Een afspraak verzetten | Leer deens in het Nederlands

Danish lesson set in a contemporary Copenhagen everyday setting: At a reception desk, one adult reschedules an appointment, chooses a later opening, and confirms documents to bring..

NL → DA / Niveau: A2

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met Een afspraak verzetten oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het deens.

Dialoog

A

Jeg skal flytte min aftale til en anden dag.

Jaj skal fluu-deh men af-dè-leh tel en an-nen dèè. Ik moet mijn afspraak naar een andere dag verzetten.
B

Jeg kan tjekke kalenderen for dig.

Jaj ken tsjek-keh ka-lèn-ner-en fohr dai. Ik kan de agenda voor je nakijken.
A

Er der noget ledigt senere i denne uge?

Èr dèèr noo-eth lee-thie see-neh-reh ee den-neh oeh-eh? Is er later deze week iets vrij?
B

Der er en ledig tid om eftermiddagen senere i denne uge.

Dèèr èr en lee-thie teed om ef-deh-me-thè-en see-neh-reh ee den-neh oeh-eh. Er is later deze week een plek in de middag vrij.
A

Det passer mig.

Deh pas-seh mai. Dat komt mij goed uit.
A

Jeg kan komme den eftermiddag.

Jaj kan kom-meh den ef-deh-me-thè. Ik kan die middag komen.
B

Jeg opdaterer aftalen.

Jaj ob-deh-deh-reh af-dè-len. Ik zal de afspraak aanpassen.
A

Skal jeg tage de samme dokumenter med?

Sgel jaj tee die sam-meh do-koe-men-ner mee-th? Moet ik dezelfde documenten meenemen?
B

Tag venligst dit kort og den udfyldte formular med.

Tee ven-lest diet kohrd oh den oe-th-fül-deh for-moe-lèèr mee-th. Neem alstublieft je kaart en het ingevulde formulier mee.

Uitleg van de zinnen

  1. Jeg skal flytte min aftale til en anden dag.

    Ik moet mijn afspraak naar een andere dag verzetten.

    Jeg skal
    Ik moet
    flytte
    verplaatsen
    min
    mijn
    aftale
    afspraak
    til
    naar
    en
    een
    anden
    andere
    dag
    dag
    Uitgebreide uitleg

    Jeg skal betekent hier “ik moet”. skal is de tegenwoordige vorm van skulle; met een infinitief erna drukt het vaak een verplichting of een geplande toekomstige handeling uit. In deze zin maakt skal samen met flytte duidelijk dat de spreker de afspraak moet verzetten. Voorbeeld: Jeg skal ringe. — “Ik moet bellen.” flytte betekent hier “verzetten”. Het is de infinitief na skal. Het werkwoord kan ook letterlijk “verplaatsen” betekenen; bij een afspraak betekent het dat de afspraak naar een ander moment wordt gepland. De tegenwoordige vorm is flytter. Voorbeeld: Jeg flytter mødet. — “Ik verzet de vergadering.” min betekent “mijn” en hoort bij aftale: het geeft bezit aan. Deze vorm wordt gebruikt bij een enkelvoudig zelfstandig naamwoord van het gemeenschappelijke geslacht, zoals aftale. Vergelijk mit bij een enkelvoudig onzijdig woord en mine bij het meervoud. Voorbeeld: min kalender — “mijn agenda”. aftale betekent hier “afspraak”. Het is een zelfstandig naamwoord van het gemeenschappelijke geslacht; daarom staat ervoor min, niet mit. In andere contexten kan aftale ook een overeenkomst betekenen, maar de vaste vertaling ondersteunt hier de betekenis “afspraak”. til betekent “naar” en markeert hier de bestemming van het verzetten: de afspraak wordt naar een andere dag verplaatst. Het is een voorzetsel; de precieze Nederlandse vertaling hangt af van de relatie die het in de zin uitdrukt. en is het onbepaalde lidwoord bij het enkelvoudige woord dag. Het geeft hier niet op zichzelf een geteld aantal aan; het introduceert een niet nader bepaalde dag. Voorbeeld: en kalender — “een kalender”. anden betekent “andere” in en anden dag. Het is de vorm voor een enkelvoudig woord van het gemeenschappelijke geslacht. De bijbehorende vormen zijn andet bij onzijdig enkelvoud en andre bij meervoud. Voorbeeld: et andet tidspunkt — “een ander tijdstip”. dag betekent “dag”. Het is hier een enkelvoudig zelfstandig naamwoord na en anden; de hele woordgroep en anden dag betekent “een andere dag”. Voorbeeld: på en anden dag — “op een andere dag”. Samen vormen min aftale (“mijn afspraak”) en flytte ... til en anden dag (“... naar een andere dag verzetten”) de kern van de zin. Jeg skal voegt de noodzaak toe: “Ik moet mijn afspraak naar een andere dag verzetten.”

