Een rustige plek om te werken | Leer deens in het Nederlands

Danish lesson set in a contemporary Copenhagen everyday setting: In a library, one person asks for a quiet work area and learns where silent study and phone calls are allowed..

NL → DA / Niveau: A2

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met Een rustige plek om te werken oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het deens.

Dialoog

A

Er der et roligt sted, hvor jeg kan arbejde?

Da ea et rooli stee, voa yai kan aabaida? Is er een rustige plek waar ik kan werken?
B

Der er skriveborde til at studere i stilhed ovenpå til venstre.

Da ea sgrie-we-boada tel a stodeea ie stielee oo-wen-poo tel wenstra. Boven aan de linkerkant staan bureaus om rustig te studeren.
A

Må jeg tage et kort telefonopkald der?

Moh yai tee et koat telefoon-op-kaal da? Kan ik daar kort bellen?
B

De skriveborde er kun til at studere i stilhed.

Die sgrie-we-boada ea kon tel a stodeea ie stielee. Die bureaus zijn alleen bedoeld om in stilte te studeren.
A

Så tager jeg mine telefonopkald et andet sted.

Soo tee yai mie-na telefoon-op-kaal et enna stee. Dan bel ik ergens anders.
B

Lobbyen er bedre til telefonopkald.

Lobie-en ea bedhra tel telefoon-op-kaal. De hal is beter om te bellen.
A

Et skrivebord ovenpå er fint for mig.

Et sgrie-we-boad oo-wen-poo ea fien foa mai. Een bureau boven is prima voor mij.
B

Der er som regel roligt om eftermiddagen.

Da ea som reesel rooli om ef-ta-me-den. Het is 's middags meestal rustig.

Uitleg van de zinnen

  1. Er der et roligt sted, hvor jeg kan arbejde?

    Is er een rustige plek waar ik kan werken?

    Er der
    is er
    roligt
    rustig
    sted
    plek
    hvor
    waar
    jeg kan
    ik kan
    arbejde
    werken
    Uitgebreide uitleg

    Er der vormt hier een vraag naar het bestaan of de aanwezigheid van iets: “is er …?”. Het Deense der is in deze constructie een formeel onderwerp; het verwijst niet zelf naar een bepaalde persoon of zaak. Vergelijk het patroon Der er ... = “Er is/zijn ...” en de vraag Er der ...? = “Is/zijn er ...?”. roligt betekent hier “rustig” en beschrijft sted. Het basiswoord is het bijvoeglijk naamwoord rolig; bij het onzijdige zelfstandig naamwoord et sted krijgt het de vorm roligt. Bij een gemeenschappelijk-geslachtig zelfstandig naamwoord staat de basisvorm: en rolig .... De uitgang hoort dus bij het bijvoeglijk naamwoord, niet bij sted. sted betekent “plek” of “plaats”. Het is een onzijdig zelfstandig naamwoord: et sted, meervoud steder. In deze zin gaat het om een plek die geschikt is om er te werken; de vertaling specificeert niet verder welke plek dat is. hvor betekent hier “waar” en leidt de bijzin in die de plek nader beschrijft. Het verwijst in deze zin naar de plaats die in de hoofdzin wordt gezocht. Een herbruikbaar patroon is et sted, hvor ... = “een plek waar ...”. jeg kan betekent “ik kan”. jeg is de eerste persoon enkelvoud van het persoonlijk voornaamwoord. kan is de tegenwoordige tijd van het modale werkwoord kunne en drukt hier mogelijkheid uit. Na een Deens modaal werkwoord staat het volgende werkwoord zonder at, bijvoorbeeld Jeg kan læse = “Ik kan lezen.” arbejde is hier de infinitief “werken”. Het werkwoord heeft dezelfde zichtbare vorm als het zelfstandig naamwoord “werk”, maar in deze zin is het een werkwoord omdat het na kan staat. Voorbeeld: Hun kan arbejde hjemme. = “Zij kan thuis werken.” Samen bestaat de zin uit de bestaansvraag Er der ...?, gevolgd door het gevraagde zelfstandig naamwoord et roligt sted. De bijzin hvor jeg kan arbejde beperkt de betekenis van “plek” tot een plek waar de spreker kan werken. De hele zin betekent daarom: “Is er een rustige plek waar ik kan werken?”

