Jeg
Jeg betekent in deze dialoog ‘ik’ en verwijst naar de gast die spreekt. Het staat vooraan in de zin Jeg har en reservation på et værelse her. Gebruik Jeg wanneer je naar jezelf verwijst, bijvoorbeeld in een nieuw voorbeeld: Jeg kommer i morgen.
har
har betekent hier ‘heb’ of ‘bij zich hebben’: de gast heeft een reservering. In Jeg har en reservation på et værelse her staat har vóór wat iemand heeft. Gebruik Jeg har ... om bezit of iets dat je hebt aan te geven.
en
en is hier het onbepaalde lidwoord ‘een’ vóór reservation. Het hoort bij het zelfstandig naamwoord in en reservation. Gebruik en vóór een zelfstandig naamwoord wanneer je één niet nader bepaald ding noemt.
reservation
reservation betekent hier ‘reservering’, namelijk de hotelreservering van de gast. In en reservation staat het na het lidwoord en in combinatie met har. Gebruik reservation bijvoorbeeld voor een reservering van een kamer of tafel.
på
på verbindt reservation in deze zin met het gereserveerde værelse; de hele woordgroep reservation på et værelse betekent een reservering voor een kamer. In deze context staat på vóór et værelse. Leer de combinatie reservation på et værelse als geheel voor een hotelreservering.
et
et is hier het onbepaalde lidwoord ‘een’ vóór værelse. Het staat in et værelse, dat in de dialoog naar een hotelkamer verwijst. Gebruik et vóór een zelfstandig naamwoord wanneer dat zelfstandig naamwoord deze vorm van het lidwoord gebruikt.
værelse
værelse betekent hier ‘kamer’, specifiek de hotelkamer waarvoor de gast een reservering heeft. Het staat na et in et værelse. Gebruik værelse bijvoorbeeld in een nieuw voorbeeld om naar een kamer in een hotel of gebouw te verwijzen.
Her
Her betekent hier ‘hier’ en wijst naar de plaats waar de gast het paspoort toont: Her er det. Aan het begin van de zin krijgt het een hoofdletter. Gebruik Her er ... om iets op de huidige plaats aan te wijzen, bijvoorbeeld in een nieuw voorbeeld: Her er min nøgle.
Må
Må betekent hier ‘mag’ en maakt Må jeg se dit pas, tak? tot een beleefd verzoek om het paspoort te mogen zien. Het staat vóór jeg in deze vraag. Gebruik Må jeg ... om toestemming te vragen, bijvoorbeeld in een nieuw voorbeeld: Må jeg komme ind?
se
se betekent ‘zien’ of ‘bekijken’ in het verzoek Må jeg se dit pas, tak? Het staat na Må jeg en vóór het object dit pas. Gebruik Må jeg se ... wanneer je beleefd vraagt of je iets mag bekijken.
dit
dit betekent in dit gesprek ‘jouw’ en verwijst naar het paspoort van de aangesproken gast in dit pas. Het staat vóór pas en maakt duidelijk van wie het paspoort is. Gebruik dit in een vergelijkbare bezitsuitdrukking wanneer je naar iets van de aangesproken persoon verwijst.
pas
pas betekent hier ‘paspoort’ en is het document dat de receptionist wil zien. In dit pas staat het na het bezittelijke woord dit. Gebruik pas in een hotel- of grenssituatie wanneer je naar een paspoort verwijst.
tak
tak betekent hier ‘alstublieft’ en verzacht het verzoek Må jeg se dit pas, tak? Het staat aan het einde van de vraag. Gebruik tak ook aan het einde van een beleefd verzoek in een nieuw voorbeeld.
er
er betekent hier ‘is’ in de aanwijzende zin Her er det: het paspoort is hier. Het staat tussen Her en det en helpt de aanwezigheid van iets op een plaats uit te drukken. Gebruik Her er ... om iets te tonen dat je aanreikt of aanwijst.
det
det betekent hier ‘het’ en verwijst naar het paspoort dat de receptionist wil zien. In Her er det staat det na er als het aangewezen voorwerp. Gebruik det wanneer je naar dit eerder genoemde ding verwijst.
klart
klart betekent hier ‘klaar’ in Jeg har det klart: de gast heeft het paspoort klaarliggen. Het hoort bij de vaste combinatie have det klart, waarin iemand iets gereed heeft. Gebruik Jeg har det klart wanneer je wilt zeggen dat iets voorbereid en beschikbaar is.
