Tekenen in je vrije tijd | Leer deens in het Nederlands

Danish lesson set in a contemporary Copenhagen everyday setting: At home, two adults talk about drawing in free time and trying the hobby with an old pencil..

NL → DA / Niveau: A1

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met Tekenen in je vrije tijd oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het deens.

Dialoog

A

Hvad laver du i din fritid?

Vè lèè-wa doe ie dien frie-tie? Wat doe je in je vrije tijd?
B

Jeg kan godt lide at tegne derhjemme.

Yai kan got lie a tè-ne de-yèm-me. Ik teken graag thuis.
A

Det lyder som en afslappende hobby.

De luu-wa som en af-slab-ne hobby. Dat klinkt als een ontspannende hobby.
B

Jeg skitserer som regel små ting i min notesbog.

Yai sgiet-se-ra som ree-el smo teng ie mien noot-se-boow. Ik schets meestal kleine dingen in mijn notitieboek.
A

Øver du dig ofte?

Eu-wa doe daai of-de? Oefen je vaak?
B

Lidt, mest når jeg har tid.

Let, mest noor yai haa tie. Een beetje, meestal als ik tijd heb.
A

Måske kan jeg også prøve det.

Moo-ske kan yai oo-se preu-we de. Misschien kan ik het ook proberen.
B

Du kan bruge min gamle blyant.

Doe kan broe-a mien gaa-le bluu-ant. Je kunt mijn oude potlood gebruiken.

Uitleg van de zinnen

  1. Hvad laver du i din fritid?

    Wat doe je in je vrije tijd?

    Hvad
    wat
    laver
    doet; maakt
    du
    je; jij
    i
    in
    din
    je; jouw
    fritid
    vrije tijd
    Uitgebreide uitleg

    Hvad betekent hier “wat” en staat aan het begin van de vraag. Het vraagt naar de handeling of activiteit. Een bruikbaar contrast is Hvem laver du mad med? — “Met wie kook je?”; hvem vraagt naar een persoon, terwijl hvad naar een zaak, activiteit of informatie vraagt. laver is hier de tegenwoordige tijd van at lave, “doen” of “maken”. In de vaste combinatie Hvad laver du? betekent het natuurlijk “Wat doe je?”; de precieze betekenis van lave wordt dus door de context bepaald. De tegenwoordige tijd kan in het Deens ook naar een huidige of algemeen terugkerende activiteit verwijzen. Voorbeeld: Hvad laver du i weekenden? — “Wat doe je in het weekend?” du betekent “je/jij” en is de aangesproken persoon, dus het onderwerp van laver. Het is de gewone tweede persoon enkelvoud. In een zin over meerdere aangesproken personen gebruikt het Deens I met een hoofdletter: Hvad laver I? — “Wat doen jullie?” i is het voorzetsel “in”. Hier leidt het de tijdsomstandigheid in: de activiteit wordt verbonden met de vrije tijd. din betekent “je/jouw” en verwijst naar iets dat bij du hoort. Deze vorm staat bij een enkelvoudig zelfstandig naamwoord van het en-geslacht, zoals fritid. Het Deens gebruikt ook dit bij een enkelvoudig onzijdig woord en dine bij meervoud: dit hus — “je huis”, dine bøger — “je boeken”. Din drukt bezit uit, niet op zichzelf een bepaald aantal. fritid betekent “vrije tijd”. Het is een zelfstandig naamwoord: fritid wordt meestal gebruikt als een niet-telbare periode of hoeveelheid tijd. In i din fritid vormt het met i en din een uitdrukking voor “in je vrije tijd”. Samen vormen Hvad laver du de vraag “Wat doe je?”, en i din fritid specificeert wanneer of binnen welke soort tijd naar die activiteit wordt gevraagd. De volledige zin betekent daarom: “Wat doe je in je vrije tijd?”

