De beste plek om te studeren kiezen | Leer deens in het Nederlands

Danish lesson set in a contemporary Copenhagen everyday setting: While planning study time, two adults compare a cafe, a library, and home for different learning tasks..

NL → DA / Niveau: B1

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met De beste plek om te studeren kiezen oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het deens.

Dialoog

A

Jeg skal vælge det bedste sted at studere.

jai sgèl wèlə de besde stee e stoedéé-a. Ik moet de beste plek om te studeren kiezen.
B

Tænk på støj, lys, komfort og forstyrrelser.

tèng poo sduj, luus, kom-fóad oh fo-sdö-lsa. Denk aan lawaai, licht, comfort en afleiding.
A

Caféen er lys, men folk går hele tiden forbi mit bord.

kafee-n èa luus, men fol goo heele tien fo-bie mied bo-a. Het café is licht, maar er lopen steeds mensen langs mijn tafel.
B

Den bevægelse kan gøre det svært at koncentrere sig.

den be-wè-else kèn keu-a de swèad e kon-sen-tréé-a sai. Door die beweging kan het moeilijk zijn om me te concentreren.
A

Biblioteket er mere stille, men jeg kan ikke øve mig i at tale der.

bibliotee-ge èa mee-a sdèle, men jai kan ege eu-we mai ie e tè-le dèa. De bibliotheek is rustiger, maar ik kan daar niet oefenen met spreken.
B

Brug biblioteket til at læse, og øv dig derefter i at tale derhjemme.

broe-e bibliotee-ge tel e lè-se, oh eu dai de-a-èfda ie e tè-le dèa-jemme. Gebruik de bibliotheek om te lezen en oefen daarna thuis met spreken.
A

Så kan jeg vælge et passende sted til hver opgave.

soo kèn jai wèlə e pèsene stee tel wèa oowe. Zo kan ik voor elke taak een geschikte plek kiezen.
B

Et klart valg burde gøre det mindre stressende at studere.

e klaad wèl boode keu-a de menne sdressene e stoedéé-a. Een duidelijke keuze zou studeren minder stressvol moeten maken.

Uitleg van de zinnen

  1. Jeg skal vælge det bedste sted at studere.

    Ik moet de beste plek om te studeren kiezen.

    Jeg skal
    ik moet
    vælge
    kiezen
    bedste
    beste
    sted
    plek
    at studere
    om te studeren
    Uitgebreide uitleg

    Jeg skal betekent hier “ik moet”. Jeg is de eerste persoon enkelvoud: “ik”. skal is de tegenwoordige vorm van skulle; bij deze betekenis drukt het een verplichting uit. De vorm skal blijft bij verschillende personen gelijk: jeg skal, du skal, de skal. Na een modaal werkwoord staat het volgende werkwoord in het infinitief zonder at. vælge betekent “kiezen”. Dit is de infinitief na skal; het onderwerp “ik” en de verplichting worden al door Jeg skal uitgedrukt. Voorbeeld: Jeg skal vælge. — “Ik moet kiezen.” bedste betekent hier “beste”. Het hoort bij sted en is de superlatief van god: god — “goed”, bedre — “beter”, bedst — “best”. Voor een zelfstandig naamwoord met bepaaldheid verschijnt de vorm bedste, zoals in det bedste sted. De vorm bedste zelf is dus de superlatieve vorm van god, niet een vorm van sted. sted betekent “plek” of “plaats”. Het is een onzijdig zelfstandig naamwoord: et sted — “een plek”, stedet — “de plek”. In deze zin staat het in de woordgroep det bedste sted, “de beste plek”. at studere betekent “om te studeren”. at markeert hier de infinitief en studere is het werkwoord “studeren”. De woordgroep beschrijft het doel of gebruik van de plek: een plek om te studeren. Voorbeeld: Jeg har et sted at studere. — “Ik heb een plek om te studeren.” Samen vormen de delen Jeg skal vælge (“ik moet kiezen”), det bedste sted (“de beste plek”) en at studere (“om te studeren”) de volledige betekenis: “Ik moet de beste plek om te studeren kiezen.”

  2. Tænk på støj, lys, komfort og forstyrrelser.

    Denk aan lawaai, licht, comfort en afleiding.

