Een pen en notitieboekje lenen | Leer deens in het Nederlands

Danish lesson set in a contemporary Copenhagen everyday setting: In a shared space, one person borrows a pen and notebook for a short list and agrees where to put them back..

NL → DA / Niveau: A1

Over deze les

Met Een pen en notitieboekje lenen oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het deens.

Dialoog

A

Må jeg bruge en kuglepen?

Mo yai broe-uh en koele-pen? Mag ik een pen gebruiken?
B

Tag den sorte fra koppen.

Teh den sohd-uh frah kuh-ben. Pak de zwarte uit de beker.
A

Jeg har også brug for en notesbog.

Yai haa osoe broe foh en noots-boo. Ik heb ook een notitieboekje nodig.
B

Der ligger en gammel notesbog i skuffen.

Deh lee-uh en gawm-el noots-boo ie sgoe-fen. Er ligt een oud notitieboekje in de la.
A

Jeg skal bare skrive en kort liste.

Yai sgel baa-uh sgri-uh en kohd lis-deh. Ik hoef alleen een kort lijstje te schrijven.
B

Tag dem begge med tilbage, når du er færdig.

Teh dem beg-uh mee te-bè, noor doe èr fèh-die. Breng ze allebei terug als je klaar bent.
A

Jeg lægger dem på dit skrivebord.

Yai leg-uh dem po dit sgri-uh-boor. Ik leg ze op je bureau.
B

Så er de nemme at finde.

Soh èr die nem-uh uh fen-uh. Dan zijn ze makkelijk te vinden.

Woord voor woord

In “Må jeg bruge en kuglepen?” vraagt “Må” of de spreker toestemming krijgt om iets te doen. Het staat hier vooraan in een vraag en wordt gebruikt met een persoon en een handeling.
jeg “jeg” betekent “ik” en verwijst in deze zin naar de persoon die de pen wil gebruiken. Het staat als onderwerp vóór “bruge” in de vraag “Må jeg bruge en kuglepen?”.
bruge “bruge” betekent hier “gebruiken”: de spreker vraagt of die een pen mag gebruiken. Na “Må jeg” volgt “bruge” als de handeling waar toestemming voor wordt gevraagd.
en “en” is hier het onbepaalde lidwoord bij “kuglepen” en betekent “een”. Het introduceert één niet nader bepaalde pen in “en kuglepen”.
kuglepen “kuglepen” betekent “balpen” en is het voorwerp dat de spreker wil gebruiken. Je kunt het gebruiken na “en” wanneer je naar één balpen verwijst.
Tag In “Tag den sorte fra koppen” is “Tag” een opdracht om iets te nemen. Het staat aan het begin van de zin en wordt gevolgd door het voorwerp “den sorte”.
den “den” verwijst in “den sorte” naar de betreffende pen: “de zwarte”. Samen met een beschrijving verwijst het naar een al bekende keuze uit meerdere voorwerpen.
sorte “sorte” betekent hier “zwarte” en beschrijft welke pen genomen moet worden. Het staat na “den” in “den sorte”.
fra “fra” betekent hier “uit” en geeft aan waar de pen vandaan genomen wordt. Het wordt gebruikt vóór de bron of plaats “koppen” in “fra koppen”.
koppen “koppen” betekent hier “de beker”, de plaats waar de pen in zit. In “fra koppen” noemt het de bron waaruit iets wordt genomen.
har “har” is de vorm van “hebben” in “Jeg har også brug for en notesbog”. In deze zin maakt het deel uit van de constructie “har brug for”, waarmee de spreker aangeeft iets nodig te hebben.
også “også” betekent “ook” en voegt de behoefte aan een notitieboek toe naast de eerder genoemde pen. Het staat in “Jeg har også brug for...” vóór de rest van de behoefte-uitdrukking.
brug for “har brug for” betekent als geheel “nodig hebben”. In deze constructie draagt “brug” het idee van behoefte of gebruik bij, terwijl “for” de verbinding met het benodigde voorwerp maakt; samen staan ze in “har brug for en notesbog”.
notesbog “notesbog” betekent “notitieboek” en is het voorwerp dat de spreker daarnaast nodig heeft. Het staat in “en notesbog” na het onbepaalde lidwoord “en”.
Der In “Der ligger en gammel notesbog i skuffen” introduceert “Der” het feit dat er ergens een voorwerp aanwezig is. Een bruikbaar patroon is “Der ligger + voorwerp + plaats” wanneer je de ligging van iets beschrijft.
ligger “ligger” betekent hier “ligt” of “bevindt zich” en beschrijft de positie van de notitieboek in de lade. Het wordt gebruikt voor iets dat op een bepaalde plaats ligt, zoals in “ligger ... i skuffen”.
gammel “gammel” betekent “oud” en beschrijft in deze zin de notitieboek. Het staat vóór “notesbog” in “en gammel notesbog”.
i “i” betekent “in” en geeft de plaats aan waar de notitieboek ligt. Het verbindt “ligger” met de plaats “skuffen” in “i skuffen”.
skuffen “skuffen” betekent hier “de lade”, de plaats waarin de notitieboek ligt. Het staat na “i” in de plaatsaanduiding “i skuffen”.
skal In “Jeg skal bare skrive en kort liste” geeft “skal” aan wat de spreker moet of van plan is te doen. Het wordt hier gevolgd door de handeling “skrive”.
bare “bare” betekent hier “alleen” of “maar” en beperkt de handeling tot het schrijven van een korte lijst. Het staat vóór “skrive” in “skal bare skrive”.
skrive “skrive” betekent “schrijven” en noemt de handeling die de spreker gaat uitvoeren. Het staat na “skal bare” en vóór het voorwerp “en kort liste”.
kort “kort” betekent “kort” en beschrijft de lijst die geschreven wordt. Het staat vóór “liste” in “en kort liste”.
liste “liste” betekent “lijst” en is wat de spreker wil schrijven. In “en kort liste” wordt het nader beschreven door “kort”.
dem “dem” betekent hier “ze” en verwijst naar de pen en de notitieboek. In “Tag dem begge med tilbage” is “dem” het voorwerp dat teruggebracht moet worden.
begge “begge” betekent “beide” en maakt duidelijk dat de twee voorwerpen allebei teruggebracht moeten worden. Het staat samen met “dem” in “dem begge”.
med In “Tag dem begge med tilbage” betekent “med” dat de voorwerpen met de persoon meegaan. Het maakt samen met “Tag” en “tilbage” duidelijk dat ze meegenomen en teruggebracht moeten worden.
tilbage “tilbage” betekent “terug” en geeft de richting van de handeling aan: de pen en de notitieboek moeten teruggaan. Het staat in de uitdrukking “med tilbage”.
når “når” betekent hier “wanneer” of “als” en introduceert het moment waarop de voorwerpen teruggebracht moeten worden. Het staat vóór de bijzin “du er færdig” in “når du er færdig”.
du “du” betekent “jij” en verwijst naar de persoon die de pen en de notitieboek gebruikt. Het is het onderwerp van “er færdig” in “når du er færdig”.
er “er” is de vorm van “zijn” in “du er færdig”. Hier verbindt het de persoon “du” met de toestand “færdig”.
færdig “færdig” betekent hier “klaar” of “af” met de taak. In “når du er færdig” geeft het aan dat het terugbrengen gebeurt zodra de persoon klaar is.
lægger In “Jeg lægger dem på dit skrivebord” betekent “lægger” dat de spreker de voorwerpen ergens neerlegt. Het wordt gebruikt met het voorwerp “dem” en de plaats “på dit skrivebord”.
“på” betekent hier “op” en geeft het oppervlak aan waarop de voorwerpen gelegd worden. Het staat vóór “dit skrivebord” in “på dit skrivebord”.
dit “dit” betekent “jouw” of “je” en geeft aan dat het bureau bij de aangesproken persoon hoort. Het staat direct vóór “skrivebord” in “dit skrivebord”.
skrivebord “skrivebord” betekent “bureau” of “schrijftafel” en is de plaats waarop de voorwerpen worden gelegd. In “på dit skrivebord” wordt het voorafgegaan door “på” en “dit”.
In “Så er de nemme at finde” betekent “Så” hier “dan” of “op die manier”. Het introduceert het gevolg van de afspraak om de voorwerpen op het bureau te leggen.
de “de” betekent hier “ze” en verwijst naar de pen en de notitieboek. In “Så er de nemme at finde” is “de” het onderwerp; dat verschilt van “dem”, dat eerder als voorwerp werd gebruikt.
nemme “nemme” betekent hier “gemakkelijk” en beschrijft hoe eenvoudig het is om de voorwerpen te vinden. Het staat vóór “at finde” in “nemme at finde”.
at “at” is hier de infinitiefmarkeerder vóór “finde” en maakt deel uit van “at finde”. De combinatie noemt de handeling die gemakkelijk is.
finde “finde” betekent “vinden” en noemt de handeling in “nemme at finde”. Het staat na “at” en verwijst hier naar het terugvinden van de pen en de notitieboek.

