Op je beurt wachten in de rij | Leer deens in het Nederlands

Danish lesson set in a contemporary Copenhagen everyday setting: In a public line, one person politely explains where the line starts so another person can move to the back..

NL → DA / Niveau: B1

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met Op je beurt wachten in de rij oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het deens.

Dialoog

A

Undskyld, jeg tror, at køen begynder bag den kvinde.

on-sgül, yai troa, a keu-en be-gün-ner bae den kven-ne. Pardon, ik denk dat de rij achter die vrouw begint.
B

Jeg var ikke klar over, at alle stod i kø.

yai va egge kla owa, a alle stoo ie keu. Ik had niet door dat iedereen in de rij stond te wachten.
A

Det er lidt uklart, fordi folk står med afstand.

de eh let u-klaad, fo-die folk stoa meh af-stan. Het is een beetje onduidelijk omdat mensen uit elkaar staan.
B

Skal jeg så stille mig bagest i køen?

sgel yai so stelle mai bae-est ie keu-en? Zal ik dan achteraan gaan staan?
A

Det må du gerne. Alle har ventet på deres tur.

de mo doe geerne. alle haa ven-et poa dees toe-a. Graag. Iedereen wacht al op zijn beurt.
B

Jeg går om bag i køen. Jeg så bare ikke, hvor køen begyndte.

yai goa om bae ie keu-en. yai so bae-re egge, voa keu-en be-gün-de. Ik ga naar achteren. Ik had gewoon niet gezien waar de rij begon.
A

Køen slutter lige efter de mennesker.

keu-en sloet-te lie-eh ef-teh die men-sker. Het einde van de rij is net voorbij die mensen.
B

Nu kan jeg se det. Jeg venter der.

noe kan yai see de. yai ven-ne deh. Ik zie het nu. Ik wacht daar.
A

Så burde rækkefølgen være tydelig.

so boe-theh reg-ge-feu-len vae-re tüü-de-lie. Zo blijft de volgorde duidelijk.
B

Jeg misforstod situationen, men jeg kan rette op på det.

yai mis-fo-stoa si-tu-a-sjo-nen, men yai kan reh-de ob poa de. Ik had de situatie verkeerd begrepen, maar ik kan het oplossen.

Uitleg van de zinnen

  1. Undskyld, jeg tror, at køen begynder bag den kvinde.

    Pardon, ik denk dat de rij achter die vrouw begint.

    Undskyld
    Pardon
    jeg tror
    ik denk
    køen
    de rij
    begynder
    begint
    bag
    achter
    den
    die
    kvinde
    vrouw
    Uitgebreide uitleg

    Undskyld is hier een zelfstandige verontschuldiging: ‘pardon’ of ‘sorry’. Het is een vaste, beleefde manier om iemand aan te spreken of je te verontschuldigen. Voorbeeld: Undskyld! — ‘Pardon!’ jeg tror betekent hier ‘ik denk’. jeg is de eerste persoon enkelvoud, ‘ik’, en tror is de tegenwoordige tijd van tro, ‘denken/geloven’. De vorm tror blijft in de tegenwoordige tijd hetzelfde bij verschillende personen. Jeg tror, at ... is een veelgebruikt patroon om een gedachte of inschatting in te leiden. Voorbeeld: Jeg tror, at han kommer. — ‘Ik denk dat hij komt.’ køen betekent hier ‘de rij’. Het zelfstandige naamwoord is kø, ‘rij’; køen is de bepaalde enkelvoudsvorm: kø + -en. Het achtervoegsel -en draagt hier de bepaaldheid; het is dus niet nodig om daarnaast een afzonderlijk woord voor ‘de’ te plaatsen. Voorbeeld: Køen er lang. — ‘De rij is lang.’ begynder betekent ‘begint’. De basisvorm is begynde, en begynder is de tegenwoordige tijd. De tegenwoordige tijd krijgt hier dezelfde vorm bij verschillende personen: jeg begynder, hun begynder, de begynder. Voorbeeld: Filmen begynder nu. — ‘De film begint nu.’ bag betekent ‘achter’ en geeft hier de plaatsrelatie aan. Het staat vóór de nominale groep den kvinde: de rij begint achter die vrouw. Voorbeeld: Cyklen står bag huset. — ‘De fiets staat achter het huis.’ den hoort hier bij het enkelvoudige zelfstandig naamwoord kvinde en betekent in deze context ‘die’. Het is een aanwijzend bepalend woord voor een enkelvoudig woord van het gemeenschappelijke geslacht. Ter vergelijking: det wordt gebruikt bij een enkelvoudig onzijdig zelfstandig naamwoord, en de bij meervoud. In den kvinde drukt den de aanwijzing uit; het betekent niet op zichzelf ‘vrouw’. kvinde betekent ‘vrouw’. Het is hier een enkelvoudige vorm van het gemeenschappelijke geslacht. Met het aanwijzende woord ervoor ontstaat den kvinde, ‘die vrouw’. De bepaalde vorm zonder aanwijzing is kvinden, ‘de vrouw’; dat is een andere vorm dan den kvinde. Samen bestaat de zin uit de aanspreekvorm Undskyld, gevolgd door de hoofdzin jeg tror en de bijzin at køen begynder bag den kvinde. at leidt de bijzin in en betekent hier ‘dat’. De bijzin zegt dat de rij achter die vrouw begint. De volledige betekenis is dus: ‘Pardon, ik denk dat de rij achter die vrouw begint.’

