Een tissue uit een tas lenen | Leer deens in het Nederlands

Danish lesson set in a contemporary Copenhagen everyday setting: In a daily life setting, one adult asks to borrow a tissue from another person's bag and checks permission before opening a pocket..

NL → DA / Niveau: A2

Over deze les

Met Een tissue uit een tas lenen oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het deens.

Dialoog

A

Må jeg låne et lommetørklæde fra din taske?

Moo yai loo-nuh et lom-muh-teur-klee-uh frah deen tes-guh? Mag ik een zakdoekje uit je tas lenen?
B

De ligger i sidelommen.

Die leg-uh ie sie-uh-lom-mun. Ze zitten in het zijvak.
A

Må jeg åbne den?

Moo yai oob-nuh den? Mag ik het openen?
A

Vil du hellere selv tage en?

Vel doe hel-lee-ruh sel tee un? Wil je liever zelf een pakken?
B

Du må åbne den.

Doe moo oob-nuh den. Je mag het openen.
A

Jeg har en nu.

Yai haa un noo. Ik heb er nu een.
B

Luk sidelommen, når du er færdig.

Loeg sie-uh-lom-mun, noor doe a feh-dee. Doe het zijvak dicht als je klaar bent.
A

Jeg lukker den forsigtigt.

Yai loe-guh den fo-SIGD. Ik doe het voorzichtig dicht.
B

Hav en mere med dig, hvis du får brug for den.

Heuw un mee-uh me-uh dai, ves doe foo broe foo den. Houd er nog een bij je als je die nodig hebt.

