Elke dag 10 minuten gratis
Ga verder met audiolessen in de app
Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.
Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm
Kies je leertaal en open deze les in de app.
Over deze les
Met Omgaan met een geannuleerde trein oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het deens.
Dialoog
Mit tog er blevet aflyst.
me toow èa blee-vuh auw-luust. Mijn trein is geannuleerd.Jeg skal snart nå et tog, jeg skal videre med.
jaj skal snaad noo e toow, jaj skal wie-d uh-re me. Ik moet binnenkort een aansluitende trein halen.Jeg kan hjælpe dig med at finde en anden rute.
jaj ken jel-be daj me e fen-e en an-en roe-de. Ik kan u helpen een andere route te vinden.Tavlen viser, at et eksprestog afgår fra en anden perron.
tau-len wie-uh, e et egs-pres-toow auw-goo fra en an-en pe-ron. Op het bord staat dat er een sneltrein van een ander perron vertrekt.Det kunne fungere, men jeg vil tjekke, om din billet er gyldig til det.
de koe-ne foeng-ee-re, men jaj vel tsjek-e, om den be-led e guul-ie te de. Dat zou kunnen werken, maar ik zal controleren of uw ticket daarvoor geldig is.Skal jeg beholde denne billet eller købe en ny?
skel jaj be-hoo-le den-e be-led el-leur keu-be en nuu? Moet ik dit ticket houden of een nieuw ticket kopen?Du kan bruge denne billet, fordi dit oprindelige tog blev aflyst.
doe ken broe-e den-e be-led, fo-die de op-ren-dee-le toow blee auw-luust. U kunt dit ticket gebruiken, omdat uw oorspronkelijke trein is geannuleerd.Vil jeg stadig nå min forbindelse på den næste station?
ve jaj stee-die noo men fo-bon-el-se po den nes-de sta-sjoon? Zal ik mijn aansluiting op het volgende station nog halen?Det skulle gerne lykkes, men gå til perronen nu og tjek det igen, når du ankommer.
de skoele gèè-ne leu-ge, men goo te pe-roo-nen noe o tsjek de i-gen, noo doe an-kom-me. Dat zou moeten lukken, maar ga nu naar het perron en controleer het opnieuw wanneer u aankomt.Uitleg van de zinnen
Mit tog er blevet aflyst.
Mijn trein is geannuleerd.
- Mit
- mijn
- tog
- trein
- er blevet aflyst
- is geannuleerd
Uitgebreide uitleg
Mit betekent hier “mijn” en staat vóór tog. In het Deens past het bezittelijke woord zich aan het zelfstandig naamwoord aan: min bij een enkelvoudig woord van het gemeenschappelijke geslacht, mit bij een enkelvoudig onzijdig woord en mine bij het meervoud. Het is dus mit dat deze vorm heeft; tog bepaalt welke vorm nodig is. Tog betekent “trein”. Het is een onzijdig zelfstandig naamwoord: et tog (een trein), met meervoud tog (treinen). In mit tog staat het zelfstandig naamwoord in de onbepaalde enkelvoudsvorm. Voorbeeld: Jeg tager toget. — “Ik neem de trein.” Daar is toget de bepaalde vorm van hetzelfde woord. Er blevet aflyst betekent hier “is geannuleerd”. Aflyse betekent “annuleren”; aflyst is het voltooid deelwoord daarvan. De combinatie er blevet aflyst is een voltooide passieve constructie: de trein heeft de handeling ondergaan, zonder dat wordt gezegd wie hem heeft geannuleerd. Er is de tegenwoordige vorm van være (“zijn”), en blevet is het voltooid deelwoord van blive (“worden”). Voorbeeld: Mødet er blevet aflyst. — “De vergadering is geannuleerd.” Samen vormen mit tog en er blevet aflyst de volledige betekenis: “Mijn trein is geannuleerd.”
Jeg skal snart nå et tog, jeg skal videre med.
Ik moet binnenkort een aansluitende trein halen.
