Een defect product omruilen | Leer engels in het Nederlands

English lesson set in a contemporary everyday setting in the United States: At a shop service counter, a customer explains an intermittent screen fault and asks for a replacement rather than a repair..

NL → EN / Niveau: B2

Over deze les

Met Een defect product omruilen oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het engels.

Dialoog

A

I bought this device recently, but the screen flickers sometimes.

ai bot zis divais riisentli, bat de skriin flikers samtajmz. Ik heb dit apparaat onlangs gekocht, maar het scherm flikkert soms.
B

Intermittent faults can be hard to reproduce, so we will test it here.

intermitent folts ken bi haard tu riiproduus, sou wi wil test it hier. Storingen die af en toe optreden, zijn moeilijk te reproduceren, dus we zullen het hier testen.
A

I recorded a short video of it happening during normal use.

ai rikordid uh sjort vidieou uhv it hepening djoering normul joes. Ik heb een korte video gemaakt waarop te zien is dat dit tijdens normaal gebruik gebeurt.
B

The video will help if the fault does not show up during the test.

de vidieou wil help if de folt daz not sjou ap djoering de test. De video helpt als de storing tijdens de test niet optreedt.
A

I would prefer a replacement instead of a repair.

ai wud prifur uh ripleisment insted uhv uh ripeer. Ik heb liever een vervangend apparaat dan een reparatie.
B

We can record that preference, but the inspection decides the next step.

wi ken rikord dat prefurens, bat de inspeksjen disajdz de nekst step. We kunnen die voorkeur noteren, maar de inspectie bepaalt wat de volgende stap is.
A

Please note that the problem started right after setup.

pliiz nout dat de problem startid rait aafter set-ap. Noteer alstublieft dat het probleem direct na de installatie begon.
B

I will add that to the service record.

ai wil ed dat tu de survis rekurd. Ik voeg dat toe aan het servicerapport.

