Elke dag 10 minuten gratis
Ga verder met audiolessen in de app
Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.
Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm
Kies je leertaal en open deze les in de app.
Over deze les
Met Pauzeren met een schildercursus oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het deens.
Dialoog
Jeg er ikke sikker på, om jeg vil fortsætte på malekurset.
Jaj a egge sekkə po, om jaj vel fo-tsedə po meele-koeset. Ik weet niet zeker of ik met de schildercursus door wil gaan.Er du ved at miste interessen, eller er den faste forpligtelse for meget?
A doo vee a mesdə interesse(n), eller a den feste fo-plegdəlsə fo meed? Verlies je je interesse, of is de vaste verplichting te veel?Lidt af begge dele. Jeg kan godt lide at male, men kurset føles stressende.
Led a begge deele. Jaj kan got lie a meele, men koeset feules sdressənə. Een beetje van allebei. Ik vind schilderen leuk, maar de cursus voelt stressvol.Måske er hobbyen gået fra at være afslappende til at blive endnu en forpligtelse.
Mooske a hobbi-en go-et fra a weere au-slabənə til a bliewe ennoe en fo-plegdəlsə. Misschien is de hobby veranderd van iets ontspannends in een nieuwe verplichting.Ja, det føles mindre som sjov og mere som endnu en opgave.
Jaa, deet feules minder som sjoow en meere som ennoe en owgawe. Ja, het voelt minder als plezier en meer als nog een taak.Du kunne i stedet bare øve dig derhjemme.
Doo koene i sdede baa euwe saj deerjemme. Je zou in plaats daarvan gewoon thuis kunnen oefenen.Så kan jeg beholde fordelen uden en fast tidsplan.
Soo kan jaj beholde fordelən oeden en fesd tiespleen. Dan kan ik het voordeel behouden zonder een vast schema.Hobbyer skal passe til dit liv, ikke kun til den person, du gerne vil være.
Hobbiər sgeel pesse tel deet lie, egge koen tel den persoon, doo gerne vel weere. Hobby's moeten bij je leven passen, niet alleen bij de persoon die je graag wilt zijn.Måske ville en pause fra kurset vise, om jeg savner det.
Mooske ville en pauwse fra koeset wieze, om jaj sauwna de. Misschien zou een pauze van de cursus laten zien of ik hem mis.Det er bedre end pludselig at stoppe eller tvinge dig selv.
Deet a bedre enn ploetsləli a sdobə eller twengə saj selv. Dat is beter dan plotseling stoppen of jezelf dwingen.Uitleg van de zinnen
Jeg er ikke sikker på, om jeg vil fortsætte på malekurset.
Ik weet niet zeker of ik met de schildercursus door wil gaan.
- Jeg er
- ik ben
- ikke
- niet
- sikker på
- zeker van; zeker of
- om
- of
- vil
- wil
- fortsætte
- doorgaan
- malekurset
- de schildercursus
Uitgebreide uitleg
Jeg er betekent hier “ik ben”. Jeg is de eerste persoon enkelvoud; het werkwoord er is de tegenwoordige tijd van være (“zijn”). De vaste combinatie jeg er ... is een bruikbaar patroon om een toestand of beoordeling over jezelf uit te drukken. ikke maakt de uitdrukking negatief: “niet”. In deze zin ontkent het de zekerheid, niet het doorgaan zelf. sikker på betekent hier “zeker zijn van”. Het bijvoeglijk naamwoord sikker heeft de basisvorm sikker; in deze uitdrukking wordt het gevolgd door på. Voorbeeld: Jeg er sikker på svaret. — “Ik ben zeker van het antwoord.” om leidt hier een indirecte ja/nee-vraag in: “of”. Het verbindt de onzekerheid met de vraag of de spreker wil doorgaan. Dit is niet het voorzetsel om in een betekenis als “over” of “rond”. vil is de tegenwoordige vorm van ville. Hier drukt het de wil of intentie van de spreker uit: “wil”. Na vil staat de infinitief zonder apart infinitiefteken, zoals in vil fortsætte (“wil doorgaan”). fortsætte betekent “doorgaan” of “voortzetten”. Dit is de infinitiefvorm; na vil blijft die vorm staan. Voorbeeld: Hun vil fortsætte. — “Zij wil doorgaan.” malekurset betekent “de schildercursus”. Het zelfstandig naamwoord is het samengestelde woord malekursus (“schildercursus”). De uitgang -et maakt het bepaald: et kursus is “een cursus” en kurset is “de cursus”. Het eerste deel male verwijst naar schilderen; de combinatie benoemt dus een cursus in schilderen. Samen vormen de delen: Jeg er ikke sikker på (“Ik weet niet zeker”), gevolgd door om jeg vil fortsætte (“of ik wil doorgaan”) en på malekurset (“met de schildercursus / op de schildercursus”). Het tweede på hoort bij het doorgaan met een activiteit of traject. De volledige betekenis is: “Ik weet niet zeker of ik met de schildercursus door wil gaan.”