- Jeg skal
- ik moet
- snart
- binnenkort
- nå
- halen
- tog
- trein
- videre med
- verder met
Uitgebreide uitleg
Jeg skal betekent hier “ik moet”. Jeg is de eerste persoon enkelvoud; skal staat vóór het infinitief nå en drukt in dit eerste deel noodzaak uit. Voorbeeld: Jeg skal arbejde. — “Ik moet werken.” snart betekent “binnenkort” of “straks” en verwijst naar de nabije toekomst. Voorbeeld: Jeg kommer snart. — “Ik kom binnenkort.” nå betekent hier “halen”: een vervoermiddel op tijd bereiken. Het is de infinitief na skal; de vorm van het basiswoord is ook nå. Voorbeeld: Jeg skal nå bussen. — “Ik moet de bus halen.” tog betekent “trein”. In et tog staat het onzijdige onbepaalde enkelvoud: et is het onbepaalde lidwoord en maakt op zichzelf geen expliciete hoeveelheid. Het bepaalde enkelvoud is toget. Voorbeeld: Jeg ser et tog. — “Ik zie een trein.” videre med betekent hier “verdergaan met”. med geeft aan waarmee de spreker verder reist. Het tweede jeg skal staat in het beschrijvende deel na tog: daar betekent skal videre med niet opnieuw “moet halen”, maar “zal verdergaan met” de trein die als aansluitende trein bedoeld is. Dezelfde vorm skal kan dus, afhankelijk van de constructie, noodzaak of een geplande/toekomstige handeling uitdrukken. Samen betekent de zin: “Ik moet binnenkort een aansluitende trein halen.” Het eerste deel (Jeg skal snart nå et tog) geeft de noodzakelijke handeling; jeg skal videre med beschrijft waarvoor die trein dient: de spreker reist ermee verder.
Jeg kan hjælpe dig med at finde en anden rute.
Ik kan u helpen een andere route te vinden.
- Jeg kan
- ik kan
- hjælpe
- helpen
- dig
- u
- med at
- bij het
- finde
- vinden
- anden
- andere
- rute
- route
Uitgebreide uitleg
Jeg kan betekent hier “ik kan”. Jeg is de eerste persoon enkelvoud (“ik”). kan is de tegenwoordige vorm van kunne (“kunnen”); het is een modaal werkwoord en staat vóór de infinitief. Voorbeeld: Jeg kan komme. — “Ik kan komen.” hjælpe betekent hier “helpen”. Het is de infinitief van hjælpe; na kan blijft het werkwoord in deze vorm staan, zonder at. Voorbeeld: Jeg kan hjælpe. — “Ik kan helpen.” dig is hier de objectsvorm voor de aangesproken persoon in het enkelvoud, vertaald als “u”. De bijbehorende onderwerpsvorm is du; voor het meervoud is de objectsvorm jer. Deze vormen onderscheiden geen grammaticaal geslacht. Voorbeeld: Jeg ser dig. — “Ik zie jou/u.” med at is een vaste manier om een activiteit na hjælpe in te leiden: “met het …” of natuurlijker in het Nederlands “om te …”. In deze zin leidt het de daaropvolgende handeling in. De combinatie hjælpe nogen med at ... betekent “iemand helpen om …”. finde betekent “vinden”. Het is de infinitief van finde. In med at finde staat het na at; dit verschilt van de infinitief na kan, waar geen at staat. Voorbeeld: Hun hjælper mig med at finde stationen. — “Zij helpt me het station te vinden.” anden betekent hier “andere”, in de betekenis van een alternatief exemplaar. Het hoort bij het zelfstandig naamwoord rute en staat in de vorm voor een enkelvoudig en-woord: en anden rute. De relevante reeks is en anden, et andet, andre voor respectievelijk en-woord enkelvoud, et-woord enkelvoud en meervoud. In deze zin betekent het niet noodzakelijk “tweede”; die betekenis is in andere contexten wel mogelijk. rute betekent “route”. Het is een zelfstandig naamwoord met het lidwoord en: en rute; de bepaalde vorm is ruten (“de route”) en het meervoud is ruter (“routes”). Voorbeeld: Vi vælger en ny rute. — “We kiezen een nieuwe route.” Samen betekent Jeg kan hjælpe dig med at finde en anden rute: “Ik kan u helpen een andere route te vinden.” Jeg kan geeft de mogelijkheid of bereidheid van de spreker aan, hjælpe dig geeft aan wie hulp krijgt, en med at finde en anden rute benoemt de activiteit: het vinden van een alternatief traject.
