Elke dag 10 minuten gratis
Ga verder met audiolessen in de app
Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.
Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm
Kies je leertaal en open deze les in de app.
Over deze les
Met Ingrediënten controleren voor het koken oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het deens.
Dialoog
Før vi begynder at lave mad, hvilke ingredienser har vi?
feur vie be-KUN-uh uh leh-wuh mehth, VEL-guh en-gree-dee-EN-suh ha vie? Voordat we gaan koken, welke ingrediënten hebben we?Opskriften skal bruge løg og tomater.
OP-skrefd-nuh skal broe-uh leu ok to-MEH-duh. Het recept heeft uien en tomaten nodig.Vi har tomater, men vi er løbet tør for løg.
vie ha to-MEH-duh, men vie er leu-buhd teur foa leu. We hebben tomaten, maar de uien zijn op.Kan vi bruge forårsløg i stedet?
kan vie broe-uh foa-ORS-leu ie STEETH? Kunnen we in plaats daarvan bosuitjes gebruiken?Måske, men smagen bliver anderledes.
MOS-guh, men SMEH-uhn blie-uh AN-uh-lee-thuhs. Misschien, maar de smaak wordt anders.Så køber jeg løg i butikken på hjørnet.
soo KEU-buh yai leu ie boe-TEEK-uhn poh YEUR-nuhth. Dan ga ik uien kopen bij de winkel op de hoek.Vi skal stadig måle risene.
vie skal STEH-die MOH-luh RIEH-suhnuh. We moeten de rijst nog afmeten.Jeg måler nok ris af til fire personer, når jeg kommer tilbage.
yai MOH-luh nog RIEHS af tel fie-uh pe-SOAN-uh, noah yai KOM-uh tuh-BEH-guh. Ik meet genoeg rijst af voor vier mensen als ik terug ben.Uitleg van de zinnen
Før vi begynder at lave mad, hvilke ingredienser har vi?
Voordat we gaan koken, welke ingrediënten hebben we?
- Før
- voordat
- begynder
- beginnen
- lave mad
- koken
- hvilke
- welke
- ingredienser
- ingrediënten
- har vi
- hebben we
Uitgebreide uitleg
Før betekent hier “voordat” en introduceert een tijdsbepaling. Het staat vóór de bijzin vi begynder at lave mad; het patroon is før + bijzin, bijvoorbeeld: Før vi spiser, vasker vi hænder. — “Voordat we eten, wassen we onze handen.” begynder is de tegenwoordige tijd van begynde (“beginnen”). De vorm past bij vi: jeg begynder, vi begynder. Na begynde volgt hier at plus een infinitief: begynder at lave — “beginnen te koken”. lave mad is de gewone Deense uitdrukking voor “koken” of “eten klaarmaken”. lave betekent letterlijk “maken/doen” en mad betekent “eten/voedsel”; samen vormen ze de relevante uitdrukking. Het infinitiefpatroon is at lave mad, bijvoorbeeld: Vi skal lave mad. — “We gaan koken.” hvilke betekent “welke” vóór een meervoudig zelfstandig naamwoord. Vergelijk hvilken bij een enkelvoudig woord met gemeenschappelijk geslacht en hvilket bij een enkelvoudig onzijdig woord; hvilke zelf markeert meervoud. Hier bepaalt het woord ingredienser dus de keuze voor hvilke. ingredienser is het meervoud van ingrediens, “ingrediënt”. Het verwijst hier naar de ingrediënten waarover de vraag gaat. De uitgang -er is in dit woord de meervoudsvorm: en ingrediens — “een ingrediënt”, ingredienser — “ingrediënten”. har vi betekent hier “hebben we”. har is de tegenwoordige tijd van have (“hebben”); vi is het onderwerp “we”. In de vraag hvilke ingredienser har vi? staat het werkwoord vóór het onderwerp, zoals vaak in een Deense hoofdvraag. In een mededelende zin is de volgorde bijvoorbeeld Vi har ingredienser. — “We hebben ingrediënten.” Samen betekent Før vi begynder at lave mad “Voordat we gaan koken”. Daarna vraagt hvilke ingredienser har vi? welke ingrediënten we hebben. De volledige betekenis is dus: “Voordat we gaan koken, welke ingrediënten hebben we?”
