De gedeelde wasruimte eerlijk gebruiken | Leer deens in het Nederlands

Danish lesson set in a contemporary Copenhagen everyday setting: In a shared laundry room, two adults discuss waiting for a machine, moving abandoned laundry fairly, and tracking cycle times..

NL → DA / Niveau: B1

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met De gedeelde wasruimte eerlijk gebruiken oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het deens.

Dialoog

A

Alle vaskemaskinerne er fulde igen.

Alle wasge-masjienerne er foele iegeen. Alle wasmachines zijn weer vol.
B

Tjek planen, og se hvornår den næste vask er færdig.

Tsjek plaanen, oo see voornaar den nesde was er fee-die. Bekijk het schema en kijk wanneer de volgende was klaar is.
A

En af dem burde snart være færdig, men personen, der satte den i gang, er her ikke.

En aa diem boe-are snart veere fee-die, men persoonen, der sede den ie gang, er heer egge. Eén zou binnenkort klaar moeten zijn, maar de persoon die hem heeft aangezet is er niet.
B

Giv personen et par minutter, før du flytter deres vasketøj.

Giev persoonen et paar minuut-er, feur doe fluude deres wasge-toj. Geef die persoon een paar minuten voordat je diens was verplaatst.
A

Hvor længe er det rimeligt at vente, før jeg flytter det?

Voornaal lenge er de rimeliet at vende, feur jai fluude de. Hoe lang is het redelijk om te wachten voordat ik het verplaats?
B

En kort ekstra ventetid er nok, hvis andre venter.

En kort ekstra vende-tie er nok, ves andre vender. Een korte extra wachttijd is genoeg als andere mensen wachten.
A

Jeg sætter en påmindelse, så jeg kommer tilbage, så snart min vask er færdig.

Jai sede en poo-minelse, soo jai komme terbaai, soo snart men was er fee-die. Ik zet een herinnering zodat ik terugkom zodra mijn was klaar is.
B

Så er det nemmere at bede alle andre om at gøre det samme.

Soo er de nemere at beede alle andre om at geure de samme. Daardoor is het makkelijker om dat ook van alle anderen te vragen.
A

Jeg kan ikke klage over efterladt vasketøj, hvis jeg også lader mit ligge der.

Jai kan egge klaaie oover efterlat wasge-toj, ves jai oosoo laa-de met legge dee. Ik kan niet klagen over achtergelaten was als ik die van mij daar ook laat liggen.
B

Det fælles vaskeri fungerer bedre, når folk holder øje med vasketiderne.

De feles wasge-rie fongeere beere, noor folk hole uije mee wasge-tie-erne. De gedeelde was verloopt soepeler als mensen op de duur van de programma's letten.

Uitleg van de zinnen

  1. Alle vaskemaskinerne er fulde igen.

    Alle wasmachines zijn weer vol.

    Alle
    alle
    vaskemaskinerne
    de wasmachines
    er
    zijn
    fulde
    vol
    igen
    weer
    Uitgebreide uitleg

    Alle betekent hier dat de uitspraak over de volledige groep gaat: alle wasmachines, niet slechts enkele. Het staat vóór een meervoudige nominale groep. Vergelijk alle bøger = “alle boeken” en nogle bøger = “enkele boeken”. vaskemaskinerne betekent “de wasmachines”. Het woord is opgebouwd uit vaskemaskine (“wasmachine”) en heeft hier de vorm vaskemaskinerne: meervoud plus bepaalde vorm, dus “de wasmachines”. De basisvorm is vaskemaskine; vaskemaskiner is het onbepaalde meervoud en vaskemaskinerne het bepaalde meervoud. Het is een zelfstandig naamwoord, geen vorm van het werkwoord vaske. er is de tegenwoordige tijd van være, “zijn”. In deze zin verbindt het onderwerp met een toestand: de wasmachines zijn vol. Dezelfde vorm er wordt bij verschillende personen gebruikt, bijvoorbeeld jeg er = “ik ben” en de er = “zij zijn”. fulde betekent hier “vol”. Het bijvoeglijk naamwoord heeft de basisvorm fuld. In fulde staat het in een vorm die bij meervoud past; bij een enkelvoudig gemeenschappelijk zelfstandig naamwoord is de vorm bijvoorbeeld fuld, en bij een onzijdig enkelvoud fuldt: en maskine er fuld, “een machine is vol”, maar et rum er fuldt, “een kamer is vol”. igen betekent “weer” of “opnieuw”. Hier geeft het aan dat de toestand opnieuw geldt: de wasmachines zijn opnieuw vol. Het is een bijwoord en verandert niet mee met vaskemaskinerne. Samen vormen de delen: Alle vaskemaskinerne = “alle wasmachines”, er fulde = “zijn vol”, en igen = “weer”. De volledige betekenis is daarom: “Alle wasmachines zijn weer vol.”