Tavlen viser, at et eksprestog afgår fra en anden perron.
Op het bord staat dat er een sneltrein van een ander perron vertrekt.
- Tavlen
- het bord
- viser
- toont; geeft aan
- at
- dat
- eksprestog
- sneltrein
- afgår
- vertrekt
- fra
- van; vanaf
- anden
- andere
- perron
- perron
Uitgebreide uitleg
Tavlen betekent hier “het bord”. Het is de bepaalde enkelvoudsvorm van tavle (“bord”): en tavle → tavlen. De uitgang -en markeert hier dus bepaaldheid, niet meervoud. viser is de tegenwoordige tijd van vise (“tonen; aangeven”). In deze zin gaat het om informatie die op het bord staat of door het bord wordt aangegeven. Voorbeeld: Skiltet viser vejen. — “Het bord geeft de weg aan.” at leidt de inhoudszin in: wat het bord aangeeft. Het komt overeen met “dat” in het Nederlands. De combinatie viser, at ... is een bruikbaar patroon voor “aangeven dat ...”. eksprestog betekent “sneltrein”. Het is een samenstelling van ekspres en tog; de betekenis van het hele woord moet je als samenstelling leren. Het onbepaalde lidwoord et staat ervoor omdat tog een onzijdig zelfstandig naamwoord is: et tog, et eksprestog. Hier introduceert et eksprestog een niet eerder bepaald genoemde sneltrein; het drukt op zichzelf geen specifiek aantal uit. afgår betekent hier “vertrekt”. Het is de tegenwoordige tijd van afgå. Voor vervoermiddelen wordt dit werkwoord gebruikt voor het vertrekken volgens een route of dienstregeling. Voorbeeld: Toget afgår klokken otte. — “De trein vertrekt om acht uur.” fra betekent “van” of “vanaf” en geeft hier het vertrekpunt aan. In afgår fra en anden perron verbindt het vertrekwerkwoord het vertrek met een perron als vertrekplaats. anden betekent hier “andere” in de betekenis “een andere, niet dezelfde”. Het is de vorm voor een enkelvoudig onzijdig? Nee: bij het zelfstandig naamwoord perron is anden de vorm die in deze constructie wordt gebruikt; de volledige combinatie is en anden perron. De vormen van dezelfde reeks zijn anden bij enkelvoudige gemeenschappelijke woorden, andet bij enkelvoudige onzijdige woorden en andre bij meervoud. Voorbeeld: Vi tager en anden vej. — “We nemen een andere weg.” perron betekent “perron”. In en anden perron staat het zelfstandig naamwoord onbepaald: het gaat om een ander perron, zonder dat dit perron eerder als bepaald is aangewezen. Het woord is een gemeenschappelijk woord: en perron, bepaald perronen. Samen vormen de delen Tavlen viser en at ... de hoofdzin “Het bord geeft aan dat ...”. Binnen de inhoudszin is et eksprestog de trein die vertrekt, afgår beschrijft het vertrek, en fra en anden perron noemt het vertrekpunt. De hele uiting betekent daarom: “Op het bord staat dat er een sneltrein van een ander perron vertrekt.”
Det kunne fungere, men jeg vil tjekke, om din billet er gyldig til det.
Dat zou kunnen werken, maar ik zal controleren of uw ticket daarvoor geldig is.
