De gemeenschappelijke ruimte opruimen | Leer deens in het Nederlands

Danish lesson set in a contemporary Copenhagen everyday setting: After using a common room, two adults clean up chairs and trash, turn things off, and lock the room..

NL → DA / Niveau: A2

Over deze les

Met De gemeenschappelijke ruimte opruimen oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het deens.

Dialoog

A

Vi brugte fællesrummet et stykke tid.

Wie broegde felles-rommet e stügge tie. We hebben de gemeenschappelijke ruimte een tijdje gebruikt.
B

Lad os rydde op, før vi går.

Lè os röde op, föa wie koo. Laten we het opruimen voordat we gaan.
A

Jeg sætter stolene tilbage, hvor de stod.

Yai sedda stoolene teebele, voa de stooð. Ik zet de stoelen terug waar ze stonden.
B

Jeg fjerner affaldet fra bordene.

Yai fjeerna affellet fra boane. Ik ruim het afval van de tafels op.
A

Skal vi også slukke lyset?

Skel wie osse slogge lüüsseth? Zullen we de lichten ook uitdoen?
B

Sluk lyset.

Slog lüüsseth. Doe de lichten uit.
B

Luk vinduerne, før vi låser af.

Lug venoeane, föa wie loosa e. Sluit de ramen voordat we de ruimte op slot doen.
A

Rummet ser klart ud til den næste gruppe.

Rommet sair klaad oe tiel den negde groebe. De ruimte lijkt klaar voor de volgende groep.
B

Så kan vi låse døren og gå.

So kan wie loosa deun oh koo. Dan kunnen we de deur op slot doen en weggaan.

