Elke dag 10 minuten gratis
Ga verder met audiolessen in de app
Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.
Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm
Kies je leertaal en open deze les in de app.
Over deze les
Met Een stoel kiezen oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het duits.
Dialoog
Welchen Stuhl sollen wir wählen?
vèlchen sjoel zollen vier vélen? Welke stoel zullen we kiezen?Dieser sieht bequem aus.
diezer ziet bekeem aus. Deze lijkt comfortabel.Der andere Stuhl scheint zu klein.
deer andere sjoel sjijnt tsoe klajn. De andere stoel lijkt te klein.Dann sollte dieser passen.
dan sjolte diezer passen. Dan zou deze moeten passen.Wie findest du die helle Farbe?
vie findest doe die helle farbe? Wat vind je van de felle kleur?So kann man den Stuhl leicht sehen.
zoo kan man deen sjoel lajcht zee-en. Zo kun je de stoel gemakkelijk zien.Wählen wir diesen Stuhl.
vélen vier diezen sjoel. Laten we deze stoel kiezen.Ich stelle ihn hierher.
ich sjtelle ien hierheer. Ik zet hem hierheen.Uitleg van de zinnen
Welchen Stuhl sollen wir wählen?
Welke stoel zullen we kiezen?
- Welchen
- welke
- Stuhl
- stoel
- sollen wir
- zullen we
- wählen
- kiezen
Uitgebreide uitleg
Welchen betekent hier “welke” bij een mannelijk zelfstandig naamwoord in de vierde naamval (accusatief). Het verwijst in deze zin naar Stuhl. De vorm komt van het vraagwoord welcher: welcher (mannelijk, eerste naamval), welchen (mannelijk, vierde naamval). Vergelijk: Welchen Film sehen wir? — “Welke film bekijken we?” Stuhl betekent “stoel”. Het is een mannelijk zelfstandig naamwoord: der Stuhl. In deze zin staat het als lijdend voorwerp van wählen, daarom staat het lidwoord of vraagwoord dat erbij hoort in de accusatief: den Stuhl, welchen Stuhl. Het meervoud is Stühle. sollen wir bestaat uit het modale werkwoord sollen en het persoonlijk voornaamwoord wir (“wij”). sollen staat hier in de tegenwoordige tijd, eerste persoon meervoud: wir sollen. In een vraag met een modaal werkwoord staat sollen vooraan, terwijl wir er direct op volgt. Hier drukt de combinatie een voorstel of gezamenlijke keuze uit: “zullen we …?” wählen betekent “kiezen”. Dit is de infinitief. Na het modale werkwoord sollen blijft het hoofdwerkwoord in de infinitief en staat het achteraan: Wir sollen wählen — “Wij zullen/moeten kiezen.” In de vraag wordt dat Sollen wir wählen? — “Zullen we kiezen?” Samen vormen de delen de vraag: Welchen Stuhl (“welke stoel”) is wat gekozen moet worden, sollen wir vraagt naar de gezamenlijke voorgestelde handeling, en wählen benoemt die handeling. De volledige betekenis is: “Welke stoel zullen we kiezen?”
Dieser sieht bequem aus.
Deze lijkt comfortabel.
- Dieser
- deze
- sieht … aus
- lijkt
- bequem
- comfortabel
Uitgebreide uitleg
Dieser betekent hier “deze” en verwijst naar de bedoelde stoel. Het is een aanwijzend voornaamwoord in de mannelijke nominatief enkelvoud, passend bij het Duitse der Stuhl. De vorm verandert volgens geslacht, getal en naamval: bijvoorbeeld dieser Stuhl (deze stoel), diese Tasche (deze tas) en dieses Buch (dit boek). In deze zin is Dieser zelf het onderwerp. sieht ... aus hoort bij het scheidbare werkwoord aussehen (“eruitzien”). In de tegenwoordige tijd staat bij de derde persoon enkelvoud sieht bij het onderwerp, terwijl het voorvoegsel aus aan het einde van de hoofdzin staat: Der Stuhl sieht bequem aus. Het werkwoord sehen betekent op zichzelf “zien”; aussehen betekent “eruitzien”. bequem betekent hier “comfortabel”. Het is een bijvoeglijk naamwoord dat na sieht ... aus beschrijft hoe de stoel eruitziet; het krijgt hier geen uitgang. Voorbeeld: Der Sessel sieht bequem aus. — “De fauteuil ziet er comfortabel uit.” Samen vormt de zin Dieser sieht bequem aus. de betekenis “Deze lijkt comfortabel” of letterlijk “Deze ziet er comfortabel uit”. De aanwijzing dieser identificeert de bedoelde stoel, sieht ... aus drukt de indruk van zijn uiterlijk of toestand uit, en bequem benoemt die indruk.