  2. Jeg kan godt lide at tegne derhjemme.

    Ik teken graag thuis.

    kan godt lide
    graag ... vinden
    tegne
    tekenen
    derhjemme
    thuis
    Uitgebreide uitleg

    kan godt lide is een vaste Deense uitdrukking voor een voorkeur: “graag ... vinden” of “... leuk vinden”. In deze uitdrukking hoort godt bij het geheel; het is niet nodig om het hier afzonderlijk als een versterker te vertalen. kan is de tegenwoordige vorm van kunne. Buiten deze uitdrukking kan kunne ook mogelijkheid of vaardigheid uitdrukken, maar hier gaat het om voorkeur. tegne betekent hier “tekenen”. De vorm staat na at in at tegne, de infinitiefconstructie. Na een uitdrukking als kan godt lide kan een activiteit zo worden uitgedrukt met at + infinitief. Voorbeeld: Jeg kan godt lide at læse. — “Ik lees graag.” derhjemme betekent “thuis” en vormt één Deens woord. Het is hier een plaatsbepaling bij de activiteit. Het verwante woord hjemme betekent ook “thuis”; gebruik in deze zin echter de waargenomen vorm derhjemme. Jeg betekent “ik” en is hier het onderwerp. Samen betekent Jeg kan godt lide at tegne derhjemme: “Ik teken graag thuis.” De zin bouwt op als onderwerp + voorkeuruitdrukking + activiteit + plaats: de spreker vindt tekenen prettig en situeert die activiteit thuis.

  3. Det lyder som en afslappende hobby.

    Dat klinkt als een ontspannende hobby.

    Det lyder
    dat klinkt
    som
    als
    afslappende
    ontspannend
    hobby
    hobby
    Uitgebreide uitleg

    Det lyder betekent hier “dat klinkt”. lyder is de tegenwoordige tijd van lyde (“klinken”): lyde → lyder. In deze vaste constructie is Det het onderwerp van de beoordeling; de Nederlandse vertaling maakt dat weer met “dat”. Voorbeelden: Det lyder godt. — “Dat klinkt goed.” Det lyder interessant. — “Dat klinkt interessant.” som betekent hier “als” en verbindt de indruk met de vergelijking of typering erna. Het is dus niet hetzelfde als een tijdswoord in een zin als “zoals gewoonlijk”; de betekenis volgt uit deze constructie: Det lyder som ... — “Dat klinkt als ...”. afslappende betekent hier “ontspannend”: het beschrijft iets dat ontspanning geeft. Het woord hoort bij het werkwoord afslappe (“ontspannen” of “tot ontspanning brengen”) en staat vóór het zelfstandig naamwoord. Vergelijk afslappende (“ontspannend”) met afslappet (“ontspannen”, als toestand van iemand of iets). Voorbeeld: En afslappende aktivitet — “Een ontspannende activiteit.” hobby betekent “hobby”. Het is hier het zelfstandig naamwoord dat benoemt wat voor soort activiteit bedoeld wordt. Het Deense onbepaalde lidwoord en voor dit woord markeert de onbepaalde vorm; het drukt op zichzelf niet een expliciete numerieke telling uit. Voorbeeld: Tegning er en hobby. — “Tekenen is een hobby.” Samen vormt Det lyder + som + en afslappende hobby de betekenis: “Dat klinkt als een ontspannende hobby.” De zin geeft een indruk of beoordeling van de genoemde bezigheid; lyder som presenteert die bezigheid als iets dat op een ontspannende hobby lijkt of zo overkomt. De formulering is alledaags en kan als herbruikbaar patroon dienen: Det lyder som en [beschrijving] [zelfstandig naamwoord].

  4. Jeg skitserer som regel små ting i min notesbog.

    Ik schets meestal kleine dingen in mijn notitieboek.

    skitserer
    schets
    som regel
    meestal; doorgaans
    små
    kleine
    ting
    dingen
    min
    mijn
    notesbog
    notitieboek
    Uitgebreide uitleg