Woord voor woord

Vi “Vi” betekent hier “wij” en verwijst naar de twee mensen die samen de ruimte hebben gebruikt. Het staat als onderwerp vooraan in “Vi brugte fællesrummet”. Gebruik “Vi” als onderwerp wanneer je over jezelf en minstens één andere persoon spreekt.
brugte “brugte” betekent hier “gebruikten” en beschrijft dat de gemeenschappelijke ruimte eerder werd gebruikt. Het is de vorm die in “Vi brugte fællesrummet” bij die eerdere handeling past. Je kunt het opnieuw gebruiken met een object, zoals in “brugte rummet” voor “gebruikten de ruimte”.
fællesrummet “fællesrummet” betekent hier “de gemeenschappelijke ruimte”, dus de ruimte die door meerdere mensen wordt gedeeld. De uitgang in deze exacte vorm maakt duidelijk dat het om de bepaalde ruimte gaat. Gebruik het als zelfstandig naamwoord voor een gedeelde ruimte, bijvoorbeeld in “i fællesrummet” voor “in de gemeenschappelijke ruimte”.
et “et” is hier “een” in de uitdrukking “et stykke tid”. Het hoort bij “stykke”, dat in deze uitdrukking een deel of periode aanduidt. Gebruik “et” vóór een onbepaald onzijdig zelfstandig naamwoord.
stykke “stykke” betekent hier niet zomaar “stuk”, maar maakt samen met “et” en “tid” de tijdsuitdrukking “et stykke tid”, oftewel “een tijdje”. De betekenis komt dus uit de hele uitdrukking. Gebruik “et stykke tid” om een niet precies bepaalde periode aan te geven.
tid “tid” betekent hier “tijd” en maakt deel uit van “et stykke tid”, “een tijdje”. In deze combinatie gaat het om de duur van het gebruik van de ruimte. Gebruik “tid” ook in tijdsuitdrukkingen wanneer je over een periode spreekt.
Lad “Lad” draagt hier, samen met “os”, de betekenis “laten we” in het voorstel “Lad os rydde op”. Het is dus geen zelfstandig bevel aan één persoon, maar het begin van een voorstel om iets samen te doen. Gebruik de constructie “Lad os” vóór een handeling die je samen wilt voorstellen.
os “os” betekent hier “ons” en hoort bij de voorstelconstructie “Lad os rydde op”, “laten we opruimen”. Het verwijst naar de spreker en de andere aanwezige persoon samen. Gebruik “Lad os” gevolgd door een handeling om iemand uit te nodigen die samen te doen.
rydde op “rydde op” betekent hier “opruimen” en verwijst naar het netjes maken van de gemeenschappelijke ruimte. “rydde” verwijst naar opruimen en “op” hoort bij deze volledige uitdrukking. Gebruik bijvoorbeeld “rydde op efter brug” voor “opruimen na gebruik”.
før “før” betekent hier “voordat” en verbindt de opruimactie met het moment waarop ze weggaan: “før vi går”. Het leidt een bijzin in over iets dat later gebeurt. Gebruik “før” vóór een gebeurtenis die nog moet plaatsvinden.
går “går” betekent hier “gaan” of, in deze context, “weggaan”. In “før vi går” verwijst het naar het vertrek uit de ruimte. Gebruik “før vi går” wanneer je zegt dat iets moet gebeuren voordat jullie vertrekken.
Jeg “Jeg” betekent hier “ik” en is het onderwerp van de handeling van één spreker. Het staat vooraan in “Jeg sætter stolene tilbage”. Gebruik “Jeg” wanneer je jezelf als uitvoerder van een handeling noemt.
sætter “sætter” betekent hier “zet” of “plaatst” en beschrijft dat de spreker de stoelen terugplaatst. In “Jeg sætter stolene tilbage” staat het vóór het object “stolene”. Gebruik “sætter” met iets dat je op een bepaalde plaats zet.
stolene “stolene” betekent “de stoelen” en is het object dat wordt teruggezet. De vorm verwijst naar meerdere bepaalde stoelen in de ruimte. Gebruik “stolene” wanneer je naar die specifieke stoelen verwijst, bijvoorbeeld in “sætter stolene tilbage”.
tilbage “tilbage” betekent hier “terug” en geeft aan dat de stoelen opnieuw op hun eerdere plaats komen. Het staat in “sætter stolene tilbage” na de handeling en het object. Gebruik “tilbage” om een terugkeer naar een eerdere plaats of toestand aan te geven.
hvor “hvor” betekent hier “waar” en leidt de bijzin “hvor de stod” in. Die bijzin geeft de plaats aan waar de stoelen eerder stonden. Gebruik “hvor” om naar een plaats te verwijzen, bijvoorbeeld in “hvor den stod” voor “waar hij of zij stond”.
de “de” betekent hier “ze” of “zij” en verwijst naar de stoelen. In “hvor de stod” is het onderwerp van de bijzin over hun eerdere plaats. Gebruik “de” om naar eerder genoemde personen of dingen in het meervoud te verwijzen.
stod “stod” betekent hier “stonden” en beschrijft de eerdere plaats van de stoelen in “hvor de stod”. De vorm past bij een situatie die al eerder bestond. Gebruik “stod” wanneer je zegt waar iets eerder stond.
fjerner “fjerner” betekent hier “verwijdert” of “ruimt weg” en beschrijft het weghalen van afval van de tafels. In “Jeg fjerner affaldet fra bordene” staat het vóór wat wordt verwijderd. Gebruik “fjerner” met iets dat je van een oppervlak of uit een plaats weghaalt.
affaldet “affaldet” betekent hier “het afval” en is datgene wat van de tafels wordt verwijderd. De vorm verwijst naar het specifieke afval dat daar ligt. Gebruik “affaldet” als je naar bepaald afval in een concrete situatie verwijst.
fra “fra” betekent hier “van” of “vanaf” en geeft aan waar het afval vandaan wordt verwijderd: “fra bordene”. Het staat vóór de plaats of het oppervlak waarvan iets wordt weggehaald. Gebruik “fra” met een bron, vertrekpunt of oppervlak.