Opskriften skal bruge løg og tomater.
Het recept heeft uien en tomaten nodig.
- Opskriften
- het recept
- skal bruge
- nodig hebben
- løg
- uien
- tomater
- tomaten
Uitgebreide uitleg
Opskriften betekent hier “het recept”. Het is de bepaalde enkelvoudsvorm van opskrift (“recept”): opskrift → opskriften. De uitgang -en markeert bij dit zelfstandig naamwoord de bepaalde vorm. Voorbeeld: En opskrift = “een recept”; opskriften = “het recept”. skal bruge drukt hier uit wat iemand of iets nodig heeft. Skal is de tegenwoordige vorm van het modale werkwoord skulle; bruge is de infinitief van “gebruiken”. In deze combinatie betekent skal bruge idiomatisch “nodig hebben”, niet simpelweg “moeten gebruiken”. Het onderwerp is hier Opskriften, dus het recept heeft de genoemde ingrediënten nodig. Voorbeeld: Jeg skal bruge vand. = “Ik heb water nodig.” løg betekent hier “uien”. De onbepaalde enkelvoudsvorm en de onbepaalde meervoudsvorm zijn gelijk: et løg = “een ui” en løg = “uien”. De vorm alleen maakt het getal dus niet zichtbaar; in deze zin geven de vaste vertaling en de context de meervoudslezing aan. De bepaalde meervoudsvorm is løgene (“de uien”). Voorbeeld: Jeg køber to løg. = “Ik koop twee uien.” tomater betekent hier “tomaten”. Het is de onbepaalde meervoudsvorm van tomat: tomat = “tomaat”, tomater = “tomaten”. De bepaalde meervoudsvorm is tomaterne (“de tomaten”). Voorbeeld: Vi har tomater. = “We hebben tomaten.” Samen vormt de zin: Opskriften is het onderwerp, skal bruge zegt dat het iets nodig heeft, en løg og tomater noemt de twee ingrediënten. De volledige betekenis is dus: “Het recept heeft uien en tomaten nodig.”
Vi har tomater, men vi er løbet tør for løg.
We hebben tomaten, maar de uien zijn op.
- Vi har
- we hebben
- tomater
- tomaten
- men
- maar
- vi er løbet tør for
- we zijn zonder ... komen te zitten
- løg
- uien
Uitgebreide uitleg
Vi har betekent hier “we hebben”. vi is het persoonlijke voornaamwoord voor de eerste persoon meervoud: “wij/we”. har is de tegenwoordige tijd van have (“hebben”): jeg har, du har, vi har. Voorbeeld: Vi har brød. — “We hebben brood.” tomater betekent “tomaten”. Dit is het meervoud van tomat; het onbepaalde meervoud heeft hier geen apart lidwoord. Voorbeeld: Jeg køber tomater. — “Ik koop tomaten.” men betekent “maar” en verbindt twee delen met een tegenstelling. Voorbeeld: Vi har brød, men vi mangler smør. — “We hebben brood, maar we missen boter.” vi er løbet tør for is een vaste constructie met de betekenis “we hebben niets meer van … / we zijn door … heen”. er is hier de tegenwoordige vorm van være (“zijn”) en løbet is de vorm van løbe (“lopen”) die in deze vaste uitdrukking wordt gebruikt. De letterlijke onderdelen moet je niet afzonderlijk als de volledige Nederlandse betekenis lezen. Het patroon is vi er løbet tør for + zelfstandig naamwoord, bijvoorbeeld: Vi er løbet tør for mælk. — “We hebben geen melk meer.” løg betekent hier “uien”. Het woord løg heeft in het Deens dezelfde vorm in het enkelvoud en meervoud; het lidwoord of de context maakt het aantal duidelijk, bijvoorbeeld et løg “een ui” tegenover løg “uien” in deze zin. In løbet tør for løg benoemt løg datgene waarvan niets meer beschikbaar is. Samen betekent Vi har tomater, men vi er løbet tør for løg.: “We hebben tomaten, maar de uien zijn op.” Het eerste deel zegt dat tomaten beschikbaar zijn; men zet daar de vaste uitdrukking vi er løbet tør for løg tegenover, die zegt dat er geen uien meer zijn. De constructie is bruikbaar met andere voorraad- of beschikbare zaken: Vi har ris, men vi er løbet tør for salt. — “We hebben rijst, maar het zout is op.”