  2. Der er skriveborde til at studere i stilhed ovenpå til venstre.

    Boven aan de linkerkant staan bureaus om rustig te studeren.

    Der er
    er zijn
    skriveborde
    bureaus
    til at studere
    om te studeren
    i stilhed
    in stilte
    ovenpå
    boven; bovenverdieping
    til venstre
    aan de linkerkant
    Uitgebreide uitleg

    Der er is de Deense existentiële constructie voor “er is/zijn”: het introduceert dat iets op een bepaalde plaats aanwezig is. Het getal blijkt uit het zelfstandig naamwoord dat erop volgt; der zelf verandert niet. Voorbeeld: Der er en stol. — “Er is een stoel.” skriveborde betekent hier “bureaus”. Het is het meervoud van skrivebord (“bureau/schrijftafel”): et skrivebord → skriveborde. Het onbepaalde enkelvoud heeft et; het meervoud heeft hier geen apart lidwoord in deze existentiële mededeling. til at studere drukt een doel of functie uit: “om te studeren”. studere is de infinitief; in de vaste constructie til at staat het werkwoord dus niet in een vervoegde persoonsvorm. Voorbeeld: Jeg bruger rummet til at læse. — “Ik gebruik de ruimte om te lezen.” i stilhed betekent “in stilte”. i is hier een voorzetsel en stilhed is het zelfstandig naamwoord “stilte”. De woordgroep beschrijft de omstandigheden waarin het studeren gebeurt. Voorbeeld: Hun arbejder i stilhed. — “Zij werkt in stilte.” ovenpå betekent hier “boven” of “op de bovenverdieping”. Het is een bijwoord voor een hogere plaats en vormt in deze zin de plaatsaanduiding van de bureaus. De context ondersteunt hier de plaatsbetekenis, niet bijvoorbeeld een betekenis als “bovenop” een concreet voorwerp. til venstre betekent “aan de linkerkant” of kortweg “links”. venstre is het richtingswoord voor de linkerzijde; til maakt er een plaats- of richtingsaanduiding van. Voorbeeld: Døren er til venstre. — “De deur is aan de linkerkant.” Samen zegt Der er skriveborde dat er bureaus aanwezig zijn. til at studere i stilhed beschrijft hun doel: ze zijn om in stilte te studeren. ovenpå til venstre lokaliseert ze boven, aan de linkerkant. De volledige betekenis is daarom: “Boven aan de linkerkant staan bureaus om rustig/in stilte te studeren.”

  3. Må jeg tage et kort telefonopkald der?

    Kan ik daar kort bellen?

    Må jeg
    mag ik
    tage
    nemen
    kort
    kort, van beperkte duur
    telefonopkald
    telefoongesprek; telefoontje
    der
    daar
    Uitgebreide uitleg

    Må jeg betekent hier “mag ik …?” en vormt een vraag om toestemming. må is de tegenwoordige vorm van het werkwoord måtte; in een vraag staat het vóór jeg: Må jeg ...? = “Mag ik ...?” Na een modaal werkwoord zoals må volgt doorgaans de infinitief zonder at. tage staat hier als infinitief na må. Het basisbetekenis is “nemen”; samen met et telefonopkald vormt het de handeling die in de vaste vertaling als “bellen” wordt weergegeven. De betekenis “bellen” hoort dus bij de combinatie, niet bij tage afzonderlijk. Vergelijk als oefenvoorbeeld: Må jeg gå? — “Mag ik gaan?” kort beschrijft hier de beperkte duur van het telefoongesprek. Het is in deze zin een bijvoeglijk naamwoord bij telefonopkald, niet een bijwoord bij tage. De vorm is bij onbepaald enkelvoud zowel bij een gemeenschappelijk als een onzijdig zelfstandig naamwoord kort; in het meervoud of bij bepaalde vormen verschijnt doorgaans korte. Oefenvoorbeeld: en kort pause — “een korte pauze”. telefonopkald is een zelfstandig naamwoord voor een telefoongesprek of telefoontje. Het is een Deense samenstelling die als één woord wordt geschreven. In et telefonopkald laat et zien dat dit woord onzijdig is en onbepaald staat; et drukt hier op zichzelf geen bepaald aantal uit. der betekent hier “daar” en geeft de plaats van de handeling aan. In deze zin is het een plaatsbepaling, niet het onderwerp. De concrete plek wordt door de vaste vertaling als “daar” aangewezen; de context ondersteunt dat het om de eerder besproken locatie gaat. Samen vormen Må jeg tage et kort telefonopkald der? de vraag “Mag ik daar kort bellen?” De volgorde is: toestemming (Må jeg), handeling (tage), het telefoongesprek met zijn duur (et kort telefonopkald) en plaats (der).

