Praten over rugpijn | Leer duits in het Nederlands

German lesson set in a contemporary Berlin everyday setting: At home, two adults discuss back pain after long meetings and simple changes to sitting posture and breaks..

NL → DE / Niveau: A2

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met Praten over rugpijn oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het duits.

Dialoog

A

Meine Rückenschmerzen werden nach langen Besprechungen schlimmer.

mai-nuh rükən-sjmer-tsən veer-dən naach langen bə-sjpre-chungən sjlimmer. Mijn rugpijn wordt erger na lange vergaderingen.
B

Dein Stuhl hilft dir vielleicht nicht, eine gute Haltung zu bewahren.

dain sjoel hilft dier fə-laiçt nich(t), ai-nuh goetuh haltoeng tsoe bə-vaarən. Je stoel helpt je misschien niet om een goede houding te behouden.
A

Soll ich öfter kurze Pausen machen?

zol ich öftər koertsuh pauzən maakən? Moet ik vaker korte pauzes nemen?
B

Kurze Pausen können helfen.

koertsuh pauzən könən helpen. Korte pauzes kunnen helpen.
B

Steh auf und dehne dich vorsichtig.

sjtee auf oent dee-nuh dich foorzichtig. Sta op en rek je voorzichtig uit.
A

Ich muss auch die Höhe meines Bildschirms anpassen.

ich moes au(ch) die hö-uh mai-nəs bilt-sjirms anpassən. Ik moet ook de hoogte van mijn scherm aanpassen.
B

Das kann dir helfen, bequemer zu sitzen.

das kan dier helpen, bə-kvee-mər tsoe zitsən. Dat kan je helpen om comfortabeler te zitten.
A

Ich werde diese Änderungen diese Woche ausprobieren.

ich veer-də die-zuh en-dər-oengən die-zuh vochuh aus-pro-bie-rən. Ik ga deze veranderingen deze week proberen.
B

Geh zu einer medizinischen Fachkraft, wenn die Schmerzen anhalten.

gee tsoe ai-nər mee-die-tsie-nish-ən fach-kraft, ven die sjmertsən anhaltən. Ga naar een zorgprofessional als de pijn aanhoudt.

Uitleg van de zinnen

  1. Meine Rückenschmerzen werden nach langen Besprechungen schlimmer.

    Mijn rugpijn wordt erger na lange vergaderingen.

    Meine
    mijn
    Rückenschmerzen
    rugpijn
    werden
    worden
    nach
    na
    langen
    lange
    Besprechungen
    vergaderingen
    schlimmer
    erger
    Uitgebreide uitleg

    Meine betekent hier dat de rugpijn bij de spreker hoort: “mijn”. Het is de bezittelijke vorm bij een meervoudig woord; bij een enkelvoudig mannelijk of onzijdig zelfstandig naamwoord in de nominatief staat bijvoorbeeld mein, en bij een vrouwelijk woord meine. Voorbeeld: Meine Hände sind kalt. — “Mijn handen zijn koud.” Rückenschmerzen is het Duitse woord voor rugpijn. De vorm staat hier in het meervoud; Duits gebruikt Schmerzen in dit woord doorgaans als meervoudsvorm, ook wanneer Nederlands het als niet-telbare enkelvoudige “rugpijn” vertaalt. Het samenstellende woord Rücken betekent “rug”, maar Rückenschmerzen leer je als de vaste benaming voor pijn in de rug. werden betekent hier “worden” en vormt samen met schlimmer de verandering naar een slechtere toestand. De vorm werden is de tegenwoordige tijd bij een meervoudig onderwerp. De enkelvoudige vorm bij er/sie/es is wird. Voorbeeld: Die Schmerzen werden stärker. — “De pijn wordt sterker.” nach betekent hier “na” en geeft het tijdstip aan waarop iets gebeurt. In deze tijdsbetekenis staat het volgende zelfstandig naamwoord in het Duits in de datief; bij een meervoud is de vorm van het lidwoord vaak zichtbaar als nach den .... Voorbeeld: Nach dem Essen gehe ich spazieren. — “Na het eten ga ik wandelen.” langen betekent hier “lange” en beschrijft Besprechungen. Het bijvoeglijk naamwoord is lang; langen is hier de verbogen vorm bij een meervoud in de datief na nach. De vorm zegt dus niet zelf dat de vergaderingen lang worden; hij beschrijft hun duur. Voorbeeld: Nach langen Tagen bin ich müde. — “Na lange dagen ben ik moe.” Besprechungen betekent “vergaderingen” of “besprekingen”. Het is het meervoud van Besprechung; de uitgang -en hoort bij die meervoudsvorm. In deze zin staat het woord na nach in de datief, maar de meervoudsvorm blijft Besprechungen. Voorbeeld: Die Besprechungen beginnen um neun Uhr. — “De vergaderingen beginnen om negen uur.” schlimmer betekent hier “erger”. Het is de vergrotende trap van schlimm (“erg”, “slecht”): schlimm → schlimmer → am schlimmsten. Omdat het na werden als beschrijving van de toestand staat, krijgt het hier geen zelfstandig naamwoord-uitgang. Voorbeeld: Der Schmerz wird schlimmer. — “De pijn wordt erger.” Samen vormen Meine Rückenschmerzen werden schlimmer de kern: “Mijn rugpijn wordt erger.” nach langen Besprechungen voegt het tijdsmoment toe: dat gebeurt na lange vergaderingen. De volledige betekenis is daarom: “Mijn rugpijn wordt erger na lange vergaderingen.”