  2. Jeg var ikke klar over, at alle stod i kø.

    Ik had niet door dat iedereen in de rij stond te wachten.

    Jeg
    ik
    var
    was
    ikke
    niet
    klar over
    doorhebben; zich bewust zijn van
    alle
    iedereen
    stod
    stonden
    kø
    rij
    Uitgebreide uitleg

    Jeg betekent hier “ik”: de spreker verwijst naar zichzelf. De vorm is de eerste persoon enkelvoud; vergelijk in een andere zin du voor “jij” en han/hun voor “hij/zij”. var is de verleden tijd van være (“zijn”). De combinatie jeg var betekent dus “ik was”. In het Deens blijft var hetzelfde bij verschillende onderwerpen: hun var = “zij was”, maar de var = “zij waren”. ikke ontkent wat erop volgt. In deze zin maakt het van var klar over de betekenis “was zich niet bewust van / had niet door”. In een gewone hoofdzin staat ikke hier na het vervoegde werkwoord: Jeg var ikke .... klar over is een vaste combinatie met de betekenis “zich bewust zijn van” of “doorhebben”. Het bijvoeglijke woord klar betekent buiten deze combinatie vaak “klaar” of “duidelijk”, maar in være klar over noget gaat het om bewustzijn: Jeg er klar over problemet = “Ik ben me bewust van het probleem”. De combinatie kan in verschillende tijden worden gebruikt, bijvoorbeeld Jeg er klar over ... (tegenwoordige tijd) en Jeg var klar over ... (verleden tijd). alle betekent hier “iedereen”: de groep wordt als geheel voorgesteld. alle kan ook vóór een zelfstandig naamwoord staan, bijvoorbeeld in het voorbeeld alle børn = “alle kinderen”. stod is de verleden tijd van stå (“staan”). De vorm stå → stod is een onregelmatige werkwoordsvorm; stod verandert niet mee met persoon of getal. Hier is alle het onderwerp, zodat stod in de vertaling “stonden” betekent. Een ander onderwerp krijgt in dezelfde verleden tijd eveneens stod, bijvoorbeeld jeg stod = “ik stond”. kø betekent “rij”, in het bijzonder een rij wachtende mensen of voertuigen. In de combinatie i kø betekent het “in de rij”; i is hier het voorzetsel “in”. Een bruikbaar voorbeeld is Vi står i kø = “Wij staan in de rij”. De delen worden verbonden door at, dat de bijzin inleidt: at alle stod i kø = “dat iedereen in de rij stond”. De hoofdzin Jeg var ikke klar over ... zegt dat de spreker dit op dat moment niet wist of niet had opgemerkt. Samen betekent de hele uiting: “Ik had niet door dat iedereen in de rij stond te wachten.”

  3. Det er lidt uklart, fordi folk står med afstand.

    Het is een beetje onduidelijk omdat mensen uit elkaar staan.