Der andere Stuhl scheint zu klein.
De andere stoel lijkt te klein.
- andere
- andere
- Stuhl
- stoel
- scheint
- lijkt
- klein
- klein
Uitgebreide uitleg
andere betekent hier “andere”. Het is de verbogen vorm van het Duitse bijvoeglijk naamwoord ander, niet van anders. In der andere Stuhl staat het bijvoeglijk naamwoord bij een mannelijk zelfstandig naamwoord in het enkelvoud en de nominatief; na het bepaalde lidwoord der krijgt het hier de uitgang -e. Voorbeelden: ein anderer Stuhl = “een andere stoel”; die andere Tasche = “de andere tas”. Stuhl betekent “stoel”. Het is een mannelijk zelfstandig naamwoord: der Stuhl; het meervoud is die Stühle. Voorbeeld: Der Stuhl ist bequem. = “De stoel is comfortabel.” scheint betekent hier “lijkt”. Het is de vorm voor de derde persoon enkelvoud in de tegenwoordige tijd van scheinen: er/sie/es scheint. Met een bijvoeglijk naamwoord drukt scheinen een indruk uit. Voorbeeld: Der Stuhl scheint stabil. = “De stoel lijkt stevig.” klein betekent “klein”. Met zu in zu klein betekent het geheel “te klein”: de maat is onvoldoende groot voor de bedoelde situatie. Het bijvoeglijk naamwoord blijft na zu in deze constructie onverbuigd. De vergelijkingsvormen zijn klein – kleiner – am kleinsten (“klein – kleiner – het kleinst”); die vergelijking wordt in deze zin niet uitgesproken. Voorbeeld: Der Tisch ist zu klein. = “De tafel is te klein.” Samen vormen der andere Stuhl en scheint zu klein de zin Der andere Stuhl scheint zu klein. De structuur is: onderwerp + scheinen + zu + bijvoeglijk naamwoord. De volledige betekenis is: “De andere stoel lijkt te klein.”
Dann sollte dieser passen.
Dan zou deze moeten passen.
- Dann
- dan
- sollte
- zou moeten
- dieser
- deze
- passen
- passen
Uitgebreide uitleg
Dann betekent hier “dan” en verwijst naar de volgende mogelijkheid in de situatie. Het kan ook een tijdsvolgorde aangeven, bijvoorbeeld: Dann gehen wir nach Hause. — “Dan gaan we naar huis.” sollte hoort bij het werkwoord sollen. Hier is het de vorm voor de derde persoon enkelvoud; in deze zin drukt het, samen met passen, uit dat iets naar verwachting geschikt zal zijn of zal passen: “zou moeten passen”. De vorm sollte kan ook als verleden tijd van sollen voorkomen; de betekenis hangt dan van de context af. Voorbeeld: Er sollte gestern kommen. — “Hij zou gisteren komen.” dieser betekent hier “deze” en is het onderwerp van de zin. In de context verwijst het naar de eerder genoemde stoel, der Stuhl. Omdat Stuhl mannelijk enkelvoud is en dieser hier in de nominatief staat, is de vorm dieser passend. Vergelijk: diese bij vrouwelijk enkelvoud of meervoud, en dieses bij onzijdig enkelvoud. De vorm dieser betekent niet automatisch “deze man”; het grammaticale geslacht komt van het bijbehorende zelfstandig naamwoord. passen betekent hier “passen” of “geschikt zijn”. Het is de infinitief van passen. Na een modaal werkwoord zoals sollen staat de infinitief in het Duits aan het einde: Dieser sollte passen. — “Deze zou moeten passen.” Passen is niet hetzelfde als aufpassen; in Pass auf! is aufpassen het werkwoord en betekent het geheel “Let op!”. Samen vormen Dann + sollte + dieser + passen de betekenis: “Dan zou deze moeten passen.” De spreker stelt deze mogelijkheid voor als iets waarvan wordt verwacht dat het geschikt is of de juiste maat heeft. In deze Duitse hoofdzin staat het vervoegde werkwoord vroeg in de zin en staat de infinitief passen aan het einde.
Wie findest du die helle Farbe?
Wat vind je van de felle kleur?
- Wie findest du
- wat vind je van …?
