Elke dag 10 minuten gratis
Ga verder met audiolessen in de app
Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.
Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm
Kies je leertaal en open deze les in de app.
Over deze les
Met Kennismaken en over de leraar praten oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het deens.
Dialoog
Rart at møde dig.
raat uh meu-dhuh dai Leuk je te ontmoeten.Er det din første lektion her?
eah dee den feur-stuh leg-sjoon heah Is dit je eerste les hier?Jeg har været her før.
yai haa vair-uh heah feu-uh Ik ben hier al eerder geweest.Jeg har været her et stykke tid.
yai haa vair-uh heah e stuh-guh tiid Ik ben hier al een tijdje.Hvordan er læreren?
vohn-an eah leah-uhn Hoe is de leraar?Læreren er meget venlig.
leah-uhn eah mee ween-lee De leraar is heel aardig.Uitleg van de zinnen
Rart at møde dig.
Leuk je te ontmoeten.
- Rart
- leuk; aangenaam
- møde
- ontmoeten
- dig
- jou
Uitgebreide uitleg
Rart betekent hier “leuk” of “aangenaam”. Het is de onzijdige vorm van het Deense bijvoeglijk naamwoord rar; de vorm past hier bij de onpersoonlijke uitdrukking det er rart (“het is leuk/aangenaam”). In deze vaste zin staat geen uitgeschreven det er, maar de betekenis is een vaste begroetingsformule. møde betekent “ontmoeten”. Dit is de infinitief; na at gebruikt het Deens hier de infinitief: at møde = “ontmoeten”. Bijvoorbeeld: Det er rart at møde dig. — “Het is leuk je te ontmoeten.” dig betekent “jou” en is de vorm voor de aangesproken persoon. Het is de objectvorm van het persoonlijke voornaamwoord dat overeenkomt met Nederlands jij/je; vergelijk de subjectvorm du (“jij”) met dig (“jou”). Bijvoorbeeld: Jeg ser dig. — “Ik zie jou.” Samen vormt Rart at møde dig. een korte Deense formule met de betekenis “Leuk je te ontmoeten.” Rart geeft de positieve beoordeling, at møde benoemt de ontmoeting en dig verwijst naar de persoon die wordt aangesproken.
Er det din første lektion her?
Is dit je eerste les hier?
- Er det
- is het
- din
- jouw
- første
- eerste
- lektion
- les
- her
- hier
Uitgebreide uitleg
Er det vormt hier een ja-neevraag. Er is de tegenwoordige vorm van at være (“zijn”) voor deze constructie; in een vraag staat het werkwoord vóór det. Det is het onderwerp/pronomen van de vraag en krijgt hier de betekenis “het/dit” binnen de bedoelde situatie. Het verwijst niet noodzakelijk naar een eerder genoemd zelfstandig naamwoord. din betekent hier “jouw” en is de bezittelijke vorm bij een enkelvoudig gemeenschappelijk-geslacht zelfstandig naamwoord. lektion is in het Deens een gemeenschappelijk-geslacht woord: en lektion, dus din lektion. Vergelijk bijvoorbeeld dit kursus bij een onzijdig enkelvoudig woord en dine lektioner bij een meervoud. første betekent “eerste”. Het is een rangtelwoord en zegt welke plaats iets in een volgorde heeft; het stelt op zichzelf geen concreet aantal lessen vast. De vorm is hier niet een verbuiging van lektion: første is het rangtelwoord en lektion het zelfstandig naamwoord. Een herbruikbaar voorbeeld is: Det er min første dag. — “Dat is mijn eerste dag.” lektion betekent “les”. Het meervoud is lektioner. In deze zin gaat het om de les als activiteit of bijeenkomst, zonder dat de zin zelf meer details over die les geeft. her is een plaatsbijwoord en betekent “hier”, dus op de plaats waar de spreker de aangesprokene situeert. Het verandert niet mee met een zelfstandig naamwoord. Samen vormen de delen de vraag Er det ...? (“Is het ...?”), gevolgd door het bezittelijke din, het rangtelwoord første, het zelfstandig naamwoord lektion en de plaatsbepaling her. De volledige betekenis is: “Is dit je eerste les hier?”
