Laat afzeggen en opnieuw plannen | Leer deens in het Nederlands

Danish lesson set in a contemporary Copenhagen everyday setting: Before an evening plan, one friend apologizes for canceling late because of a family issue and offers to reschedule..

NL → DA / Niveau: B1

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met Laat afzeggen en opnieuw plannen oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het deens.

Dialoog

A

Det er jeg virkelig ked af, men jeg er nødt til at aflyse vores aftale i aften.

Dee è yai veer-lie kee-dh au, men yai è neud te au-luu-seh wores au-tè-leh ie auw-den. Het spijt me echt, maar ik moet onze afspraak van vanavond afzeggen.
B

Det er ærgerligt. Er der sket noget akut?

Dee è èr-eh-lit. Èr daa sgeedh noot a-koed? Dat valt tegen. Is er iets dringends gebeurd?
A

Der er opstået et familieproblem, og jeg kan ikke tage hjemmefra.

Daa è op-stoo-ed eh fa-mie-lie-proo-blem, oh yai kan eg-eh tè yem-me-fra. Er is een familieprobleem ontstaan, en ik kan niet van huis.
B

Jeg forstår det, men jeg ville ønske, jeg havde vidst det tidligere.

Yai for-stoor de, men yai vel-eh uns-keh, yai heh-veh vest de tee-lie-eh. Ik begrijp het, maar ik wou dat ik het eerder had geweten.
A

Du har ret. Jeg burde have fortalt dig det, så snart jeg vidste det.

Du haa rèd. Yai boe-eh heh for-tèld dai de, soo snàd yai ves-deh de. Je hebt gelijk. Ik had het je moeten vertellen zodra ik het wist.
B

Det sætter jeg pris på. Jeg var allerede begyndt at gøre mig klar.

Dee sè-deh yai pries po. Yai waa a-leh-dee be-geunt eh geur-eh mai klaa. Dat waardeer ik. Ik was al begonnen me klaar te maken.
A

Lad mig gøre det godt igen ved at vælge en anden dato, der passer dig.

La mai geur-eh de got ie-gen vee-dh eh vel-geh en an-eh dè-toh, daa pas-eh dai. Laat me het goedmaken door een andere datum te kiezen die jou uitkomt.
B

Vi kan finde en ny dato, men bekræft det venligst, når der er kommet mere ro på.

Vii kan fen-eh en nuu dè-toh, men be-krèf-dh de ven-lest, noor daa è kom-ehd mè-eh roo po. We kunnen een nieuwe afspraak maken, maar bevestig het alsjeblieft zodra alles wat rustiger is.
A

Jeg skriver til dig, når jeg ved mere.

Yai sgree-veh te dai, noor yai vee mee-eh. Ik stuur je een bericht als ik meer weet.
A

Jeg ved, at den sene ændring forstyrrede din aften.

Yai vee, eh den see-neh èn-dreng for-steur-eh-dheh dien auw-den. Ik weet dat deze late wijziging je avond heeft verstoord.
B

Jeg håber, at alt er i orden med din familie.

Yai hoo-beh, eh ald èr ie oo-den meh dien fa-mie-lie-eh. Ik hoop dat alles goed gaat met je familie.

Uitleg van de zinnen

  1. Det er jeg virkelig ked af, men jeg er nødt til at aflyse vores aftale i aften.

    Het spijt me echt, maar ik moet onze afspraak van vanavond afzeggen.

    Det er … ked af
    daar spijt van hebben
    virkelig
    echt
    men
    maar
    jeg er nødt til at
    ik moet
    aflyse
    afzeggen
    vores
    onze
    aftale
    afspraak
    i aften
    vanavond
    Uitgebreide uitleg

