Naar de registratiebalie | Leer deens in het Nederlands

Danish lesson set in a contemporary Copenhagen everyday setting: On the stairs inside a public building, two adults follow the event sign and prepare to reach the registration desk..

NL → DA / Niveau: A1

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met Naar de registratiebalie oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het deens.

Dialoog

A

Jeg kan se skiltet til arrangementet på væggen.

jaj ken see sgilleth tel arangsjemangde op weggən. Ik zie het bord voor het evenement op de muur.
B

Der står, at skranken er ovenpå.

dea stoor a(d) sgraangən ea oovenpoo. Er staat dat de balie boven is.
A

Vejen op er nem at følge.

wajən ob ea nem a(d) feulgə. De weg naar boven is gemakkelijk te volgen.
B

Skiltet er en stor hjælp.

sgilleth ea en stooa jelb. Het bord is een grote hulp.
A

Trappeafsatsen er lige fremme.

trabbə-af-seadən ea lieə fremmə. De overloop is vlak voor ons.
B

Så må tilmeldingsskranken være tæt på.

soo moo telmelings-sgraangən weaə tead poo. Dan moet de registratiebalie dichtbij zijn.
A

Lad os gå, før køen bliver længere.

la os koo, feu-a keuən blie-wə lengə-rə. Laten we gaan voordat de rij langer wordt.
B

Jeg holder formularen klar.

jaj hollə formuleerən klaa. Ik houd het formulier klaar.

Uitleg van de zinnen

  1. Jeg kan se skiltet til arrangementet på væggen.

    Ik zie het bord voor het evenement op de muur.

    Jeg
    ik
    kan
    kan
    se
    zien
    skiltet
    het bord
    til
    voor
    arrangementet
    het evenement
    på
    op
    væggen
    de muur
    Uitgebreide uitleg

    Jeg betekent hier “ik” en is een Deens persoonlijk voornaamwoord in de eerste persoon enkelvoud, als onderwerp. De vorm hoort bij de spreker; ze is niet simpelweg onveranderlijk omdat het onderwerp enkelvoud is. Ter vergelijking: vi betekent “wij” en is de eerste persoon meervoud. kan is de tegenwoordige vorm van kunne (“kunnen”). Hier drukt het uit dat de spreker iets kan waarnemen. Na een Deens modaal werkwoord staat het volgende werkwoord in de infinitief, zonder at: Jeg kan se = “Ik kan zien”. Voorbeeld: Hun kan læse. = “Zij kan lezen.” se is de infinitief van “zien”. Samen met kan vormt het de constructie kan + infinitief; se krijgt hier dus geen persoonsuitgang. skiltet betekent hier volgens de vaste vertaling “het bord”, in de betekenis van een aanduiding of bord. De basisvorm is skilt; -et markeert hier de bepaalde enkelvoudsvorm. Dit is een zelfstandig naamwoord, geen vorm van het werkwoord se. til geeft hier in skiltet til arrangementet de relatie “voor” aan: het bord hoort bij of is bestemd voor het evenement. De precieze relatie ontstaat door de combinatie; til kan in andere contexten andere relaties uitdrukken. arrangementet betekent “het evenement”. De basisvorm is arrangement; -et markeert hier de bepaalde enkelvoudsvorm. Deze uitgang is geen extra telwoord. på betekent hier “op” en introduceert de plaats waar iets zich bevindt. Voorbeeld: Bogen ligger på bordet. = “Het boek ligt op de tafel.” væggen betekent “de muur”. De basisvorm is væg; -en markeert hier de bepaalde enkelvoudsvorm. Het zelfstandig naamwoord is enkelvoud en bepaald. De delen bouwen de betekenis op: Jeg kan se = “Ik kan zien”, skiltet til arrangementet = “het bord voor het evenement”, en på væggen = “op de muur”. Samen betekent de zin: “Ik kan het bord voor het evenement op de muur zien.” De vaste Nederlandse vertaling geeft dit weer als: “Ik zie het bord voor het evenement op de muur.”

  2. Der står, at skranken er ovenpå.

    Er staat dat de balie boven is.

