Elke dag 10 minuten gratis
Ga verder met audiolessen in de app
Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.
Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm
Kies je leertaal en open deze les in de app.
Over deze les
Met Een zere keel en warme thee oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het duits.
Dialoog
Mein Hals tut ein bisschen weh.
main hals toet ain bisjen wee Mijn keel doet een beetje pijn.Versuch, etwas Warmes zu trinken.
fertsoech, etvas varmes tsoe drinken Probeer iets warms te drinken.Kannst du mir etwas Tee machen?
kanst doe mier etvas tee magen Kun je wat thee voor me zetten?Ich mache jetzt etwas Tee.
isj mage jets etvas tee Ik maak nu wat thee.Meine Stimme klingt heute komisch.
maine sjtime klinkt hoite koomiesj Mijn stem klinkt vandaag vreemd.Versuch jetzt, weniger zu sprechen.
fertsoech jets, veeniger tsoe sjpreghen Probeer voorlopig minder te praten.Ich ruhe mich aus, nachdem ich ihn getrunken habe.
isj roee-en misj aous, naachdem isj ien getroenken haabe Ik rust uit nadat ik die heb gedronken.Das sollte deinem Hals helfen.
das zolte dainem hals helpen Dat zou je keel moeten helpen.Uitleg van de zinnen
Mein Hals tut ein bisschen weh.
Mijn keel doet een beetje pijn.
- Mein
- mijn
- Hals
- keel
- ein bisschen
- een beetje
- tut … weh
- doet pijn
Uitgebreide uitleg
Mein betekent hier “mijn” en staat vóór Hals. Het is een bezittelijke bepaler. De vorm hangt in het Duits af van het grammaticale geslacht en de naamval van het zelfstandig naamwoord: mein Hals (mannelijk, hier als onderwerp), maar bijvoorbeeld meine Hand (vrouwelijk) en meine Hände (meervoud). Het verwijst hier naar de keel van de spreker. Hals is een mannelijk zelfstandig naamwoord en betekent “keel”. Het meervoud is Hälse, maar in deze zin gaat het om één keel. Een bruikbaar voorbeeld is: Mein Hals ist trocken. — “Mijn keel is droog.” ein bisschen betekent “een beetje” en geeft hier een geringe mate aan. Het verzacht de uitspraak: de pijn is aanwezig, maar niet sterk volgens deze formulering. Bisschen vormt hier samen met ein de vaste uitdrukking ein bisschen; je hoeft het niet als een afzonderlijk telwoord te leren. Ein stelt in deze uitdrukking niet op zichzelf noodzakelijk een exact aantal vast. Een voorbeeld is: Ich bin ein bisschen müde. — “Ik ben een beetje moe.” tut ... weh hoort bij het scheidbare werkwoord wehtun, “pijn doen”. In de tegenwoordige tijd staat de vervoegde vorm tut op de tweede zinsplaats, terwijl weh aan het einde staat. Ein bisschen staat in deze zin tussen beide delen: Der Hals tut weh. — “De keel doet pijn.” De vorm tut is de derde persoon enkelvoud van tun; in deze uitdrukking draagt wehtun de betekenis “pijn doen”. Andere vormen zijn bijvoorbeeld Meine Füße tun weh — “Mijn voeten doen pijn” — en het infinitief wehtun: Das kann wehtun. — “Dat kan pijn doen.” Samen vormen Mein Hals + tut + ein bisschen + weh de betekenis: “Mijn keel doet een beetje pijn.” De Duitse zinsbouw zet tut als vervoegd werkwoord vroeg in de zin, plaatst weh aan het einde en gebruikt ein bisschen om de mate van de pijn aan te geven.
Versuch, etwas Warmes zu trinken.
Probeer iets warms te drinken.