Woord voor woord

I “I” verwijst hier naar de klant die over zijn apparaat vertelt. Dit voornaamwoord gebruik je als je jezelf als handelende of ervarende persoon noemt, bijvoorbeeld in “I bought this device”.
bought “bought” betekent hier dat de klant het apparaat heeft gekocht. Het is de verleden vorm van “buy”; je gebruikt deze vorm voor een aankoop die eerder heeft plaatsgevonden, zoals in “I bought this device recently”.
this “this” wijst hier naar het apparaat dat de klant bij zich heeft of aanwijst. Je gebruikt “this” vóór een zelfstandig naamwoord voor iets specifieks dat dichtbij of duidelijk aanwezig is, zoals in “this device”.
device “device” betekent hier een elektronisch apparaat dat bij de servicebalie wordt onderzocht. Je kunt het woord combineren met een aanwijzer of bezittelijke bepaling, zoals “this device” of “my device”.
recently “recently” betekent hier “onlangs” of “niet lang geleden”. Het geeft aan dat de aankoop kort vóór het gesprek plaatsvond en staat vaak bij een werkwoord, zoals in “I bought this device recently”.
but “but” verbindt hier de aankoop met een tegenstelling: het apparaat is onlangs gekocht, maar heeft toch een probleem. Gebruik “but” om twee tegengestelde of onverwachte delen van een zin te verbinden.
the “the” maakt hier duidelijk dat het om een specifiek scherm gaat: het scherm van het eerder genoemde apparaat. Je gebruikt “the” wanneer de luisteraar kan bepalen over welk zelfstandig naamwoord het gaat, zoals in “the screen”.
screen “screen” betekent hier het display van het apparaat waarop het probleem zichtbaar is. Het woord kan als onderwerp worden gebruikt in een beschrijving van een storing, zoals in “the screen flickers”.
flickers “flickers” betekent hier dat het scherm af en toe kort onregelmatig knippert. Het is de vorm van “flicker” die bij “the screen” hoort; je kunt het gebruiken om een zichtbaar schermprobleem te beschrijven, zoals in “the screen flickers sometimes”.
sometimes “sometimes” betekent hier “soms”: het scherm knippert niet voortdurend, maar bij bepaalde gelegenheden. Je gebruikt het om een terugkerende maar niet constante gebeurtenis aan te duiden, zoals in “It happens sometimes”.
Intermittent “Intermittent” beschrijft hier storingen die onregelmatig optreden en daarna weer verdwijnen. Het staat vóór “faults” en is bruikbaar wanneer een probleem niet voortdurend aanwezig is, zoals in “intermittent faults”.
faults “faults” betekent hier defecten of storingen in een apparaat. Het meervoud verwijst algemeen naar dit soort technische problemen; je kunt het gebruiken in combinaties als “intermittent faults”.
can “can” geeft hier de mogelijkheid aan dat iets moeilijk is: zulke storingen kunnen lastig te reproduceren zijn. Je gebruikt “can” vóór een werkwoord in de basisvorm om mogelijkheid of vermogen uit te drukken, zoals in “can be hard”.
be “be” verbindt hier “faults” met de beschrijving “hard”: de storingen kunnen moeilijk zijn. Na “can” blijft het werkwoord in deze basisvorm staan, zoals in “can be hard to reproduce”.
hard “hard” betekent hier “moeilijk”, niet fysiek hard. In “hard to reproduce” beschrijft het hoe lastig het is om dezelfde storing opnieuw te laten optreden; een vergelijkbaar patroon is “hard to explain”.
to “to” leidt hier de werkwoordelijke aanvulling “reproduce” in: het is moeilijk om de storing opnieuw te laten optreden. In het patroon “hard to + werkwoord” geeft “to” het doel of de handeling aan die moeilijk is.
reproduce “reproduce” betekent hier dezelfde storing opnieuw laten optreden onder een test. Je gebruikt het in technische contexten met een probleem als object, zoals in “reproduce a fault”.
so “so” betekent hier “dus” en leidt het gevolg van de moeilijke reproduceerbaarheid in. Je gebruikt “so” om een oorzaak of voorafgaande situatie met het resultaat te verbinden, zoals in “It is difficult, so we will test it”.
we “we” verwijst hier naar de medewerker samen met de winkel of het serviceteam. Je gebruikt “we” wanneer de spreker namens een groep of organisatie handelt, zoals in “we will test it here”.
will “will” geeft hier aan dat de medewerker later in het gesprek van plan is het apparaat te testen. Het staat vóór de basisvorm van het werkwoord, zoals in “will test”; dit is een veelgebruikt patroon voor een toekomstige actie.
test “test” betekent hier het apparaat controleren om te zien of de storing optreedt. Na “will” staat het in de basisvorm; je kunt het gebruiken met een apparaat als object, zoals in “test the device”.
it “it” verwijst hier naar het apparaat dat bij de servicebalie is gebracht, en mogelijk naar het probleem daarvan. Je gebruikt “it” om een eerder genoemd enkelvoudig ding niet opnieuw te herhalen, zoals in “we will test it here”.
here “here” betekent hier op de huidige plaats, namelijk bij deze servicebalie. Je gebruikt het om de locatie van een handeling aan te geven, zoals in “we will test it here”.
recorded “recorded” betekent hier dat de klant een video heeft gemaakt waarin het probleem zichtbaar is. Het is de vorm van “record”; in “I recorded a short video” beschrijft het een eerder uitgevoerde handeling.
a “a” introduceert hier één niet eerder genoemde video. Je gebruikt dit onbepaalde lidwoord vóór een enkelvoudig telbaar zelfstandig naamwoord wanneer het nog niet als specifiek bekend is genoemd, zoals in “a short video”.
short “short” betekent hier dat de video maar kort duurt. Het staat vóór “video” en beschrijft de duur of omvang ervan; hetzelfde patroon werkt bijvoorbeeld in “a short message”.
video “video” betekent hier de korte opname waarin te zien is dat het schermprobleem optreedt. Je kunt zeggen dat je een video van een gebeurtenis hebt gemaakt, zoals in “I recorded a video of it happening”.
of “of” verbindt hier “video” met wat de video laat zien: het optreden van het probleem. In “a video of” introduceert “of” het onderwerp of de gebeurtenis die in de opname zichtbaar is.
happening “happening” verwijst hier naar het moment waarop de storing optreedt. Het is de vorm van “happen” in de uitdrukking “of it happening”; die constructie benoemt een gebeurtenis die wordt opgenomen of waargenomen.
during “during” betekent hier “tijdens” en plaatst de gebeurtenis binnen de periode van normaal gebruik. Je gebruikt het vóór een zelfstandig naamwoord of gebeurtenis, zoals in “during normal use”.
