Een fietsband oppompen | Leer deens in het Nederlands

Danish lesson set in a contemporary Copenhagen everyday setting: In a shared space, one adult borrows a bicycle pump and learns how to check and fill a flat tire..

NL → DA / Niveau: A2

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met Een fietsband oppompen oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het deens.

Dialoog

A

Mit bagdæk er næsten fladt.

Med bèè-deeg èèr nes-den fled. Mijn achterband is bijna leeg.
B

Jeg har en pumpe, du kan låne.

Yai haa en pom-be, doe ken loone. Ik heb een pomp die je kunt lenen.
A

Skal jeg først tjekke, om der er en lækage?

Sgel yai feurst tsje-ge, om dee-er èèr en lee-ge? Moet ik eerst op een lek controleren?
B

Se langs dæksiden, før du fylder luft i.

See langs deeg-sie-en, feur doe fuul-uh loeft ie. Kijk langs de zijkant van de band voordat je lucht toevoegt.
A

Kan du vise mig, hvordan jeg sætter den fast?

Ken doe vie-se mai, ho-than yai set-uh den fesd? Kun je me laten zien hoe ik hem moet vastmaken?
B

Tryk denne del på ventilen, og pump langsomt.

Treuk den-uh del po ven-tie-len, oh pom lang-somd. Druk dit deel op het ventiel en pomp langzaam.
A

Dækket føles fast nok nu.

Deeg-eth feuls fesd nog noe. De band voelt nu stevig genoeg aan.
B

Bring pumpen tilbage, når du er færdig.

Breng pom-ben tie-bèè-le, noor doe èèr fèèr-die. Breng de pomp terug als je klaar bent.

Uitleg van de zinnen

  1. Mit bagdæk er næsten fladt.

    Mijn achterband is bijna leeg.

    Mit
    mijn
    bagdæk
    achterband
    er
    is
    næsten
    bijna
    fladt
    leeg; plat
    Uitgebreide uitleg

    Mit betekent hier “mijn” en staat bij bagdæk, een onzijdig enkelvoudig zelfstandig naamwoord. Het is de onzijdige enkelvoudsvorm van het bezittelijke voornaamwoord bij jeg (“ik”); bij een gemeenschappelijk geslacht staat bijvoorbeeld min. bagdæk is een samenstelling: bag- verwijst naar de achterkant en dæk naar een band. Samen betekent het “achterband”. Het woord staat hier in het enkelvoud. er is de tegenwoordige tijd van at være (“zijn”). De vorm er blijft hetzelfde voor verschillende personen in de tegenwoordige tijd. Voorbeeld: Jeg er klar. — “Ik ben klaar.” næsten betekent “bijna” en verzacht de daaropvolgende beschrijving: de band is niet volledig plat, maar nadert die toestand. fladt is de vorm van flad (“plat”) bij een onzijdig enkelvoudig onderwerp. De uitgang -t hoort dus bij het bijvoeglijke naamwoord flad, niet bij bagdæk. Voorbeeld: Dækket er fladt. — “De band is plat.” In deze context wordt “bijna plat” natuurlijk weergegeven als “bijna leeg”, omdat het over de lucht in een band gaat. De onderdelen vormen samen: Mit bagdæk (“mijn achterband”) + er (“is”) + næsten fladt (“bijna plat/leeg”). De volledige betekenis is: “Mijn achterband is bijna leeg.”

  2. Jeg har en pumpe, du kan låne.

    Ik heb een pomp die je kunt lenen.

    Jeg
    ik
    har
    hebben; hier: heb
    pumpe
    pomp
    du kan
    je kunt
    låne
    lenen
    Uitgebreide uitleg