  2. Tjek planen, og se hvornår den næste vask er færdig.

    Bekijk het schema en kijk wanneer de volgende was klaar is.

    Tjek
    controleer
    planen
    het schema
    se
    kijk
    hvornår
    wanneer
    næste
    volgende
    vask
    was
    er færdig
    is klaar
    Uitgebreide uitleg

    Tjek staat vooraan als bevelsvorm van tjekke (“controleren, nakijken”). De gebiedende wijs gebruikt hier de korte vorm tjek. Voorbeeld: Tjek døren. — “Controleer de deur.” planen betekent hier “het schema”. Het is de bepaalde vorm van het zelfstandig naamwoord plan: en plan → planen. De uitgang -en markeert hier bepaaldheid bij een gemeenschappelijk-geslachtelijk enkelvoud; hij betekent niet op zichzelf “één”. se is hier ook een bevel: “kijk”. Het werkwoord is se; de infinitief en de gebiedende wijs hebben in deze vorm dezelfde zichtbare vorm. In se hvornår ... leidt het een vraag naar een tijdstip in: “kijk wanneer ...”. hvornår betekent “wanneer” en vraagt naar het tijdstip waarop iets gebeurt of klaar is. Het staat hier aan het begin van de ingebedde vraag hvornår den næste vask er færdig. Dat verschilt van når, dat vaak “wanneer” betekent in een tijdsbepaling zonder zo’n vraag naar het tijdstip, bijvoorbeeld: Jeg kommer, når jeg er færdig. — “Ik kom wanneer ik klaar ben.” næste betekent “volgende” en plaatst iets in de volgorde na het huidige of eerder bedoelde item. Het hoort bij vask in den næste vask: “de volgende was”. De vorm næste verandert niet voor dit gemeenschappelijk- of onzijdig enkelvoud; in het Deens is ook de meervoudsvorm næste. vask is hier het zelfstandig naamwoord “was”, dus de wasbeurt of het wasgoed dat gewassen wordt. Het heeft gemeenschappelijk geslacht: en vask. In deze zin wordt het door den en næste als een bepaalde, enkelvoudige was aangeduid. Voorbeeld: Vasken er klar. — “De was is klaar.” er færdig betekent hier “is klaar” of “is voltooid”. er is de tegenwoordige tijd van være (“zijn”); færdig is een beschrijvend woord met de betekenis “klaar”. Omdat vask een gemeenschappelijk-geslachtelijk enkelvoud is, staat hier færdig; bij een onzijdig enkelvoud verschijnt bijvoorbeeld færdigt, en bij meervoud færdige. Samen vormen Tjek planen en se hvornår den næste vask er færdig twee bevelen die met og (“en”) verbonden zijn: “Controleer het schema en kijk wanneer de volgende was klaar is.” De tweede opdracht bevat de ingebedde vraag naar het tijdstip waarop die volgende was voltooid is.

  3. En af dem burde snart være færdig, men personen, der satte den i gang, er her ikke.

    Eén zou binnenkort klaar moeten zijn, maar de persoon die hem heeft aangezet is er niet.