- Versuch
- probeer
- etwas
- iets
- Warmes
- warms
- zu trinken
- te drinken
Uitgebreide uitleg
Versuch is hier de gebiedende wijs van versuchen (“proberen”) voor één aangesproken persoon. De vorm gebruikt de stam zonder -en: versuchen → Versuch!. Voor meerdere informeel aangesproken personen is de vorm Versucht!; de beleefde gebiedende wijs is Versuchen Sie!. etwas betekent hier “iets” en verwijst naar een niet nader bepaald ding of middel. Het is een onbepaald voornaamwoord; het geeft op zichzelf geen exact aantal aan. Het patroon etwas + bijvoeglijk naamwoord komt vaak voor wanneer het bedoelde zelfstandig naamwoord niet wordt herhaald, bijvoorbeeld: Ich möchte etwas Kaltes. — “Ik wil iets kouds.” Warmes betekent hier “warms”. Het is de zelfstandig gebruikte vorm van het bijvoeglijk naamwoord warm; het weggelaten zelfstandig naamwoord wordt begrepen als iets warms. Na etwas krijgt zo’n gesubstantiveerd bijvoeglijk naamwoord een hoofdletter en de uitgang -es: etwas Warmes. De uitgang hoort dus bij Warmes, niet bij etwas. zu trinken betekent “te drinken”. trinken is de infinitief (“drinken”); met zu vormt het hier een zu-infinitief. In etwas Warmes zu trinken geeft deze infinitief aan wat men moet proberen: iets warms drinken. Een vergelijkbaar patroon is Versuch, langsam zu sprechen. — “Probeer langzaam te spreken.” Samen vormt Versuch, etwas Warmes zu trinken. een aansporing: “Probeer iets warms te drinken.” De komma scheidt de gebiedende hoofdzin van de zu-infinitiefgroep die inhoudelijk aanvult wat geprobeerd moet worden. De zin is gericht aan één persoon en drukt een advies of aansporing uit, niet een vaststaand resultaat.
Kannst du mir etwas Tee machen?
Kun je wat thee voor me zetten?
- Kannst du
- kun je
- mir
- voor mij
- etwas
- wat
- Tee
- thee
- machen
- zetten
Uitgebreide uitleg
Kannst du is een vaste, herbruikbare vraagopening: können betekent hier “kunnen” en kannst is de vorm bij du in de tegenwoordige tijd. In een ja-neevraag staat het vervoegde werkwoord vooraan: Kannst du ...? = “Kun je ...?” Het onderwerp du staat er direct achter. mir is de datiefvorm van het persoonlijke voornaamwoord in de eerste persoon enkelvoud. Hier duidt het de persoon aan voor wie de handeling bedoeld is: “voor mij” of “aan mij”. De datiefvormen van dit voornaamwoord zijn onder andere mir (“aan/voor mij”) en mich (“mij” als direct object); de keuze hangt af van de functie in de zin. etwas betekent hier “wat” of “een beetje”. Het geeft een onbepaalde hoeveelheid aan en stelt geen concreet aantal vast. Het kan ook in andere contexten “iets” betekenen, bijvoorbeeld in Ich höre etwas — “Ik hoor iets.” Tee is het zelfstandig naamwoord voor “thee”. Duitse zelfstandige naamwoorden worden met een hoofdletter geschreven. In deze zin is Tee het inhoudelijke object van de handeling: datgene wat klaargemaakt wordt. machen betekent hier “maken” of, natuurlijker vertaald bij thee, “zetten”. Het is de infinitief. Na het modale werkwoord können blijft het hoofdwerkwoord in de infinitief en staat het achteraan: Kannst du ... machen? Hetzelfde patroon verschijnt bijvoorbeeld in Kannst du das öffnen? — “Kun je dat openen?” Samen vormen de delen de vraag Kannst du mir etwas Tee machen?: “Kun je voor mij wat thee zetten?” Kannst maakt er een vraag naar mogelijkheid of bereidheid van, mir geeft de begunstigde aan, etwas Tee benoemt een onbepaalde hoeveelheid thee en machen staat als infinitief aan het einde. In deze context betekent machen dus niet alleen algemeen “maken”, maar specifiek thee klaarmaken of zetten.