Kan vi bruge forårsløg i stedet?
Kunnen we in plaats daarvan bosuitjes gebruiken?
- Kan vi
- kunnen we
- bruge
- gebruiken
- forårsløg
- bosuitjes
- i stedet
- in plaats daarvan
Uitgebreide uitleg
Kan vi: In het Deens staat bij een ja/nee-vraag het modale werkwoord vóór het onderwerp: Kan vi ...? betekent “Kunnen wij ...?”. kan is de tegenwoordige vorm van kunne (“kunnen”). Na een modaal werkwoord staat het volgende werkwoord in de infinitief, zonder at. Voorbeeld: Kan vi vente? — “Kunnen we wachten?” bruge: Dit is de infinitief van bruge, “gebruiken”. Na kan blijft deze vorm onvervoegd: kan bruge. Het onderwerp vi bepaalt hier de persoonsbetekenis, niet een aparte vorm van bruge. Voorbeeld: Vi kan bruge denne skål. — “We kunnen deze kom gebruiken.” forårsløg: Dit woord betekent “bosuitjes” of “lente-uitjes”. Het is een samenstelling met forår (“voorjaar”) en løg (“ui”); als geheel benoemt het de groente, niet zomaar een los woord voor “voorjaar”. De vorm forårsløg kan zowel enkelvoud als meervoud zijn: et forårsløg — “een bosuitje”, flere forårsløg — “meerdere bosuitjes”. Hier gaat het volgens de vertaling om bosuitjes als ingrediënt. i stedet: Deze vaste bijwoordelijke uitdrukking betekent “in plaats daarvan”. Ze markeert een alternatief voor iets dat al uit de context bekend is. In de voorafgaande zin zijn de gewone uien op, zodat de uitdrukking hier het vervangen daarvan door bosuitjes aanduidt. Met een uitgedrukte vervanging kan Deens ook i stedet for gebruiken, bijvoorbeeld: Brug forårsløg i stedet for løg. — “Gebruik bosuitjes in plaats van uien.” Samen vormen de delen de vraag Kan vi bruge forårsløg i stedet?: “Kunnen we in plaats daarvan bosuitjes gebruiken?” De vraag stelt het gebruik van bosuitjes als alternatief voor de ontbrekende uien voor.
Måske, men smagen bliver anderledes.
Misschien, maar de smaak wordt anders.
- Måske
- misschien
- smagen
- de smaak
- bliver
- wordt
- anderledes
- anders
Uitgebreide uitleg
Måske betekent hier “misschien” en drukt onzekerheid uit. Het staat zelfstandig als bijwoord. Voorbeeld: Måske kommer hun senere. — “Misschien komt ze later.” smagen betekent hier “de smaak”. Dit is de bepaalde enkelvoudsvorm van smag (“smaak”): en smag → smagen. De uitgang -en maakt het zelfstandig naamwoord bepaald; het is dus “de smaak”, niet zomaar “een smaak”. bliver is de tegenwoordige tijd van blive (“worden” of, in andere contexten, “blijven”). In deze zin gaat het om een verandering: blive + bijvoeglijk naamwoord betekent dat iets een bepaalde eigenschap krijgt. Voorbeeld: Maden bliver kold. — “Het eten wordt koud.” anderledes betekent “anders” of “verschillend”. Hier beschrijft het na bliver de nieuwe toestand van smagen: de smaak wordt anders. Het is niet hetzelfde als anden (“andere”) vóór een zelfstandig naamwoord; anderledes staat hier zelfstandig als beschrijving van hoe iets wordt. men verbindt de twee delen met “maar”: eerst wordt de mogelijkheid voorzichtig bevestigd, daarna wordt het gevolg genoemd. Samen vormen de delen Måske, men smagen bliver anderledes. de betekenis: “Misschien, maar de smaak wordt anders.”
Så køber jeg løg i butikken på hjørnet.
Dan ga ik uien kopen bij de winkel op de hoek.