Woord voor woord

“Må” betekent hier “mag” en wordt gebruikt om toestemming te vragen. In “Må jeg låne et lommetørklæde fra din taske?” staat het vooraan in de vraag. Een bruikbaar patroon is “Må jeg” gevolgd door een handeling waarvoor je toestemming vraagt.
jeg “jeg” betekent “ik” en is hier de persoon die om toestemming vraagt of iets wil doen. Het is het onderwerp in “Må jeg låne et lommetørklæde fra din taske?”. Je gebruikt “jeg” wanneer je naar jezelf verwijst.
låne “låne” betekent hier “lenen”: iets tijdelijk van iemand gebruiken. Het staat in “Må jeg låne et lommetørklæde fra din taske?” na “Må jeg”. Met “låne” noem je daarna wat je wilt lenen en eventueel van wie of waaruit.
et “et” betekent hier “een” voor “lommetørklæde”. Het maakt in “et lommetørklæde” duidelijk dat het om één zakdoek gaat. Je gebruikt deze vorm dus samen met het zelfstandig naamwoord in deze uitdrukking.
lommetørklæde “lommetørklæde” betekent “zakdoekje” en is het voorwerp dat de spreker wil lenen. In “et lommetørklæde” wordt het als één concreet voorwerp genoemd. Je gebruikt het bijvoorbeeld wanneer je in een tas, jaszak of doos naar een zakdoek verwijst.
fra “fra” betekent hier “uit” of “vanuit” en geeft aan waar de zakdoek vandaan komt. In “fra din taske” verbindt het de zakdoek met de tas als bron. Je gebruikt “fra” om een herkomst of vertrekpunt aan te geven.
din “din” betekent “jouw” en verwijst naar de persoon tot wie de spreker praat. In “din taske” geeft het aan dat de tas van die persoon is. Je gebruikt “din” vóór het zelfstandig naamwoord waar je “jouw” bij zegt.
taske “taske” betekent “tas” en is hier de tas van de aangesprokene. Het staat in “din taske” na het bezittelijke woord “din”. Je gebruikt het voor een tas waarin iemand spullen bewaart of meeneemt.
De “De” betekent hier “ze” en verwijst naar de zakdoekjes die in het zijvak liggen. In “De ligger i sidelommen” staat het aan het begin van de zin en daarom met een hoofdletter. Je gebruikt “De” om naar meerdere eerder genoemde dingen te verwijzen.
ligger “ligger” geeft hier aan dat de zakdoekjes zich ergens bevinden: ze liggen in het zijvak. In “De ligger i sidelommen” beschrijft het de locatie van de genoemde dingen. Je gebruikt deze vorm bij het aangeven waar iets zich bevindt.
i “i” betekent “in” en geeft hier de plaats aan waar de zakdoekjes zich bevinden. In “i sidelommen” staat het vóór de plek waar ze liggen. Je gebruikt “i” om te zeggen dat iets binnenin een ruimte, tas of ander vak is.
sidelommen “sidelommen” betekent “het zijvak” en verwijst hier naar een vak aan de zijkant van de tas. In “De ligger i sidelommen” is het de plaats waar de zakdoekjes liggen. Je gebruikt het wanneer je specifiek naar dat zijvak verwijst.
åbne “åbne” betekent “openen” en verwijst hier naar het openmaken van het zijvak. In “Må jeg åbne den?” staat het na “Må jeg” in een vraag om toestemming. Je kunt “åbne” gebruiken voor een tas, vak, deur of ander object dat dicht is.
den “den” betekent hier “het” of “die betreffende zaak” en verwijst naar het zijvak. In “Må jeg åbne den?” en “Du må åbne den.” is het het object dat geopend mag worden. Je gebruikt “den” hier om niet telkens “sidelommen” te herhalen.
Vil “Vil” betekent hier “wil” of “zou willen” en wordt gebruikt om naar een voorkeur te vragen. In “Vil du hellere selv tage en?” vraagt de spreker of de ander liever zelf een zakdoek pakt. Je gebruikt “Vil du” om naar iemands wens of bereidheid te vragen.
du “du” betekent “je” of “jij” en verwijst naar de persoon die wordt aangesproken. In “Vil du hellere selv tage en?” is die persoon degene die misschien zelf een zakdoek wil pakken. Je gebruikt “du” wanneer de ander het onderwerp van de handeling is.
hellere “hellere” betekent hier “liever” en drukt een voorkeur uit. In “Vil du hellere selv tage en?” vraagt het of de ander de voorkeur geeft aan zelf een zakdoek pakken. Je gebruikt “hellere” om één mogelijkheid als voorkeur tegenover een andere mogelijkheid te plaatsen.
selv “selv” betekent hier “zelf” en benadrukt dat de aangesprokene de zakdoek persoonlijk zou pakken. In “Vil du hellere selv tage en?” hoort het bij de handeling van “tage”. Je gebruikt “selv” om extra nadruk te leggen op wie iets doet.
tage “tage” betekent hier “nemen” of “pakken” en verwijst naar het pakken van één zakdoek. In “Vil du hellere selv tage en?” staat het na “Vil du hellere selv”. Je gebruikt “tage” voor het pakken of meenemen van een voorwerp.
en “en” betekent hier “een” of “eentje” en verwijst naar één zakdoek. In “tage en” en “Jeg har en nu” vervangt het de herhaling van “lommetørklæde”. Je gebruikt “en” hier wanneer al duidelijk is welk voorwerp je bedoelt.
har “har” betekent “hebben” en geeft hier aan dat de spreker nu één zakdoek heeft. In “Jeg har en nu” beschrijft het bezit of beschikbaarheid op dit moment. Je gebruikt “har” om te zeggen dat iemand iets heeft of bij zich heeft.
nu “nu” betekent “nu” en geeft het huidige moment aan. In “Jeg har en nu” zegt de spreker dat hij of zij op dit moment een zakdoek heeft. Je gebruikt “nu” om een situatie met het heden te verbinden.
Luk “Luk” betekent hier “sluit” of “doe dicht” en is een directe instructie om het zijvak te sluiten. In “Luk sidelommen” staat het vóór het object van de handeling. Je gebruikt “Luk” wanneer je iemand vraagt een geopend object weer dicht te maken.
når “når” betekent hier “wanneer” of “als” en introduceert het moment waarop het zijvak gesloten moet worden. In “når du er færdig” verwijst het naar het moment dat de ander klaar is. Je gebruikt “når” voor een tijdsvoorwaarde of een gebeurtenis die eerst moet plaatsvinden.
er “er” betekent hier “is” of “bent” en maakt samen met “færdig” de betekenis “klaar zijn”. In “du er færdig” beschrijft het de toestand van de aangesprokene. Je gebruikt “er” hier om een toestand of situatie aan te geven.
færdig “færdig” betekent hier “klaar” of “klaar met de handeling”. In “når du er færdig” is het moment bedoeld waarop de ander klaar is met het pakken van een zakdoek. Je gebruikt “færdig” om aan te geven dat een taak of handeling is afgerond.
lukker “lukker” betekent hier “sluit” of “doet dicht” en beschrijft dat de spreker het zijvak sluit. In “Jeg lukker den forsigtigt” verwijst “den” naar het zijvak en “forsigtigt” naar de manier van sluiten. Je gebruikt “lukker” om een handeling van dichtdoen te beschrijven.
forsigtigt “forsigtigt” betekent hier “voorzichtig” en beschrijft hoe de spreker het zijvak sluit. In “Jeg lukker den forsigtigt” hoort het bij de manier waarop het sluiten gebeurt. Je gebruikt “forsigtigt” wanneer een handeling zacht, zorgvuldig of met aandacht moet gebeuren.
Hav “Hav” betekent hier “houd” of “heb bij je” en is een advies om nog een zakdoek mee te nemen. In “Hav en mere med dig” vormt het samen met “med dig” de betekenis dat je die bij je houdt. Je gebruikt “Hav” om iemand aan te raden iets bij zich te hebben.
mere “mere” betekent hier “nog een” en verwijst naar een extra zakdoek naast de zakdoek die al is gepakt. In “en mere” geeft het aan dat er één extra exemplaar bedoeld wordt. Je gebruikt “mere” hier om een extra hoeveelheid of extra exemplaar aan te duiden.
med “med” betekent hier “met” en maakt samen met “dig” de uitdrukking “med dig”: bij jou. In “Hav en mere med dig” gaat het erom dat je de extra zakdoek meeneemt of bij je houdt. Je gebruikt “med” om aan te geven dat iets samen met iemand aanwezig of meegenomen is.
dig “dig” betekent hier “jou” of “je” en staat na “med” in “med dig”. De uitdrukking verwijst naar de persoon die de zakdoek bij zich moet houden. Je gebruikt “dig” hier wanneer die persoon na “med” wordt genoemd.
hvis “hvis” betekent hier “als” of “indien” en introduceert de voorwaarde waaronder je de extra zakdoek nodig hebt. In “hvis du får brug for den” gaat het om de situatie waarin je die zakdoek nodig krijgt. Je gebruikt “hvis” om een voorwaarde aan een andere handeling of situatie te koppelen.
får brug for De vaste uitdrukking “får brug for” betekent hier “nodig hebt” of “nodig krijgt”. “får” draagt het idee van krijgen, “brug” verwijst binnen deze uitdrukking naar nut of behoefte, en “for” maakt de verbinding compleet; samen betekent de hele uitdrukking dat iets nodig is. In “hvis du får brug for den” staat “den” voor de zakdoek. Je gebruikt deze uitdrukking wanneer je wilt zeggen dat iemand iets misschien nodig zal hebben.

