Een boek vinden in de bibliotheek | Leer frans in het Nederlands

French lesson set in a contemporary Paris everyday setting: In a library, one person asks where to find a book and gets help checking the shelf..

NL → FR / Niveau: A1

Over deze les

Met Een boek vinden in de bibliotheek oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het frans.

Dialoog

A

Où est-ce que je peux trouver ce livre ?

oe es-ku zje peu troe-vee se lievr Waar kan ik dit boek vinden?
B

Il devrait être sur l'une de ces étagères.

iel duh-vree etr suur lün duh seez etazjeer Het zou op een van deze planken moeten liggen.
A

Quelle étagère dois-je regarder en premier ?

kel etazjeer dwa-zje ruh-gar-dee an pruh-mjee Welke plank moet ik eerst controleren?
B

Essayez l'étagère du bas vers la fin.

es-see-jee letazjeer dü baa ver la fen Kijk op de onderste plank aan het einde.
A

Je peux voir la couverture maintenant.

zje peu vwar la koe-ver-tuur mentuhnaan Ik kan de omslag nu zien.
B

Tirez-le délicatement pour que les autres restent en place.

tie-ree-luh dee-lee-katuh-man poor kuh lee-zootr rest an plas Trek het er voorzichtig uit, zodat de andere boeken op hun plaats blijven.
A

C'est le bon livre.

se luh bon lievr Dit is het juiste boek.
B

Vous pouvez le lire à cette table-là.

voe poevee luh liehr aa set tabl laa Je kunt het aan die tafel lezen.

