Elke dag 10 minuten gratis
Ga verder met audiolessen in de app
Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.
Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm
Kies je leertaal en open deze les in de app.
Over deze les
Met Beleefd een beurt vragen oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het frans.
Dialoog
Quelqu’un utilise le tapis de course depuis longtemps.
kel-keun uu-tie-liez luh ta-pie duh koers duh-pwie long-tan. Iemand gebruikt de loopband al lang.Le panneau dit que les gens doivent partager le tapis de course quand d’autres personnes attendent.
luh pa-noo die kuh lee zjan dwav par-ta-zjee luh ta-pie duh koers kan do-truh per-son a-tan. Op het bord staat dat mensen de loopband moeten delen als anderen wachten.Est-ce que je devrais lui demander, ou est-ce que ça semblerait impoli ?
es-kuh zjuh duh-vreh lwie duh-man-dee, oe es-kuh sa sam-bluh-reh am-po-lie? Zal ik het aan die persoon vragen, of komt dat onbeleefd over?Demande-le poliment et dis que tu attends ton tour.
duh-man(d)-luh po-lie-man ee die kuh tuu a-tan tong toer. Vraag het beleefd en zeg dat je op je beurt wacht.Je peux dire : « Excusez-moi, vous avez presque fini avec le tapis de course ? »
zjuh puh dier: eks-kuu-zee-mwa, voe za-vee presk fie-nie a-vek luh ta-pie duh koers? Ik kan zeggen: "Pardon, bent u bijna klaar met de loopband?"Ça a l’air clair sans lui mettre trop de pression.
sa aa ler klèr san lwie metr tro duh pres-sjon. Dat klinkt duidelijk zonder die persoon te veel onder druk te zetten.Si cette personne a besoin de plus de temps, je peux attendre ou utiliser une autre machine.
sie set per-son aa buh-zwan duh pluu duh tan, zjuh puh-z a-tandr oe uu-tie-lie-zee uun oot(r) ma-sjien. Als die persoon meer tijd nodig heeft, kan ik wachten of een ander apparaat gebruiken.Comme ça, on peut continuer à partager le matériel sans se disputer.
kom sa, ong puh kon-tie-nuu-ee a par-ta-zjee luh ma-te-rie-el san suh dies-puu-tee. Zo kunnen we de apparatuur blijven delen zonder ruzie te maken.Uitleg van de zinnen
Quelqu’un utilise le tapis de course depuis longtemps.
Iemand gebruikt de loopband al lang.
- Quelqu’un
- iemand
- utilise
- gebruikt
- tapis de course
- loopband
- depuis longtemps
- al lang
Uitgebreide uitleg
Quelqu’un betekent hier “iemand”: een onbepaald voornaamwoord voor één niet nader genoemde persoon. Het verwijst niet naar een specifiek geïdentificeerd persoon. Het werkwoord staat daarom in de derde persoon enkelvoud. utilise komt van het werkwoord utiliser (“gebruiken”) en is hier de tegenwoordige tijd, derde persoon enkelvoud. De uitgang hoort bij het onderwerp Quelqu’un; de vorm betekent in deze zin “gebruikt”. Bijvoorbeeld: Elle utilise le tapis. — “Zij gebruikt de mat.” le tapis de course is een vaste Franse benaming voor “de loopband”. Het zelfstandig naamwoord is tapis (“mat” of, in deze samenstelling, “loopband”); de course maakt de bedoelde soort duidelijk. Het lidwoord le is mannelijk enkelvoud en hoort bij tapis. depuis longtemps geeft aan dat de handeling al lange tijd voortduurt. depuis wordt gebruikt voor een beginpunt of een duur die tot het relevante moment doorloopt; met longtemps betekent het “al lang”. In combinatie met een nog voortdurende handeling staat het Frans vaak in de tegenwoordige tijd: J’habite ici depuis longtemps. — “Ik woon hier al lang.” Samen betekent Quelqu’un utilise le tapis de course depuis longtemps.: “Iemand gebruikt de loopband al lang.” De onbepaalde persoon is de uitvoerder van utilise, le tapis de course is wat die persoon gebruikt, en depuis longtemps zegt dat dit gebruik al lange tijd aanhoudt.