bordene “bordene” betekent “de tafels” en is het oppervlak waarvan het afval wordt verwijderd. De vorm verwijst naar meerdere bepaalde tafels in de ruimte. Gebruik “fra bordene” om te zeggen dat iets van de tafels wordt weggehaald.
Skal “Skal” betekent hier “zullen” of “zullen we” in de vraag “Skal vi også slukke lyset?”. Het maakt van de zin een voorstel of vraag over wat de sprekers samen moeten doen. Gebruik “Skal vi” gevolgd door een handeling om samen een volgende stap te bespreken.
også “også” betekent hier “ook” en voegt het uitschakelen van het licht toe aan de andere opruimwerkzaamheden. In “Skal vi også slukke lyset?” staat het vóór de handeling. Gebruik “også” wanneer je nog een extra handeling of element toevoegt.
slukke “slukke” betekent hier “uitdoen” en verwijst naar het uitschakelen van het licht. Het staat na “Skal vi” in “Skal vi også slukke lyset?”. Gebruik “slukke” met iets dat je uitzet, zoals licht.
lyset “lyset” betekent hier “het licht” en is het object van “slukke”. De vorm verwijst naar het specifieke licht in de ruimte. Gebruik “slukke lyset” om te zeggen dat je het licht uitdoet.
Sluk “Sluk” betekent hier “doe uit” en is een directe opdracht om het licht uit te schakelen. In “Sluk lyset” staat het vóór het object “lyset”. Gebruik “Sluk” vóór iets dat iemand moet uitschakelen.
Luk “Luk” betekent hier “sluit” en is een directe opdracht om de ramen dicht te doen. In “Luk vinduerne” staat het vóór het object. Gebruik “Luk” vóór iets dat iemand moet sluiten, zoals ramen.
vinduerne “vinduerne” betekent “de ramen” en is wat gesloten moet worden voordat de ruimte wordt afgesloten. De vorm verwijst naar meerdere bepaalde ramen. Gebruik “Luk vinduerne” als instructie om de ramen te sluiten.
låser af “låser af” betekent hier “sluiten we af” of “doen we op slot” en verwijst naar het afsluiten van de ruimte. “låser” geeft het vergrendelen aan en “af” hoort bij de volledige uitdrukking “låser af”. Gebruik “låse af” voor het afsluiten van een ruimte wanneer je weggaat.
Rummet “Rummet” betekent hier “de ruimte” of “de kamer” en is het onderwerp van “Rummet ser klart ud”. De vorm verwijst naar de specifieke ruimte die net is opgeruimd. Gebruik “rummet” wanneer je naar die bepaalde ruimte verwijst.
ser “ser” betekent hier “ziet eruit” in de volledige constructie “ser klart ud”. Samen beschrijft die constructie hoe de ruimte op iemand overkomt. Gebruik “ser ... ud” om te zeggen hoe iets eruitziet of lijkt.
klart “klart” betekent hier “klaar” in “Rummet ser klart ud”, dus de ruimte lijkt gereed voor gebruik. De betekenis ontstaat binnen de volledige constructie “ser klart ud”. Gebruik “klar” of de passende vorm in een patroon waarin je zegt dat iets gereed is; in deze dialoog staat exact “klart” bij “rummet”.
ud “ud” hoort hier bij de constructie “ser klart ud”, die betekent dat iets er op een bepaalde manier uitziet of lijkt. Op zichzelf betekent “ud” hier niet simpelweg “uit”. Gebruik het samen met “ser” wanneer je een indruk of uiterlijk beschrijft.
til “til” betekent hier “voor” en verbindt “klart” met de groep waarvoor de ruimte gereed is: “til den næste gruppe”. Het staat vóór de persoon of groep die de bestemming of gebruiker vormt. Gebruik “klar til” om te zeggen dat iets klaar is voor iemand of iets.
den “den” betekent hier “de” en hoort bij “næste gruppe”. Het verwijst naar de specifieke groep die daarna de ruimte zal gebruiken. Gebruik “den” vóór een bepaald zelfstandig naamwoord in een constructie zoals “den næste gruppe”.
næste “næste” betekent hier “volgende” en beschrijft de groep die na de huidige gebruikers komt. Het staat vóór “gruppe” in “den næste gruppe”. Gebruik “næste” vóór een zelfstandig naamwoord om de daaropvolgende persoon, groep of gebeurtenis aan te duiden.
gruppe “gruppe” betekent hier “groep” en verwijst naar de mensen die de ruimte daarna zullen gebruiken. Het staat in de uitdrukking “den næste gruppe”. Gebruik “gruppe” voor meerdere mensen die als één geheel worden beschouwd.
“Så” betekent hier “dan” en trekt een conclusie uit het feit dat de ruimte klaar is. In “Så kan vi låse døren og gå” leidt het de volgende gezamenlijke actie in. Gebruik “Så” om een volgende stap of gevolg aan te geven.
kan “kan” betekent hier “kunnen” en geeft aan dat de sprekers nu in staat zijn om de deur te vergrendelen en te vertrekken. Het staat vóór de infinitieven “låse” en “gå”. Gebruik “kan” gevolgd door een infinitief om mogelijkheid of vermogen uit te drukken.
låse “låse” betekent hier “op slot doen” of “vergrendelen” en verwijst naar het afsluiten van de deur. Het staat na “kan” in “kan vi låse døren”. Gebruik “kan låse” gevolgd door het object dat je vergrendelt.
døren “døren” betekent “de deur” en is het object dat wordt vergrendeld. De vorm verwijst naar de specifieke deur van de ruimte. Gebruik “låse døren” om te zeggen dat je de deur op slot doet.
og “og” betekent hier “en” en verbindt twee handelingen: “låse døren” en “gå”. Het maakt duidelijk dat beide handelingen na elkaar of als één afsluitende stap worden genoemd. Gebruik “og” om woorden, zinsdelen of handelingen met elkaar te verbinden.
“gå” betekent hier “gaan” of “vertrekken” uit de ruimte. Het staat na “kan” in “kan vi låse døren og gå”. Gebruik “gå” na een modaal werkwoord om te zeggen dat iemand kan vertrekken of ergens naartoe kan gaan.

