Jeg
Jeg betekent hier ‘ik’ en is de persoon die wacht of iets moet doen, zoals in Jeg venter en Jeg holder. Je gebruikt Jeg vóór een werkwoord wanneer je over jezelf spreekt.
venter
venter betekent hier ‘wachten’, namelijk wachten tot de eigen beurt komt. In Jeg venter stadig på staat de activiteit vóór på en datgene waarop je wacht erna. Je gebruikt venter bijvoorbeeld in Jeg venter på bussen.
stadig
stadig betekent hier ‘nog steeds’: het wachten duurt voort. In Jeg venter stadig staat het bij de handeling venter. Je gebruikt stadig wanneer een toestand of handeling ondanks het verstrijken van tijd doorgaat.
på
på betekent hier ‘op’ in de combinatie venter ... på, dus wachten op iets. In de zin leidt på het onderwerp van het wachten in. Je gebruikt på ook in de vaste uitdrukking kalder ... på dig.
at
at leidt hier de bijzin at det bliver min tur in: de spreker wacht erop dat zijn beurt komt. Het verbindt på met de inhoud waarop wordt gewacht. Je gebruikt at op dezelfde manier om een inhoudelijke bijzin in te leiden.
det
det is in det bliver min tur het vaste onderwerp van de uitdrukking waarmee je zegt dat iemands beurt komt. In Det gør det lettere verwijst het naar de eerder genoemde handeling met het ticket. Je gebruikt det dus zowel in deze vaste beurtuitdrukking als om naar een situatie of handeling te verwijzen.
bliver
bliver betekent hier ‘wordt’ in det bliver min tur: het moment waarop de beurt van de spreker komt. In deze uitdrukking volgt na bliver degene wiens beurt het is. Je gebruikt de combinatie det bliver min tur wanneer je zegt dat je aan de beurt komt.
min
min betekent hier ‘mijn’ en hoort bij tur in min tur. Het maakt duidelijk dat het om de beurt van de spreker gaat. Je gebruikt min vóór een zelfstandig naamwoord dat bij de spreker hoort, zoals in min tur.
tur
tur betekent hier ‘beurt’ in min tur, de beurt van de spreker. Het woord komt ook terug in din tur voor de beurt van de luisteraar. Je gebruikt de vaste combinatie det bliver min tur wanneer je beurt aanbreekt.
De
De betekent hier ‘ze’ of ‘zij’ en verwijst naar de mensen die de wachtenden oproepen. In De bruger en De kalder staat het als onderwerp van de zin. Je gebruikt De om naar meerdere personen of een groep te verwijzen.
bruger
bruger betekent hier ‘besteden’ of ‘erover doen’, niet letterlijk ‘gebruiken’, in De bruger lang tid. De combinatie geeft aan dat het oproepen veel tijd kost. Je gebruikt bruger samen met lang tid på om tijd aan een handeling te koppelen.
lang
lang betekent hier ‘lang’ in lang tid en beschrijft de duur. Samen met bruger laat het zien dat het oproepen langzaam verloopt. Je gebruikt lang vóór tid wanneer je een lange tijdsduur noemt.
tid
tid betekent hier ‘tijd’ in lang tid, de hoeveelheid tijd die iets kost. In De bruger lang tid op staat het bij een uitdrukking over duur. Je gebruikt tid bijvoorbeeld in combinatie met lang tid wanneer iets veel tijd vraagt.
på at
på at verbindt in De bruger lang tid på at kalde de bestede tijd met de handeling die wordt uitgevoerd. De volledige combinatie på at kalde betekent hier ‘om op te roepen’. Je gebruikt dit patroon na bruger lang tid wanneer je zegt welke handeling tijd kost.
kalde
kalde betekent hier ‘roepen’ in kalde alle frem: mensen worden naar voren geroepen. Het hoort samen met frem bij de beweging naar de balie. Je gebruikt kalde in deze context met de persoon of groep die wordt opgeroepen.
alle
alle betekent hier ‘iedereen’ in kalde alle frem. Het verwijst naar alle wachtende personen die naar voren worden geroepen. Je gebruikt alle vóór of bij een verwijzing naar een volledige groep.
frem
frem betekent hier ‘naar voren’ in kalde alle frem. Het geeft aan waarheen de mensen worden geroepen. Je gebruikt frem samen met kalde wanneer iemand naar voren moet komen.
i
i betekent hier ‘in’ in i dag en i hånden. In i dag verwijst het naar de huidige dag; in i hånden naar de plaats waar het ticket wordt gehouden. Je gebruikt i vóór een plaats- of tijdsaanduiding.
dag
dag betekent hier ‘dag’ in de vaste tijdsaanduiding i dag, dus ‘vandaag’. Het zegt wanneer De bruger lang tid. Je gebruikt dag in i dag wanneer je naar de huidige dag verwijst.
