Jemand
"Jemand" betekent hier iemand van wie niet wordt gezegd wie het precies is. Het staat als onderwerp aan het begin van "Jemand benutzt das Laufband". Gebruik het wanneer je naar een onbepaalde persoon verwijst, bijvoorbeeld in een nieuwe zin: "Jemand wartet draußen."
benutzt
"Benutzt" betekent hier gebruikt en beschrijft dat iemand de loopband gebruikt. Het is de vorm die in "Jemand benutzt das Laufband" bij "Jemand" hoort. Een bruikbaar patroon is "jemand benutzt etwas" voor het gebruiken van een apparaat of voorwerp.
das
In "das Laufband" is "das" het lidwoord bij het apparaat. In "Das klingt klar" verwijst "Das" naar de voorgestelde formulering. Let dus op de context: het kan vóór een zelfstandig naamwoord staan of naar iets eerder genoemds verwijzen.
Laufband
"Laufband" betekent hier loopband, het fitnessapparaat. In "das Laufband" is het het apparaat waarover de gesprekspartners praten. Je kunt het gebruiken na werkwoorden zoals "benutzen" of in de uitdrukking "mit dem Laufband fertig sein".
schon
"Schon" betekent hier al en benadrukt dat de situatie inmiddels enige tijd duurt. In "schon seit langer Zeit" versterkt het de indruk dat de persoon al geruime tijd bezig is. Een gebruikelijk patroon is "schon seit ..." voor iets dat eerder begon en nog steeds geldt.
seit
"Seit" geeft hier aan dat een tijdsduur eerder is begonnen en tot nu voortduurt. In "seit langer Zeit" verwijst het naar de periode waarin de loopband wordt gebruikt. Gebruik "seit" samen met een beginpunt of een tijdsduur.
langer
"Langer" beschrijft in "seit langer Zeit" dat de periode lang is. Samen met "seit" maakt het duidelijk dat iemand al geruime tijd bezig is. Het patroon "seit langer Zeit" is bruikbaar wanneer een situatie niet pas kort geleden is begonnen.
Zeit
"Zeit" betekent hier tijd en vormt samen met "seit langer" de aanduiding van een langere periode. In "seit langer Zeit" gaat het niet om een specifiek tijdstip, maar om de duur van de situatie. Je kunt "Zeit" ook gebruiken in combinaties die aangeven hoeveel tijd iemand nodig heeft.
Auf
"Auf" betekent hier op en maakt samen met "dem Schild" de plaatsaanduiding "Auf dem Schild". Daarmee wordt aangegeven waar de informatie staat. Gebruik dit voorzetsel hier vóór de plaats waar iets geschreven of afgebeeld staat.
dem
"Dem" is hier de vorm van het lidwoord in de voorzetselgroep "Auf dem Schild". De hele woordgroep betekent op het bord. Leer dit samen met het voorzetsel en het zelfstandig naamwoord als patroon voor informatie die op een bord staat.
Schild
"Schild" betekent hier bord of aanwijzingsbord met informatie. In "Auf dem Schild steht" wordt verteld wat er op het bord geschreven staat. Een bruikbaar patroon is "Auf dem Schild steht ..." wanneer je de tekst van een bord weergeeft.
steht
"Steht" betekent hier staat er geschreven, niet dat iemand letterlijk rechtop staat. In "Auf dem Schild steht" introduceert het de informatie die op het bord staat. Gebruik dit patroon om de tekst of regel op een bord, formulier of mededeling weer te geven.
dass
"Dass" leidt hier de inhoud in van wat er op het bord staat: "dass man sich das Gerät teilen soll". Het verbindt de mededeling met de daaropvolgende bijzin. Gebruik "dass" wanneer je weergeeft wat iemand zegt, schrijft of vindt.
man
"Man" verwijst hier naar mensen in het algemeen, zonder een specifieke persoon te noemen. In "man sich das Gerät teilen soll" gaat het om de algemene regel voor gebruikers. Gebruik "man" voor algemene aanwijzingen en gewoonten.
sich
In de constructie "sich das Gerät teilen" maakt "sich" duidelijk dat mensen het apparaat onderling delen. De betekenis ontstaat door de hele constructie, niet door "sich" alleen. Een bruikbaar patroon is "sich etwas teilen" wanneer meerdere mensen iets samen gebruiken.
