Een lichte snack kiezen | Leer deens in het Nederlands

Danish lesson set in a contemporary Copenhagen everyday setting: At home, two adults choose a light snack with yogurt and nuts..

NL → DA / Niveau: A2

Over deze les

Met Een lichte snack kiezen oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het deens.

Dialoog

A

Jeg vil have en snack.

jaj vil hee-vuh un sneg. Ik wil een tussendoortje.
A

Jeg er ikke særlig sulten.

jaj èr eg-uh sè-li soel-dun. Ik heb niet veel honger.
B

Så vælg noget let, for eksempel yoghurt.

soh wel noo-uh leed, foh eg-sem-bul joo-hoort. Kies dan iets lichts, zoals yoghurt.
A

Har vi også nødder?

haa wie oh-soh nuh-dah? Hebben we ook noten?
B

Der er nogle i skabet.

dè èr noo-luh i sgee-bud. Er liggen er een paar in de kast.
A

Yoghurt med nødder lyder godt.

joo-hoort mehd nuh-dah luu-dah god. Yoghurt met noten klinkt goed.
B

Tag en lille skål.

tè un li-luh sgoohl. Pak een kleine kom.
B

Det er ikke for meget.

dè èr eg-uh fooh ma-juhd. Het is niet te veel.
A

Jeg laver en nu.

jaj lèwuh un noeh. Ik maak er nu een.
B

Gem nogle nødder til mig, tak.

gem noo-luh nuh-dah tel mai, teg. Laat alsjeblieft wat noten voor mij over.