Ich mache jetzt etwas Tee.
Ik maak nu wat thee.
- Ich
- ik
- mache
- maak
- jetzt
- nu
- etwas
- wat; een niet nader bepaalde hoeveelheid
- Tee
- thee
Uitgebreide uitleg
Ich betekent hier ik: de spreker verwijst naar zichzelf. Het is de eerste persoon enkelvoud. Vergelijk in een ander voorbeeld: Du machst Tee. — Jij zet thee. Daar verandert het onderwerp van eerste naar tweede persoon. mache is de vorm van het werkwoord machen in de tegenwoordige tijd bij ich: ich mache. In deze zin betekent machen in combinatie met Tee niet zomaar ‘iets vervaardigen’, maar ‘thee zetten/maken’. De vormkeuze wordt dus bepaald door de eerste persoon enkelvoud; bij du staat bijvoorbeeld du machst. jetzt plaatst de handeling in het huidige moment: nu. Het hoort bij de tijd van mache en zegt wanneer de thee wordt gemaakt. etwas betekent hier wat of een niet nader bepaalde hoeveelheid. Het geeft aan dat er thee wordt gemaakt zonder de hoeveelheid te specificeren. Het is dus geen expliciete telwaarde. In een ander voorbeeld kan etwas ook vóór een bijvoeglijk naamwoord staan, zoals etwas heißer — iets heter. Tee is het zelfstandig naamwoord voor thee. In deze zin gaat het om de stof/drank en niet om een getelde hoeveelheid koppen of zakjes. Het Duitse woord staat hier na etwas, waardoor de combinatie etwas Tee een niet nader bepaalde hoeveelheid thee uitdrukt. Samen vormen de delen: Ich mache = ik maak/zet, jetzt = nu, en etwas Tee = wat thee. De volledige betekenis is daarom: Ik maak nu wat thee.
Meine Stimme klingt heute komisch.
Mijn stem klinkt vandaag vreemd.
- Meine
- mijn
- Stimme
- stem
- klingt
- klinkt
- heute
- vandaag
- komisch
- vreemd
Uitgebreide uitleg
Meine staat bij Stimme. Het betekent hier “mijn” en is een bezittelijk voornaamwoordelijk bijvoeglijk woord. De vorm wordt bepaald door het bezeten zelfstandig naamwoord: die Stimme is vrouwelijk enkelvoud en staat hier als onderwerp, daarom meine. Het verwijst dus naar de spreker als bezitter; de vorm zegt niet dat de spreker vrouwelijk is. Vergelijk: mein Hals = “mijn keel” (mannelijk enkelvoud) en meine Hände = “mijn handen” (meervoud). Stimme betekent hier “stem”. De basisvorm is die Stimme; het meervoud is die Stimmen. Het woord kan de menselijke stem aanduiden, maar ook bijvoorbeeld een stem bij een verkiezing: Sie hat eine laute Stimme. = “Ze heeft een luide stem.” klingt komt van het werkwoord klingen, “klinken”. klingt is de derde persoon enkelvoud in de tegenwoordige tijd: die Stimme klingt. Het onderwerp is dus enkelvoud; bij meine Stimmen zou je zeggen: Meine Stimmen klingen ... Een nuttig patroon is etwas klingt + bijvoeglijk naamwoord: Das klingt gut. = “Dat klinkt goed.” heute betekent “vandaag” en geeft aan wanneer iets geldt. Het woord verandert niet naar persoon of getal. In deze zin staat het tussen de werkwoordsvorm en de beschrijving van de stem, maar Duits kan de volgorde voor nadruk variëren: Heute klingt meine Stimme komisch. betekent eveneens “Vandaag klinkt mijn stem vreemd.” komisch betekent hier “vreemd” of “ongewoon klinkend”. Het staat na klingt als beschrijving van het onderwerp en heeft daarom geen uitgang: Die Stimme klingt komisch. In een andere context kan komisch ook “grappig” betekenen; de vaste vertaling maakt hier de betekenis “vreemd” duidelijk. Als bijvoeglijk naamwoord vóór een zelfstandig naamwoord krijgt het wel een uitgang, bijvoorbeeld eine komische Stimme = “een vreemde/grappige stem”. Samen vormen de delen: Meine Stimme = “mijn stem”, klingt = “klinkt”, heute = “vandaag” en komisch = “vreemd”. De volledige betekenis is dus: “Mijn stem klinkt vandaag vreemd.” De zin zegt dat de stem vandaag vreemd klinkt; hij geeft niet aan waardoor dat komt.