    Jeg is het Deense onderwerppronomen voor “ik”. Het verandert niet naar geslacht; het verwijst hier naar de spreker. har is de tegenwoordige tijd van have (“hebben”): jeg har = “ik heb”. De vorm har blijft in de tegenwoordige tijd hetzelfde bij verschillende personen, bijvoorbeeld du har = “jij hebt”. pumpe betekent “pomp”. In de bron staat het als en pumpe: en is hier het onbepaalde lidwoord bij dit gemeenschappelijke-geslachtswoord, niet op zichzelf een expliciete telling. Nuttige vormen zijn pumpe (een pomp), pumpen (de pomp), pumper (pompen) en pumperne (de pompen). du kan betekent hier “je kunt”. du is het onderwerp “jij/je”; kan is de tegenwoordige vorm van kunne (“kunnen”). Na een modaal werkwoord zoals kan staat het volgende werkwoord in de infinitief zonder at: du kan låne = “je kunt lenen”. låne betekent hier “lenen” in de betekenis “lenen/ter leen krijgen”. Het Deens kan met hetzelfde werkwoord ook “uitlenen” uitdrukken; de constructie en de deelnemers bepalen de richting. Voorbeelden: Jeg låner en bog = “Ik leen een boek”; Jeg låner dig en bog = “Ik leen jou een boek” of “Ik leen jou een boek uit”. In deze zin is du degene die de pomp kan lenen. De zin bestaat uit Jeg har en pumpe (“Ik heb een pomp”) en du kan låne (“je kunt lenen”). Samen betekent hij: “Ik heb een pomp die je kunt lenen.” De tweede mededeling maakt duidelijk dat de aanwezige pomp beschikbaar is voor de luisteraar om te lenen.

  3. Skal jeg først tjekke, om der er en lækage?

    Moet ik eerst op een lek controleren?

    Skal jeg
    moet ik
    først
    eerst
    tjekke
    controleren
    om
    of
    der er
    er is
    lækage
    lek
    Uitgebreide uitleg

    Skal jeg bestaat uit skal, de tegenwoordige vorm van skulle, en het onderwerp jeg. Skulle heeft als infinitiefsvorm skulle; skal verandert hier niet mee met de persoon. In deze vraag geeft het geheel de betekenis “moet ik”. De omgekeerde volgorde — werkwoord vóór onderwerp — markeert de hoofdvraag. Voorbeeld: Skal vi vente? — “Moeten we wachten?” først betekent “eerst” en geeft de volgorde aan: de controle komt vóór een volgende handeling. Het is een bijwoord en verandert niet naar persoon of getal. tjekke is de infinitief “controleren”. Na het modale skal staat de infinitief zonder at: Jeg skal tjekke — “Ik moet controleren.” De tegenwoordige vorm is tjekker: Jeg tjekker — “Ik controleer.” om leidt hier een indirecte ja/nee-vraag in en betekent “of”. Het verbindt tjekke met wat gecontroleerd moet worden: niet een genoemd object rechtstreeks, maar de vraag of een bepaalde toestand bestaat. der er is de vaste existentiële constructie “er is/zijn”. Der betekent hier niet “daar” als plaatsaanduiding; het introduceert wat bestaat. Het getal blijkt uit het zelfstandig naamwoord: der er en lækage — “er is een lek”, en der er lækager — “er zijn lekken”. lækage is hier het zelfstandig naamwoord “lek”. De onbepaalde vorm is en lækage; de bepaalde vorm is lækagen — “het lek”. Het woord is een zogenoemd en-woord, maar die grammaticale klasse is niet hetzelfde als natuurlijk geslacht. Samen vormen de delen de vraag: Skal jeg + først + tjekke + om der er en lækage? betekent “Moet ik eerst controleren of er een lek is?” De hoofdvraag gaat over de noodzaak of wenselijkheid van de controle; de bijzin specificeert wat gecontroleerd wordt: het bestaan van een lek.

  4. Se langs dæksiden, før du fylder luft i.

    Kijk langs de zijkant van de band voordat je lucht toevoegt.

    Se
    kijk
    langs
    langs; waarlangs
    dæksiden
    de zijkant van de band
    før du
    voordat je
    fylder
    vult
    luft
    lucht
    Uitgebreide uitleg

