Een vergadering voorbereiden | Leer deens in het Nederlands

Danish lesson set in a contemporary Copenhagen everyday setting: In a workplace, two adults share meeting notes and check the discussion topic before a meeting begins..

NL → DA / Niveau: A1

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met Een vergadering voorbereiden oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het deens.

Dialoog

A

Er mødenoterne klar?

Èr möödhuh-noo-dah-nuh klaa? Zijn de vergadernotities klaar?
B

De ligger på mit skrivebord.

Die lègguh pò mit sghrie-wuh-boo-uh. Ze liggen op mijn bureau.
A

Er der en kopi til mig?

Èr daa en ko-pie tel mai? Is er een kopie voor mij?
B

Her er en.

Hè-uh èr en. Hier is er een.
A

Hvad diskuterer vi i dag?

Vè desgoe-tee-uh wie ie dè? Wat bespreken we vandaag?
B

Vi skal diskutere den nye plan.

Wie sgèèl desgoe-tee-uh den nuu-uh plèèn. We zullen het nieuwe plan bespreken.
A

Lad mig læse noterne, før vi begynder.

Lèè mai lèèsuh noo-dah-nuh, feu wie be-gö-nuh. Laat me de notities lezen voordat we beginnen.
B

Tag et minut, før vi begynder.

Tè ed minuud, feu wie be-gö-nuh. Neem een minuut voordat we beginnen.

Uitleg van de zinnen

  1. Er mødenoterne klar?

    Zijn de vergadernotities klaar?

    Er
    zijn
    mødenoterne
    de vergadernotities
    klar
    klaar
    Uitgebreide uitleg

    Er is de tegenwoordige vorm van være (“zijn”). In deze ja-neevraag staat het werkwoord vóór het onderwerp: Er ...? betekent hier “Zijn ...?”. Vergelijk: Er bogen her? — “Is het boek hier?” mødenoterne betekent hier “de vergadernotities”. Het is een bepaald meervoud: mødenote is een vergadernotitie, mødenoter zijn vergadernotities en mødenoterne zijn de vergadernotities. Het achtervoegsel -ne markeert hier het bepaalde meervoud. klar is het bijvoeglijk naamwoord “klaar” of “gereed”; hier beschrijft het de toestand van de vergadernotities. De basisvorm is klar. In het Deens kan het bijvoeglijk naamwoord aanpassen aan getal en bepaaldheid; zo komt ook klare voor bij meervoudige of bepaalde combinaties. De vaste bronzin gebruikt echter precies klar, dus die vorm is hier niet stilzwijgend veranderd. Samen vormen de delen Er mødenoterne klar?: Er staat vóór het onderwerp omdat het een ja-neevraag is, gevolgd door het onderwerp mødenoterne en de beschrijving klar. De volledige betekenis is: “Zijn de vergadernotities klaar?”

  2. De ligger på mit skrivebord.

    Ze liggen op mijn bureau.

    De
    ze
    ligger
    liggen
    på
    op
    mit
    mijn
    skrivebord
    bureau
    Uitgebreide uitleg

    De betekent hier “ze” en is een persoonlijk voornaamwoord in het meervoud. De vaste vertaling maakt duidelijk dat het om meerdere dingen gaat; het voornaamwoord benoemt zelf niet welke dingen dat zijn. Voorbeeld: De er klar. — “Ze zijn klaar.” ligger is de tegenwoordige tijd van ligge (“liggen”). Het beschrijft hier de plaats of toestand van meerdere dingen: “ze liggen”. De vorm ligger hoort bij de tegenwoordige tijd; ligge is de basisvorm. Voorbeeld: Bøgerne ligger på bordet. — “De boeken liggen op tafel.” på betekent hier “op” en geeft de plaatsrelatie aan: iets bevindt zich bovenop of op een oppervlak. Voorbeeld: Nøglerne ligger på bordet. — “De sleutels liggen op tafel.” mit betekent “mijn” vóór een enkelvoudig onzijdig zelfstandig naamwoord. Het hoort bij het volgende woord skrivebord, dat et skrivebord is. De vorm contrasteert met min bij een enkelvoudig gemeenschappelijk-geslachtwoord en mine bij meervoud: mit bord, min stol, mine bøger — “mijn tafel”, “mijn stoel”, “mijn boeken”. Het bezit zelf zegt niet hoeveel voorwerpen er zijn; mit stemt hier af op het zelfstandig naamwoord. skrivebord betekent “bureau” of “schrijftafel”. De basisvorm is skrivebord; met het onzijdige lidwoord krijg je et skrivebord, en de bepaalde vorm is skrivebordet — “het bureau”. Voorbeeld: Jeg arbejder ved mit skrivebord. — “Ik werk aan mijn bureau.” Samen vormen de delen: De (“ze”) + ligger (“liggen”) + på (“op”) + mit skrivebord (“mijn bureau”). De hele uiting betekent dus: “Ze liggen op mijn bureau.”