    Det er ... ked af vormt hier, met de tussenliggende woorden jeg virkelig, de vaste manier om te zeggen dat iemand ergens spijt van heeft: letterlijk ongeveer “dat ben ik echt betreurd om”, natuurlijk vertaald als “daar heb ik echt spijt van”. Det verwijst in deze uiting naar de meegedeelde situatie; de zin noemt niet zelfstandig welk grammaticaal geslacht of welke persoon dat woord zou hebben. er is de vorm van het werkwoord at være (“zijn”). Virkelig versterkt de verontschuldiging: “echt” of “werkelijk”. Het is een bijwoord en verandert daarom niet mee met een zelfstandig naamwoord. Vergelijk: Jeg er virkelig træt. — “Ik ben echt moe.” Men verbindt twee delen met een tegenstelling: eerst de verontschuldiging, daarna de reden of noodzakelijke handeling. Het betekent “maar”. Jeg er nødt til at is een vaste constructie voor verplichting of noodzaak: “ik moet noodzakelijkerwijs …”. Jeg betekent “ik”; er is opnieuw een vorm van at være; nødt hoort bij de uitdrukking at være nødt til. Na til volgt hier at plus een infinitief. De combinatie drukt sterkere noodzaak uit dan een gewone mogelijkheid. Voorbeeld: Jeg er nødt til at gå. — “Ik moet gaan.” Aflyse is de infinitief “afzeggen” of “annuleren”. De vorm staat hier na at, dus niet als persoonsvorm. De persoonsvorm in dit deel is er; aflyse benoemt de noodzakelijke handeling. Voorbeeld: Vi må aflyse mødet. — “We moeten de vergadering afzeggen.” Vores betekent “onze”. Dit bezittelijke woord verwijst naar de groep waarvan de spreker deel uitmaakt en verandert in deze vorm niet naar enkelvoud of meervoud van het bezeten woord. Het bezeten woord is hier aftale. Aftale is een zelfstandig naamwoord voor een afspraak of overeenkomst. In deze zin gaat het, volgens de vertaling, om een afspraak. Het is een gemeengeslachtwoord: en aftale, met meervoud aftaler. Voorbeeld: Vi har en aftale. — “We hebben een afspraak.” I aften betekent “vanavond”: i is het voorzetsel “in/op” en aften betekent “avond”. Samen vormt dit een vaste tijdsaanduiding. Het bepaalt hier wanneer de afspraak plaatsvindt, niet wanneer het afzeggen zelf noodzakelijkerwijs wordt uitgesproken. Samen betekent de zin: “Het spijt me echt, maar ik moet onze afspraak van vanavond afzeggen.” De eerste helft verontschuldigt zich; men leidt de tweede helft in, waarin de spreker noodzakelijkheid uitdrukt met jeg er nødt til at en vervolgens de concrete handeling noemt: aflyse vores aftale i aften. Deze formulering is geschikt in een beleefde, verontschuldigende mededeling.

  2. Det er ærgerligt. Er der sket noget akut?

    Dat valt tegen. Is er iets dringends gebeurd?

    Det er
    het is
    ærgerligt
    jammer
    Er der
    is er
    sket
    gebeurd
    noget
    iets
    akut
    dringend
    Uitgebreide uitleg

    Det er is hier een onpersoonlijke beoordelingsstructuur met de betekenis “het is” of “dat is”. Det verwijst in deze zin niet naar een specifiek zelfstandig naamwoord; de structuur beoordeelt de situatie. ærgerligt betekent hier “jammer” of “vervelend”. Het is de onzijdige enkelvoudsvorm van ærgerlig: ærgerlig bij een-woorden, ærgerligt bij et-woorden en ærgerlige in het meervoud. Voorbeeld: Det er svært. — “Het is moeilijk.” Er der is de omgekeerde vraagvolgorde van de constructie met existentieel der: er wordt gevraagd of er iets is of heeft plaatsgevonden. In een mededeling staat bijvoorbeeld Der er et problem. — “Er is een probleem.” sket is het voltooid deelwoord van ske (“gebeuren”). Met er vormt het hier de voltooide tijd: der er sket betekent “er is gebeurd”. Het deelwoord blijft in deze constructie sket; het verandert hier niet mee met noget. noget is het onbepaalde voornaamwoord “iets”. Het kan ook zelfstandig gebruikt worden, zoals in Jeg hørte noget. — “Ik hoorde iets.” Hier is het datgene waarvan gevraagd wordt of het gebeurd is. akut betekent hier “dringend” of “acuut” en beschrijft noget. Bij zowel een enkelvoudig en-woord als een enkelvoudig et-woord is de vorm akut: en akut situation en et akut problem. In het meervoud wordt dat akutte, bijvoorbeeld akutte problemer — “acute problemen”. Samen vormt Er der sket noget akut? de vraag “Is er iets dringends gebeurd?” De eerste zin, Det er ærgerligt., geeft de beoordeling “Dat valt tegen” of “Dat is jammer”.

  3. Der er opstået et familieproblem, og jeg kan ikke tage hjemmefra.

    Er is een familieprobleem ontstaan, en ik kan niet van huis.

