Herhalen met een studiemaatje | Leer deens in het Nederlands

Danish lesson set in a contemporary Copenhagen everyday setting: After class, two classmates compare review methods and agree on a simple routine that balances notes, examples, and speaking practice..

NL → DA / Niveau: B1

Over deze les

Met Herhalen met een studiemaatje oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het deens.

Dialoog

A

Jeg vil repetere dagens lektion.

jaj vel ree-pe-tee-re teens lek-sjon Ik wil de les van vandaag herhalen.
A

Men jeg er ikke sikker på, hvor jeg skal begynde.

men jaj e eg-e seg-e po, voa jaj skal be-geun-e Maar ik weet niet zeker waar ik moet beginnen.
B

Begynd med de noter, der hænger direkte sammen med virkelige situationer.

be-geun me die noo-de, da heng-e die-reg-de saam-en me weer-ge-le si-tu-a-sjo-ner Begin met de aantekeningen die direct aansluiten bij echte situaties.
A

Jeg læser normalt det hele igen, men det tager for lang tid.

jaj lee-se nor-malt de hee-le ie-geen, men de tee-e fo lang tie Ik lees meestal alles opnieuw, maar dat kost te veel tijd.
B

Vælg de dele, du kan bruge i en kort samtale.

vel die dee-le, doe kan broe-e ie en koat saam-tee-le Kies de onderdelen die je in een kort gesprek kunt gebruiken.
A

Vi kunne skrive eksempelsætninger, før vi øver os i at tale.

wie gon-e sgree-ve eg-sem-el-set-nen-e, feur wie eu-ve us ie ed tee-le We zouden voorbeeldzinnen kunnen opschrijven voordat we gaan oefenen met spreken.
B

Når du siger eksempelsætningerne højt, kan du se, om du kan bruge udtrykkene i en samtale.

noo doe sie-e eg-sem-el-set-nen-e hoit, kan doe see, om doe kan broe-e oe-dreug-e-ne ie en saam-tee-le Als je de voorbeeldzinnen hardop zegt, zie je of je de uitdrukkingen in een gesprek kunt gebruiken.
A

Det lyder mere nyttigt end at skrive hele siden af igen.

de luu-e mee-e neut-uut en ed sgree-ve hee-le sie-ne e ie-geen Dat klinkt nuttiger dan de hele pagina opnieuw overschrijven.
B

Det viser også, hvilke punkter der er klare, og hvilke der kræver mere øvelse.

de wie-se o-se, vel-ge pong-de da e klee-e, o vel-ge da kree-ve mee-e eu-vel-se Het laat ook zien welke punten duidelijk zijn en welke meer oefening nodig hebben.
A

Lad os hver vælge et par nyttige udtryk og prøve dem efter undervisningen.

la us vea vel-e e paar neut-e-ge oe-dreug o preu-ve dem ef-de on-wee-snen Laten we allebei een paar nuttige uitdrukkingen kiezen en ze na de les testen.
B

En kort rutine er lettere at gentage end en lang plan for repetition.

en koat roe-tee-ne e lee-de ed gen-tee-e en en lang plan fo ree-pe-ti-sjon Een korte routine is makkelijker te herhalen dan een lang plan voor herhaling.

