Even naar buiten | Leer deens in het Nederlands

Danish lesson set in a contemporary Copenhagen everyday setting: At work, two adults step outside near the building for fresh air before returning to focus..

NL → DA / Niveau: A2

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met Even naar buiten oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het deens.

Dialoog

A

Rummet føles for varmt og stille.

Rom-muhd föö-les fohr wam-d oh stel-uh. De ruimte voelt te warm en stil aan.
B

Vil du gå en kort tur udenfor?

Wie duh goh en kohrd toor oo-den-fohr? Wil je even buiten een korte wandeling maken?
A

Frisk luft ville hjælpe.

Fresg loft wil-uh yel-buh. Frisse lucht zou helpen.
B

Vi kan blive i nærheden af bygningen og komme snart tilbage.

Wie kan blie-vuh ie nair-hee-den au buu-nehng-en oh kom-uh snaad te-bah. We kunnen bij het gebouw blijven en snel terugkomen.
A

Der er stadig lidt dagslys.

Dair air stee-die lehd dew-sluus. Er is nog wat daglicht.
B

Så lad os gå, før det bliver mørkt.

Soh leh os goh, föhr deh blie-wuh möhrg-d. Laten we dan gaan voordat het donker wordt.
A

Lad os gå tilbage, når vi føler os friske igen.

Leh os goh te-bah, nohr wie föö-luh os fresg-uh ie-gehn. Laten we teruggaan zodra we ons weer fris voelen.
B

Så er vi klar til at koncentrere os igen.

Soh air wie klaar te èd kon-sen-tree-uh os ie-gehn. Dan zijn we weer klaar om ons te concentreren.

Uitleg van de zinnen

  1. Rummet føles for varmt og stille.

    De ruimte voelt te warm en stil aan.

    Rummet
    de ruimte
    føles
    voelt aan
    for varmt
    te warm
    stille
    stil
    Uitgebreide uitleg

    Rummet betekent hier “de ruimte”. Het is de bepaalde vorm van het Deense zelfstandig naamwoord rum (“ruimte”): et rum → rummet. Het onzijdige et-woord bepaalt ook de vorm van het bijvoeglijk naamwoord verderop. Voorbeeld: Et rum = “een ruimte”; rummet = “de ruimte”. føles komt van føle (“voelen”) en betekent hier “aanvoelen”. In deze constructie beschrijft het werkwoord hoe iets subjectief wordt ervaren: Rummet føles ... = “De ruimte voelt ... aan”. Het is een tegenwoordige vorm; de vorm verandert hier niet zichtbaar door het onzijdige onderwerp. Voorbeeld: Det føles godt. = “Dat voelt goed aan.” for varmt betekent “te warm”. varmt is de onzijdige vorm van het bijvoeglijk naamwoord varm (“warm”), passend bij rummet, een et-woord. De vormreeks is varm bij een gemeenschappelijk woord, varmt bij een onzijdig woord en varme in bepaalde andere posities, zoals bij meervoud. for betekent hier “te”, dus meer dan wenselijk, niet simpelweg “erg”. Voorbeeld: Vandet er for varmt. = “Het water is te warm.” stille betekent hier “stil”. Na føles beschrijft het samen met for varmt de toestand van de ruimte. De uitgang -e is hier niet de onzijdige vorm van een adjectief; bij het Deense stille blijft deze vorm in deze predicatieve combinatie hetzelfde. Voorbeeld: Der er stille. = “Het is stil.” Samen vormt Rummet føles for varmt og stille. de structuur “[onderwerp] voelt [eigenschap 1] en [eigenschap 2] aan”: “De ruimte voelt te warm en stil aan.” og verbindt de twee eigenschappen; de vaste vertaling maakt duidelijk dat beide eigenschappen over de ruimte worden gezegd. In de aansluitende situatie kan dit een aanleiding zijn om naar buiten te gaan, maar deze zin zelf zegt alleen hoe de ruimte aanvoelt.

  2. Vil du gå en kort tur udenfor?

    Wil je even buiten een korte wandeling maken?