    Se is de gebiedende wijs van se (“kijken”). De vorm heeft hier geen afzonderlijk onderwerp; de aangesproken persoon wordt uit de gebiedende wijs begrepen. Voorbeeld: Se her. — “Kijk hier.” langs betekent “langs” en geeft hier de richting of plaats aan waarlangs je moet kijken. Voorbeeld: Gå langs vejen. — “Loop langs de weg.” dæksiden betekent hier “de zijkant van de band”. Het is een samengesteld woord: dæk betekent “band” en side betekent “zijde/kant”. In dæksiden staat het hele samengestelde woord in de bepaalde vorm; de uitgang -en hoort bij het laatste deel side. før du leidt een bijzin in met de betekenis “voordat je”. før is het voegwoord en du is het onderwerp “je/jij” van die bijzin. Voorbeeld: Vask hænderne, før du spiser. — “Was je handen voordat je eet.” fylder komt van fylde, “vullen”, en is hier de tegenwoordige tijd. De vorm verandert in het Deens niet naar persoon of getal: jeg fylder, du fylder en de fylder hebben allemaal fylder. In combinatie met lucht kan dit in het Nederlands natuurlijk worden weergegeven als “lucht toevoegen” of “met lucht vullen”. Voorbeeld: Hun fylder vand i glasset. — “Ze vult water in het glas.” luft betekent “lucht”. Hier is het datgene wat wordt toegevoegd. Voorbeeld: Der er luft i dækket. — “Er zit lucht in de band.” Samen vormt Se langs dæksiden de instructie om langs de zijkant van de band te kijken. før du fylder luft i plaatst het toevoegen van lucht daarna in de tijd: eerst kijken, daarna lucht toevoegen. Het Deense i aan het einde hoort bij de constructie “iets ergens in vullen”; het voorwerp waarin de lucht wordt gedaan staat hier niet afzonderlijk in de zin. De volledige betekenis is: “Kijk langs de zijkant van de band voordat je lucht toevoegt.”

  5. Kan du vise mig, hvordan jeg sætter den fast?

    Kun je me laten zien hoe ik hem moet vastmaken?

    Kan du
    Kun je
    vise
    laten zien
    mig
    me
    hvordan
    hoe
    jeg
    ik
    den
    hem
    sætter … fast
    vastmaken
    Uitgebreide uitleg

    Kan du combineert kan, de tegenwoordige vorm van kunne (“kunnen”), met het onderwerp du (“jij”). In deze vraag drukt het een verzoek om hulp of demonstratie uit: “kun je...?” Na een modaal werkwoord staat het volgende werkwoord in het Deens in de infinitief, zonder at. vise is de infinitief van vise (“laten zien” of “tonen”). De constructie kan ... vise betekent hier “kunnen laten zien”. Voorbeeld: Kan du vise mig vejen? — “Kun je me de weg wijzen?” mig is de objectvorm van jeg en betekent “mij/me”. Vergelijk jeg als onderwerp met mig als object: Jeg ser dig — “Ik zie je.” hvordan betekent “hoe” en leidt hier een ingebedde vraag over de manier waarop iets gebeurt in. Voorbeeld: Jeg ved, hvordan det virker. — “Ik weet hoe het werkt.” jeg betekent “ik” en is hier het onderwerp van de ingebedde bijzin. Deze vorm staat dus bij degene die de handeling uitvoert; mig heeft in het eerste deel de objectrol bij vise. den is hier een enkelvoudig verwijzend voornaamwoord voor een zaak van het gemeenschappelijk geslacht. De vaste vertaling geeft de bedoelde zaak weer met “hem”. Voor een meervoudig voorwerp zou doorgaans dem worden gebruikt. De precieze zaak waarnaar den verwijst, wordt door dit woord zelf niet benoemd. sætter is de tegenwoordige tijd van sætte (“zetten”). In sætte noget fast krijgt de combinatie de betekenis “iets vastmaken” of “iets stevig bevestigen”. sætter is hier het werkwoord van de ingebedde bijzin. fast betekent in deze combinatie “vast”; het object staat ertussen: sætter den fast. Voorbeeld: Jeg sætter krogen fast. — “Ik maak de haak vast.” De Deense tegenwoordige tijd vermeldt hier de handeling; er staat in het Deens zelf geen afzonderlijk woord dat letterlijk “moeten” uitdrukt. Samen vormen hvordan jeg sætter den fast de ingebedde vraag naar de manier waarop ik het voorwerp vastmaak. vise mig maakt daarvan “mij laten zien hoe”, en Kan du maakt er een verzoek van. De hele zin betekent daarom: “Kun je me laten zien hoe ik hem moet vastmaken?”

  6. Tryk denne del på ventilen, og pump langsomt.

    Druk dit deel op het ventiel en pomp langzaam.

