Waar de rij eindigt | Leer duits in het Nederlands

German lesson set in a contemporary Berlin everyday setting: Near a doorway, two adults talk about where a line ends and where to join from the back..

NL → DE / Niveau: A1

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met Waar de rij eindigt oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het duits.

Dialoog

A

Wo ist das Ende dieser Schlange?

voo ist das en-duh dee-zuh sjlang-uh? Waar is het einde van deze rij?
B

Das Ende ist bei der Tür.

das en-duh ist bai dee-uh tuur. Het einde is bij de deur.
A

Soll ich dort warten?

zol isj dort var-tun? Moet ik daar wachten?
B

Stell dich hinter die letzte Person.

sjtel disj hin-tuh dee lets-tuh peh-uh-zoon. Ga achter de laatste persoon staan.
A

Ich habe das Schild nicht gesehen.

isj haa-buh das sjilt nisjt guh-zee-un. Ik heb het bord niet gezien.
B

Es hängt neben der Tür.

es hengt nee-bun dee-uh tuur. Het hangt naast de deur.
A

Ich gehe nach hinten.

isj gee-uh naach hin-tun. Ik ga naar achteren.
B

Dort stellen sich Leute an.

dort sjtel-lun zisj loi-tuh an. Daar sluiten mensen aan.

Uitleg van de zinnen

  1. Wo ist das Ende dieser Schlange?

    Waar is het einde van deze rij?

    Wo ist
    waar is
    das Ende
    het einde
    dieser
    deze
    Schlange
    rij
    Uitgebreide uitleg

    Wo ist vormt hier de vraag “waar is …?”. wo vraagt naar een plaats; ist is de derde persoon enkelvoud van sein (“zijn”). Dit patroon is herbruikbaar: Wo ist die Tür? — “Waar is de deur?” das Ende betekent hier “het einde”. Ende is een zelfstandig naamwoord met het onzijdige lidwoord das. In deze uitdrukking staat het in het enkelvoud; de vorm kan in andere naamvallen veranderen, bijvoorbeeld des Endes — “van het einde”. Voorbeeld: Das Ende ist bei der Tür. — “Het einde is bij de deur.” dieser betekent hier “deze”. De vorm staat bij Schlange in de genitief enkelvoud vrouwelijk: das Ende dieser Schlange betekent “het einde van deze rij”. De vorm wordt dus bepaald door het vrouwelijke woord Schlange én door de genitiefrelatie. Vergelijk: diese Schlange is nominatief of accusatief vrouwelijk enkelvoud, terwijl dieser Schlange hier genitief vrouwelijk enkelvoud is. Schlange betekent in deze zin “rij”. Het woord kan in andere contexten ook “slang” betekenen, maar de vaste vertaling geeft hier de betekenis “rij”. Een duidelijk voorbeeld van de andere betekenis is Eine Schlange liegt im Gras. — “Een slang ligt in het gras.” Samen betekent Wo ist das Ende dieser Schlange?: “Waar is het einde van deze rij?” De vraag gebruikt Wo ist om naar de plaats te vragen, das Ende als datgene waarvan de plaats wordt gevraagd, en dieser Schlange om aan te geven van welke rij het einde is.

  2. Das Ende ist bei der Tür.

    Het einde is bij de deur.

    Ende
    einde
    ist
    is
    bei
    bij
    Tür
    deur
    Uitgebreide uitleg