Er du ved at miste interessen, eller er den faste forpligtelse for meget?
Verlies je je interesse, of is de vaste verplichting te veel?
- Er du
- ben je
- ved at
- bezig met
- miste
- verliezen
- interessen
- de interesse
- faste
- vaste
- forpligtelse
- verplichting
- for meget
- te veel
Uitgebreide uitleg
Er du opent een ja/nee-vraag. De persoonsvorm er staat vóór du; in een mededelende zin staat de volgorde bijvoorbeeld du er .... Er is hier de tegenwoordige vorm van være (“zijn”). ved at is een Deense constructie voor een handeling die bezig is of zich aan het voltrekken is. Het daaropvolgende werkwoord staat in de infinitief: ved at lære = “bezig zijn te leren”. In deze zin vormt ved at miste dus één patroon: bezig zijn interesse te verliezen. miste is de infinitief van het werkwoord miste (“verliezen”). De infinitief heeft hier geen aparte persoonsuitgang. Een bruikbaar contrast is jeg mister interessen = “ik verlies mijn interesse” tegenover jeg har mistet interessen = “ik ben mijn interesse kwijtgeraakt”. interessen is de bepaalde enkelvoudsvorm van interesse (“interesse”): interesse → interessen. Samen met miste ontstaat de herbruikbare combinatie miste interessen, “de interesse verliezen”. faste is de vorm van het bijvoeglijk naamwoord fast (“vast”) die hier in een bepaalde naamwoordgroep staat. Na den krijgt het bijvoeglijk naamwoord in den faste forpligtelse de uitgang -e; het is fast dat deze vorm heeft, niet forpligtelse. Dezelfde vorm faste kan ook bij meervoud voorkomen. forpligtelse betekent “verplichting”. Het is een zelfstandig naamwoord; de bepaalde vorm is forpligtelsen (“de verplichting”). In de bron staat het in de woordgroep den faste forpligtelse, waarbij den de bepaalde enkelvoudige woordgroep inleidt. for meget betekent “te veel”. Het beschrijft hier de mate of belasting van de verplichting. Vergelijk: Det er for meget = “Dat is te veel.” De twee vragen worden verbonden door eller (“of”). Eerst vraagt Er du ved at miste interessen? of je bezig bent je interesse te verliezen. Daarna vraagt eller er den faste forpligtelse for meget? of de vaste verplichting te veel is. Samen betekent de vraag: “Verlies je je interesse, of is de vaste verplichting te veel?”
Lidt af begge dele. Jeg kan godt lide at male, men kurset føles stressende.
Een beetje van allebei. Ik vind schilderen leuk, maar de cursus voelt stressvol.