- Det
- dat / het
- kunne
- zou kunnen
- fungere
- werken
- men
- maar
- jeg vil
- ik zal
- tjekke
- controleren
- din
- uw
- billet
- ticket
- gyldig
- geldig
- til det
- daarvoor
Uitgebreide uitleg
Det betekent hier “dat/het” en staat als onderwerp. In deze zin is het een onzijdige enkelvoudige persoonlijke voornaamwoordsvorm die naar een eerder genoemde situatie of inhoud kan verwijzen; de vaste gegevens leggen niet precies vast wat het antecedent is. kunne is de verleden tijd van kunne en drukt hier een mogelijke situatie uit: “zou kunnen”. In kunne fungere staat het modale werkwoord vóór een infinitief. Vergelijk: Det kan fungere = “Dat kan werken” en Det kunne fungere = “Dat zou kunnen werken”. fungere is de infinitief “werken/functioneren”. Na een modaal werkwoord blijft het werkwoord in de infinitief: kan fungere, kunne fungere. men verbindt twee delen met een tegenstelling: “maar”. jeg vil is een combinatie van jeg (“ik”) met de tegenwoordige vorm vil van ville. In deze zin drukt vil een voornemen of toekomstige handeling uit: “ik zal”. De vorm vil blijft bij verschillende onderwerpen gelijk; het onderwerp wordt onder meer door het voornaamwoord aangegeven. tjekke is de infinitief “controleren”. In jeg vil tjekke volgt deze infinitief op vil: “ik zal controleren”. din betekent “jouw/uw” en is een bezittelijke vorm bij een enkelvoudig gemeenschappelijk-geslachtswoord. Bij een onzijdig enkelvoud staat dit, en bij meervoud dine. Hier hoort din bij billet. billet betekent “ticket/kaartje”. Het is een zelfstandig naamwoord met het lidwoord en: en billet. Nuttige vormen zijn billetter (meervoud) en billetten (bepaald enkelvoud). gyldig betekent “geldig”. Als bijvoeglijk naamwoord staat het hier na er en beschrijft het billet. Het heeft hier de vorm voor een gemeenschappelijk-geslacht enkelvoud. Vergelijk gyldigt bij een onzijdig enkelvoud en gyldige bij meervoud of een bepaalde vorm. De vorm wordt hier dus niet alleen door enkelvoud bepaald, maar ook door het grammaticale geslacht van billet. til det betekent hier “daarvoor”. til drukt de relatie “voor” uit en det is de onzijdige enkelvoudsvorm van het voornaamwoord. Als korte herbruikbare patronen kun je vergelijken: gyldig til toget = “geldig voor de trein” en gyldig til det = “daarvoor geldig”. Samen vormt Det kunne fungere de betekenis “Dat zou kunnen werken”. men introduceert de tegenstelling, en jeg vil tjekke betekent “ik zal controleren”. Daarna geeft om de gecontroleerde vraag aan: of din billet er gyldig til det — “uw ticket daarvoor geldig is”. De volledige betekenis is: “Dat zou kunnen werken, maar ik zal controleren of uw ticket daarvoor geldig is.”
Skal jeg beholde denne billet eller købe en ny?
Moet ik dit ticket houden of een nieuw ticket kopen?