    Ende betekent hier “einde”. Het is een onzijdig zelfstandig naamwoord: das Ende. In deze zin staat het in de nominatief, omdat het onderwerp is. De vorm verandert wel in andere naamvallen: bijvoorbeeld dem Ende in de datief en des Endes in de genitief. In de voorafgaande vraag verwijst Ende, volgens de vertaling, naar het einde van de rij. ist is de vorm van sein (“zijn”) voor de derde persoon enkelvoud in de tegenwoordige tijd: ich bin, du bist, er/sie/es ist. Hier verbindt ist het onderwerp Das Ende met de plaatsbepaling bei der Tür. bei betekent hier “bij” of “in de buurt van” en wordt gebruikt voor een plaats nabij iets. Na bei staat de datief. Daarom staat hier der Tür, de datiefvorm van die Tür. Voorbeeld: Sie wartet bei der Tür. — “Zij wacht bij de deur.” Tür betekent “deur”. Het is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord: die Tür in de nominatief en der Tür in de datief, zoals na bei. De umlaut hoort bij de spelling van dit woord en verandert niet door deze datiefvorm. De volledige structuur is Das Ende ist bei der Tür: Das Ende is het onderwerp, ist betekent “is”, en bei der Tür geeft de plaats aan. Samen betekent de zin: “Het einde is bij de deur.”

  3. Soll ich dort warten?

    Moet ik daar wachten?

    Soll ich
    moet ik …?
    dort
    daar
    warten
    wachten
    Uitgebreide uitleg

    Soll ich bevat de vorm soll van sollen bij ich: ich soll. In deze vraag vraagt de spreker of hij of zij iets moet doen. Een herbruikbaar patroon is Soll ich + infinitief?, bijvoorbeeld Soll ich warten? = “Moet ik wachten?”. In een Duitse ja-neevraag staat de persoonsvorm vóór het onderwerp; de infinitief staat achteraan. Vergelijk: Du sollst warten. = “Je moet wachten.” dort is een plaatsbijwoord en betekent hier “daar”. Het verwijst naar een plaats die niet als hier wordt aangeduid. Het verandert niet naar persoon of getal. Voorbeeld: Ich warte dort. = “Ik wacht daar.” warten is de infinitief van warten. Na sollen blijft het werkwoord in de infinitief: ich soll warten. Zonder modaal werkwoord krijgt het de persoonsvorm, bijvoorbeeld Ich warte dort. = “Ik wacht daar.” Voor wachten op iemand of iets gebruikt Duits vaak warten auf: Wir warten auf den Bus. = “Wij wachten op de bus.” Samen vormen de woorden de vraag Soll ich dort warten?: de spreker vraagt of hij of zij daar moet wachten. dort geeft de plaats aan en warten de handeling. De volledige betekenis is “Moet ik daar wachten?”

  4. Stell dich hinter die letzte Person.

    Ga achter de laatste persoon staan.

    Stell dich
    ga staan
    hinter
    achter
    letzte
    laatste
    Person
    persoon
    Uitgebreide uitleg

    Stell dich is hier een informele opdracht aan één persoon: “ga staan”. Stell is de gebiedende wijs van stellen voor du; het onderwerp du wordt niet uitgesproken. dich is het wederkerend voornaamwoord in de accusatief en verwijst naar dezelfde aangesprokene. In deze combinatie betekent sich stellen “gaan staan” of “zich plaatsen”. Voorbeeld: Stell dich hierhin. = “Ga hier staan.” hinter betekent hier “achter”. Het voorzetsel kan zowel een plaats zonder verplaatsing als een richting of bestemming aangeven. Bij een plaats zonder verplaatsing staat vaak datief: Ich stehe hinter der Tür. = “Ik sta achter de deur.” In deze zin volgt accusatief, omdat de aangesprokene zich naar die plaats moet verplaatsen: hinter die .... letzte betekent hier “laatste”. Het bijvoeglijk naamwoord hoort bij Person en staat in de accusatief enkelvoud vrouwelijk. Na het bepaalde lidwoord die krijgt het de vorm letzte. De basisvorm is letzt; vergelijk der letzte Zug (“de laatste trein”) en die letzten Personen (“de laatste personen”). Person betekent “persoon”. Het is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord: die Person; het meervoud is die Personen. Hier staat het in het enkelvoud en in de accusatief, als onderdeel van die letzte Person. Samen bestaat de zin uit de gebiedende wijs Stell dich, de richtingsbepaling hinter en het doel die letzte Person. De volledige betekenis is daarom: “Ga achter de laatste persoon staan.”

