Presentatieangst beheersen met structuur | Leer deens in het Nederlands

Danish lesson set in a contemporary Copenhagen everyday setting: During an academic tutoring session, a student and tutor discuss using notes, rehearsal, and flexible signposts to manage presentation anxiety..

NL → DA / Niveau: B2

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met Presentatieangst beheersen met structuur oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het deens.

Dialoog

A

Jeg kender materialet, men når jeg præsenterer, bliver mine tanker spredte.

Jai kenner mateerie-allet, men nohr jai presen-teer-er, bleever mee-na tang-er spred-dah. Ik ken de stof, maar tijdens het presenteren raakt mijn denken versnipperd.
B

Angst kan forstyrre strukturen i en præsentation, selv når du er godt forberedt.

Angst ken fo-stur-ra stroog-dan ie en presen-ta-sjoon, sel nohr doe ehr got fo-be-ret. Angst kan de structuur van een presentatie verstoren, zelfs als je goed voorbereid bent.
A

Jeg har en tendens til at skynde mig gennem komplekse overgange.

Jai haa en ten-nens till eh skeun-na mai ge-nem kom-plek-sa oo-ver-gang-ah. Ik heb de neiging om complexe overgangen te snel te doorlopen.
B

Det kan hjælpe at fremhæve overgangene i dine noter.

Deh ken jel-pe eh frem-hee-va oo-ver-gang-a-na ie dee-na noo-der. Het kan helpen om de overgangen in je aantekeningen te markeren.
A

Jeg kunne også kun øve de svære afsnit.

Jai koen-na oh-saw koen eu-va die svehr-ah au-sniet. Ik zou ook alleen de moeilijke onderdelen kunnen oefenen.
B

Det er effektivt, fordi ikke alle dele har brug for lige meget øvelse.

Deh ehr ef-ek-tift, fo-dee eg-ge al-a dee-la haa broo for lee-a mayd eu-vəl-sa. Dat is efficiënt, omdat niet elk onderdeel evenveel oefening nodig heeft.
A

Jeg vil gerne lyde forberedt uden at virke, som om jeg har lært det udenad.

Jai vel geh-na luu-a fo-be-ret oo-an eh ver-ga, som om jai haa lehrd deh oo-an-eh. Ik wil voorbereid klinken zonder dat het lijkt alsof ik iets uit mijn hoofd heb geleerd.
B

Gå efter fleksible signalord i stedet for faste sætninger.

Go ef-da flek-see-blah sig-naal-oor ie stedd for fes-ta sehd-ning-er. Streef naar flexibele signaalwoorden in plaats van vaste zinnen.

Uitleg van de zinnen

  1. Jeg kender materialet, men når jeg præsenterer, bliver mine tanker spredte.

    Ik ken de stof, maar tijdens het presenteren raakt mijn denken versnipperd.

    kender
    ken
    materialet
    het materiaal
    når
    wanneer
    præsenterer
    presenteer
    bliver
    wordt; raakt
    mine
    mijn
    tanker
    gedachten
    spredte
    verspreid; versnipperd
    Uitgebreide uitleg