    Vil du
    wil je
    gå
    gaan; lopen
    kort
    kort
    tur
    wandeling; tocht
    udenfor
    buiten
    Uitgebreide uitleg

    Vil du is een vaste, herbruikbare manier om iemand iets te vragen: letterlijk ongeveer “wil je”. vil is de tegenwoordige vorm van ville en drukt hier bereidheid of wens uit; du betekent “je/jij”. In deze vraag vormt Vil du samen met het daaropvolgende werkwoord een beleefde uitnodiging of een verzoek. Voorbeeld: Vil du hjælpe? — “Wil je helpen?” gå betekent hier niet alleen “gaan”, maar maakt samen met en tur de uitdrukking gå en tur: “een wandeling maken” of “een wandeling gaan maken”. De vorm gå is de infinitief; na vil du gebruikt het Deens deze vorm zonder een apart infinitiefwoord. Voorbeeld: Vi vil gå en tur. — “Wij willen een wandeling maken.” kort betekent “kort” en beschrijft hier de wandeling: de wandeling zal niet lang duren. Het is het bijvoeglijk naamwoord bij tur; de vorm verandert hier niet omdat het zelfstandig naamwoord onbepaald en gemeenschappelijk geslacht is. Voorbeeld: en kort pause — “een korte pauze”. tur betekent “wandeling” of “tocht”. In gå en tur verwijst het naar een wandeling die iemand maakt; het hoeft niet een specifieke langere tocht te zijn. Het onbepaalde lidwoord en markeert hier een onbepaald zelfstandig naamwoord en stelt op zichzelf geen numerieke telling centraal. udenfor betekent “buiten” en geeft de plaats aan waar de wandeling plaatsvindt. Het is hier een bijwoord en staat na tur: gå en kort tur udenfor — “buiten een korte wandeling maken”. Samen bestaat de vraag uit Vil du + gå + en kort tur + udenfor. De betekenis is: “Wil je buiten een korte wandeling maken?” De voorafgaande context over een te warme, stille ruimte en de volgende opmerking over frisse lucht passen bij deze uitnodiging, maar veranderen de grammaticale opbouw niet.

  3. Frisk luft ville hjælpe.

    Frisse lucht zou helpen.

    Frisk
    frisse
    luft
    lucht
    ville
    zou
    hjælpe
    helpen
    Uitgebreide uitleg

    Frisk betekent hier “vers” of “fris” en beschrijft luft. De vorm is hier de enkelvoudsvorm voor een gemeenschappelijk geslacht; bij een onzijdig enkelvoudig zelfstandig naamwoord staat doorgaans friskt, en in het meervoud friske. Voorbeeld: frisk mælk — “verse melk”. luft betekent “lucht”. Het is een zelfstandig naamwoord; het bepaalde enkelvoud is luften (“de lucht”) en het meervoud is lufter (“luchten”, in de zeldzame betekenis van verschillende luchtsoorten of luchtstromen). In deze zin gaat het om lucht als algemene stof, niet om een specifiek benoemde hoeveelheid. ville geeft hier samen met een infinitief een voorwaardelijke of veronderstelde mogelijkheid weer: “zou ...”. Het is de verleden vorm van vil (“wil”), maar in ville hjælpe wordt het niet als gewone verleden tijd van “willen” vertaald. Het drukt uit dat het helpen als mogelijk gevolg of verwachting wordt voorgesteld. Vergelijk vil hjælpe — “zal/wil helpen” met ville hjælpe — “zou helpen”. hjælpe betekent “helpen”. Dit is de infinitief, die na het modale werkwoord ville staat. De vorm blijft na zulke modale werkwoorden infinitief: ville hjælpe, niet een vervoegde tegenwoordige tijd. Voorbeeld: Det ville hjælpe. — “Dat zou helpen.” Samen betekent Frisk luft “frisse lucht”. De combinatie ville hjælpe maakt daarvan “zou helpen”: Frisk luft ville hjælpe. betekent dus “Frisse lucht zou helpen.”

  4. Vi kan blive i nærheden af bygningen og komme snart tilbage.

    We kunnen bij het gebouw blijven en snel terugkomen.

