Elke dag 10 minuten gratis
Ga verder met audiolessen in de app
Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.
Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm
Kies je leertaal en open deze les in de app.
Over deze les
Met Een ontmoetingsplek veranderen oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het deens.
Dialoog
Jeg skal ændre planen.
Jai skal èn-dre plèè-nən. Ik moet het plan veranderen.Hvad fungerer ikke?
Va fungé-er egge? Welk deel werkt niet?Mødestedet er for støjende.
Meu-the-stee-the è fo stui-en-ne. De ontmoetingsplek is te lawaaierig.Lad os gå indenfor til et roligere sted.
Lè os goo èn-nə-fo til et roo-li-e-re steeð. Laten we binnen naar een rustigere plek gaan.Kan vi mødes lige inden for indgangen?
Kan vi meu-the-s lie-e èn fo èn-gang-en? Kunnen we net binnen bij de ingang afspreken?Det fungerer for mig.
De foengé-er fo mai. Dat werkt voor mij.Jeg venter der, når jeg kommer.
Jai ven-ne dè, noo jai kom-me. Ik wacht daar als ik aankom.Så kan vi sammen finde et roligt sted.
Soo kan vi sam-men fen-ne et roo-li steeð. Dan kunnen we samen een rustige plek vinden.Uitleg van de zinnen
Jeg skal ændre planen.
Ik moet het plan veranderen.
- Jeg skal
- ik moet
- ændre
- veranderen
- planen
- het plan
Uitgebreide uitleg
Jeg skal betekent hier “ik moet”. Jeg is de eerste persoon enkelvoud: “ik”. skal is de vorm van het modale werkwoord skulle voor deze combinatie met jeg; het drukt hier noodzakelijkheid uit, niet alleen een toekomstige handeling. Na een modaal werkwoord staat het volgende werkwoord in de infinitief, zonder at. ændre betekent “veranderen”. Dit is de infinitiefvorm. Een herbruikbaar patroon is Jeg skal + infinitief: “Ik moet + werkwoord”. Voorbeeld: Jeg skal arbejde. — “Ik moet werken.” planen betekent “het plan”. Het zelfstandige naamwoord is plan; planen is de bepaalde enkelvoudsvorm van het en-woord en plan: en plan = “een plan”, planen = “het plan”. De uitgang -en hoort dus bij de bepaaldheid van het zelfstandig naamwoord, niet bij ændre. Samen vormen de delen Jeg skal ændre planen: “Ik moet het plan veranderen.” De spreker is degene die de verandering moet uitvoeren; planen is wat veranderd moet worden. Het Deense patroon skal + infinitief is bruikbaar om een verplichting of noodzakelijke handeling uit te drukken.
Hvad fungerer ikke?
Welk deel werkt niet?
- Hvad
- welk deel
- fungerer
- werkt
- ikke
- niet
Uitgebreide uitleg
Hvad betekent hier, volgens de vaste vertaling, “welk deel”. Het is een Deens vraagwoord dat naar een zaak of onderdeel vraagt; de precieze referentie wordt in deze zin niet verder benoemd. Een bruikbaar contrast is hvem voor een persoon en hvad voor een zaak of inhoud. fungerer is de tegenwoordige tijd van fungere (“werken”, “functioneren”). De vorm eindigt hier op -er, zoals vaak bij de tegenwoordige tijd van Deense werkwoorden; hij verandert niet naar persoon: jeg fungerer, du fungerer, de fungerer. Voorbeeld: Planen fungerer. — “Het plan werkt.” ikke is de gewone Deense ontkenning: “niet”. In deze vraag ontkent het de werking die door fungerer wordt uitgedrukt. Voorbeeld: Det fungerer ikke. — “Dat werkt niet.” Samen vormt Hvad fungerer ikke? een vraag naar het onderdeel dat niet werkt: “Welk deel werkt niet?” De vraagvorm staat vooraan, gevolgd door het werkwoord; ikke maakt de werking negatief. De formulering is kort en alledaags.
Mødestedet er for støjende.
De ontmoetingsplek is te lawaaierig.
