Een koffer inpakken | Leer deens in het Nederlands

Danish lesson set in a contemporary Copenhagen everyday setting: Before a trip, two adults organize a suitcase by folding shirts, separating liquids, and moving heavy books..

NL → DA / Niveau: A2

Over deze les

Met Een koffer inpakken oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het deens.

Dialoog

A

Min kuffert er rodet, og vi rejser i morgen.

Men koefatən ea rooweth, oh wie raiser ie moan. Mijn koffer is rommelig en we vertrekken morgen.
B

Fold skjorterne først for at spare plads.

Fol sgootenuh feurst foa at sbaa ples. Vouw de shirts eerst op om ruimte te besparen.
A

Skal jeg holde væsker og tøj adskilt?

Sgèl jai holuh vesguh oh tuj etsgilt? Moet ik de vloeistoffen en de kleding apart houden?
B

Læg væskerne i en plastikpose, før du pakker dem.

Lee vesguhne ie een plestiegpoosuh, feur doe paguh dem. Doe de vloeistoffen in een plastic zak voordat je ze inpakt.
A

Kufferten føles tæt på vægtgrænsen.

Koefatən feuls teht poo veggreensuhn. De koffer voelt alsof hij bijna aan de gewichtslimiet zit.
B

Så flyt de tunge bøger over i din rygsæk.

Sou fluud die tonguh beu-wuh oowuh ie dien ruuseg. Verplaats de zware boeken dan naar je rugzak.
A

Så er det nemmere at lukke kufferten.

Sou ea de nemuh et loguh koefatən. Daardoor kun je de koffer makkelijker sluiten.
B

Kufferten burde være klar til turen nu.

Koefatən boeðuh vea klaa tel toean noe. De koffer zou nu klaar moeten zijn voor de reis.