    kender betekent hier “kennen” in de tegenwoordige tijd. Het is de tegenwoordige vorm bij jeg van het werkwoord kende in de infinitief; kendte is de verleden tijd. Voorbeeld: Jeg kender byen. — Ik ken de stad. materialet is de bepaalde enkelvoudsvorm van materiale: et materiale → materialet. Het achtervoegsel -et maakt het zelfstandig naamwoord bepaald; het drukt op zichzelf geen aantal uit. Meervoud: materialer, bepaald meervoud: materialerne. når leidt hier een tijdsbepaling in: “wanneer”. Het verbindt jeg præsenterer met het moment waarop de verandering plaatsvindt. Vergelijk hvis, dat meestal een voorwaarde (“als ...”) inleidt. præsenterer is de tegenwoordige tijd van præsentere, bij jeg: “ik presenteer”. In het Deens verandert de tegenwoordige tijd bij dit werkwoord niet naar persoon of getal. Voorbeeld: Når jeg præsenterer, taler jeg langsomt. — Wanneer ik presenteer, spreek ik langzaam. bliver is de tegenwoordige tijd van blive. Hier betekent het “wordt” of “raakt”: het beschrijft een overgang naar een toestand, niet alleen een toestand die er al is. De combinatie blive + bijvoeglijk naamwoord is een bruikbaar patroon voor “worden/geraken + toestand”. mine betekent “mijn” bij een zelfstandig naamwoord in het meervoud. De bezitsvorm verwijst grammaticaal naar het bezeten woord en staat hier daarom bij tanker, niet omdat de bezitter meervoudig is. Bij één gemeenschappelijk- of onzijdig zelfstandig naamwoord zijn de vormen min en mit mogelijk, afhankelijk van het grammaticale geslacht van dat zelfstandig naamwoord. tanker is het meervoud van tanke, “gedachte”. Het is een zelfstandig naamwoord met gemeenschappelijk geslacht: en tanke → tanker. In deze zin gaat het om de gedachten van de spreker; de vertaling drukt dezelfde bedoelde mentale inhoud uit als “mijn denken”. Voorbeeld: Mine tanker er klare. — Mijn gedachten zijn helder. spredte is de meervoudsvorm van het bijvoeglijk naamwoord spredt, “verspreid” of “versnipperd”. Het past zich hier aan het meervoudige tanker aan. In bliver ... spredte beschrijft het bijvoeglijk naamwoord de toestand die de gedachten bereiken; bliver draagt het idee van verandering. De eerste hoofdzin is Jeg kender materialet: de spreker kent het materiaal. Daarna geeft men (“maar”) een tegenstelling aan. De bijzin når jeg præsenterer bepaalt wanneer de volgende toestand optreedt. In bliver mine tanker spredte raken de gedachten van de spreker versnipperd tijdens het presenteren. Samen betekent de volledige uiting: “Ik ken het materiaal, maar wanneer ik presenteer, raakt mijn denken versnipperd.”

  2. Angst kan forstyrre strukturen i en præsentation, selv når du er godt forberedt.

    Angst kan de structuur van een presentatie verstoren, zelfs als je goed voorbereid bent.

    Angst
    angst
    kan
    kunnen
    forstyrre
    verstoren
    strukturen
    structuur
    præsentation
    presentatie
    selv når
    zelfs wanneer
    du er
    je bent
    godt
    goed
    forberedt
    voorbereid
    Uitgebreide uitleg

    Angst betekent hier “angst” of “ongerustheid”. Het is een zelfstandig naamwoord; in het Deens kan het zonder lidwoord als algemeen onderwerp staan. Voorbeeld: Angst påvirker søvnen. — “Angst beïnvloedt de slaap.” kan is de tegenwoordige vorm van het modale werkwoord kunne. Het staat vóór de infinitief en drukt hier mogelijkheid uit: iets kan gebeuren, zonder dat het als zeker wordt voorgesteld. Voorbeeld: Det kan ske. — “Dat kan gebeuren.” forstyrre is de infinitief “verstoren”. Na kan blijft het werkwoord in de infinitief: kan forstyrre, niet een vervoegde vorm. Voorbeeld: Støj kan forstyrre arbejdet. — “Lawaai kan het werk verstoren.” strukturen is de bepaalde enkelvoudsvorm van struktur: “de structuur”. Het achtervoegsel -en markeert hier bepaaldheid. De vorm benoemt dus de structuur als een specifieke structuur, namelijk die van de presentatie. præsentation is een onbepaald enkelvoudig zelfstandig naamwoord: “een presentatie”. In strukturen i en præsentation vormt het samen met i de betekenis “de structuur van een presentatie”. Het onbepaalde lidwoord en staat in de bron niet in deze geselecteerde quote; het maakt de presentatie niet tot een expliciet geteld aantal. selv når betekent “zelfs wanneer”. Het leidt een omstandigheid of voorwaarde in die de hoofdgedachte niet opheft. Voorbeeld: Jeg arbejder, selv når jeg er træt. — “Ik werk, zelfs wanneer ik moe ben.” du er betekent “je bent”. du is de tweede persoon enkelvoud en er is de tegenwoordige vorm van være (“zijn”). De combinatie vormt hier het begin van een bijzin na selv når. godt betekent hier “goed” en versterkt de daaropvolgende beschrijving. In deze combinatie functioneert het als bijwoord bij forberedt, niet als een zelfstandig naamwoord. Voorbeeld: Hun er godt informeret. — “Zij is goed geïnformeerd.” forberedt betekent “voorbereid”. Het is de vorm die hier na er als predicatieve beschrijving staat; het kan ook als voltooid deelwoord bij forberede (“voorbereiden”) worden gebruikt. In het enkelvoud is deze vorm zichtbaar hetzelfde voor grammaticaal gemeenschappelijk en onzijdig geslacht; in het meervoud staat doorgaans forberedte. Voorbeeld: Vi er forberedte. — “Wij zijn voorbereid.” Samen betekent Angst kan forstyrre strukturen i en præsentation: “Angst kan de structuur van een presentatie verstoren.” selv når du er godt forberedt voegt de omstandigheid toe: “zelfs wanneer je goed voorbereid bent.” De volledige zin zegt dus dat voorbereiding niet uitsluit dat angst de structuur van een presentatie kan verstoren.