    En af dem
    één van hen
    burde
    zou moeten
    snart
    binnenkort
    være
    zijn
    færdig
    klaar
    personen
    de persoon
    satte
    zette of stelde
    den
    hem
    i gang
    in werking
    er her ikke
    is hier niet
    Uitgebreide uitleg

    En af dem betekent hier “één van hen”. En staat zelfstandig voor één lid uit een bekende groep; het is hier geen lidwoord vóór een zelfstandig naamwoord. Het patroon en af + een groepsverwijzing is herbruikbaar: En af dem kommer senere = “Eén van hen komt later.” burde is de preteritumvorm van bør, de Deense modale vorm voor “moeten”. In deze zin wijst de vorm niet eenvoudig op verleden tijd; ze drukt een verwachting of passende veronderstelling uit: iets zou binnenkort klaar moeten zijn. Een bruikbaar patroon is burde + infinitief: Du burde hvile = “Je zou moeten rusten.” snart betekent “binnenkort” of “spoedig” en plaatst de verwachte toestand in de nabije toekomst. være is de infinitief van at være, “zijn”. Na de modale vorm burde staat deze infinitief: burde være = “zou moeten zijn”. færdig betekent hier “klaar” of “af”. Het is een predicatief bijvoeglijk naamwoord bij het onderwerp. De waargenomen vorm is de enkelvoudige vorm voor het gemeenschappelijke geslacht; bij een enkelvoudig onzijdig onderwerp staat færdigt, en in het meervoud staat færdige. In deze zin past færdig bij de vorm van het bedoelde onderwerp, niet bij het zelfstandig naamwoord personen verderop. personen betekent “de persoon”. De basisvorm is person; de uitgang -en maakt het zelfstandig naamwoord bepaald: “de persoon”. Het is een zelfstandig naamwoord en niet de basis of een verbogen vorm van færdig. satte is de preteritumvorm van sætte, “zetten” of “plaatsen”. In de constructie sætte noget i gang krijgt het de betekenis “iets starten” of “iets in werking stellen”. De verleden tijd laat zien dat het starten vóór het in de hoofdzin genoemde moment plaatsvond. Hun satte maskinen i gang = “Zij stelde de machine in werking.” den is hier het Deense objectpronomen voor een enkelvoudig zelfstandig naamwoord van het gemeenschappelijke geslacht. In deze context verwijst het naar datgene wat de persoon heeft gestart; de vaste vertaling geeft dat weer met “hem”. De vorm den is hier geen werkwoordsvorm. i gang betekent in deze constructie “in werking” of “op gang”. Samen met sætte vormt het de herbruikbare constructie sætte noget i gang: “iets starten”. Hun satte maskinen i gang = “Zij stelde de machine in werking.” er her ikke betekent “is hier niet”. Er is de tegenwoordige vorm van at være, her betekent “hier” en ikke maakt de bewering negatief. Samen geven ze aan dat de persoon niet hier is. De eerste helft wordt zo En af dem burde snart være færdig: “Eén zou binnenkort klaar moeten zijn.” Men leidt daarna de tegenstelling in. In personen, der satte den i gang, verwijst der naar personen; de bijzin zegt dat deze persoon het bedoelde ding heeft gestart. Het slot er her ikke zegt dat die persoon hier niet is. Samen betekent de hele zin: “Eén zou binnenkort klaar moeten zijn, maar de persoon die hem heeft aangezet is er niet.”

  4. Giv personen et par minutter, før du flytter deres vasketøj.

    Geef die persoon een paar minuten voordat je diens was verplaatst.

    Giv
    geef
    personen
    de persoon
    et par
    een paar
    minutter
    minuten
    før
    voordat
    du
    je
    flytter
    verplaatst
    deres
    diens
    vasketøj
    was
    Uitgebreide uitleg

