Jeg
“Jeg” betekent hier “ik” en verwijst naar de spreker in “Jeg er nervøs”. Het staat vooraan als onderwerp, zoals in “Jeg er glad for at høre det”. Je gebruikt “Jeg” wanneer je iets over jezelf zegt.
er
“er” betekent hier “ben” in “Jeg er nervøs” en verbindt de spreker met een toestand of eigenschap. Het staat na het onderwerp en voor het bijvoeglijk naamwoord. Een veelgebruikt patroon is “Jeg er ...” voor iets dat je voelt of bent.
nervøs
“nervøs” betekent hier “zenuwachtig” en beschrijft hoe de spreker zich voelt vóór de les. Het komt na “er” in “Jeg er nervøs”. Je gebruikt het bijvoorbeeld wanneer je je gespannen voelt voor een les of gesprek.
før
“før” betekent hier “voor” in de tijd: “før timen” is “voor de les”. Het staat vóór het tijdstip of de gebeurtenis waarnaar je verwijst. Een bruikbaar patroon is “før + gebeurtenis”, zoals in “før timen”.
timen
“timen” betekent hier “de les” in “før timen”. De vorm verwijst naar een specifieke les; de basisvorm is “time”. Je gebruikt “timen” wanneer de gesprekspartners weten over welke les het gaat.
Den
“Den” betekent hier “die” in “Den følelse” en wijst naar het gevoel dat net genoemd is. Het staat direct vóór “følelse”. Je gebruikt “Den” op dezelfde manier om naar een eerder genoemde zaak te verwijzen.
følelse
“følelse” betekent hier “gevoel” in “Den følelse er normal”. Het benoemt de zenuwachtigheid waarover de spreker zojuist sprak. Je kunt het gebruiken in patronen als “en følelse” of “Den følelse”.
normal
“normal” betekent hier “normaal” en zegt dat het genoemde gevoel gebruikelijk is. Het staat na “er” in “Den følelse er normal”. Je gebruikt het om een toestand of reactie als niet vreemd te beschrijven.
Gruppen
“Gruppen” betekent hier “de groep” in “Gruppen er venlig”. Het is de specifieke groep die bij de les hoort; de basisvorm is “gruppe”. Je gebruikt deze vorm wanneer je naar een bekende groep verwijst.
venlig
“venlig” betekent hier “vriendelijk” en beschrijft de groep in “Gruppen er venlig”. Het staat na “er” om een eigenschap van de groep te geven. Je gebruikt het om een persoon of groep als aardig en gastvrij te beschrijven.
glad
“glad” betekent hier “blij” in “Jeg er glad for at høre det”. Het beschrijft de positieve reactie van de spreker op de informatie over de groep. Een bruikbaar patroon is “Jeg er glad for ...” wanneer je tevreden bent over iets.
for
“for” geeft in “glad for at høre det” aan waar de spreker blij om is. Het staat vóór “at høre det” en verbindt de emotie met de reden ervan. Je gebruikt het in het patroon “glad for + iets” of “glad for at ...”.
at
“at” markeert in “at høre det” het werkwoord in de infinitief na “glad for”. Het hoort bij de constructie “for at høre det”, die betekent dat de spreker blij is om het te horen. Je gebruikt “at” vóór een infinitief, zoals vóór “høre”.
høre
“høre” betekent hier “horen” in “at høre det”. Het verwijst naar het ontvangen van de genoemde informatie. Je gebruikt het in patronen als “at høre noget”, met het gehoorde als object.
det
“det” betekent hier “dat” of “het” in “at høre det” en verwijst naar de eerdere mededeling dat de groep vriendelijk is. Het staat na “høre” als datgene wat gehoord wordt. Je gebruikt “det” om naar eerder genoemde informatie te verwijzen.
Vi
“Vi” betekent hier “wij” in “Vi tager det roligt”. Het verwijst naar de spreker en de andere mensen in de groep. Je gebruikt “Vi” als onderwerp wanneer je over jezelf samen met anderen spreekt.
tager
“tager” betekent in de uitdrukking “Vi tager det roligt” letterlijk “nemen”, maar de hele uitdrukking betekent dat men het rustig aan doet. Het staat na “Vi” en vóór “det roligt”. Een bruikbaar patroon is “tage det roligt” voor rustig omgaan met een situatie.
roligt
“roligt” draagt in “Vi tager det roligt” de betekenis “rustig” bij en geeft aan hoe men verdergaat. Samen met “tager det” vormt het de uitdrukking “tager det roligt”. Je gebruikt dit wanneer je iemand geruststelt of een kalm tempo beschrijft.
i
“i” betekent hier “in” in “i starten” en plaatst de handeling aan het begin van een periode. Het staat vóór “starten”. Een veelgebruikt patroon is “i + tijdsperiode”, zoals “i starten”.
starten
“starten” betekent hier “het begin” in “i starten”. De vorm verwijst naar het begin van de les of activiteit; de basisvorm is “start”. Je gebruikt “i starten” om te zeggen wat er aan het begin gebeurt.
lyder
“lyder” betekent hier “klinkt” in “Det lyder godt”. Het geeft de indruk of beoordeling van wat iemand zojuist heeft voorgesteld. Je gebruikt het in het patroon “Det lyder ...” om op een voorstel of idee te reageren.
godt
“godt” betekent hier “goed” in “Det lyder godt” en beoordeelt het voorgestelde rustige tempo positief. Samen met “lyder” vormt het de reactie “Det lyder godt”. Je gebruikt deze uitdrukking wanneer een idee of voorstel je geschikt lijkt.
første
“første” betekent hier “eerste” in “Den første del”. Het geeft aan dat het om het eerste gedeelte gaat. Je gebruikt het vóór een zelfstandig naamwoord om de volgorde aan te geven, zoals in “første del”.
del
“del” betekent hier “deel” in “Den første del”. Het verwijst naar een gedeelte van de les dat volgens de spreker eenvoudig is. Je gebruikt het in combinaties als “første del” wanneer iets uit verschillende gedeelten bestaat.
nem
“nem” betekent hier “gemakkelijk” in “Den første del er nem”. Het beschrijft de eerste deel van de les als niet moeilijk. Het staat na “er”; je gebruikt het om de moeilijkheid van een taak of onderdeel te beschrijven.