Elke dag 10 minuten gratis
Ga verder met audiolessen in de app
Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.
Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm
Kies je leertaal en open deze les in de app.
Over deze les
Met De weg vragen en aanmelden bij de kliniek oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het deens.
Dialoog
Undskyld, hvor er venteværelset?
on-sguul, voar èèr venne-vèèl-suh? Pardon, waar is de wachtkamer?Gå forbi skranken.
goo foar-BIE sgreng-kun. Loop langs de balie.Det er til venstre for dig.
dee èèr te venstruh foar dai. Het is aan uw linkerkant.Skal jeg melde mig, før jeg sætter mig?
sgèl jai meldu mai, fuh jai seddu mai? Moet ik me eerst aanmelden voordat ik ga zitten?Udfyld først denne formular.
oeð-fuul fuhst dennuh fo-MEE-la. Vul dit formulier eerst in.Aflever den så ved skranken.
afleeva den soo vee sgreng-kun. Geef het daarna af bij de balie.Vil nogen kalde på mig, når det er min tur?
vee noan kèèlu poo mai, noar de èèr men toor? Zal iemand mij roepen als ik aan de beurt ben?En sygeplejerske vil snart kalde på dig.
en suu-uh-plai-erskuh vee snaad kèèlu poo dai. Een verpleegkundige zal zo uw naam afroepen.Skal jeg have mit forsikringskort klar?
sgèl jai hè-vuh me fo-see-ungs-goad klaar? Moet ik mijn verzekeringskaart bij de hand houden?Hav det ved hånden, hvis skranken får brug for det igen.
hè de vee honnun, ves sgreng-kun foo broo foar de i-GEN. Houd het bij de hand voor het geval de balie het weer nodig heeft.Uitleg van de zinnen
Undskyld, hvor er venteværelset?
Pardon, waar is de wachtkamer?
- Undskyld
- Pardon / neem me niet kwalijk
- hvor er
- waar is
- venteværelset
- de wachtkamer
Uitgebreide uitleg
Undskyld staat hier voor een beleefde aanspreekvorm: “pardon” of “neem me niet kwalijk”. Het is ook de gebiedende vorm van undskylde (“verontschuldigen”), maar in deze vaste uitdrukking functioneert het als een beleefde manier om iemands aandacht te vragen. Voorbeeld: Undskyld, kan du hjælpe mig? — “Pardon, kunt u me helpen?” hvor er vormt de kern van de locatievraag. hvor betekent “waar” en er is de tegenwoordige tijd van være (“zijn”). In een Deense vraag staat hvor vóór er: Hvor er ...? — “Waar is ...?” Voorbeeld: Hvor er toilettet? — “Waar is het toilet?” venteværelset betekent hier “de wachtkamer”. Het is de bepaalde enkelvoudsvorm van venteværelse (“wachtkamer”): het achtervoegsel -et markeert bij dit zelfstandig naamwoord het bepaalde enkelvoud. Vergelijk et venteværelse — “een wachtkamer” en venteværelset — “de wachtkamer”. De vorm bevat dus geen afzonderlijk woord voor “de” vóór het zelfstandig naamwoord; bepaaldheid wordt hier aan het einde aangegeven. Samen betekent Undskyld, hvor er venteværelset?: “Pardon, waar is de wachtkamer?” De spreker vraagt beleefd naar de locatie van de wachtkamer.
Gå forbi skranken.
Loop langs de balie.
- Gå
- ga; loop
- forbi
- langs; voorbij
- skranken
- de balie
Uitgebreide uitleg
Gå is de gebiedende wijs van gå, dat “gaan” of “lopen” betekent. Hier geeft het een korte instructie: “Loop …”. De vorm gå is ook de infinitief; de gebiedende betekenis volgt hier uit de directe instructie. Voorbeeld: Gå hjem! — “Ga naar huis!” forbi betekent hier “langs” of “voorbij”. Het geeft aan dat de route langs een punt of plaats gaat. Voorbeeld: Gå forbi døren. — “Loop langs de deur.” skranken betekent hier “de balie”. De basisvorm is skranke; skranken is de bepaalde enkelvoudsvorm, dus “de balie” in plaats van “een balie”. Voorbeeld: Jeg står ved skranken. — “Ik sta bij de balie.” De delen staan in dezelfde volgorde als in de zin: Gå geeft de instructie, forbi beschrijft de route en skranken noemt het oriëntatiepunt. Samen betekent Gå forbi skranken.: “Loop langs de balie.”
Det er til venstre for dig.
Het is aan uw linkerkant.