- helle
- heldere, felle
- Farbe
- kleur
Uitgebreide uitleg
Wie findest du is hier een vaste vraag naar iemands mening: letterlijk is finden “vinden”, maar in deze constructie betekent het “wat vind je van …?”. findest is de tegenwoordige tijd van finden bij du; vergelijk ich finde en du findest. Het patroon is Wie findest du + iets?, bijvoorbeeld: Wie findest du den Film? — “Wat vind je van de film?” helle betekent hier “heldere, felle”. Het bijvoeglijk naamwoord heeft als basisvorm hell. In die helle Farbe krijgt het de uitgang -e, omdat het vóór een vrouwelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord staat met het bepaalde lidwoord die. De vorm zegt dus niet op zichzelf dat er maar één kleur is; het enkelvoud komt van Farbe. Farbe betekent “kleur”. Het is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord: die Farbe; het meervoud is die Farben. In deze zin staat Farbe als lijdend voorwerp bij finden: er wordt gevraagd wat de aangesprokene van die kleur vindt. Het volgende voorbeeld gebruikt hetzelfde woord in een andere combinatie: Die Farbe ist schön. — “De kleur is mooi.” Samen vormt Wie findest du die helle Farbe? de vraag: “Wat vind je van de felle kleur?” De combinatie Wie findest du ...? vraagt naar een beoordeling of mening, terwijl die helle Farbe aangeeft waarover die mening gaat.
So kann man den Stuhl leicht sehen.
Zo kun je de stoel gemakkelijk zien.
- So
- zo; op deze manier
- kann man
- kun je; men kan
- Stuhl
- stoel
- leicht
- gemakkelijk
- sehen
- zien
Uitgebreide uitleg
So betekent hier “zo” of “op deze manier”. Het verwijst naar een manier die uit de context begrijpelijk is; het betekent hier niet “dus”. kann man bestaat uit het modale werkwoord können en het onbepaalde persoonlijk voornaamwoord man. kann is de derde persoon enkelvoud van können; man betekent hier algemeen “men” en wordt in het Nederlands in deze zin natuurlijk weergegeven als “je”. Bij een modaal werkwoord staat de andere werkwoordsvorm doorgaans als infinitief aan het einde. Voorbeeld: Man kann das Fenster öffnen. — “Je kunt het raam openen.” Stuhl betekent “stoel”. De vorm den vóór Stuhl laat zien dat het mannelijke zelfstandig naamwoord hier het lijdend voorwerp is: der Stuhl wordt in de accusatief den Stuhl. Het zelfstandig naamwoord zelf blijft Stuhl; de verandering zit in het lidwoord. Voorbeeld: Ich sehe den Stuhl. — “Ik zie de stoel.” leicht betekent hier “gemakkelijk”. Het is hier een bijwoord: het beschrijft hoe het zien gebeurt. Het kan ook als bijvoeglijk naamwoord vóór een zelfstandig naamwoord staan, bijvoorbeeld ein leichter Stuhl — “een lichte stoel”; dat is een andere functie dan in deze zin. sehen betekent “zien”. Dit is de infinitief die na kann staat. Het onderwerp hoeft niet opnieuw bij sehen te verschijnen: man is al het onderwerp van de hele constructie. De vervoegde vorm zonder modaal werkwoord is bijvoorbeeld Man sieht den Stuhl. — “Je ziet de stoel.” Samen vormen de delen: So + kann man + den Stuhl + leicht + sehen: “Zo kun je de stoel gemakkelijk zien.” De modaliteit komt van kann, man geeft een algemene persoon aan, den Stuhl is wat men ziet, en leicht beschrijft dat dit zonder moeite gebeurt. De infinitief sehen staat aan het einde van deze hoofdzin.
Wählen wir diesen Stuhl.
Laten we deze stoel kiezen.