  3. Jeg har en tendens til at skynde mig gennem komplekse overgange.

    Ik heb de neiging om complexe overgangen te snel te doorlopen.

    Jeg
    ik
    har
    heb
    en tendens
    een neiging
    til at
    om te
    skynde
    haasten
    mig
    me; mezelf
    gennem
    door
    komplekse
    complexe
    overgange
    overgangen
    Uitgebreide uitleg

    Jeg betekent hier “ik” en is de Deense vorm voor de eerste persoon enkelvoud. De vorm verandert niet naar het geslacht van de spreker. Voorbeeld: Jeg læser. — “Ik lees.” har is de tegenwoordige vorm van have (“hebben”). Deze vorm wordt in de tegenwoordige tijd bij alle personen gebruikt: jeg har, du har, hun har. Hier betekent hij “heb” in de constructie have en tendens til at .... en tendens betekent “een neiging”. tendens is een zelfstandig naamwoord met het onbepaalde lidwoord en; het meervoud is tendenser. Hier benoemt de woordgroep een terugkerend gedragspatroon. Voorbeeld: Jeg har en tendens til at vente. — “Ik heb de neiging om te wachten.” til at vormt hier samen met tendens het patroon tendens til at + infinitief, in het Nederlands meestal “de neiging om te ...”. at markeert de infinitief; het is dus niet op zichzelf een extra betekenisvolle hoeveelheid of tijdsaanduiding. skynde is de infinitief en betekent “haasten”. In deze zin staat het met het reflexieve voornaamwoord mig: skynde mig betekent “me haasten”. De infinitief verandert niet per persoon, maar het voornaamwoord past bij het onderwerp: skynde mig, skynde dig, skynde sig. Voorbeeld: Hun skynder sig. — “Zij haast zich.” mig betekent hier “me” en verwijst reflexief naar Jeg: de persoon die haast, is ook degene naar wie de handeling terugwijst. Andere vormen in hetzelfde patroon zijn dig (“je”) en sig (“zich”) bij andere onderwerpen. gennem betekent hier “door” of “doorheen” en geeft het traject aan waarlangs de handeling plaatsvindt. skynde mig gennem ... betekent dus “me door ... heen haasten”. komplekse betekent hier “complexe”. Deze vorm staat bij het meervoud overgange. De relevante vormen zijn kompleks bij een-zelfstandige naamwoorden in het enkelvoud, komplekst bij een onzijdig enkelvoud en komplekse bij het meervoud of een bepaalde vorm. Voorbeeld: komplekse opgaver — “complexe opdrachten”. overgange betekent “overgangen”. Het enkelvoud is en overgang en het meervoud overgange. Hier is het de kern van de woordgroep komplekse overgange. Samen betekent Jeg har en tendens til at skynde mig gennem komplekse overgange: “Ik heb de neiging om me door complexe overgangen heen te haasten.” De structuur is Jeg har en tendens til at + skynde mig gennem + komplekse overgange. De vaste Nederlandse vertaling geeft dezelfde strekking weer als “Ik heb de neiging om complexe overgangen te snel te doorlopen.”

