Professionele groeidoelen en presentatievaardigheden | Leer deens in het Nederlands

Danish lesson set in a contemporary Copenhagen everyday setting: At work, two colleagues discuss professional growth goals and choose a measurable target for presentation skills..

NL → DA / Niveau: B1

Over deze les

Met Professionele groeidoelen en presentatievaardigheden oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het deens.

Dialoog

A

Jeg vil sætte klarere mål for min faglige udvikling i min nuværende rolle.

Jai vel sèd-uh klaa-re-re mool foa men fèè-li oeð-vek-ling i men noo-vèè-uh-nuh rol-luh. Ik wil duidelijkere doelen voor mijn professionele groei in mijn huidige functie vaststellen.
B

Start med at finde én styrke og én svaghed.

Staad meh èd fen-uh een steur-guh oh een svèè-uhdh. Begin met het vaststellen van één sterke en één zwakke kant.
A

Min styrke er at organisere opgaver, men jeg har en tendens til at undgå at præsentere idéer.

Men steur-guh èh èd or-ga-ni-see-uh op-gèè-uh, men jai haa en ten-ens tel èd on-goo èd pre-sen-te-re i-dee-uh. Mijn sterke kant is dat ik taken organiseer, maar ik vermijd het meestal om ideeën te presenteren.
B

Så ville det være nyttigt at udvikle dine evner til at holde præsentationer.

Soo vel-uh de vèè-uh nödh-duh èd oeð-vögluh die-nuh èv-nuh tel èd hol-luh pre-sen-tee-uh. Dan zou het nuttig zijn om je presentatievaardigheden te ontwikkelen.
A

Skal jeg bede om en mentor eller øve mig under teammøder?

Skèl jai bee-dhuh om en men-toa è-luh eu-vuh mai on-uh teem-meu-uh? Zal ik om een mentor vragen of oefenen tijdens teamvergaderingen?
B

Begge dele kan hjælpe, men vælg først ét målbart mål.

Beg-uh dee-luh kèn jèl-buh, meh vel feurst eed mool-baad mool. Beide kunnen helpen, maar kies eerst één meetbaar doel.
A

Mit første mål bliver snart at give en kort opdatering på et teammøde.

Med feurst-uh mool blee-uh snaad èd kee-vuh en koat op-dee-tee-ring poo èd teem-meu-dhuh. Mijn eerste doel zal zijn om binnenkort een korte update te geven tijdens een teamvergadering.
B

Det er specifikt nok til at kunne vurderes senere.

De èh spe-si-fègd nog tel èd koen-uh voa-dee-uhs see-nuh-uh. Dat is specifiek genoeg om later te evalueren.
A

Jeg vil også gerne have feedback på tydeligheden, ikke kun på selvtilliden.

Jai vel os-uh gè-uh-nuh hèè-vuh fied-bèg poo tüü-dhuh-li-heh-dhuhn, eg-uh koen poo sel-tel-uh-dhuhn. Ik wil ook feedback op duidelijkheid, niet alleen op zelfvertrouwen.
B

Klare kriterier gør mål for faglig udvikling mere konkrete og praktiske.

Klaa-uh kri-tee-uh keur mool foa fèè-li oeð-vek-ling mee-uh kon-kree-duh oh prak-dis-guh. Duidelijke criteria maken doelen voor professionele groei concreter en praktischer.

