Gehen
Gehen betekent hier gaan en staat aan het begin van een voorstel: Gehen wir zusammen spazieren. In deze vraagachtige woordvolgorde wordt samen met wir en spazieren voorgesteld om te gaan wandelen. Gebruik dit in een informele situatie waarin je iemand voor een gezamenlijke activiteit uitnodigt.
wir
Wir betekent we en is hier degene die de voorgestelde actie uitvoert. In Gehen wir zusammen spazieren staat wir direct na Gehen, omdat het voorstel als vraagachtige zin is opgebouwd. Gebruik wir wanneer jij en minstens één andere persoon samen iets doen.
zusammen
Zusammen betekent samen en maakt duidelijk dat de wandeling met de andere persoon wordt gedaan. Het staat hier tussen wir en spazieren in Gehen wir zusammen spazieren. Gebruik het om een gezamenlijke activiteit of handeling te beschrijven.
spazieren
Spazieren betekent wandelen en benoemt hier de activiteit in Gehen wir zusammen spazieren. Samen met Gehen geeft het de betekenis laten we samen gaan wandelen; die betekenis hoort bij de hele uitdrukking. Gebruik het voor een rustige wandeling als activiteit.
Ein
Ein betekent een en is hier het onbepaalde lidwoord bij Spaziergang. Het staat voor een nog niet nader bepaalde wandeling in Ein kurzer Spaziergang klingt gut. Gebruik het voor één niet-specifieke zaak of activiteit.
kurzer
Kurzer betekent kort en beschrijft hier Spaziergang als een wandeling van korte duur. De vorm kurzer staat vóór het zelfstandig naamwoord in Ein kurzer Spaziergang. Gebruik een bijvoeglijke beschrijving zoals deze vóór een zelfstandig naamwoord om een activiteit nader te omschrijven.
Spaziergang
Spaziergang betekent wandeling en benoemt hier de korte activiteit die prettig klinkt. Het is het zelfstandig naamwoord in Ein kurzer Spaziergang klingt gut. Gebruik het wanneer je over een wandeling als geplande of uitgevoerde activiteit spreekt.
klingt
Klingt betekent klinkt en verbindt de wandeling met de beoordeling gut in Ein kurzer Spaziergang klingt gut. Het beschrijft hier hoe een voorgesteld plan overkomt, niet letterlijk een geluid. Gebruik klinkt met een idee, plan of voorstel dat prettig of minder prettig overkomt.
gut
Gut betekent hier goed of prettig als beoordeling van de wandeling. In klinkt gut geeft de hele combinatie aan dat het voorstel aangenaam klinkt; gut alleen betekent niet dat iets letterlijk geluid maakt. Gebruik het om positief op een idee of voorstel te reageren.
Wo
Wo betekent waar en vraagt hier naar de plaats van de ontmoeting. Het staat aan het begin van Wo sollen wir uns treffen? en verwijst naar een locatie. Gebruik wo bij vragen over de plaats waar iemand of iets is of waar een afspraak plaatsvindt.
sollen
Sollen betekent hier zouden moeten en vraagt samen met wir welke ontmoetingsplaats wordt voorgesteld. In Wo sollen wir uns treffen? helpt sollen om naar een gezamenlijke afspraak of beslissing te vragen. Gebruik het wanneer je met iemand wilt bepalen wat jullie zullen doen.
uns
Uns betekent hier elkaar in Wo sollen wir uns treffen? en verwijst naar de twee mensen die elkaar ontmoeten. Het staat samen met treffen in de uitdrukking uns treffen. Gebruik deze vorm wanneer de betrokken personen elkaar als groep ontmoeten.
treffen
Treffen betekent ontmoeten en beschrijft hier het afspreken met elkaar. In Wo sollen wir uns treffen? krijgt het door uns de betekenis elkaar ontmoeten. Gebruik het om een plaats of moment voor een ontmoeting te bespreken.
Der
Der betekent de en is hier het bepaalde lidwoord bij Eingang. Het verwijst naar een specifieke ingang, namelijk de ingang die als ontmoetingsplaats wordt bedoeld. Gebruik het bepaalde lidwoord wanneer de gesprekspartners weten over welke zaak of plaats het gaat.
Eingang
Eingang betekent ingang en benoemt hier de plaats waar de vrienden kunnen afspreken. In Der Eingang zum Park wordt de ingang nader verbonden met het park. Gebruik het voor de plek waardoor je een gebouw, terrein of andere plaats binnengaat.
zum
Zum betekent hier naar de of van de in de verbinding Eingang zum Park: de ingang van of naar het park. Zum is de samengevoegde vorm van zu dem en staat vóór Park. Gebruik het in zulke verbindingen om een bestemming of relatie met een bepaalde plaats aan te geven.
Park
Park betekent park en is hier de plaats waartoe de ingang behoort. In Der Eingang zum Park bepaalt Park welke ingang wordt bedoeld. Gebruik het voor een groene openbare plaats waar mensen bijvoorbeeld wandelen.
passt
Passt betekent hier past of komt goed uit voor iemand. In Der Eingang zum Park passt für mich geeft de hele uitdrukking aan dat deze ontmoetingsplaats geschikt is voor de spreker. Gebruik passt om akkoord te gaan met een voorgestelde plaats, tijd of oplossing.
für
Für betekent voor en geeft in für mich aan voor wie iets geschikt is. Het staat direct vóór mich in Der Eingang zum Park passt für mich. Gebruik für met een persoon of doel wanneer je aangeeft voor wie iets geldt of bestemd is.
mich
Mich betekent mij en verwijst hier naar de spreker in für mich. De combinatie für mich betekent voor mij en geeft aan dat de voorgestelde ingang voor de spreker goed uitkomt. Gebruik für mich om je eigen voorkeur of beoordeling te geven.