- Så
- dan
- køber
- koop
- jeg
- ik
- løg
- uien
- butikken
- de winkel
- hjørnet
- de hoek
Uitgebreide uitleg
Så betekent hier “dan”: het markeert de volgende stap of het gevolg. Als tijdswoord kan het ook “toen” betekenen, maar dat is niet de bedoeling in deze zin. køber is de tegenwoordige tijd van købe (“kopen”). In deze zin verwijst de tegenwoordige vorm, samen met Så, naar wat de spreker vervolgens gaat doen. De vorm verandert hier niet met het onderwerp: jeg køber = “ik koop”, vi køber = “wij kopen”. jeg betekent “ik” en is de eerste persoon enkelvoud. Voor een andere persoon gebruik je bijvoorbeeld du (“jij”) of vi (“wij”). De volgorde Så køber jeg ... is belangrijk: na het zinsbegin met Så staat het werkwoord vóór het onderwerp. Het patroon is dus [zinsadverbium] + [werkwoord] + [onderwerp]. Zonder dat zinsbegin is de gewone volgorde bijvoorbeeld Jeg køber løg (“Ik koop uien”). løg betekent hier “uien”. De vorm løg kan in het Deens zowel enkelvoud als meervoud zijn; in deze zin is de bedoelde betekenis het meervoud, zoals de vertaling “uien” laat zien. Het bepaald meervoud is løgene (“de uien”). butikken betekent “de winkel”. Het is de bepaalde enkelvoudsvorm van butik (“winkel”): en butik = “een winkel”, butikken = “de winkel”. De uitgang -en maakt het zelfstandig naamwoord hier bepaald; hij drukt niet op zichzelf een aantal uit. hjørnet betekent “de hoek”. Het is de bepaalde enkelvoudsvorm van hjørne (“hoek”): et hjørne = “een hoek”, hjørnet = “de hoek”. Samen vormen butikken på hjørnet de plaatsbepaling “de winkel op de hoek”: på betekent hier “op” en verbindt hjørnet met butikken. De hele zin betekent daarom: “Dan ga ik uien kopen bij de winkel op de hoek.”
Vi skal stadig måle risene.
We moeten de rijst nog afmeten.
- Vi skal
- we moeten
- stadig
- nog steeds
- måle
- afmeten
- risene
- de rijst
Uitgebreide uitleg
Vi skal betekent hier “we moeten”. vi is het persoonlijke voornaamwoord voor “wij/we”. skal is de tegenwoordige vorm van skulle; met een infinitief drukt het hier de noodzakelijke handeling uit: vi skal måle = “we moeten afmeten”. In andere contexten kan skal ook een afspraak, plan of verwachting uitdrukken; hier ondersteunt de vaste vertaling de betekenis “moeten”. stadig betekent hier “nog” of “nog steeds”: de handeling moet op dit moment nog gebeuren of is nog niet afgerond. Een nuttig contrast is allerede (“al”), dat aangeeft dat iets eerder dan nu is gebeurd of geregeld. måle is de infinitief van het werkwoord måle en betekent “meten”; na skal blijft het werkwoord in de infinitief. In deze zin wordt het volgens de vaste vertaling gebruikt in de betekenis “afmeten”. Het Deense werkwoord kan ook voorkomen in de constructie måle ... af, “afmeten”; het partikel af staat niet in deze vaste zin, maar verschijnt wel in het aparte contextvoorbeeld måler ... af. risene betekent hier “de rijst”. De vorm is een bepaalde vorm van ris; de uitgang -ene is een Deense uitgang voor de bepaalde meervoudsvorm. Die vormkenmerking moet je niet vertalen als een numerieke hoeveelheid: de vaste vertaling maakt duidelijk dat het hier om rijst als materiaal gaat. In een ander voorbeeld kan het onbepaalde of onbepaalde-naakte ris “rijst” betekenen, bijvoorbeeld Jeg køber ris. — “Ik koop rijst.” Samen vormen de delen Vi skal + stadig + måle + risene: “We moeten de rijst nog afmeten.” skal geeft de noodzaak aan, stadig geeft aan dat de handeling nog moet plaatsvinden, en måle beschrijft het afmeten van de rijst. De zin is een directe, alledaagse formulering.