  2. Dein Stuhl hilft dir vielleicht nicht, eine gute Haltung zu bewahren.

    Je stoel helpt je misschien niet om een goede houding te behouden.

    Dein
    jouw
    Stuhl
    stoel
    hilft
    helpt
    dir
    jou
    vielleicht
    misschien
    nicht
    niet
    gute
    goede
    Haltung
    houding
    zu bewahren
    te behouden
    Uitgebreide uitleg

    Dein betekent hier “jouw” en hoort bij de aangesprokene. Het is een bezittelijk bepalend woord. Voorbeelden: dein Tisch = “jouw tafel” en deine Tasche = “jouw tas”; de vorm kan dus veranderen volgens het zelfstandig naamwoord dat erop volgt. Stuhl betekent “stoel”. Het is een mannelijk zelfstandig naamwoord: der Stuhl. Duitse zelfstandige naamwoorden krijgen een hoofdletter. In Dein Stuhl is de stoel degene die grammaticaal als onderwerp bij hilft hoort. hilft komt van helfen en is de tegenwoordige tijd, derde persoon enkelvoud: er/sie/es hilft. De klinker verandert in deze vorm van e naar i. Helfen gebruikt voor de persoon die hulp ontvangt een datief: jemandem helfen = “iemand helpen”. dir is de datiefvorm van het persoonlijke voornaamwoord voor de aangesprokene in het enkelvoud: du → dir. Samen vormen hilft en dir het patroon jemand hilft jemandem = “iemand helpt iemand”. Voorbeeld: Der Arzt hilft mir. = “De dokter helpt mij.” vielleicht betekent “misschien”. Het maakt de uitspraak onzeker of voorzichtig: de spreker zegt niet dat de stoel zeker niet helpt, maar dat dit mogelijk zo is. nicht ontkent hier het helpen van de stoel bij de daaropvolgende handeling. In combinatie met vielleicht ontstaat de betekenis “misschien niet helpen”. gute komt van het bijvoeglijk naamwoord gut (“goed”). In eine gute Haltung krijgt het de vorm gute: het beschrijft het vrouwelijke zelfstandig naamwoord Haltung na het onbepaalde lidwoord eine. Voorbeeld: eine gute Idee = “een goed idee”. Haltung betekent hier “houding”, in het bijzonder de lichaamshouding die men kan behouden. Het is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord: die Haltung. zu bewahren komt van bewahren, “behouden” of “bewaren”. Na zu staat hier de infinitief: zu bewahren. Het geheel eine gute Haltung zu bewahren betekent “een goede houding behouden”. Voorbeeld: Sie versucht, ruhig zu bleiben. = “Zij probeert rustig te blijven.” De structuur is Dein Stuhl + hilft + dir + vielleicht nicht + eine gute Haltung zu bewahren: jouw stoel helpt jou misschien niet om een goede houding te behouden. De vorige zin over erger wordende rugpijn geeft hierbij een passende context voor “houding”, maar verandert de grammaticale structuur niet.

  3. Soll ich öfter kurze Pausen machen?

    Moet ik vaker korte pauzes nemen?