    Giv is de gebiedende wijs van give (“geven”). De vorm spreekt de aangesprokene rechtstreeks aan: Giv ... = “Geef ...”. In een bevel staat het onderwerp meestal niet in de gebiedende wijs; een bruikbaar voorbeeld is Vent! — “Wacht!” personen is de bepaalde enkelvoudsvorm van person (“persoon”): en person = “een persoon”, personen = “de persoon”. In deze zin gaat het volgens de vaste vertaling om die ene persoon. et par is een vaste hoeveelheidsexpressie met de betekenis “een paar”. Het daaropvolgende minutter maakt duidelijk wat er bedoeld wordt: een paar minuten. Et is hier onderdeel van deze uitdrukking; op zichzelf bewijst het geen afzonderlijk geteld aantal. minutter is het meervoud van minut (“minuut”): en minut → minutter. Het woord staat hier na et par, omdat de uitdrukking naar meerdere minuten verwijst. før betekent hier “voordat” en leidt de bijzin in die de tijdsgrens aangeeft. Het verbindt dus de wachttijd met de handeling die daarna genoemd wordt. Een herbruikbaar patroon is før du ... — “voordat je ...”. du is het Deense persoonlijke voornaamwoord voor de aangesprokene, “je/jij”. Het is hier het onderwerp van de bijzin na før. flytter is de tegenwoordige tijd van flytte (“verplaatsen”). Dezelfde vorm kan bij meerdere personen voorkomen; du maakt hier duidelijk dat het om “je verplaatst” gaat. Een voorbeeld is Jeg flytter stolen. — “Ik verplaats de stoel.” deres betekent hier “diens” en verwijst, volgens de vaste vertaling, naar de eerder genoemde persoon. Deze bezittelijke vorm verandert niet mee met het grammaticale geslacht van die persoon of met het bezeten zelfstandig naamwoord. In deze zin drukt deres dus uit van wie de was is, niet hoeveel personen er noodzakelijk zijn. vasketøj betekent “was” of “wasgoed”. Het is een zelfstandig naamwoord voor kleding en ander textiel dat gewassen wordt. Hier verwijst het naar wasgoed als een ongespecificeerde hoeveelheid; de vorm heeft geen expliciete meervoudsuitgang. In flytter deres vasketøj is het wasgoed het lijdend voorwerp van flytter. Samen vormt de zin het patroon Giv [iemand] [een paar tijdseenheden], før du [handeling] [bezit]: geef die persoon een paar minuten voordat je diens was verplaatst. De gebiedende wijs Giv geeft de instructie; et par minutter noemt de wachttijd; før du flytter deres vasketøj bepaalt wat pas daarna gebeurt.

  5. Hvor længe er det rimeligt at vente, før jeg flytter det?

    Hoe lang is het redelijk om te wachten voordat ik het verplaats?

    Hvor længe
    hoe lang
    er
    is
    rimeligt
    redelijk
    at vente
    wachten
    før
    voordat
    flytter
    verplaatst
    Uitgebreide uitleg

    Hvor længe vraagt naar een duur: “hoe lang?” Het is een vaste vraagcombinatie voor tijdsduur. Vergelijk Hvor længe bliver du? — “Hoe lang blijf je?”; Hvor længe vraagt hier dus niet naar een tijdstip. er is de tegenwoordige tijd van at være (“zijn”). In deze vraag staat het werkwoord vóór het onderwerp: Hvor længe er ...? Dat is de gebruikelijke woordvolgorde in een directe vraag die met een vraagwoord begint. rimeligt betekent hier dat iets redelijk of aanvaardbaar wordt gevonden. Het is de vorm van het bijvoeglijk naamwoord rimelig die in deze constructie bij det staat. De betekenis is niet “redelijk” als eigenschap van een genoemde persoon, maar “redelijk om te doen” in de onpersoonlijke combinatie det er rimeligt at .... at vente is de infinitief “wachten”. at markeert hier de infinitief; vente is de basisvorm. Een bruikbaar patroon is det er rimeligt at + infinitief: Det er rimeligt at vente. — “Het is redelijk om te wachten.” før betekent “voordat” en leidt hier de bijzin met de grens in de tijd in. Na før staat een volledige bijzin: før jeg ... — “voordat ik ...”. flytter is de tegenwoordige tijd van at flytte (“verplaatsen” of “verhuizen”, afhankelijk van de context). In deze zin betekent het “verplaats”. De vorm verandert in het Deens niet naar persoon: jeg flytter en du flytter hebben dezelfde werkwoordsvorm; het onderwerp maakt duidelijk wie handelt. Het object wordt in de volledige zin aangeduid met det, dat hier overeenkomt met “het” in de vaste vertaling. De aangeleverde teksten identificeren niet welk concreet object det aanduidt. Samen bestaat de zin uit de vraag naar de duur Hvor længe, gevolgd door de beoordeling er det rimeligt at vente, en daarna de tijdsgrens før jeg flytter det. De volledige betekenis is daarom: “Hoe lang is het redelijk om te wachten voordat ik het verplaats?” De vraag laat open welke precieze wachttijd redelijk is; zij vraagt juist om die duur.