  2. Jeg kan tjekke kalenderen for dig.

    Ik kan de agenda voor je nakijken.

    Jeg kan
    ik kan
    tjekke
    nakijken
    kalenderen
    de agenda
    for dig
    voor jou
    Uitgebreide uitleg

    Jeg kan: Jeg betekent “ik”. kan is de tegenwoordige vorm van kunne (“kunnen”) voor de eerste persoon enkelvoud; hier drukt het mogelijkheid of vermogen uit. Na een modaal werkwoord zoals kan staat het volgende werkwoord in de infinitief, zonder at. Voorbeeld: Jeg kan hjælpe. — “Ik kan helpen.” tjekke: Dit is de infinitief van tjekke, “nakijken” of “controleren”. De vorm blijft na kan een infinitief: kan tjekke. In een hoofdzin zonder modaal werkwoord kan dezelfde handeling bijvoorbeeld als Jeg tjekker kalenderen verschijnen: “Ik kijk de agenda na.” kalenderen: Dit betekent hier “de agenda”. Het is de bepaalde enkelvoudsvorm van kalender (“agenda” of “kalender”): en kalender → kalenderen. De uitgang -en maakt het zelfstandig naamwoord bepaald; die uitgang hoort dus bij kalenderen, niet bij het werkwoord. Voorbeeld: Jeg tjekker en kalender. — “Ik kijk een agenda na.” Hier is en kalender onbepaald, terwijl kalenderen naar een bepaalde agenda of kalender verwijst. for dig: for betekent hier “voor” en dig is de vorm van “jou” die na een voorzetsel wordt gebruikt. Samen betekent for dig “voor jou”. De precieze persoon waarnaar dig verwijst, wordt door deze ene zin niet verder benoemd; grammaticaal is het een aangesproken tweede persoon enkelvoud. Voorbeeld: Jeg gør det for dig. — “Ik doe het voor jou.” Samen vormen de delen Jeg kan tjekke kalenderen for dig de betekenis: “Ik kan de agenda voor je nakijken.” Jeg is degene die de handeling kan uitvoeren, kan tjekke geeft die mogelijkheid aan, kalenderen is wat wordt nagekeken en for dig geeft aan voor wie dat gebeurt.

  3. Er der noget ledigt senere i denne uge?

    Is er later deze week iets vrij?

    Er der
    is er …?
    noget
    iets
    ledigt
    vrij; beschikbaar
    senere
    later
    denne
    deze
    uge
    week
    Uitgebreide uitleg