    Der står
    er staat
    at
    dat
    skranken
    de balie
    er
    is
    ovenpå
    boven
    Uitgebreide uitleg

    Der står betekent hier “er staat” of “er is geschreven”. står is de tegenwoordige tijd van stå (“staan”), maar in deze onpersoonlijke formulering verwijst der niet naar een concreet genoemd ding: de formulering meldt dat ergens informatie staat. Vergelijk: Der står et skilt. — “Er staat een bord.” at leidt de inhoud aan van wat er staat: “dat …”. Het is een voegwoord en hoort bij een bijzin. Het patroon is Der står, at ... — “Er staat dat …”. skranken betekent hier “de balie”. Het zelfstandig naamwoord is skranke; -n markeert de bepaalde enkelvoudsvorm: en skranke — “een balie”, skranken — “de balie”. De vorm zegt hier dus dat het om een bepaalde balie gaat, zonder zelf te zeggen hoeveel balies er zijn. er is de tegenwoordige tijd van være (“zijn”). Hier koppelt het de balie aan haar plaats: “is”. Voorbeelden: Skranken er her. — “De balie is hier.” er verandert in deze vorm niet omdat het onderwerp vrouwelijk of mannelijk zou zijn; de relevante vorm is de tegenwoordige tijd bij het onderwerp van de bijzin. ovenpå betekent “boven” of “op een bovenverdieping”. Het is hier een plaatsaanduidend bijwoord en krijgt geen uitgang voor skranken. In Vejen op er nem at følge uit de context betekent op daarentegen “naar boven”; dat is een afzonderlijke vorm en geen alternatieve spelling van ovenpå in deze zin. Samen vormt de zin: Der står (“er staat”), gevolgd door de inhoudsbijzin at skranken er ovenpå (“dat de balie boven is”). De volledige betekenis is: “Er staat dat de balie boven is.”

  3. Vejen op er nem at følge.

    De weg naar boven is gemakkelijk te volgen.

    Vejen
    de weg
    op
    naar boven
    nem
    gemakkelijk
    at følge
    volgen
    Uitgebreide uitleg

    Vejen betekent hier “de weg”. Het is de bepaalde enkelvoudsvorm van vej (“weg”): en vej = een weg, vejen = de weg. In deze zin gaat het, zoals de vertaling aangeeft, om de weg naar boven. op geeft hier de richting “naar boven” aan. Samen met vejen vormt het vejen op: “de weg naar boven”. Dit beschrijft een richting; het is niet hetzelfde als het plaatsbepalende ovenpå in de vorige zin. nem betekent “gemakkelijk” en beschrijft hoe de weg te volgen is. De vorm stemt hier af op het onderwerp vejen, een enkelvoudig gemeenkøn-woord. De relevante vormen zijn nem bij gemeenkøn enkelvoud, nemt bij onzijdig enkelvoud en nemme in het meervoud. Een bruikbaar contrast is svær (“moeilijk”): Vejen er svær at følge. = “De weg is moeilijk te volgen.” at følge betekent “volgen”. at markeert hier de infinitief en følge is de infinitiefvorm van het werkwoord. In nem at følge beschrijft deze infinitief wat gemakkelijk is: het volgen van de weg. Voorbeeld: Det er nemt at forstå. = “Het is gemakkelijk te begrijpen.” Samen betekent Vejen op er nem at følge: “De weg naar boven is gemakkelijk te volgen.” De structuur is: vejen op als onderwerp + er (“is”) + nem at følge (“gemakkelijk te volgen”).

  4. Skiltet er en stor hjælp.

    Het bord is een grote hulp.

    Skiltet
    het bord
    stor
    groot
    hjælp
    hulp
    Uitgebreide uitleg

    Skiltet betekent hier “het bord”. Het is de bepaalde vorm van skilt (“bord” of, afhankelijk van de context, “bordteken”). De uitgang -et markeert hier bepaaldheid bij dit onzijdige zelfstandig naamwoord: skilt → skiltet. Voorbeeld: et skilt = “een bord”, skiltet = “het bord”. stor betekent hier “groot”. De basisvorm is stor; in deze zin staat de vorm bij een enkelvoudig gemeenschappelijk-geslachtswoord na en: en stor hjælp. Vergelijk et stort skilt (“een groot bord”) en store skilte (“grote borden”); de vorm verandert dus door het zelfstandig naamwoord en door enkelvoud/meervoud. hjælp betekent hier “hulp”. Het is een zelfstandig naamwoord; en hjælp is “een hulp” en de bepaalde vorm is hjælpen (“de hulp”). In deze zin gaat het niet om een persoon die helpt, maar om iets dat als hulp dient. Voorbeeld: Det er en stor hjælp. = “Dat is een grote hulp.” De overige woorden verbinden deze onderdelen: er is de vorm van “zijn” voor de tegenwoordige tijd, en en leidt het onbepaalde enkelvoudige woord hjælp in. De opbouw is Skiltet er en stor hjælp: “Het bord is een grote hulp.” De vaste vertaling legt hier vast dat Skiltet als “het bord” bedoeld is.

  5. Trappeafsatsen er lige fremme.

    De overloop is vlak voor ons.