Woord voor woord

Jeg Jeg betekent hier ik en is de vorm waarmee de spreker zichzelf als onderwerp aanduidt. Je gebruikt Jeg bijvoorbeeld aan het begin van een zin over wat je wilt of doet.
vil Vil drukt hier uit dat de spreker iets wil of van plan is: wil. De combinatie Jeg vil sætte mål betekent dat je doelen wilt stellen.
sætte Sætte betekent hier stellen in de vaste combinatie sætte mål: doelen stellen. Je kunt sætte gebruiken met iets dat je instelt of vastlegt, zoals doelen.
klarere Klarere betekent hier duidelijkere: de doelen moeten duidelijker worden dan voorheen. Het staat vóór mål en beschrijft welk soort doelen de spreker wil stellen.
mål Mål betekent hier doelen binnen de combinatie klarere mål voor faglig udvikling. Je gebruikt mål bijvoorbeeld met sætte in sætte mål, doelen stellen.
for For verbindt mål met het gebied waarop de doelen betrekking hebben: doelen voor faglig udvikling. Je gebruikt for vaak om aan te geven waarvoor iets bedoeld is of waarop het gericht is.
min Min betekent hier mijn en verwijst naar de professionele ontwikkeling van de spreker. Je gebruikt min vóór een zelfstandig naamwoord, zoals min rolle.
faglige Faglige betekent hier professionele of vakinhoudelijke in faglige udvikling. Je gebruikt deze vorm vóór een zelfstandig naamwoord wanneer je ontwikkeling binnen werk of een vakgebied beschrijft.
udvikling Udvikling betekent hier ontwikkeling, specifiek ontwikkeling in het werk. De combinatie faglige udvikling is bruikbaar wanneer je praat over professionele groei.
i I betekent hier in en plaatst de ontwikkeling binnen de huidige rol. Je gebruikt i bijvoorbeeld voor een rol, plaats of situatie waarin iets gebeurt.
nuværende Nuværende betekent hier huidige en beschrijft de rol die de spreker nu heeft. Je gebruikt nuværende vóór een zelfstandig naamwoord, zoals nuværende rolle.
rolle Rolle betekent hier functie of rol binnen het werk. Je kunt het gebruiken in de combinatie i min nuværende rolle, in mijn huidige functie.
Start Start betekent hier begin en is een directe aansporing om iets te doen. Start med at finde is een bruikbaar patroon voor begin met iets te vinden of te doen.
med Med betekent hier met in de combinatie Start med at finde: begin met het vinden van. Je gebruikt med at vóór een activiteit waarmee je begint.
at At markeert hier het werkwoord finde als infinitief na med. De combinatie med at finde betekent met het vinden van en wordt gebruikt na Start med.
finde Finde betekent hier vinden of vaststellen in de opdracht Start med at finde én styrke. Je kunt finde gebruiken voor het ontdekken of bepalen van iets, zoals een sterk punt.
én Én betekent hier één en benadrukt dat het om precies één sterk punt gaat. Het accent helpt dit woord onderscheiden van het onbepaalde lidwoord en kan gebruikt worden om één enkel item te benadrukken.
styrke Styrke betekent hier sterk punt of kracht, namelijk een vaardigheid van de spreker. Je gebruikt het bijvoorbeeld samen met en svaghed om sterke en zwakke punten te bespreken.
og Og betekent hier en en verbindt én styrke met én svaghed. Je gebruikt og om gelijksoortige woorden of woordgroepen aan elkaar te koppelen.
svaghed Svaghed betekent hier zwak punt of zwakte in de context van professionele ontwikkeling. Je kunt het gebruiken wanneer je een gebied noemt dat je wilt verbeteren.
er Er betekent hier is en verbindt Min styrke met de uitleg erna. Je gebruikt er om een persoon of zaak met een kenmerk of omschrijving te verbinden.
organisere Organisere betekent hier organiseren, namelijk taken ordelijk aanpakken. De combinatie organisere opgaver is een bruikbaar patroon voor taken organiseren.
opgaver Opgaver betekent hier taken die georganiseerd worden. Je gebruikt het bijvoorbeeld na organisere om te zeggen wat je organiseert.
men Men betekent hier maar en introduceert een tegenstelling tussen een sterke kant en een moeilijkheid. Je gebruikt men om twee tegengestelde of beperkende mededelingen te verbinden.
har Har betekent hier heeft in har en tendens til at undgå: heeft de neiging om te vermijden. Je gebruikt har vaak met een zelfstandig naamwoord om te zeggen dat iemand iets heeft of vertoont.
en En is hier het onbepaalde lidwoord bij tendens en betekent een. Je gebruikt en vóór een zelfstandig naamwoord in deze combinatie: en tendens.
tendens Tendens betekent hier neiging in har en tendens til at undgå. De vaste combinatie har en tendens til at wordt gebruikt om een terugkerende neiging te beschrijven.
til Til hoort hier bij tendens til at undgå en leidt aan wat de neiging inhoudt. Gebruik het volledige patroon tendens til at plus een infinitief wanneer je een neiging beschrijft.
undgå Undgå betekent hier vermijden, namelijk vermijden om ideeën te presenteren. De combinatie undgå at præsentere beschrijft iets wat iemand liever niet doet.
præsentere Præsentere betekent hier presenteren, in het bijzonder ideeën aan anderen tonen of uitleggen. Je gebruikt præsentere bijvoorbeeld met idéer als object.
