Jeg
Jeg betekent hier ik en is de eerste persoon die vertelt wat er is gebeurd. Het staat als onderwerp vóór het werkwoord in Jeg efterlod. Een bruikbaar patroon is Jeg + werkwoord voor een handeling die je zelf uitvoert.
efterlod
Efterlod betekent hier achtergelaten en beschrijft dat de spreker de paraplu op de bus heeft laten liggen. Het is de verleden vorm die in Jeg efterlod min paraply wordt gebruikt. Je gebruikt deze vorm in een melding over iets dat eerder is achtergebleven.
min
Min betekent hier mijn en geeft aan dat de paraplu van de spreker is. Het staat direct vóór min paraply. Een betrouwbaar patroon is min + zelfstandig naamwoord om bezit aan te geven.
paraply
Paraply betekent paraplu, het voorwerp waarover de melding gaat. In min paraply staat het na het bezittelijke woord min. Je kunt het gebruiken wanneer je een paraplu beschrijft of naar een verloren paraplu verwijst.
i
I betekent hier in en geeft de plaats aan waar de paraplu is achtergelaten. In i bussen volgt het op de plaatsaanduiding. Een veelgebruikt patroon is i + plaats, zoals i bussen.
bussen
Bussen betekent de bus en verwijst naar de specifieke bus waarop de paraplu is achtergelaten. De vorm staat in i bussen en heeft de bepaalde betekenis. De vorm bus komt ook voor in bus, der stoppede her.
morges
Morges betekent hier vanochtend en geeft aan wanneer de paraplu is achtergelaten. Samen met i vormt het de tijdsaanduiding i morges. Je gebruikt deze uitdrukking om naar de ochtend van dezelfde dag te verwijzen.
Du
Du betekent hier jij en is het onderwerp van het advies in Du bør indgive. De hoofdletter staat aan het begin van de zin; dezelfde vorm komt ook als du midden in een zin voor. Een gebruikelijk patroon is Du bør + infinitief voor een aanbeveling aan één persoon.
bør
Bør geeft hier een aanbeveling of verplicht advies weer: de aangesprokene zou een melding moeten indienen. Het staat vóór de infinitief indgive zonder at. Je gebruikt Du bør ... wanneer je iemand op een nuttige volgende stap wijst.
indgive
Indgive betekent hier officieel indienen, namelijk een rapport indienen. Het staat na bør in Du bør indgive en rapport. Een betrouwbaar patroon is indgive en rapport voor het formeel melden van iets.
en
En is hier het onbepaalde lidwoord voor rapport: een rapport. Het staat direct vóór en rapport. Je gebruikt en vóór een zelfstandig naamwoord wanneer het om één niet nader bepaald exemplaar gaat.
rapport
Rapport betekent hier een formele melding of rapport over de verloren voorwerp. In en rapport staat het na het onbepaalde lidwoord en. In deze situatie verwijst het naar een document waarin de gegevens van de rit en het voorwerp worden vastgelegd.
om
Om betekent hier over of betreffende en verbindt rapport met het onderwerp van de melding. In en rapport om den bortkomne genstand introduceert het waarover het rapport gaat. Een bruikbaar patroon is rapport om + onderwerp.
den
Den heeft in deze dialoog meerdere functies: het staat als bepaald lidwoord in den bortkomne genstand en den bus, en als verwijzend voornaamwoord in Den er marineblå. In die zinnen verwijst het naar een specifiek voorwerp of naar de eerder genoemde paraplu. De betekenis hangt dus af van het woord of de situatie eromheen.
bortkomne
Bortkomne betekent hier verloren of zoekgeraakt en beschrijft genstand in den bortkomne genstand. Het staat tussen het bepaalde lidwoord den en het zelfstandig naamwoord. Een bruikbaar patroon is den + beschrijving + zelfstandig naamwoord.
genstand
Genstand betekent hier voorwerp of item, namelijk het verloren voorwerp dat in het rapport wordt genoemd. Het staat in den bortkomne genstand. Je gebruikt het voor een concreet voorwerp dat in een formele of praktische context wordt beschreven.