    Der er
    er is / er zijn
    opstået
    ontstaan
    et familieproblem
    een familieprobleem
    kan ikke
    kan niet
    tage hjemmefra
    van huis vertrekken
    Uitgebreide uitleg

    Der er opent een existentieel patroon: het betekent hier dat iets bestaat of is ontstaan, niet simpelweg dat iemand ergens aanwezig is. In Der er opstået ... introduceert het patroon een nieuwe situatie. Een bruikbaar vergelijkingsvoorbeeld is: Der er et problem. — “Er is een probleem.” opstået is de voltooid deelwoordsvorm van opstå (“ontstaan”). Samen met er vormt deze vorm hier een voltooide constructie: een familieprobleem is inmiddels ontstaan. Het werkwoord beschrijft dus het ontstaan van de situatie; het is niet hetzelfde als ske (“gebeuren”), dat in het vorige contextzinnetje voorkomt. Voorbeeld: Der er opstået en fejl. — “Er is een fout ontstaan.” et familieproblem is een onbepaalde naamwoordgroep: familieproblem betekent “familieprobleem” en et hoort bij het onzijdige woord. De samenstelling bestaat uit familie plus problem; het volledige woord benoemt hier één probleem dat met familie te maken heeft. Het onbepaalde lidwoord zegt niet op zichzelf hoeveel problemen er zijn; het markeert hier een niet nader bepaald probleem. Voorbeeld: Jeg har et familieproblem. — “Ik heb een familieprobleem.” kan ikke geeft de ontkenning van kunnen weer. kan is de tegenwoordige vorm van kunne (“kunnen”); ikke ontkent wat erop volgt. In deze zin gaat het om niet in staat zijn om de genoemde handeling uit te voeren. Na een modaal werkwoord staat het volgende werkwoord in de infinitief, zoals in kan komme (“kan komen”) of kan ikke vente (“kan niet wachten”). tage hjemmefra is een herbruikbare combinatie. tage is de infinitief van tage (“nemen” of, afhankelijk van de context, “gaan/vertrekken”); met hjemmefra (“van huis, vanuit huis”) betekent de combinatie hier “van huis vertrekken”. Het is dus de hele combinatie, niet alleen tage, die deze betekenis heeft. Voorbeeld: Hun tager hjemmefra tidligt. — “Zij vertrekt vroeg van huis.” Samen vormt de zin: Der er opstået et familieproblem — “Er is een familieprobleem ontstaan” — gevolgd door og jeg kan ikke tage hjemmefra — “en ik kan niet van huis vertrekken”. og verbindt de nieuwe situatie met de mededeling van de spreker; jeg is de spreker en kan ikke tage hjemmefra beschrijft diens onmogelijkheid om van huis te vertrekken. De volledige betekenis is daarom: “Er is een familieprobleem ontstaan, en ik kan niet van huis.”

  4. Jeg forstår det, men jeg ville ønske, jeg havde vidst det tidligere.

    Ik begrijp het, maar ik wou dat ik het eerder had geweten.

    Jeg
    ik
    forstår
    begrijp
    det
    het
    men
    maar
    ville ønske
    wou dat
    havde vidst
    had geweten
    tidligere
    eerder
    Uitgebreide uitleg

    Jeg is de eerste persoon enkelvoud: “ik”. De vorm blijft gelijk als onderwerp; bij een andere persoon verandert het pronomen, bijvoorbeeld du = “jij”. forstår betekent hier “begrijp”. Dit is de tegenwoordige tijd van forstå (“begrijpen”): jeg forstår = “ik begrijp”. Voor een afgeronde handeling in het verleden staat bijvoorbeeld jeg forstod = “ik begreep”. det is een onzijdig enkelvoudig objectpronomen, hier “het”. De zin geeft niet aan waarnaar det precies verwijst; de vorm toont wel dat het als onzijdig enkelvoudig object wordt gebruikt. det kan ook in andere grammaticale rollen voorkomen, dus de concrete rol komt hier uit de plaats na forstår. men verbindt twee delen met een tegenstelling en betekent “maar”. ville ønske is een vaste, herbruikbare combinatie voor “zou willen / wou dat”. In deze zin staat ville bij het onderwerp jeg en drukt de wens uit; ønske is de infinitief “wensen”. Bijvoorbeeld: Jeg ville ønske, du var her. — “Ik wou dat je hier was.” havde vidst bestaat uit havde plus het voltooid deelwoord vidst van vide (“weten”). Samen is dit de voltooid verleden tijd. In de wenszin beschrijft die een eerdere situatie die de spreker als niet-vervuld presenteert: “had geweten”. Vergelijk jeg ved (“ik weet”), jeg vidste (“ik wist”) en jeg havde vidst (“ik had geweten”). Het deelwoord is dus vidst, niet een vorm van een ander werkwoord. tidligere betekent “eerder” of “vroeger” en vergelijkt het genoemde tijdstip met een later referentiepunt. Het is de vergrotende vorm van tidligt (“vroeg”): tidligt — tidligere — tidligst (“vroeg” — “eerder/vroeger” — “het vroegst”). Hier bepaalt tidligere dat het weten vóór een relevant eerder genoemd of begrepen moment had moeten plaatsvinden. Samen betekent Jeg forstår det, men jeg ville ønske, jeg havde vidst det tidligere.: “Ik begrijp het, maar ik wou dat ik het eerder had geweten.” Eerst wordt begrip in het heden uitgedrukt; na men volgt de wens over kennis die op een eerder moment al aanwezig had moeten zijn.