Woord voor woord

Jeg “Jeg” betekent hier “ik” en verwijst naar de spreker in “Jeg vil repetere dagens lektion”. De vorm wordt gebruikt als onderwerp, bijvoorbeeld wanneer je je eigen plan of mening uitlegt.
vil “vil” betekent hier “wil” en drukt de wens van de spreker uit in “Jeg vil repetere dagens lektion”. Het staat vóór een werkwoord in de infinitief, zoals in “vil repetere”, en is bruikbaar om een voornemen te vertellen.
repetere “repetere” betekent hier “herhalen” of “doornemen” en is het doel van de spreker in “Jeg vil repetere dagens lektion”. Na “vil” staat deze infinitief; je gebruikt hem wanneer je leerstof, informatie of iets eerder behandelde opnieuw wilt doornemen.
dagens “dagens” betekent “van vandaag” in “dagens lektion”. De vorm met -s verbindt “dag” met wat erbij hoort; het patroon “dagens lektion” is bruikbaar om een les of gebeurtenis van vandaag aan te duiden.
lektion “lektion” betekent “les” in “dagens lektion”. Het woord kan samen met een bezittelijke bepaling of tijdsaanduiding een specifieke les benoemen, zoals de les die vandaag heeft plaatsgevonden.
Men “Men” betekent “maar” en leidt in “Men jeg er ikke sikker...” een tegenstelling in. Je gebruikt het om een eerder plan of idee te nuanceren of er een probleem tegenover te zetten.
er “er” betekent hier “ben” in “jeg er ikke sikker”. Het is de vorm van “være” bij “jeg” en wordt gebruikt om een toestand of beoordeling van de spreker uit te drukken.
ikke “ikke” maakt “jeg er ikke sikker” ontkennend: de spreker is niet zeker. Het staat hier vóór het bijvoeglijke woord “sikker” en is bruikbaar om een mededeling of beoordeling te ontkennen.
sikker “sikker” betekent hier “zeker” in de uitdrukking “ikke sikker på”. De combinatie “være sikker på” wordt gebruikt wanneer je zekerheid over iets of een situatie uitdrukt; hier gaat het om niet weten waar te beginnen.
“på” hoort hier bij de vaste combinatie “sikker på” en verbindt de zekerheid met datgene waarover die gaat. Het patroon “sikker på, hvor...” is bruikbaar wanneer je zekerheid over een keuze, plaats of vraag beschrijft.
hvor “hvor” betekent “waar” in “hvor jeg skal begynde”. Het introduceert hier de plaats of het punt waar de handeling begint en wordt gebruikt in indirecte vragen over een plaats of startpunt.
skal “skal” betekent hier “moet” of “zal” in “hvor jeg skal begynde”; in deze context gaat het om wat de spreker moet doen. Het staat vóór de infinitief “begynde” en is bruikbaar om een noodzakelijke volgende stap aan te geven.
begynde “begynde” betekent “beginnen” in “skal begynde”. Het is de infinitief na “skal” en wordt gebruikt wanneer je het startpunt van een activiteit of proces beschrijft.
Begynd “Begynd” is de gebiedende vorm van “begynde” en betekent “begin” in “Begynd med de noter”. De vorm staat aan het begin van een directe instructie en wordt hier gebruikt om advies te geven over de eerste stap.
med “med” betekent “met” in “Begynd med de noter” en geeft aan waarmee iemand moet beginnen. Het patroon “begynd med...” is bruikbaar om het eerste onderdeel van een taak of activiteit aan te wijzen.
de “de” betekent hier “de” in “de noter” en staat vóór het meervoudige zelfstandig naamwoord. De combinatie wordt gebruikt om naar specifieke notities te verwijzen die al in de context bekend zijn.
noter “noter” betekent “notities” in “de noter”. Dit is de meervoudsvorm van “note” en past hier bij meerdere aantekeningen die iemand kan gebruiken bij het herhalen van de les.
der “der” betekent hier “die” of “dat” en verbindt “de noter” met de bijzin “der hænger direkte sammen...”. Het verwijst naar de notities en is bruikbaar om extra informatie over een eerder genoemd zelfstandig naamwoord toe te voegen.
hænger “hænger” betekent in “hænger direkte sammen med” niet letterlijk alleen “hangt”, maar maakt deel uit van de betekenis “hangt samen met” of “is verbonden met”. De vorm hoort hier bij “de noter” en wordt gebruikt om een verband tussen twee zaken te beschrijven.
direkte “direkte” betekent “direct” in “hænger direkte sammen med virkelige situationer”. Het versterkt het beschreven verband en is bruikbaar wanneer iets zonder omweg of rechtstreeks met iets anders verbonden is.