Woord voor woord

Min In „Min kuffert“ betekent „Min“: mijn; het verwijst hier naar de koffer van de spreker. Gebruik „Min“ vóór een enkelvoudig zelfstandig naamwoord, zoals in „Min kuffert er klar“ (nieuw voorbeeld).
kuffert „Kuffert“ betekent hier koffer, het voorwerp dat wordt ingepakt voor de reis. Een veelgebruikte combinatie is „pakke en kuffert“: een koffer inpakken (nieuw voorbeeld).
er In „Min kuffert er rodet“ betekent „er“: is; het verbindt de koffer met de beschrijving „rodet“. Gebruik „er“ ook om een toestand te beschrijven, zoals in „Tasken er klar“ (nieuw voorbeeld).
rodet „Rodet“ beschrijft hier dat de koffer niet netjes georganiseerd is. Je kunt het gebruiken na „er“ om een toestand te beschrijven, bijvoorbeeld „Værelset er rodet“ (nieuw voorbeeld).
og „Og“ betekent hier en en verbindt twee mededelingen: de koffer is rommelig en de spreker vertrekt morgen. Gebruik „og“ om woorden of zinnen met elkaar te verbinden, zoals in „tøj og bøger“ (nieuw voorbeeld).
vi „Vi“ betekent we en verwijst hier naar de spreker en minstens één andere persoon. Het staat vóór de werkwoordsvorm in „vi rejser“; bijvoorbeeld „Vi pakker nu“ (nieuw voorbeeld).
rejser In „vi rejser i morgen“ betekent „rejser“ dat we reizen of vertrekken. De vorm „rejser“ hoort hier bij „vi“; gebruik de combinatie „vi rejser“ om over een vertrek of reis te spreken.
i In „i morgen“ betekent „i“ samen met „morgen“: op of in de tijd van morgen. De vaste tijdsuitdrukking „i morgen“ gebruik je om naar de volgende dag te verwijzen.
morgen „Morgen“ betekent hier morgen, de dag na vandaag. In „vi rejser i morgen“ geeft het aan wanneer de reis plaatsvindt; bijvoorbeeld „Jeg arbejder i morgen“ (nieuw voorbeeld).
Fold „Fold“ is hier een aansporing om iets te vouwen, namelijk de shirts. Gebruik „Fold“ aan het begin van een directe instructie, zoals „Fold tøjet“ (nieuw voorbeeld).
skjorterne „Skjorterne“ betekent hier de shirts en verwijst naar de shirts die in de koffer moeten worden gevouwen. De uitgang in deze exacte vorm hoort bij de aangeduide groep shirts; gebruik het bijvoorbeeld in „Fold skjorterne først“.
først „Først“ betekent hier eerst en geeft de volgorde van de handelingen aan. Gebruik het om aan te geven wat als eerste moet gebeuren, zoals in „Spis først“ (nieuw voorbeeld).
for In „for at spare plads“ maakt „for“ deel uit van de constructie die het doel van de handeling aangeeft: om ruimte te besparen. Gebruik „for at“ vóór een doel, bijvoorbeeld „Jeg går ud for at købe mad“ (nieuw voorbeeld).
at In „for at spare plads“ markeert „at“ het werkwoord in de doelconstructie; samen betekent de uitdrukking: om ruimte te besparen. Gebruik „at“ na „for“ in een patroon van het type „for at“ plus werkwoord.
spare „Spare“ betekent hier besparen, in de zin van minder ruimte gebruiken of ruimte vrijhouden. Het staat in „for at spare plads“; een bruikbare combinatie is „spare plads“ (nieuw voorbeeld).
plads „Plads“ betekent hier ruimte in de koffer. Het is het object in „spare plads“; gebruik bijvoorbeeld „Der er ikke meget plads“ wanneer er weinig ruimte is (nieuw voorbeeld).
Skal In „Skal jeg holde ...?“ vraagt „Skal“ hier of de spreker iets moet doen. Gebruik „Skal jeg ...?“ om te vragen of een handeling nodig of gewenst is, bijvoorbeeld „Skal jeg pakke dem?“ (nieuw voorbeeld).
jeg „Jeg“ betekent ik en verwijst hier naar de persoon die vraagt wat hij of zij moet doen. In een vraag staat het in „Skal jeg ...?“ na „Skal“; bijvoorbeeld „Skal jeg vente?“ (nieuw voorbeeld).
holde In „holde væsker og tøj adskilt“ betekent „holde“ houden: ervoor zorgen dat twee dingen gescheiden blijven. De bruikbare constructie is „holde [iets] adskilt“, zoals in „holde skoene adskilt“ (nieuw voorbeeld).
væsker „Væsker“ betekent hier vloeistoffen, zoals vloeibare spullen die in de bagage zitten. Het staat zonder bepaald lidwoord in „væsker og tøj“; bijvoorbeeld „Væsker skal i posen“ (nieuw voorbeeld).
tøj „Tøj“ betekent hier kleding. Het wordt in „væsker og tøj“ naast „væsker“ genoemd als de andere groep die gescheiden moet blijven; bijvoorbeeld „Jeg har meget tøj med“ (nieuw voorbeeld).
adskilt „Adskilt“ betekent hier apart of gescheiden gehouden. In „holde væsker og tøj adskilt“ beschrijft het het gewenste resultaat; gebruik het bijvoorbeeld wanneer twee soorten spullen niet bij elkaar moeten liggen (nieuw voorbeeld).
Læg „Læg“ is hier een instructie om iets ergens neer te leggen: leg de vloeistoffen in een zak. Gebruik „Læg“ aan het begin van een opdracht, gevolgd door het voorwerp en de plaats, zoals „Læg bogen på bordet“ (nieuw voorbeeld).
væskerne „Væskerne“ betekent hier de vloeistoffen en verwijst naar de vloeistoffen uit de vorige zin. In „Læg væskerne i en plastikpose“ is het de groep die in de zak moet worden gelegd; bijvoorbeeld „Væskerne står her“ (nieuw voorbeeld).
en „En“ betekent hier een en introduceert één plastic zak. Gebruik „en“ vóór een zelfstandig naamwoord zoals „plastikpose“, bijvoorbeeld „en kuffert“ (nieuw voorbeeld).
plastikpose „Plastikpose“ betekent hier plastic zak, de plaats waarin de vloeistoffen worden gelegd. Een bruikbaar patroon is „i en plastikpose“ voor iets dat in zo’n zak zit of wordt gedaan.