Woord voor woord

In « Où est-ce que je peux trouver ce livre ? » betekent « Où » waar en vraagt het naar een plaats. Je gebruikt het aan het begin van een vraag naar de locatie van iets.
est-ce In « Où est-ce que je peux trouver ce livre ? » is « est-ce » onderdeel van de Franse vraagconstructie « est-ce que ». Samen met « Où » leidt het een gewone vraag in.
que In « Où est-ce que je peux trouver ce livre ? » maakt « que » deel uit van « est-ce que », waarmee een vraag wordt ingeleid. In « pour que les autres restent en place » maakt « que » deel uit van een constructie met de betekenis zodat.
je In « je peux trouver ce livre » en « Je peux voir la couverture maintenant » betekent « je » ik. Het staat vóór een werkwoord om aan te geven wie iets kan doen.
peux In « je peux trouver ce livre » betekent « peux » kan. Het is de vorm van « pouvoir » die hier met « je » wordt gebruikt, gevolgd door « trouver ».
trouver In « je peux trouver ce livre » betekent « trouver » vinden. Na « peux » staat het in deze vorm; je kunt « trouver » gebruiken voor iets dat je probeert te vinden.
ce In « ce livre » betekent « ce » dit en wijst het naar een bepaald boek. Het staat vóór « livre » in de woordgroep « ce livre ».
livre In « ce livre » betekent « livre » boek. Je gebruikt « livre » hier als het voorwerp dat iemand probeert te vinden of later het juiste boek noemt.
Il In « Il devrait être sur l'une de ces étagères » verwijst « Il » naar het boek en betekent het het. Het staat als onderwerp vóór « devrait être ».
devrait In « Il devrait être sur l'une de ces étagères » betekent « devrait » zou moeten of waarschijnlijk moeten zijn. Deze vorm van « devoir » drukt hier een verwachting over de plaats van het boek uit, niet een bevel.
être In « Il devrait être sur l'une de ces étagères » betekent « être » zijn. Het volgt op « devrait » en verbindt het boek met zijn vermoedelijke plaats.
sur In « être sur l'une de ces étagères » betekent « sur » op. Het geeft de plaats aan waar het boek volgens de verwachting ligt.
l'une In « sur l'une de ces étagères » betekent « l'une » één ervan of één van de. Het verwijst naar één plank uit de groep die daarna wordt genoemd.
de In « l'une de ces étagères » betekent « de » van. De vaste woordgroep « l'une de ces étagères » geeft aan dat het om één plank uit deze planken gaat.
ces In « ces étagères » betekent « ces » deze en wijst het naar meerdere planken. Het staat vóór « étagères » om de bedoelde groep aan te duiden.
étagères In « ces étagères » betekent « étagères » planken of boekenplanken. De meervoudsvorm verwijst hier naar meerdere planken in de bibliotheek.
Quelle In « Quelle étagère dois-je regarder en premier ? » betekent « Quelle » welke. Het vraagt samen met « étagère » om één bepaalde plank.
étagère In « Quelle étagère » betekent « étagère » plank of boekenplank. Het is het voorwerp waarnaar iemand vraagt en dat daarna bekeken moet worden.
dois-je In « dois-je regarder en premier » betekent « dois-je » moet ik. Door de omkering van « dois » en « je » ontstaat hier een vraag over wat de spreker als eerste moet bekijken.
regarder In « Quelle étagère dois-je regarder en premier ? » betekent « regarder » kijken naar of controleren. Het volgt op « dois-je » en heeft « Quelle étagère » als datgene waarnaar gekeken wordt.
en In « en premier » draagt « en » bij aan de uitdrukking met de betekenis eerst. « En premier » geeft de volgorde aan waarin de planken bekeken worden.
premier In « en premier » betekent « premier » eerste. Samen met « en » vormt het de gebruikelijke uitdrukking « en premier » voor iets als eerste doen.
Essayez In « Essayez l'étagère du bas » betekent « Essayez » probeer eens. Het is hier een beleefde instructie om een bepaalde plank te proberen.
du In « l'étagère du bas » betekent « du » van de en het maakt deel uit van de woordgroep voor de onderste plank. « Du » is hier de samengevoegde vorm van « de » en « le ».
bas In « l'étagère du bas » verwijst « bas » naar het onderste of lage gedeelte. Samen met « du » duidt « du bas » de onderkant van de kast of plank aan.
vers In « vers la fin » betekent « vers » richting of in de buurt van. De uitdrukking « vers la fin » plaatst de bedoelde plank aan het einde of in de richting van het einde.
la In « vers la fin » is « la » het bepaalde lidwoord vóór « fin ». Samen betekent « la fin » het einde.
fin In « vers la fin » betekent « fin » einde. Met « vers » geeft het aan dat iets zich bij of richting het einde bevindt.
voir In « Je peux voir la couverture maintenant » betekent « voir » zien. Na « peux » staat « voir » in deze vorm om te zeggen wat de spreker kan waarnemen.
couverture In « voir la couverture » betekent « couverture » omslag, hier de omslag van het boek. Het is datgene wat de spreker nu kan zien.
maintenant In « Je peux voir la couverture maintenant » betekent « maintenant » nu. Het geeft aan dat de omslag op dit moment zichtbaar is.
Tirez-le In « Tirez-le délicatement » betekent « Tirez-le » trek het eruit. « Tirez » is de instructie om te trekken en « -le » verwijst naar het boek; samen vormen ze één opdracht.
délicatement In « Tirez-le délicatement » betekent « délicatement » voorzichtig of zachtjes. Het zegt hoe het boek uit de plank moet worden getrokken.
pour In « pour que les autres restent en place » betekent « pour » zodat, omdat het samen met « que » een doel of gevolg inleidt. De hele constructie legt uit waarom het boek voorzichtig moet worden uitgetrokken.
les In « les autres » is « les » het meervoudige bepaalde lidwoord. Samen verwijst « les autres » naar de andere boeken die op de plank blijven.
autres In « les autres » betekent « autres » andere. Het verwijst hier naar de boeken naast het boek dat wordt uitgetrokken.
restent In « pour que les autres restent en place » betekent « restent » blijven. Het onderwerp is « les autres », en de zin beschrijft dat de andere boeken niet van hun plaats raken.
place In « restent en place » betekent « place » plaats. Samen met « en » vormt het « en place », met de betekenis op hun plaats.
C'est In « C'est le bon livre » betekent « C'est » dit is of het is. Het introduceert hier de identificatie van het boek dat de spreker heeft gevonden.
le In « le bon livre » is « le » het bepaalde lidwoord vóór « livre ». In « Tirez-le » verwijst « -le » naar het boek; daar staat het als voornaamwoord bij de opdracht.
bon In « le bon livre » betekent « bon » het juiste of geschikte. Het geeft aan dat dit het boek is waarnaar gezocht werd.
Vous In « Vous pouvez le lire à cette table-là » betekent « Vous » u of jullie. Het is de aangesproken persoon of groep die toestemming of mogelijkheid krijgt om te lezen.
pouvez In « Vous pouvez le lire » betekent « pouvez » kunt of kunnen. Deze vorm van « pouvoir » wordt hier met « Vous » gebruikt en wordt gevolgd door « le lire ».
lire In « Vous pouvez le lire » betekent « lire » lezen. Het volgt op « pouvez » en het voornaamwoord « le » verwijst naar het boek dat gelezen kan worden.
à In « à cette table-là » betekent « à » aan of bij. Het geeft de plaats aan waar de aangesproken persoon het boek kan lezen.
cette In « cette table-là » betekent « cette » deze en verwijst het naar één bepaalde tafel. Het staat vóór « table » en stemt daarmee overeen in deze woordgroep.
table-là In « à cette table-là » betekent « table-là » die tafel daar. Het achtervoegsel « -là » maakt duidelijk welke tafel bedoeld wordt en verwijst naar een specifieke tafel.

Grammatica

est-ce que + onderwerp + werkwoord

Est-ce que vous pouvez lire ?

es-ku voe poevee liehr

Kunt u lezen?

Met « est-ce que » maak je een vraag zonder de normale woordvolgorde van de zin te veranderen.

Frans woordenschat

bas zelfstandig naamwoord
baa onderkant
devrait werkwoord
duh-vree zou moeten
essayez werkwoord
es-see-jee probeer
est-ce que uitdrukking
es-ku vraagconstructie
étagère zelfstandig naamwoord
etazjeer plank
livre zelfstandig naamwoord
lievr boek
bijwoord
oe waar
peux werkwoord
peu kan
premier bijvoeglijk naamwoord
pruh-mjee eerste
regarder werkwoord
ruh-gar-dee kijken
sur voorzetsel
suur op
trouver werkwoord
troe-vee vinden

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Ik kan de omslag nu zien.

Antwoord tonenJe peux voir la couverture maintenant.

Dit is het juiste boek.

Antwoord tonenC'est le bon livre.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

vinden

Antwoord tonentrouver

kan

Antwoord tonenpeux

zou moeten

Antwoord tonendevrait

boek

Antwoord tonenlivre