    Det er
    Het is
    lidt
    een beetje
    uklart
    onduidelijk
    fordi
    omdat
    folk
    mensen
    står
    staan
    med afstand
    uit elkaar
    Uitgebreide uitleg

    Det er betekent hier “het is”. Det is een onpersoonlijk onderwerp: het verwijst niet noodzakelijk naar een eerder genoemd zelfstandig naamwoord. De vaste combinatie det er is een veelgebruikt begin voor een beschrijving, bijvoorbeeld: Det er svært. — “Het is moeilijk.” lidt betekent “een beetje” en verzacht de daaropvolgende beschrijving. Het staat vóór uklart. uklart betekent hier “onduidelijk”. Dit is de onzijdige vorm van het bijvoeglijk naamwoord uklar (“onduidelijk”): uklar bij een gemeenschappelijk-geslachtelijk enkelvoud, uklart bij een onzijdig enkelvoud, en uklare bij het meervoud of bij bepaalde bepaalde vormen. In deze zin sluit uklart aan bij het onpersoonlijke det in det er uklart. fordi betekent “omdat” en leidt de redengevende bijzin in. In het Deens blijft de woordvolgorde in zo’n bijzin hier zichtbaar als onderwerp gevolgd door werkwoord: fordi folk står — “omdat mensen staan”. folk betekent “mensen”. Het verwijst hier naar meerdere mensen. Het Deens heeft in de tegenwoordige tijd geen aparte werkwoordsvorm voor enkelvoud tegenover meervoud: jeg står — “ik sta” en folk står — “mensen staan”. Voor één persoon gebruik je bijvoorbeeld en person — “een persoon”. står betekent hier “staan”. Het is de tegenwoordige tijd van stå (“staan”): jeg står — “ik sta”, folk står — “mensen staan”. De vorm kan ook in andere contexten een toestand of positie uitdrukken, maar hier gaat het om de manier waarop de mensen ten opzichte van elkaar staan. med afstand betekent samen “met afstand” en heeft hier de natuurlijke betekenis “uit elkaar”. Het beschrijft dat er ruimte tussen de mensen is; het is dus niet hetzelfde als alleen står (“staan”). Samen bestaat de zin uit een hoofdzin en een redengevende bijzin: Det er lidt uklart = “Het is een beetje onduidelijk”, gevolgd door fordi folk står med afstand = “omdat mensen uit elkaar staan”. De volledige betekenis is daarom: “Het is een beetje onduidelijk omdat mensen uit elkaar staan.”

  4. Skal jeg så stille mig bagest i køen?

    Zal ik dan achteraan gaan staan?

    Skal jeg
    zal ik
    så
    dan
    stille mig
    gaan staan
    bagest
    achteraan
    køen
    de rij
    Uitgebreide uitleg

    Skal jeg bestaat uit het modale werkwoord skal en het voornaamwoord jeg (“ik”). In een vraag staat het werkwoord vóór het onderwerp: Skal jeg ...? betekent hier “zal ik ...?” en vraagt of de spreker iets moet of zal doen. Skal kan in andere contexten ook een verplichting uitdrukken, maar de vaste vertaling en deze vraag ondersteunen hier de voorstel-/vraagbetekenis. Na een modaal werkwoord staat in het Deens de infinitief zonder at. så betekent hier “dan”. Het verbindt deze vraag met de voorafgaande situatie: “Zal ik dan ...?” De precieze reden voor dan wordt niet verder uitgewerkt in de zin zelf. stille mig is de constructie stille sig, “zich ergens opstellen of plaatsen”. mig is de reflexieve vorm bij de eerste persoon enkelvoud, passend bij jeg; het is dus niet het object van een los werkwoord met de betekenis “mij stil maken”. In deze context levert de combinatie de betekenis “gaan staan” of “me opstellen” op. Vergelijk als herbruikbaar patroon: Jeg stiller mig her. — “Ik ga hier staan.” bagest geeft de positie “achteraan” of “helemaal achterin” aan. In deze zin bepaalt het waar de spreker zich moet opstellen: aan het achterste uiteinde van de rij. Het is een plaatsaanduiding, geen zelfstandig naamwoord. køen betekent “de rij”. De vorm bestaat uit kø (“rij”) met de bepaalde uitgang -en: køen = “de rij”. De bepaalde vorm verwijst hier naar de concrete rij waarover de gesprekspartners spreken; de uitgang drukt op zichzelf geen aantal uit. Een onbepaalde vorm is en kø — “een rij”. Samen vormen de delen Skal jeg så + stille mig bagest + i køen: “Zal ik me dan achteraan in de rij opstellen?” Natuurlijk Nederlands is hier, zoals in de vaste vertaling, “Zal ik dan achteraan gaan staan?” De vraag gaat dus over de voorgestelde plaats van de spreker in de rij, niet over een mededeling dat die persoon daar al staat. In een alledaagse situatie is dit een directe, neutrale manier om bevestiging of toestemming te vragen.