Le panneau dit que les gens doivent partager le tapis de course quand d’autres personnes attendent.
Op het bord staat dat mensen de loopband moeten delen als anderen wachten.
- Le panneau
- het bord
- dit
- zegt
- les gens
- de mensen
- doivent
- moeten
- partager
- delen
- le tapis de course
- de loopband
- d’autres personnes
- andere mensen
- attendent
- wachten
Uitgebreide uitleg
Le panneau betekent hier “het bord”. Le is het bepaalde lidwoord bij het enkelvoudige, mannelijke zelfstandig naamwoord panneau (“bord”). In een andere context kan een bord bijvoorbeeld een verkeers- of informatiebord zijn; hier is het de bron van de mededeling. dit is de tegenwoordige tijd van dire (“zeggen”) bij de derde persoon enkelvoud: je dis, il/elle dit, ils/elles disent. Omdat Le panneau enkelvoud is, staat het werkwoord hier in de derde persoon enkelvoud. Voorbeeld: Le professeur dit la réponse. — “De leraar zegt het antwoord.” les gens betekent “de mensen”. Les markeert hier een meervoudige naamwoordgroep; een Franse meervoudige bepaalde vorm hoeft niet altijd te verwijzen naar een eerder genoemde, precies afgebakende groep. Gens verwijst in deze vorm naar mensen. Het is niet hetzelfde als het onbepaalde enkelvoud une personne (“een persoon”). doivent is de derde persoon meervoud van devoir (“moeten”, “verschuldigd zijn”). De keten is devoir → ils/elles doivent; de vorm draagt hier dus zowel de tegenwoordige tijd als derde persoon meervoud. In combinatie met een infinitief drukt devoir een verplichting of noodzakelijke handeling uit: Ils doivent partir. — “Ze moeten vertrekken.” partager is de infinitief van “delen”. Na doivent blijft dit werkwoord in de infinitief: ils doivent partager = “ze moeten delen”. De infinitief noemt de handeling zonder zelf persoon of getal aan te geven; doivent draagt die verbuiging. le tapis de course is de vaste benaming voor “de loopband”. Tapis betekent hier niet zomaar een willekeurig kleed: in deze combinatie verwijst het naar het fitnessapparaat. Het bepalende lidwoord le hoort bij deze enkelvoudige naamwoordgroep. d’autres personnes betekent “andere mensen”. Autre betekent “ander”; autres is daarvan de meervoudsvorm. In d’autres is de vóór de klinker van autres geëlimineerd en door een apostrof weergegeven. Personnes is het meervoud van personne (“persoon”). De uitdrukking verwijst hier naar andere mensen dan de mensen die in het eerste deel als gebruikers van de loopband worden genoemd. attendent is de derde persoon meervoud van attendre (“wachten”). De vormketen is attendre → ils/elles attendent; de vorm verwijst hier dus naar een meervoudig onderwerp. Voorbeeld: D’autres personnes attendent. — “Andere mensen wachten.” De structuur Le panneau dit que ... introduceert de inhoud van wat er op het bord staat. Quand + een zin geeft hier aan wanneer of onder welke omstandigheid de verplichting geldt; in deze context past de vertaling “als”. In die inhoud zijn les gens het onderwerp van doivent partager, en d’autres personnes het onderwerp van attendent. Geheel samengevoegd betekent de zin: “Op het bord staat dat mensen de loopband moeten delen als anderen wachten.” Dit presenteert de mededeling; binnen die mededeling drukken doivent partager de verplichting uit, terwijl quand d’autres personnes attendent aangeeft wanneer die verplichting geldt.
Est-ce que je devrais lui demander, ou est-ce que ça semblerait impoli ?