  5. Ich habe das Schild nicht gesehen.

    Ik heb het bord niet gezien.

    Ich habe
    ik heb
    Schild
    bord
    nicht
    niet
    gesehen
    gezien
    Uitgebreide uitleg

    Ich habe vormt hier het begin van het Duitse perfectum: haben is vervoegd als habe bij ich (eerste persoon enkelvoud). Het onderwerp ich betekent “ik”; habe is in deze combinatie het hulpwerkwoord voor een voltooide handeling, niet het zelfstandige werkwoord “bezitten”. Een herbruikbaar patroon is Ich habe + voltooid deelwoord, bijvoorbeeld: Ich habe gearbeitet. — “Ik heb gewerkt.” Schild betekent hier “bord”, in de zin van een zichtbaar informatie- of aanwijzingsbord. Het zelfstandig naamwoord staat hier als das Schild, dus in het enkelvoud met een onzijdig lidwoord. De meervoudsvorm is die Schilder; dat is niet dezelfde vorm als het enkelvoud. Voorbeeld: Das Schild ist blau. — “Het bord is blauw.” nicht ontkent hier de beschreven handeling: het zien van het bord heeft niet plaatsgevonden. Voorbeeld: Ich habe den Bus nicht gesehen. — “Ik heb de bus niet gezien.” gesehen is het voltooid deelwoord van sehen (“zien”). In het perfectum staat het hulpwerkwoord eerder in de zin en staat het voltooid deelwoord in deze hoofdzin aan het einde: Ich habe ... gesehen. Voorbeeld: Ich habe den Film gesehen. — “Ik heb de film gezien.” Samen vormen Ich habe + das Schild + nicht + gesehen de betekenis: “Ik heb het bord niet gezien.” das Schild is wat de spreker niet heeft gezien, en nicht ontkent de voltooide handeling.

  6. Es hängt neben der Tür.

    Het hangt naast de deur.

    Es
    het
    hängt
    hangt
    neben
    naast
    Tür
    deur
    Uitgebreide uitleg

    Es betekent hier “het”. In de gegeven context sluit het aan bij het eerder genoemde das Schild (“het bord”); de vorm es is het Duitse persoonlijke voornaamwoord voor de derde persoon enkelvoud, onzijdig. In deze zin staat het als onderwerp. Voorbeeld: Das Schild hängt dort. — “Het bord hangt daar.” hängt is de vorm van hängen bij de derde persoon enkelvoud in de tegenwoordige tijd: ich hänge, du hängst, es hängt. Hier beschrijft het een toestand: iets bevindt zich hangend op een plaats. Voor het ophangen als handeling gebruikt Duits het aparte scheidbare werkwoord aufhängen: Ich hänge das Bild auf. — “Ik hang de afbeelding op.” neben betekent “naast” en drukt hier een plaatsrelatie uit. Bij een vaste locatie staat de voorzetselgroep met datief: Das Bild hängt neben der Tür. — “De afbeelding hangt naast de deur.” Bij een beweging naar die positie staat na hetzelfde voorzetsel de accusatief: Ich stelle den Stuhl neben die Tür. — “Ik zet de stoel naast de deur.” Tür betekent “deur”. Het zelfstandig naamwoord is vrouwelijk; de woordenboekvorm is die Tür, waarbij Tür de eigenlijke basisvorm is. Na neben staat hier de datief enkelvoud: der Tür. Tür zelf verandert niet; het lidwoord der markeert hier de naamval. Samen vormen Es hängt en neben der Tür de betekenis: “Het hangt naast de deur.” De zin zegt dat het bedoelde voorwerp zich hangend naast de deur bevindt.

  7. Ich gehe nach hinten.

    Ik ga naar achteren.