  5. Det må du gerne. Alle har ventet på deres tur.

    Graag. Iedereen wacht al op zijn beurt.

    Det må du gerne
    Dat mag je gerust.
    Alle
    iedereen
    ventet
    gewacht
    deres
    zijn/hun
    tur
    beurt
    Uitgebreide uitleg

    Det må du gerne is een vriendelijke manier om toestemming te geven: “Dat mag je gerust” of “Dat is prima.” må is de tegenwoordige vorm van måtte; hier betekent het “mogen”, niet “moeten”. gerne maakt de toestemming welwillend. Een herbruikbaar patroon is persoon + må gerne + werkwoord: Du må gerne komme ind. — “Je mag gerust binnenkomen.” In deze vaste uitdrukking is de handeling uit de situatie begrepen; det verwijst naar wat de ander wil doen. Alle betekent hier “iedereen” en is het onderwerp van de volgende mededeling. Een bruikbaar contrast is nogle — “sommigen”: Alle venter. betekent “Iedereen wacht”, terwijl Nogle venter. betekent “Sommigen wachten.” ventet is het voltooid deelwoord van vente, “wachten”. Samen met har vormt het de voltooide tijd: har ventet betekent letterlijk “heeft/hebben gewacht”. ventet verandert hier niet naar persoon of getal. har is de tegenwoordige vorm van have en blijft hier eveneens gelijk bij verschillende personen. In de vaste Nederlandse vertaling wordt deze combinatie weergegeven als “wacht al”, omdat het wachten eerder is begonnen en nog relevant is. deres is een bezittelijk voornaamwoord. Het kan “hun” betekenen; in de vaste vertaling staat hier “zijn”, in de uitdrukking “iedereen ... op zijn beurt”. De vorm deres zelf verandert niet met het geslacht of getal van het bezeten zelfstandig naamwoord. Voorbeeld: De tog deres jakker. — “Ze namen hun jassen mee.” tur betekent hier “beurt”: de beurt om aan de beurt te komen. Het is een zelfstandig naamwoord; in andere contexten kan tur ook “tochtje” of “ronde” betekenen. Nu er det min tur. betekent “Nu ben ik aan de beurt.” Samen vormen Alle har ventet på deres tur de mededeling “Iedereen wacht al op zijn beurt”, precies zoals in de vaste vertaling. Alle is de groep die wacht, har ventet på geeft aan waarop zij wachten, en deres tur benoemt die beurt. De volledige uiting geeft eerst toestemming en zegt daarna dat iedereen al op zijn beurt wacht.

  6. Jeg går om bag i køen. Jeg så bare ikke, hvor køen begyndte.

    Ik ga naar achteren. Ik had gewoon niet gezien waar de rij begon.

    går
    ga
    om bag
    naar achteren
    køen
    de rij
    så
    zag
    bare
    gewoon
    ikke
    niet
    hvor
    waar
    begyndte
    begon
    Uitgebreide uitleg