Zal ik het aan die persoon vragen, of komt dat onbeleefd over?
- Est-ce que
- vraaginleiding
- devrais
- zou moeten
- lui
- aan die persoon
- demander
- vragen
- ou est-ce que
- of vraaginleiding
- ça
- dat
- semblerait
- zou overkomen
- impoli
- onbeleefd
Uitgebreide uitleg
Est-ce que is een vaste vraaginleiding. Ze maakt van de daaropvolgende mededeling een gewone vraag zonder zelf de betekenis van een vraagwoord als “waarom” of “wanneer” te geven. Voorbeeld: Est-ce que tu attends ? = “Wacht je?” devrais komt van devoir en is hier de vorm voor je in de conditionnel présent. In deze zin drukt die vorm uit wat de spreker verstandig of passend vindt om te doen: “zou ik moeten”. De reeks is je dois = “ik moet”, je devrais = “ik zou moeten”. De conditionnel maakt de vraag minder stellig dan Est-ce que je dois demander ? (“Moet ik vragen?”). lui is een persoonlijk voornaamwoord dat hier als meewerkend voorwerp bij demander staat: “aan die persoon”. De vorm lui wordt gebruikt voor één persoon, zonder onderscheid tussen mannelijk en vrouwelijk; het meervoud is leur. De vertaling maakt duidelijk dat het om een persoon gaat, maar noemt die persoon niet bij naam. demander is het werkwoord “vragen”. Na devrais staat het in de infinitief: je devrais demander = “ik zou moeten vragen”. Een bruikbaar patroon is demander quelque chose à quelqu’un (“iets aan iemand vragen”); daarom staat lui bij dit werkwoord. ou est-ce que leidt de tweede mogelijkheid in: “of …?” Het herhaalt de vraaginleiding na ou (“of”), zodat de zin twee alternatieven als vraag naast elkaar zet. ça is een aanwijzend voornaamwoord met de betekenis “dat” of “datgene”. Hier verwijst het volgens de vaste vertaling naar de voorgenomen vraag of handeling als geheel, niet naar een specifiek genoemd zelfstandig naamwoord. Het is de informele vorm die vaak in gesproken taal voorkomt; het neutralere cela kan in andere contexten dezelfde verwijzende functie hebben. semblerait komt van sembler (“lijken, overkomen”) en is de conditionnel présent bij ça: ça semblerait = “dat zou overkomen”. De conditionnel geeft hier een inschatting of mogelijk effect weer, geen vaststaand feit. Voorbeeld: Ça semble poli. = “Dat komt beleefd over.” impoli is een bijvoeglijk naamwoord met de betekenis “onbeleefd”. Het beschrijft hier hoe de handeling zou overkomen: semblerait impoli = “zou onbeleefd overkomen”. Het vrouwelijke enkelvoud is impolie; het meervoud is impolis of impolies, afhankelijk van het geslacht en aantal van het beschreven woord. In deze zin hoort impoli bij de ongespecificeerde handeling die door ça wordt aangeduid. Samen betekent Est-ce que je devrais lui demander “Zou ik het aan die persoon moeten vragen?” Daarna voegt ou est-ce que ça semblerait impoli ? een tweede mogelijkheid toe: “of zou dat onbeleefd overkomen?” De hele utterance vraagt dus om een inschatting tussen de voorgenomen vraag stellen en de mogelijkheid dat die handeling onbeleefd lijkt.
Demande-le poliment et dis que tu attends ton tour.
Vraag het beleefd en zeg dat je op je beurt wacht.