Versuch jetzt, weniger zu sprechen.
Probeer voorlopig minder te praten.
- Versuch
- probeer
- jetzt
- nu, voorlopig
- weniger
- minder
- zu sprechen
- te praten
Uitgebreide uitleg
Versuch betekent hier “probeer”. Het is de gebiedende wijs van versuchen voor één informeel aangesproken persoon. Bij veel werkwoorden wordt in deze vorm de -st-uitgang van de du-vorm weggelaten: du versuchst → Versuch!. Ook Versuche! komt voor; Versuch! is hier de gebruikte vorm. Bijvoorbeeld: Versuch es noch einmal. = “Probeer het nog een keer.” jetzt betekent letterlijk “nu”. In deze zin verwijst het naar het huidige moment; afhankelijk van de context kan dat in het Nederlands natuurlijk als “voorlopig” worden weergegeven. Het Duitse woord zelf is dus niet specifiek een vertaling van “voorlopig”. Het is een bijwoord en verandert niet van vorm. weniger betekent hier “minder”. Het is de vergelijkende vorm van wenig (“weinig”): wenig → weniger. Bij een werkwoord geeft het een kleinere hoeveelheid of mate aan. Bijvoorbeeld: Ich esse weniger. = “Ik eet minder.” zu sprechen betekent “te praten”. sprechen is de infinitief “praten”; met zu vormt het hier de zu-infinitief. Na versuchen is het patroon versuchen, etwas zu tun: “proberen iets te doen”. Bijvoorbeeld: Versuch, leiser zu sprechen. = “Probeer zachter te praten.” Samen vormt Versuch jetzt, weniger zu sprechen een aansporing aan één informeel aangesproken persoon: “Probeer voorlopig minder te praten.” Versuch geeft de aansporing, jetzt plaatst die bij het huidige moment, en weniger zu sprechen benoemt de handeling die in kleinere mate moet gebeuren.
Ich ruhe mich aus, nachdem ich ihn getrunken habe.
Ik rust uit nadat ik die heb gedronken.
- Ich ruhe mich aus
- Ik rust uit
- nachdem
- nadat
- getrunken
- gedronken
Uitgebreide uitleg
Ich ruhe mich aus komt van het wederkerende werkwoord sich ausruhen («uitrusten»). In deze zin is ich het onderwerp en is mich de bijbehorende wederkerende vorm voor de eerste persoon enkelvoud. Omdat ausruhen een scheidbaar werkwoord is, staan ruhe en aus hier uit elkaar. Voorbeeld: Nach dem Spaziergang ruhe ich mich aus. — Na de wandeling rust ik uit. nachdem leidt een bijzin in met een gebeurtenis die eerder plaatsvindt dan de handeling in de hoofdzin. In zo’n bijzin staat de persoonsvorm achteraan. Het patroon is bijvoorbeeld: Nachdem ich gegessen habe, ... — Nadat ik heb gegeten, ... In getrunken staat het voltooid deelwoord van trinken («drinken»). De nuttige vormreeks is trinken — trank — hat getrunken: infinitief, verleden tijd en voltooid deelwoord. Hier vormt getrunken samen met habe het perfectum: ich habe getrunken. Het pronomen ihn is daarbij een accusatiefvorm voor een mannelijk enkelvoudig antecedent; de concrete referent wordt in de Duitse zin niet als zelfstandig naamwoord genoemd. De vaste vertaling geeft dit object weer met die. De volledige bijzin is nachdem ich ihn getrunken habe: ich is het onderwerp, ihn het object, en getrunken habe vormt het perfectum. Door nachdem staat habe aan het einde. De hoofdzin Ich ruhe mich aus beschrijft de handeling die daarna plaatsvindt. Samen betekent de uiting: «Ik rust uit nadat ik die heb gedronken.»