sammen “sammen” betekent “samen” in de uitdrukking “hænger direkte sammen med”. Samen met “hænger” beschrijft het dat de notities rechtstreeks verband houden met echte situaties; dit patroon is bruikbaar om een verband aan te geven.
virkelige “virkelige” betekent “echte” in “virkelige situationer”. De vorm staat bij het meervoudige zelfstandig naamwoord “situationer” en wordt gebruikt om situaties uit het echte leven te onderscheiden van louter theoretische voorbeelden.
situationer “situationer” betekent “situaties” in “virkelige situationer”. Dit is het meervoud van “situation” en verwijst hier naar concrete omstandigheden waarin de geleerde taal gebruikt kan worden.
læser “læser” betekent hier “leest” in “Jeg læser normalt det hele igen”. Het is de vorm van “læse” bij “jeg”; samen met “igen” beschrijft het opnieuw lezen, bijvoorbeeld bij het doornemen van lesmateriaal.
normalt “normalt” betekent “meestal” of “gewoonlijk” in “Jeg læser normalt det hele igen”. Het geeft aan dat dit de gebruikelijke werkwijze van de spreker is en kan vóór een werkwoord staan om een gewoonte te beschrijven.
det “det” betekent hier “het” in “det hele” en verwijst naar het lesmateriaal als geheel. In deze combinatie helpt het om iets als één geheel aan te duiden; de spreker zegt dat die gewoonlijk alles opnieuw leest.
hele “hele” betekent “hele” in “det hele” en maakt duidelijk dat niets van het bedoelde materiaal wordt overgeslagen. De combinatie “det hele” is bruikbaar om naar alles of het volledige geheel te verwijzen.
igen “igen” betekent “opnieuw” of “weer” in “læser ... igen”. Het geeft aan dat de handeling nogmaals gebeurt en is bruikbaar wanneer je iets voor een tweede keer of opnieuw doet.
tager “tager” betekent hier “kost” in “det tager for lang tid”; het gaat om de hoeveelheid tijd die de werkwijze nodig heeft. De vorm is van “tage” en het patroon “det tager ... tid” is bruikbaar om de benodigde tijd te beschrijven.
for “for” betekent in “for lang tid” “te” en maakt duidelijk dat de duur overdreven lang is. In “plan for repetition” betekent “for” juist “voor” en verbindt het een plan met het doel ervan; de betekenis volgt dus uit de exacte combinatie.
lang “lang” betekent “lang” in “for lang tid” en beschrijft hier een te lange duur. Samen met “tid” wordt het gebruikt om de lengte van een tijdsperiode te beoordelen.
tid “tid” betekent “tijd” in “for lang tid”. Het woord benoemt hier de duur die het opnieuw lezen kost en is bruikbaar wanneer je bespreekt hoeveel tijd een activiteit vraagt.
Vælg “Vælg” betekent “kies” en is de gebiedende vorm in “Vælg de dele”. De vorm wordt gebruikt om iemand rechtstreeks advies of een opdracht te geven over een selectie.
dele “dele” betekent “delen” in “de dele”. Het verwijst naar afzonderlijke onderdelen van het lesmateriaal; de vorm is bruikbaar wanneer je slechts bepaalde onderdelen van iets wilt selecteren.
du “du” betekent “je” of “jij” in “du kan bruge”. Het verwijst naar de persoon die het advies krijgt en staat als onderwerp bij “kan bruge”.
kan “kan” betekent hier “kunt” of “in staat bent” in “du kan bruge”. Het staat vóór de infinitief “bruge” en wordt gebruikt om een mogelijkheid of vaardigheid aan te geven.
bruge “bruge” betekent “gebruiken” in “du kan bruge”. Het is de infinitief na “kan” en krijgt hier “de dele” als object; je gebruikt het wanneer je iets toepast in een bepaalde activiteit.
i “i” betekent hier “in” in “i en kort samtale” en geeft de context aan waarin je de onderdelen gebruikt. Het patroon “bruge ... i en samtale” is bruikbaar om taalgebruik in een gesprek te beschrijven.
en “en” is het onbepaalde lidwoord “een” in “en kort samtale”. Het staat vóór het enkelvoudige zelfstandig naamwoord “samtale” en introduceert hier een niet nader bepaalde conversatie.
kort “kort” betekent “kort” in “en kort samtale”. Het beschrijft de beperkte duur of omvang van het gesprek en staat vóór het zelfstandig naamwoord.
samtale “samtale” betekent “gesprek” in “en kort samtale”. Het woord verwijst naar een mondelinge uitwisseling en is bruikbaar wanneer je taal in een concrete conversatie wilt toepassen.