- Demande-le
- Vraag het
- poliment
- beleefd
- dis
- zeg
- attends
- wacht
- tour
- beurt
Uitgebreide uitleg
Demande-le betekent hier “vraag het”. Demande is de bevestigende gebiedende wijs van demander voor tu; het onderwerp tu staat niet apart in deze vorm. -le is het directe voornaamwoord “het” en verwijst hier naar datgene waarnaar gevraagd moet worden. In een bevestigende Franse gebiedende wijs staat zo’n voornaamwoord na het werkwoord en wordt het met een koppelteken verbonden: Demande-le ! = “Vraag het!” poliment is een bijwoord en zegt hoe de handeling gebeurt: op een beleefde manier. Het is gevormd bij het bijvoeglijk naamwoord poli (“beleefd”). Een bijwoord zoals poliment kan een werkwoord nader bepalen: Réponds poliment. = “Antwoord beleefd.” dis betekent hier “zeg”. Het is de gebiedende wijs van dire voor tu; de vorm valt samen met de vorm die ook als tegenwoordige tijd voor je voorkomt, maar hier bepaalt de opdrachtfunctie de betekenis. Demande-le et dis ... verbindt twee opdrachten met et: “Vraag het en zeg ...”. attends betekent hier “wacht”. Het komt van attendre en is de tegenwoordige tijd voor tu: tu attends. In de bijzin met que wordt dus niet opnieuw een opdrachtvorm gebruikt: que tu attends = “dat je wacht”. Het werkwoord attendre kan in andere contexten ook “op iets/iemand wachten” betekenen; hier wordt gespecificeerd waarop gewacht wordt door ton tour. tour betekent hier “beurt”, niet bijvoorbeeld een rondleiding. Het is een mannelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord. Daarom staat ervoor ton, het bezittelijke woord voor “jouw” bij een mannelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord: ton tour = “jouw beurt”. Ton drukt bezit of verbondenheid uit; het stelt op zichzelf geen aantal vast. De bijzin que tu attends ton tour betekent letterlijk “dat je op je beurt wacht”. Samen vormen dis que ... de tweede opdracht: “zeg dat ...”. De volledige zin bouwt daarom op als Demande-le poliment (“Vraag het beleefd”) + et dis (“en zeg”) + que tu attends ton tour (“dat je op je beurt wacht”). Het geheel betekent: “Vraag het beleefd en zeg dat je op je beurt wacht.”
Je peux dire : « Excusez-moi, vous avez presque fini avec le tapis de course ? »
Ik kan zeggen: "Pardon, bent u bijna klaar met de loopband?"
- Je peux
- ik kan
- dire
- zeggen
- Excusez-moi
- pardon / neem me niet kwalijk
- vous avez
- u heeft / jullie hebben
- presque
- bijna
- fini
- klaar
- tapis de course
- loopband
Uitgebreide uitleg
Je peux betekent hier: “ik kan”. peux is de tegenwoordige tijd van pouvoir bij je; de vorm geeft mogelijkheid of vermogen aan. Dezelfde constructie is bruikbaar vóór een infinitief: Je peux attendre. — “Ik kan wachten.” dire betekent “zeggen”. Dit is de infinitief die volgt op peux: pouvoir + infinitief betekent “kunnen …”. Bijvoorbeeld: Je peux aider. — “Ik kan helpen.” Excusez-moi is een beleefde aanspreekformule: “pardon” of “neem me niet kwalijk”. Excusez is de gebiedende wijs van excuser voor vous; moi is het beklemtoonde voornaamwoord voor “mij”. De vorm vous kan hier één persoon beleefd aanspreken of meerdere personen aanspreken; de zin zelf bepaalt niet welke van die twee van toepassing is. vous avez betekent hier “u heeft” of “jullie hebben”. avez is de vorm van avoir in de tegenwoordige tijd bij vous. Samen met fini vormt het de passé composé: vous avez fini — “u bent klaar / jullie zijn klaar” in deze context. De beleefde vraagvorm blijft een gewone woordvolgorde; de vraag blijkt uit de intonatie en het vraagteken. presque betekent “bijna” en beperkt hier fini: de activiteit is nog niet helemaal afgelopen, maar wel dicht bij het einde. Het is een bijwoord en verandert