  4. De skriveborde er kun til at studere i stilhed.

    Die bureaus zijn alleen bedoeld om in stilte te studeren.

    De
    die
    skriveborde
    bureaus
    er kun til at
    zijn alleen bedoeld om te
    studere
    studeren
    i stilhed
    in stilte
    Uitgebreide uitleg

    De is hier een Deens aanwijzend voornaamwoord met de betekenis ‘die’. Het verwijst naar een meervoudige groep; in het meervoud maakt het geen onderscheid tussen grammaticale geslachten. Het is dus niet het bepaalde meervoudige lidwoord: in het Deens wordt bepaald meervoud doorgaans aan het zelfstandig naamwoord gehecht, bijvoorbeeld skrivebordene voor ‘de bureaus’. In deze zin past ‘die’ bij de vaste vertaling. skriveborde betekent hier ‘bureaus’ en is het meervoud van skrivebord (‘bureau’): et skrivebord → skriveborde. De vorm skriveborde is onbepaald meervoud; met bepaalde betekenis krijg je skrivebordene. er kun til at vormt met het daaropvolgende werkwoord een constructie voor een beperkte bestemming of functie: iets is alleen bedoeld om iets te doen. er is de tegenwoordige vorm van at være (‘zijn’), kun betekent ‘alleen’, en til at leidt hier de infinitiefconstructie in. Het patroon is noget er til at + infinitief, bijvoorbeeld: Stolen er til at sidde på. — ‘De stoel is om op te zitten.’ studere is de infinitief ‘studeren’. Na til at blijft het werkwoord in deze vorm staan; til at studere betekent ‘om te studeren’. De vorm studere zegt op zichzelf niet wie studeert. Voorbeeld: Jeg vil studere. — ‘Ik wil studeren.’ i stilhed betekent ‘in stilte’. i is hier het voorzetsel ‘in’, en stilhed is het zelfstandig naamwoord ‘stilte’. Samen beschrijft de woordgroep de omstandigheden waaronder het studeren gebeurt. Voorbeeld: De arbejder i stilhed. — ‘Ze werken in stilte.’ Samen betekent De skriveborde er kun til at studere i stilhed.: ‘Die bureaus zijn alleen bedoeld om in stilte te studeren.’ De skriveborde is het onderwerp, er verbindt het onderwerp met de functie, en kun til at studere i stilhed beperkt die functie tot studeren in stilte.

  5. Så tager jeg mine telefonopkald et andet sted.

    Dan bel ik ergens anders.

    Så
    dan
    tager
    neem
    jeg
    ik
    mine
    mijn
    telefonopkald
    telefoontjes
    andet
    ander
    sted
    plaats
    Uitgebreide uitleg