    Vi kan
    wij kunnen
    blive
    blijven
    i nærheden af
    in de buurt van
    bygningen
    het gebouw
    komme
    komen
    snart
    binnenkort
    tilbage
    terug
    Uitgebreide uitleg

    Vi kan betekent hier dat de spreker samen met anderen de mogelijkheid heeft om iets te doen. vi is de eerste persoon meervoud (“wij”); kan is de tegenwoordige vorm van kunne (“kunnen”) en verandert niet volgens persoon of getal. Na kan staat het werkwoord in de infinitief: Vi kan blive = “wij kunnen blijven”. blive betekent in deze zin “blijven” of “ergens blijven”, niet “worden”. De vorm is de infinitief; die staat na het modale werkwoord kan. Voorbeeld: De kan blive her. — “Zij kunnen hier blijven.” i nærheden af is een vaste voorzetseluitdrukking voor “in de buurt van”. Het volgende zelfstandig naamwoord noemt de plaats waar iets zich bevindt. Voorbeeld: Vi bor i nærheden af stationen. — “Wij wonen in de buurt van het station.” bygningen betekent hier “het gebouw”. Dit is de bepaalde enkelvoudsvorm van bygning (“gebouw”): bygning = “een gebouw”, bygningen = “het gebouw”. De uitgang -en markeert hier bepaaldheid; hij drukt niet op zichzelf een aantal uit. komme betekent “komen” en staat opnieuw in de infinitief na kan. In blive ... og komme ... geldt kan voor beide werkwoorden: “kunnen blijven en terugkomen”. Het onderwerp van komme is dus hetzelfde als bij blive, namelijk vi; het wordt niet opnieuw genoemd. snart geeft aan dat het terugkomen binnen korte tijd zal gebeuren: “binnenkort” of “spoedig”. Het zegt hier iets over het tijdstip, niet specifiek over de snelheid waarmee iemand beweegt. Voorbeeld: Hun kommer snart. — “Zij komt binnenkort.” tilbage betekent “terug” en geeft aan dat de beweging naar een eerder betrokken plaats of situatie gaat. Samen met komme vormt het de herbruikbare combinatie komme tilbage — “terugkomen”. Voorbeeld: Jeg kommer tilbage i morgen. — “Ik kom morgen terug.” De twee werkwoordsgroepen zijn blive i nærheden af bygningen (“in de buurt van het gebouw blijven”) en komme snart tilbage (“binnenkort terugkomen”). og verbindt ze, terwijl kan voor beide infinitieven geldt. Het geheel betekent daarom: “Wij kunnen in de buurt van het gebouw blijven en binnenkort terugkomen.”

  5. Der er stadig lidt dagslys.

    Er is nog wat daglicht.

    Der er
    er is
    stadig
    nog, nog steeds
    lidt
    wat, een beetje
    dagslys
    daglicht
    Uitgebreide uitleg

    Der er is de Deense existentiële constructie om aan te geven dat iets bestaat of aanwezig is: “er is” of “er zijn”. In deze constructie is er de tegenwoordige tijd van være (“zijn”), terwijl Der als een onbepaald, grammaticaal onderwerp dient; het verwijst hier niet naar een bepaald eerder genoemd ding. Een bruikbaar patroon is Der er + iets: Der er en stol. — “Er is een stoel.” stadig betekent hier dat de toestand nog voortduurt: er is op dit moment nog daglicht. Het kan vaak worden vertaald met “nog” of “nog steeds”, afhankelijk van de nadruk. Voorbeeld: Hun er stadig hjemme. — “Ze is nog steeds thuis.” lidt geeft hier een kleine, niet exact bepaalde hoeveelheid aan. Bij dagslys betekent het “wat daglicht” of “een beetje daglicht”; het stelt geen exact aantal vast. Voorbeeld: Der er lidt vand i glasset. — “Er zit wat water in het glas.” dagslys betekent “daglicht”. Het is een samenstelling van dag (“dag”) en lys (“licht”), maar in deze zin functioneert het als één zelfstandig naamwoord. Het verwijst hier naar natuurlijk licht overdag. Samen vormen Der er + stadig + lidt dagslys de betekenis: “Er is nog wat daglicht.” De zin zegt dat er op het bedoelde moment nog een kleine hoeveelheid natuurlijk daglicht aanwezig is; hij legt geen precieze hoeveelheid of tijdstip vast. De context verbindt dit met het moment voordat het donker wordt.

  6. Så lad os gå, før det bliver mørkt.

    Laten we dan gaan voordat het donker wordt.