    Soll ich
    zal ik ...?
    öfter
    vaker
    kurze
    korte
    Pausen
    pauzes
    machen
    maken/doen
    Uitgebreide uitleg

    Soll ich vormt hier een vraagpatroon voor een voorstel of advies over de handeling van de spreker: “zal ik …?” Het werkwoord sollen staat in de eerste persoon enkelvoud als soll; ich is het onderwerp. In een ja-neevraag staat het vervoegde werkwoord vooraan. Vergelijk: Soll ich warten? — “Zal ik wachten?” öfter betekent hier “vaker” en vergelijkt de frequentie met een niet nader genoemde huidige of eerdere frequentie. Het is de vergrotende trap van oft: oft — “vaak”, öfter — “vaker”. De overtreffende trap is am häufigsten — “het vaakst”; dat is een andere vorm dan öfter. kurze beschrijft Pausen als kort van duur. Het bijvoeglijk naamwoord is kurz; in kurze krijgt het een uitgang omdat het vóór een zelfstandig naamwoord staat. Hier is Pausen meervoud en staat er geen lidwoord vóór de woordgroep, waardoor kurze deze vorm heeft. Voorbeelden: eine kurze Pause — “een korte pauze”; kurze Pausen — “korte pauzes”. Pausen is het meervoud van Pause, “pauze”. Het betekent hier meerdere onderbrekingen van de activiteit. De enkelvoud-meervoud-tegenstelling is die Pause — “de pauze”, die Pausen — “de pauzes”. machen betekent hier “nemen” in de vaste, gangbare combinatie eine Pause machen of Pausen machen, letterlijk met machen als “maken/doen”. In de vraag blijft machen in de infinitief, omdat het na het vervoegde modale werkwoord soll staat. Het is dus Soll ich ... machen?, niet een tweede vervoegde vorm. Voorbeeld: Wir machen eine kurze Pause. — “We nemen een korte pauze.” Samen betekent öfter kurze Pausen machen: “vaker korte pauzes nemen”. De hele vraag Soll ich öfter kurze Pausen machen? vraagt of de spreker dit volgens de gesprekspartner zou moeten doen: “Moet ik vaker korte pauzes nemen?”

  4. Kurze Pausen können helfen.

    Korte pauzes kunnen helpen.

    Kurze
    korte
    Pausen
    pauzes
    können
    kunnen
    helfen
    helpen
    Uitgebreide uitleg

    Kurze betekent hier “kort” en beschrijft Pausen. De basisvorm is kurz; de vergelijkende vormen zijn kürzer (“korter”) en am kürzesten (“het kortst”). In kurze Pausen staat het bijvoeglijk naamwoord in het meervoud en krijgt het deze uitgang bij een zelfstandig naamwoord zonder voorafgaand lidwoord. Pausen is het meervoud van die Pause (“de pauze”). Het Duitse meervoud herken je hier aan -n: eine Pause → Pausen. In het Duits bepaalt het zelfstandig naamwoord de grammaticale vorm; kurze past zich hier aan het meervoud aan. können is de vorm van het modale werkwoord können bij een meervoudig onderwerp: “kunnen”. Vergelijk: ich kann (“ik kan”), maar wir/sie können (“wij/zij kunnen”). Een modaal werkwoord staat samen met een infinitief; die infinitief staat in deze hoofdzin aan het einde. helfen is de infinitief van “helpen”. Na können blijft deze vorm onveranderd: können helfen = “kunnen helpen”. Bijvoorbeeld: Pausen können helfen. — “Pauzes kunnen helpen.” Samen betekent Kurze Pausen können helfen.: “Korte pauzes kunnen helpen.” Het onderwerp is Kurze Pausen; können drukt de mogelijkheid uit en helfen benoemt wat mogelijk is. De woordvolgorde is dus: onderwerp + modaal werkwoord + infinitief.

  5. Steh auf und dehne dich vorsichtig.

    Sta op en rek je voorzichtig uit.

    Steh auf
    sta op
    dehne
    rek uit
    dich
    je
    vorsichtig
    voorzichtig
    Uitgebreide uitleg

