Jeg
‘Jeg’ betekent ‘ik’ en verwijst hier naar de persoon die haar portemonnee niet kan vinden. Aan het begin van een zin wordt deze vorm met een hoofdletter geschreven; midden in een zin staat ‘jeg’ met een kleine letter. Je gebruikt het om jezelf als handelende persoon aan te geven.
kan
‘Kan’ geeft hier aan dat iemand iets kan of probeert te doen: de portemonnee kunnen vinden. Het staat vóór de infinitief ‘finde’, zonder ‘at’. Je gebruikt ‘kan’ bijvoorbeeld om een mogelijkheid of vermogen uit te drukken.
ikke
‘Ikke’ maakt de handeling negatief: de spreker kan de portemonnee niet vinden. Het staat in deze zin vóór de werkwoordelijke groep ‘kan ... finde’. Je gebruikt het om te zeggen dat iets niet gebeurt of niet mogelijk is.
finde
‘Finde’ betekent hier ‘vinden’ en staat als infinitief na ‘kan’ in ‘kan ikke finde’. Je gebruikt deze vorm wanneer iemand iets probeert te lokaliseren of terug te vinden, bijvoorbeeld een voorwerp.
min
‘Min’ betekent ‘mijn’ en geeft aan dat de portemonnee van de spreker is. Het staat vóór het zelfstandig naamwoord in ‘min tegnebog’. Je gebruikt het voor een bezit dat bij jezelf hoort.
tegnebog
‘Tegnebog’ betekent ‘portemonnee’ en is hier het voorwerp dat de spreker kwijt is. In ‘min tegnebog’ staat het na het bezittelijk woord ‘min’. Je gebruikt het wanneer je over een portemonnee of vergelijkbaar persoonlijk voorwerp praat.
og
‘Og’ betekent ‘en’ en verbindt hier twee mededelingen over de portemonnee. Het koppelt ‘Jeg kan ikke finde min tegnebog’ aan ‘jeg havde den sidst på caféen’. Je gebruikt het om woorden, woordgroepen of zinnen naast elkaar te plaatsen.
havde
‘Havde’ betekent hier ‘had’ en beschrijft dat de spreker de portemonnee eerder bij zich had. Het staat bij ‘jeg’ in ‘jeg havde den’. Je gebruikt het om bezit of aanwezigheid op een eerder moment te beschrijven.
den
‘Den’ verwijst hier terug naar de eerder genoemde portemonnee, zodat ‘tegnebog’ niet opnieuw hoeft te worden herhaald. Het staat als voorwerp in ‘jeg havde den’. Je gebruikt het om naar een al bekend voorwerp te verwijzen.
sidst
‘Sidst’ betekent hier ‘voor het laatst’ en geeft aan wanneer of waar de spreker de portemonnee nog had. In ‘havde den sidst på caféen’ bepaalt het de meest recente herinnerde situatie. Je gebruikt het om naar het laatste bekende moment te verwijzen.
på
‘På’ geeft hier de locatie aan in ‘på caféen’: bij of in het café. Het verbindt de handeling ‘havde den sidst’ met de plaats. Je gebruikt ‘på’ in vaste plaatsuitdrukkingen en bij bepaalde locaties.
caféen
‘Caféen’ betekent hier ‘het café’ en verwijst naar een specifiek café dat in de situatie bekend is. De vorm is een bepaalde vorm van het woord voor café. Je gebruikt deze vorm wanneer je naar dat concrete café verwijst.
Forbered
‘Forbered’ is een directe opdracht: bereid een beschrijving voor. Het staat aan het begin van de instructie vóór ‘en beskrivelse’. Je gebruikt deze vorm wanneer je iemand vraagt iets klaar te maken voordat een volgende handeling begint.
en
‘En’ betekent hier ‘een’ en introduceert één nog niet eerder genoemde beschrijving in ‘en beskrivelse’. Het staat vóór het zelfstandig naamwoord. Je gebruikt het om een enkel, niet nader bepaald voorwerp of begrip te noemen.
beskrivelse
‘Beskrivelse’ betekent ‘beschrijving’ en verwijst hier naar informatie over het uiterlijk van de portemonnee. In ‘en beskrivelse af, hvordan tegnebogen ser ud’ wordt aangegeven waarvan de beschrijving gaat. Je gebruikt het bijvoorbeeld om een voorwerp herkenbaar te omschrijven.
af
‘Af’ verbindt hier ‘beskrivelse’ met de inhoud van die beschrijving: ‘hvordan tegnebogen ser ud’. Het betekent in deze combinatie ongeveer ‘van’ of ‘over’. Je gebruikt het in het patroon ‘en beskrivelse af ...’ om het onderwerp van een beschrijving aan te geven.