    Ich
    ik
    gehe
    ga
    nach hinten
    naar achteren
    Uitgebreide uitleg

    Ich betekent hier “ik”: de spreker verwijst naar zichzelf. Het is de eerste persoon enkelvoud. Vergelijk in een kort voorbeeld: Ich warte. = “Ik wacht.” gehe is de vorm van gehen (“gaan”) bij ich in de tegenwoordige tijd: ich gehe. De tegenwoordige tijd kan in het Duits ook een huidige of nabije geplande beweging uitdrukken. Voorbeelden: Wir gehen. = “Wij gaan.” en Ich gehe morgen. = “Ik ga morgen.” nach hinten geeft de richting “naar achteren” aan. hinten betekent “achteraan/achter”, terwijl nach hinten een beweging in die richting uitdrukt. Voorbeeld: Sie geht nach hinten. = “Zij gaat naar achteren.” Samen vormen de delen Ich gehe nach hinten. de betekenis “Ik ga naar achteren”: de spreker is degene die beweegt en noemt de richting van die beweging.

  8. Dort stellen sich Leute an.

    Daar sluiten mensen aan.

    Dort
    daar
    stellen sich … an
    zich aansluiten
    Leute
    mensen
    Uitgebreide uitleg

    Dort betekent hier “daar”. Het is een plaatsbijwoord. Voorbeeld: Dort arbeitet sie. = “Daar werkt ze.” stellen sich ... an hoort bij het scheidbare en wederkerende werkwoord sich anstellen. In deze betekenis betekent het “in de rij gaan staan” of “aansluiten”. In een hoofdzin wordt het werkwoord gesplitst: Sie stellen sich an. Het voorvoegsel an staat aan het einde. sich is hier de wederkerende vorm voor de derde persoon; die vorm wordt zowel bij enkelvoud als meervoud gebruikt. Het losse stellen kan in andere contexten bijvoorbeeld “zetten” of “plaatsen” betekenen, dus leer sich anstellen als geheel voor deze betekenis. Leute betekent “mensen” en is hier het meervoudige onderwerp. Voor één persoon kun je bijvoorbeeld eine Person of ein Mensch gebruiken. Voorbeeld: Viele Leute stellen sich an. = “Veel mensen sluiten aan.” De letterlijke volgorde is Dort + stellen + sich + Leute + an. Omdat Dort vooraan staat, staat het vervoegde werkwoord stellen op de tweede zinsplaats; het onderwerp kan daarna volgen. sich anstellen vormt hier dus samen met Leute de betekenis: “Daar sluiten mensen aan.”

Grammatica

Stell dich hinter …

Stell dich hinter die letzte Person.

sjtel disj hin-tuh dee lets-tuh peh-uh-zoon.

Ga achter de laatste persoon staan.

De gebiedende wijs van stellen is Stell. Het voornaamwoord dich staat direct na het werkwoord.

sich anstellen → stellen sich an

Leute stellen sich an.

loi-tuh sjtel-lun zisj an.

Mensen sluiten aan.

Anstellen is scheidbaar: an staat aan het einde. Sich verwijst naar het onderwerp.

Duits woordenschat

bei voorzetsel
bai bij

bei der Tür

dich voornaamwoord
disj je
dieser bepaler
dii-zuh deze
dort bijwoord
dort daar
Ende zelfstandig naamwoord
en-duh einde
ich voornaamwoord
isj ik
Schlange zelfstandig naamwoord
sjlang-uh rij
sein werkwoord
zain zijn ist
stellen werkwoord
sjtel-lun gaan staan / plaatsen Stell

Stell dich hinter die letzte Person.

Tür zelfstandig naamwoord
tuur deur
warten werkwoord
var-tun wachten
Wo bijwoord
voo waar

Wo ist das Ende dieser Schlange?

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Waar is het einde van deze rij?

Antwoord tonenWo ist das Ende dieser Schlange?

Het einde is bij de deur.

Antwoord tonenDas Ende ist bei der Tür.

Moet ik daar wachten?

Antwoord tonenSoll ich dort warten?

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

deze

Antwoord tonendieser

daar

Antwoord tonendort

rij

Antwoord tonenSchlange

einde

Antwoord tonenEnde