idéer Idéer betekent hier ideeën die de spreker vermijdt te presenteren. Je kunt idéer gebruiken na præsentere wanneer je ideeën aan collega’s wilt uitleggen.
Så betekent hier dan en verwijst naar de conclusie uit de vorige uitspraak. Je gebruikt Så aan het begin van een zin om een gevolg of aanbeveling in te leiden.
ville Ville drukt hier een voorzichtige of hypothetische aanbeveling uit: zou. In Så ville det være nyttigt wordt een mogelijke nuttige stap voorgesteld.
det Det maakt hier deel uit van det ville være nyttigt en verwijst niet naar een apart genoemd zelfstandig naamwoord. De constructie det er eller ville være nyttigt wordt gebruikt om te zeggen dat iets nuttig is of zou zijn.
være Være betekent hier zijn in ville det være nyttigt: nuttig zijn. Je gebruikt være na ville om een mogelijke toestand of beoordeling te beschrijven.
nyttigt Nyttigt betekent hier nuttig in de beoordeling van een ontwikkelgebied. Je kunt nyttigt gebruiken in de constructie det ville være nyttigt at plus een handeling.
udvikle Udvikle betekent hier ontwikkelen, namelijk presentatievaardigheden verder ontwikkelen. Je gebruikt udvikle met een vaardigheid, vermogen of ander gebied dat beter moet worden.
dine Dine betekent hier jouw of je en verwijst naar de vaardigheden van de aangesprokene. Je gebruikt dine vóór een meervoudig zelfstandig naamwoord, zoals dine evner.
evner Evner betekent hier vaardigheden of vermogens, specifiek vaardigheden om presentaties te houden. De combinatie dine evner til at holde præsentationer beschrijft waarvoor die vaardigheden dienen.
holde Holde betekent hier houden of geven in de combinatie holde præsentationer: presentaties geven. Gebruik het volledige patroon holde præsentationer wanneer je spreekt over het geven van presentaties.
præsentationer Præsentationer betekent hier presentaties die iemand kan leren geven. Je gebruikt het bijvoorbeeld na holde in holde præsentationer.
Skal Skal betekent hier zal of moet in de vraag Skal jeg bede om en mentor: zal ik om een mentor vragen? Je gebruikt Skal jeg om advies te vragen over een mogelijke volgende stap.
bede Bede betekent hier vragen in de combinatie bede om en mentor: om een mentor vragen. Het patroon bede om plus iets gebruik je wanneer je iets vraagt of verzoekt.
om Om hoort hier bij bede om en leidt aan wat gevraagd wordt: om een mentor. Gebruik bede om samen als vaste combinatie voor iets vragen.
mentor Mentor betekent hier mentor, iemand die begeleiding kan geven bij professionele ontwikkeling. Je kunt om en mentor gebruiken wanneer je vraagt om begeleiding van zo iemand.
eller Eller betekent hier of en verbindt twee mogelijke acties: om een mentor vragen of oefenen. Je gebruikt eller om alternatieven naast elkaar te zetten.
øve Øve betekent hier oefenen, namelijk oefenen tijdens teamvergaderingen. De combinatie øve mig wordt gebruikt wanneer iemand zelf een vaardigheid oefent.
mig Mig betekent hier mij of me in øve mig: mezelf oefenen of oefenen. Je gebruikt mig na een werkwoord wanneer de handeling op de spreker zelf gericht is.
under Under betekent hier tijdens en plaatst het oefenen binnen teammøder. Je gebruikt under met een activiteit of periode waarin iets gebeurt.
teammøder Teammøder betekent hier teamvergaderingen, de bijeenkomsten waarin de spreker kan oefenen. Je gebruikt het na under om te zeggen tijdens welke bijeenkomsten iets gebeurt.
Begge Begge betekent hier beide en verwijst naar de twee voorgestelde mogelijkheden. Je gebruikt Begge dele samen wanneer je wilt zeggen dat beide opties gelden of kunnen helpen.
dele Dele betekent hier delen in de vaste combinatie Begge dele, die als geheel beide betekent. Gebruik Begge dele wanneer je naar twee eerder genoemde opties verwijst.
kan Kan betekent hier kan in kan hjælpe: in staat zijn om te helpen of mogelijk helpen. Je gebruikt kan vóór een infinitief, zoals kan hjælpe.
hjælpe Hjælpe betekent hier helpen en vormt samen met kan de uitdrukking kan hjælpe. Je kunt hjælpe gebruiken met een persoon of aanpak die steun biedt.
vælg Vælg betekent hier kies en is een directe aansporing om één doel te selecteren. Je gebruikt Vælg bijvoorbeeld met først en een zelfstandig naamwoord: kies eerst een doel.
først Først betekent hier eerst en geeft aan dat het kiezen van één doel prioriteit heeft. Je gebruikt først om de volgorde van handelingen aan te geven.
ét Ét betekent hier één en benadrukt dat er eerst precies één doel gekozen moet worden. Het accent kan gebruikt worden om één enkel item tegenover meerdere opties te benadrukken.
målbart Målbart betekent hier meetbaar en beschrijft een doel dat later beoordeeld kan worden. Je gebruikt målbar of målbare vormen bij doelen of criteria die concreet controleerbaar zijn; in deze dialoog staat exact målbare vorm målbare? Nee, de gebruikte vorm is målbart.
Mit Mit betekent hier mijn en verwijst naar het eerste doel van de spreker. Je gebruikt Mit vóór een zelfstandig naamwoord in een onzijdige vorm, zoals mål.