Grammatica

hvis + du får brug for …

Hvis du får brug for et lommetørklæde

Ves doe foo broe fohr et lom-muh-teur-klee-uh

Als je een zakdoek nodig hebt

De vaste uitdrukking får brug for betekent ‘nodig hebben’ en wordt gebruikt na hvis (‘als’).

forsigtig → forsigtigt

Luk forsigtigt

Loeg fo-SIGD

Sluit voorzichtig

Een bijvoeglijk naamwoord krijgt vaak -t wanneer het als bijwoord bij een werkwoord wordt gebruikt.

Deens woordenschat

du voornaamwoord
doe je

Du må åbne den.

et lommetørklæde zelfstandig naamwoord
et lom-muh-teur-klee-uh een zakdoek
Geslacht
neuter

Må jeg låne et lommetørklæde fra din taske?

have werkwoord
heh-wuh hebben har

Jeg har en nu.

hellere bijwoord
hel-lee-ruh liever

Vil du hellere selv tage en?

jeg voornaamwoord
yai ik

Jeg har en nu.

ligge werkwoord
leg-uh liggen ligger

De ligger i sidelommen.

låne werkwoord
loo-nuh lenen

Må jeg låne et lommetørklæde?

selv bijwoord
sel zelf

Vil du hellere selv tage en?

sidelomme zelfstandig naamwoord
sie-uh-lom-muh zijvak sidelommen
Geslacht
common

De ligger i sidelommen.

tage werkwoord
tee pakken

Vil du hellere selv tage en?

taske zelfstandig naamwoord
tes-guh tas
Geslacht
common

fra din taske

åbne werkwoord
oob-nuh openen

Må jeg åbne den?

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Ze zitten in het zijvak.

Antwoord tonenDe ligger i sidelommen.

Mag ik het openen?

Antwoord tonenMå jeg åbne den?

Wil je liever zelf een pakken?

Antwoord tonenVil du hellere selv tage en?

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

lenen

Antwoord tonenlåne

liever

Antwoord tonenhellere

tas

Antwoord tonentaske

pakken

Antwoord tonentage