Elke dag 10 minuten gratis
Ga verder met audiolessen in de app
Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.
Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm
Kies je leertaal en open deze les in de app.
Over deze les
Met Een korte werknotitie verbeteren oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het deens.
Dialoog
Jeg har skrevet et kort notat.
jai haa sgree-vud e koat no-taad Ik heb een korte notitie geschreven.Kan jeg læse det nu?
kan jai lee-suh dee noe? Kan ik hem nu lezen?Her er det.
hea-a ea dee Hier is hij.Det er godt skrevet.
dee ea gud sgree-vud Hij is goed geschreven.Ville én detalje mere hjælpe?
veluh een de-taal-yuh mee-a yel-buh? Zou nog één detail helpen?En linje mere ville forbedre notatet.
en lee-nyuh mee-a veluh fo-beh-ruh no-taad-uh Nog één regel zou de notitie verbeteren.Jeg tilføjer det nu.
jai te-foo-a dee noe Ik voeg dat nu toe.Så er vi klar til at dele det.
soo ea vee klaa-a tel ed dee-luh dee Dan zijn we klaar om hem te delen.Uitleg van de zinnen
Jeg har skrevet et kort notat.
Ik heb een korte notitie geschreven.
- Jeg har
- ik heb
- skrevet
- geschreven
- kort
- kort
- notat
- notitie
Uitgebreide uitleg
Jeg har betekent hier ‘ik heb’. Jeg is de eerste persoon enkelvoud: ‘ik’. har is de tegenwoordige vorm van have (‘hebben’) en werkt hier als hulpwerkwoord. In de Deense voltooide tegenwoordige tijd staat har voor een voltooid deelwoord: Jeg har læst bogen. — ‘Ik heb het boek gelezen.’ skrevet betekent hier ‘geschreven’. Het is het voltooid deelwoord van skrive (‘schrijven’): skrive – skrev – har skrevet. Het deelwoord blijft in deze constructie bij alle personen hetzelfde. Bijvoorbeeld: Hun har skrevet et brev. — ‘Zij heeft een brief geschreven.’ kort betekent ‘kort’. Het is hier een bijvoeglijk naamwoord bij notat. De vorm kort wordt gebruikt bij een onbepaald enkelvoudig onzijdig zelfstandig naamwoord, zoals et kort notat; bij meervoud of een bepaalde vorm verschijnt korte, bijvoorbeeld korte notater — ‘korte notities’. De vergrotende trap is kortere (‘korter’). notat betekent ‘notitie’. Het is een onzijdig zelfstandig naamwoord; dat zie je in deze zin aan het onbepaalde lidwoord et. et markeert hier grammaticaal onzijdig enkelvoud en onbepaaldheid, niet noodzakelijk een benadrukte hoeveelheid. De vormen zijn et notat, notatet (‘de notitie’ in bepaalde vorm) en notater (‘notities’). Jeg skriver et notat. betekent: ‘Ik schrijf een notitie.’ Samen vormen Jeg har skrevet de voltooide tegenwoordige tijd: de spreker zegt dat hij of zij een handeling heeft voltooid. et kort notat is het lijdend voorwerp: een korte notitie. De hele zin betekent dus: ‘Ik heb een korte notitie geschreven.’
Kan jeg læse det nu?
Kan ik hem nu lezen?
- Kan jeg
- kan ik …?
- læse
- lezen
- det
- hem
- nu
- nu
Uitgebreide uitleg
Kan jeg betekent hier “kan ik …?”. kan is de tegenwoordige vorm van kunne; bij modale werkwoorden draagt deze vorm de persoons- en tijdsinformatie, terwijl kan hier niet speciaal door jeg verandert. In een Deense ja-neevraag staat het werkwoord vóór het onderwerp: Kan jeg ...? Herbruikbaar voorbeeld: Kan jeg komme? — “Kan ik komen?” læse betekent hier “lezen”. Na kan staat het volgende werkwoord in de infinitief, zonder een extra infinitiefmarkeerder. læse is dus de infinitief, terwijl kan de modaliteit en de tijd draagt. Voorbeeld: Kan jeg skrive? — “Kan ik schrijven?” det betekent hier “hem”, zoals de vaste vertaling aangeeft, en verwijst in de context naar het eerder genoemde korte notitie. det is een Deens enkelvoudig onzijdig voornaamwoord. Die grammaticale vorm bepaalt niet automatisch welk Nederlands voornaamwoord passend is; hier is dat hem. Het voornaamwoord staat als object bij læse: wat wil de spreker lezen? nu betekent “nu” en plaatst de mogelijke handeling in het huidige moment. Het bepaalt de tijdsbetekenis van de hele vraag, niet alleen van læse. Samen vormen de delen de vraag “Kan ik hem nu lezen?”. De volgorde is: Kan jeg + infinitief læse + object det + tijdsbepaling nu.