Gerät
"Gerät" betekent hier apparaat of toestel, in deze scène de loopband. In "das Gerät" wordt naar het eerder genoemde fitnessapparaat verwezen. Gebruik het voor een concreet apparaat dat iemand gebruikt of met anderen deelt.
teilen
"Teilen" betekent hier delen, dus een apparaat samen met anderen gebruiken. In "sich das Gerät teilen" beschrijft het de afspraak om het apparaat onderling beschikbaar te houden. Een bruikbaar patroon is "sich etwas teilen".
soll
"Soll" geeft hier aan wat volgens het bord de bedoeling of regel is: mensen horen het apparaat te delen. In "man sich das Gerät teilen soll" staat het aan het einde van de bijzin. Gebruik deze vorm om een verwachting, afspraak of aanwijzing weer te geven.
wenn
"Wenn" betekent hier wanneer of als en introduceert de omstandigheid waarin de regel geldt: "wenn andere warten". Het verbindt die omstandigheid met de hoofdmededeling. Gebruik "wenn" voor een voorwaarde of terugkerende situatie.
andere
"Andere" verwijst hier naar andere mensen dan degene die het apparaat nu gebruikt. In "wenn andere warten" zijn dat de mensen die op hun beurt wachten. Gebruik het om personen of zaken tegenover al genoemde personen of zaken te plaatsen.
warten
"Warten" betekent hier wachten op de mogelijkheid om het apparaat te gebruiken. In "wenn andere warten" beschrijft het de situatie waarin andere mensen op hun beurt wachten. Een gebruikelijk patroon is "auf etwas warten" wanneer je ook noemt waarop iemand wacht.
ich
"Ich" betekent ik en verwijst hier naar de spreker die overweegt om iets te vragen. In "Soll ich fragen" is de spreker degene die de handeling zou uitvoeren. Gebruik "ich" om jezelf als onderwerp van een zin te noemen.
fragen
"Fragen" betekent hier vragen of iemand kan stoppen of bijna klaar is. In "Soll ich fragen" staat het als werkwoord na "soll". Een bruikbaar patroon is een modaal werkwoord gevolgd door het hele werkwoord, zoals in "Soll ich fragen?".
oder
"Oder" verbindt hier twee mogelijkheden: vragen of onbeleefd overkomen. In "Soll ich fragen, oder wirkt das unhöflich?" presenteert het de tweede mogelijkheid als alternatief. Gebruik "oder" om alternatieven met elkaar te verbinden.
wirkt
"Wirkt" betekent hier lijkt of komt over en beschrijft de indruk die een handeling maakt. In "wirkt das unhöflich" vraagt de spreker of het gedrag onbeleefd overkomt. Een bruikbaar patroon is "etwas wirkt + bijvoeglijk naamwoord" voor een beoordeling van de indruk.
unhöflich
"Unhöflich" betekent hier onbeleefd en beoordeelt hoe een vraag kan overkomen. In "wirkt das unhöflich" gaat het om de indruk op de andere persoon, niet om een vaststaand feit. Gebruik het bij gedrag of formuleringen die niet beleefd lijken.
Frag
"Frag" is hier een directe instructie om iets te vragen. Het staat in "Frag höflich" en richt zich op één vertrouwde gesprekspartner. Gebruik deze vorm wanneer je iemand informeel aanspoort om te vragen.
höflich
"Höflich" beschrijft hier hoe de vraag gesteld moet worden: op een beleefde manier. In "Frag höflich" geeft het aanwijzingen over de toon van de handeling. Een bruikbaar patroon is "höflich fragen" wanneer je een verzoek zonder druk wilt formuleren.
und
"Und" verbindt hier twee instructies: "Frag höflich" en "sag ...". Beide handelingen horen bij dezelfde aanpak om een beurt te vragen. Gebruik "und" om opeenvolgende handelingen of aanvullingen te verbinden.
sag
"Sag" is hier een informele instructie om iets te zeggen. In "sag, dass du gerne als Nächstes dran wärst" volgt daarna de inhoud die de ander moet uitspreken. Gebruik deze vorm wanneer je een vertrouwde persoon aanspoort iets te zeggen.
du
"Du" betekent jij en verwijst hier naar de persoon die de instructie krijgt. In "dass du gerne als Nächstes dran wärst" is die persoon degene die graag de volgende beurt wil. Gebruik "du" voor informele aanspreking van één persoon.
gerne
In "gerne als Nächstes dran wärst" voegt "gerne" een wens of bereidheid toe. De hele uitdrukking zegt dat je graag de volgende bent, waardoor de vraag minder dwingend klinkt. Gebruik "gerne" om aan te geven dat je iets graag wilt doen of zijn.
als
In "als Nächstes" betekent "als" ongeveer als het volgende in de volgorde. De uitdrukking verwijst naar wat daarna aan de beurt is. Gebruik het vaste patroon "als Nächstes" wanneer je de volgende stap of persoon in een reeks noemt.