- Det er
- het is
- til
- aan
- venstre
- links
- dig
- jou; u
Uitgebreide uitleg
Det er betekent hier “het is”. er is de tegenwoordige tijd van være (“zijn”): at være → er. Det is het onzijdige enkelvoudige voornaamwoord dat hier als onderwerp dient; de zin specificeert niet zelfstandig waarnaar het verwijst. Voor hergebruik: Det er her. — “Het is hier.” til betekent hier “aan/naar” en vormt samen met venstre de vaste richtings- en plaatsaanduiding til venstre: “aan de linkerkant” of “naar links”. In andere contexten kan til ook bijvoorbeeld een bestemming aangeven: Jeg går til stationen. — “Ik loop naar het station.” venstre betekent hier “links” en benoemt de linkerkant in til venstre. Het is niet hetzelfde als højre (“rechts”): til højre betekent “aan de rechterkant/naar rechts”. dig is de tweede persoon enkelvoud in de niet-onderwerpsvorm; de bijbehorende onderwerpsvorm is du. In for dig betekent het “voor jou/u”. Samen met til venstre geeft til venstre for dig aan dat iets zich aan de linkerkant bevindt vanuit jouw oriëntatie. De vorm dig markeert op zichzelf geen beleefdheidsverschil; de vaste vertaling geeft hier “uw” weer. De volledige opbouw is Det er + til venstre + for dig: “Het is aan de linkerkant voor jou/u”, natuurlijk vertaald als “Het is aan uw linkerkant.”
Skal jeg melde mig, før jeg sætter mig?
Moet ik me eerst aanmelden voordat ik ga zitten?
- Skal jeg
- moet ik
- melde mig
- me aanmelden
- før
- voordat
- sætter mig
- ga zitten
Uitgebreide uitleg
Skal jeg bestaat uit skal en het onderwerp jeg. In deze vraag betekent skal dat de spreker vraagt of iets nodig of vereist is: “moet ik …?” Het is dus geen stellige mededeling dat de spreker het zal doen. Een bruikbaar patroon is Skal jeg + werkwoord? — “Moet ik …?” melde mig betekent hier “me aanmelden”. Het werkwoord is melde; mig is het reflexieve voornaamwoord dat naar dezelfde persoon verwijst als jeg. De combinatie melde sig wordt gebruikt voor “zich aanmelden” of “zich registreren”; bij jeg wordt sig de vorm mig. Bijvoorbeeld: Jeg melder mig til kurset. — “Ik meld me aan voor de cursus.” før leidt de tijdsbepaling in en betekent hier “voordat”. Het verbindt de handeling van aanmelden met de handeling van daarna gaan zitten. In deze bijzin staat het onderwerp vóór het werkwoord: før jeg ... — “voordat ik ...”. sætter mig betekent hier “ga zitten” of letterlijk “zet mezelf neer”. Het werkwoord is sætte; sætter is de tegenwoordige vorm. Deze vorm verandert in het Deens niet naar persoon of getal; jeg bepaalt hier dus niet een aparte uitgang. mig is opnieuw reflexief en verwijst naar dezelfde persoon als jeg. De uitdrukking sætte sig beschrijft het gaan zitten, terwijl sidde de toestand “zitten” beschrijft. Bijvoorbeeld: Jeg sætter mig her. — “Ik ga hier zitten.” Samen vormt de zin de vraag: “Moet ik me aanmelden voordat ik ga zitten?” Skal jeg maakt er een vraag naar noodzaak van, melde mig benoemt de aanmelding, en før jeg sætter mig plaatst het gaan zitten later in de tijd. De formulering is geschikt wanneer iemand wil weten of aanmelden vóór het gaan zitten nodig is.
Udfyld først denne formular.
Vul dit formulier eerst in.
- Udfyld
- vul in
- først
- eerst
- denne
- dit/deze
- formular
- formulier
Uitgebreide uitleg
Udfyld betekent hier “vul in” en is de gebiedende wijs van udfylde (“invullen”). Het onderwerp “jij” staat niet apart: de imperatief richt zich rechtstreeks tot de aangesprokene. Voorbeelden: Udfyld skemaet. — “Vul het formulier in.” Udfylder du skemaet? — “Vul je het formulier in?” først betekent “eerst” en geeft de volgorde aan: deze handeling komt vóór een volgende handeling. Het is iets anders dan før (“voordat” of “voor”), dat een tijdsrelatie met een zelfstandig naamwoord of bijzin kan aangeven. Voorbeeld: Læs først instruktionen. — “Lees eerst de instructie.” denne betekent “dit/deze” en verwijst naar iets enkelvoudigs van het en-woordtype. In deze zin hoort het bij formular, een en-woord: en formular, dus denne formular. De vorm dette wordt gebruikt bij een het-woord, bijvoorbeeld et brev → dette brev; disse is de meervoudsvorm. formular betekent “formulier”. Het is een zelfstandig naamwoord; de bepaalde vorm is formularen (“het formulier”). Voorbeeld: Formularen er klar. — “Het formulier is klaar.” Samen vormt Udfyld først denne formular de directe instructie “Vul dit formulier eerst in.” Udfyld geeft de handeling als opdracht, denne formular is wat moet worden ingevuld, en først plaatst die handeling vóór wat daarna gebeurt.