hvordan
‘Hvordan’ betekent ‘hoe’ en leidt hier de beschrijving van het uiterlijk van de portemonnee in. Het staat vóór ‘tegnebogen ser ud’. Je gebruikt het om te vragen of beschrijven op welke manier iets eruitziet of gebeurt.
tegnebogen
‘Tegnebogen’ betekent hier ‘de portemonnee’ en verwijst naar de specifieke portemonnee uit de situatie. Het is de bepaalde vorm van ‘tegnebog’, dat ook eerder in de dialoog staat. Je gebruikt deze vorm wanneer de gesprekspartners weten over welke portemonnee het gaat.
ser ud
‘Ser ud’ betekent samen ‘eruitzien’ en beschrijft hier het uiterlijk van de portemonnee. ‘Ser’ en ‘ud’ vormen samen de uitdrukking; je vertaalt ze hier dus niet los van elkaar. Een bruikbaar patroon is ‘hvordan X ser ud’ wanneer je vraagt of vertelt hoe iets eruitziet.
før
‘Før’ betekent ‘voordat’ en plaatst het bellen na de voorbereiding van de beschrijving. In ‘før du ringer’ leidt het een tijdsbepaling in. Je gebruikt het om aan te geven dat één handeling eerder moet gebeuren dan een andere.
du
‘Du’ betekent ‘je’ en verwijst naar de aangesproken persoon die moet bellen. Het staat in ‘før du ringer’. Je gebruikt het om rechtstreeks tegen één gesprekspartner te spreken.
ringer
‘Ringer’ betekent hier ‘belt’ en beschrijft de handeling van de aangesproken persoon. Het staat in ‘før du ringer’ en past bij het onderwerp ‘du’. Je gebruikt het wanneer iemand telefonisch contact opneemt.
Det
‘Det’ verwijst hier naar het voorwerp dat wordt beschreven: de portemonnee. In ‘Det er en lille sort tegnebog’ introduceert het de beschrijving van dat voorwerp. Je gebruikt het ook in vergelijkbare zinnen waarin je een voorwerp identificeert of beschrijft.
er
‘Er’ verbindt het voorwerp met zijn beschrijving in ‘Det er en lille sort tegnebog’. Het betekent hier ‘is’. Je gebruikt het in patronen zoals ‘Det er ...’ om te zeggen wat iets is of hoe iets eruitziet.
lille
‘Lille’ betekent ‘klein’ en beschrijft hier het formaat van de portemonnee. Het staat vóór ‘sort tegnebog’ in ‘en lille sort tegnebog’. Je gebruikt het vóór een zelfstandig naamwoord om een klein formaat aan te geven.
sort
‘Sort’ betekent ‘zwart’ en geeft hier de kleur van de portemonnee aan. Het staat tussen ‘lille’ en ‘tegnebog’. Je gebruikt het om een voorwerp met een kleur te beschrijven.
med
‘Med’ betekent ‘met’ en voegt hier een kenmerk toe aan de portemonnee: een versleten hoek. Het staat in ‘en tegnebog med et slidt hjørne’. Je gebruikt het patroon ‘X med Y’ om eigenschappen of onderdelen van een voorwerp te noemen.
et
‘Et’ betekent hier ‘een’ en introduceert het zelfstandig naamwoord ‘hjørne’. Het staat vóór ‘slidt hjørne’. Je gebruikt het om één nog niet nader bepaald voorwerp te noemen.
slidt
‘Slidt’ betekent ‘versleten’ en beschrijft de toestand van de hoek. Het staat vóór ‘hjørne’ in ‘et slidt hjørne’. Je gebruikt het om zichtbare slijtage of een versleten onderdeel van een voorwerp te beschrijven.
hjørne
‘Hjørne’ betekent ‘hoek’ en verwijst hier naar een hoek van de portemonnee. In ‘et slidt hjørne’ wordt dit onderdeel als herkenningsdetail genoemd. Je gebruikt het voor een hoek van bijvoorbeeld een voorwerp, ruimte of oppervlak.
burde
‘Burde’ geeft hier een verwachting of redelijke waarschijnlijkheid aan: de beschrijving zou het personeel moeten helpen. Het staat vóór de infinitief ‘hjælpe’. Je gebruikt het om een verwachte uitkomst of een milde aanbeveling uit te drukken, zonder absolute zekerheid.
hjælpe
‘Hjælpe’ betekent ‘helpen’ en staat na ‘burde’ in ‘burde hjælpe personalet’. Het geeft aan dat de beschrijving het personeel ondersteunt bij het controleren. Je gebruikt het bijvoorbeeld in het patroon ‘hjælpe nogen med at ...’.