  5. Du har ret. Jeg burde have fortalt dig det, så snart jeg vidste det.

    Je hebt gelijk. Ik had het je moeten vertellen zodra ik het wist.

    Du har ret
    Je hebt gelijk
    burde have
    had moeten
    fortalt
    verteld
    dig
    je / jou
    det
    het
    så snart
    zodra
    vidste
    wist
    Uitgebreide uitleg

    Du har ret is een vaste manier om te zeggen dat iemand gelijk heeft. Du is de tweede persoon enkelvoud, har is de tegenwoordige tijd van have (“hebben”), en ret betekent hier “gelijk”. In een andere context kan ret ook “recht” betekenen. burde have vormt samen een terugblikkende verplichting: iets had moeten gebeuren. burde is de verleden vorm van bør (“moeten” in de zin van behoren); have is hier het hulpwerkwoord dat met een voltooid deelwoord een vroegere handeling uitdrukt. Het patroon burde have + voltooid deelwoord komt overeen met “had moeten + infinitief”, bijvoorbeeld: Jeg burde have ringet. — “Ik had moeten bellen.” fortalt is het voltooid deelwoord van fortælle (“vertellen”). Hier benoemt het de handeling die eerder had moeten plaatsvinden. dig is de objectsvorm van du: “je/jou” wanneer die persoon de ontvanger of het doelwit van de handeling is. In fortalt dig betekent het “het jou verteld”. det is hier het object van fortalt en betekent volgens de vaste vertaling “het”. Het voornaamwoord verwijst naar iets dat al uit de context bekend is, zonder dat de zin dat zelfstandig naamwoord opnieuw noemt. De vorm det is de enkelvoudige onzijdige vorm; de precieze referent wordt in deze zin niet benoemd. så snart is een voegwoordelijke tijdsuitdrukking met de betekenis “zodra” of “zo gauw als”. Ze leidt een bijzin in die aangeeft wanneer de handeling plaatsvindt. Bijvoorbeeld: Jeg ringer, så snart jeg er hjemme. — “Ik bel zodra ik thuis ben.” vidste is de verleden tijd van vide (“weten”). In jeg vidste det betekent het “ik wist het”. Bijvoorbeeld: Jeg vidste det ikke. — “Ik wist het niet.” Samen betekent de eerste zin Du har ret: “Je hebt gelijk.” Daarna verbindt Jeg burde have fortalt dig det de spreker (jeg) met de terugblikkende verplichting: de spreker had het aan de aangesprokene moeten vertellen. så snart jeg vidste det bepaalt het moment: zodra de spreker het wist. De volledige betekenis is: “Je hebt gelijk. Ik had het je moeten vertellen zodra ik het wist.”

  6. Det sætter jeg pris på. Jeg var allerede begyndt at gøre mig klar.

    Dat waardeer ik. Ik was al begonnen me klaar te maken.

    Det
    dat / het
    sætter … pris på
    waarderen
    Jeg var
    ik was
    allerede
    al
    begyndt
    begonnen
    gøre mig klar
    me klaarmaken
    Uitgebreide uitleg