Jeg har været her før.
Ik ben hier al eerder geweest.
- Jeg har
- ik heb
- været
- geweest
- her
- hier
- før
- eerder
Uitgebreide uitleg
Jeg har betekent hier “ik heb” en vormt samen met het volgende deel de voltooide tijd. har is de tegenwoordige vorm van have voor jeg; in het Deens staat het hulpwerkwoord vóór het voltooid deelwoord. Vergelijk bijvoorbeeld: Jeg har læst bogen. — “Ik heb het boek gelezen.” været is het voltooid deelwoord van være (“zijn”). In combinatie met har geeft het aan dat het verblijf vóór het spreekmoment heeft plaatsgevonden. Het deelwoord blijft in deze constructie været; het verandert hier niet mee met jeg. her betekent “hier” en bepaalt de plaats van het verblijf. Het is een bijwoord, geen vorm die met een zelfstandig naamwoord overeenkomt. før betekent hier “eerder” en verwijst naar een eerder moment of een eerdere gelegenheid. Het staat na de plaatsbepaling en voegt aan været her toe dat dit niet de eerste keer is dat de spreker hier is geweest. Voor een algemene tijdsvergelijking kan før ook “voor/vóór” betekenen, maar in deze zin is de bedoelde betekenis “eerder”. Samen vormen Jeg har været her før de betekenis: “Ik ben hier al eerder geweest.” Het patroon is Jeg har + voltooid deelwoord + plaats + før: de spreker zegt dat hij of zij op deze plaats in het verleden is geweest. De zin zegt niet wanneer dat precies was.
Jeg har været her et stykke tid.
Ik ben hier al een tijdje.
- Jeg
- ik
- har været
- ben geweest
- her
- hier
- et stykke tid
- een tijdje
Uitgebreide uitleg
Jeg betekent hier “ik”: de spreker verwijst naar zichzelf. Het is de eerste persoon enkelvoud. Vergelijk du (“jij”) wanneer de aangesprokene het onderwerp is. har været is de voltooide vorm van være (“zijn”). har is de tegenwoordige vorm van het hulpwerkwoord have; deze vorm blijft in het Deens hetzelfde bij verschillende personen. været is het voltooid deelwoord van være. Samen drukken ze hier uit dat de spreker gedurende enige tijd hier is geweest en er volgens de vertaling nog steeds is. Een bruikbaar patroon is Jeg har været ... (“Ik ben ... geweest”). In Jeg har været her før betekent dezelfde vorm bijvoorbeeld “Ik ben hier eerder geweest”. her betekent “hier” en duidt de plaats aan waar de spreker zich bevindt of bevond. Het is een plaatsbijwoord en verandert niet mee met het onderwerp of de plaatsnaam. et stykke tid is een vaste, bruikbare manier om een niet nader bepaalde tijdsduur uit te drukken: “een tijdje”. et hoort bij het onzijdige zelfstandig naamwoord stykke (“stuk”), terwijl tid “tijd” betekent. In deze uitdrukking leer je het geheel als tijdsduur; het verwijst hier niet naar een fysiek stuk. Voorbeeld: Hun ventede et stykke tid. — “Zij wachtte een tijdje.” Samen vormen de delen Jeg har været her en et stykke tid de volledige betekenis: “Ik ben hier al een tijdje.” De voltooide vorm verbindt de eerdere aanwezigheid met het huidige moment.
Hvordan er læreren?
Hoe is de leraar?