niet mee met persoon of getal. Bijvoorbeeld: J’ai presque fini. — “Ik ben bijna klaar.” fini is hier het voltooid deelwoord van finir, “eindigen” of “afmaken”. In vous avez fini staat het met avoir in de passé composé. In de vaste uitdrukking fini avec betekent het hier dat iemand klaar is met het gebruik van iets; het is dus niet alleen het losse idee “eindigen”. tapis de course betekent “loopband”. Dit is een zelfstandig naamwoordelijk geheel: tapis is het hoofdwoord (“mat” of “tapijt”) en de course specificeert het type. Het lidwoord le in de volledige zin hoort bij dit mannelijke zelfstandig naamwoordelijke geheel: le tapis de course. In zijn geheel is Je peux dire : « Excusez-moi, vous avez presque fini avec le tapis de course ? » een voorstel om te zeggen: “Pardon, bent u bijna klaar met de loopband?” Je peux dire presenteert de daaropvolgende woorden als wat de spreker kan zeggen. Binnen de aangehaalde vraag combineert Excusez-moi de beleefde onderbreking met vous avez presque fini avec le tapis de course: de aangesprokene wordt gevraagd of die bijna klaar is met de loopband. De formulering past daardoor bij beleefd vragen terwijl de spreker op een beurt wacht.
Ça a l’air clair sans lui mettre trop de pression.
Dat klinkt duidelijk zonder die persoon te veel onder druk te zetten.
- Ça
- dat
- a l’air
- lijkt; ziet eruit
- clair
- duidelijk
- sans
- zonder
- lui
- die persoon
- mettre
- zetten
- trop
- te veel
- pression
- druk
Uitgebreide uitleg
Ça staat hier als onderwerp en betekent in deze context “dat”. Het is een aanwijzend voornaamwoord; de precieze zaak waarnaar het verwijst, wordt in deze zin niet benoemd. a l’air komt van avoir l’air en betekent “lijken” of “de indruk geven”. De vorm a is de derde persoon enkelvoud van avoir; na ça gebruik je dus a. Bijvoorbeeld: Ça a l’air facile. — “Dat lijkt makkelijk.” clair is een bijvoeglijk naamwoord en betekent hier “duidelijk”. De combinatie avoir l’air + bijvoeglijk naamwoord geeft weer hoe iets lijkt: Ça a l’air clair = “Dat lijkt duidelijk”. De basisvorm van het waargenomen woord is clair; in andere combinaties bestaan ook vormen als claire, clairs en claires, afhankelijk van het woord waarbij het hoort. sans betekent “zonder”. Voor een handeling volgt vaak een infinitief: sans + infinitief betekent “zonder te ...”. Bijvoorbeeld: Il est parti sans parler. — “Hij is vertrokken zonder te praten.” lui is hier een enkelvoudig indirect objectvoornaamwoord en betekent volgens de vaste vertaling “die persoon”. Deze vorm geeft het geslacht niet aan. Het vervangt de persoon die de druk ondervindt; de precieze identiteit van die persoon wordt in deze zin niet benoemd. Bijvoorbeeld: Je lui parle. — “Ik praat met die persoon.” mettre is de infinitief van het werkwoord “zetten” of “leggen”. In lui mettre trop de pression krijgt het de overdrachtelijke betekenis “iemand onder druk zetten”. De infinitief staat hier na sans. trop betekent “te veel” en bepaalt hier de hoeveelheid pression: de druk wordt als buitensporig voorgesteld. Het is niet hetzelfde als très (“erg/heel”), dat alleen de intensiteit versterkt zonder noodzakelijk “te veel” te betekenen. pression is een zelfstandig naamwoord en betekent “druk”. In dit chunk gaat het om overdrachtelijke druk op een persoon, niet om fysieke druk. Bijvoorbeeld: Ne lui mets pas trop de pression. — “Zet die persoon niet te veel onder druk.” Samen betekent Ça a l’air clair “Dat lijkt duidelijk”. sans lui mettre trop de pression voegt de omstandigheid toe waaronder dat zo lijkt: “zonder die persoon te veel onder druk te zetten”. De hele zin betekent dus: “Dat klinkt duidelijk zonder die persoon te veel onder druk te zetten.”