    Er der opent hier een vraag naar het bestaan of de beschikbaarheid van iets: letterlijk een patroon als Er der ...? = “Is er ...?”. Er is de tegenwoordige tijd van være (“zijn”). In dit patroon is der een onpersoonlijk plaatsingswoord; het verwijst hier niet naar een eerder genoemd zelfstandig naamwoord. Voorbeeld: Er der kaffe? — “Is er koffie?” noget betekent hier “iets” binnen de vraag. Het is een onbepaald voornaamwoord voor een niet nader bepaald ding of aanbod. In een vraag kan het in het Nederlands vaak natuurlijk als “iets” worden vertaald, zoals in Er der noget nyt? — “Is er iets nieuws?” ledigt is de onzijdige vorm van het bijvoeglijk naamwoord ledig, hier met de betekenis “vrij” of “beschikbaar”. De vorm staat bij noget, dat onzijdig is: ledig (gemeenschappelijk enkelvoud), ledigt (onzijdig enkelvoud). Bijvoorbeeld: Et bord er ledigt. — “Een tafel is vrij.” De vorm ledigt is dus de vorm van het bijvoeglijk naamwoord, niet van noget. senere betekent “later”. Het is de vergelijkende vorm die ook zelfstandig als tijdsaanduiding wordt gebruikt; de basisvorm is sen (“laat”). Bijvoorbeeld: Vi kommer senere. — “We komen later.” denne uge bestaat uit denne (“deze”) en uge (“week”). Denne is de vorm van het aanwijzend woord bij een enkelvoudig gemeenschappelijk-geslachtwoord; uge is zo’n woord. Het zelfstandige naamwoord heeft zelf de vorm uge, met meervoud uger. Bijvoorbeeld: denne måned — “deze maand”. Samen vormt senere i denne uge de tijdsbepaling “later deze week”. I betekent hier “in” en verbindt die tijdsbepaling met de week. De hele vraag vraagt of er later in de huidige week iets vrij of beschikbaar is: “Is er later deze week iets vrij?”

  4. Der er en ledig tid om eftermiddagen senere i denne uge.

    Er is later deze week een plek in de middag vrij.

    Der er
    Er is
    ledig
    vrij; beschikbaar
    tid
    tijdstip
    om eftermiddagen
    in de middag
    senere
    later
    i denne uge
    deze week
    Uitgebreide uitleg

    Der er is een vaste constructie om het bestaan of de aanwezigheid van iets te benoemen: letterlijk ongeveer “daar is”, maar in deze zin natuurlijk “er is”. Het volgende naamwoordelijk zinsdeel introduceert wat er beschikbaar is. Voorbeeld: Der er kaffe. — “Er is koffie.” ledig betekent hier “vrij” of “beschikbaar”. Het is een bijvoeglijk naamwoord en staat bij tid in de vorm ledig: enkelvoud, gemeenschappelijk geslacht. De andere relevante vormen zijn ledigt bij een onzijdig enkelvoudig woord en ledige bij meervoud of een bepaalde naamwoordgroep. Voorbeeld: En ledig stol — “Een vrije stoel.” tid betekent hier niet zomaar een willekeurig tijdstip, maar een beschikbare afspraak- of tijdsplek: “een vrij tijdstip”. Het is een zelfstandig naamwoord; de basisvorm is tid, met het lidwoord en in en tid. Voorbeeld: Jeg har en tid klokken tre. — “Ik heb om drie uur een afspraak.” om eftermiddagen betekent “in de middag”. eftermiddagen is de bepaalde vorm van eftermiddag; de uitgang hoort bij het zelfstandig naamwoord, niet bij om. De voorzetselconstructie om + een dagdeel wordt gebruikt om het tijdstip binnen de dag aan te geven. Voorbeeld: Vi mødes om eftermiddagen. — “We spreken ’s middags af.” senere betekent hier “later”. Het is de vergelijkende vorm van sen (“laat”): sen — senere — senest (“laat” — “later” — “het laatst/uiterlijk”). In deze zin geeft senere een later moment aan, zonder dat er een expliciete vergelijking met een tweede moment hoeft te staan. Voorbeeld: Jeg kommer senere. — “Ik kom later.” i denne uge betekent “deze week”. denne is een aanwijzend bepalend woord bij het gemeenschappelijk geslachtelijke zelfstandig naamwoord uge (“week”); uge is de basisvorm en ugen is de bepaalde enkelvoudsvorm. Voorbeeld: Jeg arbejder i denne uge. — “Ik werk deze week.” Samen vormt Der er en ledig tid om eftermiddagen senere i denne uge de betekenis: “Er is later deze week ’s middags een vrij tijdstip.” Der er introduceert de beschikbare mogelijkheid, en ledig tid benoemt die mogelijkheid, en de resterende tijdsbepalingen preciseren dat het om de middag op een later moment binnen deze week gaat.

