Foto's maken van rustige straten | Leer deens in het Nederlands

Danish lesson set in a contemporary Copenhagen everyday setting: At home, two adults talk about taking photos of quiet streets and looking at one picture..

NL → DA / Niveau: A1

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met Foto's maken van rustige straten oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het deens.

Dialoog

A

Tager du billeder?

TEE-a doe BEL-luh? Maak je foto's?
B

Jeg bruger mit lille kamera de fleste dage.

JAJ broe-a med LEL-luh ka-MEE-a dee FLES-tuh DEH-a. Ik gebruik mijn kleine camera de meeste dagen.
A

Hvad kan du lide at fotografere?

Veh kan doe LEE-a eh fo-to-gra-FEE-a? Wat fotografeer je graag?
B

Jeg kan bedst lide stille gader.

JAJ kan best LEE-a STEL-luh KEH-a. Rustige straten vind ik het leukst.
A

Må jeg se et?

Mo jaj see ed? Mag ik er één zien?
B

Her er et, jeg tog tæt på mit hjem.

Hea eh ed, jaj toh ted poh med jem. Hier is er een die ik dicht bij mijn huis heb gemaakt.
A

Det ser enkelt og klart ud.

Deh see-a ENG-guld oh klaad oed. Hij ziet er eenvoudig en duidelijk uit.
B

Jeg øver mig, når jeg har tid.

JAJ EU-a mai, nohr jaj ha tie. Ik oefen wanneer ik tijd heb.

Uitleg van de zinnen

  1. Tager du billeder?

    Maak je foto's?

    Tager
    maakt/neemt
    du
    je
    billeder
    foto’s
    Uitgebreide uitleg

    Tager betekent hier “maakt/neemt” in de uitdrukking voor foto’s. Het is de tegenwoordige tijd van tage (“nemen”; in deze combinatie: “foto’s maken”). In een gewone mededelende zin staat de persoonsvorm niet noodzakelijk voor het onderwerp, maar in deze ja/nee-vraag staat de persoonsvorm vóór du: Tager du ...?. du is het Deense persoonlijk voornaamwoord voor één aangesproken persoon: “je/jij”. Het verandert hier niet op basis van het geslacht van die persoon. Een bruikbaar contrast is I voor meerdere aangesproken personen. billeder betekent hier “foto’s”. Het is het meervoud van billede (“foto/afbeelding”). Het onbepaalde meervoud heeft hier geen apart lidwoord; het bepaalde meervoud is billederne (“de foto’s”). Samen vormen Tager du billeder? de vraag “Maak je foto’s?”: Tager staat vooraan als persoonsvorm, du is degene die de handeling uitvoert, en billeder is wat die persoon maakt. Het patroon Tager du + zelfstandig naamwoord? is herbruikbaar voor een ja/nee-vraag, bijvoorbeeld: Tager du noter? — “Maak je aantekeningen?”

  2. Jeg bruger mit lille kamera de fleste dage.

    Ik gebruik mijn kleine camera de meeste dagen.

    Jeg
    ik
    bruger
    gebruik
    mit
    mijn
    lille
    kleine
    kamera
    camera
    de fleste
    de meeste
    dage
    dagen
    Uitgebreide uitleg

    Jeg betekent hier “ik”: het is het persoonlijke voornaamwoord voor de spreker als onderwerp. De vorm verandert niet naar mannelijk of vrouwelijk; voor een andere persoon gebruik je bijvoorbeeld du (“jij”) of han (“hij”). bruger betekent hier “gebruik”. De basisvorm is bruge; bruger is de tegenwoordige tijd. In het Deens krijgt de tegenwoordige tijd bij personen normaal dezelfde vorm: jeg bruger (“ik gebruik”) en du bruger (“jij gebruikt”). Voorbeeld: Jeg bruger telefonen. — “Ik gebruik de telefoon.” mit betekent “mijn” en staat hier vóór kamera. De vorm mit wordt gebruikt bij een enkelvoudig onzijdig zelfstandig naamwoord. Het Deense bezittelijke woord stemt dus af op het bezeten zelfstandig naamwoord: min bij een enkelvoudig gemeenschappelijk woord, mit bij een enkelvoudig onzijdig woord en mine bij het meervoud. Voorbeeld: mit hus — “mijn huis”. lille betekent “klein”. Hier beschrijft het een enkelvoudig zelfstandig naamwoord. Bij zowel een enkelvoudig gemeenschappelijk als een enkelvoudig onzijdig zelfstandig naamwoord blijft de vorm lille; in het meervoud is de vorm små. Voorbeeld: en lille bil — “een kleine auto”; små biler — “kleine auto’s”. kamera betekent “camera”. De meervoudsvorm is kameraer. In deze zin staat het woord in het enkelvoud, zoals ook blijkt uit mit en lille. Voorbeeld: Kameraet er lille. — “De camera is klein.” de fleste betekent “de meeste”. Dit is een vaste manier om naar het grootste deel van een groep te verwijzen. flest is de overtreffende vorm van mange (“veel”): mange — “veel”, flere — “meer”, flest — “het meest/de meeste”. In de fleste dage hoort de fleste bij het meervoudige begrip “dagen”. dage betekent “dagen”. De basisvorm is dag (“dag”); dage is het meervoud. Het meervoud wordt hier gebruikt omdat het gaat om meerdere dagen: en dag — “een dag”, flere dage — “meerdere dagen”. Voorbeeld: Jeg arbejder de fleste dage. — “Ik werk de meeste dagen.” Samen vormen de delen: Jeg bruger (“ik gebruik”) + mit lille kamera (“mijn kleine camera”) + de fleste dage (“de meeste dagen”). De volledige betekenis is dus: “Ik gebruik mijn kleine camera de meeste dagen.”

