De tafel dekken | Leer deens in het Nederlands

Danish lesson set in a contemporary Copenhagen everyday setting: At home, two adults check a list for setting a table and notice that one spoon is still needed..

NL → DA / Niveau: A1

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met De tafel dekken oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het deens.

Dialoog

A

Lad os se på listen.

Lè os see po les-den. Laten we naar de lijst kijken.
B

Jeg har den her.

Jai haa den hèa. Ik heb hem hier.
A

Er kopperne klar?

Èr kobber-nuh klaar? Zijn de kopjes klaar?
B

Jeg har vasket dem alle.

Jai haa vas-kud dem al-luh. Ik heb ze allemaal gewassen.
A

Mangler der noget?

Mang-luh duh noo-uh? Ontbreekt er iets?
B

Vi mangler stadig en ske.

Wie mang-luh stèè-dhie en sgee. We hebben nog één lepel nodig.
A

Jeg kan hente en til.

Jai kan hèn-duh en tiel. Ik kan er nog een halen.
B

Så er bordet dækket.

Soo èr boh-doh dè-gud. Dan is de tafel gedekt.

Uitleg van de zinnen

  1. Lad os se på listen.

    Laten we naar de lijst kijken.

    Lad os
    laten we
    se på
    kijken naar
    listen
    de lijst
    Uitgebreide uitleg

    Lad os is een vaste manier om een voorstel te doen: “laten we …”. Lad is hier de gebiedende wijs van lade (“laten”), en os is het voornaamwoord voor “ons”. Na deze combinatie staat de volgende werkwoordsvorm zonder at. Voorbeeld: Lad os gå. — “Laten we gaan.” se på betekent hier “naar iets kijken”. Se is het werkwoord se (“zien/kijken”); in deze constructie blijft het in de infinitiefvorm zonder at. På geeft aan waar de blik op gericht is. De combinatie se på is daarom een nuttig patroon: se på + iets — “naar iets kijken”. Voorbeeld: Hun ser på filmen. — “Zij kijkt naar de film.” listen betekent “de lijst”. Het zelfstandig naamwoord is list; listen is de bepaalde vorm: list — “een lijst”, listen — “de lijst”. Het achtervoegsel -en markeert hier de bepaalde vorm van dit gemeenschappelijke geslacht-woord. Voorbeeld: Jeg læser listen. — “Ik lees de lijst.” Samen vormen de delen Lad os + se på + listen: “Laten we naar de lijst kijken.” De zin is een voorstel aan een groep inclusief de spreker om de lijst te bekijken.

  2. Jeg har den her.

    Ik heb hem hier.

    Jeg
    ik
    har
    heb
    den her
    hem hier
    Uitgebreide uitleg

    Jeg betekent hier “ik” en is de vorm voor de eerste persoon enkelvoud wanneer de spreker zichzelf als onderwerp noemt. Een nuttig contrast is du (“jij”), bijvoorbeeld: Jeg har en bog. — “Ik heb een boek.” har is de tegenwoordige tijd van have (“hebben”). De vorm har blijft in het Deens hetzelfde bij verschillende personen: jeg har (“ik heb”), du har (“jij hebt”) en de har (“zij hebben”). In deze zin drukt het bezit of het bij zich hebben uit. den her is een aanwijzende combinatie. den verwijst naar één entiteit van het gemeenschappelijke grammaticale geslacht; her betekent “hier” en maakt de nabijheid expliciet. Samen betekent de combinatie in deze zin “hem hier”, volgens de vaste vertaling. Het is een bruikbaar patroon om iets specifieks in de nabijheid aan te wijzen; het concrete antecedent wordt in de aangeleverde zin niet benoemd. Samen vormen de delen Jeg har (“ik heb”) en den her (“hem hier”) de volledige betekenis: “Ik heb hem hier.”

  3. Er kopperne klar?

    Zijn de kopjes klaar?