før „Før“ betekent hier voordat en leidt de handeling in die eerder moet plaatsvinden dan het inpakken. Gebruik „før“ vóór een bijzin, zoals in „før vi rejser“ (nieuw voorbeeld).
du „Du“ betekent je of jij en verwijst hier naar de persoon die de vloeistoffen inpakt. Het staat vóór „pakker“ in „før du pakker dem“; bijvoorbeeld „før du går“ (nieuw voorbeeld).
pakker In „før du pakker dem“ betekent „pakker“ dat je ze inpakt. De vorm verwijst hier naar het inpakken van de vloeistoffen; gebruik bijvoorbeeld „du pakker kufferten“ voor je pakt de koffer in (nieuw voorbeeld).
dem „Dem“ betekent ze en verwijst hier terug naar „væskerne“, de vloeistoffen. Het staat na „pakker“ in „pakker dem“; gebruik „dem“ wanneer je naar eerder genoemde spullen verwijst.
Kufferten „Kufferten“ betekent de koffer en verwijst hier naar de koffer die bijna aan de gewichtslimiet zit. De exacte vorm staat aan het begin van de zin; gebruik bijvoorbeeld „Kufferten er klar“ (nieuw voorbeeld).
føles „Føles“ betekent hier voelt, dus de koffer lijkt op basis van de ervaring van de spreker bijna te zwaar. Gebruik „føles“ om een ervaren toestand te beschrijven, zoals in „Det føles tungt“ (nieuw voorbeeld).
tæt In „tæt på vægtgrænsen“ draagt „tæt“ samen met „på“ de betekenis bijna of dicht bij. Leer de volledige combinatie „tæt på“ om een kleine afstand tot een grens of plaats aan te geven.
In „tæt på vægtgrænsen“ maakt „på“ deel uit van de vaste uitdrukking „tæt på“, hier: dicht bij de gewichtslimiet. Gebruik de volledige combinatie, bijvoorbeeld „tæt på døren“ (nieuw voorbeeld).
vægtgrænsen „Vægtgrænsen“ betekent de gewichtslimiet, de maximale toegestane hoeveelheid gewicht. In „tæt på vægtgrænsen“ geeft het de grens aan die bijna wordt bereikt; bijvoorbeeld „Tasken er over vægtgrænsen“ (nieuw voorbeeld).
„Så“ betekent hier dan en geeft een gevolg of volgende stap aan: omdat de koffer bijna te zwaar is, moeten de boeken worden verplaatst. Gebruik „Så“ om op een situatie te reageren, zoals in „Så tager vi bussen“ (nieuw voorbeeld).
flyt „Flyt“ is een instructie om iets naar een andere plaats te verplaatsen. Gebruik „Flyt“ met het voorwerp en de bestemming, zoals in „Flyt stolen over i rummet“ (nieuw voorbeeld).
de „De“ betekent hier de en hoort bij het meervoudige „bøger“. Gebruik „de“ vóór een bepaalde groep meervoudige zelfstandige naamwoorden, zoals in „de tunge tasker“ (nieuw voorbeeld).
tunge „Tunge“ betekent hier zware en beschrijft de boeken. Het staat vóór „bøger“ in „de tunge bøger“; bijvoorbeeld „de tunge kufferter“ (nieuw voorbeeld).
bøger „Bøger“ betekent boeken en verwijst hier naar de zware boeken die uit de koffer worden gehaald. Het staat in „de tunge bøger“; bijvoorbeeld „Jeg læser bøger“ (nieuw voorbeeld).
over In „flyt ... over i din rygsæk“ geeft „over“ samen met „i“ de verplaatsing naar de rugzak aan. Gebruik de volledige richtingconstructie „flytte [iets] over i [iets]“, zoals in „Flyt koppen over i skabet“ (nieuw voorbeeld).
din „Din“ betekent je of jouw en verwijst hier naar de rugzak van de aangesprokene. Het staat vóór „rygsæk“ in „din rygsæk“; bijvoorbeeld „din kuffert“ (nieuw voorbeeld).
rygsæk „Rygsæk“ betekent rugzak, de bestemming van de zware boeken. Gebruik het met een plaatsaanduiding, zoals „i min rygsæk“ voor in mijn rugzak (nieuw voorbeeld).
det In „Så er det nemmere at lukke kufferten“ verwijst „det“ naar de situatie of handeling waardoor het sluiten gemakkelijker wordt. Het staat in de vaste structuur „det er nemmere at ...“; bijvoorbeeld „Det er nemmere at vente“ (nieuw voorbeeld).
nemmere „Nemmere“ betekent hier gemakkelijker en vergelijkt de nieuwe situatie met de eerdere situatie. Gebruik „nemmere at“ vóór een handeling, zoals in „Det er nemmere at gå“ (nieuw voorbeeld).
lukke „Lukke“ betekent hier sluiten, namelijk de koffer sluiten. Het staat na „at“ in „nemmere at lukke kufferten“; bijvoorbeeld „at lukke døren“ (nieuw voorbeeld).
burde „Burde“ betekent hier zou moeten of vermoedelijk moet zijn; de spreker verwacht dat de koffer nu klaar is. Gebruik „burde være“ om een verwachting of gepaste toestand uit te drukken, zoals in „Det burde være nok“ (nieuw voorbeeld).
være „Være“ betekent hier zijn en staat na „burde“ in „burde være klar“. Gebruik de combinatie „burde være“ om te zeggen dat iets naar verwachting een bepaalde toestand heeft.
klar „Klar“ betekent hier klaar of gereed voor de reis. In „være klar til“ beschrijft het dat iemand of iets gereed is voor wat volgt; bijvoorbeeld „Jeg er klar til mødet“ (nieuw voorbeeld).
til In „klar til turen“ betekent „til“ voor, in de betekenis gereed voor een activiteit of gebeurtenis. Gebruik de constructie „klar til“ vóór een zelfstandig naamwoord, zoals „klar til arbejdet“ (nieuw voorbeeld).
turen „Turen“ betekent hier de reis en verwijst naar de reis waarvoor de koffer wordt ingepakt. In „klar til turen“ is het de gebeurtenis waarvoor de koffer gereed moet zijn; bijvoorbeeld „Efter turen“ (nieuw voorbeeld).
nu „Nu“ betekent hier nu en geeft het huidige moment aan waarop de koffer klaar zou moeten zijn. Gebruik „nu“ om een actuele toestand of handeling aan te geven, zoals in „Jeg kommer nu“ (nieuw voorbeeld).

