Elke dag 10 minuten gratis
Ga verder met audiolessen in de app
Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.
Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm
Kies je leertaal en open deze les in de app.
Over deze les
Met Een verwarring bij het ophaalpunt oplossen oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het deens.
Dialoog
Min chauffør fra samkørselstjenesten kan ikke finde afhentningsstedet.
men sjofeur fra sam-keur-sel-tsjeenesten ken egge fen-uh ef-hents-nus-stee-uh. Mijn chauffeur van de ritdienst kan het ophaalpunt niet vinden.Tjek, om nålen på kortet er på samme side af stationen.
tseg, om noolen po ko-uh-de è po samme sie-uh af stasjoonen. Controleer of je locatiepin aan dezelfde kant van het station staat.Markøren viser bagindgangen, men jeg er ved hovedindgangen.
markeuren wiezer be-engangen, men yai è wee hoo-uhd-engangen. De pin geeft de achteringang aan, maar ik ben bij de hoofdingang.Skriv til chaufføren nu, før din tur bliver annulleret.
sgraif te sjofeuren noo, feur den toer bliewer annulleerd. Stuur de chauffeur nu een bericht voordat je rit wordt geannuleerd.Jeg vil sige, at jeg står ved siden af taxaholdepladsen.
yai wiel sie-uh, è yai stohr wee sie-uh af taksaholplèssen. Ik zal zeggen dat ik naast de taxistandplaats sta.Nævn også farven på din jakke, så chaufføren kan få øje på dig.
neun osso faaw-en po yakk-uh, soo sjofeuren ken foo eujuh poo dai. Noem ook de kleur van je jas, zodat de chauffeur je kan zien.Hvad skal jeg gøre, hvis bilen kører væk, før chaufføren finder mig?
weh sgel yai keur-uh, wes biel-en keur-uh weg, feur sjofeuren fenner mai? Wat moet ik doen als de auto wegrijdt voordat de chauffeur me vindt?Brug appen til at forklare forvekslingen og bede om en ny tur.
broe appen te èd foh-klehr-uh foh-weks-lengen oh bee-uh om en nuu toer. Gebruik de app om de verwarring uit te leggen en een andere rit aan te vragen.Chaufføren har svaret og vender snart om.
sjofeuren heh swah-uhd oh wenner snaad om. De chauffeur heeft geantwoord en zal snel omkeren.Bliv i nærheden af taxaholdepladsen, indtil bilen kommer.
blief ie nehr-hee-uh af taksaholplèssen, en-teel biel-en kom-uh. Blijf bij de taxistandplaats totdat de auto aankomt.Uitleg van de zinnen
Min chauffør fra samkørselstjenesten kan ikke finde afhentningsstedet.
Mijn chauffeur van de ritdienst kan het ophaalpunt niet vinden.
