De weg vragen en aanmelden bij de kliniek | Leer deens in het Nederlands

Danish lesson set in a contemporary Copenhagen everyday setting: At a clinic reception area, a visitor asks where to wait, how to check in, and what to keep ready..

NL → DA / Niveau: A2

Over deze les

Met De weg vragen en aanmelden bij de kliniek oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het deens.

Dialoog

A

Undskyld, hvor er venteværelset?

on-sguul, voar èèr venne-vèèl-suh? Pardon, waar is de wachtkamer?
B

Gå forbi skranken.

goo foar-BIE sgreng-kun. Loop langs de balie.
B

Det er til venstre for dig.

dee èèr te venstruh foar dai. Het is aan uw linkerkant.
A

Skal jeg melde mig, før jeg sætter mig?

sgèl jai meldu mai, fuh jai seddu mai? Moet ik me eerst aanmelden voordat ik ga zitten?
B

Udfyld først denne formular.

oeð-fuul fuhst dennuh fo-MEE-la. Vul dit formulier eerst in.
B

Aflever den så ved skranken.

afleeva den soo vee sgreng-kun. Geef het daarna af bij de balie.
A

Vil nogen kalde på mig, når det er min tur?

vee noan kèèlu poo mai, noar de èèr men toor? Zal iemand mij roepen als ik aan de beurt ben?
B

En sygeplejerske vil snart kalde på dig.

en suu-uh-plai-erskuh vee snaad kèèlu poo dai. Een verpleegkundige zal zo uw naam afroepen.
A

Skal jeg have mit forsikringskort klar?

sgèl jai hè-vuh me fo-see-ungs-goad klaar? Moet ik mijn verzekeringskaart bij de hand houden?
B

Hav det ved hånden, hvis skranken får brug for det igen.

hè de vee honnun, ves sgreng-kun foo broo foar de i-GEN. Houd het bij de hand voor het geval de balie het weer nodig heeft.