    Så
    dan
    lad os
    laten we
    gå
    gaan
    før
    voordat
    bliver
    wordt
    mørkt
    donker
    Uitgebreide uitleg

    Så betekent hier “dan” en verbindt de uitspraak met de voorafgaande situatie. Het kan in andere contexten ook “dus” of “zo” betekenen, maar hier drukt het een gevolgtrekking of overgang uit. lad os is een vaste aansporingsconstructie: lad is de gebiedende wijs van lade (“laten”), gevolgd door os (“ons”). Samen betekent dit “laten we …”. Het daaropvolgende werkwoord blijft in de infinitief: Lad os gå = “Laten we gaan”. Een vergelijkbaar voorbeeld is Lad os spise — “Laten we eten.” gå is de infinitief van “gaan”. Dezelfde vorm staat na lad os; de constructie drukt geen bevel aan één persoon uit, maar een voorstel aan de spreker en minstens één andere betrokkene. Een voorbeeld is Vi går nu — “We gaan nu.” før betekent “voordat” en leidt een bijzin in die vóór een andere gebeurtenis moet plaatsvinden. In før det bliver mørkt staat dus de gebeurtenis “het wordt donker” na de hoofdzin als tijdsgrens. bliver is de tegenwoordige tijd van blive, “worden” of “blijven”, en betekent hier “wordt”: er treedt een verandering op naar een donkere toestand. Het onderscheid met er (“is”) is nuttig: Det bliver mørkt = “Het wordt donker”, terwijl Det er mørkt = “Het is donker”. mørkt is de vorm van het bijvoeglijk naamwoord mørk (“donker”) die hier bij det past. In deze uitdrukking beschrijft het bijvoeglijk naamwoord de toestand die ontstaat; het betekent niet een zelfstandig genoemd donker object. De vorm is onzijdig enkelvoud: mørk kan bijvoorbeeld bij een gemeenschappelijk-geslachtswoord staan, terwijl mørkt bij een onzijdig woord staat. Een voorbeeld is Vejret bliver koldt — “Het weer wordt koud.” Samen vormt lad os gå het voorstel “laten we gaan”. Så maakt daarvan “laten we dan gaan”, en før det bliver mørkt geeft de tijdsgrens: de voorgestelde actie moet plaatsvinden voordat het donker wordt. De volledige betekenis is daarom: “Laten we dan gaan voordat het donker wordt.”

  7. Lad os gå tilbage, når vi føler os friske igen.

    Laten we teruggaan zodra we ons weer fris voelen.

    Lad os
    laten we
    gå
    gaan
    tilbage
    terug
    når
    zodra
    vi
    we
    føler os
    ons voelen
    friske
    fris
    igen
    weer
    Uitgebreide uitleg

    Lad os is de vaste Deense aansporing “laten we …”. Lad is de gebiedende wijs van lade (“laten”); samen met os vormt het een voorstel of uitnodiging voor de spreker en anderen. Het volgende werkwoord staat in de infinitief: Lad os gå = “laten we gaan”. gå betekent hier “gaan” en is de infinitief. Een bruikbare vormreeks is gå (infinitief) – går (tegenwoordige tijd) – gik (verleden tijd). Voorbeeld: Vi går nu. = “We gaan nu.” tilbage betekent “terug” en geeft de richting van gå aan. Samen vormen gå tilbage de herbruikbare combinatie “teruggaan”. når leidt hier de tijdsbepaling in: “zodra/wanneer”. In deze zin wordt het moment aangegeven waarop de terugkeer plaatsvindt. De combinatie når + bijzin kan dus een tijdsvoorwaarde uitdrukken, bijvoorbeeld: Vi går, når du er klar. = “We gaan zodra je klaar bent.” vi is het persoonlijke voornaamwoord voor “we/wij” en is hier het onderwerp van de bijzin. De Deense persoonlijke voornaamwoorden onderscheiden onder meer een onderwerpsvorm en een objectsvorm: vi is de onderwerpsvorm, terwijl os de objectsvorm is en hier reflexief wordt gebruikt. Andere onderwerpsvormen zijn bijvoorbeeld I (“jullie”) en de (“zij”); die verwijzen naar andere personen. føler os betekent hier “ons voelen”. føler is de tegenwoordige tijd van føle (“voelen”); os is het reflexieve voornaamwoord bij vi, dus het onderwerp en degene die de gewaarwording ondergaat vallen samen. Vergelijk Jeg føler mig godt tilpas. = “Ik voel me prettig.” friske betekent hier “fris” in de zin van weer energiek of fit. De vorm friske is de vorm bij een meervoudig onderwerp zoals vi; het bijvoeglijk naamwoord verwijst hier naar de toestand van de deelnemers, niet naar een zelfstandig naamwoord. De basisvorm is frisk; bijvoorbeeld De er friske. = “Ze zijn fris/fit.” igen betekent “weer” en geeft aan dat de toestand of handeling opnieuw geldt. Hier hoort het bij føler os friske: de betrokkenen voelen zich opnieuw fris. Samen betekent Lad os gå tilbage “laten we teruggaan”. De bijzin når vi føler os friske igen bepaalt wanneer dat gebeurt: “zodra we ons weer fris voelen”. De volledige zin betekent daarom: “Laten we teruggaan zodra we ons weer fris voelen.”