    går betekent hier “ga” in de tegenwoordige tijd. Het is de vorm van gå (“gaan”) bij jeg; in het Deens verandert het werkwoord in de tegenwoordige tijd niet naar persoon: jeg går, du går, de går. In de verleden tijd staat gik. om bag geeft een beweging naar een plaats achter iets aan: “naar achteren” of “naar de achterkant”. In deze zin hoort het bij i køen: samen gaat het om naar achteren in de rij gaan. Het is dus niet alleen een beschrijving van een plaats, maar van een bestemming bij går. køen betekent hier “de rij”. De basisvorm is kø; køen is de bepaalde enkelvoudsvorm, letterlijk de rij die in deze situatie bedoeld is. Het volgende contextfragment bevestigt dat het om een rij mensen gaat: Køen slutter ... betekent “De rij eindigt ...”. så betekent hier “zag”. Het is de verleden tijd van se (“zien”): jeg ser = “ik zie”, jeg så = “ik zag”. De vorm så verwijst hier naar een eerdere waarneming. bare betekent hier “gewoon” of “alleen maar” en verzacht de voorstelling van de eerdere niet-waarneming: de spreker zegt dat diegene simpelweg niet zag waar de rij begon. bare is op zichzelf geen ontkenning; die wordt door ikke uitgedrukt. ikke is het ontkennende woord “niet”. så ... ikke betekent hier “zag ... niet”. Samen met bare ontstaat de betekenis “zag gewoon niet” of “had simpelweg niet gezien” in de vaste vertaling. hvor betekent “waar” en leidt hier een ingebedde vraagzin in: hvor ... = “waar ...”. Het vraagt naar de plaats van het beginpunt, niet naar een persoon of een tijdstip. Een vergelijkbaar patroon is Jeg ved, hvor han bor. — “Ik weet waar hij woont.” begyndte betekent “begon”. Het is de verleden tijd van begynde (“beginnen”): begynder = “begint”, begyndte = “begon”. Het onderwerp van dit werkwoord is køen: de rij begon ergens. In de bijzin staat het werkwoord na hvor in de Deense woordvolgorde: hvor køen begyndte = “waar de rij begon”. De hele uiting bestaat uit twee zinnen. Jeg går om bag i køen betekent “Ik ga naar achteren in de rij”. Daarna verduidelijkt Jeg så bare ikke, hvor køen begyndte waarom de spreker dat doet: “Ik had gewoon niet gezien waar de rij begon.” De eerste zin beschrijft de huidige beweging; de tweede verwijst naar wat de spreker eerder niet had waargenomen.

  7. Køen slutter lige efter de mennesker.

    Het einde van de rij is net voorbij die mensen.

    Køen
    de rij
    slutter
    eindigt
    lige efter
    net na / net voorbij
    de
    die
    mennesker
    mensen
    Uitgebreide uitleg

    Køen betekent hier “de rij”. De basisvorm is kø (“rij”); køen is de bepaalde enkelvoudsvorm, gevormd met het achtervoegsel -en. De zin spreekt dus over een specifieke rij. slutter betekent hier “eindigt”. De basisvorm is slutte (“eindigen”, soms ook “stoppen”). slutter is de tegenwoordige tijd; in het Deens verandert deze vorm niet naar persoon of enkelvoud/meervoud. Voorbeeld: Køen slutter ved døren. — “De rij eindigt bij de deur.” lige efter betekent hier “net na” of “vlak voorbij”. lige geeft aan dat het einde direct aansluit op wat daarna genoemd wordt; efter betekent “na” of “achter”. Samen vormen ze hier een vaste, goed herbruikbare combinatie voor de positie van het einde van de rij. de is hier een aanwijzend woord vóór een meervoudig zelfstandig naamwoord: “die”. In deze functie staat de bij meervoud; bij een enkelvoudig zelfstandig naamwoord worden onder meer den en det gebruikt, afhankelijk van het grammaticale geslacht. Hier verwijst de vaste vertaling expliciet naar “die mensen”. mennesker betekent “mensen”. De enkelvoudsvorm is menneske (“mens”); het meervoud is mennesker. Het bepaalde meervoud is menneskerne (“de mensen”). In de mennesker staat de ervoor om naar specifieke mensen te wijzen: “die mensen”. Samen is de structuur: Køen + slutter + lige efter + de mennesker: “De rij eindigt net na die mensen.” Het onderwerp is de rij, en lige efter de mennesker geeft aan waar het einde van die rij ligt. De hele uiting betekent daarom: “Het einde van de rij is net voorbij die mensen.”

  8. Nu kan jeg se det. Jeg venter der.

    Ik zie het nu. Ik wacht daar.