    Det betekent hier volgens de vaste vertaling “dat” of “het”. Het staat vooraan als het naar voren gehaalde object van sætter pris på; de precieze zaak waarnaar het verwijst wordt in deze zin niet benoemd. De vorm det is een onzijdige vorm van dit aanwijzende/ persoonlijke voornaamwoord, maar de vorm alleen identificeert geen concrete referent. sætter pris på is een vaste Deense uitdrukking met de betekenis “waarderen”. Het werkwoord sætter is de tegenwoordige tijd van sætte; in deze uitdrukking betekent het niet letterlijk “plaatsen”. Het patroon is at sætte pris på noget — “iets waarderen”. Voorbeeld: Jeg sætter pris på din hjælp. — “Ik waardeer je hulp.” In Jeg var is jeg de eerste persoon enkelvoud: “ik”. var is de verleden tijd van at være, “zijn”. In de volledige zin vormt var samen met begyndt de vorm var begyndt, die hier betekent “was al begonnen” of natuurlijker “was al gestart”. allerede betekent “al” of “reeds” en geeft aan dat het beginnen vóór het relevante moment in het verleden had plaatsgevonden. Het verandert niet mee met persoon of aantal. Voorbeeld: Hun var allerede gået. — “Zij was al weggegaan.” begyndt is de voltooid deelwoordvorm van begynde, “beginnen”. In var begyndt staat het vóór de infinitiefconstructie at gøre ...; samen betekent dit “was begonnen om ...”. Voorbeeld: Jeg er begyndt at læse. — “Ik ben begonnen te lezen.” gøre mig klar betekent “me klaarmaken” of “me gereedmaken”. gøre is hier de infinitief van at gøre, “doen/maken”; mig is de reflexieve vorm die bij jeg hoort, en klar betekent “klaar”. Het algemene patroon is at gøre sig klar; het reflexieve voornaamwoord wisselt mee met het onderwerp. Voorbeeld: Hun gør sig klar. — “Zij maakt zich klaar.” De eerste zin heeft de volgorde Det sætter jeg pris på: het object Det staat vooraan, daarna komt de persoonsvorm sætter, en vervolgens het onderwerp jeg; pris på maakt de vaste uitdrukking af. De tweede zin combineert Jeg var met allerede en begyndt: “Ik was al begonnen”. at gøre mig klar zegt waarmee dat beginnen verband hield. Samen betekent de volledige uiting: “Dat waardeer ik. Ik was al begonnen me klaar te maken.”

  7. Lad mig gøre det godt igen ved at vælge en anden dato, der passer dig.

    Laat me het goedmaken door een andere datum te kiezen die jou uitkomt.

    Lad mig
    laat me
    gøre det godt igen
    het goedmaken
    ved at
    door te
    vælge
    kiezen
    anden
    andere
    dato
    datum
    passer dig
    jou uitkomen
    Uitgebreide uitleg

    Lad mig betekent hier “laat me” en vormt een verzoek of voorstel. lad is de gebiedende wijs van lade, en mig is de objectvorm van “ik”. Het daaropvolgende werkwoord staat in de infinitief. Voorbeeld: Lad mig hjælpe. — “Laat me helpen.” gøre det godt igen is een vaste uitdrukking voor iets herstellen of het goedmaken. gøre is de infinitief van gøre; igen voegt het idee van herstel of opnieuw toe. Voorbeeld: Jeg vil gøre det godt igen. — “Ik wil het goedmaken.” ved at leidt een manier of middel in en wordt gevolgd door een infinitief: “door te …”. Het beschrijft hier hoe de spreker het wil goedmaken. Voorbeeld: Hun lærer ved at øve sig. — “Ze leert door te oefenen.” vælge is de infinitief “kiezen”. Na ved at blijft deze vorm onveranderd: ved at vælge betekent “door te kiezen”. Voorbeeld: Han vælger en dato. — “Hij kiest een datum.” anden betekent hier “andere” en staat bij het enkelvoudige zelfstandig naamwoord dato. De vormen zijn onder meer anden bij een gemeenschappelijk geslacht enkelvoud, andet bij onzijdig enkelvoud en andre bij meervoud. Het is dus en anden dato, maar bijvoorbeeld et andet tidspunkt. dato betekent “datum”. Het is een zelfstandig naamwoord van het gemeenschappelijke geslacht: en dato; de bepaalde vorm is datoen. In en anden dato gaat het om een andere, nog niet nader bepaalde datum. passer dig betekent “jou uitkomt” of “jou schikt”. passer is de tegenwoordige tijd van passe; dig is de objectvorm voor “jou”. In de betrekkelijke bijzin verwijst der naar dato. De vorm passer verandert in het Deens niet naar persoon of getal; hij is dus niet specifiek een enkelvoudsvorm die door dato wordt veroorzaakt. Voorbeeld: Tirsdag passer mig. — “Dinsdag komt mij uit.” De hele zin bouwt zo op: Lad mig (“laat me”) + gøre det godt igen (“het goedmaken”) + ved at vælge (“door te kiezen”) + en anden dato (“een andere datum”) + der passer dig (“die jou uitkomt”). Samen betekent dit: “Laat me het goedmaken door een andere datum te kiezen die jou uitkomt.”

  8. Vi kan finde en ny dato, men bekræft det venligst, når der er kommet mere ro på.

    We kunnen een nieuwe afspraak maken, maar bevestig het alsjeblieft zodra alles wat rustiger is.