Ich
Ich betekent ik en is hier het onderwerp van de handeling. De hoofdlettervorm Ich staat aan het begin van Ich schreibe dir; verderop verschijnt dezelfde vorm als ich in bevor ich losgehe. Gebruik ich wanneer je over je eigen handeling of plan spreekt.
schreibe
Schreibe betekent schrijf en betekent in Ich schreibe dir dat de spreker de ander een bericht zal sturen. De ontvanger volgt hier als dir in de combinatie schreibe dir. Gebruik deze vorm wanneer je iemand vertelt dat je die persoon een bericht of tekst stuurt.
dir
Dir betekent hier aan jou en geeft aan wie het bericht ontvangt in Ich schreibe dir. Het staat direct na schreibe en benoemt de persoon tot wie de schrijfhandeling gericht is. Gebruik dir bij een handeling die je voor of aan één bekende persoon doet.
bevor
Bevor betekent voordat en introduceert hier de tijdsbijzin bevor ich losgehe. De bijzin legt uit dat het bericht wordt gestuurd vóór het vertrek. Gebruik bevor om een handeling te plaatsen vóór een andere gebeurtenis.
losgehe
Losgehe betekent hier vertrek of ga weg in bevor ich losgehe. Dit is de vorm van losgehen die bij ich hoort; in deze bijzin staat losgehe als één woord aan het einde. Gebruik bevor ich losgehe wanneer je iets beschrijft dat gebeurt vóór je vertrekt.
Das
Das betekent dat en verwijst hier naar het voorafgaande bericht. In Das hilft mir beschrijft het bericht als onderwerp van wat de spreker helpt. Gebruik das om naar iets eerder genoemde te verwijzen.
hilft
Hilft betekent helpt en beschrijft hier dat het bericht de spreker ondersteunt om op tijd aanwezig te zijn. In Das hilft mir staat mir erbij om aan te geven wie de hulp ontvangt. Gebruik hilft wanneer iets een persoon praktisch ondersteunt bij een doel.
mir
Mir betekent mij en geeft in Das hilft mir aan wie door het bericht wordt geholpen. De combinatie hilft mir betekent helpt mij. Gebruik mir bij uitdrukkingen waarin iets voor jou nuttig is of jou ondersteunt.
pünktlich
Pünktlich betekent op tijd of stipt en beschrijft hier dat de spreker op het afgesproken moment aanwezig wil zijn. In pünktlich dort zu sein staat het bij de hele handeling daar zijn. Gebruik het bij afspraken, aankomsttijden en andere tijdsgebonden plannen.
dort
Dort betekent daar en verwijst hier naar de eerder afgesproken ontmoetingsplaats. In pünktlich dort zu sein geeft het aan waar de spreker op tijd wil zijn. Gebruik dort om naar een plaats te verwijzen die in de context al duidelijk is.
zu
Zu is hier het woord dat een infinitiefconstructie inleidt in dort zu sein. Samen met sein vormt het dort zu sein, dat betekent daar zijn. Gebruik zu vóór een werkwoord wanneer je zo’n infinitiefconstructie vormt.
sein
Sein betekent zijn en maakt in dort zu sein duidelijk dat de spreker op die plaats aanwezig wil zijn. De combinatie dort zu sein betekent daar zijn; zu leidt de constructie in en sein draagt de betekenis zijn. Gebruik sein om aanwezigheid of een toestand te beschrijven.
Soll
Soll betekent hier zal ik of moet ik en vraagt of de spreker water moet meenemen. In Soll ich Wasser mitbringen? vormt het samen met ich een vraag over een eigen voorgestelde handeling. Gebruik Soll ich om hulp, een aanbod of een voorstel voor je eigen actie te vragen.
Wasser
Wasser betekent water en is hier het voorwerp dat mogelijk wordt meegenomen tijdens de wandeling. Het staat in Soll ich Wasser mitbringen? tussen ich en mitbringen. Gebruik het wanneer je over water als drank of voorraad spreekt.
mitbringen
Mitbringen betekent meenemen, dus iets naar een afgesproken plaats brengen. In Soll ich Wasser mitbringen? staat de vorm als geheel achter de andere delen van de vraag. Gebruik mitbringen wanneer je aanbiedt of afspreekt iets mee te nemen naar iemand of naar een plaats.
Bring
Bring betekent breng mee en is hier een verzoek of opdracht aan de ander. Het staat aan het begin van Bring genug für dich mit. Gebruik deze vorm wanneer je iemand rechtstreeks vraagt om iets mee te nemen.
genug
Genug betekent genoeg en geeft hier aan dat de hoeveelheid water voldoende moet zijn voor de persoon zelf. In Bring genug für dich mit bepaalt het hoeveel er meegenomen moet worden. Gebruik genoeg bij hoeveelheden wanneer je aangeeft dat er voldoende van iets is.
dich
Dich betekent jou of jezelf en verwijst hier naar de persoon voor wie het water bedoeld is in für dich. De combinatie für dich betekent voor jou of voor jezelf. Gebruik deze vorm wanneer je rechtstreeks naar één persoon verwijst als ontvanger of doel.
mit
Mit is hier het deel dat samen met Bring de betekenis meenemen afrondt in Bring genug für dich mit. Bij deze vorm staat mit aan het einde van de zin, terwijl Bring aan het begin staat. Gebruik deze gesplitste combinatie wanneer je iemand vraagt iets mee te nemen.