Grammatica

have brug for + substantiv

Jeg har brug for en kuglepen.

Yai haa broe foh en koele-pen.

Ik heb een balpen nodig.

De vaste uitdrukking have brug for betekent ‘nodig hebben’. Het werkwoord wordt vervoegd: jeg har.

Når ..., ...

Når jeg er færdig, lægger jeg dem tilbage.

Noor yai èr fèh-die, leg-uh yai dem te-bè.

Wanneer ik klaar ben, leg ik ze terug.

Na når volgt een bijzin. In de hoofdzin staat het werkwoord lægger vóór het onderwerp jeg.

Deens woordenschat

bruge werkwoord
broe-uh gebruiken

Må jeg bruge en kuglepen?

der bijwoord
deh er; daar

Der ligger en gammel notesbog i skuffen.

fra voorzetsel
frah uit; van

Tag den sorte fra koppen.

gammel bijvoeglijk naamwoord
gawm-el oud
Geslacht
common

en gammel notesbog

have brug for uitdrukking
haa broe foh nodig hebben

Jeg har også brug for en notesbog.

jeg voornaamwoord
yai ik

Jeg har også brug for en notesbog.

kop zelfstandig naamwoord
kuhb beker koppen
Geslacht
common

fra koppen

kuglepen zelfstandig naamwoord
koele-pen balpen
Geslacht
common

en kuglepen

ligge werkwoord
lee-uh liggen ligger

Der ligger en gammel notesbog i skuffen.

notesbog zelfstandig naamwoord
noots-boo notitieboekje
Geslacht
common

en notesbog

sort bijvoeglijk naamwoord
sohd zwart sorte

den sorte

tage werkwoord
tee-uh nemen; meenemen Tag

Tag den sorte fra koppen.

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Mag ik een pen gebruiken?

Antwoord tonenMå jeg bruge en kuglepen?

Pak de zwarte uit de beker.

Antwoord tonenTag den sorte fra koppen.

Ik leg ze op je bureau.

Antwoord tonenJeg lægger dem på dit skrivebord.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

gebruiken

Antwoord tonenbruge

beker

Antwoord tonenkoppen

notitieboekje

Antwoord tonennotesbog

balpen

Antwoord tonenkuglepen