    Trappeafsatsen
    de overloop
    er
    is
    lige fremme
    vlak voor ons
    Uitgebreide uitleg

    Trappeafsatsen betekent hier “de overloop” of “het trapbordes”. Het is een samengesteld zelfstandig naamwoord: trappe verwijst naar een trap en afsats naar een bordes of platform. trappeafsats is onbepaald enkelvoud (“een overloop”); trappeafsatsen is de bepaalde enkelvoudsvorm, met -en aan het einde van het hele samengestelde woord. er is de tegenwoordige vorm van at være, “zijn”. Hier koppelt het het onderwerp aan een plaatsbepaling. Voorbeeld: Døren er tæt på. — “De deur is dichtbij.” lige fremme is een vaste plaatsaanduidende combinatie met de betekenis “vlak voor ons” of “recht vooruit”. In deze zin geeft de vaste vertaling aan dat de overloop zich vóór de spreker en de aangesprokene bevindt. Voorbeeld: Caféet ligger lige fremme. — “Het café is recht vooruit.” Samen vormen Trappeafsatsen er lige fremme. de mededeling “De overloop is vlak voor ons.” De structuur is onderwerp + er + plaatsbepaling; lige fremme lokaliseert de overloop recht vooruit ten opzichte van de gesprekspartners.

  6. Så må tilmeldingsskranken være tæt på.

    Dan moet de registratiebalie dichtbij zijn.

    Så
    dan
    må
    moet
    tilmeldingsskranken
    registratiebalie
    være
    zijn
    tæt på
    dichtbij
    Uitgebreide uitleg

    Så betekent hier dan en verbindt deze gevolgtrekking met wat eerder is vastgesteld. Het kan in andere zinnen ook zo betekenen, maar die betekenis past hier niet. må is de tegenwoordige vorm van måtte. Hier drukt het geen bevel uit, maar een gevolgtrekking uit aanwijzingen: moet blijkbaar of zal wel. In må være staat het hoofdwerkwoord være in de infinitief na het modale werkwoord. Vergelijk: Hun må være hjemme. — Ze moet blijkbaar thuis zijn. tilmeldingsskranken betekent hier de registratiebalie. Het is een samengesteld zelfstandig naamwoord: tilmelding verwijst naar registratie of aanmelding en skranke naar een balie. De vorm is bepaald enkelvoud; het achtervoegsel -en hoort bij skranke, niet bij tilmelding. Het zelfstandig naamwoord skranke heeft als onbepaalde vorm en skranke en als bepaalde vorm skranken; in het samengestelde woord verschijnt die bepaalde vorm als tilmeldingsskranken. være betekent zijn. Dit is de infinitief; de tegenwoordige vorm is er. Na må blijft de infinitief staan: må være, niet een vervoegde vorm na må. tæt på betekent dichtbij of vlakbij. Het is een vaste combinatie die de plaats van iets ten opzichte van een referentiepunt aanduidt. Tæt alleen betekent meestal dicht of nauw, dus på maakt hier deel uit van de plaatsaanduiding. Voorbeeld: Skolen er tæt på. — De school is dichtbij. Samen vormt må ... være ... tæt på de patroonbetekenis moet blijkbaar ... dichtbij zijn. Så må tilmeldingsskranken være tæt på. betekent daarom: Dan moet de registratiebalie dichtbij zijn. De voorafgaande aanwijzing ondersteunt deze conclusie; de zin zegt niet dat iemand de balie al heeft gezien.

  7. Lad os gå, før køen bliver længere.

    Laten we gaan voordat de rij langer wordt.

    Lad os
    laten we
    gå
    gaan
    før
    voordat
    køen
    de rij
    bliver
    wordt
    længere
    langer
    Uitgebreide uitleg

    Lad os is een vaste Deense constructie voor een voorstel: “laten we …”. Het werkwoord staat hier in de infinitief na lad os: Lad os gå betekent dus “laten we gaan”. Het is geen gewone beschrijving van wat de spreker al doet, maar een uitnodiging of aansporing aan spreker en anderen samen. gå betekent hier “gaan”. De infinitief is gå; dezelfde vorm kan in andere zinnen ook na andere werkwoorden staan, bijvoorbeeld: Jeg vil gå. — “Ik wil gaan.” før is een onderschikkend voegwoord met de betekenis “voordat”. Het leidt hier de gebeurtenis in die eerder moet plaatsvinden dan de hoofdhandeling: eerst wordt de rij langer, of preciezer: de spreker wil vertrekken vóórdat dat gebeurt. køen betekent “de rij”. Het zelfstandig naamwoord is kø; køen is de bepaalde enkelvoudsvorm, dus “de rij”. De uitgang -en markeert bij dit woord bepaaldheid; het is niet zelf een apart woord voor “de”. bliver is de tegenwoordige tijd van blive, “worden” of “blijven”. In deze zin betekent het “wordt” en beschrijft het een verandering: de rij krijgt een andere eigenschap. In Jeg bliver her. betekent bliver daarentegen “blijf”, dus de betekenis hangt van de constructie af. længere betekent “langer”. Het is de vergrotende trap van lang: lang — “lang”, længere — “langer”, længst — “langst”. Hier vergelijkt het de toekomstige lengte van de rij met haar huidige of eerdere lengte; er wordt niet gezegd hoe lang de rij uiteindelijk wordt. De delen vormen samen Lad os gå + før køen bliver længere: “Laten we gaan voordat de rij langer wordt.” De hoofdhandeling is het voorstel om te gaan; før plaatst de verandering køen bliver længere daarna in de tijd. De zin sluit qua betekenis aan bij de situatie waarin de registratiebalie dichtbij is, maar de zin zelf zegt alleen dat men vóór het langer worden van de rij wil vertrekken.