Woord voor woord

Undskyld “Undskyld” betekent hier “pardon” of “excuseer me” en wordt gebruikt om beleefd een vraag te beginnen. Je kunt het gebruiken wanneer je een onbekende aanspreekt, bijvoorbeeld bij een receptie. Een nieuw voorbeeld is: “Undskyld, kan du hjælpe mig?”
hvor “hvor” betekent hier “waar” en vraagt naar een plaats: “hvor er venteværelset?” Het staat vooraan in deze vraag, vóór “er”. Gebruik het in een vraag naar de locatie van iets, bijvoorbeeld “Hvor er toilettet?” als nieuw voorbeeld.
er “er” betekent hier “is” en verbindt de vraag naar de plaats met “venteværelset”. In “hvor er venteværelset?” staat het na het vraagwoord “hvor”. Gebruik “er” ook in vragen zoals “Hvor er indgangen?” als nieuw voorbeeld.
venteværelset “venteværelset” betekent hier “de wachtkamer”, de ruimte waar bezoekers wachten. De vorm staat in “hvor er venteværelset?” als datgene waarvan de plaats wordt gevraagd. Je kunt het woord gebruiken bij een kliniek, arts of andere afspraaklocatie.
“Gå” betekent hier “ga” en geeft een instructie om te lopen. In “Gå forbi skranken” begint het de routebeschrijving. Gebruik “Gå” om iemand een eenvoudige loopinstructie te geven, bijvoorbeeld “Gå til højre” als nieuw voorbeeld.
forbi “forbi” betekent hier “voorbij” en geeft aan dat je langs een punt of plaats verdergaat. In “Gå forbi skranken” betekent de hele aanwijzing dat je langs de balie moet lopen. Een bruikbaar patroon is “gå forbi + plaats”, bijvoorbeeld “gå forbi døren” als nieuw voorbeeld.
skranken “skranken” betekent hier “de balie”, in deze dialoog de receptiebalie van de kliniek. De vorm staat na “forbi” in de routebeschrijving “Gå forbi skranken”. Je kunt het gebruiken voor de plaats waar je je meldt of documenten afgeeft.
Det “Det” betekent hier “het” en verwijst naar de wachtkamer of de bedoelde plaats. In “Det er til venstre for dig” vormt het samen met “er” de mededeling waar die plaats zich bevindt. Gebruik “Det er ...” ook om een plaats of voorwerp aan te wijzen, bijvoorbeeld “Det er her” als nieuw voorbeeld.
til “til” betekent hier “naar” of “aan” en maakt in “til venstre for dig” de richtingaanduiding compleet. Samen met “venstre” geeft het aan aan welke kant de plaats ligt. Een veelgebruikt patroon is “til venstre for + persoon of plaats”, zoals “til venstre for døren” als nieuw voorbeeld.
venstre “venstre” betekent hier “links” en beschrijft de kant waar de wachtkamer zich bevindt. In “til venstre for dig” staat het binnen de vaste richtingaanduiding “aan jouw linkerkant”. Gebruik het om een richting te geven, bijvoorbeeld “drej til venstre” als nieuw voorbeeld.
dig “dig” betekent hier “jou” of “je” en verwijst naar de persoon die de aanwijzing krijgt. In “til venstre for dig” maakt het duidelijk wiens linkerkant bedoeld wordt. Je gebruikt “dig” na een voorzetsel, zoals in “for dig” in deze dialoog.
Skal “Skal” betekent hier “moet” in de vraag “Skal jeg melde mig ...?” en vraagt of iets nodig is. Het staat vooraan omdat de zin een vraag is. Gebruik “Skal jeg ...?” om te vragen of jij iets moet doen, bijvoorbeeld “Skal jeg vente her?” als nieuw voorbeeld.
jeg “jeg” betekent “ik” en verwijst naar de spreker die vraagt wat hij of zij moet doen. In “Skal jeg melde mig?” staat het na “Skal”. Gebruik “jeg” als onderwerp voor handelingen die je zelf uitvoert.
melde “melde” betekent hier “aanmelden” in “melde mig”, dus je bij de kliniek registreren. De vorm staat na “skal” en vóór “mig”; na “skal” wordt deze vorm gebruikt. Een bruikbaar patroon is “melde sig på + plaats of activiteit”, maar gebruik in deze context vooral “melde mig” voor jezelf aanmelden.
mig “mig” betekent hier “mij” of “me” en hoort bij “melde” in “melde mig”: de spreker meldt zichzelf aan. Het verwijst dus naar dezelfde persoon als “jeg”. Gebruik “mig” ook na een werkwoord wanneer jij het betrokken voorwerp of de betrokken persoon bent, bijvoorbeeld “Hun hjælper mig” als nieuw voorbeeld.
før “før” betekent hier “voordat” en geeft aan dat het aanmelden eerder moet gebeuren dan het gaan zitten. In “før jeg sætter mig” leidt het een bijzin met de volgende handeling in. Gebruik “før” om twee gebeurtenissen in tijd te ordenen, bijvoorbeeld “før vi går” als nieuw voorbeeld.
sætter “sætter” betekent hier “ga zitten” in “sætter mig”, dus de spreker neemt plaats. Dit is de vorm die in de dialoog staat van “sætte”, samen met “mig” in de uitdrukking “sætte sig”. Gebruik “sætter mig” wanneer je zegt dat je zelf gaat zitten.
Udfyld “Udfyld” betekent hier “vul in” en is een directe instructie om informatie op een formulier te schrijven. In “Udfyld først denne formular” staat het aan het begin van de opdracht. Gebruik “udfyld + voorwerp”, bijvoorbeeld “Udfyld formularen” als nieuw voorbeeld.
først “først” betekent hier “eerst” en geeft aan dat het formulier vóór de volgende stap moet worden ingevuld. In “Udfyld først denne formular” verduidelijkt het de volgorde van de handelingen. Gebruik het om de eerste stap aan te geven, bijvoorbeeld “Læs først spørgsmålet” als nieuw voorbeeld.
denne “denne” betekent hier “dit” of “deze” en wijst het formulier aan dat bij de receptie wordt gegeven. Het staat direct vóór “formular” in “denne formular”. Gebruik “denne” om iets specifieks dichtbij of in de huidige situatie aan te wijzen.
formular “formular” betekent hier “formulier”, het document dat de bezoeker moet invullen. In “denne formular” is het het voorwerp van de instructie “Udfyld”. Je kunt het woord gebruiken bij registratie, aanvragen of andere officiële informatie.
Aflever “Aflever” betekent hier “geef af” of “lever in” en is een instructie om het ingevulde formulier bij de balie af te geven. In “Aflever den så ved skranken” staat het vooraan als volgende handeling. Gebruik “aflever + voorwerp” wanneer je een document of ander voorwerp ergens inlevert.
den “den” verwijst hier naar het formulier en betekent in deze zin ongeveer “het”. In “Aflever den så ved skranken” vervangt het de eerder genoemde “formular”, zodat die niet opnieuw genoemd hoeft te worden. Gebruik “den” om in een volgende zin naar een eerder genoemd voorwerp te verwijzen.