  6. En kort ekstra ventetid er nok, hvis andre venter.

    Een korte extra wachttijd is genoeg als andere mensen wachten.

    kort
    kort
    ekstra
    extra
    ventetid
    wachttijd
    er nok
    is genoeg
    hvis
    als
    andre
    anderen
    venter
    wachten
    Uitgebreide uitleg

    kort betekent hier “kort” bij ventetid: de wachttijd duurt niet lang. Het is de onbepaalde enkelvoudsvorm die bij het gemeenschappelijke geslacht van en ventetid past. Voorbeeld: en kort pause — “een korte pauze”. ekstra betekent “extra” of “bijkomend”. Het beschrijft hier ventetid, dus tijd die boven op de al bedoelde wachttijd komt. ekstra verandert in deze positie niet mee met enkelvoud of meervoud. Voorbeeld: Vi har brug for ekstra tid. — “We hebben extra tijd nodig.” ventetid is het zelfstandig naamwoord voor “wachttijd”: de tijd die men wacht. Het is een samenstelling met vente (“wachten”) en tid (“tijd”); leer de hele samenstelling als zelfstandig naamwoord. Het heeft het lidwoord en, zoals in en ventetid. Voorbeeld: Ventetiden er lang. — “De wachttijd is lang.” er nok vormt hier de uitdrukking “is genoeg” of “is voldoende”. er is de tegenwoordige tijd van være (“zijn”); dezelfde vorm wordt gebruikt bij verschillende personen en aantallen. nok geeft hier voldoende mate aan, niet zekerheid. Het patroon X er nok is herbruikbaar: Det er nok. — “Dat is genoeg.” hvis leidt de voorwaardelijke bijzin in en betekent hier “als”. Het verbindt de voorwaarde andre venter met de hoofdzin. Voorbeeld: Jeg går, hvis du venter. — “Ik ga als jij wacht.” andre betekent hier “andere mensen” en staat zelfstandig als onbepaald meervoudig verwijzend woord; het zelfstandig naamwoord erna wordt in deze zin niet uitgesproken. Het verwijst dus naar mensen buiten de al bedoelde groep, zonder dat de zin zegt hoeveel mensen dat zijn. Voorbeeld: Andre kommer senere. — “Anderen komen later.” venter betekent hier “wachten”. Het is de tegenwoordige tijd van vente; in het Deens heeft die vorm bij enkelvoud en meervoud dezelfde vorm, zodat venter op zichzelf het aantal niet laat zien. Voorbeeld: De venter udenfor. — “Ze wachten buiten.” Samen vormen En kort ekstra ventetid en er nok de hoofdzin: “Een korte extra wachttijd is genoeg.” En markeert een onbepaald zelfstandig naamwoord, maar stelt op zichzelf geen geteld aantal vast. Daarna geeft hvis andre venter de voorwaarde: “als andere mensen wachten.” De volledige betekenis is daarom: “Een korte extra wachttijd is genoeg als andere mensen wachten.”

  7. Jeg sætter en påmindelse, så jeg kommer tilbage, så snart min vask er færdig.

    Ik zet een herinnering zodat ik terugkom zodra mijn was klaar is.

    sætter
    zet
    påmindelse
    herinnering
    så
    zodat
    kommer tilbage
    komt terug
    så snart
    zodra
    vask
    was
    færdig
    klaar
    Uitgebreide uitleg