Grammatica

før + bijzin

Før vi går, rydder vi op.

Föa wie koo, rödda wie op.

Voordat we gaan, ruimen we op.

Na før staat een bijzin met onderwerp en werkwoord. De hoofdzin volgt daarna.

gebiedende wijs

Sluk lyset. Luk vinduerne.

Slog lüüsseth. Lug venoeane.

Doe het licht uit. Sluit de ramen.

De gebiedende wijs gebruikt de werkwoordstam zonder onderwerp, bijvoorbeeld Sluk en Luk.

Deens woordenschat

affald zelfstandig naamwoord
affel afval affaldet
Geslacht
neuter

Jeg fjerner affaldet fra bordene.

bruge werkwoord
broe-e gebruiken brugte

Vi brugte fællesrummet et stykke tid.

et stykke tid uitdrukking
e stügge tie een tijdje

Vi brugte fællesrummet et stykke tid.

fjerne werkwoord
fjeerna verwijderen fjerner

Jeg fjerner affaldet fra bordene.

fællesrum zelfstandig naamwoord
felles-rom gemeenschappelijke ruimte fællesrummet
Geslacht
neuter

Vi brugte fællesrummet et stykke tid.

før voegwoord
föa voordat

Lad os rydde op, før vi går.

werkwoord
koo gaan går

Lad os rydde op, før vi går.

rydde op uitdrukking
röde op opruimen

Lad os rydde op, før vi går.

stol zelfstandig naamwoord
stool stoel stolene
Geslacht
common

Jeg sætter stolene tilbage, hvor de stod.

stå werkwoord
stoo staan stod

Jeg sætter stolene tilbage, hvor de stod.

sætte werkwoord
sedde zetten sætter

Jeg sætter stolene tilbage, hvor de stod.

tilbage bijwoord
teebele terug

Jeg sætter stolene tilbage, hvor de stod.

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

We hebben de gemeenschappelijke ruimte een tijdje gebruikt.

Antwoord tonenVi brugte fællesrummet et stykke tid.

Ik ruim het afval van de tafels op.

Antwoord tonenJeg fjerner affaldet fra bordene.

Zullen we de lichten ook uitdoen?

Antwoord tonenSkal vi også slukke lyset?

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

gemeenschappelijke ruimte

Antwoord tonenfællesrummet

stoel

Antwoord tonenstolene

terug

Antwoord tonentilbage

gebruiken

Antwoord tonenbrugte