Hvilket
“Hvilket” betekent hier “welk” en vraagt samen met “sted” welke plek bedoeld wordt. In een vraag kun je het patroon “Hvilket sted ...?” gebruiken om tussen mogelijkheden te kiezen.
sted
“sted” betekent hier “plek” in de vraag naar een restaurantlocatie. Het komt voor in het patroon “Hvilket sted ...?” en kan ook onderdeel zijn van “et sted” voor “een plek”.
skal
“skal” drukt hier een voorstel of geplande keuze uit: “zullen we”. In “Skal vi vælge ...?” vraag je samen met iemand wat jullie zullen kiezen.
vi
“vi” betekent “we” en verwijst naar de twee mensen die samen lunchen. Het staat in “Skal vi vælge ...?” vóór de handeling die zij samen overwegen.
vælge
“vælge” betekent hier “kiezen” voor een plek waar ze gaan lunchen. Na “skal vi” staat het in de vorm “Skal vi vælge ...?”.
til
“til” betekent in “til frokost” “voor”, dus de keuze is bedoeld voor de lunch. De uitdrukking “til frokost” geeft aan waarvoor iets dient of wanneer je iets doet.
frokost
“frokost” betekent “lunch” en noemt de maaltijd waarvoor een plek wordt gekozen. Je gebruikt het hier in “til frokost”, voor een lunchafspraak of lunchmoment.
Lad
“Lad” draagt in “Lad os vælge ...” bij aan het voorstel “laten we ...”. Deze uitdrukking gebruik je om iemand uit te nodigen samen iets te doen.
os
“os” betekent “ons” en verwijst in “Lad os vælge ...” naar de groep die samen kiest. Het staat direct na “Lad” in het vaste voorstel “Lad os ...”.
et
“et” betekent hier “een” en introduceert “et sted”, dus een nog niet nader bepaalde plek. Het staat vóór het zelfstandig naamwoord in “et sted”.
der
“der” betekent hier “die/dat” en verbindt “et sted” met de beschrijving erna. In “et sted, der ligger tæt på ...” verwijst het terug naar de plek.
ligger
“ligger” betekent hier dat een plek zich ergens bevindt of gelegen is. In “der ligger tæt på” beschrijft het waar de plek ligt.
tæt
“tæt” betekent hier “dichtbij” in de uitdrukking “tæt på”. Samen met “på” geeft het aan dat iets zich op korte afstand bevindt.
på
“på” betekent hier “bij” in “tæt på” en “op” in “på denne gade”. Het verbindt een plaatsaanduiding met de plek of straat waarnaar wordt verwezen.
og
“og” betekent “en” en verbindt in deze zin twee eigenschappen van dezelfde plek: “tæt på” en “praktisk”. Je gebruikt het om gelijkwaardige informatie aan elkaar te koppelen.
er
“er” betekent hier “is” en koppelt de plek aan de eigenschap “praktisk”. In “er praktisk” beschrijf je waarom een plaats handig is.
praktisk
“praktisk” betekent hier “handig” of “praktisch” als reden om een plek te kiezen. Het staat na “er” in “er praktisk” en beschrijft de plek.
Stedet
“Stedet” betekent hier “de plek” en verwijst naar een specifieke plek waarover al wordt gesproken. De vorm komt aan het begin van de zin voor in “Stedet på denne gade ...”.
denne
“denne” betekent “deze” en verwijst in “denne gade” naar de straat waar de gesprekspartners zich op richten. Het staat direct vóór “gade”.
gade
“gade” betekent “straat” in de plaatsaanduiding “på denne gade”. Je gebruikt het hier om aan te geven waar de plek zich bevindt.
har
“har” betekent “heeft” en zegt hier dat de plek een bepaald menu aanbiedt of bezit. Het staat vóór “en enkel frokostmenu” in “har en enkel frokostmenu”.
en
“en” betekent hier “een” en introduceert het lunchmenu in “en enkel frokostmenu”. Het staat vóór het zelfstandig naamwoord dat wordt beschreven.
enkel
“enkel” betekent hier “eenvoudig” of “simpel” en beschrijft het lunchmenu. In “en enkel frokostmenu” staat het vóór het samengestelde woord voor lunchmenu.
frokostmenu
“frokostmenu” betekent “lunchmenu” en noemt het menu dat de plek heeft. Het is een samenstelling van de maaltijd “frokost” en “menu”.
Caféet
“Caféet” betekent hier “het café” en verwijst naar de andere mogelijke lunchplek. In “Caféet tæt på parken” wordt het café beschreven aan de hand van zijn ligging.
parken
“parken” betekent “het park” en is het herkenningspunt in “tæt på parken”. De vorm verwijst naar een specifiek park in de omgeving.
måske
“måske” betekent “misschien” en maakt de uitspraak over de rust van het café voorzichtig. Je gebruikt het om een mogelijkheid te noemen zonder zekerheid uit te drukken.
mere
“mere” betekent hier “meer” en vormt samen met “stille” de vergelijking “mere stille”, dus “rustiger”. In deze combinatie staat het vóór het bijvoeglijk woord.
stille
“stille” betekent hier “stil” in de vergelijking “mere stille”, die in deze zin “rustiger” betekent. De uitdrukking beschrijft dat het café waarschijnlijk minder lawaaierig is.