Nächstes
"Nächstes" betekent hier het volgende en verwijst naar de volgende beurt. Samen met "als" vormt het de vaste uitdrukking "als Nächstes". Gebruik die uitdrukking om aan te geven wat daarna komt.
dran
"Dran" betekent hier aan de beurt of aan de beurt zijn. In "als Nächstes dran" gaat het om degene die het apparaat daarna mag gebruiken. Een bruikbaar patroon is "dran sein" om te zeggen wiens beurt het is.
wärst
"Wärst" betekent hier zou zijn en staat in "dran wärst" als onderdeel van een voorzichtige formulering over een gewenste beurt. De vorm maakt de uitspraak minder direct dan een kale mededeling. Gebruik deze vorm in een beleefde of hypothetische formulering over wat iemand zou zijn of doen.
kann
"Kann" betekent hier kan en drukt uit dat de spreker een bepaalde formulering kan gebruiken. In "Ich kann sagen" volgt daarna wat de spreker kan zeggen. Een bruikbaar patroon is "ich kann + werkwoord" voor een mogelijkheid of vaardigheid.
sagen
"Sagen" betekent hier zeggen en introduceert de woorden die de spreker kan uitspreken. In "Ich kann sagen" staat het na "kann" als het werkwoord van de handeling. Gebruik het met een citaat of met "dass" om de inhoud van een uitspraak weer te geven.
Entschuldigung
"Entschuldigung" betekent hier pardon of neem me niet kwalijk en trekt beleefd de aandacht voordat de vraag volgt. In "Entschuldigung, sind Sie schon fast mit dem Laufband fertig?" spreekt de gebruiker iemand aan zonder meteen druk uit te oefenen. Gebruik het bijvoorbeeld bij een beleefde vraag aan een onbekende.
sind
"Sind" betekent hier bent en vormt samen met "Sie" de beleefde vraag "sind Sie ... fertig?". Het vraagt naar de huidige toestand van de aangesprokene. Gebruik deze combinatie in formele vragen met "Sie".
Sie
"Sie" betekent hier u en is de formele aanspreekvorm voor één of meer personen. In "sind Sie schon fast mit dem Laufband fertig?" houdt de spreker de vraag beleefd tegenover iemand in de sportschool. Gebruik "Sie" wanneer je iemand formeel aanspreekt.
fast
"Fast" betekent hier bijna en geeft aan dat het einde dichtbij is, maar nog niet zeker bereikt is. In "schon fast ... fertig" maakt het de vraag minder direct dan vragen of iemand al helemaal klaar is. Gebruik het bij een toestand die bijna bereikt is.
mit
In "mit dem Laufband fertig sein" koppelt "mit" het voorwerp aan de handeling die bijna klaar is. De hele uitdrukking betekent klaar zijn met het gebruik van de loopband. Een bruikbaar patroon is "mit etwas fertig sein".
fertig
"Fertig" betekent hier klaar en beschrijft in "mit dem Laufband fertig" dat het gebruik van de loopband bijna voorbij is. Het krijgt zijn precieze betekenis door de hele constructie met "mit". Gebruik "mit etwas fertig sein" om te vragen of iemand klaar is met iets.
klingt
"Klingt" betekent hier klinkt of komt over als. In "Das klingt klar" beoordeelt de spreker de voorgestelde zin als begrijpelijk. Een bruikbaar patroon is "Das klingt + bijvoeglijk naamwoord" om op een voorstel of formulering te reageren.
klar
"Klar" betekent hier duidelijk en begrijpelijk. In "Das klingt klar" gaat het om de indruk die de beleefde vraag op de luisteraar maakt. Gebruik het om een boodschap, uitleg of formulering als gemakkelijk te begrijpen te beoordelen.
ohne
"Ohne" betekent hier zonder en leidt de omstandigheid in dat er niet te veel druk wordt uitgeoefend. In "ohne die Person zu sehr unter Druck zu setzen" volgt een constructie met "zu" en een werkwoord. Gebruik "ohne ... zu" om te beschrijven dat iets gebeurt zonder een andere handeling.
die
In "die Person" is "die" het lidwoord bij de persoon die wordt aangesproken. In "die Leute" verwijst dezelfde vorm naar de mensen die het apparaat delen. De juiste betekenis wordt bepaald door het zelfstandig naamwoord dat erop volgt.