  5. Det passer mig.

    Dat komt mij goed uit.

    Det
    dat
    passer
    komt goed uit
    mig
    mij
    Uitgebreide uitleg

    Det betekent hier “dat” en staat als onderwerp van de uitdrukking. De vaste vertaling maakt duidelijk dat het om iets gaat dat de spreker goed uitkomt, maar specificeert niet precies waar det naar verwijst. Noem daarom geen specifieke afspraak als vaste referent. In een andere context kan det naar een andere neutrale zaak of situatie verwijzen. passer is de tegenwoordige tijd van passe. In Det passer mig betekent het “goed uitkomen” of “gelegen komen”; het betekent hier niet simpelweg “passen” in de ruimtelijke zin. De tegenwoordige vorm passer verandert in het Deens niet mee met de persoon. Voorbeeld: Det passer mig ikke i morgen. — “Dat komt morgen niet goed uit voor mij.” mig is de objectsvorm van jeg (“ik”). Hier is het de persoon voor wie de situatie goed uitkomt. Vergelijk: Det passer ham. — “Dat komt hem goed uit.” Samen vormen Det passer mig de herbruikbare structuur Det passer [persoon]: iets komt die persoon goed uit. De volledige zin betekent dus: “Dat komt mij goed uit.”

  6. Jeg kan komme den eftermiddag.

    Ik kan die middag komen.

    Jeg kan
    ik kan
    komme
    komen
    den
    die
    eftermiddag
    middag
    Uitgebreide uitleg

    Jeg kan: Jeg betekent “ik”. kan is de tegenwoordige tijd van kunne (“kunnen”) en drukt hier mogelijkheid of beschikbaarheid uit. Na kan staat het volgende werkwoord in de infinitief, zonder een extra infinitiefmarkeerder. Vergelijk: Jeg kan vente. — “Ik kan wachten.” komme: dit is de infinitief “komen”. Na een modaal werkwoord zoals kan blijft deze vorm onveranderd: Jeg kan komme betekent “ik kan komen”. De vorm kommer is daarentegen de tegenwoordige tijd in een zin zonder kan, bijvoorbeeld: Jeg kommer i morgen. — “Ik kom morgen.” den: hier betekent dit “die” en staat het vóór het zelfstandig naamwoord. In deze combinatie verwijst het naar een bepaalde middag die in de situatie bedoeld is. De vorm den hoort bij een enkelvoudig gemeenschappelijk-geslachtswoord; het is niet zelf het woord voor “middag”. eftermiddag: dit betekent “middag”, specifieker het deel van de dag na de ochtend. Het is een gemeenschappelijk-geslachtswoord: en eftermiddag; de bepaalde enkelvoudsvorm is eftermiddagen. In den eftermiddag staat het zelfstandig naamwoord na de bepaler, waardoor de combinatie “die middag” oplevert. Samen vormen Jeg kan komme en den eftermiddag de betekenis: “Ik kan die middag komen.” De zin zegt dat de spreker op de bedoelde middag kan komen; hij zegt op zichzelf niet wanneer die middag precies is.

  7. Jeg opdaterer aftalen.

    Ik zal de afspraak aanpassen.

    Jeg
    ik
    opdaterer
    pas aan; update
    aftalen
    de afspraak
    Uitgebreide uitleg