Si cette personne a besoin de plus de temps, je peux attendre ou utiliser une autre machine.
Als die persoon meer tijd nodig heeft, kan ik wachten of een ander apparaat gebruiken.
- Si
- als
- cette
- die
- personne
- persoon
- a besoin de
- nodig heeft
- plus
- meer
- temps
- tijd
- je peux
- ik kan
- attendre
- wachten
- ou
- of
- utiliser
- gebruiken
- autre
- ander(e)
- machine
- apparaat
Uitgebreide uitleg
Si leidt hier een voorwaardelijke bijzin in: “als …”. In het Frans staat na si voor een reële of mogelijke voorwaarde vaak de présent, zoals in Si cette personne a besoin de plus de temps. Gebruik na si in deze betekenis niet zomaar de futur; de toekomstige mogelijkheid kan in de hoofdzin worden uitgedrukt. cette personne betekent hier “die persoon”. cette is de vrouwelijke enkelvoudsvorm van het aanwijzend bijvoeglijk element; vergelijk ce voor een mannelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord en ces voor het meervoud. personne is hier het zelfstandig naamwoord “persoon”. De vorm is grammaticaal vrouwelijk, ook als de concrete persoon niet nader wordt geïdentificeerd. In deze zin verwijst de combinatie volgens de vertaling naar die persoon. a besoin de is de constructie avoir besoin de — letterlijk opgebouwd met “hebben”, maar als geheel “nodig hebben”. a is de derde persoon enkelvoud van avoir; de infinitief is avoir. Voorbeelden: J’ai besoin de temps. — “Ik heb tijd nodig.” Nous avons besoin d’aide. — “Wij hebben hulp nodig.” Het voorzetsel de hoort bij de constructie en kan vóór een klinker verkorten: besoin d’aide. plus de temps betekent hier “meer tijd”. plus geeft een grotere hoeveelheid aan; temps is het zelfstandig naamwoord “tijd” en functioneert hier als een niet-afgebakende hoeveelheid. Het patroon plus de + zelfstandig naamwoord is bruikbaar voor “meer …”: plus de place — “meer ruimte”. je peux betekent “ik kan” in de betekenis van mogelijkheid of vermogen. peux is de eerste persoon enkelvoud van pouvoir; de infinitief is pouvoir. pouvoir wordt gevolgd door een infinitief: je peux attendre — “ik kan wachten”. Vergelijk il/elle peut voor de derde persoon enkelvoud; de vorm peux hoort specifiek bij je. attendre is de infinitief “wachten”. Na peux blijft het werkwoord in de infinitief: je peux attendre, niet een vervoegde vorm. Een vergelijkbaar patroon is Je peux venir. — “Ik kan komen.” ou verbindt alternatieven en betekent “of”. Het verbindt hier de twee handelingen attendre en utiliser, die allebei afhangen van je peux. utiliser is de infinitief “gebruiken”. Ook deze infinitief staat na peux: je peux utiliser — “ik kan gebruiken”. De twee infinitieven worden parallel verbonden: je peux attendre ou utiliser .... une autre machine betekent “een ander apparaat”. autre betekent hier “ander” of “een andere” en stemt af op het vrouwelijke enkelvoudige zelfstandig naamwoord machine; de vrouwelijke enkelvoudsvorm is dus autre, zonder extra uitgang. une markeert een onbepaald zelfstandig naamwoord, maar drukt op zichzelf niet noodzakelijk een telbedoeling uit. machine betekent hier, volgens de vaste vertaling, “apparaat”. De hele zin combineert de voorwaarde Si cette personne a besoin de plus de temps met de hoofdzin je peux attendre ou utiliser une autre machine. Samen betekent dat: “Als die persoon meer tijd nodig heeft, kan ik wachten of een ander apparaat gebruiken.” De spreker noemt dus twee mogelijke handelingen onder die voorwaarde; de zin zegt niet dat beide handelingen tegelijk moeten gebeuren.