    skitserer komt van at skitsere en is de tegenwoordige tijd. Met het onderwerp Jeg betekent het hier: ik schets. De uitgang -er markeert hier de tegenwoordige tijd. Bijvoorbeeld: Jeg tegner. — Ik teken. som regel is een vaste uitdrukking voor iets dat gewoonlijk gebeurt: meestal, doorgaans. Het zegt niet dat het altijd gebeurt. Bijvoorbeeld: Jeg går som regel hjem klokken fem. — Ik ga meestal om vijf uur naar huis. små is de meervoudsvorm van het bijvoeglijk naamwoord lille (klein). Het beschrijft hier ting, dat meervoud is. Vergelijk: en lille ting — een klein ding; små ting — kleine dingen. De vorm små hoort dus bij het bijvoeglijk naamwoord, niet bij het zelfstandig naamwoord. ting betekent hier dingen of voorwerpen. en ting is enkelvoud; het meervoud is ook ting, dus de vorm verandert hier niet. Bijvoorbeeld: Jeg ser mange ting. — Ik zie veel dingen. min betekent mijn en staat hier bij notesbog, een enkelvoudig zelfstandig naamwoord van het gemeenschappelijke geslacht: en notesbog. Bij een meervoud gebruik je mine, bijvoorbeeld mine ting — mijn dingen. Het bezittelijk woord drukt bezit uit; het stelt op zichzelf geen aantal vast. In min notesbog vormt min samen met het zelfstandig naamwoord een bepaalde bezitsgroep; er staat daarom niet ook nog en voor het zelfstandig naamwoord. notesbog betekent notitieboek. Het is een zelfstandig naamwoord van het gemeenschappelijke geslacht: en notesbog; het meervoud is notesbøger. Bijvoorbeeld: Min notesbog ligger her. — Mijn notitieboek ligt hier. Samen vormen de delen: Jeg geeft de handelende persoon aan, skitserer zegt wat die persoon doet, som regel geeft aan hoe vaak het gebeurt, en små ting i min notesbog benoemt wat er wordt geschetst en waar. De volledige betekenis is: Ik schets meestal kleine dingen in mijn notitieboek. De tegenwoordige tijd kan hier een gewoonte beschrijven.

  5. Øver du dig ofte?

    Oefen je vaak?

    Øver
    oefen
    du
    je/jij
    dig
    je (wederkerend)
    ofte
    vaak
    Uitgebreide uitleg

    Øver is de vorm van het Deense werkwoord øve in de tegenwoordige tijd: oefenen. In deze zin betekent het specifiek oefenen of trainen. In een vraag staat de persoonsvorm vaak vóór het onderwerp: Øver du ...? betekent “Oefen je ...?” du is het onderwerpelijke voornaamwoord “je/jij”. Het verwijst hier naar de aangesprokene. De plaats na de persoonsvorm komt door de vraagvolgorde; in een gewone mededelende zin staat het onderwerp doorgaans vóór de persoonsvorm, bijvoorbeeld Du øver dig. — “Je oefent.” dig is de wederkerende vorm die bij du hoort. Samen met øve vormt het de constructie øve sig, letterlijk oefenen voor zichzelf, idiomatisch “oefenen”. De vorm verandert mee met het persoonssysteem: bij een ander onderwerp hoort bijvoorbeeld sig, zoals in Hun øver sig. — “Zij oefent.” In deze bronzin is dig dus niet hetzelfde soort voornaamwoord als het onderwerp du; het verwijst wederkerend naar dezelfde aangesprokene. ofte is een bijwoord met de betekenis “vaak”. Het zegt iets over de frequentie van het oefenen en niet over de manier waarop iemand oefent. Vergelijk in een voorbeeld Jeg læser ofte. — “Ik lees vaak.” Samen vormen de delen de vraag Øver du dig ofte?: de persoonsvorm Øver staat vóór het onderwerp du, de wederkerende vorm dig hoort bij de constructie øve sig, en ofte geeft de frequentie aan. De volledige betekenis is: “Oefen je vaak?”

  6. Lidt, mest når jeg har tid.

    Een beetje, meestal als ik tijd heb.