- Min
- mijn
- chauffør
- chauffeur
- samkørselstjenesten
- de ritdienst
- kan ikke
- kan niet
- finde
- vinden
- afhentningsstedet
- het ophaalpunt
Uitgebreide uitleg
Min betekent hier “mijn” en staat bij chauffør, een enkelvoudig zelfstandig naamwoord van het gemeenschappelijke geslacht. De vorm van dit bezittelijk voornaamwoord hangt samen met het grammaticale geslacht en getal van het bezit: min bij gemeenschappelijk enkelvoud, mit bij onzijdig enkelvoud en mine bij meervoud. Voorbeeld: min bil — “mijn auto”; mit hus — “mijn huis”. chauffør is het zelfstandig naamwoord voor een chauffeur of bestuurder. De onbepaalde vorm is en chauffør; de bepaalde enkelvoudsvorm is chaufføren. Die vorm wordt bepaald door grammaticaal geslacht en getal, niet door de semantische rol van de persoon; hier verwijst het woord naar de chauffeur. samkørselstjenesten is een bepaald samengesteld zelfstandig naamwoord voor “de ritdienst”. De onbepaalde vorm is samkørselstjeneste; de bepaalde enkelvoudsvorm is samkørselstjenesten, met de uitgang -en voor een enkelvoudig zelfstandig naamwoord van het gemeenschappelijke geslacht. In chauffør fra samkørselstjenesten betekent fra “van” of “vanuit”: de chauffeur wordt als verbonden met die dienst aangeduid. kan ikke drukt uit dat iets niet mogelijk is: “kan niet”. kan is de tegenwoordige tijd van kunne (“kunnen”) en heeft in het Deens dezelfde vorm bij verschillende personen. ikke is de ontkenning. Na een modaal werkwoord staat het volgende werkwoord in de infinitief zonder at: Jeg kan finde det — “Ik kan het vinden.” finde is de infinitief van “vinden”. De tegenwoordige vorm is finder, de verleden tijd fandt en het voltooid deelwoord fundet. De infinitief na kan ikke maakt duidelijk welke handeling niet lukt: het vinden van het genoemde ophaalpunt. Voorbeeld: Hun kan ikke finde stationen — “Zij kan het station niet vinden.” afhentningsstedet betekent “het ophaalpunt”. Het is de bepaalde vorm van afhentningssted, een samenstelling met afhentning (“ophalen” of “afhalen”) en sted (“plaats”). Omdat sted onzijdig is (et sted), krijgt de bepaalde enkelvoudsvorm de uitgang -et: stedet, en dus afhentningsstedet. Samen vormen de delen Min chauffør fra samkørselstjenesten (“mijn chauffeur van de ritdienst”), kan ikke finde (“kan het niet vinden”) en afhentningsstedet (“het ophaalpunt”) de volledige betekenis: “Mijn chauffeur van de ritdienst kan het ophaalpunt niet vinden.”
Tjek, om nålen på kortet er på samme side af stationen.
Controleer of je locatiepin aan dezelfde kant van het station staat.
- Tjek
- controleer
- om
- of
- nålen
- locatiepin
- kortet
- kaart
- er
- is / staat
- samme
- dezelfde
- side
- kant
- stationen
- het station
Uitgebreide uitleg
Tjek is de gebiedende wijs van tjekke (“controleren, nakijken”). De vorm richt zich hier tot één aangesproken persoon; de gebiedende wijs wordt in het Deens vaak gevormd zonder apart onderwerp. Bijvoorbeeld: Tjek kortet. — “Controleer de kaart.” om leidt hier een indirecte ja/nee-vraag in: “of”. Na Tjek maakt het van de vraag geen rechtstreeks bevel, maar een verzoek om te controleren of iets het geval is. Bijvoorbeeld: Se, om bussen kommer. — “Kijk of de bus komt.” nålen is de bepaalde enkelvoudsvorm van en nål, letterlijk “een naald”, maar in deze context de locatiepin of kaartpin. Het achtervoegsel -en markeert hier bepaaldheid: en nål → nålen. De Nederlandse vertaling en de context met een markør ondersteunen de betekenis “locatiepin”, niet een fysieke naald. Voorbeeld: Nålen viser indgangen. — “De pin geeft de ingang aan.” kortet is de bepaalde enkelvoudsvorm van et kort (“een kaart”). Bij dit onzijdige zelfstandig naamwoord wordt bepaaldheid gevormd met -et: et kort → kortet. In deze zin gaat het om de kaart waarop de pin staat. Voorbeeld: Kortet viser stationen. — “De kaart toont het station.” er is de tegenwoordige tijd van at være (“zijn”). Hier beschrijft het de plaats van de pin op de kaart; daarom wordt het in de Nederlandse vertaling natuurlijk “staat”. De vorm er verandert in het Deens niet naar persoon of getal. Voorbeeld: Nålen er på kortet. — “De pin staat op de kaart.” samme betekent “dezelfde” en verwijst naar gelijkheid met een al relevante kant of positie. Het staat hier vóór side in de vaste combinatie på samme side af ... (“aan dezelfde kant van ...”). Het is niet hetzelfde als anden (“andere”). side betekent “kant” of “zijde”. In på samme side vormt het met på een plaatsaanduiding: “aan dezelfde kant”. Het zelfstandig naamwoord blijft hier onbepaald na samme; samme side betekent dus “dezelfde kant”, niet “de kant” als losse bepaalde vorm. Voorbeeld: Vi står på samme side af vejen. — “We staan aan dezelfde kant van de weg.” stationen is de bepaalde enkelvoudsvorm van en station (“een station”): en station → stationen. De woordgroep af stationen betekent “van het station” en geeft aan waarvan de kant wordt bepaald. Het voorzetsel af drukt hier een relatie of referentiepunt uit, niet noodzakelijk beweging weg van het station. Samen betekent Tjek, om nålen på kortet er på samme side af stationen.: “Controleer of je locatiepin aan dezelfde kant van het station staat.” om nålen på kortet ... is het dat deel dat gecontroleerd moet worden; på kortet specificeert welke pin bedoeld wordt, en på samme side af stationen beschrijft haar positie ten opzichte van het station. De formulering is een directe, praktische instructie.