- Lidt af begge dele
- Een beetje van allebei
- kan godt lide
- leuk vinden
- male
- schilderen
- kurset
- de cursus
- føles
- aanvoelen
- stressende
- stressvol
Uitgebreide uitleg
Lidt af begge dele betekent hier “een beetje van allebei”. Lidt betekent “een beetje” en drukt een kleine hoeveelheid of beperkte mate uit. Begge betekent “beide” en verwijst naar precies twee zaken; dele is het meervoud van del (“deel”). Samen vormt begge dele een vaste manier om naar beide eerder genoemde opties of aspecten te verwijzen, zonder ze opnieuw te benoemen. kan godt lide is de Deense constructie voor “leuk vinden” of “houden van”. Kan is de tegenwoordige vorm van kunne (“kunnen”); godt is hier een bijwoord in deze vaste combinatie, en lide staat in de infinitief. De combinatie betekent niet letterlijk dat iemand iets alleen maar kan doen: in Jeg kan godt lide ... betekent zij dat de spreker iets prettig vindt. Voorbeeld: Jeg kan godt lide kaffe. — “Ik vind koffie lekker.” male is de infinitief “schilderen”. In de volledige uitdrukking at male markeert at de infinitief; na lide kan zo’n infinitief aangeven welke activiteit iemand prettig vindt. Voorbeeld: Hun kan godt lide at male. — “Zij schildert graag.” kurset betekent “de cursus”. Het is de bepaalde enkelvoudsvorm van kursus (“cursus”): kursus is onbepaald enkelvoud en kurset is bepaald enkelvoud. De uitgang -et hoort bij deze vorm van het zelfstandig naamwoord; hij is geen onderdeel van een bijvoeglijk naamwoord. føles betekent hier “voelt” of “voelt aan”. Het is de tegenwoordige s-vorm van føle (“voelen”), die in deze constructie beschrijft hoe iets wordt ervaren: kurset føles ... — “de cursus voelt ... aan”. Deze vorm is niet hetzelfde als de actieve vorm føler; het onderwerp kurset is hier datgene wat een bepaalde indruk geeft, niet de persoon die bewust iets voelt. Voorbeeld: Det føles mærkeligt. — “Het voelt vreemd aan.” stressende betekent “stressvol” en beschrijft iets dat stress veroorzaakt. Het is gevormd op basis van stresse (“stress bezorgen/stressen”) en werkt hier als bijvoeglijk naamwoord bij kurset. Vergelijk stresset, dat meestal iemand of iets beschrijft dat zelf gestrest is: Jeg er stresset. — “Ik ben gestrest.” Kurset er stressende. — “De cursus is stressvol.” De eerste zin, Lidt af begge dele., geeft een beperkte mate van beide eerder genoemde mogelijkheden aan: de spreker kiest niet slechts één ervan. In de tweede zin zegt Jeg kan godt lide at male dat de spreker schilderen prettig vindt. Men betekent “maar” en zet daar een tegenstelling tegenover. Kurset føles stressende zegt dat de cursus voor de spreker een stressvolle indruk geeft. Samen betekent het geheel: “Een beetje van allebei. Ik vind schilderen leuk, maar de cursus voelt stressvol.”
Måske er hobbyen gået fra at være afslappende til at blive endnu en forpligtelse.
Misschien is de hobby veranderd van iets ontspannends in een nieuwe verplichting.