personalet
‘Personalet’ betekent ‘het personeel’ en verwijst hier naar de medewerkers van het café. De vorm duidt op het specifieke personeel dat de portemonnee kan controleren. Je gebruikt het voor een groep medewerkers als geheel.
at
‘At’ markeert hier de infinitief in ‘at tjekke’. Het verbindt de hulp van het personeel met de handeling die zij kunnen uitvoeren. Je gebruikt ‘at’ onder andere vóór een infinitief na uitdrukkingen zoals ‘hjælpe med’.
tjekke
‘Tjekke’ betekent ‘controleren’ of ‘nakijken’ en verwijst hier naar het controleren of de beschreven portemonnee is gevonden. Het staat in ‘at tjekke det’. Je gebruikt het wanneer iemand iets controleert om informatie of overeenstemming vast te stellen.
uden
‘Uden’ betekent ‘zonder’ en geeft hier aan dat het personeel kan controleren zonder om privégegevens te vragen. Het staat vóór ‘at spørge’. Je gebruikt het patroon ‘uden at ...’ om te zeggen dat een tweede handeling niet plaatsvindt.
spørge
‘Spørge’ betekent ‘vragen’ en staat na ‘uden at’ in ‘uden at spørge efter private oplysninger’. Hier gaat het om het opvragen van gevoelige informatie. Je gebruikt het patroon ‘spørge efter ...’ wanneer je naar iets vraagt of om iets verzoekt.
efter
‘Efter’ betekent hier ‘naar’ in de vaste combinatie ‘spørge efter private oplysninger’: ergens naar vragen of om iets vragen. Het geeft aan waar de vraag op gericht is. Je gebruikt ‘spørge efter’ bijvoorbeeld bij het opvragen van informatie of een voorwerp.
private
‘Private’ betekent ‘privé-’ en beschrijft hier de aard van de informatie. Het staat vóór ‘oplysninger’ in ‘private oplysninger’. Je gebruikt het om aan te geven dat informatie persoonlijk of niet voor iedereen bestemd is.
oplysninger
‘Oplysninger’ betekent hier ‘gegevens’ of ‘informatie’, in het bijzonder persoonlijke gegevens. Het staat in ‘private oplysninger’ en later als onderwerp van identificatie. Je gebruikt het voor concrete informatie die iemand kan verstrekken of beschermen.
forklarer
‘Forklarer’ betekent hier ‘legt uit’ en beschrijft wat de spreker telefonisch zal toelichten. Het staat naast ‘ringer’ in ‘ringer og forklarer’. Je gebruikt het wanneer je informatie, een situatie of een reden duidelijk maakt.
hvornår
‘Hvornår’ betekent ‘wanneer’ en leidt de informatie over het tijdstip van de ontdekking in. In ‘hvornår jeg opdagede’ vraagt het naar het moment waarop de spreker merkte dat de portemonnee ontbrak. Je gebruikt het om naar een tijdstip of moment te verwijzen.
opdagede
‘Opdagede’ betekent hier ‘merkte’ of ‘ontdekte’ en verwijst naar het moment waarop de spreker besefte dat de portemonnee vermist was. Het staat in de bijzin ‘at den manglede’. Je gebruikt het wanneer iemand iets vaststelt dat hij of zij eerder niet wist.
manglede
‘Manglede’ betekent hier dat de portemonnee ontbrak of vermist was. Het beschrijft in ‘at den manglede’ de toestand die de spreker ontdekte. Je gebruikt het om aan te geven dat iets niet aanwezig of niet beschikbaar was.
Nævn
‘Nævn’ is een directe opdracht om enkele voorwerpen te noemen. Het staat vóór ‘et par ting’. Je gebruikt deze vorm wanneer je iemand vraagt specifieke informatie of voorbeelden op te sommen.
par
‘Par’ betekent hier ‘een paar’ of ‘enkele’ in ‘et par ting’. Het geeft een kleine, niet precies bepaalde hoeveelheid aan. Je gebruikt het patroon ‘et par + meervoudig zelfstandig naamwoord’ voor een paar voorbeelden of voorwerpen.
ting
‘Ting’ betekent hier ‘dingen’ of ‘voorwerpen’ en verwijst naar enkele voorwerpen in de portemonnee. Het staat na ‘et par’. Je gebruikt het voor concrete zaken wanneer je ze niet specifieker benoemt.