Markøren viser bagindgangen, men jeg er ved hovedindgangen.
De pin geeft de achteringang aan, maar ik ben bij de hoofdingang.
- Markøren
- de pin
- viser
- geeft aan
- bagindgangen
- de achteringang
- jeg er
- ik ben
- ved
- bij
- hovedindgangen
- de hoofdingang
Uitgebreide uitleg
Markøren betekent hier “de pin”. Het is de bepaalde enkelvoudsvorm van markør (“pin/markering”): markør + -en. De vertaling maakt duidelijk dat deze markering de locatiepin is. De uitgang -en markeert hier bepaaldheid, niet meervoud. viser komt van vise (“tonen; aangeven”) en staat in de tegenwoordige tijd. In het Deens verandert de tegenwoordige tijd hier niet naar persoon of getal: jeg viser, du viser en markøren viser gebruiken allemaal viser. In deze zin betekent het “geeft aan”, niet simpelweg “laat zien” in fysieke zin. bagindgangen betekent “de achteringang”. Het is de bepaalde vorm van bagindgang: bagindgang + -en. In samenstellingen staat bag- voor “achter-”. Vergelijk als nieuw voorbeeld: bagdøren = “de achterdeur”. jeg er betekent “ik ben”. jeg is de eerste-persoonsvorm “ik”; er is de tegenwoordige tijd van være (“zijn”). De tegenwoordige vorm er blijft hier hetzelfde bij verschillende personen, bijvoorbeeld hun er = “zij is” en vi er = “wij zijn”. ved is een voorzetsel dat hier “bij” betekent. In ved hovedindgangen geeft het de plaats aan: bij de hoofdingang. hovedindgangen betekent “de hoofdingang”. Het is de bepaalde vorm van hovedindgang: hovedindgang + -en. In de samenstelling betekent hoved- “hoofd-” of “belangrijkste”. Vergelijk als nieuw voorbeeld: hoveddøren = “de hoofddeur” of “de belangrijkste deur”, afhankelijk van de context. De eerste hoofdzin bestaat uit Markøren viser bagindgangen: “De pin geeft de achteringang aan.” men verbindt daarna een tegenstelling. jeg er ved hovedindgangen betekent “ik ben bij de hoofdingang”. Samen luidt de volledige betekenis dus: “De pin geeft de achteringang aan, maar ik ben bij de hoofdingang.”
Skriv til chaufføren nu, før din tur bliver annulleret.
Stuur de chauffeur nu een bericht voordat je rit wordt geannuleerd.