med
Med betekent hier met en geeft aan welke aanvullende informatie samen met het rapport wordt ingediend. In med oplysninger om turen leidt het de ritgegevens in. Een gebruikelijk patroon is med + informatie of med + hulpmiddel.
oplysninger
Oplysninger betekent hier informatie of details, specifiek de gegevens over de rit. In oplysninger om turen wordt het onderwerp van de informatie daarna met om aangegeven. Je gebruikt het wanneer iemand details moet verstrekken voor een melding of aanvraag.
turen
Turen betekent hier de rit of reis waar de busrit mee wordt bedoeld. In oplysninger om turen geeft het aan waar de informatie over gaat. De bepaalde vorm verwijst naar de concrete rit die de passagier heeft gemaakt.
Det
Det verwijst hier naar de situatie of het eerder bedoelde punt: Det var i den bus en Det afhænger af det. Aan het begin van de zin krijgt het een hoofdletter; midden in een zin blijft het det. Je gebruikt det vaak om naar een situatie, feit of eerder genoemd onderwerp te verwijzen.
var
Var betekent hier was en situeert de paraplu in het verleden in Det var i den bus. Het beschrijft waar het voorwerp zich bevond. Je gebruikt var om een vroegere plaats of toestand aan te geven.
bus
Bus betekent bus en staat in den bus als het vervoermiddel waarin de paraplu lag. In deze vorm wordt het zelfstandig naamwoord niet als bepaald gemarkeerd; den geeft de specificiteit aan. Je gebruikt het voor een bus als vervoermiddel of concreet voertuig.
der
Der verbindt bus met de aanvullende informatie der stoppede her. Het leidt hier een beschrijving in van de bus die bij het punt stopte. Een bruikbaar patroon is zelfstandig naamwoord + der + werkwoord om een persoon of zaak nader te omschrijven.
stoppede
Stoppede betekent hier stopte en beschrijft wat de bus bij het servicepunt deed. Het staat na der in der stoppede her. Je gebruikt deze vorm om een eerdere stop van een voertuig of persoon te beschrijven.
her
Her betekent hier hier en verwijst naar de plaats waar de spreker en de medewerker zich bevinden. In stoppede her specificeert het waar de bus stopte. Je gebruikt her om naar de huidige of besproken locatie te wijzen.
morgenmyldretiden
Morgenmyldretiden betekent hier de ochtendspits. Het geeft de periode aan waarin de bus bij het servicepunt stopte. In i morgenmyldretiden staat het na i als tijdsperiode.
Kan
Kan betekent hier kun je en vraagt of de aangesprokene in staat is iets te doen. Het staat vóór de infinitief beskrive in Kan du beskrive. Je gebruikt Kan du + infinitief voor een beleefd verzoek of een vraag naar mogelijkheid.
beskrive
Beskrive betekent hier beschrijven, namelijk kenmerken van de paraplu noemen. Het staat na Kan du in Kan du beskrive paraplyen tydeligt. Een bruikbaar patroon is beskrive + voorwerp wanneer je iemand vraagt iets herkenbaar te maken.
paraplyen
Paraplyen betekent de paraplu en verwijst naar de eerder genoemde specifieke paraplu. De bepaalde vorm wordt gebruikt in Kan du beskrive paraplyen tydeligt. Je gebruikt deze vorm wanneer voor spreker en luisteraar duidelijk is over welke paraplu het gaat.
tydeligt
Tydeligt betekent hier duidelijk en zegt dat de beschrijving begrijpelijk en herkenbaar moet zijn. Het staat bij beskrive in beskrive paraplyen tydeligt. Je gebruikt het om aan te geven dat informatie helder moet worden gegeven.
er
Er betekent hier is en geeft een kenmerk of toestand van de paraplu aan in Den er marineblå. Het verbindt het onderwerp met eigenschappen zoals marineblå en sammenfoldet. Je gebruikt er om kleur, toestand of een ander kenmerk te beschrijven.