Person
"Person" betekent hier de persoon die op de loopband staat. In "die Person zu sehr unter Druck zu setzen" is die persoon degene op wie de vraag geen overdreven druk moet leggen. Gebruik het voor een individu wanneer je geen naam noemt.
zu
"Zu" heeft hier twee functies: in "zu sehr" betekent het te, en in "zu setzen" markeert het het werkwoord in de constructie na "ohne". In de volledige zin hoort het bij verschillende woordgroepen. Let daarom op het woord dat direct na "zu" komt.
sehr
"Sehr" versterkt hier de hoeveelheid druk in "zu sehr unter Druck". Samen betekent dat dat iemand te sterk onder druk wordt gezet. Gebruik "sehr" om de mate van een eigenschap of handeling te versterken.
unter
In "unter Druck setzen" maakt "unter" deel uit van de vaste uitdrukking voor druk op iemand uitoefenen. De hele constructie betekent iemand onder druk zetten. Een bruikbaar patroon is "jemanden unter Druck setzen", met de persoon die de druk ervaart als object.
Druck
"Druck" betekent hier druk in de sociale zin: iemand het gevoel geven dat die moet opschieten. In "die Person zu sehr unter Druck zu setzen" gaat het om de manier waarop de vraag kan overkomen. Gebruik het patroon "unter Druck setzen" wanneer iemand tot iets wordt aangespoord.
setzen
"Setzen" betekent hier zetten in de vaste uitdrukking "unter Druck setzen", dus druk op iemand uitoefenen. In de zin staat het als "zu setzen" na "ohne". Leer het samen met "unter Druck" en een persoon als object.
mehr
"Mehr" betekent hier meer en verwijst naar een langere hoeveelheid tijd. In "mehr Zeit braucht" heeft de persoon extra tijd nodig voordat die klaar is. Een bruikbaar patroon is "mehr Zeit brauchen".
braucht
"Braucht" betekent hier nodig hebben. In "Wenn die Person mehr Zeit braucht" gaat het erom dat de persoon extra tijd nodig heeft. Gebruik het patroon "jemand braucht mehr Zeit" wanneer iemand nog niet klaar is.
ein
"Ein" is hier het onbepaalde lidwoord in "ein anderes Gerät". Het introduceert een alternatief apparaat dat niet verder wordt gespecificeerd. Gebruik het vóór een enkelvoudig zelfstandig naamwoord wanneer je een niet-bepaald voorwerp noemt.
anderes
"Anderes" betekent hier ander of een ander en verwijst naar een alternatief apparaat. In "ein anderes Gerät" maakt het duidelijk dat het niet om de huidige loopband gaat. Gebruik het patroon "ein anderes ..." om een alternatief te noemen.
So
"So" betekent hier op die manier en verwijst naar de mogelijkheid om te wachten of een ander apparaat te gebruiken. In "So können die Leute ..." leidt het de manier in waarop het delen kan lukken. Gebruik "So können ..." om een gevolg of mogelijke oplossing aan te wijzen.
können
"Können" betekent hier kunnen en drukt uit dat de mensen het apparaat op die manier samen kunnen gebruiken. In "So können die Leute sich das Gerät teilen" staat het bij het meervoudige onderwerp "die Leute". Een bruikbaar patroon is "können + werkwoord" voor een mogelijkheid.
Leute
"Leute" betekent hier mensen, namelijk de gebruikers van het fitnessapparaat. In "die Leute sich das Gerät teilen" verwijst het naar de groep die het apparaat onderling gebruikt. Gebruik "Leute" voor mensen als groep in een alledaagse context.
Streit
"Streit" betekent hier ruzie of een conflict dat kan ontstaan wanneer mensen om een apparaat concurreren. In "ohne dass ein Streit entsteht" is het iets wat de beleefde aanpak probeert te voorkomen. Gebruik het met werkwoorden zoals "entstehen" wanneer je zegt dat er ruzie ontstaat.
entsteht
"Entsteht" betekent hier ontstaat of komt tot stand. In "ohne dass ein Streit entsteht" beschrijft het dat ruzie als gevolg van de situatie zou kunnen beginnen. Een bruikbaar patroon is "ein Streit entsteht" voor het ontstaan van een conflict.