    Vi kan
    wij kunnen
    finde
    vinden
    en ny dato
    een nieuwe datum
    bekræft
    bevestig
    det
    het/dat
    venligst
    alsjeblieft
    når
    zodra/wanneer
    der er kommet
    er is gekomen
    mere
    meer
    ro
    rust
    på
    op
    Uitgebreide uitleg

    Vi kan drukt uit dat de spreker samen met anderen iets kan doen. kan is de tegenwoordige tijd van kunne; na een modaal werkwoord staat het volgende werkwoord in de infinitief: Vi kan finde = “Wij kunnen vinden”. finde betekent hier “vinden” in de zin van een datum zoeken of vastleggen. Het is de infinitief van finde en krijgt na kan geen persoonsuitgang. Voorbeeld: Vi kan finde en løsning. — “We kunnen een oplossing vinden.” en ny dato betekent “een nieuwe datum”. ny betekent “nieuw” en beschrijft dato. De vorm ny hoort hier bij een zelfstandig naamwoord van de gemeenschappelijke soort in het enkelvoud. Vergelijk et nyt forslag — “een nieuw voorstel” en nye datoer — “nieuwe datums”. dato betekent “datum”; het meervoud is datoer. en maakt de datum onbepaald en stelt op zichzelf geen afzonderlijk numeriek feit. bekræft is de gebiedende wijs van bekræfte, “bevestigen”. De vorm richt zich rechtstreeks tot de aangesprokene: Bekræft det. — “Bevestig het.” Hier is het een verzoek, niet een beschrijving van een feit. det is een onzijdig enkelvoudig voornaamwoord. Volgens de vaste vertaling verwijst het hier naar datgene wat bevestigd moet worden. Het voornaamwoord benoemt zelf niet welk zelfstandig naamwoord die zaak aanduidt. In bekræft det is det het object van bekræft. venligst betekent hier “alsjeblieft” en verzacht het verzoek. Samen met bekræft maakt het van de gebiedende wijs een beleefd verzoek. når leidt de tijdsbepaling in. In deze zin betekent het “wanneer” of “zodra”: de bevestiging wordt gevraagd op het moment dat de beschreven situatie is bereikt. Voorbeeld: Jeg ringer, når jeg er hjemme. — “Ik bel wanneer ik thuis ben.” der er kommet bevat de onpersoonlijke constructie der er plus kommet, het voltooid deelwoord van komme (“komen”). De constructie betekent hier dat er meer rust is gekomen of ontstaan; der verwijst niet naar een genoemde persoon. er kommet is de voltooide tijd met er als hulpwerkwoord, passend bij deze verandering van toestand. mere betekent “meer” en vergelijkt de hoeveelheid rust met een eerdere situatie. Het is de vergelijkende vorm van meget bij een niet-telbare hoeveelheid: meget ro = “veel rust”, mere ro = “meer rust”. ro betekent hier “rust” of “kalmte”. Het is een niet-telbaar zelfstandig naamwoord. In deze zin gaat het om een situatie waarin meer rust is ontstaan. på betekent letterlijk “op”. In ro på maakt het deel uit van de vaste formulering komme/få ro på; het moet hier niet als een gewone plaatsbepaling worden vertaald. In de volledige zin beschrijft der er kommet mere ro på dat de situatie rustiger is geworden. De constructie få ro på heeft een verwante betekenis: “rust in een situatie brengen” of, afhankelijk van de context, “tot rust komen”. Samen betekent Vi kan finde en ny dato dat er een nieuwe datum kan worden gevonden voor de afspraak. men — “maar” — leidt daarna het verzoek bekræft det venligst in: “bevestig het alsjeblieft”. De tijdsbepaling når der er kommet mere ro på geeft aan wanneer dat moet gebeuren: zodra alles wat rustiger is. De volledige betekenis is: “We kunnen een nieuwe afspraak maken, maar bevestig het alsjeblieft zodra alles wat rustiger is.”