Comme ça, on peut continuer à partager le matériel sans se disputer.
Zo kunnen we de apparatuur blijven delen zonder ruzie te maken.
- Comme ça
- zo; op die manier
- on peut
- we kunnen
- continuer
- doorgaan
- partager
- delen
- le matériel
- de apparatuur
- se disputer
- ruzie maken
Uitgebreide uitleg
Comme ça betekent hier ‘zo’ of ‘op die manier’. Het verwijst naar de manier die uit de situatie blijkt; het is een herbruikbare manier om een gevolg of aanpak aan te wijzen. Voorbeeld: Fais comme ça. — ‘Doe het zo.’ on peut betekent hier ‘we kunnen’. On is een onbepaald persoonlijk voornaamwoord dat in deze zin de groep van de spreker aanduidt; de vaste vertaling maakt die lezing duidelijk. Het werkwoord peut is de derde persoon enkelvoud van pouvoir (‘kunnen’): je peux, tu peux, il/elle/on peut, nous pouvons. Voorbeeld: On peut attendre. — ‘We kunnen wachten.’ continuer betekent ‘doorgaan’ of ‘blijven’. Na continuer staat hier à met een infinitief: continuer à partager = ‘doorgaan met delen’. De constructie kan dus opnieuw gebruikt worden met een ander werkwoord, bijvoorbeeld continuer à travailler — ‘blijven werken’. partager betekent ‘delen’: iets samen gebruiken of iets onder meerdere mensen verdelen. Het is een infinitief na continuer à; de vorm verandert hier dus niet volgens de persoon. Voorbeeld: Nous partageons une table. — ‘We delen een tafel.’ le matériel betekent ‘de apparatuur’ of ‘het materiaal’. Matériel is hier een mannelijk zelfstandig naamwoord; le is het bepaalde lidwoord. In deze betekenis verwijst het naar apparatuur als geheel, niet naar één afzonderlijk apparaat. Een mogelijk enkelvoudig, telbaar woord is une machine — ‘een machine’; dat is een ander zelfstandig naamwoord en niet de basisvorm van matériel. se disputer betekent ‘ruzie maken’ of ‘onenigheid hebben’. Se hoort bij het wederkerende werkwoord se disputer; in deze zin staat het in de infinitief na sans: sans se disputer = ‘zonder ruzie te maken’. Zonder se is disputer een niet-wederkerig werkwoord met een andere constructie, bijvoorbeeld in disputer une décision (‘een beslissing betwisten’). Voorbeeld: Ils se disputent souvent. — ‘Ze maken vaak ruzie.’ Samen betekent Comme ça, on peut continuer à partager le matériel ongeveer: ‘Zo kunnen we de apparatuur blijven delen.’ Sans se disputer voegt de omstandigheid toe dat dit zonder ruzie maken gebeurt. De volledige zin is dus: ‘Zo kunnen we de apparatuur blijven delen zonder ruzie te maken.’
Grammatica
devoir + infinitif
Les gens doivent attendre leur tour.
lee zjan dwav a-tandr leur toer.Mensen moeten op hun beurt wachten.
Na doivent staat een infinitief: doivent attendre. Het onderwerp bepaalt de vorm van devoir.
avoir besoin de + zelfstandig naamwoord
La machine a besoin de temps.
la ma-sjien aa buh-zwan duh tan.Het apparaat heeft tijd nodig.
avoir besoin de is een vaste uitdrukking voor 'nodig hebben'; daarna volgt de voorzetselgroep met de.
Frans woordenschat
Quiz
Spelling
Tik op de letters om het woord te spellen.
gebruiken
Antwoord tonen
utilisemoeten
Antwoord tonen
doiventbord
Antwoord tonen
panneaumensen