  3. Hvad kan du lide at fotografere?

    Wat fotografeer je graag?

    Hvad
    wat
    kan du
    kun jij
    lide
    leuk vinden
    at fotografere
    fotograferen
    Uitgebreide uitleg

    Hvad betekent hier “wat” en vraagt naar het ding of de dingen die iemand fotografeert. Het is een vraagwoord; vergelijk bijvoorbeeld Hvad læser du? — “Wat lees je?” kan du vormt hier het vraaggedeelte “kun jij”. kan is de tegenwoordige tijd van kunne (“kunnen”); bij du staat deze vorm als du kan. In een ja-neevraag of vraag met een vraagwoord komt het werkwoord vóór het onderwerp: Hvad kan du ...? Voorbeeld: Hvor kan du arbejde? — “Waar kun je werken?” lide betekent in deze vaste uitdrukking “leuk vinden”. De constructie kan lide betekent samen “leuk vinden” of “graag ... vinden”; lide volgt hier op kan en staat in de infinitief zonder at. Voorbeeld: Jeg kan lide musik. — “Ik houd van muziek.” at fotografere betekent “fotograferen”. fotografere is de infinitief; at markeert die infinitief. Na kan lide kan at plus een infinitief aangeven welke activiteit iemand leuk vindt: Jeg kan lide at læse. — “Ik lees graag.” Samen is Hvad kan du lide at fotografere? letterlijk opgebouwd als “Wat kun je leuk vinden om te fotograferen?” De natuurlijke betekenis is: “Wat fotografeer je graag?” De vraag gaat dus over het onderwerp of de onderwerpen die de aangesprokene graag fotografeert.

  4. Jeg kan bedst lide stille gader.

    Rustige straten vind ik het leukst.

    Jeg
    ik
    kan bedst lide
    vind ik het leukst
    stille
    rustige
    gader
    straten
    Uitgebreide uitleg

    Jeg betekent hier “ik” en is het persoonlijke voornaamwoord voor de eerste persoon enkelvoud. Het is de handelende persoon bij kan bedst lide. Voor een andere persoon verandert het voornaamwoord, bijvoorbeeld du = “jij/je”. kan bedst lide is de vaste Deense combinatie voor “het leukst vinden” of “het meest prefereren”. kan is de tegenwoordige tijd van kunne (“kunnen”), maar in kunne lide vormt het geheel de betekenis “leuk vinden”; bedst maakt daar “het leukst” van. De combinatie is dus geen gewone letterlijke optelsom van “kunnen” en “leuk vinden”. Herbruikbaar patroon: Jeg kan bedst lide + [iets] = “Ik vind [iets] het leukst.” Voorbeeld: Jeg kan bedst lide te. — “Ik vind thee het lekkerst.” stille betekent hier “rustig” en beschrijft gader. Het staat vóór het zelfstandig naamwoord. In deze vorm blijft stille hetzelfde bij het meervoud gader; de vorm is niet het meervoud van het zelfstandig naamwoord, maar de bijvoeglijke bepaling. Voorbeeld: stille rum — “rustige kamers”. gader betekent “straten”. Het is het meervoud van gade (“straat”): en gade → gader. Het woord verwijst hier algemeen naar straten, zonder dat een bepaald aantal wordt genoemd. Samen betekent Jeg kan bedst lide stille gader.: “Rustige straten vind ik het leukst.” In een natuurlijkere Nederlandse woordvolgorde kan dat ook “Ik vind rustige straten het leukst” zijn. De volgorde van de Deense zin is: eerst de spreker, daarna de voorkeurconstructie, en ten slotte wat de voorkeur heeft.