- Skal jeg
- moet ik
- beholde
- houden
- denne
- deze
- billet
- ticket
- eller
- of
- købe
- kopen
- ny
- nieuw
Uitgebreide uitleg
Skal jeg vormt hier een ja/nee-vraag: skal is de tegenwoordige vorm van skulle en drukt in deze context uit dat de spreker wil weten wat hij of zij moet doen. Jeg betekent “ik”. In een hoofdvraag staat het werkwoord vóór het onderwerp: Skal jeg ...? Vergelijk als oefenpatroon: Skal jeg vente? — “Moet ik wachten?” beholde is de infinitief van beholde, “houden” of “behouden”. Na skal staat het volgende werkwoord in de infinitief, zonder een extra infinitiefmarkeerder: skal beholde. Het gaat hier om het behouden van het ticket, niet om het ticket gebruiken. denne betekent “deze” en verwijst naar een enkelvoudig gemeenschappelijk-geslachtig zelfstandig naamwoord dat in de situatie als nabij of relevant wordt aangewezen. Het congrueert met billet; de vorm zelf is niet de vorm voor een meervoudig zelfstandig naamwoord. Een bruikbaar contrast is denne billet — “dit ticket” tegenover disse billetter — “deze tickets”. billet is een zelfstandig naamwoord voor een ticket of kaartje. De onbepaalde vorm is en billet; de bepaalde vorm is billetten. In de vaste zin staat het in de onbepaalde vorm niet, maar na het aanwijzende denne: denne billet. eller verbindt twee alternatieven en betekent “of”. Hier leidt het het tweede werkwoordelijke alternatief in: behouden of kopen. købe is de infinitief van købe, “kopen”. Ook deze infinitief hangt af van skal: skal ... købe. In het tweede alternatief staat geen herhaling van jeg skal; eller købe wordt samen met het eerdere Skal jeg begrepen. ny betekent hier “nieuw” en beschrijft het onbepaalde enkelvoudige ticket in en ny .... De vorm hoort bij billet: bij een onzijdig enkelvoud staat nyt, en bij meervoud nye, bijvoorbeeld et nyt kort — “een nieuwe kaart” en nye billetter — “nieuwe tickets”. Het woord en staat wel in de brontekst vóór ny, maar is niet opgenomen in deze phrase-entry; het markeert hier het onbepaalde enkelvoud van billet en drukt op zichzelf geen afzonderlijk aantal uit. Samen vormt Skal jeg beholde denne billet eller købe en ny? een alternatiefvraag: “Moet ik dit ticket houden of een nieuw ticket kopen?” De eerste optie is beholde denne billet; de tweede is købe en ny [billet]. Het zelfstandig naamwoord billet wordt in het tweede deel niet herhaald, maar blijft uit de context van en ny begrijpelijk.
Du kan bruge denne billet, fordi dit oprindelige tog blev aflyst.
U kunt dit ticket gebruiken, omdat uw oorspronkelijke trein is geannuleerd.
- Du kan
- u kunt
- bruge
- gebruiken
- denne
- deze
- billet
- ticket
- fordi
- omdat
- dit
- uw
- oprindelige
- oorspronkelijke
- tog
- trein
- blev aflyst
- werd geannuleerd
Uitgebreide uitleg
Du kan betekent hier dat de aangesproken persoon iets kan of mag doen: “u kunt”. Du is de tweede persoon enkelvoud. Kan is de tegenwoordige vorm van kunne (“kunnen”); deze vorm verandert niet tussen de verschillende personen. Na kan staat het volgende werkwoord in de infinitief zonder at: kan bruge, niet kan at bruge. bruge betekent hier “gebruiken”. Het is de infinitief van bruge; in kan bruge blijft het werkwoord onvervoegd omdat kan de vervoegde modale vorm draagt. Voorbeeld: Jeg kan bruge kortet. — “Ik kan de kaart gebruiken.” denne is een aanwijzend woord voor één zelfstandig naamwoord van het en-geslacht: “deze”. Het staat hier vóór billet. De vorm voor een onzijdig enkelvoudig zelfstandig naamwoord is dette, en voor meervoud is disse. In deze zin wijst denne het ticket aan dat gebruikt kan worden; de precieze fysieke afstand wordt niet door dit woord alleen bepaald. billet betekent “ticket” of “kaartje”. Het is een en-woord: en billet. Het meervoud is billetter. In denne billet staat het zelfstandig naamwoord in het enkelvoud. fordi is een voegwoord met de betekenis “omdat”. Het introduceert de reden voor wat ervoor staat. De bijzin die met fordi begint, staat in