Rummet
“Rummet” betekent hier “de ruimte” of “de kamer” waar de gesprekspartners zijn. Het is de bepaalde vorm van “rum”, omdat naar een specifieke ruimte wordt verwezen. Je kunt “Rummet er ...” gebruiken om iets over een bepaalde ruimte te zeggen.
føles
“føles” betekent hier “voelt aan”: de ruimte ervaart men als warm en stil. Het hoort bij de constructie “Rummet føles ...”, gevolgd door een beschrijving. Gebruik deze vorm bijvoorbeeld wanneer iets prettig, vreemd of koud aanvoelt.
for
“for” betekent hier “te” in “for varmt og stille”: de ruimte heeft een hogere graad van warmte en stilte dan gewenst. Het staat vóór een bijvoeglijk naamwoord, zoals in “for varmt”. Je kunt “for” gebruiken om een ongewenste, overdreven mate aan te geven.
varmt
“varmt” betekent hier “warm” en beschrijft hoe de ruimte aanvoelt. Deze vorm staat in “Rummet føles for varmt”; “varmt” is de vorm die bij “Rummet” past. Gebruik “for varmt” bijvoorbeeld voor een kamer, drankje of weer dat te warm is.
og
“og” verbindt hier de twee beschrijvingen “varmt” en “stille”: de ruimte voelt zowel warm als stil aan. Het staat tussen gelijkwaardige woorden of woordgroepen. Je kunt “og” gebruiken om eigenschappen, personen of handelingen samen te voegen.
stille
“stille” betekent hier “stil” en beschrijft de ruimte samen met “varmt”. In “for varmt og stille” staat het na “og” als tweede beschrijving van de ruimte. Gebruik “stille” bijvoorbeeld om een ruimte of omgeving zonder veel geluid te beschrijven.
Vil
“Vil” drukt hier uit dat iemand iets wil of bereid is te doen en maakt van “Vil du gå ...?” een vraag. Na “Vil du” volgt in deze zin het werkwoord “gå” zonder “at”. Gebruik “Vil du + werkwoord” om iemand te vragen of die iets wil doen.
du
“du” betekent hier “je” en verwijst naar de persoon aan wie de vraag wordt gesteld. In “Vil du gå ...?” staat “du” als degene die de handeling zou uitvoeren. Gebruik “du” wanneer je één persoon rechtstreeks aanspreekt.
gå
“gå” betekent hier “gaan” en maakt in “gå en kort tur” deel uit van de uitdrukking voor een wandeling maken. Het staat na “Vil du” in de vraag. Gebruik “gå en tur” wanneer je wilt zeggen dat je een wandeling gaat maken.
en
“en” is hier het onbepaalde lidwoord bij “tur” en betekent “een”. Samen vormen “en kort tur” een korte wandeling. Gebruik “en” vóór een zelfstandig naamwoord zoals “tur” wanneer je niet naar een specifieke wandeling verwijst.
kort
“kort” betekent hier “kort” en beschrijft de duur of omvang van “tur”. In “en kort tur” staat het vóór het zelfstandig naamwoord. Je kunt “kort” gebruiken voor bijvoorbeeld een korte wandeling, afspraak of pauze.
tur
“tur” betekent hier “wandeling” in de uitdrukking “gå en kort tur”. Het gaat om een korte tocht buiten, niet alleen om de algemene handeling van lopen. Gebruik “gå en tur” bijvoorbeeld wanneer je iemand voor een wandeling uitnodigt.
udenfor
“udenfor” betekent hier “buiten” en geeft aan waar de wandeling plaatsvindt. In “gå en kort tur udenfor” staat het achter de woordgroep over de wandeling. Gebruik “udenfor” om een plaats buiten een gebouw of andere ruimte aan te geven.
Frisk
“Frisk” betekent hier “fris” in “Frisk luft”: lucht die aangenaam en niet bedompt is. Het staat vóór “luft” en beschrijft die lucht. Gebruik “frisk luft” bijvoorbeeld wanneer je naar buiten wilt om je beter te voelen.
luft
“luft” betekent hier “lucht”, specifiek in de woordgroep “Frisk luft”. De gesprekspartner zegt dat deze frisse lucht zou helpen. Gebruik “luft” in combinaties over de luchtkwaliteit of de lucht die je buiten inademt.
ville
“ville” betekent hier “zou” in “ville hjælpe”: frisse lucht zou volgens de spreker helpen. Het drukt een mogelijke of verwachte uitkomst uit en staat vóór “hjælpe”. Gebruik “ville” bijvoorbeeld om voorzichtig te zeggen wat waarschijnlijk zou helpen.
hjælpe
“hjælpe” betekent hier “helpen” in “Frisk luft ville hjælpe”. Het staat na “ville” in de infinitiefvorm. Gebruik “ville hjælpe” om aan te geven dat iets waarschijnlijk een positief effect zou hebben.