    Bij sætter staat het werkwoord sætte in de tegenwoordige tijd. Hier betekent het “zetten” of “instellen”: de spreker stelt een herinnering in. De tegenwoordige vorm verandert in het Deens niet naar persoon of getal. Voorbeeld: Jeg sætter en alarm. — “Ik zet een alarm.” påmindelse is een zelfstandig naamwoord voor een herinnering. De vorm is onbepaald enkelvoud na en: en påmindelse; bepaald enkelvoud is påmindelsen en meervoud is påmindelser. så verbindt hier de handeling met het doel ervan: “zodat”. Het introduceert het deel dat uitlegt waarvoor de herinnering dient. Dat is hier niet het tijdsgebruik van så met de betekenis “toen”. kommer tilbage bestaat uit de persoonsvorm kommer en het bijwoord tilbage. kommer is de tegenwoordige vorm van komme, “komen”, en tilbage betekent “terug”. Samen betekent het hier “terugkomen”. De tegenwoordige tijd kan in deze context een toekomstige handeling uitdrukken. Voorbeeld: Hun kommer tilbage senere. — “Zij komt later terug.” så snart is een vaste tijdsverbinding met de betekenis “zodra”. Het deel erna geeft aan wanneer de terugkeer plaatsvindt. Voorbeeld: Jeg ringer, så snart jeg er hjemme. — “Ik bel zodra ik thuis ben.” vask betekent hier “was” of “wasgoed”. min is de bezittelijke vorm die bij een gemeenschappelijk-geslachtwoord zoals vask hoort. Het geeft aan bij wie de was hoort; het drukt op zichzelf geen hoeveelheid uit. færdig is een bijvoeglijk naamwoord met de betekenis “klaar” of “af”. Het staat hier als naamwoordelijk deel bij vask: de was is klaar. Bij een onzijdig enkelvoud wordt de vorm færdigt gebruikt, en bij meervoud of bepaalde vormen færdige. Voorbeeld: Maden er færdig. — “Het eten is klaar.” Samen betekent Jeg sætter en påmindelse “Ik zet een herinnering”. så jeg kommer tilbage geeft het doel aan: “zodat ik terugkom”. så snart min vask er færdig geeft het tijdstip aan: “zodra mijn was klaar is”. De volledige betekenis is: “Ik zet een herinnering zodat ik terugkom zodra mijn was klaar is.”

  8. Så er det nemmere at bede alle andre om at gøre det samme.

    Daardoor is het makkelijker om dat ook van alle anderen te vragen.

    Så
    daardoor
    nemmere
    makkelijker
    at bede
    vragen
    alle andre
    alle anderen
    gøre
    doen
    det samme
    hetzelfde
    Uitgebreide uitleg

    Så betekent hier daardoor en leidt een gevolgtrekking in. In andere contexten kan dezelfde vorm bijvoorbeeld dan betekenen, maar die betekenis past hier niet bij de vaste vertaling. nemmere betekent hier makkelijker. Het is de vergrotende trap van nem (makkelijk): nem → nemmere → nemmest (makkelijk → makkelijker → het makkelijkst). De uitgang -ere hoort bij het bijvoeglijk naamwoord nem, niet bij een zelfstandig naamwoord. In det er nemmere at ... wordt gezegd dat iets gemakkelijker is om te doen. at bede betekent vragen. at markeert hier het infinitief. De constructie bede nogen om at gøre noget betekent dat je iemand vraagt om iets te doen. Voorbeeld: Jeg beder ham om at vente. — Ik vraag hem om te wachten. alle andre betekent alle anderen. andre is de meervoudsvorm van anden/andet (andere); alle verwijst naar de volledige bedoelde groep. Hier gaat het volgens de vaste vertaling om alle andere mensen aan wie men het ook kan vragen. gøre betekent hier doen. Het staat als infinitief na om at: om at gøre det samme — om hetzelfde te doen. Voorbeeld: Hun prøver at gøre det rigtigt. — Zij probeert het goed te doen. det samme betekent hetzelfde. det is hier een onzijdig enkelvoudig voornaamwoordelijk element en samme betekent zelfde. Samen verwijzen ze naar dezelfde handeling of hetzelfde verzoek als eerder, zonder die handeling opnieuw te benoemen. De hele zin volgt het patroon Så er det + vergrotende trap + at ...: Så er det nemmere at bede alle andre om at gøre det samme. Så leidt het gevolg in; er det nemmere zegt dat iets gemakkelijker is; at bede noemt wat gemakkelijker is. alle andre duidt degenen aan aan wie men het vraagt, om at gøre introduceert de gevraagde handeling, en det samme verwijst naar dezelfde handeling als eerder. De vaste betekenis is: Daardoor is het makkelijker om dat ook van alle anderen te vragen.

  9. Jeg kan ikke klage over efterladt vasketøj, hvis jeg også lader mit ligge der.

    Ik kan niet klagen over achtergelaten was als ik die van mij daar ook laat liggen.