der
‘Der’ verwijst hier naar de dingen waarover de bijzin extra informatie geeft in ‘ting, der ligger i den’. Het leidt de beschrijving in van de voorwerpen die in de portemonnee liggen. Je gebruikt het om een zelfstandig naamwoord met een beschrijvende bijzin te verbinden.
ligger
‘Ligger’ betekent hier ‘ligt’ of ‘bevindt zich’ en beschrijft waar de voorwerpen zich bevinden. Het staat in ‘der ligger i den’. Je gebruikt het voor iets dat zich op een bepaalde plaats bevindt, ook wanneer het in een tas of portemonnee zit.
i
‘I’ betekent ‘in’ en geeft hier aan dat de voorwerpen zich binnen in de portemonnee bevinden. Het staat in ‘i den’. Je gebruikt het om de binnenkant of een andere plaats waar iets zich bevindt aan te geven.
men
‘Men’ betekent ‘maar’ en verbindt het advies om enkele voorwerpen te noemen met de waarschuwing om geen documentgegevens te delen. Het markeert dus een tegenstelling tussen twee instructies. Je gebruikt het om twee mededelingen met tegengestelde of beperkte inhoud te verbinden.
del
‘Del’ is een directe opdracht om informatie te delen, maar in ‘del ikke oplysninger’ wordt die opdracht door ‘ikke’ ontkend. Het staat vóór het voorwerp ‘oplysninger’. Je gebruikt deze vorm om iemand te instrueren iets wel of juist niet met anderen te delen.
fra
‘Fra’ betekent hier ‘uit’ of ‘vanuit’ en geeft aan dat de gegevens afkomstig zijn uit persoonlijke documenten. Het staat in ‘oplysninger fra personlige dokumenter’. Je gebruikt het om de bron of herkomst van informatie aan te geven.
personlige
‘Personlige’ betekent ‘persoonlijke’ en beschrijft de documenten als documenten die bij een persoon horen. Het staat vóór ‘dokumenter’. Je gebruikt het om documenten of informatie als persoonlijk te karakteriseren.
dokumenter
‘Dokumenter’ betekent ‘documenten’ en verwijst hier naar persoonlijke documenten die informatie bevatten. Het staat na ‘personlige’ in ‘personlige dokumenter’. Je gebruikt het voor officiële of andere geschreven documenten.
foto
‘Foto’ betekent ‘foto’ en is hier één van de herkenningsdetails in de portemonnee. Het staat na ‘et’ in ‘et foto’. Je gebruikt het wanneer je een afbeelding als inhoud of kenmerk van een voorwerp noemt.
sammenfoldet
‘Sammenfoldet’ betekent ‘opgevouwen’ en beschrijft de toestand van het briefje of bericht. Het staat vóór ‘besked’ in ‘en sammenfoldet besked’. Je gebruikt het om te zeggen dat papier of een vergelijkbaar voorwerp gevouwen is.
besked
‘Besked’ betekent hier ‘briefje’ of ‘bericht’ en verwijst naar een opgevouwen geschreven boodschap in de portemonnee. In ‘en sammenfoldet besked’ wordt het fysieke herkenningsdetail benoemd. Je gebruikt het voor een korte geschreven of mondelinge mededeling, afhankelijk van de context.
De
‘De’ betekent hier ‘zij’ of ‘ze’ en verwijst naar de medewerkers die mogelijk de portemonnee hebben gevonden. Het staat als onderwerp in ‘Hvis de har den’. Je gebruikt het om naar meerdere eerder genoemde personen te verwijzen.
være
‘Være’ betekent ‘zijn’ en staat als infinitief na ‘burde’ in ‘burde være nok’. Het maakt deel uit van de beoordeling dat de gegevens voldoende zijn. Je gebruikt het na een modaal werkwoord om een toestand of eigenschap uit te drukken.
nok
‘Nok’ betekent hier ‘genoeg’ en geeft aan dat de genoemde gegevens voldoende zouden moeten zijn om de portemonnee te herkennen. Het staat in ‘være nok til at identificere’. Je gebruikt het patroon ‘nok til at ...’ om voldoende middel of informatie voor een handeling aan te geven.
til
‘Til’ verbindt hier ‘nok’ met de handeling ‘identificere’: genoeg om iets te identificeren. Het staat in het patroon ‘nok til at ...’. Je gebruikt deze combinatie om het doel of de mogelijke handeling na een hoeveelheid of beoordeling aan te geven.
identificere
‘Identificere’ betekent ‘identificeren’ en verwijst hier naar het veilig vaststellen welke portemonnee van de spreker is. Het staat na ‘til at’. Je gebruikt het wanneer kenmerken of informatie helpen om een specifiek voorwerp of persoon te herkennen.
sikkert
‘Sikkert’ betekent hier ‘veilig’ en beschrijft de manier waarop de portemonnee kan worden geïdentificeerd. Het staat na ‘identificere’ in ‘identificere den sikkert’. Je gebruikt het om aan te geven dat een handeling met aandacht voor veiligheid gebeurt.