- Mødestedet
- de ontmoetingsplek
- er
- is
- for
- te (in combinatie met een bijvoeglijk naamwoord)
- støjende
- lawaaierig
Uitgebreide uitleg
Mødestedet betekent hier “de ontmoetingsplek”. Het is de bepaalde enkelvoudsvorm van mødested (“ontmoetingsplek”): het achtervoegsel -et markeert bij dit onzijdige zelfstandig naamwoord de bepaalde vorm. Bijvoorbeeld: et mødested = “een ontmoetingsplek”; mødestedet = “de ontmoetingsplek”. er is de tegenwoordige tijd van være (“zijn”). De vorm blijft hier hetzelfde bij dit onderwerp; bijvoorbeeld Stedet er roligt betekent “De plek is rustig”. for betekent in combinatie met een bijvoeglijk naamwoord “te”, dus meer dan gewenst. Het is hier niet het voorzetsel “voor”. Het patroon is for + bijvoeglijk naamwoord, bijvoorbeeld for dyr = “te duur”. støjende betekent hier “lawaaiig”. Het is de vorm van het bijvoeglijk naamwoord støjende; deze vorm verandert niet naar geslacht of getal. Bijvoorbeeld: Et støjende sted = “een lawaaierige plek”. Samen vormen de delen Mødestedet er for støjende. de betekenis “De ontmoetingsplek is te lawaaierig.” De volgorde is onderwerp + er (“is”) + for (“te”) + beschrijving. De volgende formulering met roligere (“rustiger”) gebruikt dezelfde soort beschrijving, maar met een vergelijking.
Lad os gå indenfor til et roligere sted.
Laten we binnen naar een rustigere plek gaan.
- Lad os
- laten we
- gå
- gaan
- indenfor
- naar binnen
- roligere
- rustiger
- sted
- plek
Uitgebreide uitleg
Lad os is een vaste manier om een voorstel te doen: “laten we …”. Lad is hier de gebiedende wijs van lade, maar samen met os vormt het geen bevel aan één persoon; het drukt een gezamenlijk voorstel uit. Bijvoorbeeld: Lad os spise. — “Laten we eten.” gå betekent hier “gaan”. Dit is de infinitief van gå; na Lad os staat het volgende werkwoord in deze vorm. Bijvoorbeeld: Lad os gå nu. — “Laten we nu gaan.” indenfor betekent hier “naar binnen”, dus bewegen van buiten naar een binnenruimte. Het wordt in deze zin als bijwoord gebruikt. Het verwante inden for kan in andere contexten ook als voorzetselgroep voorkomen, bijvoorbeeld met een tijds- of ruimtegrens; leer in deze zin vooral de aaneengeschreven vorm indenfor als richting “naar binnen”. roligere betekent hier “rustigere”. De basisvorm is rolig (“rustig”); roligere is de vergrotende trap en vergelijkt deze plek met een andere, hier de te lawaaierige ontmoetingsplek uit de context. De gewone reeks is rolig — roligere — roligst: “rustig” — “rustiger” — “rustigst”. Bijvoorbeeld: Vi vælger et roligere rum. — “We kiezen een rustigere kamer.” sted betekent “plek” of “plaats”. Het is een onzijdig zelfstandig naamwoord; daarom staat ervoor et in et roligere sted. Het bijvoeglijke woord roligere beschrijft het zelfstandig naamwoord sted en blijft hier in deze vorm staan; de vergelijking zit in roligere, niet in sted. Bijvoorbeeld: Dette sted er roligt. — “Deze plek is rustig.” Samen vormt Lad os gå indenfor het voorstel “Laten we naar binnen gaan”. til et roligere sted geeft het doel aan: naar een rustigere plek. De volledige betekenis is daarom: “Laten we binnen naar een rustigere plek gaan.”
Kan vi mødes lige inden for indgangen?
Kunnen we net binnen bij de ingang afspreken?