  3. Er der en kopi til mig?

    Is er een kopie voor mij?

    Er der
    is er
    kopi
    kopie
    til mig
    voor mij
    Uitgebreide uitleg

    Er der vormt hier de vaste Deense bestaansvraag: “is er …?” Het gaat om de aanwezigheid of beschikbaarheid van iets, niet om een vraag naar de locatie. In hetzelfde patroon kun je bijvoorbeeld zeggen: Er der kaffe? — “Is er koffie?” In deze constructie is der een formeel plaatsvervangend element; het verwijst hier niet zelfstandig naar een bepaalde plek. kopi betekent hier “kopie”. Het is een zelfstandig naamwoord. Met en ervoor staat het in de onbepaalde vorm: en kopi — “een kopie”. Het lidwoord en geeft in deze zin geen precieze telhoeveelheid als nadruk; de vraag gaat over de aanwezigheid van een kopie. Een bruikbaar contrast is kopien, “de kopie”, met de bepaalde vorm. til mig betekent “voor mij”. til geeft hier aan voor wie iets bestemd of bedoeld is, en mig is de vorm van “ik” na een voorzetsel. Vergelijk: til dig — “voor jou”. Samen betekent Er der en kopi til mig? letterlijk en natuurlijk: “Is er een kopie voor mij?” De structuur is Er der + en + zelfstandig naamwoord + til + persoon: eerst wordt gevraagd of iets bestaat of beschikbaar is, daarna wordt aangegeven wat het is en voor wie het bedoeld is.

  4. Her er en.

    Hier is er een.

    Her
    hier
    er
    is
    en
    één
    Uitgebreide uitleg

    Her betekent hier ‘hier’ en wijst op de plaats van wat wordt aangeboden of aangewezen. Het is een bijwoord en verandert niet naar getal of persoon. Voorbeeld: Her er bogen. — ‘Hier is het boek.’ er is de tegenwoordige vorm van være (‘zijn’). In het Deens is er dezelfde vorm bij verschillende personen: jeg er (‘ik ben’), du er (‘jij bent’) en de er (‘zij zijn’). In deze zin vormt het met Her de plaatsconstructie ‘hier is ...’. en betekent hier ‘een’ of natuurlijker ‘er één’. Het staat zelfstandig, zonder een uitgesproken zelfstandig naamwoord; in de voorafgaande vraag maakt de context duidelijk dat het om één exemplaar van de gevraagde kopie gaat. Het is dus niet nodig om hier een numerieke nadruk aan te nemen. En kan ook vóór een gemeenschappelijk-geslachtelijk zelfstandig naamwoord als onbepaald lidwoord staan, bijvoorbeeld en kopi — ‘een kopie’. Het onzijdige tegenstuk is et, bijvoorbeeld et brev — ‘een brief’. Samen vormen Her er en. de plaatsconstructie hier is er één: er is hier een exemplaar aanwezig. In deze context kan dat natuurlijk worden opgevat als ‘Hier is er een’ (namelijk een kopie), zonder dat het zelfstandige naamwoord opnieuw wordt genoemd.

  5. Hvad diskuterer vi i dag?

    Wat bespreken we vandaag?

    Hvad
    wat
    diskuterer
    bespreekt
    vi
    we
    i dag
    vandaag
    Uitgebreide uitleg