    Steh auf komt van het scheidbare werkwoord aufstehen — “opstaan”. In deze zin is Steh de gebiedende wijs voor één aangesproken persoon; auf staat bij deze vorm achteraan. In een gewone mededelende zin blijft het werkwoord bij elkaar: Du stehst auf — “Je staat op”. dehne komt van dehnen — “rekken”. Dit is hier ook een gebiedende wijs voor één aangesproken persoon. Het werkwoord kan zonder reflexief voorwerp gebruikt worden, bijvoorbeeld Dehne den Arm — “Rek de arm”; in deze zin wordt de handeling op het lichaam van de aangesprokene gericht. dich is de reflexieve vorm in de accusatief bij de aangesproken persoon: het impliciete onderwerp is du, en dich verwijst naar diezelfde persoon. Het contrast is bijvoorbeeld Ich dehne mich — “Ik rek me uit” tegenover Du dehnst dich — “Jij rekt je uit”. vorsichtig betekent hier “voorzichtig” en beschrijft hoe de handeling wordt uitgevoerd. Als bijwoord verandert deze vorm niet mee met de persoon: Dehne dich vorsichtig — “Rek je voorzichtig uit”. Als bijvoeglijk naamwoord kan dezelfde vorm vóór een zelfstandig naamwoord staan, bijvoorbeeld vorsichtige Bewegungen — “voorzichtige bewegingen”. Samen vormen de delen twee opdrachten: Steh auf betekent “sta op”, en dehne dich vorsichtig betekent “rek je voorzichtig uit”. Het onderwerp du wordt in de gebiedende wijs niet uitgesproken, terwijl dich laat zien dat de tweede handeling op de aangesprokene zelf gericht is. De volledige betekenis is daarom: “Sta op en rek je voorzichtig uit.”

  6. Ich muss auch die Höhe meines Bildschirms anpassen.

    Ik moet ook de hoogte van mijn scherm aanpassen.

    Ich muss
    ik moet
    auch
    ook
    Höhe
    hoogte
    meines
    mijn
    Bildschirms
    scherm
    anpassen
    aanpassen
    Uitgebreide uitleg

    Ich muss bestaat uit ich (“ik”) en de vorm muss van müssen (“moeten”). muss is hier de vorm voor de eerste persoon enkelvoud; dezelfde vorm kan ook bij de derde persoon enkelvoud voorkomen. Het infinitief staat hier aan het einde van de verbale constructie: Ich muss arbeiten. = “Ik moet werken.” auch betekent hier “ook” en voegt deze handeling toe aan andere relevante handelingen of informatie. De plaats van auch kan de nadruk beïnvloeden, maar in deze zin hoort het bij de mededeling als geheel. Höhe betekent “hoogte”. Het is een zelfstandig naamwoord: die Höhe; het meervoud is die Höhen. Het verwante bijvoeglijke naamwoord is hoch (“hoog”), bijvoorbeeld: Der Bildschirm ist hoch genug. = “Het scherm is hoog genoeg.” meines is de bezitsvorm van mein (“mijn”). Hier staat het bij een mannelijk zelfstandig naamwoord in het enkelvoud in de genitief: meines Bildschirms betekent “van mijn scherm”. De vorm meines draagt dus de verbuiging van het bezittelijk woord; mein is de basisvorm. Bildschirms betekent “scherm”. Het basiswoord is der Bildschirm. In meines Bildschirms krijgt het mannelijke zelfstandig naamwoord in de genitief enkelvoud de uitgang -s. Het gaat hier om het scherm waarvan de hoogte wordt bedoeld. anpassen betekent “aanpassen” of “bijstellen”. Het is hier een overgankelijk werkwoord: iemand past iets aan. Als scheidbaar werkwoord verschijnt het in deze infinitiefvorm aan het einde van de moeten-constructie. In een gewone hoofdzin wordt het gesplitst: Ich passe den Bildschirm an. = “Ik pas het scherm aan.” Samen vormt de zin: Ich muss + auch + die Höhe meines Bildschirms + anpassen: “Ik moet ook de hoogte van mijn scherm aanpassen.” De handeling is anpassen, het aangepaste onderdeel is die Höhe, en meines Bildschirms specificeert waarvan die hoogte is.

  7. Das kann dir helfen, bequemer zu sitzen.

    Dat kan je helpen om comfortabeler te zitten.

    Das
    dat
    kann
    kan
    dir
    je
    helfen
    helpen
    bequemer
    comfortabeler
    zu sitzen
    zitten
    Uitgebreide uitleg