Her er det.
Hier is hij.
- Her
- hier
- er
- is
- det
- hij
Uitgebreide uitleg
Her betekent hier ‘hier’ en geeft de plaats aan waar iets is. Hetzelfde woord komt bijvoorbeeld voor in Her er bogen. — ‘Hier is het boek.’ In deze zin staat de plaatsbepaling vooraan. er is de tegenwoordige tijd van være (‘zijn’): være → er. In het patroon Her er ... verbindt het de plaats met datgene wat daar is. Dit patroon betekent ‘Hier is ...’. det is hier een derde-persoonsvoornaamwoord in de onzijdige enkelvoudsvorm. De vorm geeft dus een grammaticale klasse aan; hij bepaalt niet op zichzelf welk zelfstandig naamwoord bedoeld is. In de vaste vertaling wordt dit voornaamwoord als ‘hij’ weergegeven. Het staat na het werkwoord en vervult de rol van datgene wat zich op de genoemde plaats bevindt. Samen vormen Her er det het patroon Her er ... met det als het aanwezige element: ‘Hier is hij.’
Det er godt skrevet.
Hij is goed geschreven.
- Det er
- het is
- godt
- goed
- skrevet
- geschreven
Uitgebreide uitleg
Det er betekent hier samen ‘het is’. Det is een Deens voornaamwoord in de vorm die bij een onzijdig enkelvoud hoort; de vaste Nederlandse vertaling maakt voor deze context duidelijk dat het bedoelde onderwerp met ‘hij’ wordt weergegeven. De vorm det legt dus niet zelfstandig vast dat de Nederlandse vertaling het-woord ‘het’ moet zijn. Er betekent hier ‘is’. Het is de tegenwoordige tijd van være, ‘zijn’, en deze vorm blijft in het Deens hetzelfde bij verschillende onderwerpen. Het patroon det er ... is bruikbaar om iets te beschrijven: Det er klart. — ‘Het is duidelijk.’ godt betekent hier ‘goed’ en beoordeelt de manier of kwaliteit van het schrijven. Het staat in deze zin bij skrevet en werkt daardoor bijwoordelijk: ‘goed geschreven’. Godt is ook de onzijdige vorm van het bijvoeglijk naamwoord god. Vergelijk god in en god tekst — ‘een goede tekst’ — met et godt svar — ‘een goed antwoord’. skrevet betekent hier ‘geschreven’. Het is het voltooid deelwoord van skrive, ‘schrijven’. Met er vormt het de passieve constructie er skrevet: iets is geschreven, zonder dat de schrijver wordt genoemd. Een vergelijkbaar voorbeeld is Brevet er skrevet. — ‘De brief is geschreven.’ Samen vormen de delen Det er godt skrevet. de vaste betekenis ‘Hij is goed geschreven.’: det er geeft ‘het is’, godt beoordeelt de manier waarop iets geschreven is, en skrevet geeft het geschreven resultaat weer. De zin is een korte, neutrale beoordeling van hoe iets geschreven is.
Ville én detalje mere hjælpe?
Zou nog één detail helpen?