    Jeg betekent hier “ik”. Het is de Deense persoonlijke voornaamwoordsvorm voor de eerste persoon enkelvoud en staat als onderwerp. Voorbeeld: Jeg kommer. = “Ik kom.” opdaterer is de tegenwoordige tijd van at opdatere (“aanpassen” of “bijwerken”). De uitgang -er markeert hier de tegenwoordige tijd; de vorm verandert niet omdat het onderwerp jeg is. In het Deens kan de tegenwoordige tijd, afhankelijk van de context, ook een geplande toekomstige handeling uitdrukken. Daarom past de vertaling “Ik zal de afspraak aanpassen” hier bij de gesprekssituatie. Voorbeeld: Jeg opdaterer dokumentet i morgen. = “Ik werk het document morgen bij.” aftalen betekent “de afspraak”. De basisvorm is aftale (“afspraak”); de uitgang -n maakt er de bepaalde enkelvoudsvorm van: aftalen = “de afspraak”. Het lidwoord zit dus aan het zelfstandig naamwoord vast. Voorbeeld: Jeg ændrer aftalen. = “Ik verander de afspraak.” Samen vormen de delen Jeg opdaterer aftalen. de betekenis “Ik zal de afspraak aanpassen”: de spreker is degene die de handeling uitvoert, opdaterer geeft het aanpassen of bijwerken aan, en aftalen is wat wordt aangepast.

  8. Skal jeg tage de samme dokumenter med?

    Moet ik dezelfde documenten meenemen?

    Skal jeg
    moet ik
    tage … med
    meenemen
    de
    de
    samme
    zelfde
    dokumenter
    documenten
    Uitgebreide uitleg

    Skal jeg betekent hier “moet ik” en vormt een vraag over wat de spreker hoort of van plan is te doen. skal is de tegenwoordige tijd van skulle; in een hoofdvraag staat het vóór het onderwerp: Skal jeg ...? Het kan ook “zal ik ...?” betekenen, maar in deze vaste vertaling is de relevante betekenis “moet ik”. Voorbeeld: Skal vi vente? — “Moeten we wachten?” tage ... med betekent samen “meenemen”. tage is de infinitief van tage (“nemen”); med staat hier op afstand van het werkwoord omdat er een voorwerp tussen staat. Het patroon is dus tage [iets] med: iets meenemen. Voorbeeld: Jeg tager bogen med. — “Ik neem het boek mee.” De vorm tage wordt hier gebruikt na het modale werkwoord skal. de is hier de meervoudige bepaalde bepaler vóór een bijvoeglijk element en een zelfstandig naamwoord. In de samme dokumenter helpt het geheel om naar dezelfde, al bepaalde documenten te verwijzen; de betekent hier niet zelfstandig “zij”. samme betekent “zelfde” en drukt uit dat de documenten identiek zijn aan eerder bedoelde documenten. Het staat vóór het zelfstandig naamwoord in de constructie de samme + meervoudig zelfstandig naamwoord. Voorbeeld: Vi bruger de samme billetter. — “We gebruiken dezelfde kaartjes.” de dokumenter betekent hier “documenten”. Dit is het meervoud van dokument; het meervoudssuffix is -er. Na de samme blijft het zelfstandig naamwoord in deze vorm staan: de samme dokumenter. Een bepaalde meervoudsvorm zonder samme kan bijvoorbeeld dokumenterne zijn, “de documenten”. Samen vormt Skal jeg tage de samme dokumenter med? de vraag “Moet ik dezelfde documenten meenemen?” Skal jeg maakt er een vraag van, tage ... med geeft de handeling “meenemen” aan, en de samme dokumenter specificeert welke documenten: dezelfde als eerder bedoeld. De volgende zin gebruikt hetzelfde basisidee in een bevel: Tag ... med betekent “Neem ... mee”.

  9. Tag venligst dit kort og den udfyldte formular med.

    Neem alstublieft je kaart en het ingevulde formulier mee.

    Tag
    neem
    venligst
    alstublieft
    dit
    jouw
    kort
    kaart
    den
    het/de
    udfyldte
    ingevulde
    formular
    formulier
    med
    mee
    Uitgebreide uitleg