  5. Må jeg se et?

    Mag ik er één zien?

    Må jeg
    mag ik
    se
    zien
    et
    één
    Uitgebreide uitleg

    Må jeg is een vaste, herbruikbare vraagconstructie voor toestemming: “mag ik …?”. Må is de tegenwoordige vorm van het modale werkwoord måtte; in deze constructie drukt het toestemming uit. Na een modaal werkwoord staat het volgende werkwoord in de infinitief, zonder at. Voorbeeld: Må jeg komme? — “Mag ik komen?” se betekent hier “zien”. Het is de infinitief die na må staat. De vorm verandert hier niet door de persoon van jeg: jeg må se betekent “ik mag zien”, terwijl hun må se “zij mag zien” betekent. et betekent hier “één” of “er één”. Het staat zelfstandig en vervangt een weggelaten zelfstandig naamwoord; de vaste vertaling bevestigt dat het hier om één exemplaar gaat. Et is de onzijdige vorm die ook bij onzijdige zelfstandige naamwoorden als onbepaald lidwoord voorkomt. Als het bedoelde zelfstandig naamwoord een-woord is, wordt het overeenkomstige zelfstandige voornaamwoord doorgaans en; de keuze tussen en en et hangt dus af van het grammaticale geslacht van het vervangen woord, niet alleen van het aantal. Samen vormen de delen Må jeg se et?: “Mag ik er één zien?” De vraag vraagt toestemming om één exemplaar te zien. De context maakt de precieze aard van dat exemplaar niet expliciet, dus et blijft hier terecht zelfstandig en ongespecificeerd.

  6. Her er et, jeg tog tæt på mit hjem.

    Hier is er een die ik dicht bij mijn huis heb gemaakt.

    Her er
    hier is
    et
    er een
    tog
    maakte
    tæt på
    vlak bij
    hjem
    huis
    Uitgebreide uitleg

    Her er betekent hier letterlijk “hier is” en wordt gebruikt om iets aan te wijzen of te presenteren. Het is een vaste, zeer bruikbare openingsconstructie: Her er en bog = “Hier is een boek.” et is hier het onbepaalde voornaamwoord “er een”: het verwijst naar het bedoelde ding zonder het zelfstandig naamwoord te herhalen. In het Deens hangt de vorm samen met het grammaticale geslacht van het weggelaten zelfstandig naamwoord: en hoort bij woorden van het en-type en et bij woorden van het et-type. Deze vorm geeft niet op zichzelf aan hoeveel dingen er in totaal zijn; hij presenteert één onbepaald exemplaar in deze context. tog is de verleden tijd van tage. In deze zin heeft tage volgens de vaste vertaling de betekenis “maken”, zoals bij het maken van een foto: Jeg tog et billede = “Ik maakte een foto.” Dezelfde vorm kan in andere contexten ook “nemen” of “pakken” betekenen, maar hier past de betekenis “maken”. Het onderwerp jeg betekent “ik”; samen vormen jeg tog dus “ik maakte”. tæt på betekent “dicht bij” of “vlak bij”. Dit is een bruikbare combinatie om nabijheid uit te drukken: skolen ligger tæt på huset = “de school ligt dicht bij het huis.” hjem betekent “huis” in de betekenis van thuis of de eigen woning. In mit hjem betekent mit “mijn” en staat het bij hjem, dat een et-woord is. Vergelijk min bil = “mijn auto” bij een en-woord. De vorm mit draagt dus de relevante overeenstemming; hjem zelf blijft de naam voor “huis”. Samen betekent Her er et, jeg tog tæt på mit hjem: “Hier is er een die ik dicht bij mijn huis heb gemaakt.” Her er et presenteert het bedoelde exemplaar; jeg tog zegt dat de spreker het maakte; en tæt på mit hjem geeft de plaats aan waar dat gebeurde. De bijzin jeg tog tæt på mit hjem staat na et en legt uit welk exemplaar wordt bedoeld.

  7. Det ser enkelt og klart ud.

    Hij ziet er eenvoudig en duidelijk uit.