  4. Det kan hjælpe at fremhæve overgangene i dine noter.

    Het kan helpen om de overgangen in je aantekeningen te markeren.

    Det kan
    het kan
    hjælpe
    helpen
    at fremhæve
    markeren; benadrukken
    overgangene
    de overgangen
    dine
    je; jouw
    noter
    aantekeningen
    Uitgebreide uitleg

    Det kan vormt hier samen het onpersoonlijke patroon “het kan …”. Det verwijst in deze zin niet noodzakelijk naar een specifiek zelfstandig naamwoord; het maakt de constructie grammaticaal compleet. kan is de tegenwoordige vorm van kunne en drukt hier mogelijkheid uit. Deze vorm verandert niet mee met de persoon: jeg kan, du kan, de kan. Voorbeeld: Det kan være svært. — “Het kan moeilijk zijn.” hjælpe is het werkwoord “helpen”. Na het modale werkwoord kan staat het in de infinitief, zonder at: kan hjælpe. De infinitief komt ook voor in het patroon at hjælpe, bijvoorbeeld Det er godt at hjælpe. — “Het is goed om te helpen.” at fremhæve betekent hier “markeren” of “benadrukken”. at markeert de infinitief, terwijl fremhæve zelf het werkwoord is. In Det kan hjælpe at fremhæve ... is “iets markeren” datgene wat kan helpen. Voorbeeld: Jeg prøver at fremhæve de vigtigste ord. — “Ik probeer de belangrijkste woorden te markeren.” overgangene is de bepaalde meervoudsvorm van overgang (“overgang”). De vormreeks is en overgang — overgange — overgangene: onbepaald enkelvoud, onbepaald meervoud, bepaald meervoud. Het achtervoegsel -ene maakt het meervoud bepaald, dus “de overgangen”. dine is een bezittelijk woord bij een meervoudig zelfstandig naamwoord: “je/jouw”. Het verwijst grammaticaal naar de bezittende persoon, maar de vorm dine sluit aan bij het meervoudige noter, niet bij het aantal bezitters. Vergelijk bij een enkelvoudig zelfstandig naamwoord din of dit, afhankelijk van het grammaticale geslacht van dat zelfstandig naamwoord. noter is het onbepaalde meervoud van note (“aantekening”). De vormreeks is en note — noter — noterne. In dine noter betekent het “je aantekeningen”; het meervoud wordt ook zichtbaar door de vorm dine. Samen betekent Det kan hjælpe at fremhæve overgangene i dine noter: “Het kan helpen om de overgangen in je aantekeningen te markeren.” Det kan hjælpe geeft de mogelijkheid aan, at fremhæve overgangene benoemt de handeling, en i dine noter geeft aan waar die overgangen staan.

  5. Jeg kunne også kun øve de svære afsnit.

    Ik zou ook alleen de moeilijke onderdelen kunnen oefenen.

    Jeg kunne
    ik zou kunnen
    også
    ook
    kun
    alleen
    øve
    oefenen
    svære
    moeilijke
    afsnit
    onderdelen
    Uitgebreide uitleg