    Så betekent hier “dan” en leidt de volgende handeling in. Afhankelijk van de context kan Så ook “dus” betekenen, maar in deze zin past de tijds- of gevolgverbinding “dan” bij de vaste vertaling. tager is de tegenwoordige tijd van tage, “nemen”. In tage et telefonopkald is het een vaste, bruikbare uitdrukking voor een telefoongesprek aannemen of voeren; de vaste vertaling maakt hier “bellen” de passende betekenis. De Deense tegenwoordige tijd verandert niet naar persoon: jeg tager en hun tager gebruiken allebei tager. Voorbeeld: Jeg tager et telefonopkald. — “Ik neem een telefoontje aan.” jeg is het persoonlijke voornaamwoord voor de eerste persoon enkelvoud: “ik”. Het is hier het onderwerp en dus degene die de handeling uitvoert. mine is de eerste-persoons bezitsvorm bij een meervoudig zelfstandig naamwoord: “mijn”. De nuttige reeks is min bij een enkelvoudig gemeenschappelijk woord, mit bij een enkelvoudig onzijdig woord en mine bij het meervoud. Hier bepaalt mine dat telefonopkald meervoudig wordt opgevat. telefonopkald betekent “telefoongesprekken” of, in deze context natuurlijker, “telefoontjes”. Het is een samenstelling van “telefoon” en “oproep”. Het meervoud heeft hier geen extra uitgang: et telefonopkald is enkelvoud, terwijl telefonopkald ook het onbepaalde meervoud kan zijn. De combinatie met mine geeft hier het meervoud aan. andet betekent “ander” in de onzijdige enkelvoudsvorm. Het hoort bij het onzijdige sted: et andet sted — “een andere plaats” of natuurlijk “ergens anders”. Vergelijk de vormen anden voor enkelvoudige gemeenschappelijke woorden, andet voor onzijdig enkelvoud en andre voor meervoud. sted betekent “plaats”. Het is onzijdig: et sted. Een bruikbare reeks is sted — “plaats”, steder — “plaatsen” en stedet — “de plaats”. In et andet sted vormt het samen met andet een plaatsbepaling; in het Deens kan die combinatie zonder een afzonderlijk voorzetsel de betekenis “ergens anders” krijgen. Samen betekent Så tager jeg mine telefonopkald et andet sted: “Dan bel ik ergens anders.” Så verbindt dit met wat eraan voorafgaat, tager ... telefonopkald drukt het voeren van telefoongesprekken uit, en et andet sted geeft aan dat die handeling op een andere plaats gebeurt.

  6. Lobbyen er bedre til telefonopkald.

    De hal is beter om te bellen.

    Lobbyen
    de lobby
    bedre
    beter
    telefonopkald
    telefoongesprekken
    Uitgebreide uitleg

    Lobbyen betekent hier “de lobby”. Het is de bepaalde vorm van lobby: lobby = een lobby, lobbyen = de lobby. De uitgang -en markeert hier bepaaldheid bij dit zelfstandig naamwoord; het is geen aparte vertaling voor “in” of “van”. bedre betekent “beter”. Het is de vergrotende trap van god (“goed”): god – bedre – bedst (“goed” – “beter” – “best”). In deze zin vergelijkt bedre de geschiktheid van de lobby met een andere plaats voor telefoongesprekken. Het Deense patroon bedre til + zelfstandig naamwoord of activiteit betekent dat iets beter geschikt is daarvoor. Voorbeeld: Dette rum er bedre til møder. — “Deze ruimte is beter voor vergaderingen.” telefonopkald betekent “telefoongesprekken” in de bedoelde algemene betekenis. Het is een samenstelling van telefon (“telefoon”) en opkald (“oproep”). In het Deens heeft het onbepaalde enkelvoud het lidwoord et: et telefonopkald; de vorm telefonopkald kan ook als meervoud zonder zichtbaar meervoudsachtervoegsel worden gebruikt. Hier staat het zonder lidwoord na til en verwijst het naar de activiteit in het algemeen, zoals in de vertaling “om te bellen”. Samen vormen Lobbyen er bedre til telefonopkald de structuur [plaats] er bedre til [activiteit]: “De lobby is beter voor telefoongesprekken” of natuurlijker volgens de vaste vertaling: “De lobby is beter om te bellen.” er is de tegenwoordige vorm van være (“zijn”) en verbindt de lobby met de beoordeling bedre til telefonopkald.

  7. Et skrivebord ovenpå er fint for mig.

    Een bureau boven is prima voor mij.

    skrivebord
    bureau
    ovenpå
    boven
    fint
    prima; goed
    for mig
    voor mij
    Uitgebreide uitleg

    skrivebord betekent hier “bureau”. Het is een onzijdig zelfstandig naamwoord: et skrivebord gebruikt het onbepaalde lidwoord et. Bij andere zelfstandige naamwoorden kan het onbepaalde lidwoord en zijn; het lidwoord drukt hier niet op zichzelf een bepaald aantal uit. ovenpå is hier een bijwoord dat de plaats “boven” aanduidt. Na skrivebord geeft het aan waar het bureau is: een bureau boven. In andere contexten kan deze vorm ook “bovenop” betekenen; hier ondersteunt de vaste vertaling de plaatsbetekenis “boven”. fint is de vorm van het bijvoeglijk naamwoord fin bij een onzijdig enkelvoudig onderwerp. Vergelijk: en fin stol (“een mooie/fijne stoel”), maar et fint skrivebord (“een mooi/fijn bureau”). In deze zin geeft fint een positieve beoordeling: “prima” of “goed”. for mig betekent “voor mij”. mig is de niet-onderwerpsvorm van het persoonlijke voornaamwoord jeg (“ik”): na het voorzetsel for staat mig, niet jeg. Voorbeeld: Det er godt for mig. — “Dat is goed voor mij.” Samen vormen de delen Et skrivebord ovenpå het onderwerp: een bureau boven. er fint geeft de beoordeling “is prima”, en for mig maakt duidelijk voor wie die beoordeling geldt. De hele zin betekent daarom: “Een bureau boven is prima voor mij.”

