuurlijke Nederlandse vertaling is daarom: Het zit in deze tas.

  5. Stimmt alles?

    Klopt alles?

    Stimmt
    klopt
    alles
    alles
    Uitgebreide uitleg

    Stimmt betekent hier “klopt” of “is in orde”. Het is de derde persoon enkelvoud van stimmen in de tegenwoordige tijd: stimmen → stimmt. In deze betekenis gebruik je het wanneer iets overeenkomt met de feiten, verwachting of een andere referentie. Voorbeeld: Das stimmt. — “Dat klopt.” alles betekent hier “alles” of “alle dingen samen”. Het is een onbepaald voornaamwoord; het verwijst niet naar één specifiek zelfstandig naamwoord. In deze zin vormt het de inhoud waarover wordt gevraagd of die klopt. Voorbeeld: Alles ist bereit. — “Alles is klaar.” Samen vormen de woorden Stimmt alles? een ja-neevraag. In een Duitse hoofdzin staat het vervoegde werkwoord bij zo’n vraag vooraan, gevolgd door het onderwerp: Stimmt + alles? De vaste vertaling “Klopt alles?” geeft hier de bedoelde betekenis weer: de spreker vraagt of alles in orde is of met de relevante informatie overeenkomt.

  6. Es passt zum Kassenbon.

    Het klopt met de bon.

    passt
    klopt; past
    zum
    met de; bij de
    Kassenbon
    kassabon
    Uitgebreide uitleg

    passt komt van passen. Hier betekent het dat iets klopt of met iets overeenkomt; de vorm is de derde persoon enkelvoud in de tegenwoordige tijd. passen kan ook letterlijk ‘passen’ betekenen, bijvoorbeeld: Der Schlüssel passt. — De sleutel past. zum is de samentrekking van zu dem. Zu krijgt hier de datief; dem is de datiefvorm van het bepaalde lidwoord bij een mannelijk zelfstandig naamwoord in het enkelvoud. In deze zin draagt zum volgens de context bij aan de betekenis met de. Kassenbon betekent kassabon. Het is een mannelijk zelfstandig naamwoord: der Kassenbon; het meervoud is die Kassenbons. Es staat als onderwerp en wordt hier met het vertaald. De vaste gegevens bepalen niet welk concreet ding met de bon overeenkomt. Samen betekent Es passt zum Kassenbon: Het klopt met de bon.

  7. Ich kann die Getränke tragen.

    Ik kan de drankjes dragen.

    Ich kann
    ik kan
    Getränke
    drankjes
    tragen
    dragen
    Uitgebreide uitleg

    Ich kann betekent hier “ik kan”. Ich is de eerste persoon enkelvoud en verwijst naar de spreker. kann is de vorm van können bij ich in de tegenwoordige tijd. können drukt hier mogelijkheid of vermogen uit. In een Duitse hoofdzin staat het vervoegde modale werkwoord op de tweede positie; het andere werkwoord staat als infinitief aan het einde: Ich kann ... tragen. Getränke betekent hier “drankjes”. Het is het meervoud van Getränk (“drankje”); de uitgang -e hoort bij het zelfstandig naamwoord. In die Getränke is die het bepaalde lidwoord voor het meervoud. Deze vorm is hier ook de vorm van het lijdend voorwerp; bij het meervoud ziet het lidwoord er in de nominatief en accusatief hetzelfde uit. Voorbeeld: Die Getränke sind kalt. — “De drankjes zijn koud.” tragen betekent hier “dragen”. Dit is de infinitief die na kann blijft staan. Zonder modaal werkwoord krijgt het werkwoord bijvoorbeeld bij ich de vorm trage: Ich trage die Tasche. — “Ik draag de tas.” Samen vormen de delen Ich kann die Getränke tragen. de betekenis “Ik kan de drankjes dragen.” kann geeft de mogelijkheid of het vermogen aan, en tragen benoemt de handeling. die Getränke is het lijdend voorwerp van die handeling.

  8. Ich trage die Tasche mit dem Essen.

    Ik draag de tas met het eten.

    trage
    draag
    Tasche
    tas
    mit
    met
    Essen
    eten
    Uitgebreide uitleg

    trage betekent hier “draag”. Het is de vorm van tragen bij ich in de tegenwoordige tijd: ich trage. Vergelijk: Ich kann die Getränke tragen. = “Ik kan de drankjes dragen.” Daar staat tragen als onverbogen infinitief na kann; zonder zo’n hulpwerkwoord is trage de persoonsvorm. Tasche betekent hier “tas”. Het zelfstandig naamwoord is vrouwelijk: die Tasche. In deze zin is die Tasche het directe voorwerp van trage, daarom blijft het lidwoord in de accusatief hier die: Ich trage die Tasche. mit betekent “met” en geeft een begeleidende zaak of inhoud aan. Na mit gebruikt het Duits de datief. Daarom staat hier dem Essen, niet de basisvorm das Essen. Essen betekent hier “eten”. Het is als zelfstandig naamwoord met een hoofdletter geschreven en is onzijdig: das Essen. Na mit krijgt het onzijdige lidwoord in de datief de vorm dem: mit dem Essen. In deze combinatie betekent het dat de tas het eten bevat of ermee verband houdt; de vertaling ondersteunt de lezing “de tas met het eten”. Samen vormen Ich trage + die Tasche + mit dem Essen de volledige betekenis: “Ik draag de tas met het eten.” Ich is het onderwerp, trage de tegenwoordige persoonsvorm, die Tasche het gedragen voorwerp en mit dem Essen een nadere bepaling bij de tas.

Grammatica

Lass uns + infinitief

Lass uns die Bestellung prüfen.

Las oens die buh-sj-tèl-loeng pruu-fuhn.

Laten we de bestelling controleren.

Lass uns + infinitief drukt een voorstel uit: samen iets doen.

mit + datief

mit dieser Tasche

mit die-zuh tasj-uh

met deze tas

Na mit staat altijd de datief. Bij het vrouwelijke Tasche wordt dieser gebruikt.

Duits woordenschat

alles voornaamwoord
al-luhs alles

Stimmt alles?

Bestellung zelfstandig naamwoord
buh-sj-tèl-loeng bestelling

die Bestellung

dieser bepaler
die-zuh deze

dieser Tasche

Essen zelfstandig naamwoord
è-suhn eten

Haben wir auch das Essen?

Getränke zelfstandig naamwoord
guh-treng-kuh drankjes

Die Getränke sind hier.

hier bijwoord
hie-uh hier

Die Getränke sind hier.

Kassenbon zelfstandig naamwoord
kasuhn-boon kassabon

zum Kassenbon

Lass uns uitdrukking
las oens laten we

Lass uns die Bestellung prüfen.

passt werkwoord
past past

Es passt zum Kassenbon.

prüfen werkwoord
pruu-fuhn controleren

die Bestellung prüfen

Stimmt werkwoord
sjtimt klopt

Stimmt alles?

Tasche zelfstandig naamwoord
tasj-uh tas

in dieser Tasche

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Laten we de bestelling controleren.

Antwoord tonenLass uns die Bestellung prüfen.

De drankjes zijn hier.

Antwoord tonenDie Getränke sind hier.

Hebben we het eten ook?

Antwoord tonenHaben wir auch das Essen?

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

tas

Antwoord tonenTasche

hier

Antwoord tonenhier

drankjes

Antwoord tonenGetränke

eten

Antwoord tonenEssen