første Første betekent hier eerste en ordent het doel als het eerste doel in een reeks. Je gebruikt første vóór een zelfstandig naamwoord om de volgorde aan te geven.
bliver Bliver betekent hier zal zijn in Mit første mål bliver: mijn eerste doel zal zijn. Je gebruikt bliver om een toekomstige uitkomst of verandering aan te geven.
snart Snart betekent hier binnenkort en geeft aan dat de update in de nabije toekomst plaatsvindt. Je gebruikt snart bij een handeling die niet lang uitgesteld wordt.
give Give betekent hier geven in give en kort opdatering: een korte update geven. Je gebruikt give met iets dat je aan anderen verstrekt of presenteert.
kort Kort betekent hier korte en beschrijft de duur of omvang van de update. Je gebruikt kort vóór een zelfstandig naamwoord, zoals kort opdatering.
opdatering Opdatering betekent hier update, een korte mededeling over de voortgang. De combinatie give en kort opdatering wordt gebruikt voor het geven van een korte update.
På betekent hier tijdens of bij in på et teammøde: tijdens een teamvergadering. Je gebruikt på in deze context om aan te geven bij welke bijeenkomst iets gebeurt.
et Et is hier het onbepaalde lidwoord bij teammøde en betekent een. Je gebruikt et vóór dit zelfstandig naamwoord in et teammøde.
teammøde Teammøde betekent hier teamvergadering, de bijeenkomst waarin de spreker een update wil geven. Je gebruikt het bijvoorbeeld na på in på et teammøde.
specifikt Specifikt betekent hier specifiek en beschrijft het doel als voldoende duidelijk omschreven. Je gebruikt specifiek om aan te geven dat iets precies genoeg is vastgelegd.
nok Nok betekent hier genoeg in specifikt nok: specifiek genoeg. Je gebruikt nok na een bijvoeglijk naamwoord om aan te geven dat een bepaalde graad voldoende is.
kunne Kunne betekent hier kunnen in til at kunne vurderes: kunnen worden beoordeeld. Je gebruikt kunne vóór een infinitief om mogelijkheid of haalbaarheid uit te drukken.
vurderes Vurderes betekent hier beoordeeld of geëvalueerd worden. De vorm staat in til at kunne vurderes en beschrijft dat anderen het doel later kunnen beoordelen.
senere Senere betekent hier later, na het moment waarop de update gegeven is. Je gebruikt senere om een tijdstip na het huidige of genoemde moment aan te geven.
også Også betekent hier ook en voegt feedback over duidelijkheid toe aan wat de spreker al wil. Je gebruikt også om een extra wens, feit of handeling toe te voegen.
gerne Gerne betekent hier graag in Jeg vil også gerne have feedback: ik wil ook graag feedback krijgen. Je gebruikt gerne om een wens op een vriendelijke manier uit te drukken.
have Have betekent hier hebben of krijgen in have feedback: feedback ontvangen of willen hebben. Je gebruikt have bijvoorbeeld met iets wat iemand wil ontvangen, zoals feedback.
feedback Feedback betekent hier feedback over de manier waarop de spreker presenteert. Je kunt feedback combineren met på om aan te geven waarop de feedback gericht is.
tydeligheden Tydeligheden betekent hier de duidelijkheid, specifiek de duidelijkheid van de presentatie. De combinatie feedback på tydeligheden wordt gebruikt voor feedback over hoe duidelijk iets is.
ikke Ikke betekent hier niet en ontkent dat alleen zelfvertrouwen belangrijk is. Je gebruikt ikke kun samen om een beperking of uitsluiting uit te drukken.
kun Kun betekent hier alleen in ikke kun på selvtilliden: niet alleen op het zelfvertrouwen. De combinatie ikke kun voegt iets toe zonder het eerder genoemde aspect uit te sluiten.
selvtilliden Selvtilliden betekent hier het zelfvertrouwen waarop de spreker niet uitsluitend feedback wil. Je kunt het gebruiken wanneer je praat over iemands vertrouwen in de eigen vaardigheid.
Klare Klare betekent hier duidelijke en beschrijft de criteria die de doelen concreter maken. Je gebruikt Klare vóór kriterier om te zeggen dat de beoordelingspunten helder zijn.
kriterier Kriterier betekent hier criteria: punten waarmee doelen beoordeeld kunnen worden. Je gebruikt kriterier bijvoorbeeld samen met klare wanneer je duidelijke beoordelingspunten bespreekt.
gør Gør betekent hier maken in gør mål mere konkrete: doelen concreter maken. Je gebruikt gør met een object en een beschrijving van het resultaat, zoals gør noget praktisk.
faglig Faglig betekent hier professioneel of vakinhoudelijk in faglig udvikling. Je gebruikt het om ontwikkeling, kennis of werk binnen een vakgebied te beschrijven.
mere Mere betekent hier meer en versterkt de vergelijking in mere konkrete og praktiske: concreter en praktischer. Je gebruikt mere vóór een bijvoeglijk naamwoord om een hogere graad aan te geven.
konkrete Konkrete betekent hier concreet in mere konkrete mål: doelen die duidelijker en beter beoordeelbaar zijn. Je gebruikt konkrete bijvoorbeeld bij doelen, plannen of criteria die precies omschreven zijn.
praktiske Praktiske betekent hier praktisch en beschrijft doelen die bruikbaar en uitvoerbaar zijn. Je gebruikt praktiske vóór een zelfstandig naamwoord of na mere om praktische eigenschappen te beschrijven.