- Skriv
- schrijf
- til
- aan / naar
- chaufføren
- de chauffeur
- nu
- nu
- før
- voordat
- din
- jouw
- tur
- rit
- bliver annulleret
- wordt geannuleerd
Uitgebreide uitleg
Skriv is de gebiedende wijs van skrive (“schrijven”). Deze vorm kan een aansporing aan één of meer aangesproken personen uitdrukken; het onderwerp “jij” of “jullie” hoeft niet apart te staan. Bijvoorbeeld: Skriv en besked. — “Schrijf een bericht.” til betekent hier “aan” en markeert de ontvanger. In Skriv til chaufføren betekent het geheel: “Schrijf aan de chauffeur” of, zoals in de vaste vertaling, “Stuur de chauffeur een bericht”. chaufføren betekent hier “de chauffeur”. Het is de bepaalde vorm van chauffør: en chauffør = “een chauffeur”, chaufføren = “de chauffeur”. De uitgang -en markeert hier bepaaldheid. Het meervoud is chauffører; de bepaalde meervoudsvorm is chaufførerne. nu betekent “nu” en plaatst de handeling in het huidige moment. Het verandert niet mee met persoon of getal. før betekent hier “voordat” en leidt de gebeurtenis in de bijzin in. In een patroon als før X komt de eerste handeling vóór X in de tijd. Bijvoorbeeld: Ring, før du går. — “Bel voordat je weggaat.” din betekent “jouw” en staat hier bij het enkelvoudige gemeenschappelijke-geslachtswoord tur: din tur = “jouw rit”. De vorm van dit bezittelijk woord wordt onder meer bepaald door het bezeten zelfstandig naamwoord. Bij een enkelvoudig onzijdig woord staat bijvoorbeeld dit, zoals in dit hus — “jouw huis”. tur betekent hier “rit” of “tocht”. Het is een zelfstandig naamwoord; het onbepaalde meervoud is ture (“ritten” of “tochten”). Hier staat het enkelvoud in de vaste betekenis “je rit”. bliver annulleret betekent “wordt geannuleerd”. bliver is hier een vorm van blive (“worden”) en annulleret is de voltooid deelwoordsvorm van annullere (“annuleren”). Samen vormen ze een passieve constructie: de rit ondergaat de annulering, zonder dat wordt gezegd wie die uitvoert. Vergelijk: Turen bliver annulleret. — “De rit wordt geannuleerd.” De volledige opbouw is Skriv til chaufføren nu (“Stuur de chauffeur nu een bericht”), gevolgd door før din tur bliver annulleret (“voordat je rit wordt geannuleerd”). De gebiedende wijs maakt er een directe aansporing van, en før legt de tijdsvolgorde vast: schrijf nu, vóór de rit wordt geannuleerd.
Jeg vil sige, at jeg står ved siden af taxaholdepladsen.
Ik zal zeggen dat ik naast de taxistandplaats sta.
- Jeg
- ik
- vil
- wil
- sige
- zeggen
- står
- sta
- ved siden af
- naast
- taxaholdepladsen
- taxistandplaats
Uitgebreide uitleg
Jeg betekent hier “ik”. Het is de Deense eerste-persoonsvorm in het enkelvoud; de vorm verandert niet mee met het grammaticale geslacht van een eventueel genoemd zelfstandig naamwoord. vil is de tegenwoordige vorm van ville. In deze zin werkt het als modaal werkwoord met de infinitief sige: Jeg vil sige ... = “Ik zal zeggen ...”. Afhankelijk van de context kan ville ook “willen” betekenen, maar de vaste vertaling geeft hier de toekomstige bedoeling “zal zeggen” aan. Voorbeeld: Jeg vil komme i morgen. — “Ik zal morgen komen.” sige betekent “zeggen”. Dit is de infinitief die na vil staat. De combinatie vil sige vormt dus “zal zeggen”, niet twee losstaande tijdsbepalingen. står betekent hier “sta”. Het is de tegenwoordige vorm van stå (“staan”). Het onderwerp is Jeg, maar de vorm står is niet specifiek voor één grammaticaal geslacht. In står ved siden af ... beschrijft het Deens de positie van de spreker: “sta naast ...”