Was
Was betekent hier ‘wat’ en staat in “Was ist das hier?” en “Was ist das da?” aan het begin van een vraag naar een onbekend ding. Je gebruikt Was als vraagwoord wanneer je naar een ding of informatie vraagt, bijvoorbeeld tijdens het aanwijzen van een voorwerp. In een gesprek gebruik je het om iemand om identificatie of uitleg te vragen.
ist
Ist betekent hier ‘is’ en verbindt het onderwerp met de informatie die je erover vraagt of geeft, zoals in “Was ist das hier?” en “Das hier ist meins.” Ist is een vorm van sein. Je gebruikt het in zinnen over wat iets of iemand is en over wie iets toebehoort; bijvoorbeeld wanneer je een voorwerp identificeert.
das
Das verwijst hier naar het aangewezen ding of de aangewezen persoon, zoals in “Was ist das hier?”, “Was ist das da?” en “Wer ist das?”. In das hier en das da helpt het samen met hier of da om het aangewezen item te lokaliseren. Je gebruikt das wanneer je naar iets of iemand wijst of ernaar verwijst zonder het zelfstandig naamwoord te herhalen.
hier
Hier betekent ‘hier’ en geeft in “Was ist das hier?” aan dat het aangewezen item dichtbij de spreker is. Het voegt dus een plaatsaanduiding toe aan das. Je gebruikt hier wanneer je iets in de directe omgeving aanwijst of ernaar verwijst.
da
Da betekent hier ‘daar’ en staat in “Was ist das da?” en “Das da ist deins.” om een aangewezen item op enige afstand aan te duiden. Samen met das vormt het de aanwijzing das da. Je gebruikt da wanneer je iemand vraagt naar of vertelt over iets dat niet direct naast je is.
Wer
Wer betekent ‘wie’ en vraagt in “Wer ist das?” naar de identiteit van een persoon. Het is een vraagwoord voor iemand, terwijl Was in deze dialoog naar een ding vraagt. Je gebruikt Wer bijvoorbeeld wanneer je naar een onbekende persoon op een foto of in de ruimte wijst.
Welches
Welches betekent hier ‘welke’ of ‘welk exemplaar’ en vraagt in “Welches ist deins?” om één item uit meerdere mogelijkheden te kiezen. Het item zelf wordt niet opnieuw genoemd. Je gebruikt Welches wanneer je iemand laat aangeven welk voorwerp bedoeld wordt of van hem of haar is.
deins
Deins betekent ‘die van jou’ en geeft in “Welches ist deins?” en “Das da ist deins.” aan dat het gekozen item van de aangesprokene is. Deins is hier een zelfstandige bezitsvorm bij dein, zodat het item niet opnieuw genoemd hoeft te worden. Je gebruikt het wanneer je bevestigt dat een voorwerp aan de ander toebehoort.
meins
Meins betekent ‘die van mij’ en geeft in “Das hier ist meins.” aan dat het aangewezen item van de spreker is. Meins is hier een zelfstandige bezitsvorm bij mein en staat zonder herhaling van het bedoelde item. Je gebruikt het wanneer je tijdens een gesprek of bij het verdelen van spullen zegt dat iets van jou is.
Die
Die betekent ‘die’ als aanwijzend woord voor een bepaald voorwerp. Een nieuw voorbeeld is “Die da ist deins.”; let op: in de aangeleverde Duitse dialoog staat voor deze regel “Das da ist deins.”, niet Die. Gebruik Die dus niet als de exacte Duitse vorm van die dialoogregel.