Grammatica

før + bijzin

Før du pakker, læg væsker i en plastikpose.

Feur doe paguh, lee vesguhs ie een plestiegpoosuh.

Voordat je inpakt, leg je vloeistoffen in een plastic zak.

Na før volgt een bijzin met onderwerp en werkwoord. De hoofdzin begint daarna met het werkwoord in de gebiedende wijs.

Imperativ: verbestam

Fold skjorterne først.

Fol sgootenuh feurst.

Vouw de shirts eerst.

De gebiedende wijs gebruikt meestal de stam van het werkwoord, zonder onderwerp.

Deens woordenschat

fold werkwoord
fol vouwen Fold

Fold skjorterne først.

først bijwoord
feurst eerst

Fold skjorterne først.

holde werkwoord
holuh houden

Skal jeg holde væsker og tøj adskilt?

i morgen bijwoord
ie moan morgen

Vi rejser i morgen.

kuffert zelfstandig naamwoord
koefat koffer

Min kuffert er rodet.

plads zelfstandig naamwoord
ples ruimte

for at spare plads

rejse werkwoord
raise reizen rejser

Vi rejser i morgen.

rodet bijvoeglijk naamwoord
rooweth rommelig

Min kuffert er rodet.

skjorte zelfstandig naamwoord
sgootuh shirt skjorterne

Fold skjorterne først.

spare werkwoord
sbaa besparen

for at spare plads

tøj zelfstandig naamwoord
tuj kleding

holde væsker og tøj adskilt

væske zelfstandig naamwoord
vesguh vloeistof væsker

holde væsker og tøj adskilt

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

De koffer voelt alsof hij bijna aan de gewichtslimiet zit.

Antwoord tonenKufferten føles tæt på vægtgrænsen.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

shirt

Antwoord tonenskjorterne

eerst

Antwoord tonenførst

vouwen

Antwoord tonenFold

reizen

Antwoord tonenrejser