Vi
“Vi” betekent hier “we” en verwijst naar de twee gesprekspartners samen. In “Vi kan blive ...” is “Vi” degene die kan blijven en terugkomen. Gebruik “Vi” aan het begin van een zin om over jezelf en minstens één andere persoon te spreken.
kan
“kan” drukt hier de mogelijkheid uit: de gesprekspartners kunnen bij het gebouw blijven en snel terugkomen. Na “kan” volgen de werkwoorden “blive” en “komme” zonder “at”. Gebruik “kan + werkwoord” om mogelijkheid of haalbaarheid uit te drukken.
blive
“blive” betekent hier “blijven” in “blive i nærheden af bygningen”. Het staat na “kan” en geeft aan dat ze niet ver van het gebouw weggaan. Gebruik “blive i ...” om aan te geven waar iemand blijft.
i
“i” betekent hier “in” en maakt deel uit van de vaste woordgroep “i nærheden af bygningen”. De woordgroep geeft aan dat iemand zich dichtbij een bepaalde plaats bevindt. Gebruik “i nærheden af” vóór de plaats waarvan iets dichtbij is.
nærheden
“nærheden” verwijst hier naar “de nabijheid” in “i nærheden af bygningen”. De woordgroep betekent dat ze in de omgeving van het gebouw blijven. Gebruik “i nærheden af” om een locatie dichtbij iets of iemand te beschrijven.
af
“af” verbindt in “i nærheden af bygningen” de nabijheid met datgene waar men dichtbij is. Hier betekent het ongeveer “van” in de relatie “de nabijheid van het gebouw”. Gebruik “i nærheden af + plaats of persoon” als vaste manier om nabijheid uit te drukken.
bygningen
“bygningen” betekent hier “het gebouw” en verwijst naar het gebouw waar de gesprekspartners werken. De vorm is bepaald: het gaat om een specifiek gebouw. Gebruik “i nærheden af bygningen” wanneer je wilt zeggen dat iets dichtbij dat gebouw is.
komme
“komme” betekent hier “komen” in “komme snart tilbage”: terugkomen naar de eerdere plaats. Het staat na “kan” en wordt aangevuld door “tilbage”. Gebruik “komme tilbage” om terugkeer naar een plaats of situatie uit te drukken.
snart
“snart” betekent hier “binnenkort” of “spoedig” en zegt dat ze snel weer terug zullen zijn. In “komme snart tilbage” staat het bij de handeling van terugkomen. Gebruik “snart” om aan te geven dat iets in de nabije toekomst gebeurt.
tilbage
“tilbage” betekent hier “terug” in “komme snart tilbage”. Het geeft de richting of terugkeer naar de eerdere plaats aan. Gebruik “komme tilbage” bijvoorbeeld wanneer iemand na een korte afwezigheid terugkeert.
Der
“Der” heeft hier geen plaatsbetekenis zoals “daar”, maar hoort bij de constructie “Der er lidt dagslys” om het bestaan van iets te vermelden. De zin zegt dat er nog wat daglicht is. Gebruik “Der er” om te zeggen dat iets aanwezig of beschikbaar is.
er
“er” betekent hier “is” in de constructie “Der er ...”. Samen met “Der” introduceert het wat er aanwezig is, hier “lidt dagslys”. Gebruik “Der er” vóór een zelfstandig naamwoord om het bestaan of de aanwezigheid ervan te melden.
stadig
“stadig” betekent hier “nog steeds”: het daglicht is op dat moment nog aanwezig. Het staat vóór “lidt dagslys” en benadrukt dat de situatie voortduurt. Gebruik “stadig” wanneer iets ondanks het verstrijken van tijd nog geldt.
lidt
“lidt” betekent hier “wat” of “een beetje” in “lidt dagslys”. Het geeft een kleine hoeveelheid daglicht aan. Gebruik “lidt” vóór een niet-telbare hoeveelheid, zoals licht, tijd of lucht.
dagslys
“dagslys” betekent hier “daglicht”, het natuurlijke licht dat er nog buiten is. In “Der er stadig lidt dagslys” wordt gezegd dat dit licht nog aanwezig is. Gebruik “dagslys” bijvoorbeeld wanneer je bespreekt of het buiten nog licht genoeg is.
