Jeg
Jeg betekent hier ‘ik’: de spreker verwijst naar zichzelf. Het staat als onderwerp vóór het werkwoord, bijvoorbeeld in Jeg er klar nu en Jeg har mere tid nodig. Je gebruikt het wanneer je iets over jezelf zegt.
har
Har betekent hier ‘heb’ en staat in meerdere Deense uitdrukkingen over een toestand of behoefte. In Jeg har det bedre, Jeg har meget travlt en Jeg har brug for mere tid vormt het samen met de andere woorden de volledige betekenis. Een bruikbaar patroon is Jeg har + iets; in een vraag staat het in Har du tid? voor het onderwerp du.
det
Det betekent in Jeg har det bedre ‘het’ en verwijst daar naar de toestand of het welbevinden. De hele uitdrukking Jeg har det bedre betekent ‘ik voel me beter’; det alleen betekent niet ‘zich voelen’. Je gebruikt deze uitdrukking wanneer je vertelt dat je toestand verbeterd is.
bedre
Bedre betekent in Jeg har det bedre ‘beter’ en geeft aan dat de toestand verbeterd is. Het hoort hier samen met har det; alleen bedre betekent niet ‘zich beter voelen’. Een nieuw voorbeeld is: Det er bedre.
meget
Meget betekent in Jeg har meget travlt ‘erg’ of ‘zeer’ en versterkt de betekenis van travlt. Het staat vóór het woord dat het versterkt, zoals in meget travlt. Je gebruikt het wanneer je een toestand of eigenschap sterk wilt benadrukken.
travlt
Travlt betekent in Jeg har meget travlt ‘druk’ en beschrijft dat iemand veel te doen heeft. Het wordt hier gebruikt in de uitdrukking har travlt. Een nieuw voorbeeld is: Jeg har travlt i dag; je kunt dit zeggen wanneer je wilt uitleggen dat je weinig tijd hebt.
er
Er betekent in Jeg er klar nu en Jeg er ikke klar ‘ben’ en beschrijft daar de toestand van de spreker. De citeervorm is være; er is de vorm die in deze zinnen wordt gebruikt. Een bruikbaar patroon is Jeg er + een toestand, bijvoorbeeld Jeg er klar nu wanneer je zegt dat je klaar bent.
klar
Klar betekent in Jeg er klar nu ‘klaar’ en beschrijft dat iemand gereed is. In Jeg er ikke klar wordt dezelfde vorm ontkend. Je gebruikt er klar wanneer je zegt dat je klaar bent om te beginnen of verder te gaan.
nu
Nu betekent ‘nu’ en verwijst in Jeg er klar nu naar het huidige moment. Het staat hier aan het einde van de zin en voegt tijdsinformatie toe aan er klar. Een nieuw voorbeeld is: Nu er jeg klar.
ikke
Ikke betekent ‘niet’ en ontkent in Jeg er ikke klar de toestand klar. Het staat hier vóór het woord dat wordt ontkend: er ikke klar. Je gebruikt deze vorm wanneer je wilt zeggen dat je nog niet klaar bent.
brug for
De combinatie brug for betekent hier ‘nodig hebben’ in Jeg har brug for mere tid. Brug draagt het idee van gebruik of behoefte bij, en for verbindt die behoefte met datgene wat nodig is. Een bruikbaar patroon is Jeg har brug for + iets; een nieuw voorbeeld is: Jeg har brug for hjælp.
mere
Mere betekent in Jeg har brug for mere tid ‘meer’ en geeft aan dat er extra tijd nodig is. Het staat vóór tid in de woordgroep mere tid. Je gebruikt mere vóór iets waarvan je een grotere hoeveelheid nodig hebt.
tid
Tid betekent ‘tijd’. In Jeg har brug for mere tid gaat het om extra tijd die nodig is, terwijl Har du tid? vraagt of iemand tijd beschikbaar heeft. Je gebruikt tid daarom bijvoorbeeld wanneer je over beschikbaarheid of planning praat.
du
Du betekent ‘jij’ of ‘je’ en verwijst in Har du tid? naar de aangesproken persoon. In deze vraag staat du na har: Har du tid? Je gebruikt het wanneer je rechtstreeks aan één persoon vraagt of die tijd heeft.