    Tag is de gebiedende wijs van tage, “nemen”. In deze zin krijgt het samen met med de betekenis “meenemen”. De gebiedende wijs heeft hier geen apart uitgesproken onderwerp: de aangesprokene is degene die de handeling moet uitvoeren. Voorbeeld: Tag bogen med. — “Neem het boek mee.” venligst betekent “alstublieft” en verzacht het bevel. Het verandert de grammaticale vorm van Tag niet. dit is de tweede-persoons bezittelijke vorm bij een onzijdig enkelvoudig zelfstandig naamwoord: dit kort. De vorm verwijst hier dus naar iets dat van de aangesprokene is; kort is in het Deens een onzijdig woord (et kort). Bij een gemeenschappelijk-geslachtwoord staat de vorm din, en bij meervoud dine. Voorbeeld: Tag din tas med. — “Neem je tas mee.” kort betekent hier “kaart”. Het woord kan in andere contexten ook “kort” in de betekenis van geringe lengte of duur betekenen, maar die betekenis past hier niet. Het onzijdige lidwoord is et: et kort. den is hier het bepaalde lidwoord bij een zelfstandig naamwoord van gemeenschappelijk geslacht. Samen met formular vormt het den ... formular: “het/de ... formulier”. De Nederlandse vertaling gebruikt “het”, maar het Deense woordgeslacht en het Nederlandse woordgeslacht hoeven niet overeen te komen. udfyldte betekent hier “ingevulde”. Het is de bepaalde vorm van udfyldt, het voltooid deelwoord of adjectief bij udfylde (“invullen”). In den udfyldte formular krijgt het adjectief de vorm -e, omdat het vóór een bepaald zelfstandig naamwoord staat. Voorbeeld: en udfyldt formular — “een ingevuld formulier”; den udfyldte formular — “het/de ingevulde formulier”. formular betekent “formulier”. Het is een zelfstandig naamwoord van gemeenschappelijk geslacht: en formular, in de bepaalde vorm formularen. In deze zin staat het na het voorafgaande bepaalde lidwoord den, omdat het wordt uitgebreid door het adjectief udfyldte. med betekent op zichzelf vaak “met”, maar vormt hier met tage de vaste, goed herbruikbare combinatie tage ... med: “... meenemen”. Het staat na de twee voorwerpen, terwijl het samen met Tag de handeling uitdrukt. De zin wordt zo opgebouwd: Tag ... med betekent “neem ... mee”; dit kort is “je kaart” en den udfyldte formular is “het ingevulde formulier”. venligst maakt er een beleefd verzoek van. Het geheel betekent daarom: “Neem alstublieft je kaart en het ingevulde formulier mee.”

Grammatica

Substantiv + -en: bestemt ental

Tjek kalenderen.

Tsjek ka-lèn-nen.

Controleer de agenda.

Een zelfstandig naamwoord krijgt vaak -en in de bepaalde vorm: kalender → kalenderen.

Adjektiv på -t efter noget

noget ledigt

Noo-eth lee-thie

iets vrijs of iets dat beschikbaar is

Na het onbepaalde voornaamwoord noget krijgt een bijvoeglijk naamwoord vaak de uitgang -t.

Deens woordenschat

aftale zelfstandig naamwoord
af-dè-leh afspraak
Geslacht
common
anden bijvoeglijk naamwoord
an-nen andere
dag zelfstandig naamwoord
dèè dag
Geslacht
common
eftermiddag zelfstandig naamwoord
ef-deh-me-thè middag eftermiddagen
Geslacht
common
flytte werkwoord
fluu-deh verzetten; verplaatsen
kalender zelfstandig naamwoord
ka-lèn-ner agenda; kalender kalenderen
Geslacht
common
ledig bijvoeglijk naamwoord
lee-thie vrij; beschikbaar ledigt
Geslacht
neuter
noget voornaamwoord
noo-eth iets
passe werkwoord
pas-seh passen; goed uitkomen passer
senere bijwoord
see-neh-reh later
tjekke werkwoord
tsjek-keh controleren; nakijken
uge zelfstandig naamwoord
oe-eh week
Geslacht
common

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Ik kan de agenda voor je nakijken.

Antwoord tonenJeg kan tjekke kalenderen for dig.

Dat komt mij goed uit.

Antwoord tonenDet passer mig.

Ik kan die middag komen.

Antwoord tonenJeg kan komme den eftermiddag.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

agenda; kalender

Antwoord tonenkalenderen

iets

Antwoord tonennoget

andere

Antwoord tonenanden

vrij; beschikbaar

Antwoord tonenledigt