Så
“Så” betekent hier “dan” en verbindt het nog aanwezige daglicht met het voorstel om te vertrekken. In “Så lad os gå” leidt het een gevolgtrekking of conclusie in. Gebruik “så” om op basis van de vorige informatie een volgende stap voor te stellen.
lad os
“lad os” betekent hier “laten we” en vormt samen een uitnodiging of voorstel om iets te doen. “lad” draagt het idee van laten of toestaan, en “os” verwijst naar de groep “ons”; samen staat het vóór het werkwoord, zoals in “lad os gå”. Gebruik “lad os + werkwoord” om gezamenlijk een handeling voor te stellen.
før
“før” betekent hier “voordat” en introduceert de gebeurtenis die eerst nog niet mag plaatsvinden: het donker worden. In “før det bliver mørkt” volgt na “før” een volledige bijzin. Gebruik “før” om een handeling te plaatsen vóór een andere gebeurtenis.
det
“det” betekent hier “het” in de onpersoonlijke uitdrukking “det bliver mørkt”. Het verwijst niet naar een concreet zelfstandig naamwoord, maar vormt samen met “bliver mørkt” de beschrijving dat het donker wordt. Gebruik deze constructie voor een verandering in de omstandigheden, zoals het donker worden.
bliver
“bliver” betekent hier “wordt” of “begint te worden” in “det bliver mørkt”. Het beschrijft de overgang naar een donkere toestand. Gebruik “bliver + bijvoeglijk naamwoord” om aan te geven dat iets een bepaalde toestand krijgt.
mørkt
“mørkt” betekent hier “donker” in “det bliver mørkt”. Deze vorm staat bij het onpersoonlijke “det” in de uitdrukking voor donker worden. Gebruik “det bliver mørkt” wanneer je zegt dat de dag overgaat in de avond of nacht.
når
“når” betekent hier “wanneer” of “zodra” en introduceert het moment waarop ze zich weer fris voelen. In “når vi føler os friske igen” volgt een bijzin met een onderwerp en werkwoord. Gebruik “når” om aan te geven op welk moment een andere handeling plaatsvindt.
føler
“føler” betekent hier “voelen” in “vi føler os friske”: de gesprekspartners ervaren zichzelf als fris of opgeknapt. Het wordt hier gebruikt met “os” en een beschrijving van hun toestand. Gebruik “føler sig” of, bij “vi”, “føler os” om te zeggen hoe iemand zich voelt.
os
“os” betekent in “Lad os” “ons” en verwijst naar de groep die samen iets gaat doen. In “vi føler os friske” verwijst “os” naar dezelfde groep als degene die de toestand ervaart. Gebruik “os” na werkwoorden of uitdrukkingen wanneer “wij” het object of de wederkerende groep is.
friske
“friske” betekent hier “fris” of “opgefrist” in “vi føler os friske igen”. De vorm beschrijft de toestand van de groep na de korte wandeling. Gebruik “føle sig frisk” of “føle os friske” om te zeggen dat iemand zich weer energiek voelt.
igen
“igen” betekent hier “weer”: na de wandeling voelen ze zich opnieuw fris en kunnen ze zich opnieuw concentreren. Het kan zowel bij een toestand als bij een handeling staan, zoals in “friske igen” en “koncentrere os igen”. Gebruik “igen” wanneer iets opnieuw gebeurt of opnieuw geldt.
klar
“klar” betekent hier “klaar” of “gereed” in “er vi klar til at koncentrere os igen”. De gesprekspartners zijn na de wandeling weer gereed om zich te concentreren. Gebruik “være klar til at + werkwoord” om gereedheid voor een volgende handeling uit te drukken.
til
“til” betekent hier “om te” in de vaste constructie “klar til at koncentrere os”. Het verbindt “klar” met de handeling waarvoor iemand gereed is. Gebruik “klar til at + werkwoord” om te zeggen dat iemand klaar is om iets te doen.
at
“at” is hier het Deense infinitiefpartikel vóór “koncentrere”. Samen vormen “at koncentrere os” de handeling waarvoor ze klaar zijn. Gebruik “klar til at + werkwoord” wanneer je een activiteit na “klar til” noemt.
koncentrere
“koncentrere” betekent hier “zich concentreren” of “focussen” in “koncentrere os igen”. Het staat na “at” en wordt gebruikt met “os” voor de groep die zich concentreert. Gebruik “koncentrere sig” met de passende vorm van het wederkerende voornaamwoord wanneer je zegt dat iemand zijn aandacht ergens op richt.