. Voorbeeld: Jeg står ved døren. — “Ik sta bij de deur.” ved siden af is een vaste voorzetseluitdrukking met de betekenis “naast”. Het daaropvolgende zelfstandig naamwoord geeft aan waarvan iets ernaast staat. In deze zin maakt står ved siden af samen “sta naast”. taxaholdepladsen betekent “de taxistandplaats”. Het is één Deens samengesteld zelfstandig naamwoord: taxaholdeplads betekent “taxistandplaats”, en de uitgang -en markeert hier de bepaalde vorm, dus “de taxistandplaats”. De vorm van het zelfstandig naamwoord draagt die bepaaldheid; taxa is het eerste deel van de samenstelling en betekent “taxi”. Voorbeeld: Taxaholdepladsen er tæt på stationen. — “De taxistandplaats is dicht bij het station.” Samen vormt Jeg vil sige, at jeg står ved siden af taxaholdepladsen de zin “Ik zal zeggen dat ik naast de taxistandplaats sta.” at leidt de inhoud van wat er gezegd zal worden in. Binnen die bijzin is jeg står het onderwerp-plus-werkwoord, en ved siden af taxaholdepladsen specificeert de plaats. De komma staat vóór at en scheidt de hoofdzin van deze bijzin.
Nævn også farven på din jakke, så chaufføren kan få øje på dig.
Noem ook de kleur van je jas, zodat de chauffeur je kan zien.
- Nævn
- noem
- også
- ook
- farven
- de kleur
- din
- je
- jakke
- jas
- så
- zodat
- chaufføren
- de chauffeur
- kan
- kan
- få øje på
- zien; opmerken
- dig
- jou
Uitgebreide uitleg
Nævn is de gebiedende wijs van nævne (“noemen”). De Deense imperatief richt zich tot de aangesprokene, maar markeert op zichzelf niet of dat één persoon of meerdere personen zijn. Voorbeeld: Nævn dit navn. — “Noem deze naam.” også betekent hier “ook” en voegt deze opdracht toe aan wat de aangesprokene moet zeggen of doen. Het staat vóór de naamwoordgroep farven på din jakke. farven is de bepaalde enkelvoudsvorm van farve (“kleur”): en farve → farven. De uitgang -en geeft hier de bepaalde vorm “de kleur” aan. Farven på ... betekent “de kleur van ...”; på verbindt de kleur met datgene waarvan zij is. din is het bezittelijke voornaamwoord voor de tweede persoon enkelvoud: “jouw/je”. Het staat hier bij het enkelvoudige gemeenschappelijke-geslachtswoord jakke. Vergelijk dit bij een onzijdig enkelvoudig woord en dine bij een meervoudig woord. din jakke betekent “je jas”. jakke betekent “jas”. Samen vormen farven på din jakke de naamwoordgroep “de kleur van je jas”. så betekent hier “zodat” en leidt de zin voor het doel in: de tweede helft legt uit waarvoor de opdracht dient. In het patroon ..., så ... kan na een hoofdzin een doelzin volgen. chaufføren is de bepaalde enkelvoudsvorm van chauffør (“chauffeur”): en chauffør → chaufføren. De bepaalde vorm verwijst hier naar de chauffeur die jou moet kunnen zien. kan is de tegenwoordige vorm van het modale werkwoord kunne (“kunnen”). Hier drukt het de mogelijkheid uit. Na een Deens modaal werkwoord staat de infinitief zonder at, zoals in kan se (“kan zien”) en hier kan få. få øje på is een vaste uitdrukking voor “zien” of “opmerken”. Gebruik haar als geheel in het patroon få øje på + persoon/zaak. Voorbeeld: Jeg fik øje på bussen. — “Ik zag de bus.” dig is de objectsvorm van het persoonlijke voornaamwoord voor de tweede persoon enkelvoud en betekent hier “jou”. Het is het object van få øje på. Vergelijk du als onderwerp in Du står her. — “Jij staat hier.” De volledige structuur is Nævn også [farven på din jakke], så [chaufføren kan få øje på dig]: “Noem ook de kleur van je jas, zodat de chauffeur je kan zien.” De eerste helft is een opdracht; de tweede helft geeft het doel ervan weer. kan drukt de mogelijkheid binnen die doelzin uit, en få øje på dig benoemt wat de chauffeur kan doen.