marineblå
Marineblå betekent marineblauw en noemt een herkenbaar kleurkenmerk van de paraplu. Het staat na er in Den er marineblå. Je gebruikt het om een donkerblauwe kleur precies te beschrijven.
og
Og betekent hier en en verbindt twee kenmerken van dezelfde paraplu: marineblå en sammenfoldet. Het staat tussen de twee beschrijvingen in Den er marineblå og sammenfoldet. Je gebruikt og om gelijkwaardige informatie toe te voegen.
sammenfoldet
Sammenfoldet betekent hier opgevouwen en beschrijft de toestand van de paraplu. Het staat naast marineblå na Den er. Je gebruikt het wanneer je wilt aangeven dat een voorwerp in een gevouwen toestand is.
et
Et is hier het onbepaalde lidwoord in et træhåndtag: een houten handvat. Het staat direct vóór het zelfstandig naamwoord træhåndtag. Je gebruikt et vóór een zelfstandig naamwoord van dit type wanneer het om één niet nader bepaald exemplaar gaat.
træhåndtag
Træhåndtag betekent houten handvat en noemt een extra herkenbaar onderdeel van de paraplu. In et træhåndtag staat het na het onbepaalde lidwoord et. Je gebruikt dit woord om het handvat van een voorwerp en het materiaal ervan te beschrijven.
Tilføj
Tilføj betekent hier voeg toe en is een directe instructie aan de aangesprokene. Het staat aan het begin van Tilføj et telefonnummer. Je gebruikt deze vorm wanneer je iemand vraagt extra informatie aan een formulier of melding toe te voegen.
telefonnummer
Telefonnummer betekent telefoonnummer en is de contactinformatie die aan de melding moet worden toegevoegd. In Tilføj et telefonnummer staat het als het object van de instructie. Je gebruikt het bij formulieren of verzoeken waarbij iemand telefonisch bereikbaar moet zijn.
så
Så betekent hier zodat en introduceert het doel van het toevoegen van een telefoonnummer. In så personalet kan kontakte dig volgt de reden waarom die informatie nodig is. Je gebruikt så + bijzin om een doel of beoogd gevolg uit te drukken.
personalet
Personalet betekent het personeel van de vervoersdienst. Het is degene die de passagier kan contacteren wanneer de paraplu wordt teruggevonden. De bepaalde vorm verwijst naar het concrete personeel van deze dienst.
kontakte
Kontakte betekent hier contacteren of contact opnemen met iemand. Het staat na kan in kan kontakte dig. Een bruikbaar patroon is kontakte + persoon wanneer je zegt wie benaderd wordt.
dig
Dig betekent hier jou of je en is de objectvorm na kontakte. In kontakte dig is de aangesprokene degene met wie het personeel contact zal opnemen. Je gebruikt dig als de persoon niet het onderwerp maar het doel van de handeling is.
hvis
Hvis betekent hier als of indien en introduceert de voorwaarde in hvis den dukker op. De voorwaarde is dat de paraplu teruggevonden wordt. Je gebruikt hvis om een mogelijke situatie en het gevolg daarvan met elkaar te verbinden.
dukker
Dukker betekent in dukker op dat iets opduikt of tevoorschijn komt. Samen met op vormt het de uitdrukking dukker op; de betekenis komt dus uit de combinatie. Je gebruikt deze uitdrukking voor iets dat onverwacht weer wordt gevonden of verschijnt.
op
Op is hier het partikel van de uitdrukking dukker op en draagt bij aan de betekenis opduiken of verschijnen. Het staat direct na dukker in hvis den dukker op. Laat op in deze uitdrukking staan wanneer je bedoelt dat iets weer tevoorschijn komt.