Vi “Vi” betekent “we” of “wij” in “Vi kunne skrive eksempelsætninger”. Het verwijst naar de twee gesprekspartners samen en wordt gebruikt als onderwerp voor een gezamenlijk voorstel of plan.
kunne “kunne” betekent hier “zouden kunnen” in “Vi kunne skrive eksempelsætninger”. De vorm drukt een mogelijk voorstel uit en staat vóór de infinitief “skrive”; je gebruikt hem om samen een optie te bespreken.
skrive “skrive” betekent “schrijven” in “kunne skrive eksempelsætninger”. Het is de infinitief na “kunne” en beschrijft hier het maken van schriftelijke voorbeelden vóór de spreekpraktijk.
eksempelsætninger “eksempelsætninger” betekent “voorbeeldzinnen” in “skrive eksempelsætninger”. Het is een meervoudig zelfstandig naamwoord voor zinnen die als voorbeeld dienen en past hier bij het voorbereiden van spreken.
før “før” betekent “voordat” in “før vi øver os i at tale”. Het verbindt de voorbereidende handeling met de handeling die daarna komt en is bruikbaar om de volgorde van twee activiteiten aan te geven.
øver “øver” betekent hier “oefenen” in “vi øver os i at tale”. De vorm hoort bij “øve sig” en beschrijft doelgerichte oefening; de constructie wordt gebruikt om aan te geven welke vaardigheid je oefent.
os “os” betekent hier “onszelf” in “øver os i at tale” en hoort bij de wederkerende uitdrukking “øve sig”. Het verwijst naar de sprekers als degenen die oefenen en maakt het gezamenlijke oefenplan duidelijk.
at “at” is hier het infinitiefpartikel vóór “tale” in “at tale”. Het markeert het werkwoord als de activiteit die geoefend wordt en staat in het patroon “øve sig i at tale”.
tale “tale” betekent “spreken” in “at tale”. Het is de infinitief na “at” en benoemt hier de mondelinge vaardigheid die de gesprekspartners willen oefenen.
Når “Når” betekent “wanneer” in “Når du siger eksempelsætningerne højt”. Het leidt een bijzin in die beschrijft onder welke omstandigheid iets gebeurt en is bruikbaar bij terugkerende of verwachte situaties.
siger “siger” betekent hier “zegt” in “du siger eksempelsætningerne højt”. Het is de vorm van “sige” bij “du” en beschrijft het hardop uitspreken van de voorbeeldzinnen.
eksempelsætningerne “eksempelsætningerne” betekent “de voorbeeldzinnen” in “siger eksempelsætningerne højt”. De uitgang -ne maakt het meervoud bepaald; de vorm verwijst naar de voorbeeldzinnen die eerder zijn genoemd.
højt “højt” betekent hier “hardop” of “hoorbaar” in “siger ... højt”. Het geeft aan dat de zinnen uitgesproken worden in plaats van alleen gelezen en is bruikbaar bij spreken of voorlezen.
se “se” betekent hier “zien” in “kan du se, om...”, met de betekenis “vaststellen” of “merken”. Het is de infinitief na “kan” en wordt gebruikt om een resultaat of inzicht aan te geven.
om “om” betekent hier “of” in “se, om du kan bruge...”; het introduceert een indirecte vraag over de mogelijkheid iets te gebruiken. Het patroon “se, om...” is bruikbaar wanneer je wilt nagaan of iets het geval is.
udtrykkene “udtrykkene” betekent “de uitdrukkingen” in “bruge udtrykkene i en samtale”. De vorm is het bepaalde meervoud van “udtryk” en verwijst naar specifieke taaluitdrukkingen uit de les.
lyder “lyder” betekent “klinkt” in “Det lyder mere nyttigt”. Het is de vorm van “lyde” bij “det” en wordt gebruikt om een indruk of beoordeling van een idee of voorstel uit te drukken.
mere “mere” betekent “meer” in “mere nyttigt”. Het vergelijkt de bruikbaarheid van de voorgestelde oefening met het opnieuw overschrijven van de pagina.
nyttigt “nyttigt” betekent “nuttig” in “Det lyder mere nyttigt”. De vorm staat bij “det” in de beoordeling van een methode; je gebruikt dit woord om de praktische waarde van een activiteit aan te geven.
end “end” betekent “dan” in “mere nyttigt end at skrive...”. Het introduceert het tweede deel van een vergelijking en is bruikbaar om twee activiteiten of eigenschappen tegenover elkaar te stellen.
siden “siden” betekent “de pagina” in “hele siden”. De vorm is het bepaalde enkelvoud van “side” en verwijst hier naar de volledige pagina die opnieuw gekopieerd zou worden.
af “af” hoort in “skrive hele siden af” bij de betekenis “een pagina overschrijven of kopiëren”. Het maakt deel uit van deze vaste combinatie en is bruikbaar wanneer je inhoud van een bron volledig overneemt.