    Jeg kunne betekent hier “ik zou kunnen”: het drukt een mogelijke handeling uit. Kunne is hier de infinitief van kunne én ook de verleden-tijdsvorm van dat modale werkwoord; de vorm verandert niet speciaal omdat het onderwerp jeg is. De vaste vertaling maakt hier de lezing als mogelijke of voorwaardelijke handeling duidelijk. Vergelijk: Jeg kan øve. — “Ik kan oefenen.” også voegt “ook” toe. Het maakt duidelijk dat deze mogelijkheid aanvullend is. In deze zin staat het na kunne en vóór de overige inhoud van de handeling. kun beperkt de handeling tot een selectie: alleen de bedoelde onderdelen worden geoefend. Het contrast met også is nuttig: kun beperkt, terwijl også iets toevoegt. øve betekent “oefenen” en is de infinitief van øve. Na het modale werkwoord kunne staat deze infinitief zonder een extra infinitiefmarkeerder: kunne øve betekent “kunnen oefenen”. Voorbeeld: Jeg kunne læse. — “Ik zou kunnen lezen.” svære betekent hier “moeilijke”. De basisvorm is svær; svære is de vorm die onder meer bij meervoud en bij een bepaalde nominale groep voorkomt. In de svære afsnit is de combinatie met de en de vaste vertaling bepalend voor de lezing “de moeilijke onderdelen”; svære alleen bewijst niet zelfstandig welke van die functies bedoeld is. Voorbeeld: de svære opgaver — “de moeilijke opgaven”. afsnit betekent hier “onderdelen” in de betekenis van afgebakende secties of passages. De vorm is in het Deens gelijk in enkelvoud en meervoud; in de svære afsnit maakt de de meervoudige bepaalde groep herkenbaar. Voorbeeld: to afsnit — “twee onderdelen”. Samen vormen de delen de betekenis: Jeg kunne geeft de mogelijkheid, også maakt die mogelijkheid aanvullend, kun beperkt haar tot een selectie, en øve de svære afsnit benoemt wat geoefend zou worden. De volledige betekenis is daarom: “Ik zou ook alleen de moeilijke onderdelen kunnen oefenen.”

  6. Det er effektivt, fordi ikke alle dele har brug for lige meget øvelse.

    Dat is efficiënt, omdat niet elk onderdeel evenveel oefening nodig heeft.

    Det er
    Dat is
    effektivt
    efficiënt
    fordi
    omdat
    ikke
    niet
    alle
    alle
    dele
    onderdelen
    har brug for
    nodig hebben
    lige meget
    evenveel
    øvelse
    oefening
    Uitgebreide uitleg

    Det er vormt hier de hoofdzin “dat is”. Det is een onpersoonlijk onderwerp: de zin gebruikt niet een specifiek benoemd zelfstandig naamwoord als onderwerp, maar verwijst naar de voorafgaande bewering of situatie. er is de tegenwoordige tijd van at være (“zijn”). effektivt betekent hier “efficiënt” en staat als gezegde bij det. De vorm effektivt is de onzijdige enkelvoudsvorm van het bijvoeglijk naamwoord effektiv; vergelijk effektiv bij een gemeenschappelijk geslacht en effektive in bepaalde of meervoudige combinaties. Voorbeeld: Det er effektivt. — “Dat is efficiënt.” fordi leidt de redengevende bijzin in: “omdat”. Het maakt van wat volgt de reden voor de hoofdzin. Voorbeeld: Jeg øver, fordi jeg vil blive bedre. — “Ik oefen omdat ik beter wil worden.” ikke betekent “niet”. In ikke alle dele ontkent het de omvang alle: het gaat dus om niet alle onderdelen, niet om geen enkel onderdeel. De combinatie ikke alle is bruikbaar wanneer slechts een deel van een groep bedoeld wordt. alle betekent hier “alle” en staat bij het meervoudige zelfstandig naamwoord dele. Het verwijst naar de volledige groep die in de context als onderdelen wordt opgevat. Voorbeeld: Alle elever øver. — “Alle leerlingen oefenen.” dele is het meervoud van del, “onderdeel” of “deel”. De vorm dele noemt meerdere onderdelen; het enkelvoud is en del. Voorbeeld: En del er vanskelig. — “Eén onderdeel is moeilijk.” har brug for is een vaste constructie met de betekenis “nodig hebben”. har is de tegenwoordige tijd van at have (“hebben”); brug for hoort bij deze constructie en betekent hier niet letterlijk een afzonderlijk “gebruik voor”. De vorm verandert met het onderwerp in persoon niet: jeg har, du har, de har. Voorbeeld: Jeg har brug for mere tid. — “Ik heb meer tijd nodig.” lige meget betekent hier “evenveel”. lige geeft gelijkheid aan en meget duidt de hoeveelheid aan. Samen kan de uitdrukking een gelijke hoeveelheid van iets aangeven, zoals in lige meget øvelse (“evenveel oefening”). Vergelijk mere (“meer”) en mindre (“minder”) wanneer de hoeveelheden niet gelijk zijn. øvelse betekent “oefening” en staat hier als niet-telbare hoeveelheid na lige meget; de zin zegt dus niet hoeveel afzonderlijke oefeningen het zijn. Het zelfstandig naamwoord is en øvelse; het bepaalde enkelvoud is øvelsen. Voorbeeld: Hun har brug for øvelse. — “Zij heeft oefening nodig.” Samen vormen ikke alle dele en har brug for lige meget øvelse de bijzin: niet alle onderdelen hebben evenveel oefening nodig. Met fordi wordt dat de reden, en de hele zin betekent: “Dat is efficiënt, omdat niet elk onderdeel evenveel oefening nodig heeft.”