deze zin na de hoofdzin. dit betekent hier “uw”, met één aangesproken bezitter, en staat bij een onzijdig zelfstandig naamwoord in het enkelvoud. De overeenkomst is dus met tog, niet met de bezitter. Vergelijk din billet bij een en-woord met dit tog bij een et-woord; in het meervoud is de vorm dine. oprindelige betekent hier “oorspronkelijke”. De basisvorm is oprindelig. In dit oprindelige tog krijgt het bijvoeglijk naamwoord de vorm oprindelige, omdat het in deze bepaalde nominale groep staat. Het beschrijft tog; dit is niet de basisvorm van het bijvoeglijk naamwoord. tog betekent “trein”. De vorm tog kan in het Deens zowel enkelvoud als meervoud zijn, maar hier ondersteunt dit de lezing “uw oorspronkelijke trein”: onzijdig enkelvoud. Het is een et-woord: et tog; het meervoud is eveneens tog. blev aflyst betekent “werd geannuleerd” of, in de volledige zin, “is geannuleerd”. Blev is de verleden tijd van blive (“worden”). Aflyst is het voltooid deelwoord van aflyse (“annuleren”). Samen vormen ze een passieve constructie: de trein ondergaat de annulering; de veroorzaker wordt niet genoemd. Het verleden zit hier in blev, terwijl aflyst de gebeurtenis als voltooid resultaat beschrijft. De zin bouwt dus op als Du kan bruge denne billet — “u kunt dit ticket gebruiken” — gevolgd door fordi en de reden dit oprindelige tog blev aflyst — “uw oorspronkelijke trein is geannuleerd”. Samen betekent het: “U kunt dit ticket gebruiken, omdat uw oorspronkelijke trein is geannuleerd.”
Vil jeg stadig nå min forbindelse på den næste station?
Zal ik mijn aansluiting op het volgende station nog halen?
- Vil jeg
- zal ik ...?
- stadig
- nog, steeds
- nå
- halen
- forbindelse
- aansluiting
- næste
- volgende
- station
- station
Uitgebreide uitleg
Vil jeg staat hier aan het begin van een ja-neevraag: het werkwoord komt vóór het onderwerp jeg. vil is de tegenwoordige vorm van ville; in deze zin drukt het, passend bij de vaste vertaling, een verwachte mogelijkheid in de toekomst uit: “zal ik …?”. In andere contexten kan ville ook “willen” betekenen. Na een modaal werkwoord staat het volgende werkwoord in de infinitief zonder at. stadig betekent hier “nog” in de betekenis dat de mogelijkheid op dit moment voortduurt. Het kan ook “steeds” betekenen, bijvoorbeeld in een beschrijving van iets dat herhaaldelijk of voortdurend gebeurt; de Nederlandse vertaling maakt in deze zin de eerste betekenis duidelijk. nå is de infinitief van het werkwoord nå en betekent hier “halen” of “op tijd bereiken”. De vorm benadrukt dus niet alleen aankomen, maar het redden van de aansluiting. Een nuttige verleden tijd is nåede, met voltooid deelwoord nået. In vil jeg nå ... volgt de infinitief direct op vil. forbindelse betekent hier een vervoersaansluiting: de verbinding of het aansluitende vervoer dat de spreker probeert te halen. Het is een zelfstandig naamwoord met gemeenschappelijk geslacht: en forbindelse, bepaald forbindelsen. In deze zin wordt het voorafgegaan door min, dus “mijn aansluiting”. næste betekent “volgende”. Het staat hier vóór station in de bepaalde woordgroep den næste station. Næste blijft in deze gebruikelijke vorm hetzelfde bij het bepaalde enkelvoud; het is niet de vorm van station, maar het beschrijvende woord dat de station aanduidt als de eerstvolgende. station betekent “station”. Het is een zelfstandig naamwoord met gemeenschappelijk geslacht: en station, bepaald stationen, meervoud stationer. In den næste station verwijst het naar de plaats waar de aansluiting wordt gehaald; den en næste vormen samen de bepaalde aanduiding van die station. De woordgroep min forbindelse geeft aan welke aansluiting bedoeld is. på den næste station geeft de plaats aan: op het volgende station. Samen met nå ontstaat nå min forbindelse på den næste station: de aansluiting op het volgende station halen. De vraagopbouw Vil jeg ...? en stadig maken daarvan: “Zal ik mijn aansluiting op het volgende station nog halen?”