Hvor
Hvor betekent hier hoe in de vraag naar de duur: Hvor lang tid. Het staat aan het begin van de vraag en bepaalt hoeveel tijd wordt bedoeld. Een gebruikelijk patroon is Hvor lang tid ... voor een vraag naar de benodigde tijd.
lang
Lang betekent hier lang en beschrijft de hoeveelheid tijd in Hvor lang tid. Samen met tid vraagt het naar de duur, niet naar de fysieke lengte van iets. Je gebruikt lang vóór tid wanneer je vraagt hoe lang iets duurt.
tid
Tid betekent hier tijd en maakt deel uit van de vaste vraag Hvor lang tid. De combinatie vraagt hoeveel tijd er verstrijkt voordat de spreker antwoord krijgt. Je gebruikt het bij vragen over duur en wachttijd.
plejer
Plejer geeft hier aan wat gewoonlijk gebeurt: hoe lang het doorgaans duurt. In plejer det at tage staat het bij een vraag naar de gebruikelijke wachttijd. Je gebruikt plejer om naar een gewoonte of terugkerend verloop te vragen.
at
At is hier de infinitiefmarkeerder vóór tage in plejer det at tage. Het verbindt het werkwoord tage met de constructie rond wat gewoonlijk gebeurt. Je gebruikt at vóór een infinitief wanneer de zin die werkwoordsvorm vereist.
tage
Tage betekent hier duren of tijd kosten in plejer det at tage. Het hoort bij de constructie Hvor lang tid plejer det at tage, die vraagt naar de duur van een proces. Je gebruikt tage met tijd wanneer je beschrijft hoeveel tijd iets nodig heeft.
før
Før betekent hier voordat en geeft aan welk moment als grens wordt bedoeld. In før jeg får svar gaat het om de tijd vóórdat de spreker antwoord ontvangt. Je gebruikt før + bijzin om een eerdere tijdsgrens aan te geven.
får
Får betekent hier krijg of ontvang en verwijst naar het ontvangen van een antwoord. Het staat in før jeg får svar. Je gebruikt får samen met informatie, hulp of een antwoord dat iemand ontvangt.
svar
Svar betekent hier antwoord of reactie van de vervoersdienst. In får svar is het datgene wat de spreker hoopt te ontvangen. Je gebruikt het bijvoorbeeld in de combinatie få svar wanneer iemand op een bericht of melding reageert.
afhænger
Afhænger betekent hier hangt af van en geeft aan dat de wachttijd niet vaststaat. Het staat in de vaste combinatie Det afhænger af det. Je gebruikt afhænger af wanneer een resultaat door een omstandigheid wordt bepaald.
af
Af hoort hier bij afhænger af en betekent in die combinatie van. Het maakt de relatie duidelijk tussen de afhankelijkheid en det. Gebruik de volledige combinatie afhænger af + factor wanneer je zegt waarvan iets afhangt.
men
Men betekent hier maar en introduceert een tegenstelling tussen de onzekere wachttijd en de verwachting dat gevonden voorwerpen vaak worden opgehaald. Het verbindt de twee delen van Det afhænger af det, men fundne genstande ... Je gebruikt men om tegengestelde of afwijkende informatie toe te voegen.
fundne
Fundne betekent hier gevonden en beschrijft de genstande die zijn teruggevonden. Het staat vóór genstande in fundne genstande. Je gebruikt deze vorm om voorwerpen te beschrijven die al gevonden zijn.
genstande
Genstande betekent hier voorwerpen of items en verwijst naar gevonden verloren eigendommen. In fundne genstande staat het als meervoud. Je gebruikt het wanneer je meerdere concrete voorwerpen als categorie bespreekt.
bliver
Bliver helpt hier de passieve mededeling te vormen in bliver ofte hentet: gevonden voorwerpen worden vaak opgehaald. Het benadrukt wat er met de voorwerpen gebeurt, niet wie ze ophaalt. Een bruikbaar patroon is bliver + voltooid deelwoord voor een handeling die met iets wordt uitgevoerd.
ofte
Ofte betekent hier vaak en geeft aan dat het ophalen regelmatig, maar niet altijd vóór de avond gebeurt. Het staat vóór hentet in bliver ofte hentet. Je gebruikt ofte om een gebruikelijke frequentie aan te geven.