Men
“Men” betekent “maar” en leidt het bezwaar in dat het café verder weg ligt. Je gebruikt het om een tegenstelling met de vorige informatie te introduceren.
det
“det” verwijst in “det ligger længere væk” naar de eerder genoemde plek of het café; in “Det tror jeg ikke” vormt het de verwijzing in “dat denk ik niet”. Het kan dus in deze dialoog zowel naar een plek verwijzen als een eerdere uitspraak opnemen.
længere
“længere” betekent hier “verder” in de uitdrukking “længere væk”. Samen met “væk” geeft het aan dat de plek op een grotere afstand ligt.
væk
“væk” betekent “weg” en maakt samen met “længere” de afstandsuitdrukking “længere væk”. Je gebruikt het om aan te geven dat iets niet dichtbij is.
bestille
“bestille” betekent hier “reserveren” in “bestille bord”, omdat het over een tafel in een restaurant gaat. Met “bord” vormt het een veelgebruikte combinatie voor een tafel reserveren.
bord
“bord” betekent hier “tafel”, specifiek een restauranttafel. In “bestille bord” is het het object van de reservering.
her
“her” betekent “hier” en maakt in “her i nærheden” duidelijk dat de nabijheid vanuit de huidige plek wordt bedoeld. Het staat vóór de verdere plaatsaanduiding.
i
“i” betekent hier “in” en staat in “i nærheden”, letterlijk in de nabijheid. Samen met “her” vormt het de plaatsaanduiding “her i nærheden”.
nærheden
“nærheden” betekent hier “de nabijheid” of “de buurt” in “her i nærheden”. De uitdrukking verwijst naar een plek die niet ver van de huidige locatie ligt.
tror
“tror” betekent “denk” of “geloof” in “Det tror jeg ikke”, waarmee de spreker zegt dat hij of zij dat waarschijnlijk niet denkt. Het komt hier samen met “jeg” en “ikke” voor in een ontkennende mening.
jeg
“jeg” betekent “ik” en verwijst naar de spreker in “Det tror jeg ikke”. In de constructie “Det tror jeg ikke” staat het bij de persoonlijke beoordeling van een eerdere uitspraak.
ikke
“ikke” betekent “niet” en ontkent in “Det tror jeg ikke” de gedachte dat een reservering nodig is. Het staat na “jeg” in deze korte ontkennende reactie.
dette
“dette” betekent “dit” en verwijst in “På dette tidspunkt” naar het besproken tijdstip. Het staat vóór “tidspunkt” in deze tijdsaanduiding.
tidspunkt
“tidspunkt” betekent “tijdstip” en verwijst naar het moment waarop ze naar een tafel zoeken. In “På dette tidspunkt” geeft het aan rond welk moment iets meestal mogelijk is.
kan
“kan” betekent hier “kunnen” en drukt de mogelijkheid uit om een tafel te vinden. In “kan ... finde” staat het vóór de handeling die mogelijk is.
som
“som” betekent in “som regel” niet op zichzelf “meestal”, maar draagt bij aan deze vaste uitdrukking. “Som regel” gebruik je om aan te geven dat iets gewoonlijk gebeurt.
regel
“regel” betekent letterlijk “regel”, maar vormt hier samen met “som” de uitdrukking “som regel”, dus “meestal”. Deze uitdrukking is bruikbaar wanneer je een gebruikelijke situatie beschrijft.
finde
“finde” betekent “vinden” en verwijst hier naar het vinden van een beschikbare tafel. Na “kan” staat het in “kan ... finde” zonder extra vervoegde uitgang.
Så
“Så” betekent hier “dan” en leidt de beslissing in nadat de opties zijn besproken. In “Så lad os vælge ...” verbindt het de conclusie met het voorstel.
giver
“giver” betekent hier “geeft” of “zorgt voor” in “Det giver os mere tid”. De constructie zegt dat de keuze voor deze plek als gevolg meer tijd oplevert.
tid
“tid” betekent “tijd” en verwijst hier naar de tijd die overblijft om te eten. In “mere tid til at spise” wordt aangegeven waarvoor die extra tijd gebruikt wordt.
at
“at” markeert in “at spise” het infinitief en betekent hier “te”. Het staat vóór de handeling die het doel van de extra tijd beschrijft.
spise
“spise” betekent “eten” en noemt de activiteit waarvoor ze meer tijd hebben. In “tid til at spise” staat het na de infinitiefmarkeerder “at”.