- Måske
- misschien
- hobbyen
- de hobby
- gået fra … til
- veranderd van … naar …
- afslappende
- ontspannend
- forpligtelse
- verplichting
- endnu en
- nog een
Uitgebreide uitleg
Måske betekent hier “misschien” en maakt de uitspraak voorzichtig: de spreker presenteert dit als een mogelijkheid, niet als een zekerheid. hobbyen betekent “de hobby”. De uitgang -en markeert hier de bepaalde enkelvoudsvorm van hobby; de onbepaalde vorm is en hobby. Het woord verwijst in deze context naar de hobby die eerder ter sprake kwam. gået fra … til … is een bruikbaar patroon voor een verandering van de ene toestand of situatie naar een andere: gå fra X til Y. gået is het voltooid deelwoord van gå (“gaan”) en staat hier samen met er in de voltooide tijd. In deze zin beschrijft het patroon geen letterlijke verplaatsing, maar een overgang: de hobby is van één functie of ervaring naar een andere gegaan. Voorbeeld: Planen gik fra at være enkel til at blive dyr. — “Het plan veranderde van eenvoudig in duur.” afslappende betekent hier “ontspannend”. Het beschrijft wat de hobby eerst voor de spreker was. Het bijvoeglijke woord hangt samen met slappe af (“ontspannen”); afslappende beschrijft iets dat ontspanning geeft. Het is niet hetzelfde als afslappet, dat eerder “ontspannen” als toestand van een persoon of ding betekent. forpligtelse betekent “verplichting”. Het is een zelfstandig naamwoord in de onbepaalde enkelvoudsvorm; de bepaalde vorm is forpligtelsen. Het woord benoemt iets waaraan iemand zich gebonden voelt of tijd moet besteden. Voorbeeld: Det blev en forpligtelse. — “Het werd een verplichting.” endnu en betekent samen “nog een” of “weer een extra”. endnu versterkt het idee dat er naast bestaande zaken opnieuw één bijkomt; en is hier het onbepaalde lidwoord bij het enkelvoudige, gemeenschappelijke-geslachtswoord forpligtelse, niet op zichzelf een afzonderlijke telbewering. In endnu en forpligtelse wordt dus een extra verplichting genoemd. In zijn geheel is de structuur hobbyen er gået fra at være afslappende til at blive endnu en forpligtelse: de hobby wordt voorgesteld als iets dat eerst ontspannend was en nu een extra verplichting is geworden. at være introduceert de eerste toestand (“ontspannend zijn”) en til at blive de nieuwe toestand (“een verplichting worden”). Met Måske blijft het een voorzichtige interpretatie: “Misschien is de hobby veranderd van iets ontspannends in een nieuwe verplichting.”
Ja, det føles mindre som sjov og mere som endnu en opgave.
Ja, het voelt minder als plezier en meer als nog een taak.
- det føles
- het voelt
- mindre
- minder
- sjov
- plezier
- mere
- meer
- endnu en
- nog een
- opgave
- taak
Uitgebreide uitleg
det føles betekent hier “het voelt”. føles is de vorm van føle (“voelen”) in deze onpersoonlijke constructie: det føles ... beschrijft hoe iets aanvoelt. det is hier een grammaticaal onderwerp; de zin legt niet vast waarnaar det precies verwijst. mindre betekent “minder” en is de vergrotende trap van lidt (“een beetje; weinig”) in de betekenis “minder”. Het staat hier in de vaste vergelijking mindre som X tegenover mere som Y: iets wordt minder als X en meer als Y ervaren. sjov betekent hier “plezier” of “iets leuks”. In deze zin is het een zelfstandig naamwoord na som (“als”). Het Deense sjov kan in andere contexten ook het bijvoeglijk naamwoord “grappig/leuk” zijn; hier gaat het om de ervaren aard van de activiteit. mere betekent “meer”. Het is de vergrotende trap van meget (“veel”) en vormt hier samen met som het tweede deel van de tegenstelling: mere som ... = “meer als ...”. endnu en betekent samen “nog een”. en is hier het onbepaalde lidwoord bij het enkelvoudige, gemeenschappelijke-geslachtswoord opgave; het drukt op zichzelf geen exact getal uit. endnu voegt de betekenis “nog” toe en presenteert de opgave als iets extra’s. opgave betekent “taak” of “opdracht”. Het is een zelfstandig naamwoord; het meervoud is opgaver. In en opgave staat het woord in het enkelvoud. De bouwsteen mindre som sjov og mere som endnu en opgave gebruikt og (“en”) om twee kanten van dezelfde vergelijking te verbinden. Letterlijk wordt iets “minder als plezier en meer als nog een taak” ervaren. Samen met Ja (“ja”) ontstaat de volledige betekenis: “Ja, het voelt minder als plezier en meer als nog een taak.”
Du kunne i stedet bare øve dig derhjemme.
Je zou in plaats daarvan gewoon thuis kunnen oefenen.