Das sollte deinem Hals helfen.
Dat zou je keel moeten helpen.
- Das sollte
- Dat zou moeten
- deinem
- jouw/je
- Hals
- keel
- helfen
- helpen
Uitgebreide uitleg
Das sollte vormt hier het onderwerp plus een modaal werkwoord. Das betekent in deze zin “dat/het”; het verwijst naar iets dat in de context al bekend is, zonder dat de zin zelf precies benoemt waarnaar. Sollte is de vorm van sollen bij een onderwerp in de derde persoon enkelvoud. In deze context geeft het weer dat iets naar verwachting of volgens de bedoeling zal helpen: “zou moeten helpen”. Bij een modaal werkwoord staat het andere werkwoord in de infinitief aan het einde. Patroon: Das sollte + ... + infinitief. Voorbeeld: Das sollte reichen. — “Dat zou voldoende moeten zijn.” deinem is de datief enkelvoud van het bezittelijk voornaamwoord dein (“jouw/je”). De vorm deinem hoort hier bij het mannelijke zelfstandig naamwoord Hals, omdat helfen in deze betekenis een datiefaanvulling gebruikt. Vergelijk: dein Hals als onderwerp, maar Ich helfe deinem Hals als datiefconstructie. Het bezittelijke woord drukt bezit of verbondenheid uit; het stelt op zichzelf geen aantal vast. Hals is een mannelijk zelfstandig naamwoord en betekent hier “keel”. In andere contexten kan het ook “hals/nek” betekenen; de vaste vertaling maakt hier de betekenis “keel” passend. Het meervoud is Hälse, bijvoorbeeld: Die Hälse tun weh. — “De kelen doen pijn.” helfen is de infinitief van helfen (“helpen”). Het werkwoord gebruikt voor de geholpen persoon of zaak doorgaans de datief: Das hilft mir. — “Dat helpt mij.” In de vaste zin staat helfen als infinitief na sollte, niet als zelfstandig vervoegd hoofdwerkwoord. Samen geeft Das sollte deinem Hals helfen de betekenis: “Dat zou je keel moeten helpen.” De structuur is letterlijk: “Dat zou aan je keel moeten helpen”; in natuurlijk Nederlands wordt dat “Dat zou je keel moeten helpen.”
Grammatica
etwas + bijvoeglijk naamwoord met -es
Etwas Warmes trinken.
etvas varmes tsoe drinkenIets warms drinken.
Na etwas krijgt het bijvoeglijk naamwoord bij een onzijdig zelfstandig gebruikt woord de uitgang -es.
sich ausruhen → ich ruhe mich aus
Ich ruhe mich jetzt aus.
isj roee-en misj jets aousIk rust nu uit.
Het Duitse werkwoord is wederkerend: mich hoort erbij. Bij een scheidbaar werkwoord staat aus achteraan.
Duits woordenschat
Quiz
Woordvolgorde
Zet de woorden in de juiste volgorde.
Mijn keel doet een beetje pijn.
Antwoord tonen
Mein Hals tut ein bisschen weh.Probeer iets warms te drinken.
Antwoord tonen
Versuch, etwas Warmes zu trinken.Kun je wat thee voor me zetten?
Antwoord tonen
Kannst du mir etwas Tee machen?Spelling
Tik op de letters om het woord te spellen.
warm
Antwoord tonen
Warmesproberen
Antwoord tonen
Versuchdrinken
Antwoord tonen
trinkenkeel