  9. Jeg skriver til dig, når jeg ved mere.

    Ik stuur je een bericht als ik meer weet.

    skriver
    schrijf
    til dig
    aan jou
    når
    wanneer; als
    ved
    weet
    mere
    meer
    Uitgebreide uitleg

    skriver betekent hier dat de spreker schriftelijk contact zal opnemen. Het is de tegenwoordige vorm van skrive (“schrijven”): jeg skriver. In het Deens hebben werkwoorden in de tegenwoordige tijd doorgaans dezelfde vorm bij verschillende personen. Voorbeeld: Hun skriver hver dag. — “Zij schrijft elke dag.” til dig geeft de ontvanger aan: til betekent “aan/naar” en dig is de objectvorm van du (“jij”), die onder andere na een voorzetsel wordt gebruikt. Samen betekent dit “aan jou”. Voorbeeld: Jeg skriver til hende. — “Ik schrijf haar.” når leidt de tijdsbepaling in en betekent hier “wanneer” of, in deze Nederlandse vertaling, “als”. Het gaat om het moment waarop de genoemde voorwaarde of gebeurtenis zich voordoet, niet om een losse vraag. Voorbeeld: Jeg ringer, når jeg kommer hjem. — “Ik bel wanneer ik thuiskom.” ved betekent hier “weet”. De vorm hoort bij het werkwoord vide (“weten”): jeg ved. Voorbeeld: Jeg ved det ikke. — “Ik weet het niet.” mere betekent “meer”. Het is de vergelijkende vorm in de reeks meget – mere – mest (“veel – meer – meest”) en kan zelfstandig staan voor een grotere hoeveelheid of extra informatie. In ved mere betekent het dus “meer weten”, zonder dat een exact aantal wordt genoemd. Voorbeeld: Nu ved vi mere. — “Nu weten we meer.” De zin begint met Jeg skriver til dig: “Ik schrijf jou / Ik stuur je een bericht”. Daarna geeft når jeg ved mere aan wanneer dat gebeurt: “wanneer ik meer weet”. De hele uiting betekent daarmee: “Ik stuur je een bericht als ik meer weet.” De tegenwoordige vormen skriver en ved kunnen in deze constructie naar een toekomstige situatie verwijzen; når plaatst het contact op het moment dat de spreker over meer informatie beschikt.

  10. Jeg ved, at den sene ændring forstyrrede din aften.

    Ik weet dat deze late wijziging je avond heeft verstoord.

    Jeg ved
    ik weet
    sene
    late
    ændring
    wijziging
    forstyrrede
    verstoorde
    din
    je
    aften
    avond
    Uitgebreide uitleg

    Jeg ved betekent hier “ik weet”. ved is de tegenwoordige tijd van vide (“weten”): jeg ved = ik weet, du ved = jij weet. De combinatie kan een volgende inhoudelijke bijzin inleiden: Jeg ved, at ... = “Ik weet dat ...”. sene betekent hier “late”. Het is de vorm van het bijvoeglijk naamwoord sen bij ændring in een bepaalde naamwoordgroep: den sene ændring = “de late wijziging”. In het Deens krijgt het bijvoeglijk naamwoord in zo’n bepaalde enkelvoudige naamwoordgroep de uitgang -e; den markeert hier het gemeenschappelijke geslacht en de bepaaldheid. sen kan bijvoorbeeld ook in en sen aften (“een late avond”) staan. ændring betekent “wijziging” of “verandering”. Het is een zelfstandig naamwoord; het meervoud is ændringer. In den sene ændring is het een enkelvoudige bepaalde naamwoordgroep. De vorm ændring zelf draagt hier niet de -e-uitgang: die staat op het bijvoeglijk naamwoord sene. forstyrrede betekent hier “verstoorde”. Dit is de verleden tijd van forstyrre (“verstoren”). De verleden tijd heeft hier de vorm forstyrrede; in het Deens verandert deze vorm niet voor enkelvoud of meervoud. De eenvoudige verleden tijd kan in het Nederlands, zoals in de vaste vertaling, ook met heeft verstoord worden weergegeven. din betekent “je/jouw” en drukt bezit uit. Deze vorm staat bij een enkelvoudig zelfstandig naamwoord van het gemeenschappelijke geslacht, zoals aften; bij een onzijdig enkelvoud staat dit, en bij een meervoud staat dine. Bijvoorbeeld: din bog = “je boek”, maar dit hus = “je huis”. aften betekent “avond”. Het is een zelfstandig naamwoord van het gemeenschappelijke geslacht: en aften, “een avond”. In din aften betekent het “je avond”. De bijzin wordt ingeleid door at: Jeg ved, at ... = “Ik weet dat ...”. Het onderwerp van die bijzin is den sene ændring, en forstyrrede zegt wat die wijziging deed met din aften. Samen betekent de volledige zin: “Ik weet dat deze late wijziging je avond heeft verstoord.”

  11. Jeg håber, at alt er i orden med din familie.

    Ik hoop dat alles goed gaat met je familie.