- Du kunne
- je zou kunnen
- i stedet
- in plaats daarvan
- bare
- gewoon
- øve dig
- oefenen
- derhjemme
- thuis
Uitgebreide uitleg
Du kunne betekent hier “je zou kunnen”. kunne is de verleden-tijdsvorm van kunne (“kunnen”), maar na du kan deze vorm ook een voorwaardelijk of verzacht voorstel uitdrukken: niet “je kon” in het verleden, maar “je zou kunnen”. Na een modaal werkwoord staat het volgende werkwoord in de infinitief. Voorbeeld: Du kunne tage bussen. — “Je zou de bus kunnen nemen.” i stedet betekent “in plaats daarvan” en geeft een alternatief aan voor iets dat eerder of impliciet genoemd is. Het is een vaste, goed herbruikbare combinatie. bare betekent hier “gewoon”, met de strekking dat de voorgestelde handeling eenvoudig of ongecompliceerd is. De betekenis is hier niet “alleen maar” als beperking van het aantal. øve dig betekent “oefenen”. øve is de infinitief; dig is het wederkerende voornaamwoord bij du: letterlijk “jezelf”. In deze vaste combinatie verwijst het naar oefenen als activiteit, bijvoorbeeld een vaardigheid of onderwerp oefenen. Voorbeeld: Jeg øver mig hver dag. — “Ik oefen elke dag.” derhjemme betekent “thuis”, specifieker: op de plek waar iemand woont. Het is één bijwoordelijk woord; hjemme betekent “thuis”, terwijl derhjemme de plaats wat explicieter aanwijst. Samen vormt Du kunne i stedet bare øve dig derhjemme een verzacht voorstel: “Je zou in plaats daarvan gewoon thuis kunnen oefenen.” Du is het onderwerp, kunne geeft de mogelijkheid of suggestie aan, i stedet markeert het alternatief, bare maakt het voorstel eenvoudig van toon, øve dig benoemt de handeling en derhjemme de plaats.
Så kan jeg beholde fordelen uden en fast tidsplan.
Dan kan ik het voordeel behouden zonder een vast schema.
- Så
- dan
- kan jeg
- kan ik
- beholde
- behouden
- fordelen
- het voordeel
- uden
- zonder
- fast
- vast
- tidsplan
- tijdschema
Uitgebreide uitleg
Så betekent hier “dan” en geeft een gevolg aan. Omdat het vooraan staat, volgt in deze Deense hoofdzin het vervoegde werkwoord vóór het onderwerp: Så kan jeg .... Voorbeeld: Så tager vi hjem. — “Dan gaan we naar huis.” kan jeg bestaat uit kan en het onderwerp jeg. kan is de tegenwoordige vorm van kunne (“kunnen”) en verandert niet mee met de persoon: jeg kan, du kan, de kan. Hier drukt het mogelijkheid uit. Na kan staat het volgende werkwoord in de infinitief, zonder at: jeg kan beholde — “ik kan behouden”. De volgorde kan jeg is hier geen vraag; ze volgt uit de hoofdzinvolgorde na het vooropgeplaatste Så. beholde is de infinitief van “behouden” of “houden”. Het onderwerp jeg is degene die iets behoudt. Voorbeeld: Jeg vil beholde denne bog. — “Ik wil dit boek houden.” fordelen betekent hier “het voordeel”. fordel is de onbepaalde vorm; fordelen gebruikt het bepaalde achtervoegsel -en en betekent “het voordeel”. Het is het lijdend voorwerp van beholde. uden betekent “zonder” en leidt hier de woordgroep en fast tidsplan in: “een vast tijdschema”. Voorbeeld: Hun arbejder uden en plan. — “Zij werkt zonder een plan.” fast betekent hier “vast” of “vastgelegd” en beschrijft tidsplan. Bij een onbepaald enkelvoudig en-woord staat deze vorm na en: en fast tidsplan. Bij een onzijdig woord blijft het onbepaald enkelvoud ook fast, bijvoorbeeld et fast ...; in de bepaalde vorm wordt het bijvoeglijk naamwoord faste, bijvoorbeeld den faste tidsplan. tidsplan betekent “tijdschema” of “schema”. Het is een enkelvoudig en-woord: en tidsplan. In deze woordgroep maakt fast duidelijk dat het om een vastgelegd schema gaat. Het lidwoord en drukt hier niet op zichzelf een geteld aantal uit. Samen vormen de delen: Så (“dan”) + kan jeg beholde (“kan ik behouden”) + fordelen (“het voordeel”) + uden en fast tidsplan (“zonder een vast tijdschema”). De volledige betekenis is: “Dan kan ik het voordeel behouden zonder een vast schema.”