Hvad skal jeg gøre, hvis bilen kører væk, før chaufføren finder mig?
Wat moet ik doen als de auto wegrijdt voordat de chauffeur me vindt?
- Hvad
- wat
- skal jeg
- moet ik
- gøre
- doen
- hvis
- als
- bilen
- de auto
- kører væk
- wegrijdt
- før
- voordat
- chaufføren
- de chauffeur
- finder
- vindt
- mig
- mij
Uitgebreide uitleg
Hvad vraagt naar een onbekende zaak of handeling: “wat”. In een vraag staat het hier vooraan. Vergelijk hvem (“wie”) voor een persoon. skal jeg bestaat uit skal + jeg. Skal geeft hier aan wat de spreker in deze situatie moet of hoort te doen; het is niet simpelweg een toekomstmarkeerder. Jeg is de eerste persoon enkelvoud (“ik”). In een Deense hoofdvraag staat het werkwoord vóór het onderwerp: Hvad skal jeg ...? — “Wat moet ik ...?” gøre is de infinitief (“doen”) die na skal staat. De combinatie skal + infinitief vormt een herbruikbaar patroon voor verplichting of de aangewezen handeling. Voorbeeld: Hvad skal vi gøre? — “Wat moeten we doen?” hvis leidt de voorwaardelijke bijzin in: “als”. Het maakt de situatie voorwaardelijk; het zegt niet dat die situatie zeker zal gebeuren. bilen betekent hier “de auto”. De vorm is de bepaalde enkelvoudsvorm van bil (“auto”): en bil → bilen. Het zelfstandig naamwoord is dus zelf bepaald gemarkeerd; bilen is niet een vorm van een bijvoeglijk naamwoord. kører væk betekent hier “wegrijdt”. Kører is de tegenwoordige vorm van køre (“rijden”); væk voegt de betekenis van weggaan of zich verwijderen toe. Samen beschrijven ze dat de auto weg rijdt. Voorbeeld: Toget kører væk. — “De trein rijdt weg.” før betekent “voordat” en introduceert de tijdsbijzin die de grens aangeeft: de ene gebeurtenis vindt plaats vóór de andere. Voorbeeld: Ring, før du går. — “Bel voordat je vertrekt.” chaufføren betekent “de chauffeur”. Dit is de bepaalde enkelvoudsvorm van chauffør (“chauffeur”): en chauffør → chaufføren. De bepaalde vorm past hier bij de bedoelde chauffeur uit de vertaling en context. finder is de tegenwoordige vorm van finde (“vinden”) bij een derde persoon enkelvoud, hier chaufføren. In før chaufføren finder mig is de chauffeur degene die de handeling uitvoert. Voorbeeld: Hun finder nøglen. — “Zij vindt de sleutel.” mig is de objectsvorm van jeg: “mij/me”. De chauffeur vindt dus de spreker, niet zichzelf. Vergelijk jeg als onderwerp met mig als object: Jeg ser ham. — “Ik zie hem.” Samen vormt Hvad skal jeg gøre de vraag “Wat moet ik doen?”. De bijzin hvis bilen kører væk geeft de voorwaarde: als de auto wegrijdt. før chaufføren finder mig bepaalt vervolgens wanneer dat gebeurt: voordat de chauffeur de spreker vindt. De volledige betekenis is daarom: “Wat moet ik doen als de auto wegrijdt voordat de chauffeur me vindt?” Dit is een directe, alledaagse vraag naar de juiste actie in een mogelijke probleemsituatie.
Brug appen til at forklare forvekslingen og bede om en ny tur.
Gebruik de app om de verwarring uit te leggen en een andere rit aan te vragen.