  8. Der er som regel roligt om eftermiddagen.

    Het is 's middags meestal rustig.

    Der er
    er is / er bevindt zich
    som regel
    meestal; gewoonlijk
    roligt
    rustig
    eftermiddagen
    namiddag
    Uitgebreide uitleg

    Der er betekent hier dat er een bepaalde toestand aanwezig is: “het is er / er heerst”. Der is in deze constructie een formeel onderwerp; het verwijst niet zelfstandig naar een genoemde persoon of zaak. Er is de tegenwoordige vorm van være (“zijn”). Vergelijk: Der er kaffe. — “Er is koffie.” som regel is een vaste uitdrukking met de betekenis “meestal” of “gewoonlijk”. Ze drukt een algemene regelmaat uit, geen absolute bewering. Voor een eenmalige gebeurtenis zou je bijvoorbeeld niet vanzelf som regel gebruiken. roligt betekent hier “rustig”. Het is de vorm van het bijvoeglijk naamwoord rolig die in deze zin bij een onzijdige toestand of een onzijdig referentiepunt past. Dezelfde vorm komt ook voor bij een onzijdig zelfstandig naamwoord, bijvoorbeeld et roligt sted — “een rustige plek”. Bij een gemeenschappelijk-geslachtig woord staat vaak rolig, bijvoorbeeld en rolig eftermiddag — “een rustige namiddag”. eftermiddagen is de bepaalde vorm van eftermiddag (“namiddag”): eftermiddag → eftermiddagen, dus “de namiddag”. Het achtervoegsel -en markeert hier bepaaldheid; het maakt het woord niet meervoudig. In om eftermiddagen betekent het geheel “'s middags / in de namiddag”. Samen vormen de delen: Der er + roligt geeft “het is rustig” of letterlijker “er heerst rust”; som regel maakt daarvan “meestal”; en om eftermiddagen bepaalt het tijdstip. De volledige betekenis is dus: “Het is 's middags meestal rustig.”

Grammatica

et + bijvoeglijk naamwoord op -t + zelfstandig naamwoord

Der er et roligt sted ovenpå.

Da ea et rooli stee oo-wen-poo.

Er is boven een rustige plek.

Na et krijgt het bijvoeglijk naamwoord vaak -t: rolig wordt roligt.

Deens woordenschat

arbejde werkwoord
aabaida werken

jeg kan arbejde

der er uitdrukking
da ea er is / er zijn

Er der et roligt sted?

i stilhed uitdrukking
ie stielee in stilte

at studere i stilhed

kort bijvoeglijk naamwoord
koat kort
Geslacht
neuter

et kort telefonopkald

ovenpå bijwoord
oo-wen-poo boven / bovenverdieping

ovenpå til venstre

rolig bijvoeglijk naamwoord
rooli rustig roligt
Geslacht
neuter

et roligt sted

skrivebord zelfstandig naamwoord
sgrie-we-boad bureau skriveborde

Der er skriveborde

sted zelfstandig naamwoord
stee plek
Geslacht
neuter

et roligt sted

studere werkwoord
stodeea studeren

til at studere

tage werkwoord
tee nemen

tage et kort telefonopkald

telefonopkald zelfstandig naamwoord
telefoon-op-kaal telefoongesprek

et kort telefonopkald

til venstre uitdrukking
tel wenstra aan de linkerkant

til venstre

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

De hal is beter om te bellen.

Antwoord tonenLobbyen er bedre til telefonopkald.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

studeren

Antwoord tonenstudere

plek

Antwoord tonensted

boven / bovenverdieping

Antwoord tonenovenpå

bureau

Antwoord tonenskriveborde