    Er
    zijn
    kopperne
    de kopjes
    klar
    klaar
    Uitgebreide uitleg

    Er is hier de tegenwoordige vorm van være (“zijn”). Deze Deense vorm verandert in de tegenwoordige tijd niet naar persoon of getal. In een ja/nee-vraag staat de persoonsvorm vóór het onderwerp: Er ...? is een bruikbaar vraagpatroon, bijvoorbeeld Er døren åben? — “Is de deur open?” kopperne betekent hier “de kopjes”. De basisvorm is kop; kopper is het meervoud en kopperne het bepaalde meervoud. Het slot -ne markeert hier de bepaaldheid van het meervoud, zodat de vorm overeenkomt met “de kopjes” en niet met een onbepaald meervoud. Voorbeeld: kopper — “kopjes”; kopperne — “de kopjes”. klar betekent hier “klaar” of “gereed” en beschrijft de toestand van kopperne. De combinatie met være vormt de betekenis “klaar zijn”. In andere contexten kan klar ook “duidelijk” betekenen, maar die betekenis past niet bij de vaste vertaling. De bronvorm is hier precies klar; die wordt niet herschreven. Samen vormen de delen de ja/nee-vraag Er kopperne klar?: “Zijn de kopjes klaar?” Er geeft de vraagvorm, kopperne is datgene waarnaar gevraagd wordt en klar benoemt de betreffende toestand.

  4. Jeg har vasket dem alle.

    Ik heb ze allemaal gewassen.

    Jeg har
    ik heb
    vasket
    gewassen
    dem
    ze
    alle
    allemaal
    Uitgebreide uitleg

    Jeg har: jeg is het Deense persoonlijk voornaamwoord voor “ik”. har is de tegenwoordige tijd van have (“hebben”). Samen met een voltooid deelwoord vormt har hier de Deense voltooide tegenwoordige tijd: de handeling wordt als voltooid voorgesteld in relatie tot het heden. Voorbeeld: Jeg har læst bogen. — “Ik heb het boek gelezen.” vasket: dit is het voltooid deelwoord van vaske (“wassen”). Het patroon har + voltooid deelwoord geeft hier har vasket, “heb gewassen”. Het voltooid deelwoord verandert hier niet om met het object overeen te komen. dem: dit is de objectsvorm van het Deense persoonlijk voornaamwoord van de derde persoon meervoud. Als onderwerp staat de (“ze/zij”); als object staat dem (“ze/hen”, afhankelijk van de Nederlandse vertaling). In deze zin is dem het object van vasket; de vorm geeft aan dat het om meerdere bedoelde personen of zaken gaat, maar de vaste gegevens leggen niet precies vast waarnaar het verwijst. alle: dit is de meervoudsvorm van al (“alle”). In dem alle benadrukt het dat de handeling op elk van de bedoelde personen of voorwerpen van toepassing is: “ze allemaal”. Voorbeeld: Jeg så dem alle. — “Ik zag ze allemaal.” Samen vormen Jeg har vasket dem alle. de betekenis “Ik heb ze allemaal gewassen.” De onderdelen zijn achtereenvolgens onderwerp (Jeg), hulpwerkwoord (har), voltooid deelwoord (vasket), object (dem) en de nadruk op volledigheid (alle).

  5. Mangler der noget?

    Ontbreekt er iets?