- Brug
- gebruik
- appen
- de app
- forklare
- uitleggen
- forvekslingen
- de verwarring
- bede om
- aanvragen
- ny
- nieuwe, andere
- tur
- rit
Uitgebreide uitleg
Brug is de gebiedende wijs van bruge (“gebruiken”). De vorm richt de instructie rechtstreeks tot één of meer aangesproken personen; het onderwerp wordt in het Deens niet uitgesproken. Voorbeeld: Brug kortet. — “Gebruik de kaart.” appen betekent hier “de app”. Het achtervoegsel -en maakt van app de bepaalde vorm: “de app”. Het is dus niet hetzelfde als het onbepaalde en app (“een app”). Voorbeeld: Jeg åbner appen. — “Ik open de app.” forklare is de infinitief “uitleggen”. In til at forklare geeft til at het doel aan: “om uit te leggen”. Het werkwoord blijft na at in deze infinitiefvorm. Voorbeeld: Brug billedet til at forklare problemet. — “Gebruik de afbeelding om het probleem uit te leggen.” forvekslingen betekent hier “de verwarring”. De vorm is bepaald: forveksling is “verwarring” en forvekslingen is “de verwarring”. Het woord verwijst in deze zin naar de concrete vergissing of verwarring die moet worden uitgelegd. bede om is een vaste combinatie met de betekenis “om iets vragen” of “iets aanvragen”. bede is het werkwoord “vragen”; met om wordt aangegeven waar men om vraagt. Voorbeeld: Hun beder om hjælp. — “Zij vraagt om hulp.” ny betekent “nieuw”. Hier staat het vóór tur in en ny tur; de vertaling gebruikt “een andere rit”, omdat het om een nieuwe, alternatieve rit gaat. De vorm ny hoort bij een enkelvoudig gemeenschappelijk-geslacht-woord; vergelijk et nyt ... bij een onzijdig woord en nye in het meervoud of bij bepaalde vormen. Voorbeeld: Vi har en ny plan. — “We hebben een nieuw plan.” tur betekent hier “rit”. Het is een zelfstandig naamwoord; en tur betekent “een rit”. In combinatie met en ny vormt het de aangevraagde nieuwe of andere rit. De volledige structuur is Brug appen til at forklare forvekslingen og bede om en ny tur: “Gebruik de app om de verwarring uit te leggen en een andere rit aan te vragen.” Eén doelconstructie (til at ...) coördineert twee infinitieven: forklare en bede. De app is het middel, de verwarring is wat wordt uitgelegd, en en ny tur is wat wordt aangevraagd.
Chaufføren har svaret og vender snart om.
De chauffeur heeft geantwoord en zal snel omkeren.
- Chaufføren
- de chauffeur
- har svaret
- heeft geantwoord
- snart
- binnenkort, straks
- vender … om
- keert om
Uitgebreide uitleg
Chaufføren betekent hier “de chauffeur”. Het grondwoord is chauffør; de uitgang -en maakt de bepaalde enkelvoudsvorm: chaufføren = “de chauffeur”. Die uitgang duidt hier dus bepaaldheid aan, niet het beroep. har svaret geeft aan dat de chauffeur heeft geantwoord. har is hier de tegenwoordige vorm van het hulpwerkwoord have; svaret is het voltooid deelwoord van svare (“antwoorden”). Samen vormen ze de voltooide tijd: har svaret = “heeft geantwoord”. Dit is een herbruikbaar patroon, bijvoorbeeld: Hun har ringet. — “Zij heeft gebeld.” snart betekent hier “binnenkort” of “straks”. Het zegt wanneer het omkeren plaatsvindt, niet hoe snel of op welke manier de chauffeur draait. Bijvoorbeeld: Han kommer snart. — “Hij komt binnenkort.” vender ... om betekent “keert om” of “draait terug”. vender is de tegenwoordige vorm van vende (“keren, draaien”); om is hier een partikel dat met vende de betekenis “omkeren” vormt. De twee delen horen bij elkaar, ook al staat om na vender. In de verleden tijd wordt dit bijvoorbeeld vendte om — “keerde om”. Samen betekent de zin: “De chauffeur heeft geantwoord en zal binnenkort omkeren.” De eerste handeling staat in har svaret; daarna noemt vender snart om het omkeren dat binnenkort zal plaatsvinden. De tegenwoordige vorm vender kan hier, samen met snart en de context, naar een toekomstige gebeurtenis verwijzen.