    Nu
    nu
    kan jeg
    kan ik
    se
    zien
    det
    het
    venter
    wachten
    der
    daar
    Uitgebreide uitleg

    Nu betekent hier “nu” en staat vooraan als tijdsbepaling. Het kan ook later in de zin staan, bijvoorbeeld: Jeg kommer nu. — “Ik kom nu.” kan jeg bevat het modale werkwoord kan, de tegenwoordige vorm van kunne, plus het onderwerp jeg (“ik”). Kan drukt hier mogelijkheid of vermogen uit. Na een modaal werkwoord staat in het Deens de infinitief zonder at: jeg kan se — “ik kan zien”. Dezelfde vorm kan wordt gebruikt bij verschillende onderwerpen; het werkwoord past zich hier dus niet aan jeg aan. se is de infinitief “zien”. Het staat na kan, daarom krijgt het geen persoonsuitgang. Zonder dat modale werkwoord kan de tegenwoordige tijd bijvoorbeeld jeg ser zijn: “ik zie”. det is het Deense onzijdige enkelvoudige voornaamwoord, hier met de betekenis “het”. De vaste vertaling identificeert het als het waargenomen ding, maar noemt niet wat dat precies is. Det kan in andere zinnen ook als formeel of verwijzend onderwerp voorkomen; hier is het het object van se. venter is de tegenwoordige vorm van vente (“wachten”). De uitgang -r markeert hier de tegenwoordige tijd: jeg venter — “ik wacht”. Het Deens gebruikt dezelfde tegenwoordige vorm bij verschillende personen, bijvoorbeeld de venter — “zij wachten”. der betekent hier “daar” en verwijst naar een plaats. Het is niet hetzelfde als her (“hier”): Jeg venter her. betekent “Ik wacht hier.” De eerste zin bouwt zo op als Nu + kan jeg + se + det: “Nu kan ik het zien”, natuurlijk vertaald als “Ik zie het nu.” De tweede zin bestaat uit Jeg venter der: “Ik wacht daar.” Samen zegt de spreker dat hij of zij het op dat moment kan zien en op een daar aangeduide plaats wacht.

  9. Så burde rækkefølgen være tydelig.

    Zo blijft de volgorde duidelijk.

    Så
    zo; dus
    burde
    zou moeten
    rækkefølgen
    de volgorde
    være
    zijn
    tydelig
    duidelijk
    Uitgebreide uitleg

    Så betekent hier “zo” en leidt de conclusie in. In andere contexten kan hetzelfde woord bijvoorbeeld “toen” betekenen; hier past die betekenis niet. burde is een vorm van het modale werkwoord burde/bør: de vorm burde drukt hier uit dat iets verwacht wordt of zo zou moeten zijn. Het is niet de verleden tijd van een gewone handeling. Na deze modale vorm volgt de infinitief. Voorbeeld: Det burde hjælpe. — “Dat zou moeten helpen.” rækkefølgen betekent “de volgorde”. De basisvorm is rækkefølge; -en markeert hier de bepaalde enkelvoudsvorm: “de volgorde”. De onbepaalde vorm is en rækkefølge — “een volgorde”. være betekent “zijn”. Het is hier de infinitief na burde. Voorbeeld: Det burde være nok. — “Dat zou genoeg moeten zijn.” tydelig betekent hier “duidelijk”. Het bijvoeglijk naamwoord beschrijft na være het onderwerp. Het onderwerp rækkefølgen is enkelvoud en behoort tot het gemeenschappelijk geslacht, daarom staat hier tydelig. Bij een onzijdig enkelvoud komt tydeligt voor en bij meervoud tydelige, bijvoorbeeld: Reglerne er tydelige. — “De regels zijn duidelijk.” Samen vormen de delen het patroon Så + burde + onderwerp + være + beschrijving: “Zo zou de volgorde duidelijk moeten zijn.” De vaste Nederlandse vertaling geeft de bedoelde betekenis weer als: “Zo blijft de volgorde duidelijk.”

  10. Jeg misforstod situationen, men jeg kan rette op på det.

    Ik had de situatie verkeerd begrepen, maar ik kan het oplossen.