viser “viser” betekent “laat zien” of “toont” in “Det viser også...”. Het is de vorm van “vise” bij “det” en wordt gebruikt om aan te geven welke informatie een oefening oplevert.
også “også” betekent “ook” in “Det viser også...”. Het voegt dit resultaat toe aan een eerder genoemd voordeel en is bruikbaar om extra informatie aan een mededeling toe te voegen.
hvilke “hvilke” betekent “welke” in “hvilke punkter der er klare”. Het verwijst naar meerdere punten en introduceert hier een bepaling die onderscheid maakt tussen duidelijke punten en punten die meer oefening vragen.
punkter “punkter” betekent “punten” in “hvilke punkter der er klare”. Het verwijst naar afzonderlijke onderdelen of onderwerpen in de les en is bruikbaar wanneer je leerstof in onderdelen verdeelt.
klare “klare” betekent “duidelijk” in “punkter der er klare”. De vorm beschrijft meerdere punten en geeft aan dat die onderdelen al begrijpelijk zijn voor de lerende.
og “og” betekent “en” en verbindt in “klare, og hvilke...” twee delen van de beoordeling. Je gebruikt het om gelijkwaardige informatie of twee eigenschappen naast elkaar te plaatsen.
kræver “kræver” betekent “vereisen” in “hvilke der kræver mere øvelse”. Het is de vorm van “kræve” bij “hvilke” en geeft aan dat sommige punten extra oefening nodig hebben.
øvelse “øvelse” betekent “oefening” in “mere øvelse”. Het benoemt de extra praktijk die nodig is om bepaalde punten beter te beheersen en kan gebruikt worden wanneer een vaardigheid verder getraind moet worden.
Lad “Lad” betekent in “Lad os...” “laten we”. Het is het begin van een voorstel aan de gesprekspartner en wordt gebruikt om samen een activiteit voor te stellen.
hver “hver” betekent “ieder” of “elk afzonderlijk” in “Lad os hver vælge”. Het maakt duidelijk dat beide personen individueel een paar uitdrukkingen kiezen binnen het gezamenlijke plan.
vælge “vælge” betekent “kiezen” in “Lad os hver vælge”. Het is de infinitief in het voorstel “Lad os...” en wordt gebruikt wanneer iemand een selectie uit meerdere mogelijkheden maakt.
et “et” is het onbepaalde lidwoord “een” in “et par nyttige udtryk”. Het hoort bij het onzijdige woord “par” en maakt deel uit van de vaste hoeveelheidsaanduiding “et par”.
par “par” betekent hier “paar” of “enkele” in “et par nyttige udtryk”. De combinatie geeft een kleine hoeveelheid aan en is bruikbaar wanneer je niet één maar ook geen groot aantal dingen bedoelt.
nyttige “nyttige” betekent “nuttige” in “nyttige udtryk”. De vorm staat bij het meervoudige zelfstandig naamwoord “udtryk” en beschrijft uitdrukkingen die praktisch bruikbaar zijn.
udtryk “udtryk” betekent “uitdrukkingen” in “nyttige udtryk”. Het verwijst naar taalformuleringen die je kunt leren en vervolgens in een gesprek kunt gebruiken.
prøve “prøve” betekent hier “uitproberen” of “testen” in “prøve dem”. Het is de infinitief na het voorstel “Lad os...” en wordt gebruikt wanneer je wilt nagaan hoe iets in de praktijk werkt.
dem “dem” betekent “ze” of “hen” in “prøve dem” en verwijst naar “udtryk”. Het is het object van “prøve” en wordt gebruikt om eerder genoemde meervoudige zaken opnieuw aan te duiden.
efter “efter” betekent “na” in “efter undervisningen”. Het geeft aan dat het testen plaatsvindt nadat de les is afgelopen en is bruikbaar om een tijdsvolgorde te beschrijven.
undervisningen “undervisningen” betekent “de les” of “het onderwijs” in “efter undervisningen”. De bepaalde vorm verwijst naar de concrete les die de twee gesprekspartners zojuist hebben gevolgd.
lettere “lettere” betekent “gemakkelijker” in “lettere at gentage”. Het is de vergelijkende vorm en vergelijkt de korte routine met het lange herhalingsplan.
gentage “gentage” betekent “herhalen” in “lettere at gentage”. Het is de infinitief na “lettere at” en verwijst hier naar het regelmatig opnieuw uitvoeren van de routine.
plan “plan” betekent “plan” in “en lang plan for repetition”. Het benoemt een georganiseerde aanpak voor het herhalen en kan met een bepaling aangeven waarvoor het plan dient.
repetition “repetition” betekent “herhaling” of “doornemen” in “plan for repetition”. Het benoemt het doel van het plan en verwijst hier naar het opnieuw oefenen van de lesstof.