Bliv i nærheden af taxaholdepladsen, indtil bilen kommer.
Blijf bij de taxistandplaats totdat de auto aankomt.
- Bliv
- Blijf
- i nærheden af
- in de buurt van
- taxaholdepladsen
- de taxistandplaats
- indtil
- totdat
- bilen
- de auto
- kommer
- aankomt
Uitgebreide uitleg
Bliv is de gebiedende wijs van blive (“blijven”). De vorm spreekt de aangesprokene rechtstreeks aan; in deze zin is de instructie dus “blijf”. Voorbeelden: Bliv her. — “Blijf hier.” De infinitief blive en de gebiedende wijs bliv zijn verschillende vormen. i nærheden af is een vaste voorzetseluitdrukking voor “in de buurt van”. Het daaropvolgende zelfstandig naamwoord noemt de plaats waarvan iets dichtbij is. Voorbeeld: Vi bor i nærheden af stationen. — “Wij wonen in de buurt van het station.” taxaholdepladsen betekent hier “de taxistandplaats”. Het is één Deens samengesteld zelfstandig naamwoord: taxaholdeplads betekent “taxistandplaats” en -en markeert de bepaalde enkelvoudsvorm, vergelijkbaar met “de ...”. Het woord taxa betekent “taxi”, maar in het samengestelde woord benoemt het het type standplaats. indtil betekent “totdat” en leidt hier de gebeurtenis aan die het eindpunt van het blijven bepaalt. Het is een voegwoord: indtil verbindt de hoofdzin met de bijzin bilen kommer. bilen betekent “de auto”. De basisvorm is bil (“auto”); bilen is de bepaalde enkelvoudsvorm. De vorm zegt hier dat het om een specifieke, in de vertaling bedoelde auto gaat. Voorbeeld: Bilen står her. — “De auto staat hier.” kommer is de tegenwoordige tijd van komme, “komen”. In deze zin betekent het door de plaats en de context natuurlijk “aankomt”. Na indtil kan de tegenwoordige tijd een toekomstige gebeurtenis uitdrukken: Vent, indtil han kommer. — “Wacht totdat hij aankomt.” Samen betekent Bliv i nærheden af taxaholdepladsen “Blijf in de buurt van de taxistandplaats”. indtil bilen kommer geeft aan hoe lang die instructie geldt: totdat de auto aankomt. De volledige betekenis is: “Blijf bij de taxistandplaats totdat de auto aankomt.”
Grammatica
i nærheden af + bestemt substantiv
Chaufføren kommer i nærheden af stationen.
sjofeuren kom-uh ie nehr-hee-uh af stasjoonen.De chauffeur komt in de buurt van het station.
De vaste uitdrukking i nærheden af betekent ‘in de buurt van’ en wordt gevolgd door een zelfstandig naamwoord.
kører væk
Chaufføren kører væk.
sjofeuren keur-uh weg.De chauffeur rijdt weg.
De combinatie kører væk drukt uit dat iemand of iets wegrijdt; væk staat achter het werkwoord.
Deens woordenschat
- Geslacht
- neuter
- Geslacht
- common
- Geslacht
- common
- Geslacht
- common
- Geslacht
- neuter
- Geslacht
- common
- Geslacht
- common
- Geslacht
- common
- Geslacht
- common
Quiz
Spelling
Tik op de letters om het woord te spellen.
de markering
Antwoord tonen
Markørendezelfde
Antwoord tonen
sammede pin
Antwoord tonen
nålencontroleer