Kan
Kan betekent hier ‘kun je’ of ‘zou je kunnen’ en leidt het verzoek Kan du skrive under her? in. Het staat aan het begin van de vraag vóór du. Gebruik Kan du ... om iemand beleefd te vragen iets te doen.
du
du betekent hier ‘jij’ of ‘u’ en verwijst naar de persoon die het formulier moet ondertekenen. In Kan du skrive under her? staat du direct na Kan. Gebruik du voor de persoon die je rechtstreeks aanspreekt.
skrive under
skrive under betekent als geheel ‘ondertekenen’ in Kan du skrive under her? skrive draagt de betekenis ‘schrijven’ bij en under maakt deel uit van de uitdrukking voor ondertekenen. Gebruik Kan du skrive under ... wanneer je iemand vraagt een formulier of document te ondertekenen; behoud daarbij de positie van het document of de plaats.
også
også betekent ‘ook’ en voegt toe dat naast de eerdere handeling nog een handtekening nodig kan zijn. In Har du også brug for min underskrift ... staat het vóór de woordgroep brug for. Gebruik ook in een vergelijkbare vraag wanneer je een extra behoefte of handeling toevoegt.
brug
brug betekent hier niet zelfstandig ‘gebruik’, maar maakt deel uit van har brug for, dat ‘nodig hebben’ betekent. In Har du også brug for min underskrift? staat brug vóór for en vóór wat nodig is. Gebruik de volledige constructie har brug for + iets om een behoefte uit te drukken.
for
for hoort hier bij brug in de vaste constructie har brug for, met de betekenis ‘nodig hebben’. Het staat direct na brug en vóór het benodigde voorwerp min underskrift. Gebruik har brug for + zelfstandig naamwoord, bijvoorbeeld in een nieuw voorbeeld: Jeg har brug for hjælp.
min
min betekent hier ‘mijn’ en geeft aan dat het om de handtekening van de gast gaat. Het staat vóór underskrift in min underskrift. Gebruik min vóór iets dat van de spreker is.
underskrift
underskrift betekent ‘handtekening’, hetgene dat volgens de vraag op het formulier nodig kan zijn. In min underskrift staat het na het bezittelijke min. Gebruik underskrift in situaties waarin iemand een formulier of document moet ondertekenen.
denne
denne betekent hier ‘deze’ en wijst naar het formulier dat bij de receptie voorligt. Het staat vóór formular in denne formular. Gebruik denne om een specifiek nabij of aangewezen voorwerp te benoemen.
formular
formular betekent ‘formulier’, hier het document waarop de handtekening moet komen. Het staat in denne formular en later in Nederst på denne formular. Gebruik formular voor een document dat iemand moet invullen of ondertekenen.
Nederst
Nederst betekent hier ‘onderaan’ en geeft de plaats op het formulier aan waar de handtekening mag komen. In Nederst på denne formular staat het aan het begin van de zin. Gebruik Nederst på ... om de onderste plaats van een document of oppervlak aan te wijzen.
fint
fint betekent hier ‘prima’ of ‘goed’ en bevestigt dat onderaan het formulier tekenen in orde is. In Nederst på denne formular er fint beoordeelt fint de voorgestelde plaats. Gebruik Det er fint om aan te geven dat iets goed of aanvaardbaar is.
Hvor
Hvor betekent ‘waar’ en opent de vraag Hvor serveres morgenmaden i morgen tidlig? De spreker vraagt naar de plaats waar het ontbijt wordt geserveerd. Gebruik Hvor ...? om naar een plaats te vragen.
serveres
serveres betekent hier ‘wordt geserveerd’ en beschrijft wat er met het ontbijt gebeurt. In Hvor serveres morgenmaden ... staat serveres vóór morgenmaden in de vraag. Gebruik Hvor serveres ...? om te vragen waar een maaltijd of ander aanbod wordt geserveerd.
morgenmaden
morgenmaden betekent ‘het ontbijt’, hier als maaltijd die in het hotel wordt geserveerd. De vorm staat in Hvor serveres morgenmaden ... en verwijst naar het concrete ontbijt. Gebruik morgenmaden wanneer je over het ontbijt als maaltijd spreekt.
i
i betekent hier ‘in’ in de tijdsaanduiding i morgen tidlig, die zegt wanneer het ontbijt wordt geserveerd. Het staat vóór morgen. Gebruik i in een tijdsuitdrukking zoals i morgen tidlig.
morgen
morgen betekent hier ‘morgen’ binnen de uitdrukking i morgen tidlig, dus op de volgende dag vroeg op de dag. Het staat na i en vóór tidlig. Gebruik i morgen ... om naar de volgende dag te verwijzen.
tidlig
tidlig betekent ‘vroeg’ en maakt de tijdsaanduiding i morgen tidlig specifieker. Het staat na morgen en geeft aan dat het om de vroege ochtend gaat. Gebruik tidlig na een tijdsaanduiding wanneer je een vroeg tijdstip bedoelt.
spisesalen
spisesalen betekent ‘de eetzaal’, de plaats waar het ontbijt wordt geserveerd. Het staat in I spisesalen ved receptionen na I. Gebruik spisesalen om in een hotel of gebouw naar de ruimte om te eten te verwijzen.
ved
ved betekent hier ‘bij’ of ‘naast’ en geeft de ligging van de receptionen ten opzichte van de eetzaal aan. In ved receptionen staat ved vóór de plaatsaanduiding. Gebruik ved + een plaats om aan te geven dat iets zich bij die plaats bevindt.
receptionen
receptionen betekent ‘de receptie’, hier de plaats waar de eetzaal zich bij bevindt. Het staat na ved in ved receptionen. Gebruik receptionen in een hotel wanneer je naar de balie of ontvangstruimte verwijst.