    Tænk på
    denk aan
    støj
    lawaai
    lys
    licht
    komfort
    comfort
    forstyrrelser
    afleiding
    Uitgebreide uitleg

    Tænk på betekent hier “denk aan”. Het is de gebiedende wijs van at tænke (“denken”): tænk richt de aandacht op iets, en tænke på gebruikt på voor datgene waaraan je denkt. Voorbeeld: Tænk på miljøet. — Denk aan het milieu. støj betekent hier “lawaai”. In deze betekenis is het doorgaans een niet-telbaar zelfstandig naamwoord, zodat je bijvoorbeeld meget støj (“veel lawaai”) zegt, niet een meervoud om gewoon een hoeveelheid lawaai aan te duiden. Voorbeeld: Der er meget støj her. — Er is hier veel lawaai. lys is in deze opsomming een zelfstandig naamwoord met de betekenis “licht”. Hetzelfde Deense woord kan ook een bijvoeglijk naamwoord zijn, zoals in Caféen er lys (“Het café is licht”), maar dat is hier niet de functie: lys staat naast zelfstandige naamwoorden als støj en komfort. Als zelfstandig naamwoord heeft het onder meer de vormen et lys, lyset en lys (meervoud). Voorbeeld: Lyset er stærkt. — Het licht is sterk. komfort betekent “comfort”. Het is meestal een niet-telbaar zelfstandig naamwoord wanneer het om het algemene comfort van een plaats of situatie gaat. De bepaalde vorm is komforten (“het comfort”). Voorbeeld: Komfort er vigtig, når man studerer. — Comfort is belangrijk wanneer je studeert. forstyrrelser betekent hier “afleidingen” of “verstoringen”. Het is het onbepaalde meervoud van en forstyrrelse; de bepaalde meervoudsvorm is forstyrrelserne. Het meervoud past bij meerdere mogelijke verstoringen die het studeren kunnen hinderen. Voorbeeld: Forstyrrelser gør det svært at koncentrere sig. — Afleidingen maken het moeilijk om je te concentreren. De vorm Tænk på leidt vervolgens een opsomming in: støj, lys, komfort og forstyrrelser. og betekent “en” en verbindt de laatste twee elementen van de opsomming. Samen is de volledige betekenis: “Denk aan lawaai, licht, comfort en afleidingen.” In de gegeven context is dit een herbruikbare manier om te zeggen dat je bij het kiezen van een plek om te studeren met deze vier aspecten rekening moet houden.

  3. Caféen er lys, men folk går hele tiden forbi mit bord.

    Het café is licht, maar er lopen steeds mensen langs mijn tafel.

    Caféen
    het café
    er
    is
    lys
    licht
    folk
    mensen
    går
    lopen
    hele tiden
    steeds; de hele tijd
    forbi
    langs; voorbij
    mit
    mijn
    bord
    tafel
    Uitgebreide uitleg

    Caféen betekent hier “het café”. Het is café met de bepaalde enkelvoudsvorm caféen: het achtervoegsel -en maakt van een gemeenschappelijk-geslachtwoord “het/de ...” in een specifieke betekenis. Vergelijk: et bord = “een tafel”, bordet = “de tafel”. er is hier de tegenwoordige vorm van het koppelwerkwoord “zijn”. Het verbindt Caféen met de beschrijving lys, net zoals in Huset er stort — “Het huis is groot.” lys betekent hier “licht”, dus helder of goed verlicht. Het is een bijvoeglijk naamwoord dat na er als beschrijving van het café staat. De vorm contrasteert bijvoorbeeld met mørk — “donker”. Voor een onzijdig zelfstandig naamwoord verschijnt een andere vorm: et lyst rum — “een lichte kamer”; bij caféen is lys de passende vorm. folk betekent “mensen”. Het is een zelfstandig naamwoord dat naar mensen als groep verwijst. In deze zin is het de handelende groep bij går: de mensen lopen. går is de tegenwoordige vorm van gå, “gaan/lopen”. In combinatie met forbi krijgt het hier de betekenis “langs lopen” of “voorbijlopen”. Een eenvoudig ander voorbeeld is Jeg går hjem — “Ik loop/ga naar huis.” hele tiden betekent “de hele tijd” of “steeds”. Deze tijdsbepaling maakt duidelijk dat het langskomende lopen telkens doorgaat of herhaald wordt. hele is hier de vorm van “heel/de hele” bij het gemeenschappelijk-geslachtwoord tiden (“de tijd”); het verandert bijvoorbeeld in helt bij een onzijdig woord: et helt år — “een heel jaar”. forbi betekent “langs” of “voorbij”. Na går vormt het de gebruikelijke combinatie går forbi: iemand beweegt langs een plaats of object zonder daar te blijven. Voorbeeld: Hun går forbi huset — “Zij loopt langs het huis.” mit betekent “mijn” bij een onzijdig enkelvoudig zelfstandig naamwoord. Het bezit wordt hier dus gekoppeld aan bord, dat onzijdig is: mit bord — “mijn tafel”. Vergelijk de andere vormen in het enkelvoud: min stol — “mijn stoel” en mine stole — “mijn stoelen”. bord betekent “tafel”. In mit bord staat het in de onbepaalde enkelvoudsvorm; het bepaalde enkelvoud is bordet, “de tafel”. Het woord verwijst hier naar de tafel van de spreker, zoals ook in de vaste vertaling is aangegeven. De delen worden verbonden door men, “maar”: Caféen er lys zegt dat het café licht is, terwijl folk går hele tiden forbi mit bord zegt dat mensen steeds langs de tafel van de spreker lopen. De volledige betekenis is daarom: “Het café is licht, maar er lopen steeds mensen langs mijn tafel.”