    Hvad betekent hier “wat” en vraagt naar het onderwerp of de inhoud van de bespreking. Het is een vraagwoord; vergelijk hvem (“wie”) voor een persoon en hvor (“waar”) voor een plaats. Voorbeeld: Hvad læser du? — “Wat lees je?” diskuterer is de tegenwoordige tijd van diskutere (“bespreken, discussiëren”). De vorm geeft hier aan dat de bespreking nu plaatsvindt of als huidige activiteit wordt voorgesteld. In het Deens verandert de tegenwoordige tijd van dit werkwoord niet naar persoon: jeg diskuterer en vi diskuterer gebruiken beide diskuterer. Voorbeeld: Vi diskuterer planen. — “We bespreken het plan.” vi betekent “we/wij” en is het onderwerp van de zin. Het verwijst hier naar de spreker samen met minstens één andere persoon; de concrete personen worden in deze uitwisseling niet verder gespecificeerd. Het onderscheid met jeg (“ik”) is dat vi een meervoudige groep aanduidt. i dag is een vaste tijdsbepaling met de betekenis “vandaag”. Het bestaat uit de voorzetselgroep i (“op/in”) en dag (“dag”); samen verwijzen ze naar de huidige dag, niet naar een willekeurige dag. Voorbeeld: Vi mødes i dag. — “We ontmoeten elkaar vandaag.” Samen vormt Hvad diskuterer vi i dag? een vraag naar wat de groep vandaag bespreekt: “Wat bespreken we vandaag?” In deze vraag staat het vraagwoord vooraan, daarna het werkwoord diskuterer en vervolgens het onderwerp vi; i dag bepaalt wanneer de bespreking plaatsvindt.

  6. Vi skal diskutere den nye plan.

    We zullen het nieuwe plan bespreken.

    Vi skal
    wij zullen / wij moeten
    diskutere
    bespreken
    nye
    nieuwe
    plan
    plan
    Uitgebreide uitleg

    Vi skal betekent hier “wij zullen” en geeft aan dat de handeling later zal plaatsvinden. vi is de eerste persoon meervoud (“wij”); skal is de tegenwoordige vorm van skulle. Met een infinitief kan skal een toekomstige bedoeling of verwachting uitdrukken; in andere contexten kan dezelfde constructie noodzaak uitdrukken. Voorbeeld: Vi skal mødes i morgen. — “Wij zullen elkaar morgen ontmoeten.” diskutere betekent hier “bespreken”. Dit is de infinitief na skal: skal diskutere = “zullen bespreken”. Voorbeeld: De skal diskutere sagen. — “Zij zullen de zaak bespreken.” nye betekent hier “nieuwe”. De basisvorm van dit bijvoeglijk naamwoord is ny. nye wordt gebruikt bij een meervoudig zelfstandig naamwoord en ook in de bepaalde constructie; hier staat het in den nye plan. Bij een onbepaald zelfstandig naamwoord van het gemeenschappelijk geslacht staat de vorm ny, zoals in en ny plan — “een nieuw plan”. Bij een onzijdig onbepaald zelfstandig naamwoord staat nyt. Voorbeeld: Vi læser den nye bog. — “Wij lezen het nieuwe boek.” plan betekent “plan”. Het is een zelfstandig naamwoord; de onbepaalde vorm is en plan en de bepaalde vorm is planen. In den nye plan staat het zelfstandig naamwoord in de onbepaalde vorm, terwijl den samen met het bijvoeglijk naamwoord de bepaaldheid van de woordgroep uitdrukt. Samen vormen Vi skal diskutere den nye plan de betekenis “Wij zullen het nieuwe plan bespreken”. Vi skal geeft de toekomstige handeling aan, diskutere benoemt die handeling en den nye plan is wat besproken zal worden.

  7. Lad mig læse noterne, før vi begynder.

    Laat me de notities lezen voordat we beginnen.

    Lad mig
    laat me
    læse
    lezen
    noterne
    de notities
    før
    voordat
    begynder
    beginnen
    Uitgebreide uitleg

