Een grammaticaal patroon begrijpen | Leer deens in het Nederlands

Danish lesson set in a contemporary Copenhagen everyday setting: In a language classroom, two adults discuss a grammar pattern, why a verb form changes, and how to make another example..

NL → DA / Niveau: A2

Over deze les

Met Een grammaticaal patroon begrijpen oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het deens.

Dialoog

A

Kan du forklare dette grammatiske mønster igen?

ken doe fo-klèè-uh dè-duh gra-mèd-guh meun-stuh ie-èn? Kun je dit grammaticapatroon nog eens uitleggen?
B

Det viser, at en handling allerede er afsluttet.

dee vie-suh, èd èn hen-leng alle-rèè-duh è af-slö-duh. Het laat zien dat een handeling al voltooid is.
A

Hvorfor ændrer verbet sig i denne sætning?

vo-foor èn-ruh vè-buh sai ie den-nuh sed-neng? Waarom verandert het werkwoord in deze zin?
B

Formen ændrer sig, fordi begivenheden er slut.

fo-men èn-ruh sai, fo-die buh-gie-vuhn-hee-duhn è slood. De vorm verandert omdat de gebeurtenis voorbij is.
A

Kan du give mig et andet eksempel?

ken doe gie-vuh mai èd an-uh èg-sem-buhl? Kun je me nog een voorbeeld geven?
B

Nogen åbnede bogen før timen.

noo-uhn oob-nuh-duh boo-uhn feu-uh tie-muhn. Iemand heeft het boek vóór de les opengedaan.
A

Det gør mønsteret lettere at forstå.

dee geu-uh meun-stuh-duh led-uh èd fo-stoor. Daardoor is het patroon gemakkelijker te begrijpen.
B

Prøv nu at lave din egen sætning.

preuw noe èd lèè-vuh dien ee-guhn sed-neng. Probeer nu zelf een zin te maken.