  4. Den bevægelse kan gøre det svært at koncentrere sig.

    Door die beweging kan het moeilijk zijn om me te concentreren.

    Den
    die
    bevægelse
    beweging
    kan
    kan
    gøre
    maken
    svært
    moeilijk
    koncentrere sig
    zich concentreren
    Uitgebreide uitleg

    Den betekent hier “die” en staat bij het en-woord bevægelse. Deens gebruikt den bij en-woorden en det bij et-woorden. Hier vormt Den bevægelse een bepaalde, aangewezen naamwoordgroep; den drukt niet op zichzelf een specifieke afstand uit. bevægelse betekent hier “beweging”. Het is een en-woord: en bevægelse, bepaald bevægelsen. Het meervoud is bevægelser en het bepaalde meervoud bevægelserne. kan drukt hier mogelijkheid uit: de beweging kan dit gevolg hebben. Deze vorm verandert niet naar persoon of getal. Na kan staat het volgende werkwoord zonder at: kan gøre. Voorbeeld: Jeg kan svømme. — “Ik kan zwemmen.” gøre betekent hier “maken” in gøre noget svært: iets moeilijk maken. Het is de infinitief na kan; de tegenwoordige tijd is gør. Voorbeeld: Det gør arbejdet svært. — “Dat maakt het werk moeilijk.” svært betekent hier “moeilijk”. Dit is de onzijdige vorm van svær: svær bij een en-woord, svært bij een et-woord en svære in het meervoud of bij een bepaalde vorm. In gøre det svært stemt svært af op het formele object det en beschrijft het de toestand die ontstaat. koncentrere sig betekent hier “zich concentreren”. koncentrere is de infinitief en sig is het wederkerende voornaamwoord. Met een uitgedrukt eerste-persoonsonderwerp staat bijvoorbeeld Jeg koncentrerer mig — “Ik concentreer me”; bij een derde-persoonsonderwerp staat hun koncentrerer sig — “zij concentreert zich”. In at koncentrere sig is geen persoonlijk onderwerp uitgedrukt; deze vorm kan in zo’n constructie algemeen worden gebruikt. De Nederlandse vaste vertaling maakt de bedoelde persoon expliciet met “me”, maar het Deens markeert die eerste persoon hier niet met sig. In gøre det svært at koncentrere sig is det een formeel object: het kondigt de daaropvolgende handeling at koncentrere sig aan en verwijst niet naar een zelfstandig genoemd ding. De betekenis bouwt zich op als Den bevægelse (“die beweging”) + kan gøre (“kan maken”) + det svært (“het moeilijk maken”) + at koncentrere sig (“zich te concentreren”). Samen betekent de zin: “Door die beweging kan het moeilijk zijn om me te concentreren.” De herbruikbare constructie is kan gøre det svært at + infinitief: iets kan een handeling bemoeilijken.