    Tryk
    druk
    denne
    deze
    del
    deel
    på
    op
    ventilen
    het ventiel
    pump
    pomp
    langsomt
    langzaam
    Uitgebreide uitleg

    Tryk is de gebiedende wijs van trykke (“drukken”): de aangesprokene moet drukken. De infinitief is at trykke; in een gewone gebiedende wijs valt at weg. Voorbeeld: Tryk her. — “Druk hier.” denne betekent hier “deze”. Het is een aanwijzend woord voor iets enkelvoudigs van het en-geslacht; het sluit aan bij del, niet bij een willekeurig zelfstandig naamwoord. De neutrale vorm is dette, bijvoorbeeld dette hus — “dit huis”. del betekent “deel” of “stuk”. Het is een zelfstandig naamwoord met de basisvorm del; het meervoud is dele. In denne del staat het voor het aangewezen onderdeel. på betekent hier “op”: het geeft aan waartegen of waarop de handeling gericht is. De combinatie trykke ... på ... is een bruikbaar patroon voor “iets op/tegen iets drukken”. ventilen betekent “het ventiel”. De onbepaalde vorm is en ventil; ventilen is de bepaalde enkelvoudsvorm: ventil + -en. Het achtervoegsel maakt het zelfstandig naamwoord bepaald; het betekent dus niet “een ventiel”. pump is de gebiedende wijs van pumpe (“pompen”). Net als bij Tryk is het onderwerp de aangesprokene, maar het onderwerp wordt in de gebiedende wijs niet uitgedrukt. Voorbeeld: Pump langsomt. — “Pomp langzaam.” langsomt betekent hier “langzaam” en beschrijft hoe het pompen gebeurt. Het staat als bijwoord bij pump. De vorm hangt samen met het bijvoeglijk naamwoord langsom; in deze zin is niet een zelfstandig naamwoord maar de handeling de kern die het bijwoord nader bepaalt. De eerste opdracht bestaat uit Tryk denne del på ventilen: druk dit onderdeel op het ventiel. Daarna volgt met og (“en”) de tweede opdracht pump langsomt: pomp langzaam. Samen betekent de zin daarom: “Druk dit deel op het ventiel en pomp langzaam.” Beide werkwoorden staan in de gebiedende wijs, en de twee opdrachten zijn met og verbonden.

  7. Dækket føles fast nok nu.

    De band voelt nu stevig genoeg aan.

    Dækket
    de band
    føles
    voelt aan
    fast
    stevig
    nok
    genoeg
    nu
    nu
    Uitgebreide uitleg

    Dækket betekent hier “de band”. Het is de bepaalde enkelvoudsvorm van dæk (“band”): het achtervoegsel -et markeert hier de bepaalde vorm van het onzijdige zelfstandig naamwoord. dæk kan in een andere context ook “dek” betekenen, maar de vaste vertaling en de context met de pomp ondersteunen hier de betekenis “band”. føles komt van føle (“voelen”) en betekent hier “aanvoelen”. In deze constructie beschrijft het hoe iets wordt ervaren, niet een handeling waarbij iemand bewust iets voelt. De tegenwoordige vorm føles heeft hier geen afzonderlijke persoonsuitgang voor dit onderwerp. Een bruikbaar patroon is noget føles + bijvoeglijk naamwoord: “iets voelt ... aan”. fast betekent hier “stevig”. Het is een bijvoeglijk naamwoord dat de toestand van dækket beschrijft. In het Deens past een predicatief bijvoeglijk naamwoord zich aan het onderwerp aan in onder meer getal en grammaticaal geslacht; bij dæk is het onderwerp onzijdig enkelvoud, waarvoor de vorm fast wordt gebruikt. Deze vorm ziet er hier hetzelfde uit als de enkelvoudsvorm bij een gemeenschappelijk geslacht. Voorbeeld: Overfladen føles glat. — “Het oppervlak voelt glad aan.” nok betekent hier “genoeg”. Na fast vormt het fast nok, “stevig genoeg”: het geeft aan dat de mate van stevigheid voldoende is. nu betekent “nu” en situeert de beschreven toestand in het huidige moment. De delen vormen samen Dækket føles fast nok nu.: Dækket is wat aanvoelt, føles verbindt dat onderwerp met de eigenschap fast, nok maakt daarvan “voldoende stevig” en nu plaatst die beoordeling in het heden. De volledige betekenis is: “De band voelt nu stevig genoeg aan.”