Woord voor woord

Kan „Kan“ betekent hier „kunnen“ en wordt gebruikt om beleefd te vragen of iemand iets wil of kan doen. In „Kan du forklare ...?“ staat „Kan du“ vóór een infinitief om een verzoek te formuleren.
du „Du“ betekent „je“ en is hier de persoon aan wie de vraag wordt gesteld. Een veelgebruikt patroon is „Kan du“ gevolgd door een infinitief, zoals in „Kan du forklare ...?“.
forklare „Forklare“ betekent „uitleggen“ en benoemt wat de aangesproken persoon moet doen. Na „Kan du“ gebruik je de infinitief, bijvoorbeeld „Kan du forklare dette?“.
dette „Dette“ betekent „dit“ en verwijst hier naar het grammaticapatroon waarover de spreker vraagt. In „dette grammatiske mønster“ staat het vóór het zelfstandig naamwoord en vormt het één aanwijzende woordgroep.
grammatiske „Grammatiske“ betekent „grammaticale“ en beschrijft in „dette grammatiske mønster“ wat voor soort patroon bedoeld wordt. Het bijvoeglijke woord staat tussen „dette“ en „mønster“.
mønster „Mønster“ betekent hier „patroon“, namelijk een grammaticaal patroon dat de leerling wil begrijpen. Het komt in „dette grammatiske mønster“ voor als het zelfstandig naamwoord van de woordgroep.
igen „Igen“ betekent „opnieuw“ of „nog eens“; de spreker vraagt dus om dezelfde uitleg nog een keer. Het staat aan het einde van „Kan du forklare dette grammatiske mønster igen?“.
Det „Det“ betekent hier „het“ of „datgene“ en verwijst naar het besproken grammaticale patroon. Het staat als onderwerp aan het begin van „Det viser ...“.
viser „Viser“ betekent „laat zien“ of „toont“ en zegt wat het patroon duidelijk maakt. In „Det viser, at ...“ wordt „viser“ gevolgd door „at“ en de uitleg die daarop volgt.
at „At“ betekent hier „dat“ en verbindt „Det viser“ met de inhoud die wordt uitgelegd. Een veelgebruikt patroon is „[iets] viser, at ...“, zoals in „Det viser, at ...“.
en „En“ betekent „een“ en staat vóór „handling“ om naar één handeling te verwijzen. Het wordt gebruikt in de woordgroep „en handling“.
handling „Handling“ betekent „handeling“ of „actie“; hier gaat het om een actie die al voltooid is. Je kunt het gebruiken in een woordgroep als „en handling“.
allerede „Allerede“ betekent „al“ en maakt duidelijk dat de handeling op het genoemde moment voltooid is. Het staat vóór „er afsluttet“ in „allerede er afsluttet“.
er „Er“ betekent hier „is“ en verbindt „en handling“ met de toestand „afsluttet“. De combinatie „er afsluttet“ beschrijft dat iets voltooid is.
afsluttet „Afsluttet“ betekent hier „afgesloten“ of „voltooid“ en beschrijft de toestand van de handeling. In „er afsluttet“ staat het na „er“ om aan te geven dat de handeling klaar is.
Hvorfor „Hvorfor“ betekent „waarom“ en vraagt naar de reden voor een verandering. Het staat aan het begin van de vraag „Hvorfor ændrer verbet sig ...?“.
ændrer „Ændrer“ betekent „verandert“ en beschrijft hier wat het werkwoord doet in de zin. In „ændrer sig“ vormt het samen met „sig“ de betekenis „verandert“.
verbet „Verbet“ betekent „het werkwoord“ en verwijst naar de grammaticale vorm die verandert. Dit is de bepaalde vorm in „verbet sig“; in de zin staat het als onderwerp van „ændrer sig“.
sig „Sig“ verwijst terug naar het onderwerp en draagt in „verbet ændrer sig“ bij aan de betekenis „het werkwoord verandert“. Het staat na het werkwoord in deze vaste wederkerende constructie.
i „I“ betekent hier „in“ en geeft aan waar de verandering wordt bekeken: in deze zin. Het staat vóór „denne sætning“ in „i denne sætning“.
denne „Denne“ betekent „deze“ en wijst naar de zin die op dat moment wordt besproken. In „denne sætning“ staat het direct vóór het zelfstandig naamwoord.
sætning „Sætning“ betekent „zin“, hier de zin waarin het werkwoord van vorm verandert. Het wordt gebruikt in de woordgroep „denne sætning“.
Formen „Formen“ betekent „de vorm“ en verwijst hier naar de grammaticale vorm die verandert. Het is de bepaalde vorm van „form“ en staat als onderwerp in „Formen ændrer sig“.
fordi „Fordi“ betekent „omdat“ en introduceert de reden voor de verandering. Een veelgebruikt patroon is „... fordi ...“, zoals in „ændrer sig, fordi begivenheden er slut“.
begivenheden „Begivenheden“ betekent „de gebeurtenis“ en verwijst naar de gebeurtenis waarvan wordt gezegd dat die voorbij is. Het is de bepaalde vorm en staat in „begivenheden er slut“.
slut „Slut“ betekent hier „voorbij“ of „afgelopen“ en beschrijft samen met „er“ dat de gebeurtenis beëindigd is. De uitdrukking „er slut“ kan ook bij andere gebeurtenissen of activiteiten worden gebruikt.
give „Give“ betekent „geven“ en benoemt in de vraag de handeling die de aangesproken persoon moet uitvoeren. Na „Kan du“ staat de infinitief, zoals in „Kan du give mig et andet eksempel?“.
mig „Mig“ betekent „mij“ en is hier de persoon die het voorbeeld wil ontvangen. In „give mig“ staat het na het werkwoord als het object van de handeling.
et „Et“ betekent „een“ en staat vóór „eksempel“ in de woordgroep „et andet eksempel“. Het is het lidwoord dat bij dit onzijdige zelfstandig naamwoord hoort.
andet „Andet“ betekent „ander“ of „nog een ander“ en beschrijft welk voorbeeld gevraagd wordt. In „et andet eksempel“ staat het tussen het lidwoord en het zelfstandig naamwoord.
eksempel „Eksempel“ betekent „voorbeeld“, hier een extra voorbeeld waarmee het patroon duidelijker kan worden. Een veelgebruikt patroon is „give mig et eksempel“.
Nogen „Nogen“ betekent hier „iemand“ en verwijst naar een niet nader genoemde persoon die het boek opende. Het staat als onderwerp aan het begin van „Nogen åbnede bogen ...“.
åbnede „Åbnede“ betekent „opende“ en beschrijft de afgeronde handeling met het boek. Het is de verleden vorm van „åbne“ en kan bijvoorbeeld in „Nogen åbnede bogen“ worden gebruikt.
bogen „Bogen“ betekent „het boek“ en verwijst naar het specifieke boek dat werd geopend. Het is de bepaalde vorm van „bog“ en staat na „åbnede“.
før „Før“ betekent hier „voor“ en geeft aan dat het openen eerder gebeurde dan de les. In „før timen“ staat het vóór een tijdsaanduiding.
timen „Timen“ betekent in deze klascontext „de les“. Het is de bepaalde vorm en staat in de tijdsbepaling „før timen“.
gør „Gør“ betekent hier „maakt“ en beschrijft het effect van het voorbeeld op het begrijpen van het patroon. In „Det gør mønsteret lettere at forstå“ staat het vóór wat gemakkelijker wordt.
mønsteret „Mønsteret“ betekent „het patroon“ en verwijst naar het eerder besproken grammaticale patroon. Het is de bepaalde vorm van „mønster“ en staat als object in „gør mønsteret lettere ...“.
lettere „Lettere“ betekent „gemakkelijker“ en beschrijft het resultaat: het patroon wordt gemakkelijker te begrijpen. De constructie „gøre noget lettere at forstå“ is bruikbaar wanneer iets het begrijpen van iets anders vergemakkelijkt.
forstå „Forstå“ betekent „begrijpen“ en geeft aan wat gemakkelijker wordt door het voorbeeld. Het staat als infinitief in „lettere at forstå“.
Prøv „Prøv“ betekent „probeer“ en is hier een aansporing aan de leerling om zelf iets te doen. Het staat aan het begin van de instructie „Prøv nu at lave ...“.
nu „Nu“ betekent „nu“ en geeft aan dat de leerling meteen met de volgende oefening moet beginnen. Het staat tussen „Prøv“ en „at lave“.
lave „Lave“ betekent hier „maken“ en verwijst naar het formuleren van een eigen zin. In „Prøv nu at lave ...“ staat het na „at“; een bruikbaar patroon is „prøve at lave noget“.
din „Din“ betekent „jouw“ en geeft aan dat de zin door de leerling zelf gemaakt moet worden. Het staat vóór „egen sætning“ in „din egen sætning“.
egen „Egen“ betekent „eigen“ en benadrukt dat de leerling een zelfgemaakte zin moet produceren. Het staat in de vaste woordgroep „din egen sætning“ vóór het zelfstandig naamwoord.