    Jeg kan
    ik kan
    ikke
    niet
    klage over
    klagen over
    efterladt
    achtergelaten
    vasketøj
    wasgoed
    hvis
    als
    jeg
    ik
    også
    ook
    lader
    laat
    Uitgebreide uitleg

    Jeg kan combineert het onderwerp Jeg met kan, de tegenwoordige vorm van kunne. Hier betekent het dat de spreker iets kan of zich in een positie bevindt om iets te doen. Het patroon Jeg kan + infinitief is breed bruikbaar, bijvoorbeeld: Jeg kan komme i morgen. — “Ik kan morgen komen.” ikke ontkent wat erop volgt. In deze zin ontkent het niet het bestaan van de was, maar de mogelijkheid of bereidheid om te klagen: de spreker kan niet klagen. De plaats van ikke na kan is een normale plaats in deze hoofdzin. klage over is een vaste combinatie: iets of iemand als reden voor een klacht noemen. klage is de infinitief; de vorm is hier infinitief omdat hij volgt op het modale werkwoord kan. Het voorzetsel over hoort bij deze combinatie. Bijvoorbeeld: Hun klager over støjen. — “Zij klaagt over het lawaai.” efterladt betekent hier “achtergelaten”. Het is het voltooid deelwoord van efterlade (“achterlaten”) en beschrijft vasketøj: achtergelaten wasgoed. Het voltooid deelwoord staat hier vóór het zelfstandig naamwoord als beschrijving; het zegt niet dat het wasgoed zelf iemand heeft achtergelaten. vasketøj betekent “wasgoed” of “de was”. Het is een massanaamwoord voor kleding en ander textiel dat gewassen wordt; het verwijst hier naar achtergelaten wasgoed. Het zelfstandig naamwoord staat in de woordgroep efterladt vasketøj, dus samen betekent die woordgroep “achtergelaten wasgoed”. hvis leidt een voorwaardelijke bijzin in en betekent hier “als”. Het patroon hvis + bijzin, hoofdzin legt een voorwaarde vast. Bijvoorbeeld: Jeg hjælper, hvis du spørger. — “Ik help als je het vraagt.” jeg is de eerste persoon enkelvoud: “ik”. In deze bijzin is het opnieuw de handelende persoon; het verwijst dus naar dezelfde spreker als het eerdere Jeg, zonder dat het zelfstandig naamwoordelijk onderwerp herhaald wordt. også betekent “ook” en voegt hier de handeling van de spreker toe aan de eerder genoemde situatie. Het maakt duidelijk dat de spreker zelf eveneens was laat liggen; het is niet hetzelfde als igen (“opnieuw”). lader is de tegenwoordige vorm van lade (“laten”). In de combinatie lade noget ligge betekent het “iets laten liggen” of “iets niet opruimen”. Het onderwerp is hier jeg, vandaar de vorm lader; het werkwoord verandert in het Deens niet naar een aparte persoonsvorm voor “ik”. Na lader staat ligge, de infinitief van “liggen”. Het resterende slot mit ligge der maakt concreet wat de spreker zelf laat liggen. mit is de bezittelijke vorm bij een enkelvoudig onzijdig zelfstandig naamwoord; het zelfstandig naamwoord dat bedoeld wordt, is hier door de context weggelaten maar betreft de was van de spreker. ligge der betekent “daar liggen”. Samen met lader ontstaat dus lader mit ligge der: “laat die van mij daar liggen”. De hele zin bouwt zo op: Jeg kan ikke klage over — “ik kan niet klagen over” — gevolgd door efterladt vasketøj, “achtergelaten wasgoed”. De voorwaarde hvis jeg også lader mit ligge der betekent “als ik die van mij ook daar laat liggen”. De volledige betekenis is: “Ik kan niet klagen over achtergelaten was als ik die van mij daar ook laat liggen.”

  10. Det fælles vaskeri fungerer bedre, når folk holder øje med vasketiderne.

    De gedeelde was verloopt soepeler als mensen op de duur van de programma's letten.

    fælles
    gedeeld; gemeenschappelijk
    vaskeri
    wasserette; wasruimte
    fungerer
    werkt; functioneert
    bedre
    beter
    folk
    mensen
    holder øje med
    letten op; in de gaten houden
    vasketiderne
    de wastijden
    Uitgebreide uitleg