  8. Bring pumpen tilbage, når du er færdig.

    Breng de pomp terug als je klaar bent.

    Bring
    breng
    pumpen
    de pomp
    tilbage
    terug
    færdig
    klaar
    Uitgebreide uitleg

    Bring betekent hier “breng” en is de gebiedende wijs van bringe (“brengen”). De vorm richt zich rechtstreeks tot de aangesprokene; het onderwerp “jij” staat in deze gebiedende wijs niet apart in de zin. Voorbeeld: Bring bogen! — “Breng het boek!” pumpen betekent hier “de pomp”. Het is de bepaalde enkelvoudsvorm van pumpe (“pomp”): en pumpe is “een pomp” en pumpen is “de pomp”. Het zelfstandig naamwoord krijgt dus de bepaalde uitgang -en; die uitgang is geen apart woord. tilbage betekent “terug” en geeft aan dat de pomp naar een eerder bedoelde of oorspronkelijke plaats moet worden gebracht. Het staat hier bij het werkwoord en vormt daarmee de betekenis “terugbrengen”. Voorbeeld: Kom tilbage! — “Kom terug!” færdig betekent hier “klaar”. Het is een bijvoeglijk naamwoord in de vaste uitdrukking være færdig (“klaar zijn”). In du er færdig is du het onderwerp (“je/jij”) en er de vorm van være (“zijn”) voor de tegenwoordige tijd. færdig verandert hier niet vanwege du. når du er færdig betekent “als je klaar bent”. når leidt deze tijdsvoorwaarde in; de bijzin zegt wanneer de opdracht moet worden uitgevoerd. De combinatie Bring pumpen tilbage is letterlijk “breng de pomp terug”. Samen betekent de hele zin: “Breng de pomp terug als je klaar bent.” De gebiedende wijs maakt dit tot een opdracht, terwijl de når-bijzin het moment voor de uitvoering aangeeft.

Grammatica

før + bijzin

Se langs dæksiden, før du pumper.

See langs deeg-sie-en, feur doe pom-buh.

Kijk langs de zijkant van de band voordat je pompt.

Na før volgt een bijzin met een onderwerp en een vervoegd werkwoord: før du pumper.

Gebiedende wijs

Tryk på ventilen. Pump langsomt.

Treuk po ven-tie-len. Pom lang-somd.

Druk op het ventiel. Pomp langzaam.

De gebiedende wijs gebruikt meestal de stam van het werkwoord, zonder onderwerp: Tryk, Pump.

Deens woordenschat

bagdæk zelfstandig naamwoord
bèè-deeg achterband
Geslacht
neuter

Mit bagdæk er næsten fladt.

dækside zelfstandig naamwoord
deeg-sie-the zijkant van de band dæksiden
Geslacht
common

Se langs dæksiden, før du fylder luft i.

flad bijvoeglijk naamwoord
fled leeg; plat fladt

Mit bagdæk er næsten fladt.

fylde werkwoord
fuul-le vullen; bijvullen fylder

Se langs dæksiden, før du fylder luft i.

før voegwoord
feur voordat

Se langs dæksiden, før du fylder luft i.

langs voorzetsel
langs langs

Se langs dæksiden, før du fylder luft i.

lækage zelfstandig naamwoord
lee-ge lek
Geslacht
common

Skal jeg først tjekke, om der er en lækage?

låne werkwoord
loone lenen

Jeg har en pumpe, du kan låne.

næsten bijwoord
nes-den bijna

Mit bagdæk er næsten fladt.

pumpe zelfstandig naamwoord
pom-be pomp
Geslacht
common

Jeg har en pumpe, du kan låne.

se werkwoord
see kijken

Se langs dæksiden, før du fylder luft i.

tjekke werkwoord
tsje-ge controleren; nakijken

Skal jeg først tjekke, om der er en lækage?

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Mijn achterband is bijna leeg.

Antwoord tonenMit bagdæk er næsten fladt.

De band voelt nu stevig genoeg aan.

Antwoord tonenDækket føles fast nok nu.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

bijna

Antwoord tonennæsten

lek

Antwoord tonenlækage

leeg; plat

Antwoord tonenfladt

pomp

Antwoord tonenpumpe