Grammatica

Bepaalde vorm: mønster → mønsteret, form → formen

Mønsteret viser formen.

meun-stuh-duh vie-suh foo-muhn.

Het patroon toont de vorm.

In het Deens krijgt een zelfstandig naamwoord vaak een achtervoegsel voor ‘de/het’: mønster wordt mønsteret.

Verleden tijd op -ede: åbne → åbnede

Nogen åbnede bogen.

noo-uhn oob-nuh-duh boo-uhn.

Iemand opende het boek.

Veel regelmatige Deense werkwoorden vormen de verleden tijd met -ede: åbne wordt åbnede.

Deens woordenschat

afsluttet bijvoeglijk naamwoord
af-slö-duh voltooid; afgerond

handlingen er afsluttet

allerede bijwoord
alle-rèè-duh al

en handling allerede er afsluttet

begivenhed zelfstandig naamwoord
buh-gie-vuhn-hee gebeurtenis begivenheden

fordi begivenheden er slut

forklare werkwoord
fo-klèè-uh uitleggen

Kan du forklare dette grammatiske mønster igen?

form zelfstandig naamwoord
foom vorm Formen

Formen ændrer sig

grammatisk bijvoeglijk naamwoord
gra-mèd grammaticaal grammatiske

dette grammatiske mønster

handling zelfstandig naamwoord
hen-leng handeling

en handling

mønster zelfstandig naamwoord
meun-stuh patroon mønsteret
Geslacht
neuter

dette grammatiske mønster

sætning zelfstandig naamwoord
sed-neng zin

i denne sætning

verb zelfstandig naamwoord
vèrb werkwoord verbet
Geslacht
neuter

verbet

vise werkwoord
vie-suh laten zien viser

Det viser, at en handling allerede er afsluttet.

ændre werkwoord
èn-ruh veranderen ændrer

Hvorfor ændrer verbet sig i denne sætning?

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Iemand heeft het boek vóór de les opengedaan.

Antwoord tonenNogen åbnede bogen før timen.

Daardoor is het patroon gemakkelijker te begrijpen.

Antwoord tonenDet gør mønsteret lettere at forstå.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

handeling

Antwoord tonenhandling

veranderen

Antwoord tonenændrer

al

Antwoord tonenallerede

grammaticaal

Antwoord tonengrammatiske