    Lad mig is een vaste manier om een verzoek of voorstel in de eerste persoon te formuleren: “laat mij …” of natuurlijker “laat me …”. Lad is hier de gebiedende wijs van lade (“laten”); mig is de vorm voor “mij/me”. De constructie lad + persoon + infinitief kan ook met andere personen worden gebruikt, bijvoorbeeld: Lad hende komme. — “Laat haar komen.” læse betekent hier “lezen”. Het is de infinitief, de vorm die na lad mig staat. Dezelfde vorm kan in andere constructies ook na andere werkwoorden of hulpwerkwoorden voorkomen; de vorm zelf markeert hier geen tijd of persoon. Voorbeeld: Jeg vil læse. — “Ik wil lezen.” noterne betekent “de notities”. Het zelfstandig naamwoord is note; noter is het meervoud en noterne is het bepaalde meervoud. De uitgang -ne maakt dus duidelijk dat het om bepaalde notities gaat, zonder dat het aantal afzonderlijke notities hier wordt genoemd. Voorbeeld: Jeg skriver noter. — “Ik maak notities.” før betekent “voordat” wanneer het een bijzin inleidt. Het verbindt hier de hoofdzin met de gebeurtenis die eerder moet plaatsvinden. In de bijzin staat vi voor “we/wij” en begynder voor “beginnen”. begynder is de tegenwoordige tijd van begynde (“beginnen”). Deze vorm past bij het onderwerp vi; het Deense werkwoord verandert hier niet naar een aparte meervoudsvorm. Voorbeeld: Vi begynder nu. — “We beginnen nu.” De hele zin bestaat uit het verzoek Lad mig læse noterne (“Laat me de notities lezen”) en de tijdsbepalende bijzin før vi begynder (“voordat we beginnen”). Samen betekent Lad mig læse noterne, før vi begynder.: “Laat me de notities lezen voordat we beginnen.” De zin kan als praktisch, beleefd voorstel worden gebruikt om eerst iets te lezen en daarna gezamenlijk te beginnen.

  8. Tag et minut, før vi begynder.

    Neem een minuut voordat we beginnen.

    Tag
    neem
    minut
    minuut
    før
    voordat
    begynder
    beginnen
    Uitgebreide uitleg

    Tag is de gebiedende wijs van tage (“nemen”). In deze zin betekent het “neem”: het is een verzoek of instructie aan de aangesprokene. De gebiedende wijs heeft hier geen uitgedrukt onderwerp; de bedoelde persoon is degene tot wie men spreekt. Tage kan in andere contexten ook “pakken” betekenen, maar hier past “nemen” bij de tijdsduur. minut betekent “minuut” en is een zelfstandig naamwoord met het onzijdige lidwoord et: et minut. Het onbepaalde lidwoord geeft hier niet zelfstandig een getal weer; de hele woordgroep betekent “een minuut”. Een nuttige vormketen is et minut — minuttet (“de minuut”) — minutter (“minuten”). før betekent hier “voordat” en leidt de bijzin in die de tijdsrelatie aangeeft. Patroon: før + onderwerp + werkwoord. In dit geval staat de bijzin na de hoofdzin: ..., før .... begynder is de tegenwoordige tijd van begynde (“beginnen”). Het onderwerp vi betekent “wij”, en samen vormen ze vi begynder (“wij beginnen”). De Deense werkwoordsvorm verandert niet per persoon; begynder is dus niet speciaal een vorm die alleen bij vi hoort. Voorbeeld: Vi begynder nu. — “Wij beginnen nu.” Samen betekent Tag et minut “Neem een minuut”. før vi begynder betekent “voordat we beginnen”. De volledige uiting is daarom: “Neem een minuut voordat we beginnen.”

Grammatica

den + adjective in -e + noun

den nye plan

den nuu-uh plèèn

het nieuwe plan

Na den krijgt een bijvoeglijk naamwoord meestal de uitgang -e: ny wordt nye.

før + bijzin

før vi begynder

feu wie be-gö-nuh

voordat we beginnen

Na før volgt een bijzin met een vervoegd werkwoord, zoals begynder; dit verschilt van een infinitiefconstructie.

Deens woordenschat

diskutere werkwoord
desgoe-tee-uh bespreken diskuterer
her bijwoord
hè-uh hier
hvad voornaamwoord
vè wat
klar bijvoeglijk naamwoord
klaa klaar
kopi zelfstandig naamwoord
ko-pie kopie
ligge werkwoord
lègguh liggen ligger
mig voornaamwoord
mai mij
mødenote zelfstandig naamwoord
möödhuh-noo-duh vergadernotitie mødenoterne
på voorzetsel
pò op
skrivebord zelfstandig naamwoord
sghrie-wuh-boo-uh bureau
Geslacht
neuter
til voorzetsel
tel voor
vi voornaamwoord
wie wij

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Zijn de vergadernotities klaar?

Antwoord tonenEr mødenoterne klar?

Ze liggen op mijn bureau.

Antwoord tonenDe ligger på mit skrivebord.

Is er een kopie voor mij?

Antwoord tonenEr der en kopi til mig?

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

bureau

Antwoord tonenskrivebord

vergadernotitie

Antwoord tonenmødenoterne

klaar

Antwoord tonenklar

liggen

Antwoord tonenligger