Grammatica

vurderes: passiv med -s

Tydeligheden vurderes.

Tüü-dhuh-li-heh-dhuhn voa-dee-uhs.

De duidelijkheid wordt beoordeeld.

In het Deens kan de passieve vorm met -s worden gemaakt: vurderes betekent ‘wordt beoordeeld’.

Deens woordenschat

evner zelfstandig naamwoord
èv-nuh vaardigheden
faglig udvikling uitdrukking
fèè-li oeð-vek-ling professionele ontwikkeling
nuværende bijvoeglijk naamwoord
noo-vèè-uh-nuh huidige
opgaver zelfstandig naamwoord
op-gèè-uh taken
organisere werkwoord
or-ga-ni-see-uh organiseren
præsentere werkwoord
pre-sen-te-re presenteren
rolle zelfstandig naamwoord
rol-luh functie
styrke zelfstandig naamwoord
steur-guh sterk punt
svaghed zelfstandig naamwoord
svèè-uhdh zwak punt
sætte werkwoord
sèd-uh vaststellen
tendens zelfstandig naamwoord
ten-ens neiging
undgå werkwoord
on-goo vermijden

Quiz

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

zwak punt

Antwoord tonensvaghed

sterk punt

Antwoord tonenstyrke

taken

Antwoord tonenopgaver

functie

Antwoord tonenrolle