    fælles betekent hier “gedeeld” of “gemeenschappelijk” en beschrijft vaskeri. Dit bijvoeglijk naamwoord heeft in deze betekenis dezelfde vorm bij enkelvoud, onzijdig en meervoud: en fælles plan, et fælles mål, fælles regler — respectievelijk “een gemeenschappelijk plan”, “een gemeenschappelijk doel”, “gemeenschappelijke regels”. vaskeri betekent hier een wasserette of wasruimte. Het is een onzijdig zelfstandig naamwoord: et vaskeri. Nuttige vormen zijn vaskerier “wasserettes/wasruimtes” en vaskeriet “de wasserette/wasruimte”. In det fælles vaskeri staat det als het onzijdige bepaalde lidwoord voor een zelfstandig naamwoord dat samen met een bijvoeglijk naamwoord bepaald wordt. fungerer is de tegenwoordige tijd van at fungere, “functioneren” of “werken”. De verleden tijd is fungerede. Hier gaat het om hoe de gedeelde wasruimte werkt, niet om een persoon die iets uitvoert. bedre is de vergrotende vorm van god/godt: god/godt → bedre → bedst, “goed” → “beter” → “best”. In deze zin is bedre een bijwoord bij fungerer: de wasruimte werkt beter. Voor een zelfstandig naamwoord kan dezelfde vorm als bijvoeglijk naamwoord optreden, bijvoorbeeld en bedre løsning — “een betere oplossing”. folk betekent “mensen” en verwijst hier algemeen naar de mensen die de wasruimte gebruiken. Het is een meervoudig woord zonder aparte vorm die overeenkomt met één persoon; voor één persoon gebruik je bijvoorbeeld en person. Voorbeeld: Folk kommer klokken otte. — “Mensen komen om acht uur.” holder øje med is de vaste uitdrukking “een oogje houden op” of “opletten bij”. holder is hier de tegenwoordige tijd van at holde, “houden”; de verleden tijd is holdt. De constructie is holde øje med + iets/iemand, bijvoorbeeld Vi holder øje med tiden. — “We houden de tijd in de gaten.” vasketiderne betekent “de wastijden”. Het is de bepaalde meervoudsvorm van en vasketid: vasketid → vasketider → vasketiderne. Het achtervoegsel -ne markeert hier het bepaalde meervoud. Vasketid is een samenstelling van vask/“was” en tid/“tijd”; in deze zin gaat het om de tijden waarop programma’s of wasbeurten plaatsvinden. når leidt de bijzin in en betekent hier “als” of “wanneer”. In når folk holder øje med vasketiderne staat eerst het onderwerp folk en daarna de persoonsvorm holder. De hoofdzin Det fælles vaskeri fungerer bedre zegt dat de gedeelde wasruimte beter werkt; de bijzin geeft de voorwaarde of omstandigheid daarbij: mensen letten op de wastijden. Samen betekent de hele zin: “De gedeelde wasruimte werkt beter als mensen op de wastijden letten.”

Grammatica

så snart + bijzin

Jeg kommer tilbage, så snart vasken er færdig.

Jai komme terbaai, soo snart wasken er fee-die.

Ik kom terug zodra de was klaar is.

‘Så snart’ betekent ‘zodra’ en verbindt een bijzin met het moment waarop iets gebeurt.

hvis + bijzin

Hvis jeg sætter en påmindelse, kommer jeg tilbage.

Ves jai sede en poo-minelse, komme jai terbaai.

Als ik een herinnering instel, kom ik terug.

‘Hvis’ leidt een voorwaarde in: de hoofdzin gebeurt alleen wanneer de voorwaarde klopt.

Deens woordenschat

en af dem uitdrukking
en aa diem een ervan
fuld bijvoeglijk naamwoord
foel vol fulde
færdig bijvoeglijk naamwoord
fee-die klaar
hvornår bijwoord
voornaal wanneer
igen bijwoord
iegeen weer
næste bijvoeglijk naamwoord
nesde volgende
plan zelfstandig naamwoord
plaan schema planen
Geslacht
common
se werkwoord
see zien
snart bijwoord
snaad binnenkort
tjekke werkwoord
tsjeke controleren Tjek
vask zelfstandig naamwoord
wasg wasbeurt
Geslacht
common
vaskemaskine zelfstandig naamwoord
wasge-masjiene wasmachine vaskemaskinerne
Geslacht
common

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Alle wasmachines zijn weer vol.

Antwoord tonenAlle vaskemaskinerne er fulde igen.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

wanneer

Antwoord tonenhvornår

vol

Antwoord tonenfulde

schema

Antwoord tonenplanen

weer

Antwoord tonenigen