Hvis
‘Hvis’ betekent ‘als’ en leidt de voorwaarde in dat de medewerkers de portemonnee hebben. Het staat aan het begin van ‘Hvis de har den’. Je gebruikt het om een voorwaarde te formuleren voor wat daarna mogelijk is.
har
‘Har’ betekent hier ‘hebben’ en beschrijft of de medewerkers de portemonnee in hun bezit hebben. Het staat na ‘de’ in de voorwaardelijke bijzin. Je gebruikt het om bezit of beschikbaarheid aan te geven.
aftale
‘Aftale’ betekent hier ‘afspreken’ of ‘regelen’ en verwijst naar het regelen van een moment om de portemonnee op te halen. Het staat in ‘kan jeg aftale et tidspunkt’. Je gebruikt het met een tijdstip of afspraak wanneer twee partijen een moment vastleggen.
tidspunkt
‘Tidspunkt’ betekent ‘tijdstip’ en verwijst hier naar het afgesproken moment voor het ophalen van de portemonnee. Het is het voorwerp van ‘aftale’. Je gebruikt het wanneer je een concreet moment in de tijd wilt vastleggen.
hvor
‘Hvor’ betekent hier ‘waarop’ of ‘waarbij’ en verwijst naar het tijdstip in ‘et tidspunkt, hvor jeg kan hente den’. Het leidt een bijzin in die zegt wat er op dat moment kan gebeuren. Je gebruikt het na een tijdsaanduiding om een gebeurtenis aan dat moment te koppelen.
hente
‘Hente’ betekent ‘ophalen’ en staat na ‘kan’ in ‘kan hente den’. Het verwijst naar het zelf gaan halen van de teruggevonden portemonnee. Je gebruikt het voor het ophalen van een voorwerp bij een persoon of op een plaats.
Ring
‘Ring’ is een directe opdracht om te bellen. Het staat aan het begin van ‘Ring nu’. Je gebruikt deze vorm wanneer je iemand vraagt onmiddellijk telefonisch contact op te nemen.
nu
‘Nu’ betekent ‘nu’ en maakt de opdracht ‘Ring nu’ onmiddellijk. Het geeft aan dat het bellen meteen moet gebeuren. Je gebruikt het om het huidige moment of een onmiddellijke actie aan te geven.
så
‘Så’ betekent hier ‘dan’ en verbindt het bellen met wat de andere persoon ondertussen zal doen. In ‘Ring nu, så tjekker jeg ...’ geeft het een gevolg of daaropvolgende handeling aan. Je gebruikt het om twee handelingen als oorzaak en gevolg of als opeenvolgende acties te verbinden.
tjekker
‘Tjekker’ betekent hier ‘controleer’ of ‘kijk na’ en beschrijft wat de spreker doet nadat de ander belt. Het staat in ‘så tjekker jeg din taske igen’. Je gebruikt het wanneer je iets opnieuw controleert om zeker te zijn dat het niet over het hoofd is gezien.
din
‘Din’ betekent ‘jouw’ en geeft aan dat de tas van de aangesproken persoon is. Het staat vóór ‘taske’ in ‘din taske’. Je gebruikt het om bezit of verbondenheid met de gesprekspartner aan te geven.
taske
‘Taske’ betekent ‘tas’ en verwijst hier naar de tas die opnieuw wordt gecontroleerd. Het staat na ‘din’. Je gebruikt het voor een tas waarin iemand persoonlijke voorwerpen bij zich draagt.
igen
‘Igen’ betekent ‘opnieuw’ en geeft aan dat de tas nog een keer wordt gecontroleerd. Het staat na ‘tjekker din taske’. Je gebruikt het om een herhaalde handeling aan te geven.
mens
‘Mens’ betekent ‘terwijl’ en verbindt het controleren van de tas met het wachten van de andere persoon. In ‘mens du venter’ vinden de twee handelingen tegelijkertijd plaats. Je gebruikt het om gelijktijdige handelingen in twee delen van een zin te verbinden.
venter
‘Venter’ betekent ‘wacht’ en beschrijft wat de aangesproken persoon doet tijdens het controleren van de tas. Het staat in ‘mens du venter’. Je gebruikt het wanneer iemand tijdelijk niets doet totdat een gebeurtenis of persoon beschikbaar is.