Rust met een zere been | Leer deens in het Nederlands

Danish lesson set in a contemporary Copenhagen everyday setting: At home, two adults talk about resting a sore leg after walking too much..

NL → DA / Niveau: A1

Over deze les

Met Rust met een zere been oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het deens.

Dialoog

A

Mit ben gør lidt ondt.

Med been guh-uh liet ond. Mijn been doet een beetje pijn.
B

Sæt dig et øjeblik på denne stol.

Set dai et eu-uh-bleg oo den-uh stool. Ga even op deze stoel zitten.
A

Jeg har gået for meget i dag.

Yai haa go-ud foa meed ie deh. Ik heb vandaag te veel gelopen.
B

Læg benet op her, og hvil dig.

Leg been-uhd ob hea, uh veel dai. Leg je been hier omhoog en rust uit.
A

Må jeg gå lidt rundt senere?

Moa yai goo liet rond se-nee-uh? Kan ik later een beetje rondlopen?
B

Gå kun, hvis det føles godt.

Goo kon, vis de feuls god. Loop alleen als het goed voelt.
A

Sofaen føles bedre end denne stol.

Soo-fa-en feuls bed-uh en den-uh stool. De bank voelt beter dan deze stoel.
B

Så sæt dig der, og hold benet i ro.

Soo set dai dea, uh hol been-uhd ie roo. Ga dan daar zitten en houd je been stil.