  5. Biblioteket er mere stille, men jeg kan ikke øve mig i at tale der.

    De bibliotheek is rustiger, maar ik kan daar niet oefenen met spreken.

    Biblioteket
    de bibliotheek
    er
    is
    mere stille
    rustiger
    men
    maar
    jeg kan ikke
    ik kan niet
    øve mig
    oefenen
    i at tale
    met spreken
    der
    daar
    Uitgebreide uitleg

    Biblioteket betekent hier “de bibliotheek”. Het is de bepaalde vorm van bibliotek (“bibliotheek”): et bibliotek betekent “een bibliotheek” en biblioteket “de bibliotheek”. De uitgang -et markeert hier de bepaalde vorm. er is de tegenwoordige vorm van at være (“zijn”). Hier verbindt het het onderwerp met de beschrijving die erop volgt: de bibliotheek is stiller. mere stille betekent hier “rustiger” of “stiller”. stille is het basiswoord; mere stille vormt de vergrotende trap met mere (“meer”), letterlijk “meer stil”. De vergelijking is met een niet nader genoemde andere plaats of situatie. Voorbeeld: Dette rum er mere stille. = “Deze kamer is rustiger.” men betekent “maar” en verbindt twee delen met een tegenstelling. jeg kan ikke betekent “ik kan niet”. jeg betekent “ik”, kan is de tegenwoordige vorm van at kunne (“kunnen”), en ikke maakt de mededeling negatief. kan verandert in het Deens niet mee met de persoon; de combinatie met jeg geeft hier “ik kan” aan. Voorbeeld: Jeg kan ikke komme. = “Ik kan niet komen.” øve mig betekent hier “oefenen”. øve is het werkwoord “oefenen” en mig is het wederkerende voornaamwoord dat bij jeg hoort. De constructie at øve sig betekent “oefenen”; het wederkerende voornaamwoord verandert met het onderwerp, bijvoorbeeld Hun øver sig. = “Zij oefent.” i at tale betekent hier “met spreken”. In øve sig i at tale leidt i at de activiteit in waarop het oefenen gericht is. tale betekent “spreken” en at tale is de infinitief, dus “spreken” na at. Voorbeeld: Han øver sig i at læse. = “Hij oefent met lezen.” der betekent hier “daar” en geeft de plaats aan waar het oefenen met spreken niet kan plaatsvinden. Het verwijst in deze zin naar een al bedoelde plaats; de vorm zelf drukt geen specifiek geslacht of aantal uit. Samen vormt Biblioteket er mere stille de betekenis “De bibliotheek is rustiger”. men jeg kan ikke øve mig i at tale der betekent “maar ik kan daar niet oefenen met spreken”. De hele zin betekent dus: “De bibliotheek is rustiger, maar ik kan daar niet oefenen met spreken.” Een bruikbaar patroon is X er mere Y, men jeg kan ikke ... der: “X is rustiger/meer Y, maar ik kan daar niet ...”

  6. Brug biblioteket til at læse, og øv dig derefter i at tale derhjemme.

    Gebruik de bibliotheek om te lezen en oefen daarna thuis met spreken.

    Brug
    gebruik
    biblioteket
    de bibliotheek
    læse
    lezen
    øv dig
    oefen
    derefter
    daarna
    tale
    spreken
    derhjemme
    thuis
    Uitgebreide uitleg