    Lidt
    een beetje
    mest
    meestal
    når
    als / wanneer
    jeg
    ik
    har
    heb
    tid
    tijd
    Uitgebreide uitleg

    Lidt betekent hier “een beetje” en staat als zelfstandig antwoord voor een niet-uitgesproken hoeveelheid of mate. Het is de neutrale vorm. Voorbeeld: Jeg taler lidt dansk. — “Ik spreek een beetje Deens.” mest betekent hier “meestal”: het geeft aan dat iets in het grootste deel van de gevallen zo is. Het is de hoogste vorm van meget (“veel”), maar in deze zin heeft het de vaste betekenis “meestal”, niet gewoon “het meest”. Een ander frequentiewoord is ofte (“vaak”). når betekent “als/wanneer” en leidt hier een tijdsbepalende bijzin in. Når jeg har tid betekent “wanneer ik tijd heb” en verwijst naar momenten waarop de voorwaarde zich voordoet. In deze bijzin staat het onderwerp jeg vóór het werkwoord har. jeg is de eerste-persoonsvorm in het enkelvoud: “ik”. De vorm verandert niet afhankelijk van grammaticaal geslacht. De persoon wordt in het Deens doorgaans niet door een aparte vorm van het voornaamwoord aangegeven in andere functies; de concrete vorm moet bij de rol in de zin passen. har is de tegenwoordige tijd van have (“hebben”): jeg har — “ik heb”. De tegenwoordige vorm har blijft in het Deens bij verschillende personen gelijk; het is dus niet een vorm die alleen bij jeg hoort. In har tid betekent het geheel “tijd hebben”. tid betekent “tijd”. In har tid gaat het om beschikbare tijd in het algemeen. Het zelfstandig naamwoord staat hier zonder onbepaald lidwoord, zoals gebruikelijk in deze uitdrukking: have tid betekent “tijd hebben”. Samen bestaat de uiting uit het verkorte antwoord Lidt, gevolgd door de beperking mest når jeg har tid: “een beetje, meestal wanneer ik tijd heb”. De volledige betekenis is: “Een beetje, meestal als ik tijd heb.”

  7. Måske kan jeg også prøve det.

    Misschien kan ik het ook proberen.

    Måske
    misschien
    kan jeg
    kan ik
    også
    ook
    prøve
    proberen
    det
    het
    Uitgebreide uitleg

    Måske betekent hier “misschien” en drukt onzekerheid uit. Het woord staat vooraan; daardoor volgt de persoonsvorm kan vóór het onderwerp jeg: Måske kan jeg .... Vergelijk: Jeg kan måske ... = “Ik kan misschien ...”; daar staat het onderwerp vóór kan. kan jeg vormt hier geen vaste woordbetekenis, maar laat de woordvolgorde in deze mededelende zin zien. kan is de tegenwoordige tijd van kunne en betekent hier “kunnen”: het geeft de mogelijkheid van de handeling aan. Na een modaal werkwoord staat het volgende werkwoord in de infinitief zonder at: Jeg kan prøve = “Ik kan proberen”. jeg is de eerste persoon enkelvoud, “ik”. Voorbeeld: Jeg kan komme i morgen. = “Ik kan morgen komen.” Hier draagt kan de persoonsvorm en staat komme als infinitief erna. også betekent “ook” en voegt deze mogelijkheid toe aan iets anders dat al geldt of eerder genoemd is. De precieze eerdere handeling wordt in deze ene zin niet benoemd. In deze zin staat også vóór prøve en hoort het bij de handeling die de spreker mogelijk ook wil uitvoeren. prøve is de infinitief “proberen”. De vorm is hier onveranderd na kan; de constructie is kan + infinitief. Een andere veelgebruikte vorm is prøver, de tegenwoordige tijd: Jeg prøver. = “Ik probeer.” det betekent hier “het” en is het lijdend voorwerp bij prøve: de spreker kan “het” proberen. Als pronomen verwijst het naar iets dat in de context bedoeld is, maar de vaste zin en vertaling benoemen niet precies waarnaar. De vorm det is de onzijdige enkelvoudsvorm; die grammaticale vorm bepaalt op zichzelf niet welk concreet ding bedoeld wordt. Samen vormt de zin het patroon Måske + kan + onderwerp + også + infinitief + voorwerp: “Misschien kan ik het ook proberen.” Måske maakt de uitspraak onzeker, kan jeg geeft de mogelijkheid vanuit de spreker weer, også voegt deze mogelijkheid toe, en prøve det betekent “het proberen”.

  8. Du kan bruge min gamle blyant.

    Je kunt mijn oude potlood gebruiken.