Woord voor woord

Jeg “Jeg” betekent hier “ik” en verwijst naar de persoon die spreekt. Het staat vooraan in “Jeg vil have en snack.” Een nieuw voorbeeld is: “Jeg er træt.”
vil “vil” geeft hier aan wat de spreker wil: “wil”. Samen met “have” vormt het “vil have”, gevolgd door wat de spreker wil hebben. Je gebruikt “vil” ook om een wens of bedoeling uit te drukken, bijvoorbeeld in een nieuw voorbeeld: “Jeg vil spise.”
have “have” betekent hier “hebben” in de uitdrukking “vil have en snack”. Na “vil” staat “have” in deze vorm; het verwijst naar het verkrijgen of hebben van iets. Een nieuw voorbeeld is: “Jeg vil have kaffe.”
en “en” betekent hier “een” en staat vóór “snack” om één snack aan te duiden. De combinatie “en snack” benoemt wat de spreker wil hebben. Een nieuw voorbeeld is: “en bog”.
snack “snack” betekent hier “snack” of een kleine hap tussen maaltijden. In “en snack” is het het voorwerp van wat de spreker wil hebben. Je kunt het gebruiken voor een kleine maaltijd of hap, bijvoorbeeld in een nieuw voorbeeld: “Jeg spiser en snack.”
er “er” betekent hier “zijn” in “Der er nogle i skabet” en maakt duidelijk dat iets aanwezig is. Het hoort bij de vaste constructie “Der er” voor “er zijn” of “er is”. Een nieuw voorbeeld is: “Der er mælk i køleskabet.”
ikke “ikke” betekent “niet” en ontkent hier de beschrijving “særlig sulten”. Het staat in “Jeg er ikke særlig sulten” vóór datgene wat ontkend wordt. Een nieuw voorbeeld is: “Jeg er ikke træt.”
særlig “særlig” betekent hier “erg” of “bijzonder” en versterkt “sulten” in “ikke særlig sulten”. Door “ikke særlig” zegt de spreker dat hij of zij niet erg hongerig is. Een nieuw voorbeeld is: “Det er ikke særlig svært.”
sulten “sulten” betekent hier “hongerig” en beschrijft de toestand van de spreker in “Jeg er ikke særlig sulten”. Het wordt gebruikt na “er” om te zeggen hoe iemand zich voelt. Een nieuw voorbeeld is: “Jeg er sulten.”
“Så” betekent hier “dan” en verbindt het advies met wat de andere spreker zojuist heeft gezegd. In “Så vælg noget let” leidt het de volgende suggestie in. Een nieuw voorbeeld is: “Så går vi hjem.”
vælg “vælg” betekent hier “kies” en is de aansporing om iets te kiezen in “Så vælg noget let”. Het verwijst naar de handeling van één of meer aangesproken personen. De woordenboekvorm is “vælge”; een nieuw voorbeeld is: “Vælg en farve.”
noget “noget” betekent hier “iets” en verwijst naar een niet nader bepaald voedingsmiddel in “noget let”. Het staat vóór de beschrijving “let”. Een nieuw voorbeeld is: “Jeg vil have noget at spise.”
let “let” betekent hier “licht”, in de zin van licht eten, in “noget let”. Het beschrijft het onbepaalde “noget”. Een nieuw voorbeeld is: “Det er en let frokost.”
for eksempel “for eksempel” betekent als geheel “bijvoorbeeld” en introduceert “yoghurt” als een voorbeeld van iets lichts. Binnen deze uitdrukking draagt “for” bij aan de vaste verbinding en betekent “eksempel” “voorbeeld”. Een nieuw voorbeeld is: “Jeg kan lide frugt, for eksempel æbler.”
yoghurt “yoghurt” betekent hier “yoghurt” en is het concrete voorbeeld van “noget let”. Het woord wordt in “for eksempel yoghurt” gebruikt als naam van het voorgestelde voedingsmiddel. Een nieuw voorbeeld is: “Jeg spiser yoghurt om morgenen.”
Har “Har” betekent hier “hebben” in de vraag “Har vi også nødder?”. Het staat vooraan omdat de zin een vraag is en vraagt of iets aanwezig of beschikbaar is. De woordenboekvorm is “have”; een nieuw voorbeeld is: “Har du tid?”
vi “vi” betekent “wij” en verwijst naar de twee mensen die samen thuis zijn. In “Har vi også nødder?” is het de groep die iets heeft. Een nieuw voorbeeld is: “Vi spiser sammen.”
også “også” betekent “ook” en voegt noten toe aan wat er mogelijk nog meer beschikbaar is. In “Har vi også nødder?” staat het bij het gevraagde extra item. Een nieuw voorbeeld is: “Jeg vil også have te.”
nødder “nødder” betekent “noten” en verwijst hier naar eetbare noten voor de snack. In “Har vi også nødder?” is het datgene waarnaar gevraagd wordt; in “Gem nogle nødder til mig” is het datgene wat bewaard moet worden. Een nieuw voorbeeld is: “Jeg spiser nødder.”
Der “Der” betekent hier niet “daar”, maar maakt deel uit van “Der er nogle i skabet”, waarmee je zegt dat er iets aanwezig is. De constructie “Der er” wordt gebruikt voor “er is” of “er zijn”. Een nieuw voorbeeld is: “Der er en stol i rummet.”
nogle “nogle” betekent hier “enkele” of “wat” en verwijst naar een niet nader genoemd aantal noten. In “Der er nogle i skabet” staat het zelfstandig voor de noten die al eerder genoemd zijn. Een nieuw voorbeeld is: “Jeg køber nogle æbler.”
i “i” betekent “in” en geeft in “i skabet” de plaats aan waar de noten zich bevinden. Het staat vóór de plaatsaanduiding “skabet”. Een nieuw voorbeeld is: “Bogen ligger i tasken.”
skabet “skabet” betekent hier “de kast” en benoemt de plaats waar de noten liggen. De vorm is de bepaalde vorm van “skab”, dus het gaat om een specifieke kast. Een nieuw voorbeeld is: “Maden er i skabet.”
med “med” betekent “met” en verbindt in “Yoghurt med nødder” de yoghurt met de noten. Het geeft aan dat de twee samen worden gegeten of gecombineerd. Een nieuw voorbeeld is: “kaffe med mælk.”
lyder “lyder” betekent hier “klinkt” in “lyder godt” en drukt een beoordeling of indruk uit. Het onderwerp “Yoghurt med nødder” krijgt zo de beoordeling dat het goed klinkt. De woordenboekvorm is “lyde”; een nieuw voorbeeld is: “Det lyder interessant.”
godt “godt” betekent hier “goed” in de vaste combinatie “lyder godt”. Samen geeft “lyder godt” aan dat een idee of voorstel aantrekkelijk klinkt. Een nieuw voorbeeld is: “Det smager godt.”
Tag “Tag” betekent hier “neem” en is een aansporing om een kom te pakken in “Tag en lille skål”. Het wordt gebruikt wanneer je iemand vraagt iets te nemen of te pakken. De woordenboekvorm is “tage”; een nieuw voorbeeld is: “Tag en stol.”
lille “lille” betekent “kleine” en beschrijft in “en lille skål” de grootte van de kom. Het staat vóór het zelfstandig naamwoord “skål”. Een nieuw voorbeeld is: “en lille kop.”
skål “skål” betekent hier “kom” en verwijst naar het voorwerp waarin de yoghurt met noten kan worden gedaan. In “en lille skål” wordt het gecombineerd met een onbepaalde hoeveelheid of één voorwerp. Een nieuw voorbeeld is: “Jeg tager en skål.”
Det “Det” betekent hier “het” of “het gerecht” en verwijst naar de hoeveelheid die wordt klaargemaakt. In “Det er ikke for meget” is het het onderwerp van de beoordeling. Een nieuw voorbeeld is: “Det er godt.”
for “for” betekent hier “te” in “for meget” en geeft aan dat een hoeveelheid een grens zou overschrijden. Het hoort bij de uitdrukking “for meget”, die samen “te veel” betekent. Een nieuw voorbeeld is: “Det er for dyrt.”
meget “meget” betekent hier “veel” en verwijst in “for meget” naar de hoeveelheid voedsel. Samen met “for” betekent het “te veel”. Een nieuw voorbeeld is: “Jeg har meget arbejde.”
laver “laver” betekent hier “maak” in “Jeg laver en nu”, dus de spreker gaat nu een portie of snack klaarmaken. De vorm staat bij “Jeg” in de zin. De woordenboekvorm is “lave”; een nieuw voorbeeld is: “Jeg laver mad.”
nu “nu” betekent “nu” en geeft aan dat de handeling op dit moment begint of gebeurt. In “Jeg laver en nu” zegt de spreker dat hij of zij het meteen maakt. Een nieuw voorbeeld is: “Jeg kommer nu.”
Gem “Gem” betekent hier “bewaar” en is een verzoek om een deel van de noten niet te gebruiken. In “Gem nogle nødder til mig” wordt aangegeven wat bewaard moet worden en voor wie. De woordenboekvorm is “gemme”; een nieuw voorbeeld is: “Gem denne bog.”
til “til” betekent hier “voor” en geeft in “til mig” aan voor wie de noten bewaard moeten worden. Het staat vóór de persoon die iets zal krijgen of waarvoor iets bestemd is. Een nieuw voorbeeld is: “Det er til dig.”
mig “mig” betekent “mij” en verwijst naar de persoon die vraagt om noten te krijgen. In “til mig” is het de persoon voor wie de noten bestemd zijn. Een nieuw voorbeeld is: “Giv den til mig.”
tak “tak” betekent hier “alsjeblieft” en maakt het verzoek beleefd in “Gem nogle nødder til mig, tak”. Het staat aan het einde van de vraag of opdracht. In een andere situatie betekent “tak” ook “bedankt”, bijvoorbeeld in een nieuw voorbeeld: “Tak for hjælpen.”