    Mangler
    ontbreekt
    der
    er (plaatsaanduidend woord)
    noget
    iets
    Uitgebreide uitleg

    Mangler betekent hier “ontbreekt” en is de tegenwoordige tijd van mangle (“ontbreken”, “missen”). In deze vraag staat het werkwoord vóór het onderwerpachtige element; dat is een gebruikelijke vraagvolgorde in het Deens. Vergelijk: Jeg mangler en ske. — “Ik mis een lepel.” Daar betekent mangler dat de spreker iets niet heeft of nodig heeft. der is hier een plaatsaanduidend/existentieel woord: samen met mangler presenteert het wat er ontbreekt. Het verwijst in deze zin niet naar een concreet genoemde plaats. Het patroon Mangler der ...? is herbruikbaar voor “Ontbreekt er ...?” of “Is er ... tekort?” noget betekent hier “iets”. Het is een onbepaald voornaamwoord voor een niet nader bepaalde zaak. In een vraag kan het naar een nog onbekend object of ontbrekend onderdeel verwijzen, zonder dat de zin zelf vastlegt welk object dat is. Vergelijk: Er der noget? — “Is er iets?” Samen vormen de delen Mangler der noget?: mangler staat vooraan omdat het een vraag is, der geeft de existentiële constructie aan, en noget benoemt onbepaald wat ontbreekt. De volledige betekenis is: “Ontbreekt er iets?”

  6. Vi mangler stadig en ske.

    We hebben nog één lepel nodig.

    Vi
    wij
    mangler
    hebben nodig; missen
    stadig
    nog; nog steeds
    ske
    lepel
    Uitgebreide uitleg

    Vi betekent hier “wij”: de spreker rekent zichzelf samen met minstens één andere persoon tot de groep. De vorm is hetzelfde als onderwerp in bijvoorbeeld Vi kommer (“Wij komen”). Als lijdend voorwerp gebruikt het Deens een andere vorm, os (“ons”): Hun ser os betekent “Zij ziet ons”. mangler is de tegenwoordige tijd van mangle (“ontbreken; nodig hebben; missen”). In deze zin betekent het, overeenkomstig de vertaling, “nodig hebben”: de groep heeft een lepel nodig. Het Deens gebruikt hiervoor vaak de constructie vi mangler + iets; daarin wordt uitgedrukt dat de groep iets mist of nodig heeft. Mangler verandert in de tegenwoordige tijd niet mee met de persoon of het meervoud: jeg mangler (“ik heb nodig”), vi mangler (“wij hebben nodig”) en de mangler (“zij hebben nodig”). stadig betekent hier “nog” of “nog steeds”. Het geeft aan dat de behoefte op dit moment voortduurt. In Jeg arbejder stadig betekent het bijvoorbeeld “Ik werk nog steeds”. In deze zin staat het vóór het object en ske. ske betekent “lepel”. De vorm is onbepaald enkelvoud; het bepaalde enkelvoud is skeen (“de lepel”) en het meervoud is skeer (“lepels”). Het onbepaalde lidwoord en vóór ske markeert hier een enkelvoudig, gemeen-geslachtelijk zelfstandig naamwoord. In de vaste vertaling wordt dit als “één lepel” weergegeven; de Deense vorm en is echter ook het gewone onbepaalde lidwoord “een”. Samen vormen Vi mangler stadig en ske de betekenis: “Wij hebben nog steeds een lepel nodig.” De groep heeft op dat moment dus nog behoefte aan een lepel. De formulering is alledaags en bruikbaar voor een concreet voorwerp dat nog nodig is.

  7. Jeg kan hente en til.

    Ik kan er nog een halen.

    Jeg kan
    ik kan
    hente
    halen
    en til
    nog een
    Uitgebreide uitleg

    Jeg kan: Dit is een vaste combinatie van het onderwerp Jeg (“ik”) met kan (“kan”). Na kan staat in het Deens de infinitief zonder at: Jeg kan hente = “Ik kan halen”. kan verandert niet naar persoon of meervoud. Vergelijk: Jeg kan hente en ske. — “Ik kan een lepel halen.” hente: Hier betekent dit “halen” of “ophalen”. De vorm na kan is de infinitief hente; het modale werkwoord draagt de tijd en mogelijkheid van de combinatie. Zonder kan krijgt de tegenwoordige tijd een andere vorm: Jeg henter en ske. — “Ik haal een lepel.” en til: Deze combinatie betekent “nog een” of “er nog één”. en staat hier zelfstandig voor een niet nader genoemde zaak; til voegt de betekenis “extra” toe. Het is een herbruikbaar patroon: en til voor “nog één”, en bij een onzijdig zelfstandig naamwoord kan et til voorkomen. Voorbeeld: Vil du have en til? — “Wil je er nog een?” Samen vormen de delen Jeg kan hente en til: “Ik kan er nog een halen.” In de gegeven context slaat het weggelaten voorwerp op nog een lepel: de spreker biedt aan die extra lepel te halen. De modaliteit komt van kan, de handeling van hente, en en til geeft aan dat het om één extra exemplaar gaat.