- Wählen
- kiezen
- wir
- wij
- diesen
- deze
- Stuhl
- stoel
Uitgebreide uitleg
Wählen staat vooraan. De vorm is gelijk aan het Duitse werkwoord in de eerste persoon meervoud: wir wählen = “wij kiezen”. In deze zinsbouw komt het werkwoord vóór wir te staan en krijgt de zin de betekenis van een voorstel: “laten we kiezen”. Dit is dus geen gewone mededeling met de volgorde Wir wählen ..., maar een aansporing. wir betekent “wij” en verwijst hier naar de spreker samen met minstens één andere persoon. Het bepaalt de meervoudsvorm wählen. Vergelijk als herbruikbaar patroon: Warten wir! = “Laten we wachten!” diesen betekent hier “deze” en hoort bij Stuhl. Het staat in de mannelijke enkelvoudsvorm voor de vierde naamval, omdat Stuhl het gekozen voorwerp is. De vorm past bij het mannelijke zelfstandige naamwoord der Stuhl; in andere naamvallen of bij andere grammaticale geslachten kan de vorm veranderen. Bijvoorbeeld: Diesen Tisch nehmen wir. = “Deze tafel nemen we.” Stuhl betekent “stoel”. Het is een mannelijk zelfstandig naamwoord: der Stuhl. In deze zin staat het als lijdend voorwerp bij wählen, daarom verschijnt het met het aanwijzende woord in de vierde naamval: diesen Stuhl. Samen vormen Wählen wir het patroon “Laten we ...”. diesen Stuhl is wat men wil kiezen. De volledige betekenis is daarom: “Laten we deze stoel kiezen.”
Ich stelle ihn hierher.
Ik zet hem hierheen.
- stelle
- zet
- ihn
- hem
- hierher
- hierheen
Uitgebreide uitleg
stelle komt hier van stellen: “zetten” of “plaatsen”, dus iemand/iets rechtop of op een bepaalde plaats zetten. Ich stelle is de tegenwoordige tijd in de eerste persoon enkelvoud: “ik zet”. Vergelijk: du stellst = “jij zet” en wir stellen = “wij zetten”. Voorbeeld: Ich stelle die Tasche auf den Tisch. — “Ik zet de tas op tafel.” ihn betekent hier “hem” en is de accusatiefvorm van het persoonlijke voornaamwoord voor een mannelijk referent. De vorm hoort bij de rol van direct object: datgene of degene die wordt gezet. De concrete referent van ihn wordt in de gegeven zinnen niet nader geïdentificeerd. Vergelijk de nominatiefvorm er (“hij”) met de accusatiefvorm ihn (“hem”): Ich sehe ihn. — “Ik zie hem.” hierher betekent “hierheen”: een beweging of verplaatsing naar de plaats van de spreker. Het wijst dus op de richting naar “hier”, niet alleen op een locatie waar iets zich bevindt. Vergelijk hier = “hier” (locatie) en dorthin = “daarheen” (richting naar daar). Voorbeeld: Stell den Stuhl hierher. — “Zet de stoel hierheen.” Samen vormen de delen Ich stelle + ihn + hierher de betekenis: “Ik zet hem hierheen.” Ich is degene die de handeling uitvoert, ihn is het directe object en hierher geeft de richting van de verplaatsing aan. In deze context is dat een gewone, directe formulering.
Grammatica
Welchen Stuhl / ihn
Welchen Stuhl wählen? Ich stelle ihn hierher.
vèlchen sjoel vélen? ich sjtelle ien hierheer.Welke stoel kiezen? Ik zet hem hierheen.
Bij mannelijke zelfstandige naamwoorden krijgt het Duitse vraagwoord in de accusatief de vorm „welchen”; het voornaamwoord is „ihn”.
helle Farbe
Die helle Farbe scheint bequem.
die helle farbe sjijnt bekeem.De heldere kleur lijkt comfortabel.
Het bijvoeglijk naamwoord krijgt vóór een vrouwelijk zelfstandig naamwoord de uitgang -e: „helle Farbe”.
Duits woordenschat
Der andere Stuhl scheint zu klein.
Dieser sieht bequem aus.
Dann sollte dieser passen.
Dieser sieht bequem aus.
Wie findest du die helle Farbe?
Der andere Stuhl scheint zu klein.
Dann sollte dieser passen.
Der andere Stuhl scheint zu klein.
Dieser sieht bequem aus.
Welchen Stuhl sollen wir wählen?
Welchen Stuhl sollen wir wählen?
Welchen Stuhl sollen wir wählen?
Quiz
Woordvolgorde
Zet de woorden in de juiste volgorde.
Welke stoel zullen we kiezen?
Antwoord tonen
Welchen Stuhl sollen wir wählen?Deze lijkt comfortabel.
Antwoord tonen
Dieser sieht bequem aus.De andere stoel lijkt te klein.
Antwoord tonen
Der andere Stuhl scheint zu klein.Spelling
Tik op de letters om het woord te spellen.
andere
Antwoord tonen
andereklein
Antwoord tonen
kleinstoel
Antwoord tonen
Stuhlwelke