    Brug is de gebiedende wijs van bruge (“gebruiken”). De vorm spreekt de geadresseerde rechtstreeks aan, maar markeert zelf geen persoon of aantal. Voorbeeld: Brug tiden. — “Gebruik de tijd.” biblioteket betekent hier “de bibliotheek”. Het is de bepaalde vorm van bibliotek (“bibliotheek”): et bibliotek → biblioteket. Het achtervoegsel -et markeert hier dus bepaaldheid, niet een apart woord. Voorbeeld: Jeg er på biblioteket. — “Ik ben in de bibliotheek.” læse betekent “lezen” en is de infinitief van læse. Na til at geeft deze infinitief het doel aan: til at læse = “om te lezen”. Voorbeeld: Jeg går derhen for at læse. — “Ik ga daarheen om te lezen.” øv dig bestaat uit de gebiedende wijs øv van øve (“oefenen”) en het wederkerende voornaamwoord dig (“je/jou” in deze functie). Samen betekent het “oefen”; dig laat zien dat de oefening op de aangesprokene zelf betrokken is. De overeenkomstige vorm bij een eerste persoon is bijvoorbeeld jeg øver mig — “ik oefen”. derefter betekent “daarna” en ordent deze handeling na wat eerder is genoemd. Het is een bijwoord en verandert niet mee met persoon of getal. tale betekent “spreken” en is de infinitief van tale. In i at tale staat de infinitief na i at, waarmee hier wordt aangegeven waarin iemand oefent: “met spreken”. Voorbeeld: Hun øver sig i at tale dansk. — “Zij oefent met Deens spreken.” derhjemme betekent “thuis” en duidt de plaats aan waar de handeling plaatsvindt. Het is hier één bijwoordelijke vorm; er is geen afzonderlijk voorzetsel nodig. Voorbeeld: Jeg arbejder derhjemme. — “Ik werk thuis.” De zin begint met de opdracht Brug biblioteket til at læse: gebruik de bibliotheek met als doel te lezen. og verbindt daar de tweede opdracht aan: øv dig derefter i at tale derhjemme — oefen daarna thuis met spreken. Samen betekent de hele uiting: “Gebruik de bibliotheek om te lezen en oefen daarna thuis met spreken.”

  7. Så kan jeg vælge et passende sted til hver opgave.

    Zo kan ik voor elke taak een geschikte plek kiezen.

    Så
    zo
    kan jeg
    kan ik
    vælge
    kiezen
    et
    een
    passende
    geschikt
    sted
    plek
    til
    voor
    hver
    elke
    opgave
    taak
    Uitgebreide uitleg

    Så betekent hier “zo” of “op die manier”. Het verwijst naar de manier waarop de spreker vervolgens kan kiezen. In andere contexten kan så ook “dan” betekenen, maar die betekenis past hier niet bij de vaste vertaling. kan jeg betekent “kan ik”. kan is de tegenwoordige tijd van kunne (“kunnen”) en drukt hier mogelijkheid uit. De volgorde kan jeg komt doordat Så vooraan in deze hoofdzin staat; daardoor staat het werkwoord vóór het onderwerp. Na een modaal werkwoord volgt hier de infinitief: kan ... vælge. vælge betekent “kiezen”. Dit is de infinitief van vælge; na kan blijft het werkwoord in deze vorm staan. Voorbeeld: Jeg kan vælge en bog. = “Ik kan een boek kiezen.” et is het onbepaalde lidwoord dat hier bij het onzijdige enkelvoud sted hoort. Het drukt op zichzelf niet uit dat precies één object wordt benadrukt; het markeert hier vooral een niet nader bepaald sted. passende betekent hier “geschikt” of “passend” en beschrijft sted. Deze vorm heeft hier geen aparte zichtbare uitgang die alleen het onzijdige enkelvoud markeert: en passende ... en et passende ... gebruiken eveneens passende. Voorbeeld: et passende sted = “een geschikte plek”. sted betekent “plek” of “plaats”. Het is een onzijdig zelfstandig naamwoord: et sted. Voorbeeld: et roligt sted = “een rustige plek”. til betekent hier “voor” en geeft aan voor welke taak de plek bedoeld is. Het drukt in deze zin niet uit dat de spreker naar die plek gaat. hver betekent “elke”. Het wordt hier gebruikt met het enkelvoudige zelfstandig naamwoord opgave: hver opgave = “elke taak”. De vorm verwijst naar de taken afzonderlijk, zonder een lidwoord voor opgave. Voorbeeld: hver dag = “elke dag”. opgave betekent “taak” of “opdracht”. Het is een zelfstandig naamwoord van het gemeenschappelijke grammaticale geslacht: en opgave. Na hver staat het hier zonder lidwoord. Samen vormen et passende sted (“een geschikte plek”) en til hver opgave (“voor elke taak”) de gekozen plek en de taak waarvoor die plek bedoeld is. De structuur is Så kan jeg vælge [et passende sted] [til hver opgave]: “Zo kan ik voor elke taak een geschikte plek kiezen.”