normal “normal” betekent hier alledaags of gebruikelijk, zonder bijzondere testomstandigheden. Het beschrijft “use” in “normal use” en kan op dezelfde manier een gewone situatie aanduiden.
use “use” betekent hier het gewone gebruik van het apparaat. In “during normal use” staat het als zelfstandig naamwoord na “during”; deze combinatie verwijst naar de omstandigheden waarin iemand het apparaat normaal bedient.
help “help” betekent hier nuttig zijn bij het beoordelen van de storing als die tijdens de test niet zichtbaar wordt. Je gebruikt het in een patroon als “The video will help if ...”, waarbij daarna de omstandigheid volgt waarin de hulp nodig is.
if “if” leidt hier de voorwaarde in waaronder de video nuttig zal zijn: als de storing tijdens de test niet verschijnt. Je gebruikt “if” om een voorwaarde te introduceren, zoals in “if the fault does not show up”.
does “does” helpt hier de ontkenning in de tegenwoordige tijd te vormen in “does not show up”. Het hoort bij het enkelvoudige onderwerp “the fault”; na “does” staat het hoofdwerkwoord in de basisvorm.
not “not” maakt hier de voorwaarde negatief: de storing verschijnt niet tijdens de test. In “does not show up” staat het tussen het hulpwerkwoord en het hoofdwerkwoord.
show “show” betekent hier zichtbaar worden of zich laten zien. Samen met “up” vormt het de uitdrukking “show up”, die in deze context betekent dat de storing tijdens de test merkbaar wordt; na “does not” blijft “show” in de basisvorm.
up “up” is hier het partikel van de uitdrukking “show up” en maakt samen met “show” de betekenis “zichtbaar worden”. Je gebruikt de volledige uitdrukking wanneer iets onverwacht of tijdens een controle wel of niet verschijnt.
would “would” maakt de voorkeur in “I would prefer” beleefd en minder direct. Je kunt dit patroon gebruiken om bij een verzoek of keuze netjes aan te geven welke optie je liever wilt, zoals in “I would prefer a replacement”.
prefer “prefer” betekent hier dat de klant een vervanging liever heeft dan een reparatie. In “I would prefer a replacement instead of a repair” volgt na “prefer” de gewenste optie; de minder gewenste optie wordt met “instead of” genoemd.
replacement “replacement” betekent hier een vervangend apparaat in plaats van reparatie van het huidige apparaat. Je gebruikt het als de gewenste oplossing voor een defect product, zoals in “I would prefer a replacement”.
instead “instead” maakt hier duidelijk dat de vervanging de plaats van de reparatie moet innemen. In de vaste combinatie “instead of” volgt na “of” de optie die niet wordt gekozen, hier “a repair”.
repair “repair” betekent hier het herstellen van het defecte apparaat. Na “a” is het in “a repair” een mogelijke oplossing; het wordt tegenover “a replacement” geplaatst in “instead of a repair”.
record “record” betekent hier een voorkeur officieel vastleggen of noteren. In “We can record that preference” staat het na “can” in de basisvorm; je gebruikt het met de informatie die je wilt registreren.
that “that” verwijst hier in “record that preference” naar de eerder uitgesproken voorkeur voor een vervanging. In “note that the problem started” leidt “that” juist de inhoud van de mededeling in; de precieze functie hangt dus af van de volledige zin.
preference “preference” betekent hier de optie die de klant verkiest, namelijk een vervangend apparaat. Je kunt het gebruiken voor een keuze die iemand aan een medewerker wil doorgeven of laten vastleggen, zoals in “record that preference”.
inspection “inspection” betekent hier het onderzoek van het apparaat door de serviceafdeling. Het onderzoek bepaalt volgens de dialoog wat er daarna gebeurt; je gebruikt het woord in formele of technische contexten voor een controle.
decides “decides” betekent hier bepaalt wat de volgende stap wordt. Het is de vorm van “decide” die bij het enkelvoudige onderwerp “the inspection” hoort; een bruikbaar patroon is “The inspection decides the next step”.
next “next” betekent hier de eerstvolgende stap in het serviceproces. In “the next step” staat het vóór “step” om aan te geven wat daarna komt; je kunt dezelfde combinatie gebruiken bij andere procedures.
step “step” betekent hier een handeling of fase in het verdere serviceproces. “The next step” verwijst naar wat de winkel na de inspectie zal doen.
Please “Please” maakt het verzoek beleefd: de klant vraagt de medewerker iets te noteren. Het staat hier aan het begin van de zin; je kunt het gebruiken om een directe vraag of opdracht vriendelijker te formuleren.
note “note” betekent hier schriftelijk vastleggen of rekening houden met de genoemde informatie. In “Please note that the problem started” leidt het werkwoord een mededeling in die aan het serviceverslag moet worden toegevoegd.
problem “problem” betekent hier het defect aan het apparaat, waarvan de klant het beginmoment beschrijft. Je kunt het gebruiken met een tijdsbepaling, zoals in “the problem started right after setup”.
started “started” betekent hier begon: het probleem trad voor het eerst op na de installatie. Het is de vorm van “start” voor een gebeurtenis in het verleden; je kunt het combineren met een tijdsaanduiding zoals “right after setup”.
right “right” betekent hier “precies” of “direct”, en benadrukt dat het probleem onmiddellijk na de installatie begon. In “right after setup” versterkt het de tijdsrelatie en maakt het beginmoment specifieker.
after “after” betekent hier “na” en plaatst het begin van het probleem later dan de installatie. In “right after setup” volgt na “after” de gebeurtenis die als tijdsreferentie dient.
setup “setup” betekent hier de eerste installatie of configuratie van het apparaat. In “right after setup” verwijst het naar de fase waarin het apparaat voor gebruik werd ingesteld.
add “add” betekent hier de informatie opnemen in het serviceverslag. In “I will add that to the service record” volgt na “add” wat wordt toegevoegd en met “to” waar het terechtkomt; dit patroon is bruikbaar voor gegevens of opmerkingen.
service “service” verwijst hier naar de ondersteuning of onderhoudsafhandeling van de winkel. In “service record” bepaalt het welk soort verslag wordt bedoeld: een verslag over de servicezaak of reparatieaanvraag.