“så” betekent hier “dan” en geeft de volgende stap in de instructie aan. In “Aflever den så ved skranken” volgt het op het eerst invullen van het formulier. Gebruik “så” om handelingen in volgorde te verbinden, bijvoorbeeld “Gå så hjem” als nieuw voorbeeld.
ved “ved” betekent hier “bij” en geeft de plaats aan waar het formulier moet worden afgegeven. In “ved skranken” verwijst het naar de balie als afgiftepunt. Gebruik “ved + plaats” om aan te geven waar iemand of iets zich bevindt of waar een handeling plaatsvindt.
Vil “Vil” betekent hier “zal” en maakt de vraag “Vil nogen kalde på mig ...?” over wat iemand later zal doen. Het staat vooraan in de vraag. Gebruik “Vil ...?” om naar een verwachte of toekomstige handeling te vragen, bijvoorbeeld “Vil du vente?” als nieuw voorbeeld.
nogen “nogen” betekent hier “iemand” en verwijst naar een nog onbekende persoon die de bezoeker zal roepen. In “Vil nogen kalde på mig?” is “nogen” degene die de handeling uitvoert. Gebruik het wanneer je naar een niet nader genoemde persoon verwijst.
kalde “kalde” betekent hier “roepen” in de uitdrukking “kalde på mig”: iemand mondeling oproepen wanneer het diens beurt is. De vorm staat na “vil”. Een bruikbaar patroon is “kalde på + persoon”, bijvoorbeeld “De kalder på Anna” als nieuw voorbeeld.
“på” betekent hier “naar iemand toe” binnen “kalde på mig”, dus iemand oproepen of naar voren roepen. De betekenis hoort bij de hele uitdrukking “kalde på”, niet bij “på” afzonderlijk. Gebruik het in dat patroon met de persoon die wordt opgeroepen.
når “når” betekent hier “wanneer” of “als” en introduceert het moment waarop de verpleegkundige zal roepen. In “når det er min tur” volgt een situatie die bepaalt wanneer dat gebeurt. Gebruik “når” om een tijdstip of terugkerende situatie aan te geven.
min “min” betekent hier “mijn” en geeft aan dat het om de beurt van de spreker gaat. In “min tur” staat het vóór het zelfstandig naamwoord “tur”. Gebruik “min” vóór iets dat van de spreker is, bijvoorbeeld “min taske” als nieuw voorbeeld.
tur “tur” betekent hier “beurt” in de vaste uitdrukking “det er min tur”, dus het moment waarop de spreker aan de beurt is. De combinatie “min tur” wordt gebruikt bij een volgorde waarin mensen wachten. Een nieuw voorbeeld is: “Nu er det din tur.”
En “En” betekent hier “een” en introduceert “sygeplejerske” als een niet eerder genoemde verpleegkundige. Het staat direct vóór het zelfstandig naamwoord. Gebruik “en” op dezelfde manier om één persoon of zaak te introduceren.
sygeplejerske “sygeplejerske” betekent hier “verpleegkundige”, de persoon die de bezoeker kort daarna zal oproepen. In “En sygeplejerske” is het onderwerp van “vil snart kalde på dig”. Je kunt het woord gebruiken in een kliniek of ziekenhuis wanneer je naar deze zorgverlener verwijst.
snart “snart” betekent hier “binnenkort” en geeft aan dat het roepen niet lang op zich zal laten wachten. In “vil snart kalde på dig” staat het tussen “vil” en de handeling. Gebruik “snart” voor iets dat in de nabije toekomst gebeurt, bijvoorbeeld “Jeg kommer snart” als nieuw voorbeeld.
have “have” betekent hier “hebben” binnen “have mit forsikringskort klar”: de kaart bij zich en gereed houden. De vorm staat na “skal”. Gebruik het patroon “have + voorwerp + klar” wanneer iets voorbereid of beschikbaar moet zijn, bijvoorbeeld “have passet klar” als nieuw voorbeeld.
mit “mit” betekent hier “mijn” en geeft aan dat het verzekeringskaartje van de spreker is. Het staat vóór “forsikringskort” in “mit forsikringskort”. Gebruik “mit” vóór een voorwerp dat de spreker als het zijne aanduidt.
forsikringskort “forsikringskort” betekent hier “verzekeringskaart”, het document dat de kliniek mogelijk opnieuw nodig heeft. In “mit forsikringskort” is het het voorwerp dat klaar moet worden gehouden. Je gebruikt het woord in situaties waarin je je verzekeringsgegevens bij een zorgverlener toont.
klar “klar” betekent hier “klaar” en beschrijft dat de verzekeringskaart direct beschikbaar is. In “have mit forsikringskort klar” hoort het bij de hele constructie “heb mijn verzekeringskaart klaar”. Gebruik “klar” om aan te geven dat iets gereed is, bijvoorbeeld “Er du klar?” als nieuw voorbeeld.
Hav “Hav” betekent hier “houd” of “heb bij de hand” en is een instructie om de kaart beschikbaar te houden. In “Hav det ved hånden” vormt het samen met “ved hånden” de praktische aanwijzing. Gebruik “Hav + voorwerp + klar” of “Hav + voorwerp + ved hånden” voor iets dat direct beschikbaar moet zijn.
hånden “hånden” betekent letterlijk “de hand”, maar staat hier in de uitdrukking “ved hånden”, die betekent dat iets bij de hand of gemakkelijk beschikbaar is. In “Hav det ved hånden” gaat het om de verzekeringskaart. Gebruik “ved hånden” voor iets dat je binnen handbereik wilt houden.
hvis “hvis” betekent hier “als” of “in het geval dat” en introduceert de voorwaarde dat de balie de kaart opnieuw nodig heeft. In “hvis skranken får brug for det igen” volgt de volledige voorwaardelijke situatie. Gebruik “hvis” om een voorwaarde te formuleren, bijvoorbeeld “Hvis du har tid, kan vi begynde” als nieuw voorbeeld.
får “får” betekent hier “krijgt” binnen “får brug for”, de vaste uitdrukking voor “nodig hebben”. In “hvis skranken får brug for det igen” betekent het dat de balie de kaart opnieuw nodig kan hebben. Gebruik het patroon “få brug for + voorwerp” wanneer iemand iets nodig heeft.
brug “brug” betekent hier niet eenvoudigweg “gebruik”, maar maakt samen met “får ... for” de uitdrukking “får brug for” met de betekenis “nodig hebben”. In deze dialoog gaat het om de kaart die de balie misschien opnieuw nodig heeft. Een bruikbaar patroon is “Jeg får brug for det” als nieuw voorbeeld.
igen “igen” betekent hier “opnieuw” en geeft aan dat de balie de verzekeringskaart nog een keer nodig kan hebben. Het staat aan het einde van “får brug for det igen”. Gebruik “igen” wanneer een handeling of behoefte terugkomt, bijvoorbeeld “Prøv igen” als nieuw voorbeeld.