Grammatica

ikke + særlig + adjective

Jeg er ikke særlig sulten.

jaj èr eg-uh sè-li soel-dun.

Ik ben niet erg hongerig.

ikke staat vóór særlig; særlig versterkt het bijvoeglijk naamwoord sulten.

der er + nogle + noun

Der er nogle nødder.

dè èr noo-luh nuh-dah.

Er zijn wat noten.

der er betekent ‘er zijn’. Het zelfstandig naamwoord volgt na nogle.

Deens woordenschat

for eksempel uitdrukking
foh eg-sem-bul bijvoorbeeld
have werkwoord
hee-vuh hebben
ikke bijwoord
eg-uh niet
jeg voornaamwoord
jaj ik
let bijvoeglijk naamwoord
leed licht
noget voornaamwoord
noo-uhd iets
snack zelfstandig naamwoord
sneg tussendoortje, snack
sulten bijvoeglijk naamwoord
soel-dun hongerig
særlig bijwoord
sè-li erg, bijzonder
bijwoord
soh dan, dus
vælg werkwoord
wel kies
yoghurt zelfstandig naamwoord
joo-hoort yoghurt

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Ik wil een tussendoortje.

Antwoord tonenJeg vil have en snack.

Ik heb niet veel honger.

Antwoord tonenJeg er ikke særlig sulten.

Hebben we ook noten?

Antwoord tonenHar vi også nødder?

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

hebben

Antwoord tonenhave

niet

Antwoord tonenikke

erg, bijzonder

Antwoord tonensærlig

hongerig

Antwoord tonensulten