    Das betekent hier dat en staat als onderwerp voor een zaak die uit de context begrepen wordt. De vorm is een aanwijzend voornaamwoord in de onzijdige enkelvoudsvorm; uit deze zin alleen volgt niet precies welke zaak het aanwijst. Een nuttig contrast is dieses = dit/deze en das = dat/die. kann is de tegenwoordige tijd, derde persoon enkelvoud, van können = kunnen. Hier drukt het mogelijkheid of vermogen uit: iets kan iemand helpen. Het onderwerp is Das, daarom staat er kann; bij ich is de vorm kann ook gelijk, terwijl bij wir de vorm können is. Na een modaal werkwoord staat het andere werkwoord aan het einde in de infinitief: Das kann helfen = Dat kan helpen. dir is de datiefvorm van het informele enkelvoudige persoonlijk voornaamwoord du: du = jij, dir = aan jou/je. Het werkwoord helfen gebruikt voor de geholpen persoon de datief: jemandem helfen = iemand helpen. De vorm dir zegt dus dat jij degene bent die hulp krijgt; zij is niet de vorm voor het onderwerp. helfen is de infinitief van helfen = helpen. In deze zin staat het na kann en benoemt het wat mogelijk is. Een herbruikbaar patroon is Das kann mir helfen = Dat kan mij helpen; mir is daar de datiefvorm van ich. bequemer is de vergrotende trap van het bijvoeglijk naamwoord bequem = comfortabel. Hier beschrijft de vorm niet een zelfstandig naamwoord, maar de manier waarop iemand zit: comfortabeler zitten. De reeks is bequem – bequemer – am bequemsten; bequemer vergelijkt de situatie met een andere, minder comfortabele manier van zitten. zu sitzen bestaat uit zu plus de infinitief sitzen = zitten. Na helfen kan het patroon jemandem helfen, etwas zu tun staan: iemand helpen om iets te doen. In dit voorbeeld is sitzen het handelen dat comfortabeler wordt. Samen vormen de delen: Das kann dir helfen = Dat kan je helpen, en bequemer zu sitzen = om comfortabeler te zitten. De volledige betekenis is dus: Dat kan je helpen om comfortabeler te zitten.

  8. Ich werde diese Änderungen diese Woche ausprobieren.

    Ik ga deze veranderingen deze week proberen.

    Ich werde
    ik ga
    diese
    deze
    Änderungen
    veranderingen
    diese
    deze
    Woche
    week
    ausprobieren
    uitproberen
    Uitgebreide uitleg

    Ich werde: Dit is een bruikbare manier om over een toekomstige handeling of bedoeling te spreken. werden is het hele werkwoord; bij ich krijgt het in de tegenwoordige tijd de vorm werde. Het andere werkwoord blijft als infinitief staan: Ich werde ... ausprobieren = “ik ga ... uitproberen” of “ik zal ... uitproberen”. De eerste diese hoort bij Änderungen en betekent hier “deze”. Änderungen is een meervoudig lijdend voorwerp, en in de accusatief is de vorm van dit aanwijzende woord diese. In andere naamvallen kan de vorm veranderen, bijvoorbeeld diesen in de datief meervoud. Änderungen: Dit is het meervoud van Änderung (“verandering”). Het enkelvoud is vrouwelijk: die Änderung; het meervoud is die Änderungen. Het meervoud maakt duidelijk dat het om meerdere veranderingen gaat, zonder een exact aantal te noemen. Voorbeeld: Ich sehe mehrere Änderungen. — “Ik zie meerdere veranderingen.” De tweede diese hoort bij Woche en betekent hier eveneens “deze”. Woche is vrouwelijk. In de tijdsaanduiding diese Woche staat het zelfstandig naamwoord in de accusatief; daarbij is de vorm diese. In andere naamvallen kan een andere vorm voorkomen, zoals dieser Woche in de datief. Woche: Dit betekent “week” en is vrouwelijk: die Woche. Samen met diese vormt het een tijdsaanduiding: “deze week”. Voorbeeld: Diese Woche lerne ich viel. — “Deze week leer ik veel.” ausprobieren: Dit scheidbare werkwoord betekent hier “uitproberen”. Het hele werkwoord is ausprobieren; na werde blijft het als infinitief aan het einde van de hoofdzin staan. In een tegenwoordige hoofdzin kunnen de delen uit elkaar gaan: Ich probiere die Änderungen aus. — “Ik probeer de veranderingen uit.” Samen geeft Ich werde de toekomstige bedoeling van de spreker aan. Diese Änderungen is wat de spreker wil uitproberen, diese Woche zegt wanneer dat zal gebeuren, en ausprobieren benoemt de handeling. De volledige betekenis is: “Ik ga deze veranderingen deze week proberen.”

  9. Geh zu einer medizinischen Fachkraft, wenn die Schmerzen anhalten.

    Ga naar een zorgprofessional als de pijn aanhoudt.