- Ville
- zou
- én
- één
- detalje
- detail
- mere
- meer; extra
- hjælpe
- helpen
Uitgebreide uitleg
Ville betekent hier zou en staat vóór hjælpe. De vorm is de verleden tijd van vil; in deze vraag drukt zij een mogelijke of hypothetische situatie uit. Het patroon ville + infinitief komt bijvoorbeeld voor in Ville en ekstra linje hjælpe? — “Zou een extra regel helpen?”. én betekent hier één en legt nadruk op het aantal. De accentvorm maakt die nadruk zichtbaar. en zonder accent kan in het Deens het onbepaalde lidwoord zijn, maar kan afhankelijk van de context ook het telwoord “één” weergeven; het accent onderscheidt hier de bedoelde nadruk. Een lidwoord drukt op zichzelf niet automatisch een aantal uit. detalje is het zelfstandig naamwoord detail. Het staat na én in het enkelvoud. Een bruikbaar patroon is én + zelfstandig naamwoord, bijvoorbeeld én linje — “één regel”. mere betekent hier meer of extra. In én detalje mere geeft het aan dat er één extra detail wordt bedoeld. Het woord kan in andere contexten ook bij een grotere hoeveelheid of bij een vergelijking worden gebruikt; hier vormt het samen met de voorafgaande hoeveelheid één uitdrukking. hjælpe betekent helpen. Na het modale werkwoord ville staat het in de infinitief, zonder een afzonderlijk infinitiefwoord. ville hjælpe betekent hier “zou helpen”. Samen vormt én detalje mere het onderwerp: “nog één detail”. In deze vraag staat ville vóór het onderwerp en hjælpe, zoals gebruikelijk in een ja-neevraag; samen drukken zij de mogelijke uitwerking uit. De hele uiting betekent daarom: “Zou nog één detail helpen?” De vraag stelt niet vast dat het extra detail inderdaad nuttig zou zijn.
En linje mere ville forbedre notatet.
Nog één regel zou de notitie verbeteren.
- linje
- regel
- mere
- meer; extra
- ville
- zou
- forbedre
- verbeteren
- notatet
- de notitie
Uitgebreide uitleg
linje betekent hier “regel” en is een zelfstandig naamwoord. De onbepaalde vorm is en linje; de bepaalde vorm is linjen (“de regel”). Voorbeeld: Jeg skriver en linje. — “Ik schrijf een regel.” mere voegt de betekenis “meer” of “extra” toe. Na een zelfstandig naamwoord vormt het een patroon als en linje mere, hier: “nog één regel”. Hetzelfde patroon staat bijvoorbeeld in en dag mere — “nog één dag”. Het woord mere zelf betekent niet zelfstandig “één”. ville is de verleden-tijdsvorm van vil. In deze zin heeft het de modale betekenis “zou” en geeft het samen met de infinitief een mogelijk of verondersteld gevolg aan: ville hjælpe — “zou helpen”. Het is dus ville, niet linje, dat deze modale betekenis draagt. forbedre is de infinitief “verbeteren”. Na ville blijft het werkwoord in de infinitief: ville forbedre — “zou verbeteren”. Voorbeeld: Det vil forbedre teksten. — “Dat zal de tekst verbeteren.” notatet betekent “de notitie”. Het is de bepaalde vorm van et notat; het achtervoegsel -et markeert hier bepaaldheid. notat is onzijdig, wat zichtbaar is in et notat, niet in een vorm van forbedre. Samen vormt En linje mere het onderwerp: “nog één regel”. ville forbedre zegt dat die toevoeging een mogelijk gevolg zou hebben, en notatet is het bepaalde lijdende voorwerp: de notitie die verbeterd zou worden. De hele zin betekent daarom: “Nog één regel zou de notitie verbeteren.”
Jeg tilføjer det nu.
Ik voeg dat nu toe.