Grammatica

ikke sikker på + zelfstandig naamwoord of voornaamwoord

Jeg er ikke sikker på det hele.

jaj e eg-e seg-e po die hee-le

Ik ben niet zeker van alles.

De vaste combinatie is ikke sikker på. Het voorzetsel på hoort bij sikker en komt overeen met Nederlands zeker van.

øve sig

Man skal øve sig i at tale højt.

man skal eu-ve saj ie ed tee-le hoit

Je moet oefenen om hardop te spreken.

øve sig is een wederkerend werkwoord. In het Deens staat sig bij het werkwoord, ook als het onderwerp man is.

Deens woordenschat

begynde werkwoord
be-geun-e beginnen
dele zelfstandig naamwoord
dee-le onderdelen
det hele uitdrukking
de hee-le alles
for lang tid uitdrukking
fo lang tie te veel tijd
hænger direkte sammen med uitdrukking
heng-e die-reg-de saam-en me sluit direct aan bij
ikke sikker på uitdrukking
eg-e seg-e po niet zeker van
lektion zelfstandig naamwoord
lek-sjon les
normalt bijwoord
nor-malt gewoonlijk
noter zelfstandig naamwoord
noo-de aantekeningen
repetere werkwoord
ree-pe-tee-re herhalen
virkelige situationer uitdrukking
weer-ge-le si-tu-a-sjo-ner echte situaties
vælge werkwoord
vel-e kiezen

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Ik wil de les van vandaag herhalen.

Antwoord tonenJeg vil repetere dagens lektion.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

aantekeningen

Antwoord tonennoter

beginnen

Antwoord tonenbegynde

herhalen

Antwoord tonenrepetere

gewoonlijk

Antwoord tonennormalt