hentet
Hentet betekent hier opgehaald en beschrijft de handeling die met de gevonden voorwerpen wordt uitgevoerd. Samen met bliver vormt het de passieve uitdrukking bliver ofte hentet. Je gebruikt het voor voorwerpen of personen die ergens worden opgehaald.
inden
Inden betekent hier vóór of uiterlijk tegen en geeft een tijdslimiet aan. In inden aftenen betekent het dat het ophalen vóór de avond kan gebeuren. Je gebruikt inden + tijdstip of periode om een deadline te beschrijven.
aftenen
Aftenen betekent hier de avond en vormt samen met inden de tijdsgrens inden aftenen. De bepaalde vorm verwijst naar de avond als concrete periode van die dag. Je gebruikt het in tijdsaanduidingen wanneer je een moment vóór de avond noemt.
indsender
Indsender betekent hier dien in of stuur in en beschrijft dat de spreker het formulier officieel verstuurt. Het staat in Jeg indsender formularen nu. Je gebruikt het voor het indienen van een formulier, aanvraag of ander document.
formularen
Formularen betekent het formulier dat de spreker nu gaat indienen. De bepaalde vorm verwijst naar het concrete formulier van de melding. In Jeg indsender formularen is het het object van indsender.
nu
Nu betekent hier nu en geeft aan dat het formulier onmiddellijk wordt ingediend. Het staat in Jeg indsender formularen nu. Je gebruikt nu om het huidige moment of een handeling zonder uitstel aan te geven.
tjekker
Tjekker betekent hier controleer of kijk na en verwijst naar het opnieuw controleren van de status. Het staat in tjekker igen i morgen. Je gebruikt tjekker wanneer je informatie, een formulier of de voortgang opnieuw controleert.
igen
Igen betekent hier opnieuw en geeft aan dat de spreker de controle nog een keer zal uitvoeren. In tjekker igen i morgen staat het bij tjekker. Je gebruikt igen wanneer een handeling wordt herhaald.
morgen
Morgen betekent hier morgen, omdat het in de uitdrukking i morgen staat. In deze context verwijst het naar de dag na vandaag, niet naar het ochtenddeel van een dag. Je gebruikt i morgen om een handeling voor de volgende dag aan te kondigen.
præcis
Præcis betekent hier precies of specifiek en beschrijft het soort beschrijving dat het personeel helpt. Het staat vóór beskrivelse in En præcis beskrivelse. Je gebruikt het wanneer informatie nauwkeurig genoeg moet zijn om iets te onderscheiden.
beskrivelse
Beskrivelse betekent hier beschrijving van de paraplu, bijvoorbeeld haar kleur, toestand en handvat. In En præcis beskrivelse is het onderwerp van de zin. Je gebruikt het voor informatie waarmee een persoon of voorwerp herkenbaar wordt gemaakt.
gør
Gør betekent hier maakt en beschrijft dat een precieze beschrijving het herkennen eenvoudiger maakt. In gør det lettere for personalet at genkende paraplyen veroorzaakt het onderwerp een verandering in moeilijkheid. Je gebruikt gør det + bijvoeglijk woord om te zeggen dat iets een handeling makkelijker of moeilijker maakt.
lettere
Lettere betekent hier gemakkelijker en vergelijkt de situatie met het herkennen zonder zo'n precieze beschrijving. Het staat in gør det lettere. Je gebruikt det lettere om aan te geven dat een taak minder moeite of onzekerheid vraagt.
for
For betekent hier voor en geeft aan voor wie het herkennen gemakkelijker wordt: for personalet. Het staat vóór de groep die voordeel heeft van de precieze beschrijving. Een bruikbaar patroon is lettere for + persoon of groep.
genkende
Genkende betekent hier herkennen of identificeren en staat na at in at genkende paraplyen. Het verwijst naar het koppelen van de beschrijving aan de juiste paraplu. Je gebruikt at genkende + voorwerp om het doel van een handeling uit te drukken.