- Hvordan
- hoe
- er
- is
- læreren
- de leraar
Uitgebreide uitleg
Hvordan betekent hier ‘hoe’ en vraagt naar een kenmerk of toestand. In de vaste zin vraagt het dus hoe de leraar is, niet wie hij is. Een bruikbaar patroon is Hvordan er X? — ‘Hoe is X?’ er is de tegenwoordige tijd van være (‘zijn’). De vorm er verandert in het Deens niet naar persoon of getal: bijvoorbeeld jeg er (‘ik ben’), du er (‘jij bent’) en de er (‘zij zijn’). In deze vraag verbindt er de vraag naar de toestand met læreren. læreren betekent hier ‘de leraar’. Het basiswoord is lærer (‘leraar’); de uitgang -en maakt er de bepaalde enkelvoudsvorm van: lærer → læreren. Het woord verwijst in deze zin naar een bepaalde leraar, maar de zin zelf zegt niet welke eigenschap die persoon heeft. Samen vormen de delen Hvordan + er + læreren de vraag ‘Hoe is de leraar?’. Het patroon is herbruikbaar met een andere referent, bijvoorbeeld Hvordan er filmen? — ‘Hoe is de film?’
Læreren er meget venlig.
De leraar is heel aardig.
- Læreren
- de leraar
- er
- is
- meget
- heel
- venlig
- vriendelijk
Uitgebreide uitleg
Læreren betekent hier “de leraar”. Het is de bepaalde enkelvoudsvorm van lærer (“leraar”): lærer = een leraar, læreren = de leraar. De uitgang -en markeert hier bepaaldheid bij dit woord. Voor een zelfstandig naamwoord van het andere grammaticale geslacht kan de bepaalde uitgang anders zijn; die keuze hangt af van het grammaticale geslacht van het zelfstandig naamwoord, niet alleen van het feit dat het enkelvoud is. er is de vorm van het werkwoord at være (“zijn”) in de tegenwoordige tijd. Dezelfde vorm wordt bij verschillende onderwerpen gebruikt: Jeg er = “ik ben”, de er = “zij zijn”. Hier verbindt er het onderwerp met een eigenschap. meget betekent hier “heel” of “erg” en versterkt het bijvoeglijk naamwoord dat erop volgt. Het is geen zelfstandig naamwoord en geeft hier geen afzonderlijk aantal aan. Een herbruikbaar patroon is meget + bijvoeglijk naamwoord, bijvoorbeeld: Hun er meget glad. — “Zij is heel blij.” venlig betekent hier “aardig” of “vriendelijk”. Het is een bijvoeglijk naamwoord dat na er de eigenschap van Læreren noemt. venlig is de vorm voor een enkelvoudig zelfstandig naamwoord van het gemeenschappelijke geslacht; bij een onzijdig enkelvoud staat doorgaans venligt, en bij meervoud of bepaalde vormen doorgaans venlige. Voorbeeld: Lærerne er venlige. — “De leraren zijn vriendelijk.” Samen vormen de delen Læreren er meget venlig de betekenis “de leraar is heel aardig”: eerst het onderwerp, daarna de tegenwoordige vorm van “zijn”, vervolgens de versterker meget en de eigenschap venlig.
Grammatica
meget + adjektiv
meget venlig
mee ween-leeheel aardig
meget staat vóór het bijvoeglijk naamwoord venlig en versterkt de betekenis: ‘heel aardig’.
et stykke tid
et stykke tid
e stuh-guh tiideen tijdje
Dit is een vaste Deense uitdrukking voor een korte, niet precies bepaalde periode.
Deens woordenschat
Rart at møde dig.
Jeg har været her et stykke tid.
Jeg har været her før.
Er det din første lektion her?
Er det din første lektion her?
Hvordan er læreren?
Er det din første lektion her?
- Bepaald
- true
Hvordan er læreren?
Læreren er meget venlig.
Rart at møde dig.
Rart at møde dig.
Jeg har været her før.
Quiz
Woordvolgorde
Zet de woorden in de juiste volgorde.
Leuk je te ontmoeten.
Antwoord tonen
Rart at møde dig.Is dit je eerste les hier?
Antwoord tonen
Er det din første lektion her?Ik ben hier al eerder geweest.
Antwoord tonen
Jeg har været her før.Spelling
Tik op de letters om het woord te spellen.
les
Antwoord tonen
lektiongeweest
Antwoord tonen
væretontmoeten
Antwoord tonen
mødeleuk