Woord voor woord

Mit Mit betekent hier ‘mijn’ en hoort bij ben in Mit ben. De vorm mit wordt gebruikt voor een zelfstandig naamwoord zoals ben; bijvoorbeeld in een nieuwe zin: mit hus.
ben Ben betekent hier ‘been’ en verwijst naar het lichaamsdeel. Het staat in Mit ben voor ‘mijn been’ en kan ook in een nieuwe uitdrukking voorkomen, zoals mit ben gør ondt.
gør Gør draagt in gør lidt ondt de werkwoordelijke betekenis ‘doet’; samen met ondt beschrijft de uitdrukking pijn. De woordenboekvorm is gøre, waarvan gør de vorm in deze zin is. Een herbruikbaar patroon is noget gør ondt; nieuw voorbeeld: Min arm gør ondt.
lidt Lidt betekent hier ‘een beetje’ en geeft aan dat de pijn niet sterk is. Het staat tussen gør en ondt in de uitdrukking gør lidt ondt en kan ook een kleine hoeveelheid of mate aangeven.
ondt Ondt verwijst hier naar pijn in de uitdrukking gør lidt ondt. Samen met gør betekent de hele uitdrukking dat iets pijn doet; nieuw voorbeeld: Min ryg gør ondt.
Sæt Sæt is hier een aansporing om te gaan zitten, samen met dig in Sæt dig. De woordenboekvorm is sætte; een bruikbaar patroon is Sæt dig op een stoel of op een andere plaats.
dig Dig verwijst hier naar de persoon die zelf moet gaan zitten in Sæt dig. Het geeft aan dat de handeling op die persoon gericht is en komt vaak voor na een aansporing zoals sæt dig.
et Et betekent hier ‘een’ in et øjeblik. Het is het onbepaalde lidwoord vóór het onzijdige woord øjeblik en kan samen met dat woord een korte tijdsduur aanduiden.
øjeblik Øjeblik betekent hier ‘moment’ in et øjeblik, dus een korte tijd. De vaste uitdrukking et øjeblik kan bijvoorbeeld worden gebruikt om iemand te vragen even te wachten.
På geeft hier de plaats aan waar iemand gaat zitten: op deze stoel, in Sæt dig et øjeblik på denne stol. Het wordt vaak gebruikt vóór een stoel of ander oppervlak wanneer iemand daarop zit of plaatsneemt.
denne Denne betekent hier ‘deze’ en verwijst naar de stoel die dichtbij of aangewezen is in denne stol. Het staat vóór het zelfstandig naamwoord en kan in een nieuwe uitdrukking bijvoorbeeld denne bog vormen.
stol Stol betekent hier ‘stoel’ in denne stol. Het woord verwijst naar de zitplaats waarop iemand moet gaan zitten en kan na een aanwijzend woord staan, zoals denne stol.
Jeg Jeg betekent ‘ik’ en is de persoon die vertelt dat hij of zij te veel heeft gelopen. Het staat aan het begin van Jeg har gået for meget i dag; aan het begin van een zin wordt het met een hoofdletter geschreven.
har Har is hier het hulpwerkwoord in har gået en helpt de mededeling over het gelopen hebben te vormen. Een bruikbaar patroon is Jeg har + een vorm die een eerdere handeling uitdrukt, zoals Jeg har gået.
gået Gået betekent hier ‘gelopen’ in Jeg har gået for meget i dag. Het volgt op har en is de vorm van gå die de eerdere loopactiviteit uitdrukt; de woordenboekvorm is gå.
for For draagt in for meget de betekenis ‘te’, omdat de hoeveelheid lopen als buitensporig wordt beschreven. Samen met meget vormt het de uitdrukking ‘te veel’ en het staat vóór het woord dat de hoeveelheid aanduidt.
meget Meget betekent hier ‘veel’ in for meget. Met for ervoor betekent de hele combinatie ‘te veel’; een herbruikbaar patroon is een werkwoord gevolgd door for meget.
i I betekent hier ‘in’ en maakt samen met dag de tijdsaanduiding i dag, ‘vandaag’. De uitdrukking i dag wordt gebruikt om aan te geven wanneer iets gebeurt.
dag Dag betekent letterlijk ‘dag’ en krijgt in i dag de betekenis ‘vandaag’. De combinatie i dag staat meestal als tijdsaanduiding bij een gebeurtenis of activiteit.
Læg Læg is hier een aansporing om het been neer te leggen of omhoog te plaatsen, in Læg benet op her. De woordenboekvorm is lægge; een bruikbaar patroon is læg + voorwerp + op.
benet Benet betekent hier ‘het been’ in Læg benet op her. Het is de bepaalde vorm van ben en verwijst naar het been dat al uit de situatie bekend is.
op Op geeft in Læg benet op her de richting omhoog aan. Samen met læg vormt het de handeling ‘het been omhoog leggen’; het patroon læg iets op kan ook met een ander voorwerp worden gebruikt.
her Her betekent hier ‘hier’ en geeft de plaats aan waar het been omhoog moet worden gelegd. Het staat achter op in Læg benet op her en kan een aangewezen plek aanduiden.
og Og betekent ‘en’ en verbindt in Læg benet op her, og hvil dig twee opdrachten. Het wordt gebruikt om handelingen of mededelingen naast elkaar te plaatsen.
hvil Hvil is hier een aansporing om te rusten in hvil dig. De woordenboekvorm is hvile; samen met dig richt deze vorm de aansporing op de persoon die moet rusten.
Må betekent hier ‘mag’ of ‘kan’ in Må jeg gå lidt rundt senere?, waarmee toestemming wordt gevraagd. Een bruikbaar patroon is Må jeg + handeling om beleefd te vragen of iets is toegestaan.
Gå betekent hier ‘lopen’ of ‘gaan’: in gå lidt rundt later rondlopen, en in Gå kun een instructie om te lopen. Na Må staat gå als de handeling waar toestemming voor wordt gevraagd; aan het begin van Gå kun is dezelfde vorm een aansporing.
rundt Rundt betekent hier ‘rond’ in gå lidt rundt en maakt van lopen het rondlopen of heen en weer lopen. Het staat na gå en kan in het patroon gå rundt een manier van bewegen aanduiden.
senere Senere betekent hier ‘later’ en verwijst naar een moment na het huidige moment. Het staat aan het einde van Må jeg gå lidt rundt senere? en kan als tijdsaanduiding bij een toekomstige handeling worden gebruikt.
kun Kun betekent hier ‘alleen’ en beperkt de toestemming in Gå kun, hvis det føles godt. Het staat vóór de voorwaarde en maakt duidelijk dat lopen uitsluitend onder die voorwaarde mag.
hvis Hvis betekent hier ‘als’ en leidt de voorwaarde in hvis det føles godt in. Een bruikbaar patroon is hvis + een volledige voorwaardelijke zin, bijvoorbeeld na een instructie.
det Det betekent hier ‘het’ en is het onderwerp in det føles godt. Het verwijst in deze zin naar hoe de situatie of het lopen aanvoelt; samen met føles godt betekent de hele uitdrukking dat het goed aanvoelt.
føles Føles betekent hier ‘voelt’ in det føles godt en beschrijft hoe iets wordt ervaren. Het wordt gebruikt in het patroon det føles + een woord dat de ervaring beschrijft, zoals godt.
godt Godt betekent hier ‘goed’ of ‘in orde’ in det føles godt. Het beschrijft dat de ervaring prettig of aanvaardbaar is en komt vaak voor na føles in deze betekenis.
Sofaen Sofaen betekent hier ‘de sofa’ of ‘de bank’ en is de zitplaats die beter aanvoelt dan de stoel. De vorm sofaen is de bepaalde vorm van sofa en verwijst naar een specifieke sofa in de situatie.
bedre Bedre betekent hier ‘beter’ en vergelijkt de sofa met deze stoel in bedre end denne stol. Het is de vergelijkende vorm die in het patroon bedre end wordt gebruikt om twee dingen met elkaar te vergelijken.
end End betekent hier ‘dan’ in bedre end denne stol en verbindt de twee kanten van de vergelijking. Een bruikbaar patroon is een vergelijkend woord gevolgd door end en datgene waarmee wordt vergeleken.
Så betekent hier ‘dan’ en verwijst naar de conclusie uit de vorige zin: omdat de sofa beter voelt, moet de persoon daar gaan zitten. Het staat aan het begin van Så sæt dig der en kan een gevolg of volgende stap inleiden.
der Der betekent hier ‘daar’ en verwijst naar de plaats van de sofa in Så sæt dig der. Het staat na het werkwoordelijke deel en geeft aan waar iemand moet gaan zitten.
hold Hold is hier een aansporing om het been stil te houden in hold benet i ro. De woordenboekvorm is holde; een bruikbaar patroon is hold + voorwerp + i ro.
ro Ro betekent hier ‘rust’ of ‘stilte’ in i ro. Samen met hold benet maakt de uitdrukking hold benet i ro duidelijk dat het been niet moet bewegen; i ro kan ook voorwerpen of lichaamsdelen beschrijven die stil moeten blijven.