  7. Jeg vil gerne lyde forberedt uden at virke, som om jeg har lært det udenad.

    Ik wil voorbereid klinken zonder dat het lijkt alsof ik iets uit mijn hoofd heb geleerd.

    Jeg vil gerne
    ik wil graag
    lyde
    klinken
    forberedt
    voorbereid
    uden at
    zonder te
    virke
    lijken
    som om
    alsof
    lært … udenad
    uit het hoofd geleerd
    Uitgebreide uitleg

    Jeg vil gerne betekent hier dat de spreker iets wil: “ik wil graag”. Jeg is de vorm voor de eerste persoon enkelvoud. vil is de tegenwoordige vorm van ville; gerne verzacht of kleurt de wens als “graag”. Voorbeeld: Jeg vil gerne lære dansk. — “Ik wil graag Deens leren.” lyde betekent hier “klinken” of “overkomen als”. Het is de infinitief na vil: vil lyde. Het werkwoord beschrijft dus hoe de spreker op anderen overkomt, niet hoe de spreker letterlijk klinkt als een geluid. Voorbeeld: Hun vil lyde sikker. — “Zij wil zelfverzekerd klinken.” forberedt betekent hier “voorbereid”. Het is de adjectivische vorm van het werkwoord forberede (“voorbereiden”) en staat na lyde als beschrijving van de indruk die de spreker maakt. De vorm forberedt kan ook buiten deze zin als voltooid deelwoord worden gebruikt, bijvoorbeeld in Jeg er forberedt — “Ik ben voorbereid.” uden at introduceert een manier waarop iets niet gebeurt: uden at + infinitief betekent “zonder te”. In deze zin volgt daarop virke, dus “zonder te lijken”. Voorbeeld: Han går uden at sige noget. — “Hij loopt weg zonder iets te zeggen.” virke betekent hier “lijken” of “overkomen”. Het staat als infinitief na uden at. De combinatie lyde forberedt uden at virke ... contrasteert de gewenste indruk met de indruk die de spreker juist wil vermijden. som om betekent “alsof” en leidt een bijzin in die een veronderstelde indruk beschrijft. Het maakt duidelijk dat het volgende niet als een vaststaand feit wordt gepresenteerd, maar als iets waar de spreker op zou kunnen lijken. Voorbeeld: Det ser ud, som om hun er klar. — “Het lijkt alsof zij klaar is.” lært betekent hier “geleerd”. Het is het voltooid deelwoord van lære (“leren”) en staat samen met har in de voltooide tijd: har lært. Het daaropvolgende det verwijst in de vaste vertaling naar iets dat geleerd is, terwijl lært zelf de handeling “geleerd” uitdrukt. udenad betekent “uit het hoofd”. Samen geven lært ... udenad en de omliggende woorden de betekenis “uit het hoofd geleerd”. In het Deens staat udenad hier achter het object det; daarom zijn de twee delen van deze constructie niet aaneengesloten. Als geheel combineert de zin de gewenste indruk (lyde forberedt) met de vermeden indruk (uden at virke, som om ...). Jeg vil gerne lyde forberedt uden at virke, som om jeg har lært det udenad. betekent daarom: “Ik wil voorbereid klinken zonder dat het lijkt alsof ik iets uit mijn hoofd heb geleerd.”

  8. Gå efter fleksible signalord i stedet for faste sætninger.

    Streef naar flexibele signaalwoorden in plaats van vaste zinnen.