Hobbyer skal passe til dit liv, ikke kun til den person, du gerne vil være.
Hobby's moeten bij je leven passen, niet alleen bij de persoon die je graag wilt zijn.
- Hobbyer
- hobby’s
- skal
- moeten
- passe
- passen
- dit
- je; jouw
- liv
- leven
- ikke kun
- niet alleen
- den
- de; die
- person
- persoon
- du
- je
- gerne
- graag
- vil
- wilt
- være
- zijn
Uitgebreide uitleg
Hobbyer betekent hier “hobby’s”. De uitgang -er markeert in het Deens vaak het meervoud van een zelfstandig naamwoord: en hobby → hobbyer. Het is hier het onderwerp van de zin. skal drukt hier uit dat iets moet passen of geschikt moet zijn; samen met het werkwoord erna vormt het een modale werkwoordsgroep. In andere contexten kan skal ook een geplande toekomstige handeling aangeven. Voorbeeld: Jeg skal arbejde. — “Ik moet werken” of, afhankelijk van de context, “Ik ga werken.” passe betekent hier “passen bij” of “geschikt zijn voor”. De combinatie is passe til + iets/iemand; het voorzetsel til hoort bij die betekenis, ook al staat het niet in de geselecteerde quote. Voorbeeld: Denne jakke passer til min stil. — “Deze jas past bij mijn stijl.” dit betekent “je/jouw” bij een onzijdig enkelvoudig zelfstandig naamwoord. Het bijbehorende woord is liv, en liv is onzijdig: dit liv. Vergelijk: din bog — “je boek” bij een gemeenschappelijk geslachtelijk woord, en dine bøger — “je boeken” bij het meervoud. Dit zelf is geen aanwijzing voor het aantal hobby’s; het bepaalt de vorm bij liv. liv betekent “leven”. Het is een zelfstandig naamwoord: et liv — “een leven”, livet — “het leven”. In dit liv verwijst het naar het leven van de aangesprokene. ikke kun betekent “niet alleen”. Deze combinatie kondigt een tweede punt aan dat naast het eerste wordt geplaatst. In deze zin gaat het eerst om passen bij dit liv en daarna om passen bij den person. den is hier het bepaalde lidwoord bij een enkelvoudig zelfstandig naamwoord van het gemeenschappelijke geslacht: den person — “de persoon”. In deze constructie staat het vóór het zelfstandig naamwoord; het is dus niet op zichzelf de volledige betekenis van “die” als betrekkelijk voornaamwoord. Het Deens laat na een zelfstandig naamwoord vaak een betrekkelijk voornaamwoord weg: den person, du ... betekent letterlijk “de persoon, je ...”, met de betekenis “de persoon die je ...”. person betekent “persoon”. Den person is een bepaalde woordgroep: “de persoon”. Het woord staat in het enkelvoud; het bepaalde element den hoort bij dit type zelfstandig naamwoord. du betekent “je/jij” als onderwerp. Hier is du het onderwerp van de bijzin die na de komma komt. Het verwijst in deze zin naar dezelfde aangesprokene als dit in dit liv; de grammaticale functie verschilt: dit bezit, terwijl du handelt of iets wil. gerne betekent hier “graag” en maakt samen met vil de uitdrukking vil gerne — “graag willen”. Het gaat dus niet om een los bijwoord dat alleen “met plezier” betekent. Voorbeeld: Jeg vil gerne lære dansk. — “Ik wil graag Deens leren.” vil is hier de vorm van ville in de tegenwoordige tijd. Met gerne betekent vil gerne “graag willen”; vóór het daaropvolgende infinitief være vormt het de betekenis “graag willen zijn”. In andere contexten kan vil ook een toekomstige verwachting of intentie uitdrukken, maar die lezing is hier niet de bedoelde betekenis. være is de infinitief van “zijn”. Na vil staat het werkwoord in de infinitief: vil være — “wil zijn”. Voorbeeld: Hun vil være lærer. — “Zij wil lerares worden/zijn.” De hele structuur is: Hobbyer skal passe til dit liv — “Hobby’s moeten bij je leven passen” — gevolgd door de beperking ikke kun til den person. De bijzin du gerne vil være beschrijft welke persoon wordt bedoeld: de persoon die je graag wilt zijn. Samen betekent de volledige zin: “Hobby’s moeten bij je leven passen, niet alleen bij de persoon die je graag wilt zijn.”