Jeg måler nok ris af til fire personer, når jeg kommer tilbage.
Ik meet genoeg rijst af voor vier mensen als ik terug ben.
- Jeg
- ik
- måler … af
- meet af
- nok
- genoeg
- ris
- rijst
- til
- voor
- fire
- vier
- personer
- mensen
- når
- als; wanneer
- kommer tilbage
- terugkomen
Uitgebreide uitleg
Jeg betekent hier “ik” en is de vorm voor de eerste persoon enkelvoud. Het is het onderwerp van de handeling. In een ander voorbeeld: Jeg kommer senere. — “Ik kom later.” måler is de tegenwoordige tijd van måle, “meten”. De vorm måler past hier bij Jeg; de tegenwoordige tijd kan in het Deens ook een handeling in de nabije of bedoelde toekomst uitdrukken wanneer de context dat aangeeft. måle af is de bruikbare combinatie voor iets afmeten of afpassen: Jeg måler vand af. — “Ik meet water af.” De twee delen staan hier uit elkaar: måler staat vóór nok, terwijl af na het lijdend voorwerp staat. nok betekent in deze zin “genoeg”. Het geeft aan dat de hoeveelheid rijst toereikend is voor het genoemde doel. Hetzelfde woord kan in andere contexten een andere functie hebben, maar hier ondersteunt de vaste vertaling duidelijk de betekenis “genoeg”. ris betekent “rijst”. Het is hier een onbepaald, niet-geteld massanomen: er wordt geen afzonderlijke portie of korrel als eenheid genoemd. In het Deens kan een massanomen zoals ris zonder lidwoord staan. De bepaalde vorm is risene, zoals in de voorafgaande zin måle risene — “de rijst afmeten”. til verbindt de hoeveelheid met het doel of de groep waarvoor die bedoeld is. til fire personer betekent dus “voor vier mensen”. til kan ook andere relaties uitdrukken, maar hier gaat het om bestemd zijn voor. fire is het hoofdtelwoord “vier”. Het drukt hier daadwerkelijk het aantal mensen uit. Het daaropvolgende personer is het meervoud van person, “persoon”: én person, maar fire personer. når leidt een tijdsbepaling in en betekent hier “als/wanneer”. De bijzin geeft aan wanneer de hoofdhandeling plaatsvindt. In combinatie met een toekomstige bedoeling gebruikt het Deens hier de tegenwoordige tijd, niet noodzakelijk een aparte toekomstige werkwoordsvorm. kommer tilbage betekent samen “terugkom”. kommer is de tegenwoordige tijd van komme, “komen”, en tilbage betekent “terug”. In deze bijzin is Jeg ook het onderwerp van kommer; de spreker zegt dus dat de meting plaatsvindt wanneer die spreker terug is of terugkomt. De zin bouwt op als Jeg måler ... af — “ik meet ... af” — met nok ris als de hoeveelheid. til fire personer geeft het doel van die hoeveelheid aan, en når jeg kommer tilbage plaatst de handeling in de tijd: “Ik meet genoeg rijst af voor vier mensen als ik terug ben.”
Grammatica
løbe tør for + substantiv
løbet tør for løg
LEU-buhd teur foa leuzonder uien komen te zitten
De vaste uitdrukking løbe tør for betekent dat iets op is; for wordt gevolgd door het ontbrekende zelfstandig naamwoord.
i stedet for + substantiv
i stedet for løg
ie STEETH foa leuin plaats van uien
i stedet for betekent ‘in plaats van’ en wordt gevolgd door een zelfstandig naamwoord.
Deens woordenschat
Quiz
Woordvolgorde
Zet de woorden in de juiste volgorde.
Het recept heeft uien en tomaten nodig.
Antwoord tonen
Opskriften skal bruge løg og tomater.Kunnen we in plaats daarvan bosuitjes gebruiken?
Antwoord tonen
Kan vi bruge forårsløg i stedet?Misschien, maar de smaak wordt anders.
Antwoord tonen
Måske, men smagen bliver anderledes.Spelling
Tik op de letters om het woord te spellen.
recept
Antwoord tonen
opskriftentomaat
Antwoord tonen
tomaterbosui
Antwoord tonen
forårsløgingrediënt