    Jeg
    ik
    misforstod
    begreep verkeerd
    situationen
    de situatie
    men
    maar
    jeg kan
    ik kan
    rette op på
    herstellen; oplossen
    det
    het
    Uitgebreide uitleg

    Jeg betekent hier “ik”. Het is de Deense persoonlijke vorm voor de spreker en blijft hetzelfde als onderwerp, ongeacht het geslacht van een genoemd zelfstandig naamwoord. misforstod is de verleden tijd van misforstå (“verkeerd begrijpen”). De vorm zegt hier dat het verkeerde begrip al eerder plaatsvond. Vergelijk: Jeg forstod det = “Ik begreep het” tegenover Jeg misforstod det = “Ik begreep het verkeerd”. Voorbeeld: Jeg misforstod spørgsmålet. — “Ik begreep de vraag verkeerd.” situationen betekent “de situatie”. situation is het grondwoord; situationen is de bepaalde enkelvoudsvorm, dus “de situatie” en niet zomaar “een situatie”. De uitgang -en markeert hier bepaaldheid bij dit zelfstandig naamwoord. men betekent “maar” en verbindt twee delen met een tegenstelling: eerst wordt een probleem of vergissing genoemd, daarna een mogelijkheid om ermee om te gaan. jeg kan betekent “ik kan”. kan is de tegenwoordige tijd van kunne (“kunnen”) en drukt hier mogelijkheid of vermogen uit. Na een modaal werkwoord staat in het Deens normaal een infinitief: jeg kan rette = “ik kan herstellen/oplossen”. rette op på is een vaste Deense verbinding met de betekenis “herstellen”, “rechtzetten” of “oplossen”. Het werkwoord rette kan op zichzelf onder andere “corrigeren” betekenen; in deze verbinding gaat het om iets dat verkeerd is gegaan weer in orde brengen. Voorbeeld: Vi må rette op på fejlen. — “We moeten de fout herstellen.” det betekent hier “het”. Als voornaamwoord is det een vorm voor een onzijdig enkelvoudig element of kan het naar een eerder genoemde situatie of inhoud verwijzen. In deze zin geeft de vertaling “het” aan dat het object van herstellen niet opnieuw wordt benoemd; de vorm alleen legt niet precies vast of dat object uitsluitend situationen is of de eerder beschreven inhoud als geheel. Samen betekent Jeg misforstod situationen “Ik begreep de situatie verkeerd”. men jeg kan rette op på det voegt daar de tegenstelling aan toe: “maar ik kan het herstellen/oplossen”. De volledige betekenis is dus: “Ik had de situatie verkeerd begrepen, maar ik kan het oplossen.”

Grammatica

Skal jeg + infinitiv?

Skal jeg stille mig bagest?

sgel yai stelle mai bae-est?

Zal ik me achteraan opstellen?

Met ‘Skal jeg’ vorm je een beleefde vraag of aanbod; het werkwoord staat direct daarna.

må ... gerne

Det må du gerne.

de mo doe geerne.

Dat mag je gerust doen.

‘må ... gerne’ drukt toestemming uit: iets is toegestaan of wordt aangemoedigd.

Deens woordenschat

alle voornaamwoord
alle iedereen

Alle stod i kø.

bag voorzetsel
bae achter

Køen begynder bag den kvinde.

begynder werkwoord
be-gün-ner begint

Køen begynder bag den kvinde.

fordi voegwoord
fo-die omdat

Det er lidt uklart, fordi folk står med afstand.

i kø uitdrukking
ie keu in de rij

Alle stod i kø.

klar over uitdrukking
kla owa zich ervan bewust

Jeg var ikke klar over, at alle stod i kø.

kvinde zelfstandig naamwoord
kven-ne vrouw
Geslacht
common

Den kvinde.

køen zelfstandig naamwoord
keu-en de rij
Geslacht
common

Køen begynder bag den kvinde.

står werkwoord
stoa staan

Alle stod i kø.

tror werkwoord
troa denk

Jeg tror, at køen begynder bag den kvinde.

uklart bijvoeglijk naamwoord
u-klaad onduidelijk
Geslacht
neuter

Det er lidt uklart.

Undskyld tussenwerpsel
on-sgül Pardon

Undskyld, jeg tror, at køen begynder bag den kvinde.

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Het einde van de rij is net voorbij die mensen.

Antwoord tonenKøen slutter lige efter de mennesker.

Zo blijft de volgorde duidelijk.

Antwoord tonenSå burde rækkefølgen være tydelig.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

de rij

Antwoord tonenkøen

iedereen

Antwoord tonenalle

denk

Antwoord tonentror

vrouw

Antwoord tonenkvinde