Måske ville en pause fra kurset vise, om jeg savner det.
Misschien zou een pauze van de cursus laten zien of ik hem mis.
- Måske
- misschien
- ville
- zou
- pause
- pauze
- kurset
- de cursus
- vise
- laten zien
- om
- of
- jeg
- ik
- savner
- mis
- det
- hem
Uitgebreide uitleg
Måske betekent hier “misschien” en verzacht de zekerheid van de uitspraak. Voorbeeld: Måske kommer hun i morgen. — “Misschien komt ze morgen.” ville is de vorm van ville die hier “zou” betekent. Samen met een infinitief, zoals vise, vormt het een voorwaardelijke of voorzichtige mogelijkheid: ville vise = “zou laten zien”. Het is hier dus niet de zelfstandige betekenis “willen”. Voorbeeld: Det ville hjælpe. — “Dat zou helpen.” en pause betekent “een pauze”. pause is een zelfstandig naamwoord; en is het onbepaalde lidwoord bij dit woord en drukt op zichzelf geen bepaald aantal uit. De vaste combinatie en pause fra ... kan opnieuw gebruikt worden voor een onderbreking van een activiteit of traject. Voorbeeld: Hun tager en pause fra arbejdet. — “Ze neemt een pauze van het werk.” kurset betekent hier “de cursus”. De basisvorm is kursus; kurset is de bepaalde enkelvoudsvorm met het achtergevoegde bepaalde element -et. fra kurset betekent letterlijk “van de cursus” en specificeert waarvan de pauze wordt genomen. vise betekent “laten zien” of “aantonen”. Het is de infinitief na ville; daarom staat er geen persoonsuitgang op deze vorm. Voorbeeld: Resultatet vil vise forskellen. — “Het resultaat zal het verschil laten zien.” om leidt hier een indirecte ja-neevraag in: “of”. Het verbindt vise met wat moet worden vastgesteld: of de spreker de cursus mist. In een ander verband kan om ook een voorwaarde inleiden, maar hier is de betekenis een indirecte vraag. jeg is het persoonlijke voornaamwoord “ik” en is het onderwerp van savner. Voorbeeld: Jeg savner hende. — “Ik mis haar.” savner komt van savne, “missen”. De vorm savner is de tegenwoordige tijd; bij deze werkwoordsvorm verandert de uitgang niet naar persoon of enkelvoud/meervoud. Hier gaat het om het missen van de cursus, niet om een algemene andere betekenis van hetzelfde werkwoord. det betekent hier “hem” volgens de vaste vertaling. Het is een onzijdig enkelvoudig voornaamwoord en verwijst in deze zin naar kurset, het onzijdige woord voor “de cursus”. De vorm past dus bij het grammaticale geslacht van dat zelfstandig naamwoord, niet bij het geslacht van een persoon. Voorbeeld: Jeg savner kurset. — “Ik mis de cursus.” Samen vormt en pause fra kurset het onderwerp van ville vise: een pauze van de cursus zou iets duidelijk kunnen maken. om jeg savner det is de indirecte vraag die aangeeft wat die pauze zou kunnen uitwijzen. De volledige betekenis is: “Misschien zou een pauze van de cursus laten zien of ik hem mis.”