- Kan vi
- kunnen we
- mødes
- afspreken
- lige inden for
- net binnen
- indgangen
- de ingang
Uitgebreide uitleg
Kan vi staat aan het begin van een vraag. kan is de tegenwoordige vorm van kunne (“kunnen”) en verandert hier niet mee met de persoon; vi betekent “we”. In een gewone mededelende zin staat het onderwerp vóór het werkwoord, maar in deze ja/nee-vraag staat het werkwoord vóór het onderwerp: Vi kan ... → Kan vi ...?. mødes betekent hier “elkaar ontmoeten” of “afspreken”. De vorm hangt samen met møde (“ontmoeten”); de vorm op -s geeft hier de wederkerige betekenis van elkaar ontmoeten aan. Na het modale werkwoord kan staat deze werkwoordsvorm zonder extra persoonsuitgang. Vergelijk: Vi mødes i morgen. — “We spreken morgen af.” Vi møder læreren. — “We ontmoeten de leraar.” In het tweede voorbeeld is møder niet wederkerig. lige inden for geeft een plaats aan: “net binnen”. lige verzacht of preciseert de plaats als “net” of “vlak”. inden for betekent letterlijk een positie aan de binnenkant van een grens of plaats. In deze zin gaat het, overeenkomstig de vertaling en de context, om een ontmoetingsplek net binnen de ingang. indgangen betekent “de ingang”. Het is de bepaalde enkelvoudsvorm van indgang: en indgang — “een ingang”, indgangen — “de ingang”. Het bepaalde lidwoord zit in deze vorm aan het einde van het zelfstandig naamwoord; het afzonderlijke Deense woord en staat dus niet vóór indgangen. Samen vormt de zin de vraag: Kan vi + mødes + lige inden for + indgangen → “Kunnen we net binnen bij de ingang afspreken?” De vraag gaat over een gezamenlijke afspraak op die plaats; kan drukt hier de mogelijkheid of het voorstel uit.
Det fungerer for mig.
Dat werkt voor mij.
- Det
- dat
- fungerer
- werkt; functioneert
- for mig
- voor mij
Uitgebreide uitleg
Det betekent hier “dat” en staat als onderwerp vóór fungerer. De zin benoemt niet zelfstandig waarnaar det precies verwijst; het voornaamwoord neemt hier de bedoelde zaak of situatie op uit de context. De vorm det kan in het Deens onder meer als persoonlijk of aanwijzend voornaamwoord worden gebruikt. fungerer is de tegenwoordige tijd van fungere (“werken; functioneren”). In het Deens verandert deze werkwoordsvorm niet mee met de persoon: jeg fungerer, du fungerer en de fungerer hebben allemaal fungerer. Voorbeeld: Det fungerer godt. — “Dat werkt goed.” Met ikke wordt de zin ontkend: Det fungerer ikke. — “Dat werkt niet.” for mig betekent “voor mij”. mig is de vorm van het eerste-persoonsvoornaamwoord die hier na for staat; als onderwerp is de vorm jeg (“ik”). Voorbeeld: Det er vigtigt for mig. — “Dat is belangrijk voor mij.” In deze uitdrukking laat for zien voor wie iets werkt of geschikt is. Samen vormen de delen Det fungerer for mig de herbruikbare structuur [onderwerp] + [werkwoord] + for + [persoon]: “Dat werkt voor mij.” De spreker zegt dat de bedoelde zaak of situatie voor hem of haar werkt. De tegenwoordige tijd geeft dit als een huidige beoordeling weer.
Jeg venter der, når jeg kommer.
Ik wacht daar als ik aankom.
- Jeg
- ik
- venter
- wacht
- der
- daar
- når
- als
- kommer
- aankom
Uitgebreide uitleg
Jeg betekent hier “ik”: het is de eerste persoon enkelvoud. Het Deense persoonlijke voornaamwoord verandert dus mee met de spreker; vergelijk bijvoorbeeld du voor “jij”. venter betekent hier “wacht”. De basisvorm is vente (“wachten”); venter is de tegenwoordige tijd. In het Deens blijft de werkwoordsvorm in de tegenwoordige tijd doorgaans gelijk bij verschillende personen: jeg venter en du venter. der betekent “daar” en verwijst naar een plaats die in de situatie als bekend of aangewezen geldt. Het is een plaatsbijwoord, geen vorm van het werkwoord. når betekent hier “als” in de tijdsbetekenis “wanneer”. Het leidt de bijzin in die aangeeft wanneer iets gebeurt. Het verschilt van hvis, dat meestal een voorwaarde (“als …, dan …”) uitdrukt. kommer betekent hier “aankom”. De basisvorm is komme; kommer is de tegenwoordige tijd. Het werkwoord komme kan afhankelijk van de context “komen” of “aankomen” betekenen. In deze zin past “aankom” bij de vaste vertaling. Voorbeeld: Jeg kommer i morgen. — “Ik kom morgen.” Samen vormen de delen: Jeg venter der (“Ik wacht daar”) + når jeg kommer (“als ik aankom”). De volledige zin betekent dus: “Ik wacht daar als ik aankom.” De bijzin met når maakt duidelijk op welk moment het wachten volgens deze uiting plaatsvindt.