    Geh
    ga
    zu einer
    naar een
    medizinischen
    medische
    Fachkraft
    vakpersoon
    wenn
    als / wanneer
    Schmerzen
    pijn
    anhalten
    aanhouden
    Uitgebreide uitleg

    Geh is de gebiedende wijs van gehen voor één aangesproken persoon: gehen → geh!. Het onderwerp du wordt in deze vorm meestal niet uitgesproken. Voorbeeld: Geh nach Hause! = “Ga naar huis!”. zu einer: zu geeft hier de bestemming aan en staat met de datief. einer is de datiefvorm van het onbepaalde lidwoord bij een vrouwelijk zelfstandig naamwoord; de vorm drukt hier geen specifiek aantal uit. Een herbruikbaar patroon is zu + datief: zu einem Arzt = “naar een arts”. medizinischen is de verbogen vorm van het bijvoeglijk naamwoord medizinisch (“medisch”). Het krijgt hier de uitgang -en omdat het vóór een vrouwelijk zelfstandig naamwoord in de datief staat: zu einer medizinischen .... De vorm medizinisch blijft inhoudelijk hetzelfde; alleen de grammaticale uitgang verandert. Fachkraft is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord voor een gekwalificeerde vakpersoon of professional. Het meervoud is Fachkräfte. Het grammaticale vrouwelijke geslacht van die Fachkraft zegt niet dat de bedoelde persoon noodzakelijk een vrouw is. Voorbeeld: Sie ist eine erfahrene Fachkraft. = “Zij is een ervaren professional.” wenn leidt hier een voorwaardelijke bijzin in: “als de voorwaarde optreedt”. In zo’n bijzin staat het vervoegde werkwoord in het Duits aan het einde. Wenn du Zeit hast, ... betekent “Als je tijd hebt, ...”. Schmerzen is het meervoud van Schmerz. Met die staat het hier in het meervoud: die Schmerzen; in de vaste vertaling wordt dit natuurlijk weergegeven als “de pijn”. In andere contexten kan het meervoud ook naar meerdere pijnklachten verwijzen, maar hier gaat het om aanhoudende pijnklachten in het algemeen. anhalten betekent hier “aanhouden” of “blijven duren”. In die Schmerzen anhalten is het de tegenwoordige tijd voor de derde persoon meervoud; die vorm ziet er hetzelfde uit als het hele werkwoord anhalten. In een hoofdzin staat het werkwoord bij een meervoudig onderwerp bijvoorbeeld zo: Die Schmerzen halten an. In de bijzin blijft het samengestelde werkwoord bijeen en staat het achteraan: wenn die Schmerzen anhalten. Samen vormt Geh zu einer medizinischen Fachkraft een advies in de gebiedende wijs: “Ga naar een zorgprofessional”. wenn die Schmerzen anhalten stelt de voorwaarde daarvoor: “als de pijn aanhoudt”. De volledige betekenis is dus: “Ga naar een zorgprofessional als de pijn aanhoudt.” De formulering is duidelijk en geschikt voor algemeen gezondheidsadvies.

Grammatica

Trennbare Verben im Imperativ: Verbteil + abgetrennter Präfix

Steh auf!

sjtee auf

Sta op!

Bij een scheidbaar werkwoord staat het voorvoegsel aan het einde van de gebiedende wijs.

Reflexivpronomen im Imperativ

Dehne dich vorsichtig!

dee-nuh dich foorzichtig

Rek je voorzichtig uit!

Bij een wederkerend werkwoord hoort het voornaamwoord dich bij de gebiedende wijs.

Duits woordenschat

Besprechungen zelfstandig naamwoord
bə-sjpre-chungən vergaderingen
bewahren werkwoord
bə-vaarən behouden
Haltung zelfstandig naamwoord
haltoeng houding
langen bijvoeglijk naamwoord
langen lange
machen werkwoord
maakən nemen
nach voorzetsel
naach na
öfter bijwoord
öftər vaker
Pausen zelfstandig naamwoord
pauzən pauzes
Rückenschmerzen zelfstandig naamwoord
rükən-sjmer-tsən rugpijn
schlimmer bijvoeglijk naamwoord
sjlimmer erger
Stuhl zelfstandig naamwoord
sjoel stoel
vielleicht bijwoord
fə-laiçt misschien

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Moet ik vaker korte pauzes nemen?

Antwoord tonenSoll ich öfter kurze Pausen machen?

Korte pauzes kunnen helpen.

Antwoord tonenKurze Pausen können helfen.

Sta op en rek je voorzichtig uit.

Antwoord tonenSteh auf und dehne dich vorsichtig.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

behouden

Antwoord tonenbewahren

na

Antwoord tonennach

stoel

Antwoord tonenStuhl

misschien

Antwoord tonenvielleicht