Grammatica

start + to-infinitive

The device started to flicker recently.

de divais startid tu fliker riisentli.

Het apparaat begon onlangs te flikkeren.

Na started volgt vaak to + werkwoord: started to flicker betekent ‘begon te flikkeren’.

show up + during + noun phrase

The fault only shows up during normal use.

de folt ouli sjouz ap djoering normul joes.

De storing treedt alleen op tijdens normaal gebruik.

show up is een vaste phrasal verb. Gebruik during vóór een zelfstandig naamwoord of woordgroep.

Engels woordenschat

device zelfstandig naamwoord
divais apparaat

I bought this device recently.

fault zelfstandig naamwoord
folt storing

Intermittent faults can be hard to reproduce.

flicker werkwoord
fliker flikkeren flickers

The screen flickers sometimes.

happen werkwoord
hepen gebeuren happening

A short video of it happening during normal use.

intermittent bijvoeglijk naamwoord
intermitent af en toe optredend

Intermittent faults can be hard to reproduce.

normal use uitdrukking
normul joes normaal gebruik

During normal use.

recently bijwoord
riisentli onlangs

I bought this device recently.

record werkwoord
rikord opnemen; vastleggen recorded

I recorded a short video of it happening.

reproduce werkwoord
riiproduus reproduceren

Intermittent faults can be hard to reproduce.

screen zelfstandig naamwoord
skriin scherm

The screen flickers sometimes.

show up uitdrukking
sjou ap tevoorschijn komen; optreden

If the fault does not show up during the test.

test werkwoord
test testen

We will test it here.

Quiz

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

af en toe optredend

Antwoord tonenintermittent

scherm

Antwoord tonenscreen

testen

Antwoord tonentest

opnemen; vastleggen

Antwoord tonenrecorded