Aflever den så ved skranken.
Geef het daarna af bij de balie.
- Aflever
- geef af
- den
- het
- så
- daarna
- skranken
- balie
Uitgebreide uitleg
Aflever betekent hier: geef iets af of over. Het is de bevelsvorm van het Deense werkwoord aflevere. De bevelsvorm heeft geen uitgesproken onderwerp nodig: Aflever! betekent “Geef het af!” Voorbeeld: Aflever formularen. — “Lever het formulier in.” den is hier een zelfstandig gebruikt voornaamwoord voor één bepaald woord van het gemeenschappelijke grammaticale geslacht. De vertaling maakt dat als “het” weer, maar noemt het concrete antecedent niet. Het Deense onderscheid is den tegenover det; den verwijst naar een common-gender-vorm, terwijl det bij een neutrumvorm hoort. De precieze referent van den moet uit de situatie komen. så heeft hier een temporele betekenis: “daarna” of “dan”. Het verbindt deze handeling met wat eerder moet gebeuren. Voorbeeld: Udfyld formularen, så aflever den. — “Vul het formulier in en lever het daarna in.” skranken betekent “de balie”. De vorm is de bepaalde enkelvoudsvorm van en skranke: en skranke → skranken. De uitgang -en markeert hier bepaaldheid; hij is geen aparte vertaling voor “balie”. ved skranken betekent “bij de balie”. ved geeft de plaats aan waar de handeling gebeurt. Samen vormt de zin een bevel: Aflever den = “Geef het af”, så = “daarna”, en ved skranken = “bij de balie”. De volledige betekenis is dus: “Geef het daarna af bij de balie.”
Vil nogen kalde på mig, når det er min tur?
Zal iemand mij roepen als ik aan de beurt ben?
- Vil nogen
- zal iemand
- kalde på
- roepen
- mig
- mij
- når
- wanneer; als
- er
- is
- min
- mijn
- tur
- beurt
Uitgebreide uitleg
Vil nogen staat aan het begin als vraag of iemand iets zal doen. vil is de tegenwoordige vorm van ville; als hulpwerkwoord kan het hier een toekomstige of verwachte handeling aangeven. nogen betekent hier “iemand” in een vraag. In een ontkennende zin kan nogen ook “iemand/ook maar iemand” betekenen, zoals in Jeg kender ikke nogen = “Ik ken niemand”. Ingen betekent daarentegen zelfstandig “niemand”; bijvoorbeeld Ingen kommer = “Niemand komt”. kalde på betekent hier “roepen” of “iemand oproepen”. Het is een vaste combinatie: kalde betekent “roepen/noemen”, maar met på krijgt de combinatie de betekenis dat je iemand roept om diens aandacht of beurt. Voorbeeld: Læreren kalder på Anna. = “De leraar roept Anna.” mig is de vorm voor “mij” wanneer deze persoon het object van de handeling is. Het contrasteert onder andere met jeg, de vorm voor “ik” als onderwerp: Hun kalder på mig = “Zij roept mij.” når leidt hier de tijdsbepaling in en betekent “wanneer” of, in deze context, “als”. De bijzin beschrijft het moment waarop het roepen gebeurt. Voorbeeld: Jeg går, når du er klar. = “Ik ga wanneer je klaar bent.” er is de tegenwoordige vorm van være, “zijn”. In det er min tur vormt het samen met det de vaste mededeling dat het iemands beurt is. De vorm er verandert hier niet naar persoon of getal. min betekent “mijn” en staat hier vóór een enkelvoudig gemeenkøn-woord. Het verwijst in deze zin naar de spreker als bezitter van de beurt. De vormen zijn onder andere min bij enkelvoudig gemeenkøn, mit bij enkelvoudig onzijdig en mine bij meervoud; de keuze hangt dus samen met het zelfstandig naamwoord, niet met het geslacht van de bezitter. tur betekent hier “beurt”. De vaste combinatie min tur betekent “mijn beurt”; met een andere bezitter krijg je bijvoorbeeld din tur = “jouw beurt”. Het woord kan in andere contexten ook “ronde” of een toerbeurt aanduiden, maar hier gaat het om het moment waarop de spreker aan de beurt is. Samen vormen kalde på mig en når det er min tur de inhoud van de vraag. Vil nogen kalde på mig vraagt of iemand de spreker zal roepen, en når det er min tur bepaalt wanneer dat gebeurt. De hele zin betekent daarom: “Zal iemand mij roepen als ik aan de beurt ben?”