Grammatica

Imperativ: verbets stamme uden endelse

Gå til venstre.

goo te venstruh.

Ga naar links.

De Deense gebiedende wijs gebruikt meestal de werkwoordstam zonder -e, zoals gå, udfyld en aflever.

Deens woordenschat

dig voornaamwoord
dai jou, u
forbi voorzetsel
foar-BIE langs, voorbij
før voegwoord
fuh voordat
werkwoord
goo lopen, gaan
hvor bijwoord
voar waar
melde sig werkwoord
meldu sai zich aanmelden melde mig
skranken zelfstandig naamwoord
sgreng-kun de balie
sætte sig werkwoord
seddu sai gaan zitten sætter mig
til venstre uitdrukking
te venstruh naar links, aan de linkerkant
udfylde werkwoord
oeð-fuulu invullen Udfyld
undskyld tussenwerpsel
on-sguul pardon
venteværelset zelfstandig naamwoord
venne-vèèl-suh de wachtkamer

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Pardon, waar is de wachtkamer?

Antwoord tonenUndskyld, hvor er venteværelset?

Loop langs de balie.

Antwoord tonenGå forbi skranken.

Het is aan uw linkerkant.

Antwoord tonenDet er til venstre for dig.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

waar

Antwoord tonenhvor

langs, voorbij

Antwoord tonenforbi

de balie

Antwoord tonenskranken

pardon

Antwoord tonenundskyld