Grammatica

Imperativ med refleksivt pronomen: sæt dig / hvil dig

Sæt dig. Hvil dig.

Set dai. Veel dai.

Ga zitten. Rust uit.

Bij een bevel staat het wederkerende voornaamwoord dig na het werkwoord.

Deens woordenschat

ben zelfstandig naamwoord
been been benet
for meget uitdrukking
foa meed te veel
gøre ondt uitdrukking
guh-uh ond pijn doen gør lidt ondt

Mit ben gør lidt ondt.

werkwoord
goo lopen; gaan gået
i dag uitdrukking
ie deh vandaag
lidt bijwoord
liet een beetje
lægge werkwoord
leg-uh leggen læg
mit bepaler
med mijn
op bijwoord
ob omhoog
stol zelfstandig naamwoord
stool stoel
sætte sig werkwoord
set-uh sai gaan zitten sæt dig
øjeblik zelfstandig naamwoord
eu-uh-bleg moment

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Mijn been doet een beetje pijn.

Antwoord tonenMit ben gør lidt ondt.

Kan ik later een beetje rondlopen?

Antwoord tonenMå jeg gå lidt rundt senere?

Loop alleen als het goed voelt.

Antwoord tonenGå kun, hvis det føles godt.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

lopen; gaan

Antwoord tonengået

been

Antwoord tonenbenet

stoel

Antwoord tonenstol

moment

Antwoord tonenøjeblik