Det skulle gerne lykkes, men gå til perronen nu og tjek det igen, når du ankommer.
Dat zou moeten lukken, maar ga nu naar het perron en controleer het opnieuw wanneer u aankomt.
- Det
- dat
- skulle gerne
- zou moeten
- lykkes
- lukken
- men
- maar
- gå
- ga
- perronen
- het perron
- nu
- nu
- tjek
- controleer
- det
- het
- igen
- opnieuw
- når
- wanneer
- du
- u
- ankommer
- aankomt
Uitgebreide uitleg
Det betekent hier, overeenkomstig de vaste vertaling, “dat”. Het is een Deens onzijdig voornaamwoord; de precieze zaak waarnaar het verwijst wordt in deze zin niet benoemd. skulle gerne drukt hier een wenselijke of verwachte mogelijkheid uit: “zou moeten”. Skulle is de vorm van het werkwoord skulle; samen met gerne geeft het hier hoop of verwachting weer. Voorbeeld: Det skulle gerne virke. — “Dat zou hopelijk moeten werken.” lykkes betekent hier “lukken”. Het staat als infinitief na skulle: skulle lykkes betekent “zou lukken”. Lykkes is een werkwoord en geen vorm van het bijvoeglijk naamwoord “gelukkig”. men is het voegwoord “maar” en verbindt de verwachting met de daaropvolgende instructie. gå betekent “gaan”. Hier is het de imperatief, de vorm die in een directe instructie wordt gebruikt. Voorbeeld: Gå hjem. — “Ga naar huis.” perronen betekent “het perron”. Het zelfstandig naamwoord is perron; -en markeert hier de bepaalde vorm in het enkelvoud: et perron — “een perron”, perronen — “het perron”. nu betekent “nu” en plaatst de opdracht in het huidige moment. tjek betekent “controleer”. Dit is de imperatief van tjekke (“controleren”). In tjek det igen is tjek het bevel en det het lijdend voorwerp. det betekent hier “het”, zoals in de vaste vertaling. Het is een onzijdig voornaamwoord als object; de zin identificeert niet afzonderlijk waarnaar het verwijst. igen betekent “opnieuw” of “weer”. Tjek det igen betekent dus “controleer het opnieuw”. når betekent “wanneer” en leidt de tijdsbepalende bijzin in. du is het Deense persoonlijke voornaamwoord voor de tweede persoon enkelvoud: “jij/u”. De Deense vorm markeert hier geen beleefdheidsverschil; de vaste Nederlandse vertaling kiest u. ankommer betekent “aankomt”. Het basiswerkwoord is ankomme (“aankomen”). De vorm staat in de tegenwoordige tijd in de bijzin na når. Deense werkwoorden veranderen daarbij niet naar persoon, dus dezelfde tegenwoordige vorm kan ook bij andere personen voorkomen. Samen betekent Det skulle gerne lykkes “Dat zou moeten lukken”. Na men volgt de opdracht gå til perronen nu: “ga nu naar het perron”. Daarna geeft tjek det igen de tweede opdracht: “controleer het opnieuw”. De tijdsbijzin når du ankommer bepaalt wanneer die controle opnieuw moet gebeuren: “wanneer u aankomt”. De volledige betekenis is: “Dat zou moeten lukken, maar ga nu naar het perron en controleer het opnieuw wanneer u aankomt.”
Grammatica
den + bijvoeglijk naamwoord op -e + zelfstandig naamwoord
den oprindelige forbindelse
den op-ren-dee-le fo-bon-el-sede oorspronkelijke aansluiting
Na den krijgt het bijvoeglijk naamwoord in het Deens meestal de bepaalde vorm met -e.
Deens woordenschat
Quiz
Woordvolgorde
Zet de woorden in de juiste volgorde.
Mijn trein is geannuleerd.
Antwoord tonen
Mit tog er blevet aflyst.Spelling
Tik op de letters om het woord te spellen.
helpen
Antwoord tonen
hjælperoute
Antwoord tonen
rutebinnenkort
Antwoord tonen
snartvinden