Så kan vi sammen finde et roligt sted.
Dan kunnen we samen een rustige plek vinden.
- Så
- dan
- kan vi
- kunnen we
- sammen
- samen
- finde
- vinden
- roligt
- rustig
- sted
- plek
Uitgebreide uitleg
Så betekent hier “dan” en verwijst naar de volgende stap in de situatie. Het kan in andere contexten ook “dus” of “zo” betekenen; kies de betekenis uit de samenhang. kan vi betekent “kunnen we”. kan is de tegenwoordige tijd van kunne (“kunnen”) en drukt hier mogelijkheid of gelegenheid uit. In een hoofdzin staat het werkwoord vóór het onderwerp: kan vi ...; in een gewone mededelende zin zonder deze vooropgeplaatste bepaling krijg je bijvoorbeeld vi kan .... Na een modaal werkwoord staat het volgende werkwoord in de infinitief. sammen betekent “samen”: de handeling wordt door de betrokken personen gezamenlijk uitgevoerd. Voorbeeld: Vi arbejder sammen. — “We werken samen.” finde betekent “vinden”. Dit is de infinitief; na kan blijft die vorm staan: kan finde = “kunnen vinden”. De vorm finder is de tegenwoordige tijd, bijvoorbeeld in Vi finder et sted. — “We vinden een plek.” roligt betekent hier “rustig”. Het is de vorm van het bijvoeglijk naamwoord rolig die bij sted past. sted is een onzijdig woord en krijgt het onzijdige enkelvoudige lidwoord et; daarom staat het bijvoeglijk naamwoord hier op roligt, niet op rolig. Voorbeeld: et roligt rum — “een rustige kamer”. sted betekent “plek” of “plaats”. Het is een zelfstandig naamwoord: et sted is “een plek”. Het onbepaalde lidwoord et markeert hier een onbepaalde plek; het stelt op zichzelf geen specifiek aantal vast. Samen vormen de delen Så kan vi (“Dan kunnen we”), sammen (“samen”), finde (“vinden”) en et roligt sted (“een rustige plek”) de betekenis: “Dan kunnen we samen een rustige plek vinden.”
Grammatica
Når ..., så ...
Når vi kommer, så finder vi mødestedet.
Noo vi kom-me, soo fen-ne vi meu-the-stee-the.Wanneer we aankomen, vinden we de ontmoetingsplek.
Når introduceert een tijds- of voorwaardelijke bijzin. Så betekent daarna of dan en maakt de volgorde duidelijk.
Adjectief + -ere
roligere sted
roo-li-e-re steeðrustigere plek
De uitgang -ere vormt de vergrotende trap van een bijvoeglijk naamwoord: rolig wordt roligere.
Deens woordenschat
- Bepaald
- true
- Geslacht
- neuter
- Bepaald
- true
- Geslacht
- common
Quiz
Woordvolgorde
Zet de woorden in de juiste volgorde.
Ik moet het plan veranderen.
Antwoord tonen
Jeg skal ændre planen.Welk deel werkt niet?
Antwoord tonen
Hvad fungerer ikke?De ontmoetingsplek is te lawaaierig.
Antwoord tonen
Mødestedet er for støjende.Spelling
Tik op de letters om het woord te spellen.
veranderen
Antwoord tonen
ændrerustig
Antwoord tonen
roligereplan
Antwoord tonen
planenwat