En sygeplejerske vil snart kalde på dig.
Een verpleegkundige zal zo uw naam afroepen.
- sygeplejerske
- verpleegkundige
- vil
- zal
- snart
- binnenkort
- kalde på
- iemand roepen
- dig
- u
Uitgebreide uitleg
sygeplejerske betekent hier ‘verpleegkundige’. Het is een zelfstandig naamwoord voor iemand met dat beroep; het kan zowel naar een vrouw als naar een man verwijzen. De onbepaalde vorm is en sygeplejerske; het woord zelf verandert niet om het geslacht van de persoon aan te geven. vil staat hier bij het onderwerp en geeft een verwachte toekomstige handeling weer: ‘zal’. Het is de vorm van ville bij de tegenwoordige tijd; in deze zin werkt het als modaal hulpwerkwoord. Het kan in andere contexten ook ‘willen’ betekenen, maar die betekenis past hier niet bij de vaste vertaling. Een herbruikbaar patroon is X vil + werkwoord: ‘X zal ...’. snart betekent ‘binnenkort’ of ‘zo’. Het zegt dat de handeling niet nu plaatsvindt, maar in de nabije toekomst. Het is een bijwoord en verandert niet mee met een ander woord. kalde på is de vaste werkwoordelijke verbinding ‘iemand roepen’ of ‘iemands naam afroepen’. Het hoofdwerkwoord is kalde; på hoort hier bij de verbinding en geeft niet de losse betekenis ‘op’. In de zin staat de vorm kalde, omdat die na vil als infinitief volgt. Voorbeeld: De kalder på mig. — ‘Ze roepen mij.’ dig is een objectvorm voor de tweede persoon. In deze context wordt de aangesprokene met beleefd Nederlands u weergegeven. De vorm staat na på, omdat kalde på degene aanduidt die geroepen wordt. Voorbeeld: Jeg ser dig. — ‘Ik zie u.’ Samen vormen En sygeplejerske vil snart en kalde på dig de betekenis: ‘Een verpleegkundige zal binnenkort uw naam afroepen.’ Het onderwerp is de verpleegkundige, vil plaatst de gebeurtenis in de nabije toekomst, snart maakt die toekomst nabij, en kalde på dig beschrijft wie geroepen wordt. De hele Deense zin is dus een mededeling over een verpleegkundige die de aangesprokene zo zal roepen.
Skal jeg have mit forsikringskort klar?
Moet ik mijn verzekeringskaart bij de hand houden?
- Skal jeg
- moet ik
- have
- hebben
- mit
- mijn
- forsikringskort
- verzekeringskaart
- klar
- klaar
Uitgebreide uitleg
Skal jeg vormt hier het begin van een ja/nee-vraag: “moet ik …?” skal is de tegenwoordige vorm van skulle; met een volgende infinitief drukt het in deze context een vereiste of praktische noodzaak uit. jeg betekent “ik”. Het is dus niet op zichzelf een mededeling dat de spreker iets zal doen. have is de infinitief van at have en betekent hier “hebben” of “bij de hand houden”. Na skal staat de infinitief zonder at: Jeg skal have .... mit is een bezittelijk woord met de betekenis “mijn”. De vorm mit hoort bij een onzijdig enkelvoudig zelfstandig naamwoord. Het bezittelijke woord stemt dus af op forsikringskort, niet op de persoon die bezit. In een ander grammaticaal geslacht of getal kan een andere vorm staan, bijvoorbeeld min of mine. forsikringskort betekent “verzekeringskaart”. Het is een samenstelling van forsikring (“verzekering”) en kort (“kaart”); als geheel benoemt het de kaart. Het woord is onzijdig: et forsikringskort, vandaar mit forsikringskort. klar betekent hier “klaar” of “beschikbaar om meteen te gebruiken”. In have ... klar geeft het aan dat iets gereed of bij de hand moet zijn. Het is een bijvoeglijk naamwoord; in deze constructie staat het na het werkwoord en beschrijft het de toestand van de kaart. Vergelijk als oefenvoorbeeld: Jeg har dokumentet klar. — “Ik heb het document klaarliggen.” Samen betekent Skal jeg have mit forsikringskort klar?: “Moet ik mijn verzekeringskaart bij de hand houden?” De vraag gaat over de praktische vereiste om die kaart gereed te hebben, zodat ze opnieuw gebruikt kan worden als dat nodig is. Het patroon is herbruikbaar: Skal jeg have [iets] klar? — “Moet ik [iets] klaarliggen?”