    Jeg
    ik
    håber
    hoop
    alt
    alles
    i orden
    in orde; goed
    din
    je; jouw
    familie
    familie
    Uitgebreide uitleg

    Jeg betekent hier “ik” en is de eerste persoon enkelvoud. Het is het onderwerp van de hoofdzin. Het bijbehorende objectsvorm is mig, bijvoorbeeld: Hun ser mig. — “Zij ziet mij.” håber is de tegenwoordige tijd van at håbe — “hopen”. De uitgang -er markeert hier de tegenwoordige tijd; dezelfde vorm wordt gebruikt bij verschillende onderwerpen: Jeg håber en de håber. Voorbeeld: Jeg håber på godt vejr. — “Ik hoop op goed weer.” alt betekent hier “alles”. Het is de onzijdige vorm van al wanneer het zelfstandig wordt gebruikt als een onbepaald voornaamwoord. In deze zin verwijst het niet naar één genoemd zelfstandig naamwoord, maar vat het algemeen samen wat er “in orde” kan zijn. Een bruikbaar contrast is alle voor meervoud: Alle er klar. — “Iedereen is klaar.” i orden is een vaste uitdrukking met de betekenis “in orde” of, in deze context, “goed”. De letterlijke onderdelen moet je hier niet afzonderlijk als een plaatsaanduiding interpreteren. Voorbeeld: Alt er i orden. — “Alles is in orde.” din betekent “je/jouw” en staat vóór familie. Deze bezittelijke vorm hoort bij één bezitter en een enkelvoudig zelfstandig naamwoord van het gemeenschappelijke geslacht, zoals familie. De vorm verandert volgens het zelfstandig naamwoord: dit hus — “je huis” (onzijdig enkelvoud), dine venner — “je vrienden” (meervoud). din geeft bezit of verbondenheid aan, niet op zichzelf het aantal bezitters. familie betekent “familie”. Het is hier een enkelvoudig zelfstandig naamwoord: het gaat om de familie als geheel. Het bepaalde enkelvoud is familien — “de familie”; het onbepaalde meervoud is familier — “families”. In din familie staat het zelfstandig naamwoord onbepaald, omdat het bezittelijke woord de bepalende functie al vervult. Samen vormen de delen: Jeg håber = “ik hoop”, gevolgd door at en de bijzin alt er i orden med din familie = “dat alles goed is met je familie”. De volledige betekenis is dus: “Ik hoop dat alles goed gaat met je familie.” De tegenwoordige tijd in håber presenteert dit als de huidige hoop; de bijzin zegt wat de inhoud van die hoop is.

Grammatica

så snart + bijzin

Så snart du skriver, er det i orden.

Soo snàd duu sgree-veh, èr de ie oo-den.

Zodra je schrijft, is het in orde.

‘Så snart’ leidt een bijzin in. In de hoofdzin staat het werkwoord vóór het onderwerp: ‘er det’.

ærgerlig → ærgerligt na ‘det er’

Det er ærgerligt.

Dee è èr-eh-lit.

Dat is jammer.

Na ‘det er’ krijgt het bijvoeglijk naamwoord de onzijdige vorm: ‘ærgerligt’ in plaats van ‘ærgerlig’.

Deens woordenschat

aflyse werkwoord
au-luu-seh afzeggen; annuleren

Jeg er nødt til at aflyse vores aftale.

aftale zelfstandig naamwoord
au-tè-leh afspraak
Geslacht
common

vores aftale

akut bijvoeglijk naamwoord
a-koed dringend; acuut

Er der sket noget akut?

familieproblem zelfstandig naamwoord
fa-mie-lie-proo-blem familieprobleem
Geslacht
neuter

et familieproblem

forstå werkwoord
for-stoor begrijpen forstår

Jeg forstår det.

i aften uitdrukking
ie auw-den vanavond

vores aftale i aften

ked af uitdrukking
kee-dh au spijtig; het spijt me

Det er jeg virkelig ked af.

nødt bijvoeglijk naamwoord
neud genoodzaakt

Jeg er nødt til at aflyse vores aftale.

opstå werkwoord
op-stoo ontstaan opstået

Der er opstået et familieproblem.

tage hjemmefra uitdrukking
tè yem-me-fra van huis vertrekken

jeg kan ikke tage hjemmefra

virkelig bijwoord
veer-lie echt

Det er jeg virkelig ked af.

ærgerlig bijvoeglijk naamwoord
èr-eh-lie jammer; teleurstellend ærgerligt
Geslacht
neuter

Det er ærgerligt.

Quiz

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

dringend; acuut

Antwoord tonenakut

ontstaan

Antwoord tonenopstået

echt

Antwoord tonenvirkelig

genoodzaakt

Antwoord tonennødt