  8. Så er bordet dækket.

    Dan is de tafel gedekt.

    Så
    dan
    er
    is
    bordet
    de tafel
    dækket
    gedekt
    Uitgebreide uitleg

    Så betekent hier “dan” en plaatst deze toestand na iets eerder genoemd of gebeurd. Het kan in andere zinnen ook “zo” betekenen, maar hier geeft de vaste vertaling duidelijk een tijds- of volgordeverband aan. er is de tegenwoordige tijd van være (“zijn”) voor onder andere ik, jij, hij/zij/het en meervoud; de vorm verandert hier niet met het onderwerp. In deze zin vormt het samen met dækket een mededelende zin over een toestand. bordet betekent “de tafel”. De basisvorm is bord (“tafel”); -et maakt hier de bepaalde enkelvoudsvorm: bordet = “de tafel”. Het is dus geen los woord voor “de”. Dezelfde vormingswijze zie je bijvoorbeeld in huset (“het huis”) naast hus (“huis”); het exacte achtervoegsel hangt af van het grammaticale woordtype van het zelfstandig naamwoord. dækket betekent hier “gedekt” of “bedekt”. Het is de vorm van het werkwoord dække (“bedekken”) die in deze zin als voltooid deelwoord of beschrijvende vorm bij er staat. De combinatie er dækket beschrijft de toestand van iets: “is gedekt”. In een andere context kan dække ook bijvoorbeeld “afdekken” of “dekken” betekenen; hier ondersteunt bordet de betekenis “de tafel is gedekt”. Samen geeft Så er bordet dækket. de volgorde dan + is + de tafel + gedekt: “Dan is de tafel gedekt.” De zin zegt dat de tafel op dat moment in de toestand van gedekt zijn is.

Grammatica

Lad os + infinitiv

Lad os se på listen.

Lè os see po les-den.

Laten we naar de lijst kijken.

Na «Lad os» staat het werkwoord in de infinitief zonder «at». Deze vaste uitdrukking betekent: laten we ...

Deens woordenschat

alle voornaamwoord
al-luh allemaal

Jeg har vasket dem alle.

den voornaamwoord
den hem

Jeg har den her.

har werkwoord
haa hebben

Jeg har den her.

her bijwoord
hèa hier
Jeg voornaamwoord
jai ik
klar bijvoeglijk naamwoord
klaar klaar

Er kopperne klar?

kopperne zelfstandig naamwoord
kobber-nuh de kopjes

Er kopperne klar?

Lad os uitdrukking
lè os laten we

Lad os se på listen.

listen zelfstandig naamwoord
les-den de lijst

Lad os se på listen.

på voorzetsel
po naar/op

Lad os se på listen.

se werkwoord
see kijken

Lad os se på listen.

vasket werkwoord
vas-kud gewassen

Jeg har vasket dem alle.

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Laten we naar de lijst kijken.

Antwoord tonenLad os se på listen.

Ik heb hem hier.

Antwoord tonenJeg har den her.

Zijn de kopjes klaar?

Antwoord tonenEr kopperne klar?

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

de kopjes

Antwoord tonenkopperne

de lijst

Antwoord tonenlisten

gewassen

Antwoord tonenvasket

allemaal

Antwoord tonenalle