Hav det ved hånden, hvis skranken får brug for det igen.
Houd het bij de hand voor het geval de balie het weer nodig heeft.
- Hav
- houd
- det
- het
- ved hånden
- bij de hand
- hvis
- als; voor het geval dat
- skranken
- de balie
- får brug for
- nodig heeft
- det
- het
- igen
- weer
Uitgebreide uitleg
Hav is de gebiedende wijs van have (“hebben”). De vorm spreekt de aangesprokene rechtstreeks aan; in deze zin betekent hij samen met de volgende delen: “houd het …”. Vergelijk: Hav kortet klar. — “Houd de kaart klaar.” De gebiedende wijs staat hier vooraan en heeft geen uitgesproken onderwerp nodig. det is een zelfstandig gebruikt voornaamwoord met de betekenis “het”. Hier verwijst het, volgens de vaste vertaling, naar het bedoelde voorwerp dat bij de hand moet worden gehouden; de context noemt eerder een verzekeringskaart, maar de zin zelf herhaalt die naam niet. Dezelfde vorm staat later opnieuw als voorwerp van får brug for: “het nodig hebben”. ved hånden is een vaste uitdrukking voor “bij de hand”, dus beschikbaar en gemakkelijk bereikbaar. In Hav det ved hånden vormt deze uitdrukking samen met det de herbruikbare structuur hav + voorwerp + ved hånden. Voorbeeld: Hav dit pas ved hånden. — “Houd je paspoort bij de hand.” hvis leidt een voorwaardelijke bijzin in en betekent hier “als” of “voor het geval dat”. Het beschrijft de voorwaarde waaronder de hoofdhandeling relevant is. Voorbeeld: Ring, hvis du får brug for hjælp. — “Bel als je hulp nodig hebt.” skranken betekent “de balie”. De vorm is de bepaalde vorm van het zelfstandig naamwoord skranke: en skranke — “een balie”, skranken — “de balie”. Het zelfstandig naamwoord is hier de handelende partij in de bijzin; dat de vertaling “de balie” gebruikt, maakt die referentie expliciet. får brug for is de constructie “nodig hebben”. Letterlijk bevat ze får (“krijgt”) en brug for (“gebruik voor”), maar als geheel drukt ze uit dat iemand of iets iets nodig heeft. får is de tegenwoordige tijd van få; in deze constructie verandert de vorm niet voor persoon of getal. Voorbeeld: Jeg får brug for det senere. — “Ik heb het later nodig.” Het tweede det is opnieuw het voornaamwoord “het”, nu het voorwerp van får brug for. De herhaling houdt hetzelfde bedoelde voorwerp vast zonder het zelfstandig naamwoord opnieuw te noemen. igen betekent “weer” of “opnieuw”. Het geeft aan dat de behoefte eerder al bestond of zich opnieuw kan voordoen. Voorbeeld: Hun kommer igen. — “Ze komt weer.” De zin wordt zo opgebouwd: Hav det ved hånden betekent “houd het bij de hand”; hvis skranken får brug for det igen betekent “voor het geval de balie het weer nodig heeft”. Samen is de betekenis: “Houd het bij de hand voor het geval de balie het weer nodig heeft.” De gebiedende wijs maakt dit een directe instructie; hvis koppelt die instructie aan de genoemde voorwaarde.
Grammatica
Imperativ: verbets stamme uden endelse
Gå til venstre.
goo te venstruh.Ga naar links.
De Deense gebiedende wijs gebruikt meestal de werkwoordstam zonder -e, zoals gå, udfyld en aflever.
Deens woordenschat
Quiz
Woordvolgorde
Zet de woorden in de juiste volgorde.
Pardon, waar is de wachtkamer?
Antwoord tonen
Undskyld, hvor er venteværelset?Loop langs de balie.
Antwoord tonen
Gå forbi skranken.Het is aan uw linkerkant.
Antwoord tonen
Det er til venstre for dig.Spelling
Tik op de letters om het woord te spellen.
waar
Antwoord tonen
hvorlangs, voorbij
Antwoord tonen
forbide balie
Antwoord tonen
skrankenpardon