  8. Så er vi klar til at koncentrere os igen.

    Dan zijn we weer klaar om ons te concentreren.

    Så
    dan
    er
    zijn
    vi
    we
    klar
    klaar
    til at
    om te
    koncentrere os
    ons concentreren
    igen
    weer
    Uitgebreide uitleg

    Så betekent hier “dan”. Het markeert de overgang naar de toestand of handeling die nu volgt. In andere zinnen kan het woord ook een andere functie hebben, maar hier past de betekenis “dan”. er is de tegenwoordige tijd van være (“zijn”). De combinatie vi er betekent “wij zijn”; vi is de eerste persoon meervoud. Daarmee verwijst de spreker naar zichzelf samen met minstens één andere persoon. Vergelijk: jeg er = “ik ben” en de er = “zij zijn”. klar is een bijvoeglijk naamwoord met de betekenis “klaar” of “gereed”. Hier staat het als gezegde bij er: vi er klar betekent “wij zijn klaar”. De betekenis wordt verder aangevuld door wat erop volgt. Een kort voorbeeld: Jeg er klar. = “Ik ben klaar.” til at vormt hier een constructie vóór een infinitief en betekent “om te …”. De constructie geeft aan waarvoor men klaar is. Bijvoorbeeld: Vi er klar til at gå. = “We zijn klaar om te gaan.” koncentrere os bestaat uit het infinitief koncentrere (“concentreren”) en os, het reflexieve voornaamwoord voor de eerste persoon meervoud. os verwijst hier naar hetzelfde meervoudige onderwerp als vi; samen betekent dit “ons concentreren”. Het infinitief staat na til at en is dus niet de persoonsvorm. Bijvoorbeeld: Vi prøver at koncentrere os. = “We proberen ons te concentreren.” igen betekent hier “weer” of “opnieuw”. Het geeft aan dat de handeling opnieuw aan de orde is. In deze zin hoort het bij koncentrere os. Samen vormen de delen: Så (“dan”) + vi er klar (“zijn we klaar”) + til at koncentrere os (“om ons te concentreren”) + igen (“weer”). De hele uiting betekent: “Dan zijn we weer klaar om ons te concentreren.”

Grammatica

Det føles + neutrum-adjektiv

Det føles for varmt.

Deh föö-les fohr wam-d.

Het voelt te warm.

Na det føles krijgt het bijvoeglijk naamwoord de onzijdige vorm: varmt.

før + bijzin

Lad os gå tilbage, før det bliver mørkt.

Leh os goh te-bah, föhr deh blie-wuh möhrg-d.

Laten we teruggaan voordat het donker wordt.

Na før volgt een bijzin met het onderwerp vóór het werkwoord: det bliver mørkt.

Deens woordenschat

for bijwoord
fohr te
frisk bijvoeglijk naamwoord
fresg fris
føle werkwoord
föö-luh voelen føles
gå werkwoord
goh gaan
hjælpe werkwoord
yel-buh helpen
kort bijvoeglijk naamwoord
kohrd kort
luft zelfstandig naamwoord
loft lucht
rum zelfstandig naamwoord
rom ruimte Rummet
stille bijvoeglijk naamwoord
stel-uh stil
tur zelfstandig naamwoord
toor wandeling
udenfor bijwoord
oo-den-fohr buiten
varm bijvoeglijk naamwoord
wam warm varmt

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

De ruimte voelt te warm en stil aan.

Antwoord tonenRummet føles for varmt og stille.

Frisse lucht zou helpen.

Antwoord tonenFrisk luft ville hjælpe.

Er is nog wat daglicht.

Antwoord tonenDer er stadig lidt dagslys.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

buiten

Antwoord tonenudenfor

ruimte

Antwoord tonenRummet

warm

Antwoord tonenvarmt

stil

Antwoord tonenstille