- Jeg
- ik
- tilføjer
- voeg toe
- det
- dat
- nu
- nu
Uitgebreide uitleg
Jeg betekent hier “ik” en is de vorm voor de spreker als onderwerp. De vorm verandert niet omdat de spreker bijvoorbeeld mannelijk of vrouwelijk is. Vergelijk als herbruikbaar patroon: Jeg læser. — “Ik lees.” tilføjer komt van tilføje (“toevoegen”). Dit is de tegenwoordige tijd: “voeg toe”. In het Deens verandert het werkwoord in de tegenwoordige tijd niet mee met persoon of aantal: jeg tilføjer, du tilføjer en vi tilføjer gebruiken dezelfde werkwoordsvorm. Het deel til- hoort bij het werkwoord; tilføje is één werkwoord. det is hier een zelfstandig gebruikt voornaamwoord als lijdend voorwerp, met de betekenis “dat”. De vorm det hoort bij een onzijdig enkelvoudig referent, maar de vaste zin identificeert niet zelfstandig waarnaar het verwijst. Het is daarom niet nodig om een specifiek referent in te vullen. Een vergelijkbare zin is Jeg læser det. — “Ik lees dat.” nu is een bijwoord van tijd en betekent “nu”. Het plaatst het toevoegen in het huidige moment. Het kan ook op een andere plek staan, maar in deze zin staat het na het voorwerp: Jeg tilføjer det nu. Samen vormen de delen: Jeg + tilføjer geeft “ik voeg toe”, det geeft wat er wordt toegevoegd (“dat”), en nu geeft het tijdstip (“nu”). De volledige betekenis is dus: “Ik voeg dat nu toe.”
Så er vi klar til at dele det.
Dan zijn we klaar om hem te delen.
- Så
- dan
- er
- zijn
- vi
- we
- klar
- klaar
- til at
- om te
- dele
- delen
- det
- hem
Uitgebreide uitleg
Så betekent hier “dan” en sluit aan op wat eraan voorafgaat. Het kan in andere contexten ook “zo” betekenen; hier past de betekenis “dan”. er is de tegenwoordige vorm van være (“zijn”). Deze vorm wordt onder meer gebruikt in jeg er, vi er en de er. vi betekent “we/wij” en is de vorm voor de eerste persoon meervoud. vi er betekent samen “wij zijn”. klar betekent hier “klaar”. Het is een bijvoeglijk naamwoord in de verbinding met er. Bij Deense bijvoeglijke naamwoorden kunnen getal en bepaaldheid de vorm beïnvloeden; bij dit woord zie je bijvoorbeeld klar, klart en klare in verschillende grammaticale omgevingen. De vaste zin bevat de vorm klar. til at leidt hier de handeling in waarvoor men klaar is: “om te”. Het bruikbare patroon is være klar til at + infinitief (“klaar zijn om te …”). dele is de infinitief van het werkwoord “delen”. Voorbeeld: Jeg vil dele det betekent “Ik wil het delen”. det is hier het Deense onzijdige voornaamwoord dat als object wordt gebruikt. In de vaste vertaling wordt dit object met “hem” weergegeven. De vorm det maakt op zichzelf niet duidelijk welk concreet object bedoeld is; die verwijzing wordt door de context en de vaste vertaling ingevuld. De zin wordt opgebouwd als Så (“dan”) + vi er klar (“we zijn klaar”) + til at dele det (“om hem te delen”). Samen betekent de uiting: “Dan zijn we klaar om hem te delen.”
Grammatica
at + infinitiv
Det er godt at læse nu.
dee ea gud ed lee-suh noeHet is goed om nu te lezen.
Na “at” staat de infinitief, zoals “læse”. Dit komt overeen met “om te lezen” in het Nederlands.
mere + bijvoeglijk naamwoord
Det er mere klart.
dee ea mee-a klaadHet is duidelijker.
“Mere” maakt een bijvoeglijk naamwoord vergelijkend: “mere klart” betekent “duidelijker”.
Deens woordenschat
- Geslacht
- common
én detalje
Ville én detalje mere hjælpe?
Her er det.
- Geslacht
- neuter
Det er godt skrevet.
Her er det.
Ville én detalje mere hjælpe?
- Geslacht
- neuter
et kort notat
Kan jeg læse det nu?
én detalje mere
- Geslacht
- neuter
Jeg har skrevet et kort notat.
Kan jeg læse det nu?
Jeg har skrevet et kort notat.
Quiz
Woordvolgorde
Zet de woorden in de juiste volgorde.
Ik heb een korte notitie geschreven.
Antwoord tonen
Jeg har skrevet et kort notat.Kan ik hem nu lezen?
Antwoord tonen
Kan jeg læse det nu?Hier is hij.
Antwoord tonen
Her er det.Spelling
Tik op de letters om het woord te spellen.
schrijven
Antwoord tonen
skrevetnotitie
Antwoord tonen
notatlezen
Antwoord tonen
læsegoed