    Gå efter
    streef naar
    fleksible
    flexibele
    signalord
    signaalwoorden
    i stedet for
    in plaats van
    faste
    vaste
    sætninger
    zinnen
    Uitgebreide uitleg

    Gå efter betekent hier “streef naar” of “ga voor”. Het is een vaste, herbruikbare combinatie: gå efter + iets. Gå is de gebiedende wijs van gå (“gaan”); bij dit werkwoord ziet de gebiedende wijs er hetzelfde uit als de infinitief. In deze zin is het onderwerp niet uitgesproken: de zin geeft rechtstreeks een advies. Voorbeeld: Gå efter kvalitet. — “Streef naar kwaliteit.” fleksible betekent hier “flexibele”. Het beschrijft signalord en staat daarom in de vorm die past bij een meervoudig zelfstandig naamwoord. De basisvorm is fleksibel; vergelijk fleksibel (enkelvoud) — fleksible (meervoud of bepaalde vorm). Voorbeeld: en fleksibel løsning — “een flexibele oplossing.” signalord betekent “signaalwoorden”. Het is een samenstelling van signal en ord, maar als geheel is het een zelfstandig naamwoord voor woorden die een tekst of gedachtegang markeren. et signalord is enkelvoud; signalord is ook de meervoudsvorm. Het onzijdige lidwoord et drukt hier niet op zichzelf een concreet aantal uit. Voorbeeld: Signalord hjælper læseren. — “Signaalwoorden helpen de lezer.” i stedet for is de vaste combinatie “in plaats van”. Ze introduceert dat het ene gekozen wordt als alternatief voor iets anders. Voorbeeld: Brug et eksempel i stedet for en lang forklaring. — “Gebruik een voorbeeld in plaats van een lange uitleg.” faste betekent hier “vaste” en beschrijft sætninger. De basisvorm van het bijvoeglijk naamwoord is fast; faste is de vorm bij meervoud en ook bij bepaalde naamwoordgroepen. Het is dus faste dat de vorm draagt, niet sætninger. Voorbeeld: en fast regel — “een vaste regel.” sætninger betekent “zinnen”. Het enkelvoud is sætning, het meervoud sætninger. Het woord verwijst hier naar vaste formuleringen, zonder dat de zin zegt hoeveel zinnen het precies zijn. Voorbeeld: Jeg skriver korte sætninger. — “Ik schrijf korte zinnen.” Samen vormen de delen de adviesstructuur gå efter X i stedet for Y: “streef naar X in plaats van Y”. Hier is X fleksible signalord (“flexibele signaalwoorden”) en Y faste sætninger (“vaste zinnen”). De volledige betekenis is daarom: “Streef naar flexibele signaalwoorden in plaats van vaste zinnen.”

Grammatica

i stedet for at + infinitiv

Øv sætninger i stedet for at lære dem udenad.

Euuf sehd-ning-er ie stedd for eh lehr-a dem oo-an-eh.

Oefen zinnen in plaats van ze uit het hoofd te leren.

Na i stedet for volgt vaak at + infinitief wanneer je twee handelingen tegenover elkaar zet.

effektiv → effektivt als bijwoord

Det virker effektivt.

Deh ver-ga ef-ek-tift.

Het werkt efficiënt.

Een bijwoord krijgt hier -t: effektiv wordt effektivt. Als bijvoeglijk naamwoord blijft het effektiv.

Deens woordenschat

angst zelfstandig naamwoord
angst angst
forberedt bijvoeglijk naamwoord
fo-be-ret voorbereid
forstyrre werkwoord
fo-stur-ra verstoren
kende werkwoord
ken-na kennen kender
materiale zelfstandig naamwoord
ma-teh-ri-ee-la materiaal materialet
Geslacht
neuter
præsentation zelfstandig naamwoord
presen-ta-sjoon presentatie
præsentere werkwoord
presen-teer-a presenteren præsenterer
skynde sig uitdrukking
skeun-na sai zich haasten
spredt bijvoeglijk naamwoord
spred verspreid spredte
struktur zelfstandig naamwoord
stroog-doe-er structuur strukturen
tanke zelfstandig naamwoord
tang-a gedachte tanker
tendens zelfstandig naamwoord
ten-nens neiging

Quiz

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

gedachte

Antwoord tonentanker

materiaal

Antwoord tonenmaterialet

angst

Antwoord tonenangst

verstoren

Antwoord tonenforstyrre