Det er bedre end pludselig at stoppe eller tvinge dig selv.
Dat is beter dan plotseling stoppen of jezelf dwingen.
- Det er
- Dat is
- bedre
- beter
- end
- dan
- pludselig
- plotseling
- at stoppe
- stoppen
- eller
- of
- tvinge
- dwingen
- dig selv
- jezelf
Uitgebreide uitleg
Det er betekent hier “dat is”. Det is hier een Deens voornaamwoordelijk onderwerp dat naar de eerder bedoelde optie of situatie verwijst; de precieze referent wordt door de vaste vertaling als “dat” weergegeven. Een bruikbaar patroon is Det er + beschrijving: “Dat is + beschrijving”. bedre is de vergrotende trap van god (“goed”): god – bedre – bedst = “goed – beter – best”. Het beschrijft hier de eerder bedoelde optie als gunstiger dan wat daarna met end wordt vergeleken. Voorbeeld: Denne løsning er bedre. — “Deze oplossing is beter.” end betekent in een vergelijking “dan”. Het verbindt bedre met de alternatieven die erop volgen: bedre end ... = “beter dan ...”. pludselig betekent “plotseling” of “ineens”. Het beschrijft hier de manier waarop de handeling gebeurt. Voorbeeld: Han gik pludselig. — “Hij ging plotseling.” at stoppe betekent “stoppen”. at markeert hier het infinitief; stoppe is de infinitiefvorm. Deze infinitief noemt de eerste handeling waarmee de eerdere optie wordt vergeleken. Dezelfde infinitiefconstructie kan ook zonder expliciet zelfstandig onderwerp worden gebruikt, bijvoorbeeld: Det er svært at stoppe. — “Het is moeilijk om te stoppen.” eller betekent “of” en verbindt alternatieven. Hier verbindt het twee handelingen: stoppen of jezelf dwingen. De tweede infinitief deelt de eerder genoemde infinitiefmarkering: at stoppe eller tvinge = “stoppen of dwingen”. tvinge betekent “dwingen”. Het staat hier als infinitief na de vergelijking en wordt aangevuld door dig selv. Voorbeeld: Hun prøver at tvinge sig selv. — “Zij probeert zichzelf te dwingen.” dig selv betekent “jezelf”. dig is de vorm voor de aangesprokene als object; selv benadrukt dat de handelende en getroffen persoon dezelfde is. Samen vormt dit een reflexieve uitdrukking: tvinge dig selv = “jezelf dwingen”. De volledige structuur is Det er bedre end [pludselig at stoppe eller tvinge dig selv]: “Dat is beter dan plotseling stoppen of jezelf dwingen.” De uitspraak vergelijkt dus de eerder bedoelde optie met twee alternatieve handelingen: plotseling stoppen en jezelf dwingen.
Grammatica
øve dig derhjemme
øve dig derhjemme
euwe saj deerjemmethuis oefenen
Bij øve sig verandert het wederkerend voornaamwoord mee met de persoon: øve dig betekent ‘oefenen’ bij du.
fast → faste
de faste forpligtelser
de feste fo-plegdəlsəde vaste verplichtingen
Bij een meervoud of een bepaalde vorm krijgt het bijvoeglijk naamwoord fast de vorm faste.
Deens woordenschat
at være afslappende
den faste forpligtelse
- Geslacht
- common
den faste forpligtelse
vil fortsætte på malekurset
- Geslacht
- common
Måske er hobbyen gået fra
- Geslacht
- common
ved at miste interessen
Lidt af begge dele
Jeg kan godt lide at male
- Geslacht
- neuter
fortsætte på malekurset
ved at miste interessen
Jeg er ikke sikker på, om jeg vil fortsætte
kurset føles stressende
Quiz
Spelling
Tik op de letters om het woord te spellen.
schilderen
Antwoord tonen
malevast
Antwoord tonen
fastezeker
Antwoord tonen
sikkerdoorgaan