    Du kan
    je kunt
    bruge
    gebruiken
    min
    mijn
    gamle
    oude
    blyant
    potlood
    Uitgebreide uitleg

    Du kan betekent hier dat de aangesprokene de mogelijkheid of toestemming heeft om iets te doen: “je kunt”. Du is de tweede persoon enkelvoud (“je/jij”); kan is de vorm van het modale werkwoord kunne bij du. In een vraag staat bijvoorbeeld Kan du hjælpe? — “Kun je helpen?” Het daaropvolgende werkwoord blijft in deze constructie de handeling zelf aangeven. bruge betekent hier “gebruiken”. Dit is de infinitief van bruge; na het modale werkwoord kan staat deze vorm zonder extra infinitiefmarkeerder. Bijvoorbeeld: Du kan læse. — “Je kunt lezen.” min betekent “mijn” en geeft bezit door de spreker aan. Het is een bezittelijk woord dat vóór het zelfstandig naamwoord staat. De vorm hoort bij een enkelvoudig woord van het type dat in blyant zichtbaar is; in andere grammaticale contexten kunnen bezittelijke vormen veranderen. Bijvoorbeeld: min bog — “mijn boek”. gamle betekent hier “oude”. Het beschrijft blyant. De vorm gamle is de verbogen vorm van gammel in deze naamwoordgroep; de precieze vorm wordt mede bepaald door het zelfstandig naamwoord en de grammaticale context. Bijvoorbeeld: en gammel bog — “een oud boek”, maar den gamle bog — “het oude boek”. blyant betekent “potlood”. Het is een zelfstandig naamwoord; het meervoud is blyanter. Bijvoorbeeld: Jeg har en blyant. — “Ik heb een potlood.” Samen vormen de delen Du kan bruge (“je kunt gebruiken”) en min gamle blyant (“mijn oude potlood”) de volledige betekenis: “Je kunt mijn oude potlood gebruiken.” De bezitsrelatie wordt door min uitgedrukt, en gamle specificeert welk potlood bedoeld wordt. De zin is een gewone, neutrale mededeling of aanwijzing.

Grammatica

kan godt lide at + infinitiv

Jeg kan godt lide at tegne.

Yai kan got lie a tè-ne.

Ik vind het leuk om te tekenen.

Na kan godt lide gebruik je at plus de infinitief: kan godt lide at tegne.

Deens woordenschat

afslappende bijvoeglijk naamwoord
af-slab-ne ontspannend

Det lyder som en afslappende hobby.

derhjemme bijwoord
de-yèm-me thuis

Jeg kan godt lide at tegne derhjemme.

fritid zelfstandig naamwoord
frie-tie vrije tijd
Geslacht
common

Hvad laver du i din fritid?

hobby zelfstandig naamwoord
hobby hobby
Geslacht
common

Det lyder som en afslappende hobby.

kan godt lide uitdrukking
kan got lie leuk vinden

Jeg kan godt lide at tegne derhjemme.

lave werkwoord
lèè-we doen laver

Hvad laver du i din fritid?

lyde werkwoord
luu-we klinken lyder

Det lyder som en afslappende hobby.

skitsere werkwoord
sgiet-see-re schetsen skitserer

Jeg skitserer som regel små ting i min notesbog.

små bijvoeglijk naamwoord
smo kleine

Jeg skitserer som regel små ting i min notesbog.

som regel uitdrukking
som ree-el meestal

Jeg skitserer som regel små ting i min notesbog.

tegne werkwoord
tè-ne tekenen

Jeg kan godt lide at tegne derhjemme.

ting zelfstandig naamwoord
teng dingen
Geslacht
common

Jeg skitserer som regel små ting i min notesbog.

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Wat doe je in je vrije tijd?

Antwoord tonenHvad laver du i din fritid?

Dat klinkt als een ontspannende hobby.

Antwoord tonenDet lyder som en afslappende hobby.

Oefen je vaak?

Antwoord tonenØver du dig ofte?

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

schetsen

Antwoord tonenskitserer

thuis

Antwoord tonenderhjemme

tekenen

Antwoord tonentegne

ontspannend

Antwoord tonenafslappende