  8. Jeg holder formularen klar.

    Ik houd het formulier klaar.

    Jeg
    ik
    holder
    houd
    formularen
    het formulier
    klar
    klaar
    Uitgebreide uitleg

    Jeg is de Deense persoonlijke vorm voor de eerste persoon enkelvoud: “ik”. Het verwijst hier naar de spreker. Een bruikbaar contrast is jeg tegenover du (“ik” tegenover “jij”); de keuze hangt af van wie de handeling uitvoert. holder komt van het werkwoord holde, “houden”. In deze zin betekent het, samen met het volgende deel, “klaarhouden” of “klaar hebben”, niet simpelweg fysiek vasthouden. holder is de tegenwoordige tijd. De werkwoordsvorm verandert in het Deens niet met de persoon: Jeg holder ... betekent “Ik houd ...” en De holder ... betekent “Zij houden ...”. De combinatie holde noget klar is een herbruikbaar patroon voor “iets klaarhouden”. formularen betekent hier “het formulier”. Het zelfstandig naamwoord is formular; formularen is de bepaalde enkelvoudsvorm met het achtervoegsel -en. Dat achtervoegsel is geen los woord vóór het zelfstandig naamwoord; het drukt hier bepaaldheid uit. klar betekent hier “klaar” of “gereed” en beschrijft de toestand waarin het formulier wordt gehouden. In deze constructie staat klar predicatief na het zelfstandig naamwoord; het krijgt daarom niet de bepaalde uitgang -e die een attributief bijvoeglijk naamwoord vóór een bepaald zelfstandig naamwoord vaak heeft. Het bijvoeglijk naamwoord heeft wel andere vormen: klar bij enkelvoud van het gemeenschappelijke geslacht, klart bij onzijdig enkelvoud en klare bij meervoud en bij bepaalde attributieve vormen. Voorbeeld: Jeg holder kaffen klar. — “Ik houd de koffie klaar.” Samen vormen de delen Jeg holder formularen klar de betekenis “Ik houd het formulier klaar.” De spreker houdt het formulier in een gereedstaande of beschikbare toestand. De tegenwoordige tijd presenteert dit als de huidige handeling of toestand.

Grammatica

-et / -en als bepaalde uitgang

Jeg ser skiltet på væggen.

jaj see-a sgilleth po weggən.

Ik zie het bord/de wegwijzer op de muur.

In het Deens wordt een zelfstandig naamwoord vaak bepaald met een uitgang: skilt → skiltet en væg → væggen.

lad os + infinitiv

Lad os gå til tilmeldingsskranken.

la os koo tel telmelings-sgraangən.

Laten we naar de registratiebalie gaan.

De vaste uitdrukking lad os betekent ‘laten we’. Daarna volgt het werkwoord in de infinitief.

Deens woordenschat

arrangement zelfstandig naamwoord
arangsjemang evenement arrangementet
Geslacht
neuter
at voegwoord
a(d) dat
jeg voornaamwoord
jaj ik
ovenpå bijwoord
oovenpoo boven
på voorzetsel
poo op
se werkwoord
see zien
skilt zelfstandig naamwoord
sgel bord of wegwijzer skiltet
Geslacht
neuter
skranke zelfstandig naamwoord
sgraangə balie skranken
Geslacht
common
stå werkwoord
stooa staan står
til voorzetsel
tel naar of voor
vej zelfstandig naamwoord
waj weg vejen
Geslacht
common
væg zelfstandig naamwoord
wea muur væggen
Geslacht
common

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Er staat dat de balie boven is.

Antwoord tonenDer står, at skranken er ovenpå.

De weg naar boven is gemakkelijk te volgen.

Antwoord tonenVejen op er nem at følge.

Het bord is een grote hulp.

Antwoord tonenSkiltet er en stor hjælp.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

muur

Antwoord tonenvæggen

staan

Antwoord tonenstår

bord of wegwijzer

Antwoord tonenskiltet

weg

Antwoord tonenvejen