    Det
    hij; het onderwerp
    ser … ud
    er … uitzien
    enkelt
    eenvoudig
    klart
    duidelijk
    Uitgebreide uitleg

    Det is hier het onderwerp van de constructie. De vaste vertaling identificeert het in deze zin als hij; die bedoelde verwijzing moet dus niet als onbepaald worden voorgesteld. Det is de Deense vorm voor een onzijdig enkelvoudig onderwerp. De vorm zelf geeft hier niet aan dat de bedoelde persoon een zaak is. ser … ud is een vaste, onderbroken constructie met de betekenis “er … uitzien”. ser is de tegenwoordige tijd van se (“zien”). In het Deens heeft ser in de tegenwoordige tijd dezelfde vorm bij verschillende personen, bijvoorbeeld jeg ser, du ser en han ser. ud hoort hier bij de constructie en betekent niet losweg alleen “uit”. Voorbeeld: Det ser godt ud. — “Het ziet er goed uit.” enkelt betekent hier “eenvoudig”. Het basiswoord is het bijvoeglijk naamwoord enkel; bij een onzijdig enkelvoud krijgt het de vorm enkelt met -t. Die uitgang hoort dus bij enkelt. Voorbeeld: Et enkelt svar. — “Een eenvoudig antwoord.” klart betekent hier “duidelijk”. Het basiswoord is klar; ook dit bijvoeglijk naamwoord staat hier in de onzijdige enkelvoudsvorm met -t. Klart kan in andere zinnen ook als bijwoord voorkomen, maar hier beschrijft het, samen met enkelt, hoe het onderwerp eruitziet. Voorbeeld: Det er klart. — “Het is duidelijk.” enkelt en klart worden verbonden door og (“en”). Samen vormen Det + ser … ud + enkelt og klart de volledige betekenis: “Hij ziet er eenvoudig en duidelijk uit.”

  8. Jeg øver mig, når jeg har tid.

    Ik oefen wanneer ik tijd heb.

    øver mig
    oefen
    når
    wanneer
    har
    heb
    tid
    tijd
    Uitgebreide uitleg

    øver mig betekent hier “oefen”. Het is de eerste persoon enkelvoud van øve sig: jeg øver mig = “ik oefen”. sig is de wederkerige vorm in de woordenboekvorm; bij jeg wordt die mig. De combinatie kan voor verschillende soorten oefenen worden gebruikt. Voorbeeld: Jeg øver mig på dansk. = “Ik oefen Deens.” når leidt hier een tijdsbepaling in en betekent “wanneer”. Het verbindt de hoofdzin met de omstandigheid waarin die geldt. Voorbeeld: Jeg læser, når jeg har tid. = “Ik lees wanneer ik tijd heb.” har is de tegenwoordige tijd van have (“hebben”). In jeg har staat het bij jeg; de vorm har wordt in de tegenwoordige tijd niet naar persoon aangepast. Voorbeeld: Jeg har en bog. = “Ik heb een boek.” tid betekent hier “tijd”. In har tid gaat het om tijd beschikbaar hebben; het is geen uitdrukking van een bepaald aantal uren. Voorbeeld: Har du tid? = “Heb je tijd?” Samen vormen Jeg øver mig en når jeg har tid de betekenis: “Ik oefen wanneer ik tijd heb.” De bijzin met når geeft aan wanneer de handeling uit de hoofdzin plaatsvindt; jeg is in beide delen het onderwerp. In het Deens staat voor deze combinatie een komma: Jeg øver mig, når jeg har tid.

Grammatica

tage → tog

tog billeder

toh BEL-luh-dah

maakte foto's

De verleden tijd van het onregelmatige werkwoord tage is tog, niet een vorm met -ede.

kan lide at + infinitiv

kan lide at fotografere

kan LEE-a eh fo-to-gra-FEE-a

leuk vinden om te fotograferen

Na kan lide volgt at met de infinitief wanneer je zegt wat iemand graag doet.

Deens woordenschat

billeder zelfstandig naamwoord
BEL-luh-dah foto's; afbeeldingen
Geslacht
neuter
bruger werkwoord
broe-a gebruik
de fleste dage uitdrukking
dee FLES-tuh DEH-a de meeste dagen
fotografere werkwoord
fo-to-gra-FEE-a fotograferen
gader zelfstandig naamwoord
KEH-a straten
Geslacht
common
hvad voornaamwoord
veh wat
kamera zelfstandig naamwoord
ka-MEE-a camera
Geslacht
neuter
kan lide uitdrukking
kan LEE-a leuk vinden
lille bijvoeglijk naamwoord
LEL-luh kleine
se werkwoord
see zien
stille bijvoeglijk naamwoord
STEL-luh rustige; stille
tager werkwoord
TEE-a neemt; maakt

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Maak je foto's?

Antwoord tonenTager du billeder?

Wat fotografeer je graag?

Antwoord tonenHvad kan du lide at fotografere?

Rustige straten vind ik het leukst.

Antwoord tonenJeg kan bedst lide stille gader.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

wat

Antwoord tonenhvad

fotograferen

Antwoord tonenfotografere

camera

Antwoord tonenkamera

foto's; afbeeldingen

Antwoord tonenbilleder