Prijs, weer en ontdekkingen | Leer deens in het Nederlands

Danish lesson set in a contemporary Copenhagen everyday setting: A beginner practices six useful English phrases about basic price, weather, and discoveries..

NL → DA / Niveau: A1

Over deze les

Met Prijs, weer en ontdekkingen oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het deens.

Dialoog

A

Hvor meget koster det?

voo-uh meed kostuh deh Hoeveel kost dit?
B

Hvor bor du?

voo-uh boor doeh Waar woon je?
A

Vejret er dejligt.

wai-uhd eh dai-ligt Het weer is mooi.
B

Det regner nu.

deh rau-nuh noo Het regent nu.
A

Jeg glemte min telefon.

yai glem-duh min tele-foon Ik ben mijn telefoon vergeten.
B

Jeg fandt den.

yai fent den Ik heb hem gevonden.

Woord voor woord

Hvor In "Hvor meget koster det?" betekent "Hvor" samen met "meget" "hoeveel"; in "Hvor bor du?" betekent het "waar". Gebruik "Hvor meget" om naar een hoeveelheid of prijs te vragen en "Hvor" in "Hvor bor du?" om naar een plaats te vragen. Je gebruikt het bijvoorbeeld wanneer je naar de prijs van iets vraagt of waar iemand woont.
meget In "Hvor meget koster det?" betekent "meget" "veel" en maakt het samen met "Hvor" de vraag "hoeveel". De vaste vraagstructuur is "Hvor meget koster det?", met daarna datgene waarvan je de prijs vraagt. Gebruik deze uitdrukking bijvoorbeeld in een winkel.
koster "Koster" betekent hier "kost" in de vraag naar de prijs van iets. Het staat in de structuur "Hvor meget koster det?", waarin "det" verwijst naar het voorwerp waarvan je de prijs vraagt. Gebruik dit bijvoorbeeld om naar de prijs van een product te vragen.
det "Det" betekent hier "het" en verwijst in "Hvor meget koster det?" naar het voorwerp waarvan de prijs wordt gevraagd. Het staat na "koster" in deze vraagstructuur. Je kunt dezelfde structuur gebruiken wanneer je naar de prijs van iets wilt vragen.
bor "Bor" betekent hier "woont" in "Hvor bor du?". Het wordt gebruikt met "du" in de vraag naar iemands woonplaats. Gebruik "Hvor bor du?" bijvoorbeeld wanneer je iemand naar zijn of haar woonplaats vraagt.
du "Du" betekent "jij" in "Hvor bor du?" en verwijst naar de persoon aan wie je de vraag stelt. In deze vraag staat het na "bor". Je gebruikt het bijvoorbeeld in een directe, informele vraag aan één persoon.
Vejret "Vejret" betekent "het weer" en is in "Vejret er dejligt" het onderwerp van de zin. De vorm wordt gebruikt om over het weer als geheel te spreken. Gebruik bijvoorbeeld "Vejret er dejligt" om tijdens een gesprek over het weer te zeggen dat het aangenaam is.
er "Er" betekent hier "is" en verbindt "Vejret" met de beschrijving "dejligt". In "Vejret er dejligt" staat het tussen het onderwerp en de beschrijving ervan. Je gebruikt deze structuur om te zeggen hoe het weer is.
dejligt "Dejligt" betekent hier "aangenaam" of "mooi" en beschrijft in "Vejret er dejligt" het weer. Het staat na "er" als beschrijving van "Vejret". Gebruik de hele zin bijvoorbeeld wanneer het weer prettig is.
regner "Regner" betekent hier "regent" in "Det regner nu". Het wordt gebruikt in de uitdrukking "Det regner" om regen te beschrijven. Je gebruikt dit bijvoorbeeld om iemand te vertellen wat voor weer het op dit moment is.
nu "Nu" betekent "nu" en geeft in "Det regner nu" aan dat het op dit moment regent. Het staat aan het einde van de zin. Gebruik het wanneer je de huidige situatie of het huidige moment wilt benadrukken.
Jeg "Jeg" betekent "ik" en verwijst in "Jeg glemte min telefon" naar de spreker. Het staat hier aan het begin van de zin als degene die iets vergat. Gebruik het bijvoorbeeld om over iets te vertellen dat jezelf is overkomen.
glemte "Glemte" betekent hier "vergat" in "Jeg glemte min telefon". Het verwijst naar het vergeten van het voorwerp dat daarna wordt genoemd: "min telefon". Gebruik deze zin bijvoorbeeld wanneer je uitlegt waarom je je telefoon niet bij je hebt.
min "Min" betekent "mijn" en geeft in "min telefon" aan dat de telefoon van de spreker is. Het staat direct voor "telefon". Gebruik "min" op dezelfde manier wanneer je in een nieuwe zin naar iets van jezelf verwijst.
telefon "Telefon" betekent "telefoon" en is in "min telefon" het voorwerp dat de spreker vergat. Samen met "min" vormt het de woordgroep "min telefon". Gebruik deze woordgroep bijvoorbeeld wanneer je vertelt dat je je eigen telefoon ergens hebt achtergelaten.
fandt "Fandt" betekent "vond" in "Jeg fandt den". Het beschrijft hier het vinden van iets waar eerder naar wordt verwezen. Gebruik de structuur "Jeg fandt ..." met een object wanneer je vertelt dat je iets hebt gevonden.
den "Den" betekent hier "het" en verwijst in "Jeg fandt den" naar de eerder genoemde telefoon. Het staat na "fandt" als het gevonden voorwerp. Gebruik bijvoorbeeld de hele structuur "Jeg fandt den" wanneer je antwoordt dat je een eerder genoemd voorwerp hebt gevonden.

Grammatica

Hvor meget koster det?

Hvor meget koster det?

voo-uh meed kostuh deh

Hoeveel kost het?

In een Deense vraag staat het werkwoord vóór het onderwerp: koster det.

Neutrum bijvoeglijk naamwoord op -t

Vejret er dejligt.

wai-uhd eh dai-ligt

Het weer is heerlijk.

Bij een onzijdig zelfstandig naamwoord krijgt het bijvoeglijk naamwoord vaak -t: vejret → dejligt.

Deens woordenschat

bor werkwoord
boor woont
dejligt bijvoeglijk naamwoord
dai-ligt mooi; heerlijk
Geslacht
neuter
det voornaamwoord
deh dit; het

Dit in 'Hvor meget koster det?' en het in 'Det regner nu.'

er werkwoord
eh is
glemte werkwoord
glem-duh vergat
hvor bijwoord
voo-uh waar
hvor meget uitdrukking
voo-uh meed hoeveel

Hvor meget koster det?

jeg voornaamwoord
yai ik
koster werkwoord
kostuh kost
nu bijwoord
noo nu
regner werkwoord
rau-nuh regent
vejret zelfstandig naamwoord
wai-uhd het weer
Geslacht
neuter

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Hoeveel kost dit?

Antwoord tonenHvor meget koster det?

Waar woon je?

Antwoord tonenHvor bor du?

Het weer is mooi.

Antwoord tonenVejret er dejligt.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

het weer

Antwoord tonenvejret

waar

Antwoord tonenhvor

mooi; heerlijk

Antwoord tonendejligt

kost

Antwoord tonenkoster