  8. Et klart valg burde gøre det mindre stressende at studere.

    Een duidelijke keuze zou studeren minder stressvol moeten maken.

    klart
    duidelijk
    valg
    keuze
    burde
    zou moeten
    gøre
    maken
    det
    het
    mindre
    minder
    stressende
    stressvol
    studere
    studeren
    Uitgebreide uitleg

    klart betekent hier “duidelijk” en is de vorm bij het onzijdige enkelvoud et valg. Het bijvoeglijk naamwoord past zich dus aan valg aan: en klar idé, maar et klart valg. De vorm klar is de basisvorm. valg betekent “keuze”. Het meervoud is valg, dus hetzelfde woord kan enkelvoud en meervoud zijn; het lidwoord of de context maakt het verschil zichtbaar. In et valg is het een onzijdig zelfstandig naamwoord. burde drukt hier uit dat iets volgens de spreker verwacht wordt of zou moeten gebeuren. Het is de verleden vorm van bør, maar in deze constructie verwijst het niet noodzakelijk naar verleden tijd. Na burde staat de infinitief zonder at: burde gøre — “zou moeten maken”. gøre betekent “maken” of “doen”. Hier gaat het om een verandering veroorzaken: iets wordt minder stressvol. Na een modaal werkwoord zoals burde blijft het werkwoord in de infinitief staan. Voorbeeld: Det burde hjælpe. — “Dat zou moeten helpen.” det is hier het onzijdige voornaamwoord “het”. In de vaste constructie gøre det + bijvoeglijk naamwoord verwijst het niet noodzakelijk naar een eerder genoemd concreet ding; het vormt samen met mindre stressende de structuur “het minder stressvol maken”. mindre betekent “minder” en is de vergrotende trap van lidt in de betekenis “weinig”. De reeks is lidt — mindre — mindst: “weinig” — “minder” — “het minst”. Hier vergelijkt mindre de verwachte mate van stress met een hogere mate. stressende betekent “stressvol” of “stress veroorzakend”. Het is een bijvoeglijk naamwoord dat hier na mindre staat. De combinatie mindre stressende betekent “minder stressvol”; mindre bepaalt de vergelijking, terwijl stressende beschrijft wat voor effect iets heeft. studere betekent “studeren”. Het is de infinitief na at: at studere — “studeren”. De woordgroep at studere benoemt hier de activiteit die minder stressvol wordt gemaakt, niet een afzonderlijke persoon die in de zin wordt genoemd. Samen vormen Et klart valg en burde gøre de betekenis “Een duidelijke keuze zou moeten maken”. Daarna geeft det mindre stressende weer dat iets “het minder stressvol” maakt, en at studere specificeert wat minder stressvol wordt. De volledige zin betekent daarom: “Een duidelijke keuze zou studeren minder stressvol moeten maken.”

Grammatica

hver + substantiv i ental

hver opgave

wèa oowe

elke taak

hver wordt gebruikt vóór een zelfstandig naamwoord in het enkelvoud en betekent ‘elke’.

mere + adjektiv

mere stille

mee-a sdèle

rustiger

De vergrotende trap kan met mere + bijvoeglijk naamwoord worden gevormd: ‘meer stil’.

Deens woordenschat

bedste bijvoeglijk naamwoord
besde beste

det bedste sted

café zelfstandig naamwoord
kafee café Caféen

Caféen er lys.

folk zelfstandig naamwoord
fol mensen

folk går hele tiden forbi mit bord.

forstyrrelse zelfstandig naamwoord
fo-sdö-lsa afleiding forstyrrelser

Tænk på støj, lys, komfort og forstyrrelser.

gå werkwoord
goo lopen går

folk går hele tiden forbi mit bord.

hele tiden bijwoord
heele tien de hele tijd

folk går hele tiden forbi mit bord.

komfort zelfstandig naamwoord
kom-fóad comfort

Tænk på støj, lys, komfort og forstyrrelser.

lys zelfstandig naamwoord
luus licht

Tænk på støj, lys, komfort og forstyrrelser.

sted zelfstandig naamwoord
stee plek

det bedste sted at studere

studere werkwoord
stoedéé-a studeren

at studere

støj zelfstandig naamwoord
sduj lawaai

Tænk på støj, lys, komfort og forstyrrelser.

vælge werkwoord
wèlə kiezen

Jeg skal vælge det bedste sted at studere.

Quiz

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

lawaai

Antwoord tonenstøj

café

Antwoord tonenCaféen

studeren

Antwoord tonenstudere

beste

Antwoord tonenbedste