Så
Så betekent hier ‘dus’ in Så bør jeg blive en ‘dan’ in Så holder jeg billetten. Het verbindt een conclusie of vervolgstap met wat eerder is gezegd. Je gebruikt Så aan het begin van een zin om een gevolg of volgende handeling aan te kondigen.
bør
bør betekent hier ‘zou moeten’ en geeft het advies dat de spreker in de buurt moet blijven. In Så bør jeg blive staat bør vóór de handeling blive. Je gebruikt bør vóór een werkwoord om advies of gepast gedrag uit te drukken.
blive
blive betekent hier ‘blijven’ in blive i nærheden. De spreker wil niet weggaan uit de omgeving van de wachtruimte. Je gebruikt blive met een plaatsaanduiding wanneer iemand op dezelfde plek moet blijven.
nærheden
nærheden betekent hier ‘de buurt’ of ‘de nabijheid’ in i nærheden. De uitdrukking zegt dat de spreker dichtbij moet blijven. Je gebruikt i nærheden wanneer je aangeeft dat iemand of iets dichtbij is.
kalder
kalder betekent hier ‘roept’ in kalder måske på dig: iemand roept de luisteraar op. Met på dig richt de oproep zich op een persoon. Je gebruikt kalde på iemand wanneer je zegt dat iemand wordt geroepen.
måske
måske betekent hier ‘misschien’ en maakt de voorspelling onzeker: de oproep kan binnenkort komen. In De kalder måske på dig staat het bij de handeling kalder. Je gebruikt måske wanneer je niet zeker weet of iets zal gebeuren.
dig
dig betekent hier ‘jou’ in kalder ... på dig, de persoon die mogelijk wordt opgeroepen. Het staat na på als degene op wie de oproep gericht is. Je gebruikt dig wanneer de handeling op de luisteraar betrekking heeft.
snart
snart betekent hier ‘binnenkort’ of ‘spoedig’ in kalder måske på dig snart. Het geeft aan dat de oproep waarschijnlijk niet lang meer op zich laat wachten. Je gebruikt snart bij een gebeurtenis die in de nabije toekomst wordt verwacht.
Hvilken
Hvilken betekent hier ‘welke’ in Hvilken skranke en vraagt om een keuze tussen balies. Het staat vóór het woord waarover de keuze gaat. Je gebruikt Hvilken om naar één specifieke mogelijkheid uit meerdere te vragen.
skranke
skranke betekent hier ‘balie’, de plek waar de bezoeker moet worden geholpen. Het komt voor in Hvilken skranke en den rigtige skranke. Je gebruikt skranke in een openbare ruimte wanneer je naar een service- of loketbalie verwijst.
skal
skal betekent hier ‘moet’ of ‘zal’ in Skal jeg holde øje med: de spreker vraagt welke balie hij moet bewaken. Het staat vóór de handeling holde. Je gebruikt skal jeg + handeling om te vragen wat je moet of zult doen.
holde øje med
holde øje med betekent als geheel ‘in de gaten houden’ en verwijst hier naar het blijven volgen van de balie. In deze uitdrukking draagt holde het idee van houden, øje dat van een oog en med dat van ‘met’ bij; samen betekent het aandachtig volgen. Je gebruikt holde øje med gevolgd door datgene waarop je let.
Skærmen
Skærmen betekent hier ‘het scherm’ en is in Skærmen viser den rigtige skranke degene die informatie toont. Het verwijst naar het scherm in de wachtruimte. Je gebruikt Skærmen wanneer je over een specifiek informatiescherm spreekt.
viser
viser betekent hier ‘toont’ of ‘geeft weer’ in Skærmen viser den rigtige skranke. Het scherm maakt zichtbaar welke balie de juiste is. Je gebruikt viser met een scherm, bord of ander middel dat informatie weergeeft.
den
den betekent hier ‘de’ in den rigtige skranke en verwijst naar een specifieke balie. Samen met rigtige omschrijft het een bepaalde balie als de juiste. Je gebruikt den vóór een bijvoeglijk naamwoord en een zelfstandig naamwoord wanneer je naar iets specifieks verwijst.
rigtige
rigtige betekent hier ‘juiste’ in den rigtige skranke. Het onderscheidt de balie die bij de beurt hoort van andere balies. Je gebruikt rigtige vóór een zelfstandig naamwoord om aan te geven dat iets correct of passend is.
holder
holder betekent hier ‘houd’ in holder jeg billetten i hånden: de spreker houdt het ticket vast. De handeling bestaat uit het ticket in de hand houden. Je gebruikt holder met iets dat je vasthoudt en een plaatsaanduiding zoals i hånden.
billetten
billetten betekent hier ‘het ticket’ in holder jeg billetten i hånden. Het gaat om het ticket dat voor de beurt nodig is. Je gebruikt billetten wanneer je naar dit specifieke ticket verwijst, bijvoorbeeld in de combinatie holder ... billetten i hånden.
hånden
hånden betekent hier ‘de hand’ in i hånden, dus ‘in de hand’. Het beschrijft waar de spreker het ticket houdt. Je gebruikt i hånden wanneer iets letterlijk in je hand wordt gehouden.
gør
gør betekent hier ‘maakt’ in Det gør det lettere: de handeling met het ticket maakt de situatie gemakkelijker. Het verbindt een handeling of situatie met het resultaat lettere. Je gebruikt de combinatie Det gør det lettere om uit te leggen dat iets een taak eenvoudiger maakt.
lettere
lettere betekent hier ‘gemakkelijker’ in Det gør det lettere. Het beschrijft het resultaat van het ticket bij de hand houden. Je gebruikt lettere na gør det wanneer je zegt dat iets minder moeilijk wordt.
når
når betekent hier ‘wanneer’ of ‘als’ en leidt de tijdsbepaling når det bliver din tur in. Die bijzin zegt op welk moment het gemakkelijker is. Je gebruikt når vóór een gebeurtenis die het moment of de voorwaarde aangeeft.
din
din betekent hier ‘jouw’ in din tur en verwijst naar de beurt van de luisteraar. Het vormt een duidelijke tegenhanger van min tur, de beurt van de spreker. Je gebruikt din vóór een zelfstandig naamwoord dat bij de aangesproken persoon hoort.